MKB

  • Het MKB staat voor grote uitdagingen

Het MKB staat voor grote uitdagingen

Het MKB heeft in 2021 financieel over de breedte goed gepresteerd, mede dankzij de Coronasteun van de overheid. Niet alleen de omzet en de winst stegen, ook de vermogenspositie en de kredietwaardigheid staan op grote hoogte. Maar de onderlinge verschillen tussen MKB-ondernemingen zijn groot. Waar sommige ondernemers plussen behalen, zijn er ook bedrijven waar dit nog lang niet het geval is. Bovendien zijn de opgebouwde buffers keihard nodig in het licht van de grote uitdagingen waar het MKB nu voor staat.

Dit komt naar voren uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Omzetstijging ruim 10%, winststijging bijna 38%
In 2021 heeft het MKB ten opzichte van 2020 een omzetstijging van ruim 10% laten zien en een winststijging van bijna 38%. Dit zijn weliswaar gemiddelden en er zijn behoorlijke verschillen tussen en in de branches. Als we bijvoorbeeld de cijfers van de horeca vergelijken met het pre-Coronajaar 2019, zien we dat de sector nog lang niet op het oude niveau zit. Maar in het algemeen geven de cijfers een positief beeld. Gemiddeld genomen hebben de steunmaatregelen van de overheid goed gewerkt.

Zorgen over toegang tot financiering
Het MKB staat voor grote uitdagingen. Daarbij valt te denken aan de sterk gestegen energieprijzenoorlog – mede door de oorlog in Oekraïne –, de schaarste aan grondstoffen, de personeelstekorten en de koopkrachtdaling. En dat terwijl het MKB volgens Harry Marissen, bestuurslid SRA, en Jacco Vonhof, voorzitter van MKB-Nederland, steeds moeilijker aan financiering kan komen. “Dat vind ik een zorgwekkende ontwikkeling”, zegt Marissen. “Bedrijven moeten zich wapenen voor de toekomst en blijven innoveren en investeren, ook in de energietransitie.”
Wat moet het kabinet nu doen voor een gunstig ondernemersklimaat? Vonhof: “We mogen trots zijn op de prestaties van ondernemers. Voor veel sectoren is vorig jaar een goed jaar geweest. Het MKB in bijvoorbeeld de industrie heeft de buffers ook nodig om de crisis vanwege de oorlog in Oekraïne aan te kunnen. We maken ons zorgen over de ondernemers die met forse Coronaschulden overeind moeten blijven. Het kabinet moet voor deze groep aandacht houden. We staan als ondernemers voor forse innovatie en dus investeringsuitdagingen. Digitalisering en robotisering zullen, gegeven de krappe arbeidsmarkt, een impuls krijgen. Investeringen om te voldoen aan de duurzaamheidseisen vragen sowieso veel van het MKB. Het is heel mooi nieuws dat het eigen vermogen gemiddeld in het MKB op peil is gebleven in 2021. Dat de toegang tot financiering niet is verbeterd, is een flinke tegenvaller. Als we dit niet oplossen, gaan we onze ambities niet halen.”

Omzetontwikkeling over 2021
De omzet is het sterkst gestegen in de industrie (+20,8%), gevolgd door de specialistische zakelijke dienstverlening (+12%), de logistieke branche (+11,6%) en de horeca (+11,4%). De bouw (+4,8%) en de detailhandel (+5,3%) blijven achter bij het gemiddelde. De omzetstijging van de horeca in 2021 moet worden gezien in de context van een omzetdaling in 2020.
De omzetontwikkeling in het MKB heeft in 2021 gemiddeld een verbetering laten zien ten opzichte van het voorgaande jaar (10,1%, tegenover +0,6% in 2020). De groei werd vooral gedreven door het herstel van de economie, al hebben lockdowns ervoor gezorgd dat niet alle bedrijven hier (even sterk) van hebben kunnen profiteren. Per saldo heeft bijna 73% van de MKB-bedrijven de omzet zien stabiliseren of stijgen.

Ondernemers in Groningen, Friesland en Drenthe presteerden in 2021 opnieuw beter dan de rest van het land. In deze regio zag ruim 55% van de MKB-bedrijven de omzet relatief sterk toenemen. Uit de SRA-verdeling naar jaaromzet blijkt dat vooral microbedrijven (tot 1 miljoen euro) de omzet vorig jaar zagen stabiliseren of groeien (75%). Van de grote bedrijven (> 10 miljoen) wist bijna 69% de omzet gelijk te houden of te verhogen.

