naheffing

Naheffing btw bij ‘abnormaal lage’ prijs auto?

Als een bv een auto aan zijn dga verkoopt, moet dit tegen de werkelijke waarde van de auto. Ligt het verkoopbedrag onder de werkelijke waarde van de auto en wordt de rest betaald via verkapt dividend, dan kan er een naheffing btw volgen. Of dit gebeurt is niet zeker, nu twee gerechtshoven hierover verschillend hebben geoordeeld.

Aankoop via verkapt dividend

Auto

In een zaak voor het Hof Amsterdam nam een dga de auto van zijn bv over tegen een prijs van € 15.000, terwijl de waarde van de auto € 75.000 bedroeg. Voor de rest van de waarde was verkapt dividend uitgedeeld. Voor de btw was slechts rekening gehouden met de betaalde € 15.000, hetgeen de bv een naheffing opleverde over het meerdere van € 60.000.

In een soortgelijke zaak voor het Hof Den Bosch werd een auto met een waarde van € 29.750 aan de dga verkocht voor € 2.624. Ook nu werd voor de rest van de waarde verkapt dividend uitgekeerd. De bv had over de volledige waarde van de auto btw afgedragen, maar ging tegen de eigen aangifte in bezwaar.

Gerechtshoven oordelen verschillend

Hoewel beide zaken onderling weinig verschillen, komen de gerechtshoven toch tot een ander oordeel. Hof Amsterdam oordeelde dat er sprake is van misbruik van recht en stelde de Belastingdienst in het gelijk. Hof Den Bosch vond dat er geen sprake is van misbruik van recht en stelde de bv in het gelijk.

Wanneer misbruik van recht?

Bij een transactie kan misbruik van recht worden aangenomen als in strijd met doel en strekking van de wet een belastingvoordeel wordt toegekend én het wezenlijke doel van de betrokken transactie erin bestaat dit belastingvoordeel te verkrijgen.

Overwegingen strijdig met elkaar

Volgens het Hof Amsterdam was aan deze definitie voldaan. Er was immers sprake van een abnormaal lage vergoeding voor de auto en door middel van deze constructie zou de auto vrijwel zonder btw overgaan naar de dga.

Hof Den Bosch vond niet dat er sprake is van misbruik van recht. Een abnormaal lage vergoeding is hiervoor onvoldoende en bovendien behoort dividend slechts bij uitzondering tot de vergoeding die voor de btw in aanmerking moet worden genomen. Er moet volgens het Hof dan een rechtstreeks verband bestaan tussen de aankoop van de auto en het verkapte dividend. De inspecteur moet dit bovendien aannemelijk maken. Omdat dit volgens het Hof niet lukte, stelde het Hof de bv in het gelijk.

Wachten op uitspraak Hoge Raad

Het wachten is nu op de Hoge Raad, want in beide zaken wordt vrijwel zeker in cassatie gegaan. We houden u uiteraard op de hoogte.

Door |2025-02-20T16:09:48+01:0020 februari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Naheffing btw bij ‘abnormaal lage’ prijs auto?

Houd uitgaven zakelijk en privé goed gescheiden

Als ondernemer in de inkomstenbelasting, maar ook als dga van een bv, kunnen zakelijk en privé nogal eens door elkaar lopen. Het is echter van belang deze zaken goed te scheiden, anders kunt u zomaar met naheffingen, navorderingen en boetes geconfronteerd worden.

Kantoor naast woning dga

Rekenen

In een zaak bij rechtbank Zeeland-West-Brabant handelde het om een bv die met een kantoor gevestigd was naast de woning van de dga. De dga had een hovenier opdracht gegeven de tuin aan te leggen, alsmede parkeerplaatsen inclusief bestrating. De werkzaamheden hadden zowel betrekking op de kantoorruimte als op de woning.

Zakelijk en privé gebruikt

Bij een boekencontrole bleek dat twee van de zes facturen op naam van de bv waren gezet voor in totaal ruim € 5.600. Volgens de inspecteur was echter voor een bedrag van € 2.698 ten onrechte de btw verrekend, aangezien het voor dit deel om privéuitgaven van de dga handelde. Dit leverde een naheffing met boete op, waarna de zaak voor de rechter kwam.

