NBC

  • Wat als een werknemer een passende functie weigert?

Wat als een werknemer een passende functie weigert?

Als een werknemer wiens functie is komen te vervallen, niet reageert op een aangeboden passende functie kan dit tot gevolg hebben dat hij geen recht heeft op een transitievergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen.

Een werknemer wiens functie is komen te vervallen, kan niet zomaar een aangeboden, passende functie weigeren. Als hij dit ten onrechte toch doet, kan hij zijn recht op betaling van een transitievergoeding verspelen. Hoe zit dat precies?

Drie keer een aanbod
De functie van een werkneemster verviel en haar arbeidsovereenkomst werd na toestemming van het UWV opgezegd. De werkgever vond dat hij geen transitievergoeding hoefde te betalen aan de werkneemster, omdat zij tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had geweigerd. Het ging twee keer om een functie in dagdienst. De werkneemster weigerde beide functies omdat ze liever in ploegendienst wilde werken, omdat haar vriend dat ook bij dezelfde werkgever deed en ze dan samen konden reizen. Iets dat in haar geval praktisch was vanwege een oogaandoening. Ze weigerde echter ook een aangeboden functie in ploegendienst, omdat ze dan, ondanks haar arbeidsongeschiktheid, direct aan de slag moest. Volgens haar en de bedrijfsarts was dat niet mogelijk.

Terughoudendheid troef
Het gerechtshof dat de zaak beoordeelde benadrukte dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op basis waarvan een werknemer geen recht meer heeft op een transitievergoeding vanwege ernstig verwijtbaar handelen. De toepassing van deze uitzonderingsgrond is volgens de rechter beperkt. Bij de beoordeling zijn altijd de persoonlijke omstandigheden van de werknemer, die van invloed zijn geweest op het handelen of nalaten van de werknemer, van belang.

Toch aanvaarden
In dit geval oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had mogen weigeren. Het enkele feit dat ze niet in staat was haar werkzaamheden direct te hervatten, maakte dit niet anders. De werkgever had de aangeboden werkzaamheden aangepast aan de oogaandoening en de vervoersproblemen van werkneemster. Eventueel resterende problemen hadden kunnen worden opgelost als de medewerkster had meegewerkt. Met de aangeboden functie in ploegendienst was de werkgever ook tegemoet gekomen aan de door de medewerkster geuite bezwaren. Ten slotte bleek de eis van directe werkhervatting niet uit het aanbod van de werkgever.

Geen transitievergoeding
Gezien de omstandigheden oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet had kunnen worden herplaatst vanwege haar eigen weigerachtige houding. Ondanks het feit dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op het recht op transitievergoeding vond het hof het handelen en nalaten van de werkneemster dermate verwijtbaar dat ze geen recht had op een transitievergoeding. Het feit dat ze al 20 jaar in dienst was en altijd goed had gefunctioneerd, maakte dan niet anders.

Tip! Reageer altijd gemotiveerd op de bezwaren van een werknemer tegen een aangeboden, passende functie en houd hiermee bij het aanbieden van een andere passende functie, voor zoveel mogelijk, rekening.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-23T09:40:20+01:0023 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wat als een werknemer een passende functie weigert?

  • Pas op voor bestuurdersaansprakelijkheid

Pas op voor bestuurdersaansprakelijkheid

Hoewel een BV een onafhankelijke rechtspersoon is, kun je als bestuurder toch aansprakelijk gesteld worden voor belastingschulden van de BV. Je kunt de aansprakelijkheid wel beperken. Dit bleek onlangs nog uit een uitspraak van de rechtbank Gelderland.

Bestuursaansprakelijkheid
Wettelijk is geregeld dat bestuurders van een BV, onder wie meestal de DGA, in beginsel hoofdelijk aansprakelijk zijn voor een aantal belastingschulden. Dit betreft onder meer de loonheffing en omzetbelasting. De aansprakelijkheid vervalt als je als bestuurder betalingsmoeilijkheden van de BV tijdig aan de fiscus meldt. Dit betekent binnen twee weken nadat betaald had moeten worden.

Let op! Als je betalingsmoeilijkheden van de BV tijdig bij de fiscus meldt, kun je echter toch aansprakelijk zijn als er sprake is van onbehoorlijk bestuur. De inspecteur moet dit dan bewijzen.

Betalingsverplichtingen
In bovenstaande zaak had de fiscus gesteld dat er sprake was van onbehoorlijk bestuur en had daarom de bestuurder aansprakelijk gesteld. Uit de feiten bleek dat de BV financiële verplichtingen was aangegaan voor een bedrag van €60.000 per maand. De BV was voor deze verplichtingen afhankelijk van de financiering door een Chinese financier, zonder dat zekerheid bestond dat deze financier de verplichtingen ook daadwerkelijk zou nakomen.