Winstontwikkeling over 2021
De winst is in 2021 met bijna 38% toegenomen. Dit is erg sterk ten opzichte van het voorgaande jaar (+9%) en ook in vergelijking met de omzetgroei. De verschillen waren echter groot. Per saldo liet bijna 54% van de ondernemers een stabiele of hogere winst zien ten opzichte van een jaar eerder. Bij micro-ondernemingen, minder dan 10 fte, was dat 45%. Dat komt omdat zij minder gebruik konden maken van de NOW-steunmaatregel in vergelijking met grotere ondernemingen.
De winstontwikkeling was het sterkst in de horeca, op afstand gevolgd door de automotive. Daarbij moet voor de horeca wel worden vermeld dat 2020 een extreem slecht jaar was, waardoor de winstontwikkeling in 2021 sterk lijkt. Wel zijn de verschillen binnen deze branches groot en werd de winstontwikkeling sterk beïnvloed door de Coronasteunmaatregelen. De winstgroei in de bouw was met 7,3% relatief beperkt, een branche die naar verhouding weinig gebruik heeft gemaakt van de steunmaatregelen.
Op regioniveau was het beeld het positiefst in Groningen, Friesland en Drenthe. In deze provincies zag bijna 55% van de bedrijven de winst gelijk blijven of stijgen. Uit de verdeling naar jaaromzet blijkt dat vooral bedrijven met een omzet van 10 miljoen euro of meer de winst vorig jaar hebben zien stabiliseren of groeien (bijna 83%).

Grafiek Branches in Zicht 2022

Ontwikkeling eigen vermogen
Het eigen vermogen is in het MKB in totaal met bijna 17% toegenomen. Een jaar eerder was er een stijging van bijna 13%. De groei van het eigen vermogen in 2021 zal voor een groot deel verband houden met de stevige winstgroei die is toegevoegd aan het eigen vermogen. Daarnaast heeft de Coronasteun van de overheid voorzien in liquiditeit.

Kredietwaardigheid op recordhoogte
Uit berekeningen van SRA-BiZ komt naar voren dat gemiddeld 86,4% van het MKB vorig jaar een PD-rating van onder de 1% liet zien; dit is opnieuw een verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar (83,5%). Vanaf 2015 is consistent een stijging van dit percentage zichtbaar. Bij het cijfer over 2021 merken we op dat de schulden als gevolg van de steun en uitgestelde belastingen nog geen rentelasten geven. Op het moment dat dit rentedragende leningen worden, met een wettelijke rente, zal dit snel doorwegen op de PD-rating. De industrie, bouw en de medische zorg hebben het hoogste percentage kredietwaardige bedrijven.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-08T09:53:23+02:008 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Het MKB staat voor grote uitdagingen

  • Voorjaarsnota: forse beperking eerste tariefschijf VPB

Voorjaarsnota: forse beperking eerste tariefschijf VPB

De eerste belastingschijf van de vennootschapsbelasting (VPB) wordt vanaf 2023 fors ingekort. Nu nog betalen bedrijven over de eerste €395.000 winst een tarief van 15%. Vanaf 2023 wordt die grens verlaagd naar de eerste €200.000. Dit voorstel staat in de Voorjaarsnota.

Tarieven vennootschapsbelasting
Het tarief van de eerste schijf in de vennootschapsbelasting is vooral van belang voor het MKB. De eerste schijf was juist dit jaar verhoogd van €245.000 naar €395.000. Het voorstel betekent dat over de winst vanaf €200.000 voortaan 25,8% belasting moet worden betaald. Voor de winst tussen €200.000 en €395.000 betekent dat dus een verhoging van het tarief met maar liefst
10,8%-punt.

Let op! Het voorstel is nog niet definitief en moet nog door het parlement worden aangenomen. Dit betekent dat er ook nog wijzigingen kunnen plaatsvinden.

Tarief na uitdeling ook hoger
Ondernemingen in de vennootschapsbelasting betalen over de behaalde winst vennootschapsbelasting. Wordt deze winst vervolgens uitgedeeld aan de aandeelhouder, dan wordt deze nogmaals belast in box 2 als er sprake is van een aanmerkelijk belang. Dit tarief bedraagt tot 2024 26,9%. Daardoor wordt het samengestelde tarief over uitgedeelde winst ook hoger, voor zover het winstniveau tussen €200.000 en €395.000 ligt.

Niet voor inkomstenbelasting
Mkb-ondernemers in de inkomstenbelasting, zoals eenmanszaken en vennootschappen onder firma, worden niet door de belastingverhoging getroffen, maar krijgen met andere lastenverhogende maatregelen te maken. Met name BV’s zijn de dupe van deze maatregel.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-25T10:49:34+02:0025 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Voorjaarsnota: forse beperking eerste tariefschijf VPB

  • Grootbedrijf moet factuur MKB binnen 30 dagen betalen

Grootbedrijf moet factuur MKB binnen 30 dagen betalen

De Tweede Kamer is akkoord gegaan met het verkorten van de betaaltermijn voor het grootbedrijf dat afnemer is van het MKB. Een wetsvoorstel dat deze termijn verkort naar 30 dagen, is aangenomen. Wanneer dit ingaat, is nog niet bekend.

Zwakkere onderhandelingspositie
MKB-bedrijven handelen soms bij een grootbedrijf vanuit een zwakkere onderhandelingspositie. Uit angst een cliënt te verliezen wordt dan nogal eens akkoord gegaan met een langere betalingstermijn dan wenselijk.

Gevolg niet tijdig betalen
Het wetsvoorstel betekent dat als grote ondernemingen ná 30 dagen een ingediende factuur betalen, zij van rechtswege de wettelijke handelsrente verschuldigd zijn over de termijn die de 30 dagen overschrijdt. Op dit moment geldt nog een termijn van 60 dagen.

