ondernemen

  • Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Stel nu dat een werknemer zelf zijn dienstverband opzegt, elders gaat werken en korte tijd later weer bij de werkgever terugkeert. Hoe moet dan de transitievergoeding worden berekend als dit laatste dienstverband ten einde komt? Moet worden uitgegaan van de gehele periode dat de werknemer in dienst was of moet alleen worden gekeken naar het moment dat de werknemer opnieuw in dienst is getreden?

Voor de berekening van de transitievergoeding worden één of meer voorafgaande arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen, die elkaar met tussenpozen van ten hoogste zes maanden hebben opgevolgd, samengeteld, zo is de algemene regel. Wat was in deze zaak het geval?

Spijtoptant
In een aan de kantonrechter Almere voorgelegde vraag had een werknemer van 1 oktober 2013 tot 1 juli 2019 als salesmanager bij zijn werkgever gewerkt. Per 1 juli 2019 heeft hij zijn dienstverband opgezegd om elders in dienst te treden. Uiteindelijk beviel dit toch niet en is hij op 14 oktober 2019 weer bij zijn voormalige werkgever in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als ordermanager.

Ontbonden
Uiteindelijk gaat dit niet goed en wordt de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter per 1 januari 2021 ontbonden. Bij de eindafrekening blijkt de werkgever de transitievergoeding berekend te hebben vanaf 14 oktober 2019 en niet vanaf 1 oktober 2013. De werknemer is het hier niet mee eens.

Initiatief einde arbeidsovereenkomst
Naar de mening van de werkgever is de transitievergoeding bedoeld voor situaties waarin de arbeidsovereenkomst is geëindigd op initiatief van de werkgever en daar was in deze situatie geen sprake van, gelet op de opzegging van de werknemer van de eerste arbeidsovereenkomst. De werkgever heeft tevens naar voren gebracht dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn als zij door het opnieuw in dienst nemen van de werknemer alsnog een transitievergoeding verschuldigd zou zijn, terwijl dat in eerste instantie niet het geval was.

Onaanvaardbaar
De rechter oordeelt dat alhoewel de wetsgeschiedenis hier geen duidelijkheid over geeft, het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om de werkgever te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding over het volledige dienstverband vanaf 1 oktober 2013, zonder daarbij rekening te houden met de opzegging van de werknemer per 1 juli 2019. Daarbij weegt ook mee dat de werknemer al een andere baan had aanvaard, voordat hij tot opzegging van zijn arbeidsovereenkomst bij de werkgever overging en hij dus welbewust deze keuze heeft gemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-06T11:00:35+02:006 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

  • Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Statistische gegevens kunnen worden gebruikt om aan te tonen dat het vaste forfaitaire percentage om het privégebruik auto vast te stellen, te hoog is. Dat heeft de Hoge Raad eerder geoordeeld. Een ondernemer die hiervan gebruik wilde maken, werd echter door de rechtbank teruggefloten.

Tip! Naast het gebruik van statistische gegevens kan ook het bijhouden van een rittenadministratie of gegevens op grond waarvan een redelijke schatting kan worden gemaakt over het privégebruik auto nuttig zijn om aan te tonen dat het forfait te hoog is.

Statistische gegevens
De ondernemer wilde de statistische gegevens gebruiken om het privégebruik auto van zijn salesmedewerkers te bepalen. De statistische gegevens die de ondernemer wilde gebruiken, betroffen rapporten. In die rapporten was het uitgangspunt dat al het woon-werkverkeer zakelijk was. De rechtbank oordeelde dat de ondernemer de gegevens niet mocht gebruiken omdat de salesmedewerkers behalve naar klanten af en toe ook naar de kantoorruimte en showroom van hun werkgever moesten. Die kilometers zijn voor de BTW niet zakelijk. Anders dan in de rapporten was in deze zaak dus niet al het woon-werkverkeer zakelijk.

Niet controleerbaar
Omdat de ondernemer verder geen of onvoldoende gegevens over het privégebruik ter beschikking had, kon de rechtbank uiteindelijk niet controleren of het forfait te hoog was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-03T10:02:23+02:003 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

  • Het kiezen van een incassobureau, waar let je op?

