awf

Top 10 wijzigingen voor de werkgever 2025

Heb je personeel in dienst? Werk je met zzp’ers? Op 1 januari 2025 is er weer een flink aantal wijzigingen doorgevoerd voor je als werkgever en als dga. Wij wijzen jou op tien belangrijke punten.

1. Verhoging wettelijk minimum uurloon

Handtekening

Het wettelijk minimumloon wordt twee keer per jaar geïndexeerd, namelijk per 1 januari en per 1 juli. Het wettelijk bruto minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar of ouder is per 1 januari 2025 verhoogd naar € 14,06.

2. Handhaving schijnzelfstandigheid vanaf 2025

Met ingang van 1 januari 2025 is het handhavingsmoratorium arbeidsrelaties volledig opgeheven. De Belastingdienst kan daarom bij een onjuiste kwalificatie van een arbeidsrelatie weer volledig handhaven en correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen opleggen.

Let op! De Belastingdienst kan daarbij alleen terug tot 1 januari 2025 , tenzij sprake is van kwaadwillendheid.

De Belastingdienst zal in 2025 in principe starten met een bedrijfsbezoek waarbij met de opdrachtgever een gesprek gevoerd wordt over de inhuur van zelfstandigen en extern personeel. Waar nodig wordt de opdrachtgever gewezen op aandacht voor de kwalificatie van de arbeidsrelaties en mogelijke risico’s op schijnzelfstandigheid. Op die manier wordt de opdrachtgever gewaarschuwd. De Belastingdienst kan overigens (alsnog) ook voor een boekenonderzoek kiezen, bijvoorbeeld als de inschatting is dat er grote risico’s zijn of als de opdrachtgever werkt of blijft werken met schijnzelfstandigen.

Tip! Over het kalenderjaar 2025 zullen aan werkgevers en werkenden nog geen verzuim- en vergrijpboetes opgelegd worden als zij kunnen bewijzen dat zij stappen zetten tegen schijnzelfstandigheid.

De Belastingdienst keurt vanaf 6 september 2024 geen nieuwe modelovereenkomsten meer goed. Alle lopende goedgekeurde modelovereenkomsten zijn wel automatisch tot eind 2029 verlengd. De Belastingdienst kan een modelovereenkomst echter intrekken als deze niet meer voldoet aan wet- en regelgeving en jurisprudentie of als blijkt dat niet volgens de voorwaarden van de modelovereenkomst gewerkt wordt of kan worden.

Tip! Wil je dat de Belastingdienst een arbeidsrelatie beoordeelt, gebruik dan het formulier Verzoek vooroverleg beoordeling arbeidsrelatie. In de Checklist vooroverleg beoordeling arbeidsrelatie vindt je welke informatie je minimaal moet vermelden in jouw verzoek.

3. Vrije ruimte en normbedragen WKR omhoog

Via de werkkostenregeling kun je als werkgever diverse zaken belastingvrij vergoeden of verstrekken aan jouw personeel. Blijven de vergoedingen binnen de zogenaamde ‘vrije ruimte’, dan hoeft ook de werkgever hierover geen belasting te betalen. De vrije ruimte wordt in 2025 iets verhoogd naar 2% (in 2024 nog 1,92%) van de loonsom, tot een bedrag van € 400.000. Voor zover de loonsom hoger is, blijft de vrije ruimte over het meerdere 1,18%, net als in 2024.

Voor de extra kosten die verbonden zijn aan thuiswerken, kun je – onder voorwaarden – een onbelaste vergoeding geven aan jouw werknemer. Deze onbelaste vergoeding bedraagt in 2025 € 2,40 per dag. Het normbedrag voor de waarde van maaltijden in bedrijfskantines (of soortgelijke ruimtes) of tijdens personeelsfeesten op de bedrijfslocatie bedraagt in 2025 € 3,95 per maaltijd. Het normbedrag van huisvesting op de werkplek stijgt in 2025 naar € 6,80 per dag.

