arbeidsmarkt

  • Nieuwsbrief april 2023

Nieuwsbrief april 2023

Let op!
Wij willen voldoen aan de wens om actueel te zijn. Het overzicht in deze MKB-Nieuwsbrief is geschreven met de kennis tot en met maandag 10 april 2023, 20:00 uur.


1. Nieuwe maatregelen voor de arbeidsmarkt

Minister van Gennip van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een pakket aan maatregelen gepresenteerd om de arbeidsmarkt vlot te trekken. Het pakket is bedoeld om werkenden meer inkomenszekerheid te bieden en om ondernemers meer flexibiliteit te geven. Zelfstandigen moeten zich bij tegenslag beter beschermd weten.

Zekerheid voor werkenden
Het vaste contract moet weer de norm worden. Dit betekent onder meer dat nulurencontracten worden verboden. Werknemers met een oproepcontract dienen een vast basiscontract te krijgen voor het aantal uren waarvoor ze ten minste standaard worden ingeroosterd. Dit moet hun een stuk zekerheid gaan bieden. Ook uitzendkrachten krijgen dan sneller een contract met meer zekerheid.

Onderbrekingstermijn naar vijf jaar
De onderbrekingstermijn na drie tijdelijke contracten wordt opgerekt van zes maanden naar vijf jaar. Pas na vijf jaar mag de werkgever een nieuw contract aanbieden. Draaideurconstructies worden hierdoor een halt toegeroepen.

Verplichte AOV
Zelfstandigen krijgen te maken met een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering. Het kabinet verkent de mogelijkheid van een ‘opt-out’. Dat wil zeggen de optie om uit de publieke verzekering te stappen als de zelfstandige een private verzekering afsluit met ten minste dezelfde dekking en premie als de publieke variant. Het doel van de opt-out is dat zelfstandigen de keuze hebben om zelf te bepalen welke verzekering voor hen passend is, zodat deze tegemoetkomt aan de verzekeringsbehoefte die de zelfstandige heeft.

Verlenging IOW
De Inkomensvoorziening Oudere Werklozen (IOW) wordt nogmaals met een periode van vier jaar verlengd. Deze wet verstrekt aan werknemers die ouder zijn dan 60 jaar en 4 maanden, aansluitend aan de verlengde WW- of de WGA-uitkering, een uitkering op bijstandsniveau zonder een partner- en vermogenstoets.

Flexibiliteit voor ondernemers
Ondernemerschap moet worden gestimuleerd, ook als het gaat om kleine organisaties. De re-integratie van zieke werknemers zal zich in het tweede ziektejaar primair richten op re-integratie in spoor 2, dus bij een andere werkgever. Hierdoor krijgen kleine en middelgrote werkgevers (tot en met 100 werknemers) al na één ziektejaar van een werknemer duidelijkheid over de mogelijkheid van duurzame vervanging van deze medewerker, zodat zij hun bedrijfsvoering kunnen voortzetten.

Crisisregeling
Werkgevers die te maken krijgen met een crisis of calamiteit die buiten het reguliere ondernemersrisico valt (denk aan de Coronacrisis), kunnen een beroep doen op de Crisisregeling Personeelsbehoud (voorheen Deeltijd WW). Die regeling maakt het mogelijk dat werknemers maximaal zes maanden op een andere plek in het bedrijf kunnen werken of tijdelijk minder gaan werken met behoud van hun WW-rechten. Verlenging van deze regeling is niet mogelijk.

Minder werk?
De werkgever kan ervoor kiezen werknemers minimaal 20% minder te laten werken. Over het aantal niet-gewerkte uren wordt 80% loon betaald, waarbij het totale loon niet meer dan 10% mag dalen. Ook mag het inkomen van de werknemer niet lager zijn dan het wettelijk minimumloon. Als de werkgever hiervoor kiest, kan deze een tegemoetkoming van 60% voor de loonkosten van de niet-gewerkte uren aanvragen.

Wijziging WW-premie
Ook ten aanzien van de WW-premie komen er wijzigingen. Zo worden bij grote vaste contracten van minimaal 30 uur (thans: 35 uur) de kosten in de WW-premie voor overwerk beperkt. Het vaste basiscontract gaat onder de lage WW-premie vallen.

Let op!
Dit pakket aan maatregelen moet nog verder worden uitgewerkt en voorgelegd worden aan de Tweede en Eerste Kamer.


2. Bezorgers Deliveroo zijn werkzaam op basis van arbeidsovereenkomst

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat bezorgers van Deliveroo in Nederland werkzaam waren op basis van een arbeidsovereenkomst, met als consequentie dat zij werknemersbescherming hebben. Dit houdt in dat zij recht hebben op ontslagbescherming, loondoorbetaling bij ziekte, vakantiegeld en vakantiedagen.