Alleen voor grootbedrijf
De verplichte betaaltermijn van maximaal 30 dagen geldt alleen voor het grootbedrijf, en bovendien alleen voor zover de leverancier behoort tot het mkb. In andere situaties kan dus wel een afwijkende termijn worden afgesproken.

Let op! Het wetsvoorstel moet ook nog door de Eerste Kamer worden aangenomen. De ingangsdatum staat dan ook nog niet vast.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-11T19:53:10+02:0011 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Grootbedrijf moet factuur MKB binnen 30 dagen betalen

  • TVL Q1 2022 vanaf 28 februari aanvragen

TVL Q1 2022 vanaf 28 februari aanvragen

Ondernemers die in het eerste kwartaal van dit jaar minstens 30% omzetverlies hebben geleden, kunnen vanaf 28 februari 9.00 uur TVL aanvragen. Aanvragen moeten bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) worden ingediend.

Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL)
De TVL is een tegemoetkoming in de vaste lasten voor ondernemers die tijdens de Coronacrisis met een omzetdaling geconfronteerd worden. De omvang van de tegemoetkoming hangt af van het percentage aan omzetverlies. Voor dit percentage ontvangt de ondernemer 100% compensatie van de vaste lasten, die worden gebaseerd op branchecijfers.

Let op! De deadline voor de aanvraag is 31 maart 2022 17.00 uur. Aanvragen die te laat worden ingediend, worden afgewezen.

Referentieperiode
De omzetdaling kan worden vergeleken met het eerste kwartaal van 2019 of van 2020. De ondernemer mag kiezen voor de gunstigste optie.

Maxima
De TVL kent ook maxima voor wat betreft de omvang van de steun. Voor MKB-bedrijven bedraagt dit maximum €550.000, voor grote bedrijven €600.000. Een onderneming of groep verbonden ondernemingen kan maximaal €2.300.000 aan TVL ontvangen gedurende de hele Coronaperiode.

Verruiming referentieperiode bij zwangerschap
Verder is bekendgemaakt dat er definitief een verruimde referentieperiode komt voor ondernemers die minimaal drie weken met zwangerschaps- en bevallingsverlof waren in beide referentiekwartalen van de TVL voor het vierde kwartaal van 2021. Deze groep ondernemers kan het derde kwartaal van 2020 gebruiken als alternatieve referentieperiode. De verminderde omzet als gevolg van de zwangerschap, heeft dan geen negatief effect meer op de TVL.

Om in aanmerking te komen voor TVL voor het vierde kwartaal van 2021 moet een onderneming normaal gesproken minimaal 20% omzetverlies hebben in vergelijking met het vierde kwartaal van 2019 of het eerste kwartaal van 2020. Voor ondernemers die minimaal drie weken zwangerschapsverlof hadden in beide referentiekwartalen, geldt nu deze uitzondering.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-02-28T12:53:44+01:0028 februari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

TVL Q1 2022 vanaf 28 februari aanvragen

  • Nieuwe subsidie voor vergroenen bouwsector

Nieuwe subsidie voor vergroenen bouwsector

Er is een nieuwe subsidie in de maak voor de bouwsector, de Subsidieregeling Schoon en Emissieloos Bouwmaterieel (SSEB). Het doel ervan is de uitstoot van stikstof op termijn met 60% te verminderen.

Verlaging van meerkosten
De subsidie richt zich primair op een vermindering van de meerkosten bij aanschaf van ‘groen’ bouwmaterieel ten opzichte van regulier bouwmaterieel. Daartoe zullen deze meerkosten voor maximaal 40% worden gesubsidieerd, voor MKB-bedrijven tot maximaal 50%.

Samenloop MIA
Daar waar de regeling samenloopt met de milieu-investeringsaftrek (MIA), zal een korting plaats gaan vinden. Die betreft dan 11,25% van de MIA, als een investeringsmiddel hiervoor in aanmerking komt. Dit hangt ervan af of het investeringsmiddel op de Milieulijst staat.

Ook bestaand materieel
De nieuwe subsidie richt zich ook op het vergroenen van bestaand bouwmaterieel. Zo kan bijvoorbeeld via katalysatoren tot ruim 80% van de schadelijke uitstoot worden voorkomen.

Ontwikkelingssubsidie
Verder zal er ook subsidie beschikbaar komen voor de ontwikkeling van bouwmaterieel dat weinig stikstof uitstoot.

Reageren op de voorstellen?
Het is de bedoeling dat de regeling volgend jaar al van kracht wordt. De uitvoering van de subsidie komt in handen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-12-14T09:58:37+01:0014 december 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe subsidie voor vergroenen bouwsector

  • Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

Ondernemers in het MKB die energie willen besparen, kunnen vanaf 1 oktober van dit jaar subsidie krijgen voor de noodzakelijke advieskosten. De extra subsidie is verkrijgbaar tot en met 30 september 2022.

