ondernemen

  • Hoe zit het met vakantiedagen bij re-integratie?

Hoe zit het met vakantiedagen bij re-integratie?

Een zieke werknemer die in staat is om te re-integreren is ook in staat om vakantiedagen op te nemen. Hij is dan gedurende de vakantieperiode vrijgesteld van zijn re-integratieverplichting waardoor er invulling kan worden gegeven aan de herstelfunctie van vakantie.

Hoogte loon tijdens vakantie
Inmiddels is duidelijk geworden dat ook al is de zieke werknemer in salaris teruggegaan naar bijvoorbeeld 70%, hij tijdens de opname van vakantie toch recht heeft op 100% van zijn salaris. Dit heeft het Europese Hof van Justitie expliciet bepaald. Zieke werknemers moeten namelijk een vergelijkbare positie hebben als werknemers die werken. Zou er uitgegaan worden van een lager loon, dan zou dit mogelijk een beletsel vormen om vakantie op te nemen en dat is uiteraard niet de bedoeling.

Geen verval vakantiedagen
Voor wat betreft de wettelijke vakantiedagen – vier keer de overeengekomen arbeidsduur per week – geldt dat deze een half jaar na afloop van het kalenderjaar waarin ze zijn opgebouwd komen te vervallen. Dus de wettelijke vakantiedagen van 2022 komen per 1 juli 2023 te vervallen. Wel geldt dan dat de werkgever de werknemer expliciet hierover tijdig moet informeren, zodat de werknemer de gelegenheid heeft deze dagen alsnog op te nemen. Voor wat betreft de bovenwettelijke vakantiedagen, dus de extra vakantiedagen, geldt dat deze vijf jaar na afloop van het vakantiejaar waarin ze zijn opgebouwd komen te verjaren. Dus de bovenwettelijke vakantiedagen over 2022 verjaren met ingang van 1 januari 2028.

Wat als de werknemer ernstig ziek is?
Maar wat nu als de werknemer zodanig ziek is dat hij niet in staat is om de vakantiedagen feitelijk te genieten? Komen deze dan toch te vervallen? Het Europese Hof van Justitie heeft uitgemaakt dat verworven vakantierechten in een periode van arbeidsongeschiktheid in beginsel niet kunnen komen te vervallen of verjaren.

Let op! Het is voor de werkgever van belang een deugdelijke verlofadministratie bij te houden van de wettelijke en de bovenwettelijke vakantiedagen en werknemers expliciet te wijzen op de mogelijkheid van verval en hen aan te sporen de vakantiedagen feitelijk te genieten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-26T09:31:34+01:0029 december 2022|Geen categorie|Reacties uitgeschakeld voor

Hoe zit het met vakantiedagen bij re-integratie?

  • Normbedrag gebruikelijk loon DGA naar €51.000

Normbedrag gebruikelijk loon DGA naar €51.000

Het normbedrag van het gebruikelijk loon voor de DGA bedraagt vanaf 2023 €51.000. Daarnaast verdwijnt de doelmatigheidsmarge in de gebruikelijkloonregeling. Deze twee aanpassingen betekenen dat het voor de DGA verstandig is om te beoordelen of zijn loon mogelijk moet worden aangepast.

Berekening gebruikelijk loon 2023
Een aandeelhouder met een aanmerkelijk belang die ook werkzaamheden verricht voor de BV (waaronder de DGA) moet een gebruikelijk loon ontvangen. Het gebruikelijk loon bedraagt in 2023 het hoogste bedrag van de volgende bedragen:

• het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking, of;
• het loon van de meest verdienende werknemer van de BV, of;
• €51.000.

Tip! Onder bepaalde voorwaarden kan het gebruikelijk loon lager zijn. De bewijslast hiervan ligt wel bij jouw BV.

Verdwijnen doelmatigheidsmarge
In het Belastingplan 2023 is het verdwijnen van de doelmatigheidsmarge opgenomen. Waar je in 2022 nog rekening mag houden met 75% van het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking, wordt dit vanaf 2023 100% van dat loon. Deze wijziging, tezamen met de verhoging van het normbedrag van €48.000 in 2022 naar €51.000 in 2023, kan betekenen dat jouw loon omhoog moet om nog gebruikelijk te zijn.

