omstandigheden

  • Nieuwsbrief februari 2023

Nieuwsbrief februari 2023

Let op!
Wij willen voldoen aan de wens om actueel te zijn. Het overzicht in deze MKB-Nieuwsbrief is geschreven met de kennis tot en met maandag 13 februari 2023, 20:00 uur.


1. Rentevergoeding over te veel betaalde box 3-heffing

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft geoordeeld dat de Belastingdienst een passende rentevergoeding moet geven aan een belastingplichtige die te veel box 3-heffing betaalde over de jaren vanaf 2017.

Kerstarrest box 3
De Hoge Raad oordeelde op 24 december 2021 (hierna het Kerstarrest) dat de wijze van belastingheffing in box 3 in strijd is met het Eerste Protocol bij het EVRM. Om die reden werd in dat geval geoordeeld dat het box 3-inkomen moest worden verlaagd en moest worden uitgegaan van het werkelijke lagere inkomen.

Voor degenen die tijdig bezwaar maakten tegen de box 3-heffing en voor degenen van wie de aanslagen op 24 december 2021 nog niet onherroepelijk vaststonden, is op basis van de massaalbezwaarprocedure rechtsherstel verleend voor de jaren 2017 tot en met 2021. Dit proces is inmiddels in gang gezet.

Rentevergoeding
In de door het gerechtshof besliste zaak was de vraag of ook recht op rentevergoeding bestaat als de Belastingdienst naar aanleiding van het Kerstarrest de box 3-heffing vermindert. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft deze vraag positief beantwoord.

In deze zaak werd de grondslag box 3 verminderd tot nihil. De belastingplichtige stelde zich op het standpunt dat zij ook recht had op een rentevergoeding over de periode dat de Belastingdienst over de te veel betaalde box 3-heffing heeft beschikt. Hoewel volgens de Nederlandse wetgeving geen recht bestaat op een rentevergoeding, is dat volgens het gerechtshof wel het geval op basis van het Europese recht: indien sprake is van schending van het EVRM, wordt door het EHRM (Europese Hof voor de rechten van de mens) een rentevergoeding toegekend. Voor de berekening van die rentevergoeding moet dan worden aangesloten bij de Nederlandse wetgeving, aldus het gerechtshof. Daarom had de belastingplichtige wel recht op een rentevergoeding.

Berekening rente
Het gerechtshof sluit voor de berekening (en de hoogte van het rentepercentage) in dit geval aan bij de belastingrenteregeling. Volgens het gerechtshof volgt uit de rechtspraak van het Hof van Justitie dat rente moet worden vergoed vanaf de dag na betaling van de onverschuldigde box 3-heffing tot en met de dag voorafgaand aan terugbetaling.

Verzoek om rente
Krijg of kreeg je rechtsherstel box 3 voor de jaren vanaf 2017 en is de verschuldigde belasting daarom verminderd? Verzoek de Belastingdienst dan om een rentevergoeding. Wij kunnen je hierbij van dienst zijn. De verwachting dat de staatssecretaris beroep in cassatie instelt om het oordeel van de Hoge Raad te vernemen, wordt inmiddels door diverse bronnen bevestigd. Of je daadwerkelijk recht hebt op rentevergoeding, is op dit moment daarom nog afwachten.

Let op!
Het is nog niet duidelijk of voor aanslagen die al onherroepelijk vaststaan, in een verzoek om ambtshalve vermindering alsnog om rente verzocht kan worden. Ook is niet duidelijk of voor onherroepelijk vaststaande aanslagen over het jaar 2017 nog om rente verzocht kan worden. Voor die aanslagen is het inmiddels, vanwege het verstrijken van de vijfjaarstermijn, in ieder geval niet meer mogelijk om een verzoek om ambtshalve vermindering te doen.


2. Meldplicht buitenlandse zelfstandigen en detachering buitenlandse werknemers

Buitenlandse werkgevers die tijdelijk werknemers in Nederland laten werken, moeten dit melden. Dit geldt ook voor buitenlandse zelfstandigen die tijdelijk in Nederland werken. Nederlandse opdrachtgevers zijn verplicht om te controleren of er gemeld is en of de melding juist is.

