samenwerkenenverbinden

  • Niet uitbetaald pensioen DGA wel belast

Niet uitbetaald pensioen DGA wel belast

Als je als DGA van de BV geen pensioen krijgt terwijl je hier wel recht op hebt, betekent dit niet automatisch dat het ook niet belast is. Dit besliste rechtbank Gelderland eerder.

Pensioen slechts deels uitbetaald
In de betreffende zaak had een DGA recht op een pensioen bij zijn eigen BV ter grootte van €95.124 per jaar. In 2015, 2016 en 2017 ontving de DGA echter maar €46.680 aan pensioen. De inspecteur had ook het restant van €48.444 (€95.124 -/- €46.680) ieder jaar echter gewoon belast.

Vorderbaar en inbaar?
Voor de rechter was het de vraag of dit terecht was, wat afhing van de vraag of de vordering van de DGA op de BV ‘vorderbaar en tevens inbaar was’. Volgens de rechter was dit het geval. De rechter kwam tot dit oordeel nadat kwam vast te staan dat de DGA bij de BV leningen ter financiering van zijn eigen woning had afgesloten en een rekeningcourantschuld had. Het totaal van de vorderingen van de BV op de DGA bedroeg zo’n €2,5 miljoen.

Verrekening mogelijk
De rechter stelde vast dat als de BV niet bij machte zou zijn geweest het pensioen gewoon uit te betalen, ook besloten had kunnen worden dit te verrekenen met de opgebouwde schulden van de DGA. Als de BV zakelijk had gehandeld, was dit ook logisch geweest. Bovendien is dit wettelijk ook toegestaan. Dat geldt niet voor verrekening van gewoon loon, maar wel voor een pensioenaanspraak. De inspecteur werd dan ook in het gelijk gesteld.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-16T09:04:44+02:0016 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Niet uitbetaald pensioen DGA wel belast

  • Aanvragen uitstel van belasting tot 1 oktober

Aanvragen uitstel van belasting tot 1 oktober

Ondernemers die door de Coronacrisis hun belastingen niet tijdig kunnen betalen, kunnen nog tot 1 oktober van dit jaar bijzonder uitstel aanvragen. Heb je al bijzonder uitstel aangevraagd en loopt dit vóór 1 oktober af, dan hoef je geen verlenging aan te vragen voor de belastingen waarvoor je al bijzonder uitstel hebt.

Vanaf 1 oktober nieuwe verplichtingen weer betalen
Vanaf 1 oktober moet je nieuwe belastingverplichtingen weer gaan betalen. De opgebouwde schuld waarvoor je bijzonder uitstel hebt aangevraagd, moet je vanaf 1 oktober 2022 in maandelijkse termijnen gaan aflossen. Je krijgt hiervoor vijf jaar de tijd.

Betalingsproblemen vanaf 1 oktober
Ervaar je vanaf 1 oktober nog steeds problemen met het betalen van de nieuwe belastingschulden, dan kun je onder voorwaarden een beroep doen op de normale regels die gelden voor uitstel van betaling. Je kunt dan voor maximaal 12 maanden uitstel krijgen, onder voorwaarde dat je zekerheid kunt stellen, bijvoorbeeld via een bankgarantie.

Invorderingsrente
Je betaalt over de schuld invorderingsrente, maar deze bedraagt tot 1 januari 2022 slechts 0,01%. Daarna gaat de invorderingsrente in stapjes omhoog. Vanaf 1 januari 2022 betaal je 1% rente, vanaf 1 juli 2022 2%, vanaf 1 januari 2023 3% en vanaf 1 januari 2024 weer het normale tarief van 4%.