4. Gebruikelijk loon en vrijwilligersvergoeding 2025 gelijk aan 2024

Het normbedrag voor het gebruikelijk loon is in 2025 gelijk aan het normbedrag in 2024 en bedraagt € 56.000 per jaar. Na een jarenlange stijging van het normbedrag (in 2023 bedroeg het bijvoorbeeld nog € 51.000 en in 2022 € 48.000) hoef je dus in 2025 geen rekening te houden met een hoger normbedrag. Desondanks kan het gebruikelijk loon in 2025 toch hoger zijn dan in 2024, een en ander afhankelijk van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking en het loon van de meestverdienende werknemer van jouw bv of daarmee verbonden bv’s.

Ook de maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding blijft in 2025 gelijk aan 2024, namelijk maximaal € 2.100 per jaar en € 210 per maand. De onbelaste vrijwilligersvergoeding moet binnen de maximale bedragen blijven en de vrijwilliger moet de werkzaamheden niet bij wijze van beroep verrichten voor aangewezen, niet-commerciële organisaties. De Belastingdienst gaat ervan uit dat de werkzaamheden niet bij wijze van beroep worden verricht als de maximum uurvergoeding in 2025 € 5,60 bedraagt. Voor vrijwilligers jonger dan 21 jaar bedraagt deze maximum uurvergoeding in 2025 € 3,30.

5. Bijtelling nieuwe auto zonder CO2-uitstoot en eindheffing wisselend gebruikte bestelauto omhoog

De bijtelling voor nieuwe auto’s zonder CO2-uitstoot (onder meer volledig elektrische auto’s) gaat in 2025 omhoog naar 17% tot een catalogusprijs van € 30.000 en bedraagt 22% daarboven. Het jaar 2025 is het laatste jaar waarin een korting geldt voor dergelijke nieuwe auto’s. De bijtelling voor nieuwe auto’s met een CO2-uitstoot van meer dan 0 gram per kilometer verandert in 2025 niet. Deze blijft, net als in eerdere jaren, gehandhaafd op 22%.

De bijtelling voor het privégebruik van een afwisselend door meerdere werknemers gebruikte bestelauto kan een werkgever afkopen door het toepassen van een eindheffing. Het bedrag van deze eindheffing bedraagt in 2025 geen € 300 per jaar meer, maar is verhoogd naar € 438 per jaar (€ 36,50 per maand).

Let op! De onbelaste reiskostenvergoeding voor zakelijke reiskosten met eigen vervoer, waaronder woon-werkverkeer, is in 2025 gelijk aan 2024 en bedraagt € 0,23/km.

6. Ruimere WBSO

Via de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) krijgen werkgevers een tegemoetkoming in de kosten van innovatieve werkzaamheden. De werkgever verrekent de toegekende tegemoetkoming met de af te dragen loonheffing. Verschillende percentages van de WBSO zijn met ingang van 1 januari 2025 verhoogd. Vanaf 2025 geldt voor kosten tot € 380.000 een percentage van 36% en voor het meerdere 16%. Voor starters geldt vanaf 2025 een percentage van 50% voor kosten tot € 380.000.

7. Wijzigingen Wet tegemoetkomingen loondomein

De Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) draagt bij om werkgevers te stimuleren mensen met een kwetsbare positie in dienst te nemen en te houden. In de Wtl is vanaf 2025 alleen nog het loonkostenvoordeel (LKV) opgenomen. Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is per 1 januari 2025 afgeschaft. Uitbetaling van het LIV 2024 vindt nog wel plaats in juli/augustus 2025.

Een andere wijziging is de afbouw van het LKV voor oudere werknemers. Voor dienstbetrekkingen die begonnen vóór 1 januari 2024 blijft het LKV voor oudere werknemers van € 3,05 per verloond uur met een maximum van € 6.000 per kalenderjaar gewoon in stand tot het einde van de looptijd van maximaal drie jaar. Voor dienstbetrekkingen die begonnen op of ná 1 januari 2024 is het LKV per 1 januari 2025 echter verlaagd naar € 1,35 per verloond uur met een maximum van € 2.600 per kalenderjaar.