Let op! De Tweede Kamer gaat al akkoord met de verdwijning van de doelmatigheidsmarge. De Eerste Kamer stemt hierover medio december 2022.

Voorbeeld verhoging gebruikelijk loon
Stel: in 2022 en 2023 bedraagt het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking €62.000 en het loon van de meest verdienende werknemer €47.000. Het gebruikelijk loon in 2022 bedraagt dan €48.000 (het hoogste bedrag van 75% van €62.000 = €46.500, €47.000 en €48.000). Het gebruikelijk loon in 2023 bedraagt echter €62.000 (het hoogste bedrag van €62.000, €47.000 en €51.000). Jouw gebruikelijk loon stijgt dan dus met €14.000!

Let op! De hoogte van het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking zal mogelijk tot meer discussie kunnen leiden met de Belastingdienst. Waar tot 2022 nog een discussiemarge bestond van 25%, is deze vanaf 2023 namelijk volledig verdwenen.

Onderdelen gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon omvat behalve het reguliere loon in geld, ook loon in natura en de bijtelling van de auto vanwege privégebruik. Ook de vergoedingen en verstrekkingen die onder de werkkostenregeling als eindheffingsloon zijn aangewezen kunnen meetellen, mits zij individualiseerbaar zijn.

Tip! Het reguliere loon van de DGA uit het eerdere voorbeeld kan in 2023 lager zijn dan €62.000. Stel dat de DGA bijvoorbeeld een bijtelling heeft voor een terbeschikkinggestelde auto van €12.000 en vergoedingen onder de werkkostenregeling die als eindheffingsloon zijn aangewezen in de vrije ruimte ter grootte van €2.400, dan hoeft het reguliere loon maar €47.600 te bedragen in plaats van €62.000.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-16T08:32:57+01:0016 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Normbedrag gebruikelijk loon DGA naar €51.000

  • Aftrek BTW alleen bij afgescheiden ruimtes?

Aftrek BTW alleen bij afgescheiden ruimtes?

Als je een pand zowel voor belaste als vrijgestelde prestaties gebruikt, kun je de aftrek van BTW alleen baseren op het werkelijke gebruik als de ruimtes in het pand zijn afgescheiden. Hoe zit dit?

Voorbelasting
Als ondernemer mag je de door jou betaalde BTW op zakelijke uitgaven, de voorbelasting, in beginsel in aftrek brengen als je zelf ook belaste prestaties verricht. Verricht je ook vrijgestelde prestaties, dan mag dit maar ten dele.

Omzet als uitgangspunt
Jouw omzetverhouding is voor wat betreft de verdeling in ‘aftrekbaar’ en ‘niet-aftrekbaar’ het uitgangspunt. Is het werkelijke gebruik aantoonbaar een betere indicatie, dan wordt de aftrek gebaseerd op het werkelijke gebruik.

Ruimtes niet afgescheiden
In een rechtszaak die speelde bij de rechtbank Zeeland West-Brabant wilde een fysiotherapeut de aftrek van BTW op zijn pand berekenen op basis van het werkelijke gebruik van de ruimtes voor belaste en vrijgestelde prestaties. De betreffende ruimtes waren echter niet afgescheiden door deuren, zodat de inspecteur de berekening niet volgde. De rechtbank steunde de inspecteur hierin.

Niet objectief en nauwkeurig te bepalen
Volgens de rechtbank was het exacte gebruik van de ruimtes voor belaste en vrijgestelde prestaties niet objectief en nauwkeurig te bepalen. De fysiotherapeut had tijdens het hoorgesprek zelf toegegeven dat bepaalde ruimtes gemengd werden gebruikt, hoewel hiervoor de BTW volledig was teruggevraagd. Ook bleek uit de bouwtekeningen dat bepaalde ruimtes niet met deuren konden worden afgesloten, zodat niet te bepalen was of deze voor belaste dan wel vrijgestelde prestaties werden gebruikt. De teruggaafbeschikking bleef dan ook in stand.

Tip! Heb je vragen over jouw werkruimte en de fiscale mogelijkheden? Neem dan contact met ons op voor advies.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-05T09:00:14+01:002 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aftrek BTW alleen bij afgescheiden ruimtes?