Bedrijfsmatig gebruikt?

Voor de rechtbank stond de vraag centraal of de geleverde diensten van de hovenier zakelijk werden gebruikt en of de bv als afnemer van deze diensten kon worden aangemerkt. Volgens de rechtbank was dit niet het geval. Zo was de offerte gericht aan en ondertekend door de dga. Bovendien bleken zowel het kantoor als de woning eigendom te zijn van de dga. Dat twee van de zes facturen aan de bv waren gericht, maakte nog niet dat er een rechtsbetrekking tussen de hovenier en de bv bestond. Van belang was ook dat een deel van de diensten tevens privé werd gebruikt, zoals de aanleg van de parkeerplaatsen. Tenslotte speelde een rol dat een specificatie van de zakelijke en privéwerkzaamheden ontbrak en dat hierover tussen de dga en de bv ook geen afspraken waren gemaakt.

De rechtbank liet de naheffing inclusief boete dan ook in stand.

Door |2025-02-20T16:19:02+01:0020 februari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Houd uitgaven zakelijk en privé goed gescheiden

Rechter verzoekt om coulance bij naheffingen parkeerbelasting

Op veel plaatsen in Nederland mag je slechts tegen betaling parkeren. Betaal je niet of te weinig, dan kan er een naheffing parkeerbelasting volgen. De rechtbank Oost-Brabant heeft in een uitspraak aangegeven dat in bepaalde gevallen meer coulant moet kunnen worden opgetreden ten aanzien van de naheffing.

Parkeerbelasting

Auto

Als je geen of te weinig parkeerbelasting betaalt, kan je een naheffing parkeerbelasting krijgen. Je betaalt dan in beginsel voor een parkeertijd van één uur, daar bovenop komen de kosten van het handhaven van de parkeerbelasting. Deze kosten kunnen in 2025 maximaal € 78,80 bedragen.

Maatwerk

In bovengenoemde rechtszaak beklaagde de rechtbank zich erover dat er geen wettelijke mogelijkheid is om bij een naheffing parkeerbelasting maatwerk te leveren. Anders gezegd, de rechtbank kan de kosten bij een naheffing parkeerbelasting niet matigen. De rechtbank heeft hierover vragen gesteld aan de Hoge Raad, maar ook die was van mening dat rechters die bevoegdheid niet hebben.

Vergissing vader

In de betreffende rechtszaak had een parkeerder verzocht om coulance, omdat zijn vader, bij wie hij op bezoek was, een vergissing had gemaakt met een betaling via een parkeerapp. Uit de feiten bleek dat in het verleden wel altijd foutloos betaald was, reden waarom de parkeerder verzocht om coulance.

Signaal aan wetgever

Omdat ook de Hoge Raad van mening was dat een rechter geen coulancemogelijkheden heeft, besloot de rechtbank het signaal door te geven aan de wetgever. De rechtbank stelt dat coulance soms nodig is, onder meer om het vertrouwen van de maatschappij in de rechtspraak niet te ondermijnen.

Rechtbank Overijssel wel coulant

Opvallend is dat de rechtbank Overijssel in een uitspraak uit 2021 de opgelegde sanctie, gelet op de feiten van het geval, wel buitenproportioneel achtte en de naheffing matigde tot € 15. In hoger beroep oordeelde het Hof Leeuwarden echter dat er volgens de wet geen ruimte is voor matiging. Omdat de parkeerder en de gemeente er bij het Hof echter op aandrongen de naheffing, gelet op de bijzondere omstandigheden, toch te vernietigen, besloot het Hof dit voorstel te volgen.

Door |2025-02-05T15:22:26+01:005 februari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Rechter verzoekt om coulance bij naheffingen parkeerbelasting

Btw bij langdurige verhuur auto

Als een auto wordt verhuurd, is voor de btw van belang hoe lang de verhuur duurt en waar de huurder van de auto woont. Voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant speelde onlangs een zaak waarbij een autoverhuurbedrijf de btw probeerde te beperken.