Het kiezen van een incassobureau, waar let je op?

Openstaande facturen zijn voor veel ondernemers een grote bron van ergernis. Als de klant blijft weigeren om de factuur te voldoen, kan het inschakelen van een incassobureau uitkomst bieden. Waar moet je op letten?

Incassobureaus werken vaak op basis van no cure no pay. Dit kan in de praktijk wel anders uitpakken, zodat het verstandig is om vooraf te controleren of de incasso daadwerkelijk op basis van no cure no pay is. Zeker als er op basis van een uurtarief wordt gewerkt, is het verstandig om vooraf een schriftelijke (maximale) prijsopgave te vragen.

Het komt voor dat er achteraf, bijvoorbeeld op basis van de algemene voorwaarden, verborgen kosten in rekening worden gebracht. Hiermee rekening houden door vooraf een schriftelijke prijsopgave te vragen en door te vragen naar de maximaal in rekening te brengen kosten, kan teleurstelling achteraf voorkomen.

Tip! Vraag bij de opgave van de (maximale) prijs het liefst naar praktijkvoorbeelden. Wat zijn de kosten als de klant de factuur betwist of als hij maar een deel van de vordering of niet de volledige incassokosten betaalt? Maak ook altijd afspraken over de situatie waarin je de opdracht uiteindelijk intrekt. Vaak wordt er in dat geval een boete in rekening gebracht die kan variëren van enkele tientallen euro’s tot een percentage van de hoofdsom.

Incasso op basis van no cure no pay
In de incassowereld is het werken op basis van no cure no pay meestal het uitgangspunt. Dit betekent dat je alleen iets hoeft te betalen als de vordering wordt voldaan. In dat geval betaal je meestal een percentage van de hoofdsom aan het incassobureau. Deze kosten vallen echter niet altijd weg tegen de incassokosten die uiteindelijk door het incassobureau in rekening worden gebracht, terwijl het ook mogelijk is dat de debiteur wel de hoofdsom maar niet de incassokosten voldoet.

Incasso op basis van uurtarief
Vooral bij betwisting van de vordering worden de incassowerkzaamheden vaak op basis van een uurtarief verricht. Deze uurtarieven kunnen in de praktijk behoorlijk uiteenlopen en soms zelfs meer dan €200 per uur bedragen. De kosten lopen zeker op als er moet worden geprocedeerd. In dat geval moet er bijvoorbeeld een dagvaarding en eventuele andere processtukken worden opgesteld. Daarbovenop komen de kosten van een eventuele mondelinge behandeling, de deurwaarderskosten en de griffierechten. Bij vorderingen boven de €25.000 is de inschakeling van een advocaat noodzakelijk en lopen de kosten nog verder op. Vraag daarom altijd vooraf een schriftelijke opgave van deze bijkomende kosten.

Tip! Controleer daarnaast ook altijd de algemene voorwaarden van het incassobureau. Als hierin bepalingen zijn opgenomen die afwijken van de afspraken met het incassobureau, bevestig dan altijd schriftelijk dat er wordt afgeweken van de algemene voorwaarden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-02T16:47:46+02:002 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Het kiezen van een incassobureau, waar let je op?
  • Coronasteun beëindigd, wel enkele uitzonderingen

Coronasteun beëindigd, wel enkele uitzonderingen

De financiële tegemoetkomingen voor bedrijven die getroffen worden door de Coronacrisis, worden definitief per 1 oktober aanstaande beëindigd. Wel zullen er enkele uitzonderingen blijven. Zo blijven de kredietregelingen tot einde van het jaar in stand, net zoals de onbelaste reiskostenvergoeding.

NOW, TVL, TOZO en TONK
De inkomensondersteuning via NOW, TVL, TOZO en TONK wordt beëindigd. Wel kunnen zelfstandige ondernemers een beroep blijven doen op de bijstand via de BBZ, die tot 1 januari 2022 net als de TOZO geen vermogenstoets zal kennen.