Geen bankkredieten
De BV beschikte ook niet over eigen vermogen, noch over bankkredieten. Daardoor werd bewust het risico genomen dat niet meer voldaan zou kunnen worden aan de aangegane verplichtingen.

Redelijk denkend bestuurder
De rechtbank was dan ook van mening dat een redelijk denkend bestuurder niet voor deze financieringsstructuur en de daarmee gepaard gaande risico’s zou hebben gekozen. Er was volgens de rechtbank dan ook sprake van onbehoorlijk bestuur en de inspecteur had de bestuurder terecht aansprakelijk gesteld voor de belastingschulden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-22T09:30:36+01:0022 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Pas op voor bestuurdersaansprakelijkheid

  • Aanvragen vaststelling TVL Q2 2021 vanaf 29 november

Aanvragen vaststelling TVL Q2 2021 vanaf 29 november

Ondernemers die voor het tweede kwartaal van dit jaar TVL hebben aangevraagd, kunnen vanaf 29 november van dit jaar een verzoek tot vaststelling indienen. Deze ondernemers krijgen per e-mail hierover bericht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Tegemoetkoming Vaste Lasten
De TVL is een financiële tegemoetkoming in de vaste lasten voor ondernemers die door Corona of een andere oorzaak minstens 30% omzetverlies hebben geleden. De tegemoetkoming bedraagt voor het tweede kwartaal van 2021 100% van het omzetverlies maal de vaste lasten. Deze vaste lasten worden bepaald aan de hand van branchegegevens.

Voorschot
Ondernemers die de TVL hebben aangevraagd, hebben al een voorschot gekregen van 80%. Dit voorschot is verstrekt op basis van een schatting van het omzetverlies. Door het werkelijke omzetverlies door te geven, kan de exacte omvang van de tegemoetkoming worden berekend.

Deadline 11 januari
Ondernemers moeten het definitieve omzetverlies uiterlijk 11 januari 2022 doorgeven aan de RVO (rvo.nl). Het formulier is meestal al grotendeels ingevuld, waardoor ondernemers alleen nog maar hoeven te checken of de omzetgegevens kloppen.

Betalingsregeling
Na de definitieve vaststelling van het omzetverlies, wordt het restant van de tegemoetkoming uitbetaald. Als het definitieve omzetverlies lager is dan de schatting, krijgt de ondernemer minder TVL of moet hij wellicht een deel van de al ontvangen TVL terugbetalen. Ondernemers die hierdoor in moeilijkheden dreigen te komen, kunnen een beroep doen op een betalingsregeling.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-22T09:12:23+01:0022 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvragen vaststelling TVL Q2 2021 vanaf 29 november

  • Neveninkomsten mogelijk pas in later jaar ter discussie

Neveninkomsten mogelijk pas in later jaar ter discussie

Als je verlies uit neveninkomsten hebt en de inspecteur accepteert deze, is hij daar niet voor latere jaren aan gebonden. Dit blijkt uit een uitspraak van het gerechtshof in Den Haag.

Gratis bemiddeling
In de betreffende zaak dreef een belastingplichtige een organisatieadviesbureau dat was gericht op mediation in het kader van buurtbemiddeling. Uit deze neveninkomsten resulteerden sinds zeven jaren slechts verliezen. Dit was ook te verwachten, want de activiteiten werden verricht op vrijwillige basis.

Geen bron van inkomen
Er werd volgens de rechter dan ook geen voordeel met de activiteiten beoogd en een voordeel was ook niet te verwachten. Daardoor was er ook geen sprake van een bron van inkomen en dus was aftrek van het verlies niet aan de orde.

Verleden biedt geen garantie
Dat de inspecteur de verliezen uit de voorgaande zes jaren wel had geaccepteerd bood geen garantie voor de toekomst. Uit de stukken blijkt dat de inspecteur kennelijk niet eerder navraag naar de activiteiten had gedaan, zodat er ook geen sprake was van een bewuste standpuntbepaling. Dat is wel nodig om hier een beroep op te kunnen doen. De correctie bleef dan ook in stand.