Langdurige verhuur

Auto

Bij langdurige verhuur van een auto aan een particulier vindt de dienst plaats waar de huurder woont, gevestigd is of zijn gebruikelijke verblijfplaats heeft. De btw van het betreffende land moet dan in rekening worden gebracht. Wettelijk is bepaald dat het verhuren voor meer dan dertig dagen als langdurig moet worden aangemerkt.

Registratiefee

In een zaak die onlangs speelde voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant betaalde een in Duitsland gevestigde vennootschap geen btw in Nederland en deed ook geen aangifte van omzetbelasting. Volgens het bedrijf was er geen sprake van verhuur van auto’s, maar werd een ‘registratiefee’ in rekening gebracht. Het bedrijf had naar eigen zeggen een verhuurcontract gebruikt voor het vastleggen van de gegevens van de huurder, voor het geval er verkeersboetes op de mat zouden vallen.

Verhuur, dus Nederlandse btw

Uit de feiten bleek echter wel degelijk dat de auto’s gewoon langdurig verhuurd werden aan Nederlandse particulieren. Dit bleek onder meer uit de registratie van de kilometerstand in het huurcontract en de vermelding van de lakschades. Er had dus Nederlandse btw in rekening gebracht moeten worden aan de Nederlandse klanten. De naheffingen plus boetes bleven in stand.

Door |2024-09-23T10:34:17+02:0023 september 2024|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Btw bij langdurige verhuur auto

Per 1 januari 2025 handhaving op schijnzelfstandigheid met overgangsjaar

Vanaf 1 januari 2025 gaat de Belastingdienst handhaven op schijnzelfstandigheid. Het handhavingsmoratorium komt dan te vervallen. Er is nog wel een overgangsjaar aangekondigd om werkgevers meer tijd te geven. Tevens gaat de Belastingdienst geen modelovereenkomsten meer goedkeuren.

Wet DBA

Handtekening

Vanaf 1 mei 2016 geldt de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA), bedoeld om duidelijkheid te creëren of iemand zelfstandige is of niet. Een schijnzelfstandige is iemand die door zichzelf en zijn opdrachtgever als zzp’er wordt aangemerkt, terwijl deze persoon in werkelijkheid werknemer is. De handhaving van de wet DBA is continu opgeschort, uiteindelijk tot 1 januari 2025. Tot dat moment legt de Belastingdienst opdrachtgevers en opdrachtnemers nog geen boete of naheffing op.

Handhavingsmoratorium

Er is nu wel sprake van een zogenaamd handhavingsmoratorium. Dit moratorium houdt in dat de Belastingdienst aanwijzingen geeft als er volgens hen sprake is van een arbeidsovereenkomst, maar alleen naheft in uitzonderlijke gevallen van kwaadwillendheid.

Handhaving in werking

Vanaf 1 januari 2025 gaat de Belastingdienst dus handhaven op schijnzelfstandigheid. Het handhavingsmoratorium komt dan ook te vervallen. Risicosectoren zoals de zorg, de kinderopvang, de bouw en het onderwijs zijn al extra gewaarschuwd.

Boetes en naheffingen

In de praktijk betekent het opheffen van het handhavingsmoratorium dat de Belastingdienst tijdens controles naheffingen kan opleggen als er binnen bedrijven en organisaties sprake is van schijnzelfstandigheid.

Let op! Wanneer een bedrijf of organisatie niet aan de regels voldoet kan een naheffing tot maximaal vijf jaar terug worden opgelegd. De Belastingdienst gaat hierbij echter alleen met terugwerkende kracht corrigeren tot 1 januari 2025, de datum van de opheffing.