  • Meer geld voor energie- en milieuvriendelijk ondernemen

Meer geld voor energie- en milieuvriendelijk ondernemen

Voor ondernemers die energie- of milieuvriendelijk investeren, komt vanaf 2023 jaarlijks €150 miljoen extra beschikbaar. Daartoe worden de energie-investeringsaftrek (EIA), de milieu-investeringsaftrek (MIA) en de regeling inzake vervroegd afschrijven op milieu-investeringen (Vamil) verhoogd. Dit is op Prinsjesdag bekendgemaakt.

EIA, MIA
Via de EIA en MIA mogen ondernemers een extra percentage van hun energie- of milieuvriendelijke investering in aftrek brengen op de winst. Hierdoor betaalt men minder belasting. De EIA kent thans één percentage, 45,5%. De MIA kent drie percentages: 45%, 36% en 27%.

Vamil
Via de Vamil kunnen ondernemers 75% van de investering versneld ten laste van de winst brengen. De ondernemer kan de winst daardoor in een jaar of meerdere jaren extra verlagen, maar daardoor minder afschrijven in andere jaren. Hierdoor kan de ondernemer eventueel profiteren van het verschil in belastingtarief, maar de Vamil kan daarnaast ook een liquiditeits- en rentevoordeel opleveren, omdat op een eerder moment minder winstbelasting hoeft te worden betaald.

Hogere energieprijzen
Ondernemers doen steeds vaker een beroep op genoemde regelingen. Dit wordt mede veroorzaakt door de hoge energieprijzen, waardoor deze investeringen eerder lonend zijn.

Hoe is nog onbekend
Het extra budget van €150 miljoen (€100 miljoen voor de EIA en €50 miljoen voor de MIA) zal in 2023 voornamelijk nodig zijn om ervoor te zorgen dat de bestaande bedrijfsmiddelen gestimuleerd kunnen blijven. Dit wijst erop dat de percentages van de regelingen waarschijnlijk niet wijzigen, maar dat de grotere vraag door de extra middelen kan worden gedekt. Zodra hier duidelijkheid over is, zullen wij je informeren.

Let op! Over de diverse op Prinsjesdag gepresenteerde plannen vindt nog volop overleg plaats. De meeste plannen zijn dan ook nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-10-26T11:33:16+02:0027 oktober 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Meer geld voor energie- en milieuvriendelijk ondernemen

  • BTW-forfait op zonnepanelen: hoe zit dat?

BTW-forfait op zonnepanelen: hoe zit dat?

Investeert je als particulier in zonnepanelen voor op je woning, dan kunt je de BTW bij aanschaf terugkrijgen. Daar staat tegenover dat je op de energie die je aan de energiemaatschappij teruglevert, weer BTW moet betalen. Voor de per saldo terug te krijgen BTW kun je een forfait gebruiken.

BTW terugvragen
Je kunt de BTW die je bij aanschaf op de zonnepanelen en de installatiekosten betaalt, terugkrijgen. Je moet echter ook BTW betalen over de teruggeleverde energie, het eigen gebruik van zelf opgewekte energie en de overige energie die je van het energiebedrijf afneemt. Als je dit allemaal zelf moet uitrekenen, is dat een hele klus. Vandaar dat je gebruik mag maken van een forfait.

Forfait
Een forfait is een door de Belastingdienst vastgesteld bedrag aan BTW. Als je het forfait gebruikt, hoef je zelf niet exact de verschuldigde BTW te berekenen. Het forfait is afhankelijk van de soort zonnepanelen, geïntegreerd of niet-geïntegreerd, en van het opwekvermogen van de zonnepanelen.

Tabel
Wat voor jouw situatie het forfaitaire bedrag aan BTW is, kun je vinden in de tabellen die op de site van de Belastingdienst staan. Daaruit blijkt dat het forfait van niet-geïntegreerde zonnepanelen met een opwekvermogen van bijvoorbeeld 6.500 Wattpiek €140 bedraagt. Heb je bijvoorbeeld zelf op de aanschaf en installatie €1.300 aan BTW betaald, dan krijg je per saldo dus €1.300 -/- €140 = €1.160 aan BTW terug.