Tip! Wil je voor de toekomst duidelijkheid, verzoek de inspecteur dan om schriftelijk zijn standpunt kenbaar te maken als het om een fiscaal discussiepunt gaat. Dit kun je ook opnemen in de aangifte.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-18T09:58:50+01:0018 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Neveninkomsten mogelijk pas in later jaar ter discussie

  • Voorkom afrekenen over herinvesteringsreserve

Voorkom afrekenen over herinvesteringsreserve

Als je een bedrijfsmiddel met boekwinst verkoopt, moet je hierover belasting betalen. Gelukkig kun je met de herinvesteringsreserve de boekwinst tijdelijk opzij zetten en zo belastingheffing spreiden. Reserveren van de boekwinst kan in beginsel maximaal drie jaar, dus is het oppassen als je in 2018 een bedrijfsmiddel met boekwinst hebt verkocht.

Herinvesteringsreserve (HIR)
De herinvesteringsreserve is een faciliteit waarbij je de boekwinst bij verkoop van een bedrijfsmiddel reserveert en deze afboekt op een ander aan te schaffen bedrijfsmiddel. De boekwaarde van het nieuwe bedrijfsmiddel wordt daardoor verlaagd met de HIR, wat betekent dat je er minder op kunt afschrijven. Zodoende betaal je toch belasting over de boekwinst, maar nu gespreid.

Reserveren in beginsel maximaal drie jaar
De boekwinst moet je in beginsel uiterlijk in het derde jaar na verkoop van het bedrijfsmiddel afboeken op een nieuw aan te schaffen bedrijfsmiddel. Gebeurt dit niet, dan valt de boekwinst na het derde jaar in de winst en betaal je er belasting over.

Uitzonderingen
Het voorgaande betekent dat de HIR die je vormde bij verkoop van bedrijfsmiddelen in 2018 aan het eind van dit jaar vrijvalt. Gelukkig zijn er uitzonderingen mogelijk. Je hoeft namelijk niet binnen drie jaar te herinvesteren als dat door de aard van het bedrijfsmiddel niet mogelijk is. Denk aan een machine waarvoor je diverse vergunningen nodig hebt. Een andere uitzondering kan zich voordoen als door bijzondere omstandigheden de uitvoering van de investering is vertraagd. Er moet dan wel een begin van uitvoering zijn gemaakt.

Coronacrisis
De Coronacrisis wordt ook als bijzondere omstandigheid aangemerkt. Zijn investeringen door de Coronacrisis vertraagd, is er wel een begin van uitvoering gemaakt met de investering en kun je een en ander aannemelijk maken, dan valt een HIR uit 2018 dit jaar dus niet in de winst. De Belastingdienst heeft bekendgemaakt deze uitzondering ruimhartig toe te passen.

Let op! In alle andere gevallen valt een HIR uit 2018 op het eind van dit jaar dus wel in de winst.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-17T14:19:14+01:0017 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Voorkom afrekenen over herinvesteringsreserve

  • Opnieuw Coronasteun voor getroffen bedrijven

Opnieuw Coronasteun voor getroffen bedrijven

Vanwege de nieuwe beperkende Coronamaatregelen heeft het kabinet een pakket aan extra financiële compensatie bekendgemaakt. Met de nieuwe maatregelen is een bedrag van €1,3 miljard gemoeid.

Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL)
De al aangekondigde steun via de VLN (Vaste Lasten Nachthoreca) wordt vervangen door de al bekende steunmaatregel TVL. Dit betekent dat in beginsel alle ondernemers die in het vierde kwartaal van dit jaar een omzetverlies boeken van minstens 30% een tegemoetkoming in de vaste lasten kunnen krijgen. De tegemoetkoming is gerelateerd aan het omzetverlies en bedraagt 85% van de vaste lasten. De omvang van de vaste lasten wordt ook nu gebaseerd op branchegegevens.

Let op! De in de VLN-regeling opgenomen voorwaarde dat ook in het tweede en derde kwartaal van 2021 de TVL moest zijn aangevraagd, komt te vervallen.

Ook voor land- en tuinbouwsector
In aanvulling op bovengenoemde steunmaatregel wordt ook de extra TVL voor de land- en tuinbouwsector (OVK) in het vierde kwartaal van 2021 voortgezet. Hiervoor is €20 miljoen beschikbaar.

Extra steun evenementen
Ook de evenementenbranche kan op extra steun rekenen. Dit betekent dat evenementen die vanaf 10 juli van dit jaar verplicht geannuleerd moeten worden in beginsel in aanmerking komen voor een subsidie van 100% van de kosten.

Cultuursector
Vanwege de beperkende maatregelen ten aanzien van culturele voorstellingen, wordt ook de subsidie aan deze sector uitgebreid. Hiertoe wordt de suppletieregeling bij het Fonds Podiumkunsten uitgebreid.