Let op! Vanaf 1 januari 2026 bestaat voor deze dienstbetrekkingen geen recht meer op LKV. Wel vindt voor deze dienstbetrekkingen in 2026 nog uitbetaling van het LKV 2025 plaats.

Verder zijn vanaf 2025 de criteria van het LKV herplaatsen werknemer met arbeidshandicap verruimd. Voor een werknemer die in de wachttijd van de WIA zijn eigen arbeid geheel of gedeeltelijk hervat of geheel of gedeeltelijk in een andere functie bij u gaat werken, heeft u vanaf 2025 namelijk ook recht op dit LKV.

8. Minder snel herziening lage Awf-premie naar hoge Awf-premie vanaf 2025

De gedifferentieerde premie voor het Algemeen Werkeloosheidsfonds (Awf) bestaat uit een hoge en lage Awf-premie. Je mag als werkgever een lage Awf-premie toepassen als aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Voldoe je daar niet aan, dan betaal je een hoge Awf-premie. De lage premie bedraagt in 2025 2,74%, de hoge premie 7,74%.

In bepaalde situaties moet je een lage Awf-premie met terugwerkende kracht herzien naar een hoge Awf-premie. Dit is onder meer het geval als de verloonde uren van een werknemer waarvoor u de lage Awf-premie toepaste, in een jaar meer dan 30% hoger zijn dan de contracturen. Voor het jaar 2024 hoef je dan alleen alsnog de hoge Awf-premie toe te passen bij werknemers met een arbeidscontract van gemiddeld minder dan 35 uur per week. Controleer begin 2025 of je zo’n herziening voor het jaar 2024 moet toepassen. Voor het jaar 2025 hoef je minder snel zo’n herziening toe te passen. Je hoeft dat dan alleen nog te doen bij werknemers met een arbeidscontract van gemiddeld 30 uur of minder per week.

Let op! De lage Awf-premie moet ook worden herzien naar de hoge Awf-premie als een nieuwe werknemer binnen twee maanden na indiensttreding ontslag neemt of wordt ontslagen. Deze herziening is niet afhankelijk van het aantal contracturen en geldt dus bij alle contracten.

9. Wijzigingen 30%-regeling

De 30%-regeling is een fiscale regeling waarbij, onder strikte voorwaarden, maximaal 30% van het salaris belastingvrij mag worden uitbetaald aan personeel dat uit het buitenland is aangetrokken. Deze regeling zou versoberd worden, maar een groot deel van die versobering is met ingang van 2025 weer teruggedraaid. Dit betekent dat als voldaan is aan de strikte voorwaarden in 2025 en 2026 nog gewoon het percentage van maximaal 30% mag worden toegepast. Vanaf 2027 wordt dit percentage verlaagd naar 27%, tenzij je voor de werknemer vóór 2024 de 30%-regeling al toepaste. In dat geval mag je gedurende de hele periode van 60 maanden het percentage van 30% toepassen.

De 30%-regeling mag in 2025 worden toegepast over een salaris tot maximaal € 246.000 (in 2024 was dit nog € 233.000). Dit maximum geldt overigens in 2025 niet als je voor de werknemer vóór 2023 de 30%-regeling al toepaste.

In 2025 bedraagt de in de 30%-regeling toegepaste salarisnorm € 46.660. Voor werknemers die instromen en jonger zijn dan 30 jaar en hun masterdiploma hebben behaald, bedraagt de salarisnorm in 2025 € 35.468. Beide bedragen worden met ingang van 2027 verhoogd naar € 50.436, respectievelijk € 38.338. Dit zijn de bedragen op basis van de bedragen die golden in 2024 en deze worden per 2027 nog geïndexeerd. Dit verhoogde salaris geldt vanaf 2027 overigens niet voor degenen die de 30%-regeling al vóór 2024 toepasten.