Tip! Je kunt dus invorderingsrente besparen door de belastingschuld eerder af te lossen als dit mogelijk is.
Let op! Lukt het echt niet om de belastingschuld in vijf jaar af te lossen, neem dan contact op met de Belastingdienst. In dat geval wordt er samen met andere schuldeisers gezocht naar een oplossing op maat.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-14T09:14:01+02:0014 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvragen uitstel van belasting tot 1 oktober

  • Verschuldigde rente aan DGA is winstuitdeling

Verschuldigde rente aan DGA is winstuitdeling

Als je als DGA een lening sluit bij jouw BV, moet je hierover in de regel rente betalen. Gebeurt dit niet, dan is er sprake van een belaste winstuitdeling, aldus de rechtbank Gelderland.

BV berekent geen rente
In de betreffende zaak had een DGA bij zijn BV een rekeningcourant afgesloten van meer dan €3.000.000. Hierover was hij volgens afspraak 5% rente verschuldigd, maar de BV bracht deze nooit in rekening. De inspecteur berekende de verschuldigde rente op ruim €330.000 over een periode van twee jaren en legde een aanslag op wegens winstuitdeling.

Eis: dubbele bewustheid
Volgens de rechter moesten zowel de DGA als de BV zich ervan bewust zijn geweest dat de DGA bevoordeeld werd door geen rente te berekenen. Deze eis van dubbele bewustheid betekende dat er terecht aanslagen vanwege een voordeel uit aanmerkelijk belang waren opgelegd.

Wanneer geen rente rekenen?
De fiscus gaat ermee akkoord dat er geen rente wordt berekend als het een rekeningcourantschuld betreft met een maximum van €17.500. Via een rekeningcourant gebruik je financiën van de BV voor bepaalde privé-uitgaven, die je even later weer aflost. Schiet je in de loop van het jaar over het maximum van €17.500 heen, dan moet over het hele jaar wel rente worden berekend.

Let op! Over een normale lening onder dit bedrag moet wel gewoon rente worden berekend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-13T11:20:22+02:0013 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Verschuldigde rente aan DGA is winstuitdeling

  • Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

Vanwege de Coronacrisis bestonden in 2020 al ruimere mogelijkheden om werknemers onbelast een vergoeding of verstrekking te geven. Voor het jaar 2021 gelden dezelfde verruimingen. Maak hiervan in 2021 nog gebruik. Vanaf 2022 wordt namelijk weer teruggekeerd naar het oude niveau.

Verhoging vrije ruimte
De vrije ruimte is bedoeld voor onbelaste vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers. Zolang de totale vergoedingen en verstrekkingen deze vrije ruimte niet overstijgen, betaalt de werkgever geen loonheffing. Bij overschrijding bedraagt de loonheffing ten laste van de werkgever 80% over het gedeelte boven de vrije ruimte.

In 2021 bedraagt de vrije ruimte nog 3% van de eerste €400.000 van de loonsom van alle werknemers samen plus 1,18% van deze loonsom voor zover hoger dan €400.000. Is de totale loonsom van alle werknemers bijvoorbeeld €1.000.000, dan bedraagt de vrije ruimte in 2021 €19.080 (3% van €400.000 plus 1,18% van €600.000).

Let op! Vanaf 2022 gaat de vrije ruimte weer omlaag en bedraagt deze 1,7% van de eerste €400.000 loonsom en 1,18% van het meerdere. Bij een loonsom van €1.000.000 bedraagt de vrije ruimte in 2022 dan €13.880, dus €5.200 minder.

Gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen
Voor bepaalde vergoedingen en verstrekkingen heeft de werkgever de vrije ruimte niet nodig. Deze zogenaamde gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen kunnen gegeven worden buiten de vrije ruimte en verkleinen het potentieel van de vrije ruimte dus niet.

Tip! Er bestaan verschillende gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen. Denk bijvoorbeeld aan de gerichte vrijstelling voor reiskostenvergoeding van €0,19 per gereden zakelijke kilometer, voor studiekosten, arbovoorzieningen en de nihilwaarderingen voor consumpties en voorzieningen op de werkplek.