Sportsector
Ook de sportsector, zowel de professionele als de amateursport, heeft te maken met beperkingen vanwege Corona. Voor de professionele sportwedstrijden, zowel in competitieverband als losse sportevenementen, is maximaal €36 miljoen beschikbaar vanwege schade vanwege verminderde kaartverkoop en voor compensatie van seizoenkaarthouders.

Mogelijke herstart NOW?
Het kabinet ziet vooralsnog geen noodzaak tot een tegemoetkoming in de loonkosten via de NOW. Wel wordt hierop voorbereid, voor het geval de beperkende maatregelen toch langer gaan duren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-17T13:34:58+01:0017 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Opnieuw Coronasteun voor getroffen bedrijven

  • Lager gebruikelijk loon door kostenvergoeding en bijtelling

Lager gebruikelijk loon door kostenvergoeding en bijtelling

Als DGA moet je jaarlijks ten minste een minimumbedrag aan salaris uit de BV opnemen. Door dit te verminderen met kostenvergoedingen en de bijtelling voor de auto van de zaak, wordt het gebruikelijk loon lager.

Gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon dient volgens de wet te worden vastgesteld op 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij de BV, indien een van deze bedragen meer is dan €47.000. Is het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager dan €47.000, dan wordt het gebruikelijk loon vastgesteld op dit bedrag.

Belast in box 1
Het gebruikelijk loon van de DGA wordt belast in box 1 en dat tarief loopt al snel op tot 49,5%. Het is daarom meestal lucratief het gebruikelijk loon zo laag mogelijk te houden. Je kunt dan het gebruikelijk loon verlagen met belaste en onbelaste kostenvergoedingen. Deze moeten wel duidelijk aan de DGA zijn toe te rekenen. Ook mag je het gebruikelijk loon verminderen met de bijtelling vanwege het privégebruik van de auto van de zaak.

Voorbeeld:
Kostenvergoedingen €2.000
Bijtelling auto van de zaak €11.000 (22% x €50.000)
Totaal €13.000

Je kunt het gebruikelijk loon in dit voorbeeld verlagen met €13.000. Zou je normaal gesproken een gebruikelijk loon van €47.000 op moeten nemen aan salaris, dan kun je dat in deze situatie dus beperken tot €47.000 -/- €13.000 = €34.000.

Tip! Overweeg ook om in plaats van een gebruikelijk loon jezelf dividend uit te keren. Dat kan voordeliger zijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-16T10:57:23+01:0016 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lager gebruikelijk loon door kostenvergoeding en bijtelling

  • Zonder controle eerdere jaren geen ‘nieuw feit’

Zonder controle eerdere jaren geen ‘nieuw feit’

Als de fiscus een navorderingsaanslag op wil leggen, is daar in de regel een ‘nieuw feit’ voor nodig. Dit is een feit dat de inspecteur bij het opleggen van de aanslag niet bekend was en redelijkerwijs ook niet bekend kon zijn. Hiervan is onder omstandigheden geen sprake als de inspecteur verzuimd heeft aanslagen uit eerdere jaren te beoordelen, aldus een uitspraak van de rechtbank Breda.

Voortdurende verliezen niet opgemerkt
In de betreffende zaak ging het om een belastingplichtige die naast zijn baan in loondienst een webshop en borduurstudio exploiteerde. Hiermee behaalde hij gedurende veertien jaren alleen maar verliezen. Doordat er positieve inkomsten uit dienstbetrekking tegenover stonden, was het inkomen per saldo toch steeds positief en had de inspecteur de verliezen niet opgemerkt.

Navorderen mogelijk?
De inspecteur merkte de verliezen bij het opleggen van de aanslag over 2016 wel op en liet ze niet in aftrek toe. Ook vorderde hij na over het jaar 2015. Voor de rechter speelde de vraag of dit wel mogelijk was.

Nieuw feit?
Concreet ging het om de vraag of de inspecteur over een ‘nieuw feit’ beschikte. Duidelijk was dat hij de verliezen in eerdere jaren niet had opgemerkt omdat het inkomen per saldo nog positief was geweest. De rechter was van mening dat een nieuw feit ontbrak. De inspecteur had bij het beoordelen van de aangiftes ook aandacht moeten besteden aan eerdere jaren. Nu dit niet was gebeurd, kon dit achteraf niet via een navordering ongedaan gemaakt worden.

Let op! Volgens de uitspraak is ook van belang dat de verliezen wel zouden zijn opgemerkt als de aangiftes uit eerdere jaren wel normaal beoordeeld zouden zijn. In dat geval zou er ook aanleiding zijn geweest nader onderzoek te doen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-15T09:52:23+01:0015 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Zonder controle eerdere jaren geen ‘nieuw feit’

  • Bijtelling elektrische auto uit 2017 flink hoger

Bijtelling elektrische auto uit 2017 flink hoger

De bijtelling voor een elektrische auto die in 2017 voor het eerst op kenteken is gezet, gaat volgend jaar flink omhoog. Dit als gevolg van het feit dat de bijtelling voor een auto na 60 maanden wordt herzien.