Uitzondering nachtclubs en disco’s
Omdat nachtclubs en disco’s ook na 1 oktober waarschijnlijk nog gesloten moeten blijven, wordt er gewerkt aan een specifieke steunmaatregel voor deze sector. Ook voor de evenementensector wordt gewerkt aan een aanvullende tegemoetkoming.

Kredietregelingen
De kredietregelingen vanwege Corona, zoals de KKC en de BMKB-C, blijven tot het einde van dit jaar van kracht. Ook het Garantiefonds Evenementen, ter dekking van de kosten van afgelaste evenementen, blijft tot 1 januari 2022 bestaan. Daarnaast blijft de leningsfaciliteit voor garantiefondsen in de reisbranche nog het gehele jaar gelden.

Fiscale regelingen
Daarnaast wordt de onbelaste reiskostenvergoeding voortgezet tot 1 januari 2022, evenals de maatregel inzake de hypotheekpauze.

Sociaal pakket
Er wordt ook extra geld vrijgemaakt voor een sociaal pakket, bestaande uit intensieve begeleiding, loopbaanadvies en scholing via praktijkleren in het MBO. Dit is bedoeld voor mensen met een uitkering, voor mensen voor wie ontslag dreigt vanwege faillissement van de organisatie of voor zelfstandige ondernemers met een TOZO-uitkering op zoek naar werk.

Werktijdverkorting
Vanaf 1 oktober wordt werktijdverkorting opnieuw mogelijk. De herintroductie van werktijdverkorting is niet bestemd voor Coronagerelateerde omstandigheden en heeft alleen betrekking op kortdurende, buitengewone omstandigheden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-31T10:50:15+02:0031 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Coronasteun beëindigd, wel enkele uitzonderingen

  • Vraag op tijd buitenlandse BTW terug

Vraag op tijd buitenlandse BTW terug

Als je in 2020 in een ander EU-land buitenlandse BTW op kosten betaalde, heb je nog maar even om deze BTW terug te vragen. De deadline ligt namelijk op 30 september 2021. De Belastingdienst waarschuwt om tijdig actie te ondernemen, omdat in voorgaande jaren de laatste dagen de systemen overbelast raakte.

Buitenlandse BTW
Je kunt buitenlandse BTW terugvragen via de Nederlandse Belastingdienst als:

  • je kosten in een ander EU-land maakte met buitenlandse BTW, én
  • de onderneming in Nederland is gevestigd, én
  • je de kosten maakte ten behoeve van met BTW-belaste activiteiten.

Let op! Ben je in het andere EU-land geregistreerd voor de BTW, dan vraag je de buitenlandse BTW niet terug via de Nederlandse Belastingdienst. Het terugvragen loopt dan gewoon via de normale BTW-aangifte in dat andere EU-land.

Terugvragen digitaal
Het terugvragen gaat digitaal via de website van de Nederlandse Belastingdienst. Heb je nog geen inloggegevens? Vraag deze dan zo snel mogelijk aan. Hier kan namelijk enige tijd overheen gaan.

Tip! Vraag zo snel mogelijk de BTW terug. Als de aanvraag na 30 september 2021 bij de Belastingdienst binnenkomt, neemt de Belastingdienst de aanvraag niet in behandeling. De Belastingdienst waarschuwt op haar website dat in voorgaande jaren de laatste dag(en) de website overbelast raakte, waardoor aanvragen te laat binnenkwamen. Zorg dat dit jou niet overkomt.

Buitenlandse BTW 2021
Betaal je veel buitenlandse BTW? Dan kun je mogelijk nu ook al een deel van deze BTW over het jaar 2021 terugvragen. Dit kan per kwartaal als de buitenlandse BTW hoger is dan een drempelbedrag. Dit drempelbedrag kan per EU-land verschillen, maar bedraagt over het algemeen €400 per kwartaal.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-31T09:29:58+02:0031 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vraag op tijd buitenlandse BTW terug

  • Aanvraag SLIM-subsidie weer mogelijk per 1 september

Aanvraag SLIM-subsidie weer mogelijk per 1 september

De SLIM-subsidie is een stimuleringsregeling voor leren en ontwikkelen in MKB-bedrijven. In maart van dit jaar kon je deze subsidie al aanvragen. In september is hiervoor een tweede mogelijkheid.