Voorwaarden gebruik vrije ruimte
Als een werkgever een vergoeding of verstrekking onbelast in de vrije ruimte wil onderbrengen, moet hij deze wel aanwijzen als eindheffingsloon in deze vrije ruimte. Dit kan bijvoorbeeld blijken uit de administratie.

Een andere voorwaarde is dat de vergoedingen of verstrekkingen niet meer dan 30% mogen afwijken van wat in vergelijkbare omstandigheden gebruikelijk is (de zogenaamde gebruikelijkheidstoets). Is de afwijking groter, dan mag de werkgever het meerdere niet aanwijzen in de vrije ruimte. Dat deel is dan als loon belast bij de werknemer.

Tip! De beoordeling of een vergoeding of verstrekking voldoet aan de gebruikelijkheidstoets is over het algemeen lastig. Gelukkig beschouwt de Belastingdienst alle vergoedingen, verstrekkingen of terbeschikkingstellingen van maximaal €2.400 per persoon per jaar als gebruikelijk.

Tot €2.400 per persoon per jaar hoef je je dus geen zorgen te maken over de zogenaamde gebruikelijkheidstoets.

Let op! Het bedrag van €2.400 geldt in alle redelijkheid. De Belastingdienst geeft aan dat je hiervan geen gebruik mag maken als het loon van de werknemer (hierdoor) lager is dan het wettelijke minimumloon.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-13T10:50:33+02:0013 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

  • Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

Ondernemers in het MKB die energie willen besparen, kunnen vanaf 1 oktober van dit jaar subsidie krijgen voor de noodzakelijke advieskosten. De extra subsidie is verkrijgbaar tot en met 30 september 2022.

Ook voor ondersteuning bij uitvoering
De ondernemer kan ook subsidie krijgen voor de ondersteuning bij het uitvoeren van een of meer maatregelen uit het advies. Bijvoorbeeld voor een accountant die de financiering moet regelen.

Besparingsplicht
Grotere bedrijven zijn wettelijk verplicht energiebesparende maatregelen te nemen en hierover aan de gemeente te rapporteren. De nieuwe subsidie is niet voor deze bedrijven bedoeld. Dit betekent dat alleen bedrijven die minder 50.000 kWh aan elektra en 25.000 m3 aan aardgas verbruiken van de nieuwe subsidie gebruik kunnen maken.

Omvang subsidie
Bedrijven kunnen 80% van de advieskosten vergoed krijgen met een maximum van €2.500 per bedrijfspand. Voor het energieadvies geldt een minimum subsidiebedrag van €400 en een maximum subsidiebedrag van €750. Het minimum subsidiebedrag van €400 voor het advies betekent dat een energieadvies van minder dan €500 (exclusief BTW) niet in aanmerking komt voor subsidie (80% x €500 = €400).

Let op! Alleen de kosten voor het energieadvies en ondersteuning die gemaakt zijn vanaf 2 augustus 2021 komen in aanmerking voor subsidie. Dit betekent dat het advies zelf op of na 2 augustus 2021 moet zijn opgesteld door de energieadviseur.

Bewijs van uitvoering
Je krijgt alleen subsidie als je bewijst dat je één of meerdere maatregelen uit het energieadvies gaat uitvoeren of hebt uitgevoerd. Dit bewijs kan een getekende offerte, opdracht of betaalbewijs zijn. Uit de getekende offerte of opdracht moet blijken dat de maatregel binnen twee jaar na het opstellen van het advies wordt uitgevoerd.

Kosten van maatregelen
De kosten van de maatregelen zelf, zoals die voor bijvoorbeeld een warmtepomp, komen niet voor de subsidie in aanmerking. Wel kun je hiervoor een beroep doen op andere subsidies, zoals bijvoorbeeld de energie-investeringsaftrek.