EU, EER of Zwitserland
De meldingsplicht geldt voor buitenlandse werkgevers of zelfstandigen uit de EU, EER of Zwitserland. Als zij tijdelijk een dienst of opdracht uitvoeren in Nederland moeten zij dit melden via het Nederlandse online meldloket.

Let op!
De dienstontvanger of opdrachtgever moet controleren of de dienstverrichter of zelfstandige aan zijn meldplicht heeft voldaan en of de melding juist is.

Dienstverrichter
De dienstverrichter voor wie de meldplicht geldt, is een buitenlandse werkgever uit de EU, EER of Zwitserland die tijdelijk:

  • in Nederland met eigen werknemers een dienst of opdracht komt uitvoeren, of
  • vanuit een multinationale onderneming werknemers detacheert naar een vestiging van hetzelfde bedrijf of concern in Nederland, of
  • als buitenlandse uitzendondernemer uitzendkrachten ter beschikking stelt voor werkzaamheden in Nederland.

Zelfstandige
Voor zelfstandigen geldt de meldplicht alleen als zij werkzaam zijn in een aantal aangewezen sectoren in onder meer de bouw, schoonmaak, voedingsindustrie, metaal, zorg, glazenwasserij en land- en tuinbouw. Meer informatie hierover vindt je op de website postedworkers.nl op de pagina zelfstandigen.

Tip!
De transportsector kent enkele uitzonderingen op de meldingsregels.

Melden
De melding moet plaatsvinden vóór de start van de werkzaamheden in Nederland. De gegevens die nodig zijn voor de melding zijn opgenomen in de checklist buitenlandse werkgevers en de checklist buitenlandse zelfstandigen.

Tip!
Soms geldt een beperkte meldingsplicht en hoeft maar één keer per jaar een melding plaats te vinden (jaarmelding).

Tip!
Voor bepaalde incidentele werkzaamheden hoeft niet gemeld te worden. Voorbeelden zijn zakelijke besprekingen, dringend onderhoud en reparaties of het bijwonen van congressen. Deze uitzondering geldt niet voor zelfstandigen of bij detachering van een werknemer met een nationaliteit van een land buiten de EU, EER of Zwitserland.

Toezicht en boete
De Nederlandse arbeidsinspectie controleert of voldaan wordt aan de meld- en controleplicht. Als blijkt dat niet voldaan is aan de meldingsplicht, kan zowel de dienstverrichter/zelfstandige als de dienstontvanger/opdrachtgever een boete krijgen.

Tip!
Ben je meldings- of controleplichtige of twijfel je hierover? Neem dan contact op met een van onze adviseurs voor meer informatie.


3. Duidelijkheid over loonbelastingtabel voor vluchteling uit Oekraïne

Als je een vluchteling uit de Oekraïne in dienst wilt nemen, moet je ook weten welke loonbelastingtabel je moet toepassen. Hiervoor moet je weten wat de fiscale woonplaats is. Wat te doen als hierover onzekerheid bestaat? De Belastingdienst heeft hier nu duidelijkheid over gegeven.

Wat is de fiscale woonplaats?
Als iemand een verblijfplaats in Nederland heeft, betekent dit nog niet dat Nederland zijn fiscale woonplaats is. Daarvoor is bepalend of de werknemer een duurzame, persoonlijke band met Nederland heeft. Hij is alleen inwoner van Nederland als zijn sociale en economische leven zich hier afspeelt.

Feiten en omstandigheden
Waar een werknemer woont, bepaal je op basis van alle feiten en omstandigheden die bij jou bekend zijn. Denk bijvoorbeeld aan de woonplaats die hij jou aanlevert en de reiskostenvergoedingen die je hem betaalt. Woont het gezin van de werknemer bijvoorbeeld in het buitenland, gaan zijn kinderen daar naar school en houdt hij daar bankrekeningen aan, dan kan je aannemen dat hij geen inwoner van Nederland is.