Let op! Werknemers die van de 30%-regeling gebruikmaken, hoefden tot en met 2024 geen belasting in box 2 en box 3 te betalen over buitenlands kapitaalinkomen. Dit wordt ook wel de partiële buitenlandse belastingplicht genoemd. Deze faciliteit is per 2025 vervallen. Dit geldt niet voor situaties waarin de 30%-regeling al vóór 2024 werd toegepast. In deze situaties blijft de faciliteit tot en met 2026 van kracht. Voor werknemers waarvoor de buitenlandse partiële belastingplicht per 2025 vervalt, kun je vanaf 2025 geen gebruik meer maken van de mogelijkheid om de loonbelasting/premie volksverzekeringen die je moet inhouden af te stemmen op de inkomstenbelasting en eventuele premie volksverzekeringen die jouw werknemer moet betalen.

10. Verplichte rapportage zakelijk en woon-werkverkeer werknemers uiterlijk 30 juni 2025

Werkgevers met 100 of meer werknemers zijn vanaf 1 juli 2024 verplicht om te rapporteren over het zakelijk verkeer én het woon-werkverkeer van hun werknemers. Deze verplichting maakt onderdeel uit van de Omgevingswet van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en staat bekend onder de naam ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’, afgekort WPM.

Deze werkgevers moeten bijvoorbeeld het totaalaantal kilometers dat de werknemers afleggen voor zakelijk en woon-werkverkeer rapporteren, maar ook het jaartotaal aan kilometers, verdeeld naar soort vervoermiddel en brandstoftype. De gegevens over 2024 kunnen vanaf 15 januari 2025 doorgegeven worden en moeten uiterlijk 30 juni 2025 ingestuurd zijn. In 2026 is een rapportage over het hele jaar 2025 verplicht.

Door |2025-01-17T08:56:50+01:0017 januari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Top 10 wijzigingen voor de werkgever 2025
  • Lage AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding tóch mogelijk

Lage AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding tóch mogelijk

Met terugwerkende kracht – vanaf 1 januari 2020 – is het standpunt over de premie voor het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWf) bij tijdelijke urenuitbreiding gewijzigd. Dat heeft het vorige kabinet nog bepaald. Heb je daardoor te veel AWf-premie betaald? Dan kun je de te veel betaalde premie terugkrijgen.

Wat is gewijzigd?
Het oorspronkelijke standpunt was dat een tijdelijke urenuitbreiding altijd een aparte arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is. Hierop was daarom altijd de hoge AWf-premie van toepassing. Nu is bepaald dat een tijdelijke urenuitbreiding ook een tijdelijke wijziging van een bestaande arbeidsovereenkomst kan zijn, waardoor de lage AWf-premie van toepassing is.

Gevolgen voor de AWf-premie
Voor 2020, 2021 en 2022 geldt voor de tijdelijke urenuitbreiding dezelfde AWf-premie als voor de oorspronkelijke uren. Betaal of betaalde je voor de bestaande arbeidsovereenkomst de lage premie AWf? Dan heb je misschien over eerdere aangiftetijdvakken in 2020 en 2021 te veel AWf-premie betaald voor de tijdelijke urenuitbreiding. Het gewijzigde standpunt heeft geen gevolgen voor jou als je voor de bestaande arbeidsovereenkomst de hoge AWf-premie betaalt of betaalde.

Tijdelijke urenuitbreiding soms wél een aparte arbeidsovereenkomst
In de volgende situaties is de tijdelijke urenuitbreiding nog wel een aparte arbeidsovereenkomst:

  • de werkzaamheden of arbeidsvoorwaarden voor de urenuitbreiding verschillen wezenlijk van die van de bestaande arbeidsovereenkomst;
  • je bent met de werknemer voor de urenuitbreiding expliciet een aparte arbeidsovereenkomst overeengekomen.

In deze situaties verandert er niets. Op deze aparte arbeidsovereenkomst is en blijft de hoge AWf-premie van toepassing.