Ook voor ondersteuning bij uitvoering
De ondernemer kan ook subsidie krijgen voor de ondersteuning bij het uitvoeren van een of meer maatregelen uit het advies. Bijvoorbeeld voor een accountant die de financiering moet regelen.

Besparingsplicht
Grotere bedrijven zijn wettelijk verplicht energiebesparende maatregelen te nemen en hierover aan de gemeente te rapporteren. De nieuwe subsidie is niet voor deze bedrijven bedoeld. Dit betekent dat alleen bedrijven die minder 50.000 kWh aan elektra en 25.000 m3 aan aardgas verbruiken van de nieuwe subsidie gebruik kunnen maken.

Omvang subsidie
Bedrijven kunnen 80% van de advieskosten vergoed krijgen met een maximum van €2.500 per bedrijfspand. Voor het energieadvies geldt een minimum subsidiebedrag van €400 en een maximum subsidiebedrag van €750. Het minimum subsidiebedrag van €400 voor het advies betekent dat een energieadvies van minder dan €500 (exclusief BTW) niet in aanmerking komt voor subsidie (80% x €500 = €400).

Let op! Alleen de kosten voor het energieadvies en ondersteuning die gemaakt zijn vanaf 2 augustus 2021 komen in aanmerking voor subsidie. Dit betekent dat het advies zelf op of na 2 augustus 2021 moet zijn opgesteld door de energieadviseur.

Bewijs van uitvoering
Je krijgt alleen subsidie als je bewijst dat je één of meerdere maatregelen uit het energieadvies gaat uitvoeren of hebt uitgevoerd. Dit bewijs kan een getekende offerte, opdracht of betaalbewijs zijn. Uit de getekende offerte of opdracht moet blijken dat de maatregel binnen twee jaar na het opstellen van het advies wordt uitgevoerd.

Kosten van maatregelen
De kosten van de maatregelen zelf, zoals die voor bijvoorbeeld een warmtepomp, komen niet voor de subsidie in aanmerking. Wel kun je hiervoor een beroep doen op andere subsidies, zoals bijvoorbeeld de energie-investeringsaftrek.

Aanvragen
Je vraagt de subsidie digitaal aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (rvo.nl). Hiervoor heb je eHerkenning nodig op minimaal niveau 2+ met machtiging RVO-diensten op niveau eH2+.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-10T10:25:55+02:0010 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

  • Aanvraag SLIM-subsidie weer mogelijk per 1 september

Aanvraag SLIM-subsidie weer mogelijk per 1 september

De SLIM-subsidie is een stimuleringsregeling voor leren en ontwikkelen in MKB-bedrijven. In maart van dit jaar kon je deze subsidie al aanvragen. In september is hiervoor een tweede mogelijkheid.

Subsidie voor welke activiteiten?
De SLIM-subsidieregeling geeft subsidie voor de volgende activiteiten:

  1. het doorlichten van de onderneming waaruit een ontwikkelingsplan voortvloeit. Het ontwikkelingsplan moet de scholingsbehoefte van de onderneming inzichtelijk maken;
  2. het verkrijgen van loopbaan- of ontwikkeladviezen voor werkenden in de onderneming;
  3. de ondersteuning van en begeleiding bij het ontwikkelen of invoeren van een methode die de in de onderneming werkzame personen stimuleert hun kennis, vaardigheden en beroepshouding verder te ontwikkelen tijdens het werk;
  4. het gedurende enige tijd aanbieden van praktijkleerplaatsen ten behoeve van een beroepsopleiding of een deel daarvan in de derde leerweg bij een erkend leerbedrijf.

Let op! De regeling staat open voor drie doelgroepen: individuele MKB-ondernemingen, samenwerkingsverbanden in het MKB en grootbedrijven. De aanvraagperiode in september is alleen voor individuele MKB-ondernemingen. Voor de andere twee doelgroepen kan in 2021 geen aanvraag meer gedaan worden.

MKB-onderneming
De aanvraagperiode in september geldt alleen voor MKB-ondernemingen. Je bent MKB-ondernemer als een kleine of middelgrote onderneming heeft:

  • er is sprake van een kleine onderneming als in de onderneming minder dan 50 personen werkzaam zijn en in 2020 de jaaromzet of het balanstotaal niet hoger was dan €10 miljoen;
  • er is sprake van een middelgrote onderneming als je geen kleine onderneming bent en in de onderneming minder dan 250 personen werkzaam zijn en in 2020 de jaaromzet niet hoger dan €50 miljoen was of het balanstotaal niet hoger dan €43 miljoen.

Hoogte SLIM-subsidie
De subsidie bedraagt maximaal €25.000. Voor landbouwbedrijven bedraagt de maximale subsidie €20.000. Voorwaarde voor de subsidie is verder dat de kosten die voor subsidie in aanmerking komen minimaal €5.000 bedragen.

Tip! Deze minimale kosten gelden niet als je de subsidie aanvraagt voor een praktijkleerplaats. De subsidie voor een praktijkleerplaats bedraagt €2.700 per praktijkleerplaats.