Vluchteling uit Oekraïne
Voor een vluchteling uit de Oekraïne kan het zijn dat de fiscale woonplaats op basis van de feiten en omstandigheden Oekraïne blijkt te zijn. Dan pas je de tabel toe voor een inwoner van een derde land. Ook kan het zijn dat uit de feiten en omstandigheden blijkt dat Nederland de fiscale woonplaats is. Dan pas je de tabel toe voor een inwoner van Nederland.

Wat nu als de woonplaats niet is vast te stellen?
Kan je de woonplaats niet vaststellen, verblijft de werknemer al ten minste zes maanden in Nederland en beschik je over zijn volledige verblijfsadres in Nederland, dan mag je er voor de loonheffingen van uitgaan dat het verblijfsadres de fiscale woonplaats is. Je past dan de loonbelastingtabel toe voor een inwoner van Nederland. In alle andere gevallen pas je het anoniementarief toe.

Let op!
Als je de tabel voor een inwoner van een derde land moet toepassen, heeft de werknemer geen recht op het belastingdeel van de loonheffingskorting. Om die reden is het voor de werknemer financieel aantrekkelijk als je gebruik kan maken van de aanname dat na zes maanden de fiscale woonplaats Nederland is. Je kan dan de tabel voor een inwoner van Nederland toepassen, zodat de werknemer ook recht heeft op het belastingdeel van de loonheffingskorting.


4. Aanvragen ISDE-subsidie gestart

Ook dit jaar kunnen woningeigenaren en zakelijke gebruikers de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) aanvragen. De aanvraagperiode is inmiddels gestart. Aanvragen moet digitaal via de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO), voor bedrijven is eHerkenning verplicht.

ISDE-regeling
De Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing voor woningeigenaren (ISDE) is een subsidie voor eigenaren van een koopwoning die als hun hoofdverblijf dient. Via de ISDE kan subsidie verkregen worden voor onder meer isolatiemaatregelen, (hybride) warmtepompen, zonneboilers en aansluitingen op een warmtenet. Zakelijke gebruikers kunnen subsidie krijgen voor een (hybride) warmtepomp, zonneboiler, zonnepanelen en kleinschalige windturbines.

Let op!
Voorkom dat de ISDE-subsidie niet wordt toegekend en beoordeel daarom altijd of je wel aan alle voorwaarden voldoet. Zo kan een woningeigenaar de subsidie pas aanvragen als de energiebesparende maatregel is geïnstalleerd, terwijl de zakelijke gebruiker eerst de subsidie moet aanvragen en daarna pas de koopovereenkomst kan sluiten. Meer informatie over de ISDE-subsidie en de voorwaarden vindt je op de website van RVO.

Meer budget beschikbaar
Er is dit jaar, 2023, meer budget beschikbaar. Vorig jaar was dit €325 miljoen, dit jaar €350 miljoen. De ISDE-regeling loopt tot 2030.

Verruiming regeling
Er zijn dit jaar enkele wijzigingen in de subsidieregeling ten opzichte van vorig jaar. Zo kunnen woningeigenaren vanaf dit jaar ook voor één isolerende maatregel subsidie aanvragen. Vorig jaar moesten dit er minstens twee zijn. Ook is de termijn voor de aanvraag verlengd naar 24 maanden.

Let op!
De ISDE-subsidie voor kleinschalige turbines en zonnepanelen is alleen nog in 2023 beschikbaar.


5. Afrekening werkkostenregeling 2022 in maart 2023

In 2022 bedroeg de vrije ruimte in de werkkostenregeling, de WKR, 1,7% over de eerste €400.000 van de totale fiscale loonsom van jouw werknemers en 1,18% over het meerdere. Was het bedrag aan vergoedingen, verstrekkingen en/of terbeschikkingstellingen die je ten laste van de vrije ruimte bracht meer dan de vrije ruimte? Dan ben je over het meerdere 80% eindheffing (belasting) verschuldigd. Deze eindheffing moet je uiterlijk in jouw tweede aangifte loonheffingen 2023 aangeven en betalen. Doe je per maand aangifte, dan moet je dit dus bij jouw aangifte februari 2023 doen. Deze aangifte moet je uiterlijk 31 maart 2023 indienen en betalen.


6. Schenking gehad in 2022? Doe voor 1 maart aangifte schenkbelasting 2022

Kreeg je in 2022 een of meerdere schenkingen? Vergeet dan niet aangifte schenkbelasting 2022 te doen. Je moet dit doen als je in 2022 een of meer schenkingen van jouw ouder(s) kreeg met een totale waarde hoger dan €5.677. Je moet dit ook doen als je in 2022 een of meer schenkingen van dezelfde schenker (niet jouw ouders) kreeg met een totale waarde hoger dan €2.274. Ook bij toepassing van een eenmalig verhoogde vrijstelling (bijvoorbeeld voor de eigen woning) moet je aangifte schenkbelasting doen. De aangifte schenkbelasting 2022 moet voor 1 maart 2023 door de Belastingdienst ontvangen zijn. Lukt het niet om op tijd aangifte schenkbelasting 2022 te doen, dan kan je uitstel aanvragen. Je krijgt dan vijf maanden uitstel.

Door |2024-05-31T09:27:55+02:0013 februari 2023|Nieuwsbrief|Reacties uitgeschakeld voor Nieuwsbrief februari 2023
  • Duidelijkheid over loonbelastingtabel voor vluchteling uit Oekraïne

Duidelijkheid over loonbelastingtabel voor vluchteling uit Oekraïne

Als je een vluchteling uit de Oekraïne in dienst wilt nemen, moet je ook weten welke loonbelastingtabel je moet toepassen. Hiervoor moet je weten wat de fiscale woonplaats is. Wat te doen als hierover onzekerheid bestaat? De Belastingdienst heeft hier nu duidelijkheid over gegeven.

Wat is de fiscale woonplaats?
Als iemand een verblijfplaats in Nederland heeft, betekent dit nog niet dat Nederland zijn fiscale woonplaats is. Daarvoor is bepalend of de werknemer een duurzame persoonlijke band met Nederland heeft. Hij is alleen inwoner van Nederland als zijn sociale en economische leven zich hier afspeelt.

Feiten en omstandigheden
Waar een werknemer woont, bepaal je op basis van alle feiten en omstandigheden die bij jou bekend zijn. Denk bijvoorbeeld aan de woonplaats die hij jou aanlevert en de reiskostenvergoedingen die je hem betaalt. Woont het gezin van de werknemer bijvoorbeeld in het buitenland, gaan zijn kinderen daar naar school en houdt hij daar bankrekeningen aan, dan kun je aannemen dat hij geen inwoner van Nederland is.

Vluchteling uit Oekraïne
Voor een vluchteling uit de Oekraïne kan het zijn dat de fiscale woonplaats op basis van de feiten en omstandigheden Oekraïne blijkt te zijn. Dan pas je de tabel toe voor een inwoner van een derde land. Ook kan het zijn dat uit de feiten en omstandigheden blijkt dat Nederland de fiscale woonplaats is. Dan pas je de tabel toe voor een inwoner van Nederland.

Wat nu als de woonplaats niet is vast te stellen?
Kun je de woonplaats niet vaststellen, verblijft de werknemer al ten minste zes maanden in Nederland en beschik je over zijn volledige verblijfsadres in Nederland, dan mag je er voor de loonheffingen van uitgaan dat dat adres de fiscale woonplaats is. Je past dan de loonbelastingtabel toe voor een inwoner van Nederland. In alle andere gevallen pas je het anoniementarief toe.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-01T10:46:38+01:001 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Duidelijkheid over loonbelastingtabel voor vluchteling uit Oekraïne

  • BOR vervalt niet per definitie door verhuur onderneming

BOR vervalt niet per definitie door verhuur onderneming

Met de bedrijfsopvolgingsregeling kun je jouw onderneming fiscaal vriendelijk schenken of laten vererven bij jouw overlijden. Na toepassing van de regeling vervalt deze met terugwerkende kracht als jouw onderneming niet lang genoeg blijft bestaan. Verhuur van jouw onderneming laat de regeling echter niet per definitie vervallen, aldus de Hoge Raad.