Overgangsregeling

Het kabinet heeft begin september 2024 aangekondigd dat er een overgangsregeling komt: een jaar waarin werkgevers en werkenden nog geen vergrijpboete krijgen als zij kunnen bewijzen dat zij stappen zetten tegen schijnzelfstandigheid. Het kabinet heeft dit besluit genomen, omdat vanuit de markt is gevraagd om duidelijkheid over het opheffen van het handhavingsmoratorium, zodat men zich hierop kan voorbereiden. Bijkomend punt is dat de nieuwe wet op zijn vroegst pas kan ingaan op 1 januari 2026.

Geen goedkeuring meer op modelovereenkomsten

Ook is aangegeven dat  de Belastingdienst geen modelovereenkomsten meer gaat goedkeuren, omdat modelovereenkomsten vooraf geen zekerheid kunnen geven over het werken buiten dienstverband. Dit hangt namelijk af van hoe er in de praktijk wordt gewerkt, niet van wat er in een contract staat.

Werkt u met zelfstandigen?

Controleer goed welke afspraken u met hen heeft gemaakt en hoe u dit heeft vastgelegd. Zorg ervoor dat de gemaakte afspraken op papier daadwerkelijk aansluiten bij de praktijk. Denk hierbij aan zaken zoals:

  • beding dat de zzp’er eigen verzekeringen afsluit (waaronder een aansprakelijkheidsverzekering en een arbeidsongeschiktheidsverzekering),
  • geef ruimte aan zzp’ers om voor andere opdrachtgevers te werken,
  • laat de zzp’er zelf factureren,
  • zorg dat de zzp’er zelf verantwoordelijk is voor zijn scholing en opleiding, en
  • geef de zzp’er de vrijheid om zich te laten vervangen.
Door |2024-09-12T16:09:13+02:0012 september 2024|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Per 1 januari 2025 handhaving op schijnzelfstandigheid met overgangsjaar

Welk btw-forfait voor leaseauto?

Als een auto van de zaak ter beschikking staat die ook privé kan worden gebruikt, is in verband met dit privégebruik een deel van de btw op de autokosten niet aftrekbaar. Deze btw kan worden berekend op basis van twee forfaitaire percentages. De vraag is welk percentage van toepassing is op auto’s die geleased zijn.

Forfaitair percentage

Auto

Als uit uw administratie niet duidelijk blijkt voor welk deel de auto privé is gebruikt, dient u voor de niet-aftrekbare btw uit te gaan van twee percentages. Voor auto’s waarbij de btw bij aankoop niet in aftrek is gebracht, is het percentage 1,5% van de cataloguswaarde. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als een gebruikte auto van een particulier is gekocht. Is de btw wel in aftrek gebracht, dan is het forfaitaire percentage vastgesteld op 2,7% van de cataloguswaarde.

Leaseauto

Onlangs bracht een bv een zaak voor de rechter waarbij aan de dga een leaseauto ter beschikking was gesteld. Voor de berekening van de niet-aftrekbare btw had de bv gebruikgemaakt van het lage forfait van 1,5%. De inspecteur ging hiermee niet akkoord en hief na op basis van het forfaitaire percentage van 2,7%.

Geen btw bij aankoop in aftrek gebracht?

De rechtbank Noord-Nederland stelt de Belastingdienst in het gelijk. Uit de regelgeving rond de niet-aftrekbare btw blijkt dat het lage forfaitaire percentage alleen van toepassing is als de btw bij aankoop van de auto niet in aftrek is gebracht. Daarvan is bij een leaseauto geen sprake. Voor leaseauto’s geldt daarom het lage forfait van 1,5%. De naheffing blijft dan ook in stand.

Door |2024-08-09T15:05:19+02:009 augustus 2024|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Welk btw-forfait voor leaseauto?

Digitale berichtgeving naheffing parkeerbelasting is voldoende

Als je ermee instemt, kun je post van de overheid veelal digitaal ontvangen. Betreft het een naheffing parkeerbelasting, dan is het voldoende als deze digitaal aan jou bekend is gemaakt. Dit moet wel aannemelijk zijn.

Naheffing parkeerbelasting niet ontvangen
Onlangs bracht een belastingplichtige zijn zaak voor de rechter, omdat hij aanmaningskosten moest betalen voor een naheffing parkeerbelasting. Naar eigen zeggen had hij zich niet voor digitale communicatie met de gemeente aangemeld en had hij de naheffing helemaal niet ontvangen.