Subsidie voor welke activiteiten?
De SLIM-subsidieregeling geeft subsidie voor de volgende activiteiten:

  1. het doorlichten van de onderneming waaruit een ontwikkelingsplan voortvloeit. Het ontwikkelingsplan moet de scholingsbehoefte van de onderneming inzichtelijk maken;
  2. het verkrijgen van loopbaan- of ontwikkeladviezen voor werkenden in de onderneming;
  3. de ondersteuning van en begeleiding bij het ontwikkelen of invoeren van een methode die de in de onderneming werkzame personen stimuleert hun kennis, vaardigheden en beroepshouding verder te ontwikkelen tijdens het werk;
  4. het gedurende enige tijd aanbieden van praktijkleerplaatsen ten behoeve van een beroepsopleiding of een deel daarvan in de derde leerweg bij een erkend leerbedrijf.

Let op! De regeling staat open voor drie doelgroepen: individuele MKB-ondernemingen, samenwerkingsverbanden in het MKB en grootbedrijven. De aanvraagperiode in september is alleen voor individuele MKB-ondernemingen. Voor de andere twee doelgroepen kan in 2021 geen aanvraag meer gedaan worden.

MKB-onderneming
De aanvraagperiode in september geldt alleen voor MKB-ondernemingen. Je bent MKB-ondernemer als een kleine of middelgrote onderneming heeft:

  • er is sprake van een kleine onderneming als in de onderneming minder dan 50 personen werkzaam zijn en in 2020 de jaaromzet of het balanstotaal niet hoger was dan €10 miljoen;
  • er is sprake van een middelgrote onderneming als je geen kleine onderneming bent en in de onderneming minder dan 250 personen werkzaam zijn en in 2020 de jaaromzet niet hoger dan €50 miljoen was of het balanstotaal niet hoger dan €43 miljoen.

Hoogte SLIM-subsidie
De subsidie bedraagt maximaal €25.000. Voor landbouwbedrijven bedraagt de maximale subsidie €20.000. Voorwaarde voor de subsidie is verder dat de kosten die voor subsidie in aanmerking komen minimaal €5.000 bedragen.

Tip! Deze minimale kosten gelden niet als je de subsidie aanvraagt voor een praktijkleerplaats. De subsidie voor een praktijkleerplaats bedraagt €2.700 per praktijkleerplaats.

Voor kleine ondernemingen is de subsidie voor maximaal 80% van de kosten mogelijk. Voor middelgrote ondernemingen is de subsidie gemaximeerd op 60% van de kosten. Je draagt dus altijd zelf minimaal 20% van de kosten als het een kleine onderneming betreft of 40% van de kosten als het een middelgrote onderneming betreft.

Aanvraagperiode
De tweede aanvraagperiode loopt van 1 september 2021 9.00 uur tot en met 30 september 2021 17.00 uur. Aanvragen moet elektronisch. Je moet je daarvoor wel eerst registreren als aanvrager.

Let op! Er is maximaal €15,3 miljoen subsidie beschikbaar voor deze aanvraagperiode. Als er voor een hoger bedrag subsidie wordt aangevraagd, zal ná 30 september 2021 door loting de behandelvolgorde van de aanvragen bepaald worden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-30T12:09:14+02:0030 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvraag SLIM-subsidie weer mogelijk per 1 september

  • TVL derde kwartaal vanaf 31 augustus aan te vragen

TVL derde kwartaal vanaf 31 augustus aan te vragen

Ondernemers met minstens 30% omzetverlies kunnen voor het derde kwartaal van dit jaar vanaf 31 augustus TVL aanvragen. Aanvragen moet digitaal bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Aanvraagperiode
De aanvraagperiode loopt van 31 augustus 2021 8.00 uur tot 26 oktober 2021 17.00 uur. Als de aanvraag wordt goedgekeurd, ontvang je eerst een voorschot van 80%. Pas als na afloop van de periode in 2022 het omzetverlies definitief wordt vastgesteld, ontvang je het restant.