Drie eisen van de arbeidsovereenkomst
De Hoge Raad deed onlangs uitspraak in de zaak van de bezorgers van het inmiddels uit Nederland vertrokken platform Deliveroo. Volgens de Hoge Raad is voldaan aan de drie eisen die de wet aan het bestaan van een arbeidsovereenkomst verbindt, te weten:

  • persoonlijke arbeidsverrichting door de werknemer;
  • loonbetaling door de werkgever; en
  • het werken onder gezag van de werkgever.

Dat de bezorgers de vrijheid hadden om al dan niet in te loggen op de app waarmee zij maaltijdritten konden accepteren en het feit dat zij de vrijheid hadden zich te laten vervangen, waren in deze zaak onvoldoende om niet van een arbeidsovereenkomst te spreken.

Omstandigheden van het geval
Het al dan niet aanwezig zijn van een arbeidsovereenkomst hangt volgens de Hoge Raad namelijk af van alle omstandigheden van het geval, in onderling verband bezien. Om het onderlinge verband van alle genoemde omstandigheden te bepalen, gaat de Hoge Raad uit van een zogenaamde holistische benadering. Hierbij wordt gekeken vanuit diverse gezichtspunten. Van belang kunnen onder meer zijn:

  • de aard en duur van de werkzaamheden;
  • de wijze waarop de werkzaamheden en de werktijden worden bepaald;
  • de inbedding van het werk en degene die de werkzaamheden verricht in de organisatie en de bedrijfsvoering van degene voor wie de werkzaamheden worden verricht;
  • het al dan niet bestaan van een verplichting het werk persoonlijk uit te voeren;
  • de wijze waarop de contractuele regeling van de verhouding van partijen tot stand is gekomen;
  • de wijze waarop de beloning wordt bepaald en waarop deze wordt uitgekeerd;
  • de hoogte van deze beloningen;
  • de vraag of degene die de werkzaamheden verricht daarbij commercieel risico loopt.

Ook kan van belang zijn of degene die de werkzaamheden verricht zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt of kan gedragen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld het verwerven van een reputatie, het plegen van acquisitie en de fiscale behandeling, mede gelet op het aantal opdrachtgevers voor wie hij werkt of heeft gewerkt en de duur waarvoor hij zich doorgaans aan een bepaalde opdrachtgever verbindt.

Wetgever aan zet
Het is nu aan de wetgever om een en ander tot uitdrukking te brengen in nieuwe wetgeving. Met name de nadere invulling van het begrip ‘organisatorische inbedding’ is van belang voor bedrijven die werken met zzp’ers die werkzaamheden verrichten die tot de normale bedrijfsvoering behoren.


3. Wet toezicht gelijke kansen werving en selectie aangenomen

Op 14 maart 2023 heeft de Tweede Kamer de wet Toezicht gelijke kansen werving en selectie aangenomen. Hierin is onder meer opgenomen dat werkgevers verplicht zijn een werkwijze op te stellen waarin zij aangeven hoe zij hun werving- en selectieproces inrichten, zodanig dat arbeidsmarktdiscriminatie geen rol kan spelen.

Let op!
Deze wet zal waarschijnlijk in mei 2024 in werking treden.

Onbewuste vooroordelen
Veel werkgevers selecteren kandidaten op basis van een eerste indruk. Dit betekent in veel gevallen dat de kandidaat gelijkenissen vertoont met degene die hem of haar aanneemt. Hierdoor neemt de kans op een organisatie met een divers personeelsbestand af. Daarom is het van belang stil te staan bij deze onbewust levende (voor)oordelen.

Verplichte werkwijze opstellen
Om bedrijven actief na te laten denken over de vaak onbewuste discriminatie, is de wet Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie in het leven geroepen. Werkgevers zijn op grond van deze wet verplicht een werkwijze op te stellen waarin zij aangeven hoe zij hun werving- en selectieproces inrichten en ervoor zorgen dat arbeidsmarktdiscriminatie geen rol kan spelen. Deze verplichting gaat gelden voor alle werkgevers.

Vastleggen door ‘grotere’ werkgevers
Uit de ‘werkwijze’ moet blijken dat er uitsluitend geworven wordt op basis van relevante functie-eisen. De werkwijze moet controleerbaar en systematisch ingericht zijn. Organisaties met meer dan 25 werknemers moeten deze werkwijze op schrift uitwerken.

Kleinere werkgevers
Werkgevers met ten hoogste 25 werknemers hoeven dit pas op schrift te stellen als de Arbeidsinspectie dit eist of als de werkgever gerechtelijk is veroordeeld voor een verboden onderscheid of als er een oordeel is van het College voor de Rechten van de Mens in verband met een verboden onderscheid.

Inspectie
De Nederlandse Arbeidsinspectie is de handhavende instantie. Signaleert deze tekortkomingen, dan krijgt de werkgever een mogelijkheid om deze te herstellen. Als deze niet hersteld worden, kan de Arbeidsinspectie een bestuurlijke boete opleggen van maximaal €4.500.