Bedrijfsopvolgingsregeling
In de Successiewet is voor het fiscaal vriendelijke schenken of vererven van een onderneming een bedrijfsopvolgingsregeling opgenomen, in de praktijk ook wel BOF of BOR genoemd. Deze regeling voorziet in een voorwaardelijke vrijstelling van 100% van de waarde van de onderneming, voor zover de waarde van de onderneming niet meer bedraagt dan €1.134.403 (bedrag 2022). Voor het meerdere is de vermindering 83%.

Voortzettingsvereiste
Als de onderneming met toepassing van de bedrijfsopvolgingsregeling door schenken of vererven is overgegaan, moet de onderneming gedurende tenminste vijf jaren door de ontvanger worden voortgezet, het zogenaamde voortzettingsvereiste.

De Belastingdienst meende dat per definitie niet aan dit voortzettingsvereiste is voldaan als de onderneming binnen die vijf jaar wordt verhuurd. De Hoge Raad was het daar niet mee eens. Verhuur van de onderneming betekent naar het oordeel van de Hoge Raad niet automatisch dat de onderneming is gestaakt. Daarmee kan dus nog steeds aan het voortzettingsvereiste worden voldaan.

Beoordeling aan de hand van de inkomstenbelasting
Of bij verhuur van de onderneming niet langer aan het voortzettingsvereiste wordt voldaan, moet naar het oordeel van de Hoge Raad beoordeeld worden aan de hand van voorwaarden die voor staking en vervreemding gelden in de inkomstenbelasting.

In de inkomstenbelasting betekent verhuur van de onderneming ook niet per definitie staking van de onderneming. Als een ondernemer zijn onderneming verhuurt, kan dat namelijk ook onder voorwaarden beschouwd worden als voortzetting van de onderneming.

Let op! Of sprake is van voortzetting van de onderneming of van staking, is sterk afhankelijk van de feiten en omstandigheden. Onder meer de voorwaarden waaronder de verhuur plaatsvindt, spelen hierbij een rol.

Tip! Denk je na over verhuur van jouw onderneming, neem dan contact op met een van onze adviseurs voor nader advies.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-23T09:25:21+01:0028 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

BOR vervalt niet per definitie door verhuur onderneming

  • Laatste keer NOW vóór 1 oktober aanvragen

Laatste keer NOW vóór 1 oktober aanvragen

Je kunt voor de zesde keer een tegemoetkoming in loonkosten aanvragen via de NOW. De aanvraag moet dan uiterlijk 30 september bij het UWV binnen zijn. Het gaat dan om de periode juli, augustus en september 2021.

NOW
Via de NOW kun je een deel van de loonkosten terugkrijgen als de omzet vanwege bijzondere omstandigheden, zoals Corona, is verminderd met minstens 20%. Je kunt een maximaal omzetverlies doorgeven van 80%. Is het omzetverlies groter, dan krijg je over het meerdere geen NOW.

Laatste keer NOW
Het kabinet heeft besloten dat de NOW na deze zesde periode niet langer wordt voortgezet. Er wordt nog bekeken hoe voor specifiek getroffen sectoren, zoals discotheken, een speciale tegemoetkoming geregeld kan worden.

Vergoeding 85%
De vergoeding via de NOW bedraagt 85% van de loonsom over de maand februari 2021 maal het omzetverlies met een maximum van 80%. De loonsom wordt verhoogd met 40% in verband met bijkomende loonkosten, zoals vakantiegeld.

Aanvragen via UWV
Je vraagt de NOW aan bij het UWV. Dit doet je in eerste instantie op basis van een geschat omzetverlies. Na de aanvraag krijg je een voorschot van 80% van de te verwachten tegemoetkoming.