Voor kleine ondernemingen is de subsidie voor maximaal 80% van de kosten mogelijk. Voor middelgrote ondernemingen is de subsidie gemaximeerd op 60% van de kosten. Je draagt dus altijd zelf minimaal 20% van de kosten als het een kleine onderneming betreft of 40% van de kosten als het een middelgrote onderneming betreft.

Aanvraagperiode
De tweede aanvraagperiode loopt van 1 september 2021 9.00 uur tot en met 30 september 2021 17.00 uur. Aanvragen moet elektronisch. Je moet je daarvoor wel eerst registreren als aanvrager.

Let op! Er is maximaal €15,3 miljoen subsidie beschikbaar voor deze aanvraagperiode. Als er voor een hoger bedrag subsidie wordt aangevraagd, zal ná 30 september 2021 door loting de behandelvolgorde van de aanvragen bepaald worden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-30T12:09:14+02:0030 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvraag SLIM-subsidie weer mogelijk per 1 september

  • Nieuwsbrief juli 2021

Nieuwsbrief juli 2021

1. Per 1 juli extra regels voor bestuur vereniging en stichting

Besturen van verenigingen en stichtingen krijgen met ingang van 1 juli van dit jaar met extra regels te maken. Dit is het gevolg van de invoering van de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR).

Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen
De WBTR is bedoeld om wanbestuur binnen verenigingen en stichtingen zo veel mogelijk te voorkomen. Met de WBTR wordt zo veel mogelijk aangesloten bij de regels die al gelden voor besturen van NV’s en BV’s. Overigens bevat de WBTR ook een aantal aanpassingen voor de NV en BV, maar daar gaan wij hier aan voorbij.

Aansprakelijkheid bestuurders
De bestaande aansprakelijkheid van bestuurders wordt in de WBTR uitgebreid. De aansprakelijkheid wordt uitgebreid met aansprakelijkheid bij faillissement als er sprake is van ernstig verzuim.

Tegenstrijdig belang
Een van de zaken die in de WBTR geregeld wordt, is het voorkomen van tegenstrijdige belangen. Daarom is in de nieuwe wet bepaald dat een bestuurder van een vereniging of stichting niet mag deelnemen aan vergaderingen over een bepaald onderwerp als hij ook een persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de vereniging of stichting. Ook mag hij in die gevallen niet deelnemen aan de besluitvorming.

Stemrecht aan banden
In de WBTR kan een bestuurder nooit meer stemmen uitbrengen dan de rest van het bestuur samen. Een bestaande afwijkende statutaire regeling is geldig tot 1 juli 2026 of tot de eerstvolgende statutenwijziging, als dit eerder is.

Alternatieve besluitvorming
Als in een vereniging of stichting met een klein bestuur geen van de bestuursleden nog in functie is of afwezig, kunnen formeel geen besluiten meer worden genomen. Volgens de WBTR dienen dan de statuten te bepalen hoe besluiten dan toch genomen kunnen worden, bijvoorbeeld via een commissie.


2. Betaling transitievergoeding in termijnen? Mag dat?

Over de hoogte van de te betalen transitievergoeding kan discussie ontstaan. Zeker als een bedrijf op een later moment is overgenomen. Wat zegt de kantonrechter in Amsterdam hierover? En mocht de werkgever door de Coronacrisis de transitievergoeding in termijnen betalen?

In een aan de kantonrechter in Amsterdam voorgelegde zaak ging het om een werknemer die claimde al vanaf 1993 bij de werkgever werkzaam te zijn. Zijn huidige werkgever had de zaak overgenomen in 2017 en was van mening dat hij pas vanaf dat moment een transitievergoeding hoefde te betalen. Bijkomend punt was dat de werkgever aangaf vanwege de slechte financiële situatie de transitievergoeding niet te kunnen betalen.

Opvolgend werkgeverschap
De rechter oordeelde hier dat de werknemer inderdaad vanaf 1993 in dienst was en dat sprake was van opvolgend werkgeverschap waardoor de werkgever dus ook de dienstjaren vóór de overname moest meerekenen. Dit betekende dat de werknemer recht had op een transitievergoeding berekend vanaf 1993. De financiële situatie vormde geen reden voor de rechter om af te zien van de transitievergoeding.

Wanneer sprake van opvolgend werkgeverschap?
Van opvolgend werkgeverschap is volgens de wet sprake bij op elkaar volgende arbeidsovereenkomsten tussen een werknemer en verschillende werkgevers die, ongeacht of inzicht bestaat in de hoedanigheid en geschiktheid van de werknemer, ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijs geacht moeten worden elkaars opvolger te zijn. Het opvolgend werkgeverschap is een bepaling van driekwart dwingend recht, wat betekent dat er in een CAO van mag worden afgeweken ten nadele van een werknemer. Het is dus raadzaam de eventueel toepasselijke CAO erop na te slaan.

Let op!
Om te constateren dat sprake is geweest van opvolgend werkgeverschap moet het gaan om dezelfde verrichte arbeid. Is de arbeid gewijzigd, dan is opvolgend werkgeverschap niet aan de orde.