Meldplicht intermediairs
Er gaat een meldplicht gelden voor intermediairs. Deze meldplicht houdt in dat intermediairs moeten beschikken over een ‘procedure’ hoe met verzoeken die (vermoedelijk) tot arbeidsmarktdiscriminatie (kunnen) leiden, wordt omgegaan. Zij moeten deze procedure ook toepassen. Er geldt weliswaar geen schriftelijkheidseis, maar het is aan te raden de procedure schriftelijk vast te leggen.

Het gaat er concreet om dat bij een (mogelijk) discriminerend verzoek door een opdrachtgever – denk bijvoorbeeld aan een werkervaringseis – de intermediair eerst hierover het gesprek moet gaan voeren met de opdrachtgever om het verzoek aan te passen. Leidt dit niet tot een oplossing, dan moet de intermediair dit melden bij de Arbeidsinspectie. Op basis van deze melding kan de Arbeidsinspectie de werkwijze voor het wervings- en selectiebeleid van de opdrachtgever controleren.

Vervolg
De Eerste Kamer moet nog instemmen met deze wet. De eisen aan de werkwijze worden verder uitgewerkt en vastgelegd in nadere regels. Ook worden hulpmiddelen voor werkgevers ontwikkeld. De wet treedt naar verwachting vanaf medio 2024 in werking.


4. Box 3: wat gebeurde er afgelopen maand?

Box 3 houdt de gemoederen nog volop bezig. Ook afgelopen maand verscheen weer voldoende berichtgeving. In dit artikel vind je een overzicht.

Forfaits 2022 bekend
Zo maakte staatssecretaris Van Rij de definitieve forfaits voor bank- en spaartegoeden en schulden voor het jaar 2022 bekend. Voor het jaar 2023 worden deze definitieve forfaits pas begin 2024 vastgesteld, behalve voor de overige bezittingen. Dat forfait is al vastgesteld.

Nieuwsbrief april 2023

*Voorlopig percentage

Belastingdienst houdt box 3-bezwaren 2017-2021 aan
De Belastingdienst doet momenteel geen uitspraak op bezwaar als het bezwaar gericht is tegen de box 3-heffing voor de jaren 2017 tot en met 2021. Tot de staatssecretaris duidelijk heeft gemaakt wat de aanpak wordt van deze bezwaren, houdt de Belastingdienst deze aan.

Let op!
Dat geldt niet als je in jouw bezwaar ook in verweer komt tegen ander zaken dan box 3.

Jouw box 3-inkomen over de jaren 2017 tot en met 2022 wordt op twee manieren berekend:

  • volgens de oude manier van box 3, waarbij wordt uitgegaan van forfaits en een fictieve verdeling van jouw vermogen, en
  • volgens de nieuwe manier van het rechtsherstel box 3, waarbij wordt uitgegaan van forfaits en de daadwerkelijke verdeling van jouw vermogen.

Bij de vaststelling van de box 3-heffing houdt de Belastingdienst in jouw definitieve aanslag automatisch alleen rekening met de laagste uitkomst van deze twee berekeningen.

Ontvang je een definitieve aanslag inkomstenbelasting over de jaren 2017 tot en met 2021, overleg dan met onze adviseurs of bezwaar maken verstandig is. Zo kan jouw werkelijke behaalde rendement bijvoorbeeld (sterk) afwijken van het door de Belastingdienst berekende box 3-inkomen. Inmiddels is ook al enige rechtspraak verschenen over de vraag of recht bestaat op verdere verlaging van de box 3-heffing als het werkelijke rendement lager is. Bezwaar maken kan daarom zinvol zijn. Doe dit wel snel, je hebt namelijk vanaf de dagtekening van de aanslag maar zes weken om een bezwaar in te dienen.

Let op!
De rechtspraak ligt momenteel niet allemaal op één lijn en de Hoge Raad heeft ook nog geen oordeel uitgesproken. Voorlopig is het daarom nog niet duidelijk of je ook recht hebt op verdere verlaging van jouw box 3-heffing als jouw werkelijke rendement lager is dan waarmee in jouw definitieve aanslag is gerekend.

Box 3-stelsel op basis van werkelijk rendement pas vanaf 2027
Tot slot liet staatssecretaris Van Rij onlangs weten dat een box 3-stelsel op basis van werkelijk rendement op zijn vroegst vanaf 2027 kan worden ingevoerd.

Vanaf 2023 wordt box 3 geheven op basis van de Overbruggingswet box 3. Deze heffing is grotendeels gelijk aan de wijze waarop het rechtsherstel voor de jaren tot en met 2023 berekend wordt. De bedoeling was dat deze Overbruggingswet zou gelden tot en met 2025. Vanaf 2026 zou dan een box 3-heffing op basis van werkelijk rendement ingevoerd worden. Dat gaat dus niet lukken. Dit betekent dat de Overbruggingswet ook in 2026 waarschijnlijk nog van kracht is.