Definitieve berekening
Pas vanaf volgend jaar 1 juni kun je de definitieve omzetdaling doorgeven en berekent het UWV de werkelijk te ontvangen tegemoetkoming. De definitieve omzetdaling kun je doorgeven tot 22 februari 2023.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-20T10:43:17+02:0020 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Laatste keer NOW vóór 1 oktober aanvragen

  • ‘Lager gebruikelijk loon dan minimumloon ook mogelijk’

‘Lager gebruikelijk loon dan minimumloon ook mogelijk’

Een DGA moet jaarlijks een zogeheten ‘gebruikelijk loon’ uit de BV opnemen. Dit moet in beginsel minstens €47.000 bedragen, maar volgens de rechter is soms zelfs een gebruikelijk loon dat lager is dan het minimumloon ook mogelijk.

Hoogte gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon dient te worden vastgesteld op 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij de BV, indien een van deze bedragen meer is dan €47.000. Is het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager dan €47.000, dan wordt het gebruikelijk loon vastgesteld op dit bedrag.

Bijzondere omstandigheden
Onder bijzondere omstandigheden kan ook een lager gebruikelijk loon worden vastgesteld, bijvoorbeeld bij verlieslijdende BV’s. De Belastingdienst stelt zich dan echter op het standpunt dat het gebruikelijk loon ten minste gelijk moet zijn aan het wettelijk minimumloon.

Rechter staat loon onder minimumloon toe
In een recente uitspraak besliste de rechter in Arnhem dat ook een gebruikelijk loon kan worden toegekend dat onder het wettelijk minimumloon ligt. In de voorliggende casus had een BV de DGA in de eerste drie maanden van het eerste boekjaar een gebruikelijk loon toegekend conform de fiscale voorschriften. Wegens aanhoudende verliezen was de BV dit gebruikelijk loon grotendeels schuldig gebleven en werd de rest van het boekjaar geen loon meer uitbetaald. De rechter achtte dit juist.

Oud besluit
De rechter baseerde dit oordeel op een besluit uit 2006. Hierin werd bepaald dat een lager loon dan een gebruikelijk loon acceptabel is als men aannemelijk kan maken dat de continuïteit van de BV in gevaar komt bij het uitbetalen van een gebruikelijk loon.

Geen recht aan de realiteit
Het vasthouden aan het minimumloon als ondergrens voor het gebruikelijk loon, doet volgens de rechter in dit soort situaties geen recht aan de realiteit. De wet minimumloon is niet voor deze situatie geschreven, aldus het oordeel.

Corona
Vanwege Corona mag het gebruikelijk loon in 2020 en 2021 ook lager worden vastgesteld dan wettelijk voorgeschreven. Het omzetverlies moet in 2021 wel minstens 30% zijn, voor 2020 is dit niet vereist. Het gebruikelijk loon mag worden afgeleid van dat in 2019 en evenredig aangepast worden voor het omzetverlies. Voor 2020 ga je daarbij uit van het omzetverlies in de eerste vier maanden vergeleken met de omzet in de eerste vier maanden van 2019, voor 2021 ga je uit van het omzetverlies over het hele jaar in vergelijking met de omzet over het hele jaar 2019.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-29T09:14:18+02:0029 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor ‘Lager gebruikelijk loon dan minimumloon ook mogelijk’
  • Extra opletten bij belastingaangifte 2020

Extra opletten bij belastingaangifte 2020

Vanaf 1 maart kunnen ondernemers en particulieren weer aangifte doen voor het jaar 2020. Vanwege Corona is het wel zaak om dit jaar extra op te letten. Wat zijn specifieke aandachtspunten?

Afwijkend inkomen
Voor veel belastingplichtigen, ondernemers en particulieren, zal vanwege Corona het inkomen van vorig jaar af kunnen wijken met dat van voorgaande jaren. Hiermee is door de Belastingdienst veelal nog geen rekening gehouden.

TOZO of TOFA?
De Belastingdienst heeft al wel rekening gehouden met een afwijkend inkomen als gevolg van een aanvraag van de TOZO (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers) en TOFA (Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten). Heb je recht op een van deze steunmaatregelen? Dan hoeft alleen gecontroleerd te worden of de vooraf ingevulde gegevens kloppen.