MijnOverheid

Talloze gemeentes en andere overheidsorganen communiceren tegenwoordig digitaal met de burger via MijnOverheid. In bovengenoemde zaak was de naheffingsaanslag parkeerbelasting digitaal verstuurd via MijnOverheid. Omdat door degene aan wie de naheffing was opgelegd ontkend werd dat hij deze had ontvangen, onderzocht de rechtbank de aannemelijkheid ervan.

Bezwaar

Uit de stukken bleek dat twee dagen voordat de naheffing was opgelegd, belanghebbende al bezwaar tegen de naheffing had gemaakt. Dit was afgewezen en hiertegen was geen beroep ingesteld. Voor de rechtbank stond dan ook vast dat belanghebbende de naheffing wel degelijk tijdig had ontvangen. Het is namelijk bekend dat naheffingen vaak al worden verstuurd vóór de datum van de dagtekening.

Aanmaningskosten terecht

Nu vast stond dat de naheffing tijdig was ontvangen en dat het hiertegen ingediende bezwaar was afgewezen, stond de naheffing vast. Aangezien deze niet tijdig betaald was, was ook de aanmaning terecht verzonden en waren ook de hieraan verbonden aanmaningskosten terecht berekend. De rechtbank stelde de gemeente dan ook in het gelijk.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-31414 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder

Door |2023-04-14T15:47:16+02:0014 april 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Digitale berichtgeving naheffing parkeerbelasting is voldoende

  • Zo voorkom je 10,5% belastingrente

Zo voorkom je 10,5% belastingrente

De belastingrente voor de vennootschapsbelasting stijgt per 1 maart 2023 van 8 naar 10,5%. Zorg er dus voor dat je die belastingrente voorkomt!

Wanneer betaal je belastingrente voor de vennootschapsbelasting (Vpb)?
Vanaf 1 maart van dit jaar betaal je maar liefst 10,5% belastingrente als de fiscus je een aanslag oplegt op of na 1 juli volgend op het belastingjaar waarop de aanslag betrekking heeft. Voor het jaar 2022 is dit dus 1 juli 2023. Je betaalt deze rente over het bedrag dat je aan belasting moet betalen.

Hoe te voorkomen?
Je betaalt geen belastingrente als je vóór 1 juni volgend op het betreffende belastingjaar aangifte doet en de fiscus de gegevens uit jouw aangifte ongewijzigd overneemt. Je kunt ook belastingrente voorkomen door vóór 1 mei volgend op het betreffende belastingjaar alvast een voorlopige aanslag Vpb aan te vragen.

Let op! Schat de te betalen vennootschapsbelasting niet te laag in. Zo voorkom je een naheffing én belastingrente over het nog te betalen bedrag.

Voorlopige aanslag te laag?
Heb je al een voorlopige aanslag gehad en is deze naar verwachting te laag, pas het bedrag dan zo snel mogelijk aan. Dit kan met een speciaal formulier dat je vindt in Mijn Belastingdienst Zakelijk. Wij adviseren je alvorens je aanslag aan te passen contact met ons op te nemen om door te spreken of aanpassing van de aanslag werkelijk nodig is en wat een realistisch bedrag is.

Let op! Bij een gebroken boekjaar gelden andere deadlines. Dien de aangifte vennootschapsbelasting dan binnen zes maanden na afloop van het boekjaar in of vraag binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar om een voorlopige aanslag.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T16:33:15+01:0028 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Zo voorkom je 10,5% belastingrente
  • DGA, ook jouw uitstel van belastingbetaling eindigt 1 april

DGA, ook jouw uitstel van belastingbetaling eindigt 1 april

Ondernemers die getroffen zijn door de Coronacrisis kunnen tot 1 april 2022 bijzonder uitstel van betaling aanvragen voor de meeste belastingschulden. Vanaf 1 april dit jaar moeten alle nieuwe betalingsverplichtingen weer voldaan worden. Als DGA moet je dan ook een mogelijke betalingsonmacht van de BV weer apart melden.