Betaling in termijnen
De kantonrechter vond het wel aannemelijk dat de slechte financiële situatie van de werkgever een gevolg was van de door de overheid opgelegde beperkende Coronamaatregelen en niet te wijten was aan de werkgever zelf. Om die reden stond de kantonrechter het de werkgever toe de verschuldigde transitievergoeding in 16 termijnen van een maand te betalen.

Dit is op zich een bijzondere uitspraak, omdat deze afwijkt van de bepaling over gespreide betaling als neergelegd in de Ontslagregeling. De Ontslagregeling bepaalt dat indien de betaling van de transitievergoeding ineens leidt tot onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering van de werkgever, deze over maximaal zes maanden kan worden gespreid. Deze zes maanden beginnen te lopen vanaf het moment dat de transitievergoeding uiterlijk betaald had moeten worden, oftewel een maand na afloop van het dienstverband. Bij een dergelijke gespreide betaling is de werkgever wel de wettelijke rente (nu 2%) verschuldigd.


3. Vanaf 1 maart 2022 subsidie STAP voor scholing

Vanaf 2022 is het niet meer mogelijk om scholingsuitgaven in de aangifte inkomstenbelasting in aftrek te brengen. In plaats daarvan kunnen werkenden en werkzoekenden vanaf 1 maart 2022 een beroep doen op de subsidieregeling STAP-budget. Ondernemers die opleidingen willen aanbieden die in aanmerking komen voor het STAP-budget moeten daarvoor wel voor die tijd actie ondernemen.

STAP-budget
Het STAP-budget is een subsidieregeling van de Rijksoverheid en wordt uitgevoerd door het UWV. STAP staat voor Stimulans Arbeidsmarkt Positie. Met de subsidieregeling kunnen werkenden en werkzoekenden aanspraak maken op een persoonlijk ontwikkelbudget van maximaal € 1.000 (inclusief BTW) per jaar. Dat budget is voor les-, cursus-, college- of examengeld en voor kosten van verplicht gestelde leer- of beschermingsmiddelen. Als de aanvraag voor het budget is goedgekeurd, wordt het bedrag betaald aan de opleider.

Let op!
Aanvragen is nu nog niet mogelijk, dit kan pas vanaf 1 maart 2022. Voor scholingsuitgaven die daarvoor in aanmerking komen, kan tot en met 31 december 2021 nog gebruikgemaakt worden van de fiscale aftrek in de aangifte inkomstenbelasting.

Geregistreerde opleidingen
Het is alleen mogelijk om een STAP-budget aan te vragen voor opleidingen die zijn geregistreerd in het scholingsregister. Voor ondernemers die opleidingen willen aanbieden die in aanmerking komen voor het STAP-budget is het daarom belangrijk dat hun opleidingen worden opgenomen in dit scholingsregister.

Het scholingsregister wordt door Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) bijgehouden.

Scholingsregister
Om een opleiding of scholingsactiviteit te kunnen laten opnemen in het scholingsregister moet eerst de opleider opgenomen zijn in het register. Een opleider wordt door de bepaalde organisaties in het scholingsregister geregistreerd als de opleider door deze organisatie erkend is. Het gaat dan om een opleider die:

  • is erkend door het ministerie van OCW of
  • beschikt over het NRTO-keurmerk of
  • opleidingen aanbiedt die leiden tot een door het NCP NLQF ingeschaalde kwalificatie of
  • is erkend door een sector- of brancheorganisatie.

Ook een door het Nationaal Kenniscentrum EVC erkende EVC-aanbieder wordt in het scholingsregister geregistreerd.

Tip!
Ben je (nog) niet erkend door een van deze organisaties? Dan kun je daar misschien nu nog verandering in aanbrengen.

Let op!
Met de registratie ben je er nog niet. Een burger kan pas STAP-budget voor een opleiding aanvragen als je de gegevens hebt aangevuld en de scholingsactiviteiten hebt geregistreerd. Deze aanvulling en registratie zijn nu nog niet mogelijk, maar waarschijnlijk vanaf het vierde kwartaal wel. Houd hiervoor de website duo.nl/stap/ in de gaten. Op deze website vind je ook meer informatie over het scholingsregister.


4. Wat wil je weten over de digitale bewaarplicht?

Ondernemers dienen hun administratie in beginsel zeven jaar te bewaren. Administraties zijn tegenwoordig vergaand gedigitaliseerd en dus heeft de Belastingdienst de fiscale eisen hieromtrent toegelicht.

Gegevens raadplegen
De bewaarplicht houdt ook in dat de bewaarde gegevens te raadplegen moeten zijn. Dit betekent dat bijvoorbeeld oude apparatuur bewaard moet blijven als bepaalde digitale bestanden alleen op die manier te raadplegen zijn. Denk bijvoorbeeld aan de oude floppydisk of een eerdere Windows-versie.

Niet alleen Auditfile
De Auditfile Financieel is een uittreksel van het grootboek en wordt door de meeste boekhoudpakketten in Nederland ondersteund. Het is echter niet voldoende om alleen de Auditfile te bewaren, omdat hierin lang niet alle administratieve boekingen zijn opgenomen.

