FelienDeRidder

Over Felien de Ridder

Deze auteur heeft nog geen informatie verstrekt.
So far Felien de Ridder has created 1525 blog entries.
  • BMKB-regeling verlengd

BMKB-regeling verlengd

De Borgstellingsregeling MKB-kredieten (BMKB-regeling) is verlengd tot 1 juli 2023. Uit een evaluatie is namelijk gebleken dat deze regeling doelmatig en doeltreffend is.

Overheid staat borg
Via de BMKB-regeling staat de overheid borg voor een deel van een lening die een MKB-ondernemer afsluit bij een financiële instelling. Daardoor wordt eerder krediet verstrekt wanneer een ondernemer over onvoldoende onderpand beschikt.

Omvang borg
In de BMKB-regeling staat de overheid borg voor 90% van het borgstellingskrediet van maximaal €1,5 miljoen. Het aandeel van het borgstellingskrediet in het totale krediet is afhankelijk van de bedrijfssoort.

Drie bedrijfssoorten
Er zijn drie bedrijfssoorten voor het borgstellingskrediet te onderscheiden. Voor starters is het aandeel borgstellingskrediet maximaal driekwart met een maximum van €200.000.
Voor innovatieve bedrijven is het aandeel tweederde, terwijl in reguliere gevallen het aandeel borgstellingskrediet de helft bedraagt. De kredietverstrekker moet dus zelf altijd een deel van het krediet verstrekken.

Tip! Vanwege de Coronacrisis is de omvang van het maximale borgstellingskrediet in de reguliere BMKB-regeling, dus de derde groep uit de vorige alinea, tijdelijk verhoogd. Het aandeel borgstellingskrediet bedraagt tot die tijd maximaal driekwart in plaats van de helft. Deze tijdelijke uitbreiding loopt tot 1 juli 2022.

Hefboomwerking
De BMKB-regeling heeft als belangrijk voordeel de grote hefboomwerking. De uitkering aan schades is namelijk vele malen lager dan het totaalbedrag waarvoor borg wordt gestaan. De BMKB heeft daarom een duidelijke meerwaarde boven een subsidie.

Provisie
Ondernemers die van de regeling gebruikmaken, betalen eenmalig een provisie. De provisie loopt op naarmate de looptijd van het krediet toeneemt en loopt uiteen van 3,9 tot 5,85%.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-16T12:14:41+02:0016 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

BMKB-regeling verlengd

  • Financieel goed jaar medische zorg, maar huisartsen blijven achter

Financieel goed jaar medische zorg, maar huisartsen blijven achter

De Coronapandemie heeft de medische zorg ook in 2021 onder druk gezet. De crisis heeft de risico’s (zoals hoge werkdruk en personeelstekort, oplopende zorgkosten, dubbele vergrijzing, inefficiëntie) blootgelegd en hier en daar geleid tot een versnelling van veranderingen. Financieel gezien was het een positief jaar voor de branche. Zowel de omzet- als de winstontwikkeling is in 2021 versneld.

Dit blijkt uit het SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Brede omzetgroei, maar grote winstverschillen
De medische zorg heeft in 2021 een omzetontwikkeling laten zien van 10,5%, tegenover bijna 6% een jaar eerder. Hiermee presteert de branche min of meer in lijn met het MKB-gemiddelde (+10,1%). De winst is met ruim 20% toegenomen, versus +10,5% in 2020. Hiermee blijft de zorg achter bij het MKB-cijfer (+37,6%).
De omzetgroei wordt breder gedragen dan in eerdere jaren: 75,5% van de zorgondernemers zag de omzet stabiliseren of toenemen (in 2020 was dit bijna 64%). De winstontwikkeling is echter minder eenduidig. Bijna 61% van de zorgondernemers heeft de winst in 2021 zien stabiliseren of stijgen, maar bijna een derde zag de winst juist met 50% of meer afnemen.

Sterke groei in vergelijking met Pre-corona
In vergelijking met de situatie voor de Coronacrisis heeft de medische zorg het in 2021 goed gedaan. Zowel de omzetgroei (+17,5%) als de winstontwikkeling (+42,6%) was aanzienlijk beter dan in 2019. De positieve cijfers worden beïnvloed door de continuïteitsbijdrage (CB) en compensaties voor de extra zorgkosten van de overheid.