Referentieperiodes
Je kunt het omzetverlies naar keuze bepalen aan de hand van twee referentieperiodes. Standaard zijn dit het derde kwartaal van 2019 of het derde kwartaal van 2020. Alleen voor bedrijven die pas na 1 juli 2019 zijn gestart gelden andere referentieperiodes.

TVL afhankelijk van omzetverlies
Hoeveel TVL je ontvangt, is afhankelijk van het omzetverlies. Bij 100% omzetverlies is ook de TVL maximaal, namelijk 100%. Daarbij worden niet de werkelijke vaste lasten vergoed, maar de vaste lasten op basis van branchegegevens. De TVL kan dus meer of minder zijn dan het werkelijke bedrag van de vaste lasten.

Minimum en maximum TVL
Het minimum subsidiebedrag per kwartaal is €1.500. Het maximum subsidiebedrag per kwartaal is €550.000 voor MKB-bedrijven en €600.000 voor grote ondernemingen.

Extra opslag land- en tuinbouw
Land- en tuinbouwbedrijven ontvangen een extra opslag voor de speciale kosten om planten en dieren in leven te houden. Deze opslag van 21% komt bovenop de TVL met een maximum van €225.000 voor de hele Coronaperiode.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-27T09:27:21+02:0027 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

TVL derde kwartaal vanaf 31 augustus aan te vragen

  • Drankje bij toegangsticket, hoog of laag BTW-tarief?

Drankje bij toegangsticket, hoog of laag BTW-tarief?

Als je verschillende prestaties aanbiedt, kunnen die voor de BTW onder omstandigheden toch als één prestatie worden aangemerkt. Onder andere wanneer er sprake is van een ‘bijkomende prestatie’. Maar wanneer is hiervan sprake?

Toegang tot theater plus drankje
Eerder legde een ondernemer bovenstaande vraag voor aan de rechter. De ondernemer exploiteerde een schouwburg annex theater. Er werd één toegangsprijs gehanteerd, waarin naast het verlenen van toegang een vergoeding was begrepen voor gebruik van de garderobe, een drankje in de pauze en administratiekosten.

Alcoholisch drankje met 9% BTW?
Desgewenst kon het pauzedrankje ook een alcoholisch drankje zijn. De ondernemer was van mening dat ook dan slechts het lage BTW-tarief van 9% in plaats van het BTW-tarief van 21% van toepassing was, ervan uitgaande dat het drankje een bijkomende prestatie was.

Wanneer splitsing in verschillende BTW-tarieven niet nodig?
De rechter stelde dat splitsing van de prestatie in meerdere BTW-tarieven niet nodig is als een splitsing als kunstmatig moet worden aangemerkt. Daarvan was hier geen sprake. Splitsing is ook niet nodig als er sprake is van een bijkomende prestatie. Het tarief van een dergelijke prestatie volgt namelijk het tarief van de hoofdprestatie.

Drankje bijkomende prestatie?
De rechter was van mening dat in dit geval het drankje niet als bijkomende prestatie van de hoofdprestatie, het verlenen van toegang tot de schouwburg, kan worden gezien. Het drankje was volgens de rechter namelijk geen middel om optimaal gebruik te kunnen maken van de hoofdprestatie, het bijwonen van een voorstelling.

Verschillende belangen
Volgens de rechter moet ook worden meegewogen dat het drankje voor iedere bezoeker een verschillend belang kent. Daarnaast wijst ook het feit dat een aparte vergoeding moet worden betaald en dat men vrij is de prestatie al dan niet af te nemen er op dat er geen sprake is van een bijkomende prestatie. Het drankje is voor de gemiddelde bezoeker juist een afzonderlijk belang, aldus de rechter en dus werd de inspecteur in het gelijk gesteld.

Vergelijking met obstacle run?
De ondernemer wees nog op de andersluidende uitspraak uit 2017 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake een zogenaamde obstacle run. In die zaak werd aan het eind van deze sportieve strijd aan de deelnemers eveneens een alcoholisch drankje verstrekt en een t-shirt. De rechter ging hier aan voorbij met de opmerking dat de feitelijke situatie hier anders was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-06T13:39:29+02:006 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Drankje bij toegangsticket, hoog of laag BTW-tarief?