Optioneel
Het gebruik van het forfait in de tabellen is optioneel. Je mag dus ook zelf de verschuldigde BTW uitrekenen, op basis van de werkelijke energieprijzen en geleverde en afgenomen energie. Je kunt de forfaits gebruiken tot een opwekvermogen van 10.000 Wattpiek. Daarboven ben je verplicht de BTW zelf te berekenen.

Tip! Meestal loont het om na het jaar waarin je de BTW terugvraagt, gebruik te gaan maken van de KOR (kleine ondernemersregeling).

Wat als je al ondernemer bent?
Als je al ondernemer bent voor de fiscus, kun je ook de BTW op de zonnepanelen, de installatiekosten en de teruggeleverde energie terugkrijgen voor zonnepanelen op de privéwoning. Je kunt echter als ondernemer géén gebruik maken van de forfaits. Je moet dus zelf de BTW op de teruggeleverde energie uitrekenen.

Tip! Ben je ondernemer en overweeg je zonnepanelen op jouw woning? Overleg dan eerst met een van onze adviseurs over de mogelijkheden.

BTW zonnepanelen naar 0%?
De BTW op de levering en installatie van zonnepanelen op of in de onmiddellijke nabijheid van woningen wordt per 1 januari 2023 hoogstwaarschijnlijk verlaagd naar 0%. Dit voornemen heeft het kabinet bekendgemaakt. Op deze manier worden de administratieve lasten voor vooral particulieren rond de BTW op zonnepanelen fors verminderd. De verlaging van het BTW-tarief naar 0% gaat niet alleen gelden voor particulieren, maar betreft alle zonnepanelen die op of in de onmiddellijke nabijheid van woningen worden geplaatst. Het is nog niet duidelijk hoe dit precies wordt gedefinieerd voor panden die zowel als bedrijfspand en woning worden gebruikt. Het parlement moet nog wel met dit voorstel akkoord gaan.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-08-03T09:37:06+02:003 augustus 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

BTW-forfait op zonnepanelen: hoe zit dat?

  • Ga slim om met afkoopsom bij einde leasecontract

Ga slim om met afkoopsom bij einde leasecontract

Als een werknemer met een leaseauto van de zaak ontslag neemt, kan het zo zijn dat het leasecontract vroegtijdig moet worden beëindigd. Moet er dan door de werknemer een afkoopsom worden betaald en is die aftrekbaar van de bijtelling?

Afkoopsom
Een vroegtijdige beëindiging van het leasecontract brengt kosten met zich mee, want de leasemaatschappij wil normaal gesproken gecompenseerd worden voor de te derven inkomsten. Dit gebeurt in de vorm van een afkoopsom. De hoogte van deze afkoopsom is onder meer afhankelijk van de resterende looptijd van het leasecontract en van de courantheid van de auto. Of de afkoopsom aftrekbaar is van de bijtelling, hangt af van een aantal voorwaarden.

Voorwaarden
De afkoopsom is aftrekbaar voor de werknemer als hij schriftelijk met de werkgever is overeengekomen dat de werknemer bij beëindiging van het leasecontract de afkoopsom voor zijn rekening neemt. Ook moet schriftelijk zijn overeengekomen dat hij de afkoopsom betaalt als vergoeding voor het privégebruik van de auto. De werknemer moet de afkoopsom bovendien aan de werkgever betalen en dus niet rechtstreeks aan de leasemaatschappij.

Let op! Door de afkoopsom kan de bijtelling niet negatief worden. Het is van belang hierop in te spelen.

Anticiperen met ontslagdatum
Als een werknemer aan het begin van het jaar van werkgever verandert, de leaseauto weer inlevert en een afkoopsom verschuldigd is, is deze vaak groter dan het bedrag van de bijtelling. Deze wordt immers aan het begin van het jaar slechts over een beperkte periode berekend. De werknemer doet er daarom goed aan in die gevallen het leasecontract al in het voorafgaande jaar te ontbinden.

Voorbeeld: een werknemer beschikt over een leaseauto met een cataloguswaarde van €40.000 en een bijtelling van 22%. Verandert de werknemer in maart van werkgever, dan bedraagt de bijtelling voor dat jaar €40.000 x 22% x 2/12 = €1.467. Bedraagt de afkoopsom bijvoorbeeld €5.000, dan kan hiervan €5.000 -/- €1.467 = €3.533 niet verrekend worden.

Tip! Adviseer de werknemer in soortgelijke situaties het leasecontract al op het einde van het voorafgaande jaar te beëindigen. Hij kan dan de hele afkoopsom verrekenen. In de maanden januari en februari dient hij dan zelf voor vervangend vervoer te zorgen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-08-01T10:52:04+02:001 augustus 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Ga slim om met afkoopsom bij einde leasecontract

  • Meer tijd voor definitieve vaststelling subsidie OVK

Meer tijd voor definitieve vaststelling subsidie OVK

Land- en tuinbouwbedrijven krijgen meer tijd om de definitieve vaststelling van de subsidie financiering ongedekte vaste kosten land- en tuinbouwbedrijven (OVK) aan te vragen. Dit heeft minister Staghouwer bekendgemaakt.

Subsidie financiering ongedekte vaste kosten land- en tuinbouwbedrijven
De subsidie OVK konden land- en tuinbouwbedrijven aanvragen die vanwege Corona fors omzetverlies hadden geleden, in beginsel minstens 30%. De subsidie was bedoeld ter dekking van de vaste lasten en komt bovenop de TVL (tegemoetkoming vaste lasten).

Uitstel aanvraag TVL
De mogelijkheid om de OVK langer aan te vragen, hangt samen met het feit dat er ook meer tijd is om de definitieve TVL vast te stellen. Het is voor de OVK namelijk vereist dat eerst de TVL dient te zijn uitgeput, voordat een onderneming in aanmerking kan komen voor de OVK.

Gewijzigde deadlines
Bepaald is dat de vaststelling voor subsidieperiode 3 van 2021 uiterlijk op 1 december 2022 moet zijn aangevraagd, in plaats van uiterlijk 1 september 2022. Voor subsidieperiode 4 van 2021 is de deadline bepaald op 1 februari 2023 in plaats van 29 september 2022. Voor subsidieperiode 1 van 2022 blijft de deadline 28 februari 2023.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-07-29T12:48:58+02:0029 juli 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Meer tijd voor definitieve vaststelling subsidie OVK

  • Garantieverklaring verplicht voor eigenrisicodragerschap WGA

Garantieverklaring verplicht voor eigenrisicodragerschap WGA

Om eigenrisicodrager voor de WGA te worden moet je als werkgever aan een aantal voorwaarden voldoen. De regels zijn strikt en er is geen tot nauwelijks ruimte voor coulance. Wat zijn de voorwaarden?

Melden aan de Belastingdienst
Zo moet je het verzoek om eigenrisicodrager te worden of om je af te melden als eigenrisicodrager melden aan de Belastingdienst. Het eigenrisicodragerschap voor de WGA kan beginnen en eindigen met ingang van 1 januari of 1 juli, mits dit minimaal drie maanden van tevoren schriftelijk kenbaar is gemaakt. De Belastingdienst heeft hiervoor een speciaal formulier ontwikkeld.

Schriftelijke garantie
Als je eigenrisicodrager voor de WGA wilt worden, moet je tevens een schriftelijke garantie van een kredietinstelling of een verzekeraar tijdig kunnen overleggen, waarin deze zich bereid verklaart en in staat is jouw financiële verplichtingen van je over te nemen wanneer je daartoe zelf niet meer in staat bent. Het gaat hier om een garantieverklaring die het faillissementsrisico of het risico van wanbetaling afdekt.

Let op! Als je als werkgever het eigenrisicodragerschap hebt beëindigd, kun je drie jaar lang geen eigenrisicodrager meer worden.

Te laat met garantieverklaring
Onlangs moest de rechter een oordeel vellen in een zaak waarin een vennootschap – tevens eigenrisicodrager voor de WGA – per 1 januari 2020 was overgestapt op een andere verzekeraar. De oude verzekeraar trok per genoemde datum de afgegeven garantieverklaring in. Het probleem was echter dat de nieuwe verzekeraar voor 1 januari 2020 geen garantieverklaring voor het eigenrisicodragerschap WGA van de vennootschap had afgegeven aan de Belastingdienst. De vennootschap verzocht de Belastingdienst om zich flexibel op te stellen en coulance te tonen, omdat het niet tijdig overleggen van de vereiste garantieverklaring het gevolg was van omstandigheden bij haar adviseur. De Belastingdienst ging niet in dit verzoek mee en oordeelde dat op 1 januari 2020 het eigenrisicodragerschap was beëindigd, waardoor de vennootschap vanaf die datum publiek verzekerd was voor de WGA. De vennootschap was het hier niet mee eens en tekende bezwaar aan, waarbij op 7 mei 2020 alsnog een garantieverklaring van de nieuwe verzekeraar werd overlegd met als ingangsdatum 1 januari 2020.