Hypotheekrente
Speciale aandacht verdient de aftrek van hypotheekrente. Vanwege de introductie van een zogenaamde betaalpauze – je hebt dan uitstel van betaling van hypotheekrente gehad – kan de aftrek over 2020 lager zijn dan normaal. Dit geldt vaak ook als een hypotheek in 2020 opnieuw is afgesloten, omdat de rente dan meestal lager ligt dan in het verleden.

Vaste lasten
In de aangifte moeten ondernemers ook rekening houden met het feit dat de tegemoetkomingen voor vaste lasten vanwege Corona in de vorm van TOGS en TVL onbelast zijn. De kosten zijn daarentegen wel integraal aftrekbaar van de winst.

Zelfstandigenaftrek
In de aangifte wordt ook gewezen op het feit dat het zogenaamde urencriterium voor ondernemers vanwege Corona versoepeld is. Dit betekent dat ondernemers die vanwege Corona minder uren in het bedrijf hebben gewerkt, toch aan het urencriterium kunnen voldoen. Daardoor hoeft het recht op enkele faciliteiten voor ondernemers, zoals de zelfstandigenaftrek, niet verloren te gaan.

Individuele omstandigheden
Wie aangifte doet moet zelf rekening houden met een eventuele wijziging in 2020 van zijn individuele omstandigheden, zoals werkloosheid, een huwelijk of echtscheiding. Ook hierdoor kan de aangifte van 2020 fors afwijken van die van voorgaande jaren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-22T11:14:24+01:0022 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Extra opletten bij belastingaangifte 2020
  • Lagere WOZ-waarde bedrijfspanden vanwege Corona?

Lagere WOZ-waarde bedrijfspanden vanwege Corona?

De Coronacrisis heeft flinke gevolgen voor burgers en bedrijven. Met name de horecasector is zwaar de klos door alle beperkende maatregelen. Maar heeft de crisis ook gevolgen voor de WOZ-waarde van bedrijfspanden?

Waardepeildatum
In een zaak die onlangs door een horecaondernemer voor de rechter werd uitgevochten, werd beslist dat de WOZ-waarde van een bedrijfspand voor het jaar 2017 nog niet door Corona werd beïnvloed. De zaak werd pas jaren later voor de rechter uitgevochten, maar voor de WOZ-waarde van panden is de peildatum doorslaggevend.

Bijzondere omstandigheid
De peildatum voor de waardebepaling in het kader van de WOZ, ligt in de regel op 1 januari van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de WOZ-waarde wordt vastgesteld. Dat is voor dit jaar dus 1 januari 2020. Dit kan anders zijn als sprake is van een ‘bijzondere omstandigheid’.

Waarde op 1 januari 2021
Bij een verandering in waarde door een specifiek voor het pand geldende bijzondere omstandigheid, wordt de waardepeildatum echter een jaar vervroegd. De waardepeildatum voor WOZ-beschikkingen van 2021 is dan dus 1 januari 2021. De vraag is of de Coronacrisis zo’n bijzondere omstandigheid is.

Onderzoek Waarderingskamer
De Waarderingskamer controleert en beoordeelt gemeenten op de uitvoering van de Wet WOZ. Onderzoek in opdracht van de Waarderingskamer bracht aan het licht dat Corona inderdaad zo’n bijzondere omstandigheid kan zijn.

Substantiële waardedaling
Voorwaarde is dan wel dat er door de Coronacrisis voor een pand sprake is van een substantiële waardedaling. Wat dit precies is, is niet bekend, maar duidelijk is dat het niet om kleinigheden mag gaan.

Horeca en detailhandel
Inmiddels is duidelijk dat met name de horeca, maar ook veel detailhandelszaken, geconfronteerd worden met een aanzienlijke omzetschade door Corona. Daarbij is de duur van deze omzetschade onbekend. Het is dan ook verdedigbaar te stellen dat veel panden waarin horeca of detailhandel wordt uitgeoefend, fors in waarde zijn gedaald als gevolg van het leegstandsrisico.