Conversie
Het is toegestaan om gegevens van het ene opslagmedium naar een ander over te brengen, zoals het scannen van een papieren document of de inhoud van een cd-rom naar een USB-stick. Hiervoor geldt wel de voorwaarde dat de conversie juist en volledig gebeurt, dat de geconverteerde gegevens gedurende de gehele bewaartermijn beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd te reproduceren, leesbaar te maken en te controleren zijn.

Papieren documenten niet bewaren
Als je aan genoemde voorwaarden voldoet, hoeven de originele documenten niet meer te worden bewaard. Daarbij zal de digitale versie de plaats innemen van het origineel. In principe kunnen alle documenten worden geconverteerd, met uitzondering van de balans, de staat van baten en lasten en van bepaalde douanedocumenten.

Elektronische communicatiemiddelen
Ook digitale agenda’s en berichten zoals via e-mail, WhatsApp, sms en Facebook dienen bewaard te worden, voor zover ze zakelijk zijn. Bij een controle moeten deze gegevens ter beschikking worden gesteld in de vorm waar de inspecteur om vraagt.

Let op!
Als er geen duidelijke scheiding tussen zakelijke en persoonlijke informatie wordt aangebracht, moeten dus ook privégegevens worden bewaard.


5. Uitstel van betaling belastingschulden verlengd tot 1 oktober

Bedrijven kunnen langer uitstel van betaling krijgen van hun belastingschulden. Oorspronkelijk moesten bedrijven vanaf 1 juli van dit jaar hun nieuwe belastingschulden weer gewoon betalen. Maar dat is nu met drie maanden uitgesteld, waardoor bedrijven dus pas vanaf 1 oktober van dit jaar hun nieuwe belastingschulden hoeven te voldoen.

Alle opgebouwde belastingschulden hoeven vervolgens pas vanaf 1 oktober 2022 te worden afgelost. Dit mag uitgespreid over een periode van vijf jaar.


6. Kabinet maximeert NOW vanaf 1 juli op 80%

De tegemoetkoming in de loonkosten via de NOW wordt gemaximeerd tot een omzetverlies van 80%. Het nieuwe maximum gaat in vanaf de NOW-aanvraag van het derde kwartaal 2021. De NOW is een tegemoetkoming in de loonkosten als bedrijven vanwege Corona met een omzetverlies van minstens 20% te maken hebben. De tegemoetkoming bedraagt 85% van de loonkosten. Door maximering van het omzetverlies tot 80%, bedraagt de maximale compensatie vanaf het derde kwartaal nog 68% (80/% omzetverlies X 85% subsidiepercentage).

Door de aanpassing wordt de uitvoering van de NOW met enkele weken vertraagd. Oorspronkelijk zou de tegemoetkoming voor de periode juli t/m september vanaf 5 juli kunnen worden aangevraagd, maar dit wordt dus enkele weken later.

Door |2024-05-31T09:28:55+02:0013 juli 2021|Nieuwsbrief|Reacties uitgeschakeld voor Nieuwsbrief juli 2021
  • Bovengemiddelde winstontwikkeling in de industrie

Bovengemiddelde winstontwikkeling in de industrie

Per saldo is de branche financieel gezond, maar de verschillen zijn groot
De Coronacrisis heeft 2020 voor de industrie gemaakt tot een jaar van onzekerheid, vraaguitval, grote verstoringen in de toeleveringsketen en per saldo een forse krimp van de industriële productie. Toch heeft de branche een bovengemiddelde winstgroei laten zien van bijna 15 procent, tegenover ruim 9 procent voor het MKB als geheel. De omzet kromp met ruim 2 procent, versus een gemiddelde groei van 0,6 procent voor het MKB. De brutomarge bleef vrijwel onveranderd. Dit komt naar voren uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2021, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Omzet en winst over de jaren
De daling van de omzet in 2020 is voor de industrie bijzonder, want in de afgelopen vijf jaar was elk jaar een stijging van de omzet te zien ten opzichte van het voorgaande jaar. Desondanks is de winsttoename van 15 procent in het afgelopen jaar fors hoger dan in 2019 (+ 8 procent), als gevolg van de steunmaatregelen (sterke toename van de ‘overige bedrijfsopbrengsten’), zie de grafiek.

Grote verschillen binnen de branche
Hoewel de winstontwikkeling per saldo sterk is, zijn de verschillen binnen de industrie in 2020 groot. Het deel van de industriële bedrijven dat de winst stabiel heeft zien blijven of heeft zien toenemen, is gedaald naar iets meer dan 51 procent. Wel gaat het hierbij voor een groot deel om forse winststijgingen van 50 procent of meer. Tegelijkertijd heeft bijna drie op de tien industriële ondernemers de winst met 50 procent of meer zien kelderen. Verder is het aantal ondernemers met een hogere of stabiele omzet sterk afgenomen, tot minder dan de helft.

Voedingsmiddelenproducenten blinken uit
Binnen de industrie hebben vooral producenten van voedingsmiddelen en machines en apparaten (exclusief computers en elektronische apparatuur) in 2020 een gezonde winstontwikkeling laten zien. Makers van producten van metaal (exclusief machines en apparaten) en industriële bedrijven gericht op reparatie en onderhoud van machines hebben op dit punt relatief laag gescoord. De ontwikkeling van de omzet was vorig jaar vooral gunstig voor voedingsmiddelenproducenten.