Aanvragen
Je vraagt de subsidie digitaal aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (rvo.nl). Hiervoor heb je eHerkenning nodig op minimaal niveau 2+ met machtiging RVO-diensten op niveau eH2+.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-10T10:25:55+02:0010 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

  • Subsidiepot voor elektrische auto leeg

Subsidiepot voor elektrische auto leeg

Particulieren die een elektrische auto aanschaffen, kunnen hiervoor subsidie krijgen. Deze subsidie is voor dit jaar echter al op, zowel voor nieuwe als voor gebruikte elektrische personenauto’s. Dit meldt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (rvo.nl).

Subsidie
De subsidie is bedoeld om ook voor particulieren het rijden in een elektrische auto financieel aantrekkelijk te maken. Ondernemers en werknemers met een auto van de zaak profiteren namelijk via een lagere bijtelling.

Subsidiepotten leeg
De subsidiepotten voor zowel een gebruikte als een nieuwe elektrische auto zijn leeg. Voor een gebruikte auto kun je nog wel een verzoek indienen, maar dat wordt waarschijnlijk afgewezen. Alleen als bestaande aanvragen worden teruggetrokken, heb je in principe nog kans op subsidie.

Niet doorschuiven
Verzoeken voor subsidie worden niet doorgeschoven naar volgend jaar. Aanvragen is namelijk pas weer mogelijk vanaf 3 januari 2022.

Let op! Je kunt de subsidie voor 2022 aanvragen nadat je een koop- of leaseovereenkomst hebt gesloten. Deze moet zijn afgesloten in hetzelfde kalenderjaar waarin je de subsidie aanvraagt. De auto hoeft nog niet te zijn afgeleverd. Je logt voor de aanvraag in met DigiD.

Subsidie verlaagd
De subsidie voor een nieuwe elektrische auto wordt volgend jaar verlaagd van €4.000 naar €3.700. De subsidie voor een gebruikte elektrische auto blijft ook volgend jaar €2.000.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-10T09:52:13+02:0010 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidiepot voor elektrische auto leeg

  • Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

Elke ondernemer heeft helaas weleens te maken met afnemers die niet of slecht betalen. De financiële gevolgen van de Coronacrisis zal dat in bepaalde branches ook niet beter gemaakt hebben. Heb je te maken met niet of slecht betalende afnemers, zorg dan dat je wel op tijd de afgedragen BTW terugvraagt. Doe je dit te laat, dan loop je namelijk het risico dat de Belastingdienst de BTW niet meer aan je terugbetaalt.

Binnen 1 jaar na afloop van de betalingstermijn
Betaalt een afnemer niet of te laat? Dan moet je één jaar na het verstrijken van de betalingstermijn de BTW terugvragen. Is dit moment bijvoorbeeld op 15 september, dan vraag je de BTW terug in de aangifte van het derde kwartaal (als je per kwartaal BTW-aangifte doet) of van september (als je per maand BTW-aangifte doet).

Let op! Vraag je de BTW in een latere BTW-aangifte pas terug, dan mag de Belastingdienst de BTW-teruggaaf weigeren. Loop dit risico niet en vraag de BTW op tijd terug.

Betalingstermijn
Wanneer het moment van BTW terugvragen is, is afhankelijk van de betalingstermijn die je met de afnemer contractueel hebt afgesproken. Stuurde je bijvoorbeeld met dagtekening 3 september 2020 een factuur en is de afgesproken betalingstermijn 15 dagen, dan verstreek de betalingstermijn op 18 september 2020. Heeft de afnemer op 30 september 2021 nog steeds niet betaald? Dan vraagt je de BTW terug in de BTW-aangifte derde kwartaal of september 2021.

Let op! Heb je geen betalingstermijn afgesproken, dan geldt de wettelijke betalingstermijn van 30 dagen na ontvangst van de factuur. In bovenstaand voorbeeld verloopt het jaar dan op 2 oktober 2021. Doe je per maand BTW-aangifte, dan vraagt je de BTW terug als de afnemer op 31 oktober 2021 nog steeds niet betaald heeft. Doe je per kwartaal aangifte, dan ligt deze termijn op 31 december 2021.

Eerder BTW-terugvragen als definitief oninbaar
Is de factuur al eerder dan één jaar na het verstrijken van de betalingstermijn definitief oninbaar, dan moet je ook eerder de BTW terugvragen. Je kunt dan dus niet wachten tot het jaar verstreken is.

Tip! Over het algemeen zullen facturen niet binnen één jaar al definitief oninbaar zijn. Toch is het goed om bij het indienen van de BTW-aangifte altijd de debiteuren te beoordelen. Zijn er debiteuren die definitief oninbaar zijn, vraag dan de BTW terug. Ook als het jaar nog niet verstreken is. Doet u dit later, dan kan de Belastingdienst ook in dit geval de btw-teruggaaf weigeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-09T10:02:49+02:009 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

  • Bedrijfsfusie met terugwerkende kracht? Registreer voor 1 oktober

Bedrijfsfusie met terugwerkende kracht? Registreer voor 1 oktober

Bij een bedrijfsfusie draagt de BV de onderneming of een zelfstandig onderdeel daarvan over aan een ander lichaam. Dit andere lichaam reikt als vergoeding daarvoor aandelen uit aan de BV. Deze bedrijfsfusie kan onder voorwaarden zonder belastingheffing plaatsvinden. Dit kan met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2021 als je daartoe vóór 1 oktober 2021 de intentie registreert bij de Belastingdienst.

Fusie
Als een bedrijf wordt overgenomen of bijvoorbeeld twee bedrijven samengaan, is sprake van een fusie. Een van de manieren waarop zo’n fusie plaats kan vinden is door middel van een bedrijfsfusie. Bij een bedrijfsfusie draag je geen aandelen over, maar draagt de BV de onderneming of een zelfstandig onderdeel daarvan over. Als vergoeding daarvoor ontvangt de BV aandelen van de overnemer.

Tip! Een bedrijfsfusie is ook een instrument om een holdingstructuur te creëren.

Bedrijfsfusie fiscaal met of zonder afrekening
Bij een bedrijfsfusie is over het verschil tussen de waarde van de verkregen aandelen en de fiscale boekwaarde van de overgedragen onderneming vennootschapsbelasting verschuldigd. Onder voorwaarden is het echter mogelijk om dit fiscaal zonder afrekening te doen. Fiscaal geruisloos betekent grofweg dat de onderneming wordt voortgezet tegen dezelfde fiscale boekwaarden en dat er geen vennootschapsbelasting verschuldigd is.

Let op! Een fusie, maar ook het creëren van een holdingstructuur, is ook op andere wijze mogelijk, zoals door middel van een aandelenfusie. Of de bedrijfsfusie de meest aangewezen weg is voor jouw situatie, zal altijd eerst beoordeeld moeten worden aan de hand van de feitelijke situatie.

Terugwerkende kracht fiscaal geruisloze bedrijfsfusie
Is een fiscaal geruisloze bedrijfsfusie mogelijk, dan kan dit met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2021. Voor deze terugwerkende kracht moet je wel vóór 1 oktober 2021 de intentie registreren bij de Belastingdienst.

Tip! Registreer bij twijfel in ieder geval de intentie bij de Belastingdienst. Op die manier kun je fiscaal, onder voorwaarden, nog terug naar 1 januari 2021 als je besluit tot een fiscaal geruisloze bedrijfsfusie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-09T09:39:06+02:009 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bedrijfsfusie met terugwerkende kracht? Registreer voor 1 oktober

  • Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Stel nu dat een werknemer zelf zijn dienstverband opzegt, elders gaat werken en korte tijd later weer bij de werkgever terugkeert. Hoe moet dan de transitievergoeding worden berekend als dit laatste dienstverband ten einde komt? Moet worden uitgegaan van de gehele periode dat de werknemer in dienst was of moet alleen worden gekeken naar het moment dat de werknemer opnieuw in dienst is getreden?