Let op! In die gevallen is er voor de WOZ-waarde sprake is van een ‘bijzondere omstandigheid’, die ertoe dwingt de waardepeildatum voor dit jaar te bepalen op 1 januari 2021 in plaats van 1 januari 2020. Dit zal dan leiden tot een lagere WOZ-waarde.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-12T10:42:24+01:0012 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Lagere WOZ-waarde bedrijfspanden vanwege Corona?
  • Personeel thuis vanwege het weer? Mogelijk recht op WW

Personeel thuis vanwege het weer? Mogelijk recht op WW

Een werknemer die als gevolg van onwerkbaar weer, zoals vorst, ijzel en sneeuw niet kan werken, heeft mogelijk recht op een WW-uitkering. In dit verband wordt gesproken over een bijzondere WW-uitkering en deze duurt voor zolang deze omstandigheden spelen. In de CAO of arbeidsovereenkomst staat of en wanneer het bedrijf in aanmerking komt voor deze regeling.

Wachtdagen
De eerste dagen dat de werknemers niet kunnen werken, moet je als werkgever het loon nog zelf doorbetalen. Het gaat dan om de zogeheten wachtdagen. Het aantal wachtdagen is afhankelijk van het type weersomstandigheden. Is sprake van vorst, ijzel of sneeuwval, dan gelden er per winterseizoen twee wachtdagen per winterseizoen. Een winterseizoen loopt van 1 november tot en met 31 maart. Na afloop van deze wachtdagen kan het UWV een WW-uitkering verstrekken voor de in dienst zijnde werknemers. In een toepasselijke CAO kan bepaald zijn dat deze WW-uitkering wordt aangevuld tot 100%.

Voorwaarden WW-uitkering

  • Je dient dagelijks voor 10.00 uur een melding te doen van het onwerkbare weer bij het UWV. Het UWV controleert aan de hand van KNMI-gegevens of de gemelde onwerkbare weersomstandigheden zich daadwerkelijk voordoen.
  • Werknemers mogen tijdens onwerkbaar weer niet aan het werk zijn, ook niet ergens anders. En ze mogen ook niet op de werkplek aanwezig zijn. Het UWV controleert steekproefsgewijs of er inderdaad geen werkzaamheden worden verricht.
  • Verder geldt dat de werknemer per week minimaal 5 uur niet kan werken. In de situatie dat hij minder dan 10 uur per week werkt, moet hij per week minimaal de helft van zijn uren niet kunnen werken.
  • Je moet de WW-uitkering uiterlijk binnen 26 weken na de eerste dag waarop de werknemers door onwerkbaar weer niet hebben kunnen werken, bij het UWV aanvragen. Een te late aanvraag neemt het UWV niet meer in behandeling, waardoor er geen WW-uitkering meer wordt verstrekt.

Let op! Je kunt voor het aanvragen van een WW-uitkering voor de werknemers gebruikmaken van het formulier ‘Aanvraag WW-uitkering wegens onwerkbaar weer’ op de website van het UWV.

Hoogte dagloon
Bij het bepalen van het dagloon wordt niet gekeken naar het loon over een jaar uit alle dienstbetrekkingen samen, maar alleen naar het loon dat een werknemer op dat moment verdiende.

Dagen die niet meetellen
Tijdens periodes met onwerkbaar weer tellen de volgende dagen niet mee:

  • feestdagen;
  • bijzonder verlof;
  • rustdagen;
  • ATV-uren en roostervrije dagen;vakantiedagen, verlofdagen en verplichte snipperdagen;
  • al vastgestelde ‘extra verlofdagen’ voor oudere werknemers;
  • dagen waarop de werknemer in detentie is.

Meerdere werkgevers
Indien een werknemer via zijn werkgever een WW-uitkering wegens onwerkbaar weer ontvangt, terwijl hij in de periode dat hij deze uitkering krijgt bij een andere werkgever werkt, moet hij de uren die hij elders heeft gewerkt aan het UWV doorgeven. Daarvoor is een speciaal formulier ‘Opgave gewerkte uren tijdens WW wegens onwerkbaar weer’.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-02-12T09:12:30+01:0012 februari 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Personeel thuis vanwege het weer? Mogelijk recht op WW