Betalingsonmacht
Als je als bestuurder van een BV uitstel van betaling voor de BV hebt aangevraagd, merkt de fiscus dit tot en met 31 maart 2022 ook aan als een melding van betalingsonmacht. De melding is tijdig en rechtsgeldig voor verschuldigde belasting die behoorde te zijn afgedragen of voldaan vanaf 12 maart 2020.

Let op! Dit betekent dat je vanaf 1 april 2022 de betalingsonmacht van de BV weer op de oude manier moet melden om de aansprakelijkheid als bestuurder te beperken.

Aflossen belastingschulden
Je moet de belastingschulden namelijk in beginsel vanaf 1 oktober 2022 aflossen. Je krijgt hiervoor vijf jaar de tijd.

Gevolgen melding
Een melding van betalingsonmacht beperkt de kans dat je aansprakelijk gesteld wordt voor belastingschulden van de BV. Zijn betalingsmoeilijkheden namelijk tijdig gemeld, dan is een bestuurder niet aansprakelijk, tenzij de inspecteur kan bewijzen dat er sprake is van onbehoorlijk bestuur.

Naheffingsaanslagen tijdens bijzonder uitstel
Tijdens het bijzonder uitstel krijg je toch naheffingsaanslagen voor de belastingen waarvoor je bijzonder uitstel hebt. Op deze manier heb je een overzicht van de belastingschuld die je na het einde van het bijzonder uitstel moet gaan aflossen.

Let op! Deze naheffingsaanslagen en eventuele betaalverzuimboetes hoef je dus niet te betalen. Je hoeft er ook geen bezwaar tegen te maken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-24T19:49:44+01:0024 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

DGA, ook jouw uitstel van belastingbetaling eindigt 1 april

  • Zorg voor registratie reiskostenvergoedingen

Zorg voor registratie reiskostenvergoedingen

Als je als werkgever de zakelijke reiskosten van de werknemers vergoedt, kan dit grotendeels onbelast. Daarvoor is wel vereist dat je de vergoedingen afdoende onderbouwt, anders riskeer je een naheffing met eventueel een boete.

Reiskosten
Zakelijke reiskosten van het personeel kun je veelal belastingvrij vergoeden. Voor reiskosten per auto geldt daarbij de bekende limiet van €0,19 per kilometer.

Onderbouwing
Je moet de verstrekte onbelaste reiskosten wel goed onderbouwen. Zo moet uit de administratie zijn af te leiden voor welke reizen een bepaalde kostenvergoeding is bestemd. Voor de reiskosten in het kader van het woon-werkverkeer kun je daarbij ook gebruikmaken van een forfaitaire regeling, de zogenaamde 128-dagenregeling.

Geen onderbouwing betekent naheffing
Enige tijd geleden kwam een zaak voor de rechtbank in Den Haag, waarbij een schoonmaakbedrijf de aan zijn werknemers betaalde reiskosten niet had onderbouwd. In totaal ging het om onbelaste betalingen ten bedrage van ruim €150.000. Omdat de onderbouwing ontbrak, volgde een naheffing loonheffingen.

Te weinig CAO-toeslag
De inspecteur was er bij de naheffingen vanuit gegaan dat de reiskostenvergoedingen een compensatie vormden voor de onbetaalde CAO-toeslagen waarop de schoonmakers recht hadden. Via deze route werd de toeslag onbelast uitbetaald.

Of de CAP-toeslagen al dan niet in het loon waren inbegrepen, kon volgens de rechtbank in het midden blijven. Van belang was dat de reiskosten niet waren onderbouwd en daarom ook niet onbelast mochten worden uitbetaald. Ook ontbrak de steekproef die een werkgever moet uitvoeren als hij een vaste vergoeding onbelast wil uitbetalen. Via deze steekproef kan worden aangetoond dat een vergoeding terecht onbelast kan blijven.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-07T15:58:59+01:007 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Zorg voor registratie reiskostenvergoedingen