Garantieverklaring stringente eis
Aangezien de Belastingdienst het bezwaar niet honoreerde, stapte de vennootschap naar de rechter. De rechter verwees naar het systeem van de wet waarin geen ruimte is gelaten om op een later moment een garantieverklaring te overleggen. Dit is niet in lijn met het doel en de strekking van de wet. Dit betekende concreet dat het eigenrisicodragerschap per 1 januari 2020 van rechtswege was beëindigd. Er is geen ruimte voor een uitzondering op deze regel zoals door de vennootschap was bepleit.

Tip! Zorg dat je bij wijziging van verzekeraar, tijdig beschikt over een nieuwe garantieverklaring voor de WGA omdat anders jouw eigenrisicodragerschap van rechtswege wordt beëindigd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-07-28T11:21:02+02:0028 juli 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Garantieverklaring verplicht voor eigenrisicodragerschap WGA

  • Ondernemer kan bedrijfsadres bij KvK afschermen bij dreiging

Ondernemer kan bedrijfsadres bij KvK afschermen bij dreiging

Het kabinet wil bedrijven de mogelijkheid bieden het bezoekadres van het bedrijf af te schermen in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. Ook het privéadres van mensen die door hun beroep aan waarschijnlijke dreiging blootstaan, zou afgeschermd moeten kunnen worden. Om dit te bereiken, wordt de wet aangepast.

Afschermen bij bedreiging
Het bezoekadres van een bedrijf of rechtspersoon kan worden afgeschermd als dat nodig is voor de veiligheid van een persoon. Dat geldt ook als het betreffende adres geen woonadres is.

Preventieve afscherming
Mensen die door hun beroep blootstaan aan waarschijnlijke dreiging, zoals bijvoorbeeld journalisten, kunnen alleen hun woonadres in het Handelsregister laten afschermen. Voor deze preventieve afscherming moeten beroepsorganisaties afspraken maken met de KvK. Deze preventieve afscherming kan niet bij een BV of NV.

Niet wachten met invoering
Het kabinet wil overigens niet langer wachten met invoering van de wijziging dan nodig. Hoewel de wetswijziging nog in de maak is, is de KvK daarom gevraagd de wijziging in praktijk nu al toe te passen.

Let op! De beoogde ingangsdatum is 1 oktober 2022. Het parlement moet dan ook nog met het wetsvoorstel akkoord gaan.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-07-25T13:38:49+02:0025 juli 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Ondernemer kan bedrijfsadres bij KvK afschermen bij dreiging

  • BLOG: BTW en online verkopen aan particulieren in andere EU-landen

BLOG: BTW en online verkopen aan particulieren in andere EU-landen

Je verkoopt goederen aan particulieren in Nederland, maar ook online aan particulieren in andere landen. Heb je wel gedacht aan de gevolgen voor de BTW als het gaat om verkopen aan particulieren in andere EU-landen? Als je namelijk goederen verkoopt die je verstuurt aan particulieren in andere EU-landen, dan is mogelijk de regeling “afstandsverkopen” van toepassing.

Wist je dat bij overschrijding van een bepaalde omzetgrens je de BTW-tarieven moet gebruiken van de EU-landen waar de afnemers wonen?