Voor de berekening van de transitievergoeding worden één of meer voorafgaande arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen, die elkaar met tussenpozen van ten hoogste zes maanden hebben opgevolgd, samengeteld, zo is de algemene regel. Wat was in deze zaak het geval?

Spijtoptant
In een aan de kantonrechter Almere voorgelegde vraag had een werknemer van 1 oktober 2013 tot 1 juli 2019 als salesmanager bij zijn werkgever gewerkt. Per 1 juli 2019 heeft hij zijn dienstverband opgezegd om elders in dienst te treden. Uiteindelijk beviel dit toch niet en is hij op 14 oktober 2019 weer bij zijn voormalige werkgever in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als ordermanager.

Ontbonden
Uiteindelijk gaat dit niet goed en wordt de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter per 1 januari 2021 ontbonden. Bij de eindafrekening blijkt de werkgever de transitievergoeding berekend te hebben vanaf 14 oktober 2019 en niet vanaf 1 oktober 2013. De werknemer is het hier niet mee eens.

Initiatief einde arbeidsovereenkomst
Naar de mening van de werkgever is de transitievergoeding bedoeld voor situaties waarin de arbeidsovereenkomst is geëindigd op initiatief van de werkgever en daar was in deze situatie geen sprake van, gelet op de opzegging van de werknemer van de eerste arbeidsovereenkomst. De werkgever heeft tevens naar voren gebracht dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn als zij door het opnieuw in dienst nemen van de werknemer alsnog een transitievergoeding verschuldigd zou zijn, terwijl dat in eerste instantie niet het geval was.

Onaanvaardbaar
De rechter oordeelt dat alhoewel de wetsgeschiedenis hier geen duidelijkheid over geeft, het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om de werkgever te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding over het volledige dienstverband vanaf 1 oktober 2013, zonder daarbij rekening te houden met de opzegging van de werknemer per 1 juli 2019. Daarbij weegt ook mee dat de werknemer al een andere baan had aanvaard, voordat hij tot opzegging van zijn arbeidsovereenkomst bij de werkgever overging en hij dus welbewust deze keuze heeft gemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-06T11:00:35+02:006 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

  • Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Statistische gegevens kunnen worden gebruikt om aan te tonen dat het vaste forfaitaire percentage om het privégebruik auto vast te stellen, te hoog is. Dat heeft de Hoge Raad eerder geoordeeld. Een ondernemer die hiervan gebruik wilde maken, werd echter door de rechtbank teruggefloten.

Tip! Naast het gebruik van statistische gegevens kan ook het bijhouden van een rittenadministratie of gegevens op grond waarvan een redelijke schatting kan worden gemaakt over het privégebruik auto nuttig zijn om aan te tonen dat het forfait te hoog is.

Statistische gegevens
De ondernemer wilde de statistische gegevens gebruiken om het privégebruik auto van zijn salesmedewerkers te bepalen. De statistische gegevens die de ondernemer wilde gebruiken, betroffen rapporten. In die rapporten was het uitgangspunt dat al het woon-werkverkeer zakelijk was. De rechtbank oordeelde dat de ondernemer de gegevens niet mocht gebruiken omdat de salesmedewerkers behalve naar klanten af en toe ook naar de kantoorruimte en showroom van hun werkgever moesten. Die kilometers zijn voor de BTW niet zakelijk. Anders dan in de rapporten was in deze zaak dus niet al het woon-werkverkeer zakelijk.

Niet controleerbaar
Omdat de ondernemer verder geen of onvoldoende gegevens over het privégebruik ter beschikking had, kon de rechtbank uiteindelijk niet controleren of het forfait te hoog was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-03T10:02:23+02:003 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?