Let op!
De verwachting is dat de Overbruggingswet box 3 nog wordt aangepast op een aantal punten. De Kamer heeft het kabinet hiertoe al meerdere malen opgeroepen, bijvoorbeeld om te onderzoeken of een fijnmaziger rendement op overige beleggingen mogelijk is (in plaats van één rendement voor deze grote diverse groep, dat voor 2023 is vastgesteld op 6,17%).


5. Voorkom belastingrente inkomsten- en vennootschapsbelasting

Als de Belastingdienst een aanslag inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting aan je oplegt met een te betalen bedrag, berekent de Belastingdienst in beginsel ook belastingrente. Deze rente bedraagt 4% voor de inkomstenbelasting en 8% voor de vennootschapsbelasting. Je kan deze belastingrente voorkomen. De Belastingdienst berekent namelijk geen belastingrente over jouw aanslag inkomstenbelasting 2022 als je voor 1 mei 2023 jouw aangifte indient of om een voorlopige aanslag vraagt. Over jouw aanslag vennootschapsbelasting 2022 berekent de Belastingdienst geen belastingrente als je voor 1 juni 2023 jouw aangifte indient of voor 1 mei 2023 om een voorlopige aanslag vraagt.


6. Welke verplichtingen heb je bij loonbeslag?

Als beslag op het loon van jouw werknemer wordt gelegd, heb je als werkgever een aantal verplichtingen. Zo ben je verplicht de vragenlijst over onder meer de arbeidsovereenkomst en het salaris van de werknemer (het verklaringsformulier derdenbeslag) in te vullen en terug te sturen naar de deurwaarder. Dit moet na ten minste twee weken na dagtekening van het beslag, maar uiterlijk binnen vier weken. Doe je dit niet, dan loop je het risico schade te moeten vergoeden en/of het bedrag waarvoor beslag is gelegd zelf te moeten betalen. Daarna moet je een bedrag ter grootte van het nettoloon na aftrek van de beslagvrije voet maandelijks aan de beslaglegger betalen. Als je weigert, kan de rechter je veroordelen tot nakoming van deze verplichting. De beslagvrije voet is het deel van het inkomen dat jouw werknemer mag houden voor de vaste lasten en om van te leven. Je kan dit bedrag samen met jouw werknemer narekenen via www.uwbeslagvrijevoet.nl. Als het niet klopt, kan jouw werknemer daartegen bezwaar maken.

Door |2024-05-31T09:26:50+02:0011 april 2023|Nieuwsbrief|Reacties uitgeschakeld voor Nieuwsbrief april 2023
  • Wetsvoorstel invoering wettelijk minimumuurloon aangenomen

Wetsvoorstel invoering wettelijk minimumuurloon aangenomen

De Eerste Kamer is akkoord gegaan met het wetsvoorstel tot invoering van een wettelijk minimumuurloon. Dit betekent dat er naar verwachting vanaf 1 januari 2024 gerekend moet worden met een minimumuurloon op basis van 36 uren per week, in plaats van een minimumloon per maand.

Normale arbeidsduur
Nederland kent als een van de weinige EU-lidstaten wel een minimumloon per maand, maar niet per uur. Dit betekent dat de hoogte van het (niet wettelijk vastgelegde) minimumloon per uur afhankelijk is van het normale aantal uren dat in een sector als voltijd geldt, de zogenoemde normale arbeidsduur (hierna NAD). Dit betekent dat het minimumloon dat een werknemer per uur verdient niet bij iedereen gelijk is, maar afhankelijk is van de sector waar hij in werkt.
Bij de invoering van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml) in 1969 zorgde dit destijds niet voor discussie, omdat de 40-urige werkweek toen voor het grootste deel van de werkenden nog de standaard was. Dit uitgangspunt is echter gewijzigd in de loop der tijd. Er zijn bijvoorbeeld meer werknemers die verschillende uren werken en meerdere banen combineren. Het is nu zo dat de ene werknemer 40 uur per week moet werken om het minimumloon te verdienen terwijl een andere werknemer hetzelfde loon in 36 uur per week kan verdienen.

Handhaving
Bijkomend punt is dat het ontbreken van een minimumuurloon voor problemen zorgt in de handhaving, waardoor werknemers minder goed beschermd zijn tegen uitbuiting en onderbetaling.

Minimumuurloon
De systematiek van de NAD past niet meer bij de huidige arbeidsmarkt, waar variatie in arbeidsduur en (intersectorale) mobiliteit gedurende de loopbaan gebruikelijker is geworden. Om die reden is het reëel om een minimumuurloon in te voeren, waarbij de keuze is gemaakt dit uurloon te baseren op een werkweek van 36 uur.