Sterke winst tandartsen, huisartsen blijven achter
Binnen de branche valt op dat de huisartsen in 2021 zowel wat betreft omzet- als winstontwikkeling achterblijven bij het branchegemiddelde. Ook in vergelijking met 2019 laten huisartsen minder goede cijfers zien dan de branche als geheel. Tandartspraktijken, ambulante jeugdzorg en maatschappelijk werk lieten in vergelijking met 2020 én met 2019 een sterke winstontwikkeling zien, ruim boven het branchegemiddelde.

Grafiek Branches in Zicht 2022

Personeelskosten opnieuw sterk omhoog
Net als in voorgaande jaren liepen de personeelskosten, met afstand de grootste kostenpost van een zorgorganisatie, op. De stijging van bijna 15% was echter veel sterker dan in eerdere jaren. In 2021 konden zorgmedewerkers via hun werkgever aanspraak maken op een Zorgbonus. Deze subsidie is in mindering gebracht op de personeelskosten. Desondanks lag de stijging van de personeelskosten in de branche duidelijk boven het MKB-gemiddelde van bijna +8%.

De loonkosten zijn in 2021 met ruim 9% gestegen, ten opzichte van bijna 5% voor het MKB als geheel. In 2020 liepen de loonkosten iets sterker op. De post ‘overige personeelskosten’, waaronder ook de inzet van uitzendkrachten valt, is erg sterk gestegen: ruim 81%, tegenover -19% een jaar eerder.

Financiële positie licht achteruit
De financiële positie van bedrijven in de medische zorg is licht verslechterd. Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage ondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating <1%), is uitgekomen op bijna 88, tegenover bijna 90 een jaar eerder. De branche doet het daarmee nog wel beter dan het MKB-gemiddelde, dat licht verbeterde naar ruim 86%.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-16T09:15:59+02:0016 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Financieel goed jaar medische zorg, maar huisartsen blijven achter

  • Sterke ontwikkeling winst en brutomarges in de automotive

Sterke ontwikkeling winst en brutomarges in de automotive

De automotive heeft wat betreft winstontwikkeling een uitstekend jaar achter de rug. Door schaarste en leveringsproblemen staat het aantal transacties onder druk. Gemiddeld genomen is de marge per transactie echter toegenomen. Ook de omzetgroei trok aan, maar niet zo sterk als het MKB-cijfer. De verschillen binnen de branche waren echter groot en de complexiteit neemt verder toe.

Dit blijkt uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Omzet op hoger niveau dan voor Corona
De omzet in de automotive is in 2021 met bijna 8% toegenomen. Daarmee blijft de branche licht achter bij het MKB-gemiddelde van ruim 10%, maar het betekent een sterk herstel van de krimp van bijna 5% in 2020. Ook in vergelijking met de situatie voor het begin van de Coronacrisis ligt de omzetontwikkeling in de automotive op een hoger niveau. In 2021 is de omzet met ruim 7% gestegen ten opzichte van 2019.

Bovengemiddelde winstgroei
De winstontwikkeling is op jaarbasis sterk toegenomen: +53,6%, tegenover +37,6% voor het MKB als geheel. Verder is de brutomarge met 7,5% gestegen, waar in 2020 een min van ruim 2% verscheen. De stijging van de winst wordt breed gedragen: bijna 61% van de autobedrijven heeft de winst zien stabiliseren of toenemen.

Ook als we vergelijken met de situatie voor de Coronacrisis heeft de automotive het wat betreft winst en brutomarge goed gedaan. De winstgroei ten opzichte van 2019 bedraagt 98,5%, die van de brutomarge +10%.

Handel floreert, gespecialiseerde reparatie onder druk
De verschillen binnen de branche waren vorig jaar opnieuw groot. De handel in auto’s en aanhangers (eventueel gecombineerd met reparatie) liet een bovengemiddelde winstgroei zien. Ondernemers die zich richten op gespecialiseerde reparaties, zoals carrosserieherstel, hadden het relatief zwaar, mogelijk doordat minder mensen de weg opgingen als gevolg van Corona en het thuiswerken.

Kosten onder controle
De bedrijfskosten zijn met iets minder dan 2% gestegen; een veel kleinere toename dan voor MKB mkb als geheel (+7%). De personeelskosten zijn met bijna 4% opgelopen, tegenover bijna +8% in het MKB. Verder zijn de ‘overige bedrijfsopbrengsten’ sterk toegenomen. Zowel de beperkte stijging van de personeelskosten als de grote toename van de overige bedrijfsopbrengsten hangt samen met de administratieve verwerking van de NOW-regeling. De autohandel en -reparatie heeft hier naar verhouding veel gebruik van gemaakt.