Hoe krijg je de te veel betaalde premie AWf terug?
Om de te veel betaalde AWf-premie terug te krijgen, moet je de aangiften loonheffingen over 2020 en 2021 corrigeren. Op de website van de Belastingdienst is een stappenplan te vinden.

Voor elk aangiftetijdvak in 2020 dat je volgens het gewijzigde standpunt mag corrigeren, verzend je een losse correctie. De Belastingdienst betaalt het te veel betaalde bedrag terug of verrekent dat met openstaande schulden. Heb je bijzonder uitstel van betaling vanwege de Coronacrisis? Dan maakt de Belastingdienst de teruggaaf naar je over. Deze wordt dan niet verrekend.

Voor verstreken aangiftetijdvakken van 2021 verzend je de correcties uiterlijk bij de aangifte over het laatste aangiftetijdvak (december of 13e periode). De teruggaaf van de te veel betaalde AWf-premie kun je verrekenen met de afdracht over het laatste tijdvak. Heb je al aangifte over het laatste tijdvak gedaan? Dan kun je tot en met 31 januari 2022 de aangifte over december of 13e periode nogmaals verzenden, maar dan met de correcties over de afzonderlijke aangiftetijdvakken daarbij.

Let op! Het gewijzigde standpunt geldt voor 2020, 2021 en 2022. De Belastingdienst komt later met informatie over hoe je met tijdelijke urenuitbreidingen vanaf 2023 moet omgaan en wat voor invloed dat heeft op de AWf-premie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-31T12:10:33+01:0031 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lage AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding tóch mogelijk

  • Werkgeverspremies voor 2022 bekend

Werkgeverspremies voor 2022 bekend

De definitieve werkgeverspremies voor 2022 voor de werknemersverzekeringen en de volksverzekeringen zijn gepubliceerd in de Staatscourant. De nieuwe percentages moet je vanaf 1 januari 2022 hanteren bij het invullen van de loonaangifte voor de werknemers.

De premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) is gedifferentieerd. Ook is het maximumpremieloon voor 2022 bekendgemaakt.

Gedifferentieerde Aof-premie per 2022
Per 1 januari 2022 geldt een gedifferentieerde Aof-premie. Er is een lagere premie voor kleine werkgevers en een hogere premie voor (middel)grote werkgevers. Dit onderscheid moet de loondoorbetalingsplicht bij ziekte goedkoper maken voor kleinere werkgevers.

Wat zijn de percentages voor 2022?

Premies  2021  2022
AOW Ouderdomsfonds 17,90% 17,90%
ANW Nabestaandenfonds 0,10% 0,10%
AWf Algemeen Werkloosheidsfonds
AWf-laag 2,70% 2,70%
AWf-hoog 7,70% 7,70%
Ufo Uitvoeringsfonds voor Overheid 0,68% 0,68%
Sfn/Ufo Uniforme opslag kinderopvangtoeslag 0,50% 0,50%
Aof Arbeidsongeschiktheidsfonds 7,03%
Aof-laag 5,49%
Aof-hoog 7,05%

Grens kleine en (middel)grote werkgevers
Voor de premievaststelling wordt gekeken naar het gemiddelde premieplichtig loon van alle werknemers in één jaar. Bij de premievaststelling voor het jaar 2022 wordt gekeken naar het gemiddelde premieplichtig loon in het jaar 2020. Dat is gebaseerd op gegevens van het Centraal Plan Bureau. In 2020 was het premieplichtig loon €35.300. De grens kleine/middelgrote werkgever bedraagt 25 x €35.300 = €882.500. De grens middelgrote/grote werkgever bedraagt 100 x €35.300 = €3.530.000.

Maximumpremieloon in 2022
Het maximumpremieloon is ook bekend. Dat is in 2022 €59.706 op jaarbasis. In 2021 was dat nog €58.311. Je hoeft over het meerdere dat een werknemer verdient geen premies te betalen. Dit maximumbedrag wordt ook gehanteerd bij het berekenen van de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (ZVW).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-12-03T14:28:50+01:003 december 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Werkgeverspremies voor 2022 bekend

  • Kabinet maakt premieverlaging AWF bekend

Kabinet maakt premieverlaging AWF bekend

Het kabinet heeft de premieverlaging van het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWF) bekend gemaakt. De premieverlaging is de compensatie die geboden wordt vanwege het schrappen van de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK).