Let op! Bij invoering van het minimumuurloon kunnen werkgevers waar werknemers het minimumloon verdienen op basis van 38 of 40 uren per week te maken krijgen met een lastenverzwaring, omdat er simpelweg meer betaald moet worden. Het is nog niet bekend of de overheid een verhoging gaat treffen om dit te compenseren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T15:56:33+01:0027 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Wetsvoorstel invoering wettelijk minimumuurloon aangenomen
  • Hernieuwde STAP-subsidie aanvragen vanaf 28 februari

Hernieuwde STAP-subsidie aanvragen vanaf 28 februari

Na een pauze vanwege misbruik en oneigenlijk gebruik, kan de STAP-subsidie (STimulering Arbeidsmarkt Positie) vanaf 28 februari 2023 weer worden aangevraagd. De subsidie is op een aantal punten aangescherpt.

STAP-subsidie
De STAP-subsidie is in de plaats gekomen van de scholingsaftrek. De subsidie bedraagt maximaal €1.000 per persoon per jaar en kan worden aangevraagd bij het UWV. Met de subsidie kunnen mensen een opleiding, training of cursus volgen die in het scholingsregister staan.

Regeling aangescherpt
Vanwege misbruik en oneigenlijk gebruik van de subsidie zijn de voorwaarden op een aantal punten aangescherpt, met name voor de opleiders. Zo is onder andere het aantal toekenningen per opleiding van één opleider begrensd tot 300 per kalenderjaar, moeten opleiders vooraf verklaren te voldoen aan de gestelde eisen en mogen ze cursisten geen cadeaus of snoepreisjes meer aanbieden. Als sanctie kan een opleiding uit het scholingsregister worden verwijderd.

Aanvragen
De eerst volgende mogelijkheid om de STAP-subsidie aan te vragen is op 28 februari 2023 vanaf 10.00 uur. In 2023 zijn daarna nog aanvragen mogelijk vanaf 1 mei, 3 juli, 4 september en 1 november. Iedereen kan één keer per jaar de subsidie aanvragen. Dit moet via de site van het UWV.

Tip! De afgelopen keren dat de STAP-subsidie werd vrijgegeven, was het budget in zeer korte tijd vergeven. Zorg daarom dat je er op 28 februari a.s. op tijd bij bent.

Toekomstplannen STAP
Later dit jaar komt er extra budget voor mensen met maximaal een MBO 4-diploma. Tevens wordt er gekeken naar subsidies voor meerjarige scholing en komen er strakkere regels rond buitensporige prijsverhogingen voor scholingsactiviteiten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-16T11:58:56+01:0016 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Hernieuwde STAP-subsidie aanvragen vanaf 28 februari
  • Moet ik als ondernemer de CBS-enquêtes verplicht invullen?

Moet ik als ondernemer de CBS-enquêtes verplicht invullen?

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) stuurt bedrijven met regelmaat enquêtes toe. Ben je eigenlijk verplicht om dergelijke enquêtes in te vullen?

Waarom enquêtes?
Het CBS stuurt bedrijven enquêtes toe om cijfermatig inzicht te krijgen over talloze zaken die de overheid nodig heeft voor het bepalen van haar beleid. Denk daarbij aan inzicht in de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld aan de vraag of er mogelijke tekorten zijn of dreigen te ontstaan aan personeel in bepaalde sectoren.

Wettelijke verplichting
Een bedrijf is wettelijk verplicht de enquêtes van het CBS binnen de gestelde termijnen te beantwoorden.

Let op! Voor personen geldt de wettelijke verplichting niet. Een persoon kan wel verzocht worden om een enquête in te vullen, maar dit is dus niet verplicht.

Last onder dwangsom
Beantwoord je de enquête van het CBS niet, dan zal het CBS dit afdwingen via een zogenaamde last onder dwangsom. Je krijgt dan de kans om de enquête alsnog te beantwoorden. Als je dit niet binnen veertien dagen doet, moet je een dwangsom betalen.

Tip! Het CBS legt niet meteen een last onder dwangsom op, maar stuurt altijd eerst een herinnering met de vraag om de gegevens met spoed op te sturen.

Hoogte dwangsom
De hoogte van de dwangsom is afhankelijk van de omvang van jouw onderneming, de periode waarop de gevraagde gegevens betrekking hebben en jouw responsgedrag, ofwel de mate waarin je verzuimt de gevraagde gegevens aan te leveren. De hoogte van een dwangsom kan oplopen tot €16.000, maar in bijzondere gevallen zelfs tot €500.000.

Boete
Bij een tweede of volgende overtredingen kun je bestraft worden met een boete die kan oplopen tot maximaal €5.000.

Let op! Het dan alsnog beantwoorden van de enquête doet de boete niet vervallen.