Vermogenspositie verder versterkt
Het eigen vermogen is met 21% gegroeid, nog iets sterker dan in 2020. De kortlopende schulden zijn licht gedaald, net als een jaar eerder. De langlopende schulden zijn met bijna 10% toegenomen, waar een jaar eerder nog een daling van bijna 2% uit de bus kwam.

Grafiek Branches in Zicht 2022

Financieel gezond
De financiële positie van bedrijven in de automotive is licht verbeterd. Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage ondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating <1%), is uitgekomen op bijna 79. Dit is beter dan in het voorgaande jaar (ruim 74). De branche blijft wel achter bij het MKB-gemiddelde, dat licht verbeterde naar ruim 86%.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-15T09:28:13+02:0015 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Sterke ontwikkeling winst en brutomarges in de automotive

  • De bouw laat in 2021 opnieuw solide groeicijfers zien

De bouw laat in 2021 opnieuw solide groeicijfers zien

De bouw heeft ook in 2021 groei laten zien, maar door het relatief sterke voorgaande jaar steekt die wat magertjes af bij het MKB-gemiddelde. Absoluut gezien blijft de bouw echter goed draaien, al zijn de onzekerheid en de bouwkosten inmiddels sterk toegenomen. De netto-omzet is in 2021 met bijna 5% gestegen en de winstgroei is uitgekomen op ruim 7%.

Dit blijkt uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Goede ontwikkeling omzet en winst
De omzetgroei van bijna 5% is nog iets sterker dan in 2020 (bijna 4%). Dit geldt ook voor de groei van de winst (ruim 7%, tegenover 5,5% een jaar eerder). Het groeitempo van zowel de omzet als de winst in de bouw blijft wel achter bij het MKB-gemiddelde (omzet +10%, winst bijna +38%). De ontwikkeling van de brutomarge is opnieuw positief: +7,3%, versus +10,7% voor het MKB als geheel.

In vergelijking met 2019, voor het begin van de Coronacrisis, laat de bouw een sterke groei zien. De omzet is met ruim 18% gestegen (bijna 16% voor het MKB als geheel). De winst is ruim 22% hoger. Daarmee blijft de bouw wel achter bij het MKB-gemiddelde van ruim 82%.

Groei breed gedragen
Binnen de bouw is het in 2021 in bijna alle segmenten beter gegaan dan in 2020. Zo is het deel van de bouwbedrijven dat de omzet stabiel heeft zien blijven of heeft zien toenemen, gestegen van bijna 55% in 2020 naar ruim 64% in 2021. Tegelijkertijd heeft ruim 60% van de bouwbedrijven de winst zien stabiliseren of stijgen (tegenover bijna 54% in 2020).

Loodgieters en installateurs blinken uit
Wat betreft deelbranches is de omzetontwikkeling vooral sterk bij de algemene burgerlijke en utiliteitsbouw. Dit segment profiteert onder meer van de sterke woningmarkt, maar ook van de sterke groei van logistieke gebouwen. Ook loodgieters, fitters en installateurs van bijvoorbeeld verwarmings- en luchtbehandelingsapparatuur laten een sterke omzetgroei zien. Zij behalen ook een sterk resultaat voor belasting. De algemene burgerlijke en utiliteitsbouw blijft wat betreft winstontwikkeling ten opzichte van 2020 juist achter bij het branchegemiddelde.

Hogere personeelskosten
De personeelskosten in de bouw zijn vorig jaar met bijna 8% gestegen. De loonkosten zijn met bijna 4% toegenomen, iets minder sterk dan in 2020. De stijging van de personeelskosten is in lijn met de gemiddelde ontwikkeling in het MKB, de loonkosten zijn in de bouw iets minder sterk dan gemiddeld gestegen.

Grafiek Branches in Zicht 2022

Financiële positie licht verbeterd
Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage bouwondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating <1%), is uitgekomen op ruim 89. Dit betekent een kleine verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar (ruim 87).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-15T09:21:01+02:0015 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

De bouw laat in 2021 opnieuw solide groeicijfers zien

  • Termijn teruggave BPM bij export niet heilig

Termijn teruggave BPM bij export niet heilig

Als je een gebruikte auto of motor exporteert, kun je onder voorwaarden een deel van de BPM terugkrijgen. Het verzoek om teruggaaf moet binnen dertien weken na het vervallen van de tenaamstelling in het kentekenregister worden gedaan. Deze termijn is echter niet heilig.

Teruggave bij export
Om concurrentievervalsing bij export tegen te gaan, kan de rest-BPM op een auto of motor bij export worden teruggevraagd. Bovengenoemde voorwaarde van dertien weken beoogt fraude met de BPM bij export tegen te gaan. De auto wordt dan tijdelijk in een buitenlands kentekenregister ingeschreven, terwijl het onduidelijk is of de auto daar ook definitief wordt ingeschreven.

Geen fraude
In een zaak die speelde bij de rechtbank Arnhem was geen sprake van fraude. De auto werd na de tijdelijke inschrijving in het kentekenregister in Frankrijk daar ook definitief ingeschreven. De rechtbank achtte in een dergelijk geval het overschrijden van de termijn van dertien weken niet fataal en besliste dat de rest-BPM diende te worden teruggegeven.

Voorwaarden
Voor teruggave van de BPM gelden nog meer voorwaarden. Zo mag de auto geen schade-auto zijn en moet deze rijwaardig zijn.

Let op! Als je een auto wilt exporteren, moet je deze eerst aanmelden bij de RDW. Meer informatie over de verplichtingen bij export van een auto vind je op hun site (rdw.nl).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-15T09:10:59+02:0015 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Termijn teruggave BPM bij export niet heilig

  • Geen premies werknemersverzekering voor DGA holding

Geen premies werknemersverzekering voor DGA holding

Is een werkmaatschappij premies werknemersverzekeringen verschuldigd voor de DGA’s van de holdings die werkzaamheden verrichten in de werkmaatschappij? De Hoge Raad gaf hier aanwijzingen over.

Managementovereenkomst
Bij een structuur met holdings en een werkmaatschappij is de DGA van de holding vaak in dienstbetrekking bij de holding. Tussen de holdings en de werkmaatschappij worden dan managementovereenkomsten gesloten. De DGA van de holding wordt vervolgens door de holding ingezet voor het verrichten van de werkzaamheden in de werkmaatschappij.

Werknemersverzekeringen
De holding zal voor de DGA veelal geen premies verschuldigd zijn voor de werknemersverzekeringen omdat de DGA het merendeel van de aandelen bezit. Voor de werkmaatschappij kan dit, bij meerdere aandeelhouders, anders zijn.

De Belastingdienst meent dan vaak dat sprake is van een dienstbetrekking tussen de DGA en de werkmaatschappij. Dit heeft tot gevolg dat de werkmaatschappij premies werknemersverzekeringen verschuldigd is voor de DGA van de holding.

Tip! Voor de loonheffing kan in dit soort situaties vaak de doorbetaaldloonregeling worden toegepast, waardoor niet in de werkmaatschappij, maar alleen in de holding loonheffing verschuldigd is.

Dienstbetrekking?
De Hoge Raad gaf aanwijzingen over de beoordeling of een managementovereenkomst tussen een holding en een werkmaatschappij kan worden aangemerkt als een dienstbetrekking tussen de DGA van de holding en de werkmaatschappij.

Hiervoor moet volgens de Hoge Raad gekeken worden naar de inhoud van de gemaakte afspraken, maar ook naar de wijze waarop uitvoering is gegeven aan deze gemaakte afspraken. Volgt daaruit dat sprake is van het persoonlijk verrichten van arbeid door de DGA, loon aan de DGA en een gezagsverhouding van de werkmaatschappij ten opzichte van de DGA? Dan is sprake van een dienstbetrekking en zijn dus premies werknemersverzekeringen verschuldigd.

Contract tussen holding en werkmaatschappij
Als de werkmaatschappij en de holding een managementovereenkomst hebben afgesloten en hier ook feitelijk naar wordt gehandeld, zal het voor de Belastingdienst lastig zijn om een dienstbetrekking te bewijzen tussen de DGA van de holding en de werkmaatschappij. De afspraken zijn immers niet tussen de DGA en de werkmaatschappij gemaakt maar tussen de holding en de werkmaatschappij. De DGA is dan zelf geen contractpartij en heeft geen verplichtingen aan de werkmaatschappij. Het is aan de Belastingdienst om te bewijzen dat wel sprake is van een dergelijke band.

Aanwijzingen Hoge Raad
Het feit dat de DGA’s onmisbaar zijn, is volgens de Hoge Raad in ieder geval onvoldoende om persoonlijk arbeid tussen de DGA en de werkmaatschappij aan te nemen. Ook is een managementvergoeding door de werkmaatschappij betaald aan de holding iets anders dan loon aan een werknemer. Tot slot geeft de Hoge Raad aan dat de DGA’s van de holding onder het wettelijke stelsel in ieder geval niet onder gezag staan van de algemene vergadering van aandeelhouders van de werkmaatschappij. De DGA heeft immers geen juridische band met de werkmaatschappij.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-14T09:50:27+02:0014 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Geen premies werknemersverzekering voor DGA holding

  • Sterk omzetherstel voor de branche transport en logistiek

Sterk omzetherstel voor de branche transport en logistiek

Voor transport en logistiek werd 2021 gekenmerkt door een sterk herstel, wat is terug te zien in een goede omzetontwikkeling. De onderlinge verschillen tussen ondernemers zijn weliswaar groot, maar over het geheel genomen staat de branche er goed voor. Dat is een prettig uitgangspunt, gegeven de huidige onzekerheid, hoge kosten en personeelsschaarste.

Dit komt naar voren uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Sterke omzetontwikkeling
De omzet is in transport en logistiek in 2021 met bijna 12% op jaarbasis verbeterd. Dit betekent een flinke vooruitgang ten opzichte van 2020, dat een lichte omzetkrimp liet zien. De omzetontwikkeling over 2021 is de sterkste in jaren en ook beter dan het MKB-gemiddelde van ongeveer 10%. Niet alleen het sterke herstel van de wereldeconomie speelde de branche in de kaart, ook de hogere prijzen voor het vervoer van goederen droegen bij. Inmiddels zorgen de hogere loonkosten en sterk opgelopen brandstof- en materieelkosten echter voor bredere prijsdruk in de branche.

Ook als we vergelijken met de situatie voor het begin van de Coronacrisis, heeft transport en logistiek het goed gedaan. De omzetontwikkeling komt uit op bijna 12% ten opzichte van 2019.

Winst en brutomarge blijven achter
Ook de ontwikkeling van de winst en de brutomarge waren in 2021 duidelijk positief, al bleef de groei achter bij het MKB-gemiddelde. De brutomarge is met ruim 7% aangetrokken, tegenover een daling van bijna 3% een jaar eerder. Voor het MKB komt een gemiddelde groei van bijna 11% uit de bus. Het gewone resultaat voor belastingen komt voor de logistieke branche ruim 17% hoger uit, ten opzichte van een groei van bijna 6% in het voorgaande jaar. Het MKB-gemiddelde bedraagt bijna +38%.

In vergelijking met 2019 laat de winstontwikkeling een plus van ruim 8% zien. De brutomarge is in deze vergelijking met 6% aangetrokken.

Grafiek Branches in Zicht 2022

Goederenvervoer presteert sterk
Binnen de logistieke branche waren de verschillen in 2021 opnieuw groot. Het goederenvervoer over de weg heeft een omzetgroei van gemiddeld ruim 11% en een winstgroei van maar liefst ruim 19% laten optekenen. Ook bij bedrijven actief in de opslag en dienstverlening voor vervoer laat zowel de omzet als de winst een positieve ontwikkeling zien. De binnenvaart (vracht-, tank- en sleepvaart) kende daarentegen een moeilijk jaar. De omzet en de winst komen in deze deelbranche lager uit dan een jaar eerder, maar ten opzichte van 2019 zijn de cijfers voor de binnenvaart wel sterk positief.

Loonkosten weer omhoog
De bedrijfskosten zijn in de branche als geheel in 2021 per saldo met bijna 7% gestegen, versus een daling van bijna 4% een jaar eerder. De personeelskosten (een belangrijke kostenpost in de logistiek) stegen met ongeveer 3%, waar in 2020 nog een daling van ruim 3% te zien was. Toch blijft de stijging in vergelijking met de jaren voor de Coronacrisis en met het MKB-gemiddelde (bijna 8%) bescheiden. De NOW-regeling kon weliswaar op deze post in mindering worden gebracht, maar het idee is dat transporteurs en logistieke ondernemers relatief weinig van deze steun gebruik hebben gemaakt. De loonkosten zijn met bijna 3% gestegen, tegenover een daling van ruim 4% een jaar eerder.