Bijtelling omhoog in 2022
De bijtelling voor een nieuwe elektrische auto stijgt volgend jaar van 12% naar 16%. De bijtelling geldt alleen voor de eerste €35.000 van de cataloguswaarde. Nu is dat nog over de eerste €40.000. Over het meerdere bedraagt de bijtelling 22%.

Bijtelling na 60 maanden
De bijtelling voor een auto staat vast voor de eerste 60 maanden nadat deze voor het eerst op kenteken is gezet. Voor een auto uit 2017 betekent dit dat de lage bijtelling van 4% uit 2017 volgend jaar afloopt. Vanaf de eerste dag van de maand na deze 60 maanden geldt de dan van kracht zijnde regelgeving.

Voorbeeld: een elektrische auto die op 4 februari 2017 voor het eerst op kenteken is gezet, houdt de lage bijtelling van 4% tot 1 maart 2022. Vanaf die datum geldt een bijtelling van 16% voor de eerste €35.000 van de cataloguswaarde en 22% over het meerdere.

Wat scheelt dit nu?
Stel dat u in een Opel Ampera rijdt die u in 2017 nieuw heeft aangeschaft voor €50.000. De bijtelling bedraagt nu €50.000 x 4% = €2.000. Dit is €166.67 per maand. Na 60 maanden gaat de bijtelling €35.000 x 16% + €15.000 x 22% = €5.600 + €3.300 = €8.900 bedragen. Dit is €741,67 per maand.

Bijtelling te hoog?
Wordt de bijtelling je te hoog, dan kun je als DGA overwegen de auto naar privé te halen. Alle kosten moet je dan in privé betalen en je kunt voor gereden zakelijke kilometers €0,19/km via de BV belastingvrij laten vergoeden. Voor ondernemers in de inkomstenbelasting bestaat deze mogelijkheid alleen als ze de auto minder dan 10% van alle kilometers zakelijk gaan gebruiken. De auto moet dan verplicht naar privé worden overgebracht.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-15T09:34:32+01:0015 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bijtelling elektrische auto uit 2017 flink hoger

  • Hoe lang is geruisloze overdracht te herzien?

Hoe lang is geruisloze overdracht te herzien?

Ondernemers in de inkomstenbelasting kunnen bij staking van hun bedrijf onder voorwaarden ervoor kiezen de onderneming geruisloos door te schuiven. Maar is een dergelijke keuze achteraf nog te herzien, en zo ja, tot wanneer?

Geruisloos doorschuiven
Als een onderneming geruisloos naar een overnemer wordt doorgeschoven, vindt er fiscaal geen staking plaats. Dit betekent dat degene die het bedrijf stopt of overdraagt, niet met de fiscus hoeft af te rekenen over onder meer de boekwinsten. Die claims schuiven door naar de opvolger en vertaalt zich in een lagere overnameprijs.

Voorwaarden
Geruisloos doorschuiven is gebonden aan voorwaarden. Een belangrijke is dat de overdrager en de opvolger minstens drie jaar lang een samenwerkingsverband moeten hebben gehad, zoals een VOF, of dat de opvolger al minstens drie jaar bij de overdrager in dienst is.

Verzoek nodig
Als partijen gebruik willen maken van de faciliteit tot geruisloze overdracht, moet dit bij de aangifte door beide partijen worden verzocht. De vraag die onlangs voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant werd uitgevochten, was of op deze keuze nog kan worden teruggekomen en zo ja, hoe lang.

Niet wettelijk bepaald
Het antwoord op deze vraag staat niet in de wet. De rechter besluit in deze zaak dat op grond van de aard en werking van de faciliteit hierop kan worden teruggekomen, zolang de aanslag voor één of meer van de stakende ondernemers of één of meer van de overnemende ondernemers nog niet definitief vaststaat. Staat minimaal één van deze aanslagen wel definitief vast, dan kan op de keuze voor geruisloze overdracht niet meer worden teruggekomen.

In deze zaak stonden de aanslagen van de overnemers echter al definitief vast. De rechtbank besluit dan ook dat niet op de keuze voor de faciliteit kan worden teruggekomen en stelt de inspecteur in het gelijk.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-12T09:56:22+01:0012 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Hoe lang is geruisloze overdracht te herzien?