Bezwaar
Bent je het niet eens met een opgelegde sanctie, dan kun je in bezwaar bij de Directeur-Generaal van het CBS. Wijst deze jouw bezwaar af, dan kun je naar de rechter stappen.

Let op! Het ontvangen en betalen van een last onder dwangsom of een boete ontslaat je niet van de verplichting om de enquête te beantwoorden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-29T15:40:18+01:001 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Moet ik als ondernemer de CBS-enquêtes verplicht invullen?

  • Verlenen werkvergunning buitenlandse werknemer gewijzigd

Verlenen werkvergunning buitenlandse werknemer gewijzigd

De Wet arbeid vreemdelingen (WAV) is gewijzigd. Met ingang van 1 januari 2022 kan een werkvergunning voor maximaal drie jaar worden verleend. Voorheen was dat maximaal één jaar. Daarnaast zijn de voorwaarden voor het verkrijgen van een werkvergunning uitgebreid.

Maximale duur werkvergunning naar drie jaar
Voor werknemers die niet uit de Europese Economische Ruimte (EER) of Zwitserland komen, moet je als werkgever in bepaalde gevallen een werkvergunning aanvragen. De EER bestaat uit de EU-lidstaten, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein. Vanaf 1 januari 2022 kan een werkvergunning, afhankelijk van de voorwaarden, voor maximaal drie jaar worden verleend.

Maximaal twee jaar bij volledige arbeidsmarkttoets
Een werkvergunning met een volledige arbeidsmarkttoets kan voor maximaal twee jaar worden verleend in plaats van één jaar. Een volledige arbeidsmarkttoets houdt in dat het UWV volgens een bepaalde methodiek eerst toetst of binnen de EER en Zwitserland geschikt personeel te vinden is; dat wordt prioriteitgenietend aanbod genoemd. Ook moet de beschikbare arbeidsplaats ten minste vijf weken vóór het indienen van de aanvraag gemeld worden bij het UWV Werkbedrijf. Daarnaast moet je kunnen aantonen dat je voldoende inspanningen hebt verricht om de arbeidsplaats door prioriteitgenietend aanbod in te vullen.

Het UWV voert geen volledige arbeidsmarkttoets uit als sprake is van buitengewone omstandigheden die een snelle invulling van de arbeidsplaats noodzakelijk maken en die niet te voorzien of te beïnvloeden waren.

Bij bepaalde werkzaamheden geen volledige arbeidsmarkttoets
Voor bepaalde werkzaamheden wordt een uitzondering gemaakt en vindt er geen volledige arbeidsmarkttoets plaats. Dit geldt voor het uitoefenen van een geestelijke, godsdienstige of levensbeschouwelijke functie. Ook wordt ten behoeve van internationale handelscontacten, scholing, opleiding, vrijwilligerswerk, internationale uitwisseling en andere culturele contacten of ten behoeve van vreemdelingen met een geldige werkvergunning hiervan afgeweken.

Voorwaarden voor een werkvergunning uitgebreid
In de nieuwe WAV is ook een aantal voorwaarden voor het verkrijgen van een werkvergunning toegevoegd. Zo moet je het loon dat op de werkvergunning staat via een bankrekening aan de werknemer betalen. Dit loon betreft de werkzaamheden van maximaal een maand. Zo kan de Nederlandse Arbeidsinspectie de loonbetaling beter controleren.

Ook kan de aanvraag voor een werkvergunning worden afgewezen als er in de organisatie geen economische activiteiten plaatsvinden. Wanneer je kortgeleden met de onderneming bent begonnen, moet je kunnen aantonen dat de onderneming is gestart. Het UWV spreekt dan met je af binnen welke termijn je dat moet aantonen. Verder wordt je voor het verstrekken van een werkvergunning van langer dan een jaar verplicht de buitenlandse werknemer scholing in de Nederlandse taal aan te bieden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-04T17:57:54+01:004 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Verlenen werkvergunning buitenlandse werknemer gewijzigd

  • Alleen vast loon bepalend voor toepassen ‘30%-regeling’

Alleen vast loon bepalend voor toepassen ‘30%-regeling’

Buitenlandse werknemers waarvoor je de 30%-regeling wilt toepassen, moeten een vast loon genieten dat voldoet aan de daarvoor bepaalde fiscale norm. Variabele loonelementen tellen daarvoor niet mee.

30%-regeling
Volgens de 30%-regeling mag je voor werknemers met een specifieke deskundigheid maximaal 30% van het salaris belastingvrij uitbetalen als tegemoetkoming in de extra kosten die dergelijke werknemers plegen te maken. Hiervoor geldt wel een aantal voorwaarden.

Specifieke deskundigheid
Een werknemer wordt geacht over een specifieke deskundigheid te beschikken als hij een bepaald loon verdient. Voor 2022 is dit minimaal €39.467, exclusief de belastingvrije vergoeding. Voor werknemers die in het wetenschappelijk onderwijs een Nederlandse mastertitel hebben behaald of een gelijkwaardige buitenlandse titel, én die jonger zijn dan 30 jaar, is deze inkomensnorm €30.001 exclusief de belastingvrije vergoeding.

Uitzonderingen
Voor werknemers die wetenschappelijk onderzoek doen bij bepaalde instellingen en artsen in opleiding tot specialist, geldt een uitzondering. Zij hoeven helemaal niet aan een inkomensnorm te voldoen. Ook geldt in uitzonderingsgevallen aanvullend een ‘schaarstevereiste’. De deskundigheid van de werknemer moet dan niet of nauwelijks te vinden zijn op de Nederlandse arbeidsmarkt.

Variabel loon telt niet mee
In een uitspraak van de rechtbank Gelderland was de vraag aan de orde of ook variabel loon meetelt voor de fiscale inkomensnorm. De rechtbank vindt van niet, omdat de regeling anders vrijwel onuitvoerbaar wordt.

De rechter bepaalde verder dat alleen het vaste overeengekomen loon bij aanvang van de dienstbetrekking in Nederland beslissend is voor de vraag of aan de norm wordt voldaan. Als op een later moment dus een hoger vast loon wordt afgesproken, is dit niet meer relevant.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-19T09:23:19+01:0019 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Alleen vast loon bepalend voor toepassen ‘30%-regeling’

  • Geen extra correctie bij fout loonkostenvoordeel

Geen extra correctie bij fout loonkostenvoordeel

Als een werkgever een werknemer in dienst neemt die moeilijk toegang heeft tot de arbeidsmarkt, is hiervoor een loonkostenvoordeel beschikbaar. Wie bij het aanvragen van deze tegemoetkoming fouten maakt, heeft voldoende mogelijkheden deze te corrigeren. Extra mogelijkheden voor correctie zijn dan ook niet nodig.

Loonkostenvoordeel
Je kunt loonkostenvoordeel krijgen voor de volgende doelgroepen:

  • oudere werknemers vanaf 56 jaar;
  • arbeidsgehandicapte werknemers die nieuw in dienst komen;
  • werknemers uit de doelgroep van de banenafspraak en scholingsbelemmerden;
  • arbeidsgehandicapte werknemers die herplaatst worden.

Als je het voordeel aanvraagt, heb je een doelgroepenverklaring nodig. Het loonkostenvoordeel kan oplopen tot €6.000 per werknemer per jaar.

Loonaangifte
Je moet in de loonaangifte aanvinken dat je voor een bepaalde werknemer recht hebt op het loonkostenvoordeel. Maak je hierbij een fout, dan kun je dit zelf eenvoudig herstellen.

Corrigeren tot 1 mei
Je kunt door het insturen van een correctiebericht de vergissing ongedaan maken, ook over de voorgaande maanden. Dit kan maandelijks in het kalenderjaar waarover je de tegemoetkoming aanvraagt. Ook in het jaar volgend op dat kalenderjaar kun je nog correctieberichten insturen. Dat kan tot uiterlijk 1 mei van dat jaar. Correcties na 1 mei worden niet meer meegenomen in de definitieve berekening.

Geen verruiming
Staatssecretaris Wiersma (SZW) heeft in antwoord op Kamervragen laten weten dat hij de correctiemogelijkheden voldoende vindt. Er komen dus geen ruimere mogelijkheden om fouten te herstellen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-03T16:56:29+01:003 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Geen extra correctie bij fout loonkostenvoordeel

  • STAP in plaats van scholingsaftrek

STAP in plaats van scholingsaftrek

Vanaf 2022 is er voor scholingsactiviteiten een nieuwe subsidie beschikbaar. Deze kan vanaf 1 maart 2022 worden aangevraagd. De subsidie STAP (Stimulans Arbeidsmarkt Positie) komt in de plaats van de huidige scholingsaftrek.

Scholingsaftrek vervalt
De huidige scholingsaftrek kun je opvoeren in de aangifte inkomstenbelasting en vervalt per 2022. Scholingskosten die je in 2021 betaalt of betaald hebt, zijn nog wel aftrekbaar. Het betreft alleen de kosten van collegegeld, cursusgeld, lesgeld of examengeld en verplicht gestelde leermiddelen, zoals boeken. Andere scholingskosten zijn ook nu niet aftrekbaar.

STAP
De subsidie STAP bedraagt maximaal €1.000 en kan worden aangevraagd bij het UWV. Met de subsidie kunnen mensen een opleiding, training of cursus volgen. Bijvoorbeeld om een MBO-diploma te halen.

Scholingsregister
Een STAP-budget aanvragen kan alleen als de scholingsactiviteiten in het scholingsregister staan. Je kunt op de site van de DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) nagaan of de studie die je wilt volgen in het register staat.

Voordeel onafhankelijk van inkomen
Het voordeel dat een belastingplichtige nu van de scholingsaftrek heeft, is afhankelijk van de hoogte van zijn inkomen. De aftrek levert meer op naarmate het inkomen hoger is en een hoger belastingtarief van toepassing is. De STAP-subsidie is onafhankelijk van het inkomen.

Aandacht voor scholing
Ook op andere manieren is er de laatste tijd meer aandacht voor het belang van scholing. Zo mogen werkgevers sinds kort ook aan oud-werknemers scholingskosten onbelast vergoeden en kunnen MKB-bedrijven via de subsidie SLIM (Stimuleringsregeling leren en ontwikkelen in MKB-ondernemingen) geld aanwenden voor initiatieven gericht op leren en ontwikkelen, zoals het laten ontwikkelen van loopbaanadviezen voor werknemers.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-21T11:08:42+02:0021 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

STAP in plaats van scholingsaftrek

  • Subsidieregeling ‘NL leert door’ voortgezet

Subsidieregeling ‘NL leert door’ voortgezet

Via de subsidieregeling ‘NL leert door’ kan ook dit jaar subsidie worden aangevraagd voor het aanbieden van (online) scholing. Doel is een bijdrage te leveren aan het behoud van werk of het versterken van de arbeidsmarktpositie van werkenden en niet-werkenden.

De regeling is met name gericht op personen die werkloos zijn of dreigen te raken als gevolg van de Coronacrisis. Vanwege het succes van de regeling wordt deze dit jaar voortgezet.

Derde aanvraagtijdvak
De derde periode waarin de subsidie kan worden aangevraagd loopt van woensdag 1 september 2021 tot en met woensdag 8 september 2021. Hiervoor is €30 miljoen beschikbaar. De kortere openstelling van het derde aanvraagtijdvak heeft te maken met de invoering van een lotingssysteem voor dit tijdvak.

Loting
In de eerdere twee aanvraagtijdvakken verliep het aanvraagproces op basis van het principe ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’. Dit wordt nu dus vervangen door een systeem van loting via een notaris.

Volledigheid van belang
Aanvragen die op het moment van loting nog niet volledig zijn, belanden pas op het moment dat die zijn aangevuld door de aanvrager én wel volledig zijn, achteraan in de rij die op basis van de loting is vastgesteld. Het is dus belangrijk een volledige subsidieaanvraag in te dienen.

Hardheidsclausule
Nieuw is dat een opleider, opleiderscollectief of samenwerkingsverband in het derde aanvraagtijdvak een beroep kan doen op de hardheidsclausule als er sprake is van een uitzonderingssituatie die zal leiden tot onbillijkheid. Dit beroep zal moeten worden onderbouwd. De hardheidsclausule zal echter slechts beperkt worden toegepast.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-23T11:26:39+02:0023 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidieregeling ‘NL leert door’ voortgezet

  • Uiterlijk 31 juli berekening tegemoetkomingen WTL

Uiterlijk 31 juli berekening tegemoetkomingen WTL

Als je als werkgever recht hebt op tegemoetkomingen volgens de Wet Tegemoetkomingen Loondomein (WTL) valt uiterlijk 31 juli de berekening van de tegemoetkoming in de bus. Je ontvangt de tegemoetkoming daarna binnen zes weken.

Wet Tegemoetkomingen Loondomein
De Wet Tegemoetkomingen Loondomein bestaat uit een drietal tegemoetkomingen voor werkgevers. Deze tegemoetkomingen in de loonkosten hebben betrekking op werknemers met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt. Het betreft het loonkostenvoordeel (LKV) voor gehandicapte en oudere werknemers, het lage inkomensvoordeel (LIV) en het lage inkomensvoordeel voor jongeren (jeugd-LIV).

Voorlopige berekening
Je hebt uiterlijk 14 maart een voorlopige berekening van de tegemoetkomingen gehad. Dit betreft de tegemoetkomingen over het jaar 2020. Hierin staat per werknemer het bedrag van de tegemoetkoming gespecificeerd. Bij fouten kon je deze tot 1 mei wijzigen.

Definitieve berekening
De definitieve berekening van de tegemoetkomingen ontvang je uiterlijk 31 juli. Het bedrag van de tegemoetkomingen ontvangt je uiterlijk zes weken later.

Fouten in aangiften?
Heb je fouten gemaakt in de aangiften voor de loonheffingen over 2020, dan ben je verplicht deze te herstellen. Je krijgt hierdoor echter geen hogere WTL. Heb je echter te veel WTL ontvangen, dan zal de Belastingdienst dit bedrag wel terugvorderen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-15T13:07:25+02:0015 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Uiterlijk 31 juli berekening tegemoetkomingen WTL