Lichte verbetering financiële positie
De financiële positie van bedrijven in de logistiek is iets verbeterd. Uit de analyse van SRA-BiZ blijkt dat het percentage ondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating <1 procent), is uitgekomen op bijna 85. Dit betekent een kleine verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar. De branche doet het iets minder goed dan het MKB-gemiddelde.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-14T09:14:46+02:0014 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Sterk omzetherstel voor de branche transport en logistiek

  • Aanvraag subsidie praktijkleren weer mogelijk

Aanvraag subsidie praktijkleren weer mogelijk

Vanaf 2 juni 2022 tot en met 16 september 2022 is het mogelijk om een aanvraag in te dienen voor een subsidie praktijkleren voor het studiejaar 2021-2022.

Doelgroep
De subsidie praktijkleren is bedoeld voor werkgevers die leerlingen, deelnemers of studenten begeleiden. Daarnaast biedt de subsidie een tegemoetkoming in de loon- of begeleidingskosten van promovendi of technologische ontwerpers in opleiding (toio’s).

Voorwaarden
De voorwaarden voor de subsidie verschillen per onderwijscategorie. De voorwaarden zijn terug te vinden op rvo.nl onder de onderwijscategorieën VMBO, MBO, HBO, promovendi en toio’s, praktijkonderwijs en VSO.

Hoogte
De subsidie bedraagt maximaal €2.700 per praktijk- of werkleerplaats.

Let op! Als het aantal aanvragen het beschikbare budget overschrijdt, wordt dit budget evenredig over de aanvragen verdeeld. De subsidie kan hierdoor lager zijn dan €2.700.

Aanvraag
Vanaf 2 juni 2022 tot en met 16 september 2022 17.00 uur kunt u een aanvraag indienen voor de subsidie praktijkleren bij RVO. Inloggen is mogelijk met eHerkenning met minimaal niveau 3 met machtiging RVO-diensten op niveau eH3. Voor het einde van het jaar beoordeelt RVO de aanvragen. Half december ontvang je de beslissing van RVO. Binnen twee weken na een positieve beslissing betaalt RVO de subsidie uit.

Let op! Om in aanmerking te komen voor de subsidie moet je aan de voorwaarden voldoen en de daarvoor gevraagde administratie bijhouden en bewaren. RVO oefent steekproefsgewijs controle hierop uit.

Extra subsidie
Voor een MBO BBL-leerplek in de sectoren landbouw, horeca en recreatie en in contact- en conjunctuurgevoelige sectoren en voor een HBO-leerplek in de sectoren techniek (inclusief ICT) en gezondheidszorg is extra subsidie beschikbaar. Deze extra subsidie loopt automatisch mee in jouw reguliere aanvraag van de subsidie praktijkleren.

Verlenging subsidieregeling
De huidige subsidieregeling praktijkleren loopt tot en met dit studiejaar. Het ministerie van OCW heeft echter het voornemen om de regeling te verlengen voor het studiejaar 2022-2023. Na een evaluatie (die nog dit jaar plaatsvindt) beslist het ministerie over een eventuele verdere voortzetting van de regeling.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-13T10:28:37+02:0013 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvraag subsidie praktijkleren weer mogelijk

  • Horeca herpakt zich in 2021 enigszins dankzij steunpakketten

Horeca herpakt zich in 2021 enigszins dankzij steunpakketten

De horeca heeft over 2021 een positieve ontwikkeling van de omzet en winst laten zien, maar flinke kanttekeningen zijn op hun plaats. De steunpakketten waren in 2021 veel beter dan in 2020 en deze vertekenen het beeld. Daarnaast is de branche wat betreft omzet nog lang niet terug op het niveau van voor de crisis en zijn de onderlinge verschillen groot.

Dit blijkt uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Omzetverbetering breed gedragen
De horeca heeft zich na 2020 weer enigszins opgericht. In 2021 wist de branche als geheel uit de rode cijfers te komen. De omzet is met ruim 11% toegenomen en dat betekent een iets sterkere groei voor de horeca dan voor het MKB als geheel (+10,1%). Hiermee is de branche echter nog ver verwijderd van het niveau van voor de Coronacrisis; de omzet ligt ruim 13% lager dan in 2019.