  • Vaststelling TVL eerste kwartaal 2021 van start

Vaststelling TVL eerste kwartaal 2021 van start

In de eerste week van augustus start de vaststelling van de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) voor het eerste kwartaal van 2021. Ondernemers krijgen van de RVO een e-mail om een vaststellingsverzoek in te dienen met de werkelijke omzetcijfers.

TVL eerste kwartaal 2021
De TVL is een tegemoetkoming in de vaste lasten voor ondernemers die vanwege Corona met een omzetverlies van minstens 30% te maken hebben. Van de vaste lasten wordt in het eerste kwartaal 2021, afhankelijk van het omzetverlies, 85% gecompenseerd. Bij bijvoorbeeld 50% omzetverlies, wordt dus 50% x 85% van de vaste lasten gecompenseerd.

Let op! De vaste lasten worden berekend op basis van branchecijfers en niet op basis van de werkelijke vaste lasten.

Voorschot
De TVL wordt in eerste instantie uitgekeerd op basis van een voorschot van 80% van het geschatte omzetverlies. Pas als het definitieve omzetverlies bekend is, kan de werkelijke hoogte van de TVL worden bepaald. Daarom moeten ondernemers het werkelijke omzetverlies vóór 1 oktober van dit jaar doorgeven.

Deadline vaststelling TVL vierde kwartaal 2020 opgeschort
De deadline voor de vaststelling van de TVL over het vierde kwartaal van 2020 is opgeschort en verschoven naar 1 september 2021. Oorspronkelijk moest de werkelijke omzet over het vierde kwartaal van 2020 vóór 1 juli van dit jaar worden doorgegeven, maar dit wordt nu dus vóór 1 september zodat ondernemers hiervoor twee maanden extra de tijd hebben.

Betalingsregeling
Als ondernemers het omzetverlies te hoog hebben ingeschat, moet mogelijk te veel ontvangen TVL worden terugbetaald. Wanneer dit moeilijkheden oplevert, kan hiervoor met de RVO een betalingsregeling worden afgesproken. Deze is renteloos.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-02T12:09:44+02:002 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vaststelling TVL eerste kwartaal 2021 van start

  • Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

De Belastingdienst is niet langer van mening dat het gebruikelijk loon van de DGA van een BV onder alle omstandigheden minstens gelijk moet zijn aan het minimumloon.

Hoogte gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon dient volgens de wet te worden vastgesteld op 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij de BV, indien een van deze bedragen meer is dan €47.000. Is het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager dan €47.000, dan wordt het gebruikelijk loon vastgesteld op dit bedrag.

Minimumloon
Tot nu toe vond de Belastingdienst dat in bijzondere situaties een lager gebruikelijk loon kan worden vastgesteld dan volgens bovenstaande regeling. Bijvoorbeeld voor DGA’s van een startende BV of in bepaalde gevallen als een BV verliesgevend is. Wel moest dan ten minste het minimumloon als gebruikelijk loon worden uitgekeerd. Dit standpunt heeft de fiscus nu verlaten.

Opvatting rechter gevolgd
Met dit nieuwe standpunt volgt de Belastingdienst de opvatting van de rechter. In een recente uitspraak van de rechtbank in Arnhem besliste deze dat onder omstandigheden ook een lager gebruikelijk loon dan het minimumloon mogelijk is. In deze zaak was er sprake van een zeer geringe omzet en werd er verlies geleden als werd uitgegaan van het wettelijk in aanmerking te nemen gebruikelijk loon.

Overleg mogelijk
De Belastingdienst geeft in het Handboek Loonheffingen aan dat een lager gebruikelijk loon dan het minimumloon onder omstandigheden bijvoorbeeld mogelijk is wanneer een BV structureel verlies lijdt en bij startende BV’s. Aangegeven wordt dat bij twijfel contact kan worden opgenomen met de Belastingdienst.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-28T09:36:02+02:0028 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk