WAB: checklist voor nieuwe arbeidsmarktregels
Door de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB) verandert er per 1 januari 2020 een aantal zaken als het gaat om het arbeidsrecht.

Nieuwe arbeidsmarktregels
De WAB is met name gericht op het herstel van de balans tussen vast en flexibel werk. De wijzigingen per 2020 hebben onder meer betrekking op oproepkrachten en payrollers. Ook zijn er gevolgen voor de verschuldigde WW-premie en de te betalen transitievergoeding bij ontslag.
Ontslag
Het wordt makkelijker om werknemers om persoonlijk getinte redenen te ontslaan. Er komt een cumulatiegrond. Dit houdt in dat meerdere ontslaggronden die ieder voor zich niet voldoende voldragen zijn, gecombineerd kunnen worden, waardoor het voor de rechter toch mogelijk wordt om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Wel kan de rechter nog bepalen dat de werkgever naast de transitievergoeding nog een aanvullende vergoeding ter hoogte van maximaal 50% van de transitievergoeding moet betalen.
Oproepkrachten
Oproepkrachten die 12 maanden in dienst zijn, moeten voortaan van hun werkgever een aanbod krijgen voor een vast aantal arbeidsuren gerelateerd aan de gemiddelde arbeidsomvang van de verloonde uren in de 12 maanden daarvoor. Het gaat om verloonde uren, dus ook ziekte-uren en vakantie-uren tellen mee.
Payrollers
Werknemers die ingehuurd worden via een bedrijf dat payrollers uitleent, krijgen dezelfde rechten als werknemers van het bedrijf werkzaam in gelijke of gelijkwaardige functies. De inhurende werkgever (inlener) moet het uitlenende payrollbedrijf informeren over de arbeidsvoorwaarden die van toepassing zijn.
WW-premie
De hoogte van verschuldigde WW-premie is vanaf 2020 afhankelijk van de vraag van wat voor soort contract sprake is. De premie voor werknemers met een flexibel arbeidscontract is als uitgangspunt hoger dan die voor een werknemer met een vast contract.
Transitievergoeding
Vanaf 2020 treden er wijzigingen op ten aanzien van de transitievergoeding. Nieuw is dat de transitievergoeding al geldt vanaf de eerste werkdag. Dus ook een werknemer die in de proeftijd ontslagen wordt heeft recht op een transitievergoeding. Het is dan niet meer vereist dat de betreffende werknemer al minimaal twee jaar in dienst is. Ook de verhoogde opbouw na tien dienstjaren komt te vervallen. De transitievergoeding bedraagt nu standaard een derde maandsalaris per dienstjaar.
Heeft u vragen over de wijzigingen van de WAB, neem dan contact met ons op.

De uitspraak geldt voor alle horeca-inrichtingen, zoals cafés, discotheken, coffeeshops, shishalounges, concertzalen, hotels en restaurants. Bij elke overtreding wordt de boete voor de horecaondernemer verhoogd, tot uiteindelijk € 4.500 bij de vierde overtreding.
Volgens de bekendgemaakte aanpassingen tellen bezorgkosten niet mee bij de grens van € 25 voor kleine geschenken. Verder wordt onder meer verduidelijkt wanneer over RVU-uitkeringen Zvw-premies betaald of ingehouden moeten worden.
In de nieuwe KOR is uw omzet bepalend voor de vraag of u van de regeling gebruik mag maken. Deze mag maximaal € 20.000 bedragen. Op dit moment is bepalend of u per saldo niet meer dan € 1.883 per jaar aan btw moet afdragen.
Keer ook dit jaar vergoedingen en verstrekkingen aan uw werknemers belastingvrij uit tot een bedrag van 1,2% van de loonsom van uw bedrijf. Benut deze vrije ruimte optimaal en houd er rekening mee dat deze vrije ruimte volgend jaar voor de eerste € 400.000 van uw loonsom 1,7% bedraagt en 1,2% over het meerdere. Komt u dit jaar vrije ruimte tekort, dan kunt u vergoedingen en verstrekkingen wellicht beter doorschuiven naar 2020. Overschrijdt u de vrije ruimte, dan betaalt u als werkgever namelijk 80% belasting over het meerdere. Ook als dga mag u gebruikmaken van de vrije ruimte in de WKR.
Betaalt u alimentatie aan uw ex-partner, dan is dit bedrag voor u aftrekbaar en bij uw ex belast. Vanaf volgend jaar kunt u de alimentatie nog maar aftrekken tegen een maximum van 46%, tegen 51,75% nu.
Het tarief in box 2, waartegen onder andere uitgekeerd dividend belast wordt, bedraagt 25% in 2019. In 2020 stijgt dit naar 26,25% en in 2021 naar 26,9%.
Het uitgangspunt is dat een door u vergoede of verstrekte maaltijd tot het loon behoort. Daarom is deze in beginsel ook belast en moet u er loonbelasting over inhouden.
De nieuwe meetmethode ter vaststelling van de CO2-uitstoot, vervangt vanaf 2017 langzaam de oude meetmethode. De nieuwe methode zou de CO2-uitstoot nauwkeuriger vaststellen.
Voor het privégebruik van de fiets geldt vanaf 2020 een forfaitaire bijtelling van 7% van de consumentenadviesprijs. Net als bij de auto van de zaak wordt de bijtelling bij het loon geteld en moet u hierover loonbelasting inhouden. Wat het gebruik van de fiets de werknemer uiteindelijk kost, is mede afhankelijk van de hoogte van zijn loon. Hoe hoger het belastingtarief, des te meer kost het. 