Krachtig winstherstel, maar zeker niet voor iedereen
De brutomarge is met ruim 16% toegenomen, tegenover een daling van ruim 22% een jaar eerder. De winstontwikkeling voor de horeca als geheel komt over 2021 uit op maar liefst +210%. De onderlinge verschillen zijn echter groot. Voor bijna 54% van de ondernemers is de winst namelijk gelijk gebleven of toegenomen. Ruim 46% van de ondernemers in de horeca moet het dus doen met een daling van de winst. Voor bijna 31% van de bedrijven gaat het dan zelfs om een krimp van 50% of meer.

Vertekend beeld
De extreem sterke winstgroei voor de horeca als geheel verdient verdere nuancering. Op de eerste plaats gaat het hier om een vergelijking met het extreem slechte 2020, toen de winst van de horeca kelderde met 21,5%. Daarnaast waren de Coronasteunpakketten van de overheid in 2021 van een betere kwaliteit dan in het eerste Coronajaar. Hierdoor is het onderaan de streep beter gegaan.

Relatief veel aanspraak NOW
Aan de kostenkant valt op dat de personeelskosten met bijna 6% zijn gestegen, iets lager dan het MKB-gemiddelde (bijna 8%). Een jaar eerder was er nog een forse daling van bijna 20% zichtbaar. Ten opzichte van het pre-Coronajaar 2019, is in 2021 een daling van de personeelskosten te zien van bijna 18%. Dit kwam deels door de aftrek van de NOW-regeling. Horecaondernemers hebben relatief vaak van deze loonsubsidie gebruikgemaakt. De NOW mocht administratief gezien ook worden opgeteld bij ‘overige bedrijfsopbrengsten’, waar ook de TVL is geboekt. Deze post is in de horeca in 2021 opnieuw sterk gestegen (+105%).


Kredietwaardigheid verbeterd
Het percentage horecaondernemingen dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating <1%), is uitgekomen op bijna 86. Dit betekent een sterke verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar (bijna 76). De branche presteert nu min of meer in lijn met het MKB-gemiddelde, dat licht verbeterde naar ruim 86%. Ook hier zijn de verschillen binnen de horeca echter groot.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-13T09:51:49+02:0013 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Horeca herpakt zich in 2021 enigszins dankzij steunpakketten

  • Vanaf 2023 geen opbouw fiscale oudedagsreserve meer mogelijk

Vanaf 2023 geen opbouw fiscale oudedagsreserve meer mogelijk

Als het aan het kabinet ligt, kunnen ondernemers in de inkomstenbelasting vanaf volgend jaar geen fiscale oudedagsreserve (FOR) meer opbouwen. Dit is een van de voorstellen die gepresenteerd zijn in de Voorjaarsnota.

Fiscale oudedagsreserve (FOR)
Ondernemers in de inkomstenbelasting mogen jaarlijks een deel van de winst reserveren voor hun oude dag, de zogenaamde fiscale oudedagsreserve (FOR). Over dit deel van de winst hoeft dan dat jaar geen belasting te worden betaald. Voor het jaar 2022 is de FOR 9,44% van de winst met een maximum van €9.632.

Belasting betalen over FOR
Over de gereserveerde FOR moet je op een gegeven moment wel belasting betalen. Meestal is dit bij het einde van jouw onderneming. Maar je kunt ook tussentijds een of meer lijfrentes kopen die je op de FOR kunt afboeken. De FOR betekent dus in feite uitstel van betaling over een deel van de winst. Ook kun je vaak profiteren van het lage belastingtarief voor AOW-gerechtigden.

Einde FOR
In de Voorjaarsnota is voorgesteld de FOR per 2023 af te schaffen. Dit betekent dat er vanaf 2023 niet meer aan de FOR kan worden gedoteerd. Over opgebouwde FOR’s hoeft echter niet direct te worden afgerekend volgens het voorstel. De maatregel is onder meer bedoeld om een verhoging van de AOW te kunnen betalen.

Onbenut
Het kabinet is van mening dat de FOR zonder al te veel bezwaren afgeschaft kan worden, omdat de FOR nu ook al weinig door ondernemers benut wordt. Bovendien wordt met de Wet toekomst pensioenen ook voor ondernemers in de inkomstenbelasting de ruimte vergroot om fiscaal gefaciliteerd pensioen op te bouwen.

Let op! Het voorstel is nog niet definitief en moet nog door het parlement worden aangenomen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-13T09:27:49+02:0013 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vanaf 2023 geen opbouw fiscale oudedagsreserve meer mogelijk