Een voorbeeld
Het is mei 2022 en je hebt online al voor €25.000 goederen verkocht aan particulieren in Nederland, €2.500 aan Duitse klanten, €6.000 aan Belgische klanten en €1.400 aan Franse klanten. Je hebt daarbij steeds de Nederlandse BTW in rekening gebracht. Indien je nog meer online verkoopt aan particulieren in andere EU-landen, zul je rekening moeten houden met de buitenlandse BTW. Je hebt namelijk al voor €9.900 online verkocht aan andere EU-landen. Als je per jaar namelijk voor €10.000 of meer aan goederen verkoopt aan particulieren in andere EU-landen (waarbij je het vervoer verzorgt of laat verzorgen), geldt elke verkoop vanaf die €10.000 omzetgrens als een zogenaamde afstandsverkoop. Die verkoop is dan belast met het BTW-tarief waar de afnemer woont en je zult dan ook die buitenlandse BTW moeten aangeven via de belastingdienst in het land van de afnemer. Als de omzetdrempel van €10.000 in enig jaar wordt overschreden, dan zul je voor deze afstandsverkopen buitenlandse BTW moeten rekenen. Het volgende jaar mag die drempel niet worden gebruikt en zul je ook buitenlandse BTW moeten rekenen over elke afstandsverkoop.

Die omzetgrens van €10.000 is de omzet exclusief BTW en geldt als totaal voor alle verkopen binnen de EU.

In ons voorbeeld, als je in juni 2022 nog voor €150 online verkoopt aan een Italiaanse particulier, zul je daarover 22% Italiaanse BTW moeten rekenen en afdragen aan de Italiaanse belastingdienst. Je mag dan niet meer Nederlandse BTW in rekening brengen. Verkoop je vervolgens voor €50 aan een Duitse particulier dan zul je 19% Duitse BTW in rekening moeten brengen.

Normaal gesproken zou je je dan als ondernemer moeten laten registreren in Italië en Duitsland om daar de BTW alsnog af te dragen. Maar ook registreren in de andere EU-landen waaraan je verkoopt.

Gelukkig kan dit sinds 1 juli 2021 eenvoudiger via het “een-loket systeem”. Bij afstandsverkopen meld je je aan bij de Belastingdienst in Nederland voor het “een-loket systeem”. Via dat loket doe je dan apart aangifte omzetbelasting voor alleen die afstandsverkopen. De Nederlandse Belastingdienst zorgt er dan voor dat de betreffende BTW terecht komt bij de belastingdiensten (binnen de EU) waar de afnemers wonen. Je hoeft je dan niet te registreren in elk EU-land waar je afstandsverkopen hebt. Het is dus óf registreren in elke EU-land waaraan je verkoopt, óf aanmelden bij de Nederlandse Belastingdienst voor het een-loket systeem.

Het is dan ook verstandig om bij zogenaamde afstandsverkopen de €10.000 omzetgrens in de gaten te houden. Het is raadzaam om bij dit soort verkopen per EU-land een aparte grootboekrekening aan te houden. Dan kun je goed zien wanneer die omzetgrens wordt bereikt. Het is belangrijk om te weten dat als je in strijd met deze regel van afstandsverkopen Nederlandse BTW blijft rekenen, de betreffende buitenlandse belastingdienst je een boete kan opleggen. Je bent namelijk verplicht om bij overschrijding van die omzetgrens buitenlandse BTW in rekening te brengen en af te dragen.

Voor de duidelijkheid als je je aanmeldt voor het een-loket systeem, doe je aangifte voor de BTW over deze afstandsverkopen via dat een-loket systeem (ook wel Unieregeling genoemd) en daarnaast gewoon de reguliere BTW-aangifte voor alle andere BTW-zaken (zoals binnenlandse verkopen, verkopen aan ondernemers, de BTW-aftrek op kosten en investeringen, uitvoer buiten de EU). De BTW regeling voor deze afstandsverkopen geldt ook als je als wederverkoper geregistreerd staat bij een e-commerce platform (zoals Bol, Amazon, etc.). Als wederverkoper gebruik je dan het e-commerce platform als een hulpmiddel voor de verkoop en je levert de goederen rechtstreeks aan de klant.

Het voordeel van het gebruik van het een-loket systeem is ook dat je de Nederlandse regels voor facturering mag hanteren (en niet de regels van het land waar je levert).

Mocht je het in de gaten houden van die omzetgrens (van €10.000) lastig vinden, dan kun je je ook aanmelden om die omzetgrens buiten beschouwing te laten. In dat geval zijn alle online verkopen aan particulieren in andere EU-landen direct belast met buitenlandse BTW. De keuze geldt dan wel voor minimaal twee jaar.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2024-05-31T11:09:47+02:001 juli 2022|Blog van NBC Eelman & Partners, Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor BLOG: BTW en online verkopen aan particulieren in andere EU-landen