Schrappen BIK
Eerder maakte het kabinet bekend dat de BIK met terugwerkende kracht tot 1 januari van dit jaar geschrapt wordt. Dit vanwege het feit dat de Europese Commissie waarschijnlijk niet met de regeling akkoord zal gaan. De BIK was bedoeld om in de huidige Coronatijd de investeringen aan te jagen.

Zelfde doelgroep
Met de verlaging van de AWF-premie zorgt het kabinet ervoor dat het voordeel van de BIK bij dezelfde doelgroep terecht komt, namelijk bedrijven met personeel in dienst. De BIK kon namelijk alleen met de loonheffingen verrekend worden.

Verlaging hoge en lage AWF-premie
Zowel de hoge als de lage AWF-premie worden verlaagd. De lage premie is met name van toepassing op werknemers met een vast contract. De hoge AWF-premie daalt van 7,7% naar 5,34%. De lage AWF-premie daalt van 2,7% naar 0,34%. Op deze manier blijft het wettelijke verschil tussen de hoge en lage premie van 5%-punt gehandhaafd.

Ingangsdatum 1 augustus
Het is de bedoeling dat de verlaging per 1 augustus van dit jaar ingaat. De verlaging moet namelijk nog op uitvoerbaarheid worden getoetst en wordt waarschijnlijk per 24 juni definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-16T09:15:54+02:0016 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Kabinet maakt premieverlaging AWF bekend

  • Kabinet schrapt BIK in ruil voor lagere AWF-premie

Kabinet schrapt BIK in ruil voor lagere AWF-premie

Het kabinet heeft besloten de Baangerelateerde investeringskorting (BIK) met terugwerkende kracht tot 1 januari van dit jaar te schrappen. Dit vanwege de verwachting dat de Europese Commissie de BIK als ongeoorloofde staatsteun zal aanmerken en hiermee niet akkoord zal gaan.

BIK
De BIK was bedoeld om in de Coronacrisis ondernemers te motiveren om extra te investeren. Daarom kon een korting op de afdracht van loonheffingen worden verkregen. Deze bedroeg 3% voor de eerste €5 miljoen aan investeringen en 2,44% over het meerdere aan investeringen.

Lagere AWF-premie
Omdat het kabinet de voor de BIK gereserveerde middelen toch aan het bedrijfsleven wil doen toekomen, is het plan om de AWF-premie (werkloosheidsfonds) te verlagen. Hierdoor komen de middelen terecht bij ondernemers met personeel, net als bij de BIK.

Omvang onbekend
Met hoeveel de AWF-premie gaat dalen, is nog niet bekend. De premie bedraagt nu 2,7% voor werknemers met een vast contract en 7,7% in de meeste ander gevallen. Met de BIK was jaarlijks een bedrag van €2 miljard gemoeid.

Vanaf 1 augustus
Het is de bedoeling dat de AWF-premie dit jaar vanaf 1 augustus verlaagd wordt. Dit zou voor de resterende maanden van 2021 een nog verdere daling kunnen betekenen.

Gevolgen individueel verschillend
De gevolgen van het schrappen van de BIK en het in de plaats hiervan verlagen van de AWF-premie, zullen per bedrijf verschillen. Zo zal men alleen het negatieve gevolg van het schrappen van de BIK missen als men tussen 1 oktober 2020 en 31 december 2022 zou investeren in nieuwe bedrijfsmiddelen. Overigens kon de BIK pas vanaf 1 september van dit jaar worden aangevraagd, dus de wijziging levert het bedrijfsleven geen uitvoeringstechnische problemen op.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-07T09:53:54+02:007 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Kabinet schrapt BIK in ruil voor lagere AWF-premie