Iets sterkere daling personeelskosten
De personeelskosten zijn in de industriële branche met ruim 1 procent gedaald, mede door het in mindering brengen van de NOW-regeling. Deze daling is iets sterker dan het MKB-gemiddelde (-0,4 procent). Per saldo zijn de loonkosten in de industrie met bijna 1 procent gestegen. Dit is minder sterk dan het MKB-gemiddelde en duidelijk minder sterk dan in de voorgaande jaren.

Verdere groei eigen vermogen
Het eigen vermogen is bijna 15 procent hoger uitgekomen. Deze stijging is groter dan in 2019 en ook sterker dan het MKB-cijfer. De langlopende schulden zijn met ruim 4 procent relatief fors toegenomen, maar dit cijfer wordt wellicht vertekend doordat hierin ook uitgestelde belastingbetalingen zijn opgenomen. De kortlopende schulden zijn met 2 procent gedaald.

Financiële positie licht verbeterd
De financiële positie van bedrijven in de industrie is licht verbeterd. Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage ondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating < 1 procent), is uitgekomen op bijna 85. Dit betekent een verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar. De branche doet het ook iets beter dan het MKB-gemiddelde (83,2 procent).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-14T09:09:42+02:0014 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bovengemiddelde winstontwikkeling in de industrie

  • Bovengemiddelde groei voor specialistische zakelijke diensten

Bovengemiddelde groei voor specialistische zakelijke diensten

Architecten en ingenieurs profiteren, reclamebureaus blijven duidelijk achter
Specialistische zakelijke dienstverleners hebben over het algemeen een goed jaar achter de rug, maar de onderlinge verschillen waren groot. Waar de florerende woningmarkt en de Coronacrisis meer werk opleverden voor de één (bijvoorbeeld notarissen, ingenieurs en architecten, maar ook advisering rond steunregelingen), had de ander een nagenoeg lege agenda (onder meer reclamediensten). Per saldo was de omzet- en winstontwikkeling bovengemiddeld. Dit blijkt uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2021, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Relatief sterke groei
De branche als geheel zag de netto-omzet in 2020 met ruim 3 procent toenemen. Dit was een minder sterke groei dan in de voorgaande twee jaren, maar aanmerkelijk beter dan het MKB-gemiddelde van 0,6 procent. Ook de winstontwikkeling was duidelijk bovengemiddeld: 15,8 procent, versus 9,3 procent voor het MKB als geheel. De brutomarge nam met 4,5 procent toe, tegenover +0,6 procent gemiddeld in het MKB.

Omzet en winst over de jaren
Sinds 2018 ligt de omzet- en de winstontwikkeling boven het MKB-gemiddelde en het Coronajaar 2020 vormt hierop geen uitzondering, met een omzettoename van ruim 3 procent en een winsttoename van bijna 16 procent. De winst neemt sinds 2017 jaarlijks in de dubbele cijfers toe en daarmee is de branche uniek (zie de grafiek).

Grote onderlinge verschillen
Architecten en ingenieurs kenden in 2020 over het algemeen een positief jaar, mede dankzij voordelige omstandigheden op de woningmarkt. Vooral het resultaat voor belasting heeft in deze deelbranche een sterke stijging laten zien. De financiële resultaten van reclamebureaus zijn daarentegen sterk achtergebleven. Voor adviseurs op het gebied van management en bedrijfsvoering is 2020 een gemengd jaar geweest. De omzet is gemiddeld genomen wel gestegen, maar het resultaat voor belasting is gedaald. De inkoopwaarde is hier sterk toegenomen.

Lichte stijging kosten
Aan de kostenkant viel op dat de personeelskosten vorig jaar licht zijn opgelopen: +0,6 procent. In het MKB was gemiddeld sprake van een lichte daling, vooral als gevolg van de verwerking van de NOW-regeling. Deze loonsteun kon ook worden opgeteld bij ‘overige bedrijfsopbrengsten’. In de specialistische zakelijke dienstverlening is deze post slechts licht toegenomen. Dit alles lijkt er dus op te wijzen dat de ondernemers in deze branche relatief weinig Coronasteun hebben aangevraagd.

Groei eigen vermogen
Het eigen vermogen is in de specialistische zakelijke dienstverlening in 2020 iets meer toegenomen dan een jaar eerder: +10,3 procent. De kortlopende schulden zijn vrijwel onveranderd gebleven en de langlopende schulden zijn met iets meer dan 6 procent gestegen.

Kredietwaardigheid licht vooruit
De financiële positie van bedrijven in de gespecialiseerde zakelijke dienstverlening is licht verbeterd. Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage ondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating < 1 procent), is uitgekomen op 86,5. Dit betekent een lichte verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar. Wel merken we op dat de verschillen binnen de branche aanzienlijk zijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-11T09:30:54+02:0011 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bovengemiddelde groei voor specialistische zakelijke diensten