werknemer

  • Laatste keer NOW vóór 1 oktober aanvragen

Laatste keer NOW vóór 1 oktober aanvragen

Je kunt voor de zesde keer een tegemoetkoming in loonkosten aanvragen via de NOW. De aanvraag moet dan uiterlijk 30 september bij het UWV binnen zijn. Het gaat dan om de periode juli, augustus en september 2021.

NOW
Via de NOW kun je een deel van de loonkosten terugkrijgen als de omzet vanwege bijzondere omstandigheden, zoals Corona, is verminderd met minstens 20%. Je kunt een maximaal omzetverlies doorgeven van 80%. Is het omzetverlies groter, dan krijg je over het meerdere geen NOW.

Laatste keer NOW
Het kabinet heeft besloten dat de NOW na deze zesde periode niet langer wordt voortgezet. Er wordt nog bekeken hoe voor specifiek getroffen sectoren, zoals discotheken, een speciale tegemoetkoming geregeld kan worden.

Vergoeding 85%
De vergoeding via de NOW bedraagt 85% van de loonsom over de maand februari 2021 maal het omzetverlies met een maximum van 80%. De loonsom wordt verhoogd met 40% in verband met bijkomende loonkosten, zoals vakantiegeld.

Aanvragen via UWV
Je vraagt de NOW aan bij het UWV. Dit doet je in eerste instantie op basis van een geschat omzetverlies. Na de aanvraag krijg je een voorschot van 80% van de te verwachten tegemoetkoming.

Definitieve berekening
Pas vanaf volgend jaar 1 juni kun je de definitieve omzetdaling doorgeven en berekent het UWV de werkelijk te ontvangen tegemoetkoming. De definitieve omzetdaling kun je doorgeven tot 22 februari 2023.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-20T10:43:17+02:0020 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Laatste keer NOW vóór 1 oktober aanvragen

  • Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

Vanwege de Coronacrisis bestonden in 2020 al ruimere mogelijkheden om werknemers onbelast een vergoeding of verstrekking te geven. Voor het jaar 2021 gelden dezelfde verruimingen. Maak hiervan in 2021 nog gebruik. Vanaf 2022 wordt namelijk weer teruggekeerd naar het oude niveau.

Verhoging vrije ruimte
De vrije ruimte is bedoeld voor onbelaste vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers. Zolang de totale vergoedingen en verstrekkingen deze vrije ruimte niet overstijgen, betaalt de werkgever geen loonheffing. Bij overschrijding bedraagt de loonheffing ten laste van de werkgever 80% over het gedeelte boven de vrije ruimte.

In 2021 bedraagt de vrije ruimte nog 3% van de eerste €400.000 van de loonsom van alle werknemers samen plus 1,18% van deze loonsom voor zover hoger dan €400.000. Is de totale loonsom van alle werknemers bijvoorbeeld €1.000.000, dan bedraagt de vrije ruimte in 2021 €19.080 (3% van €400.000 plus 1,18% van €600.000).

Let op! Vanaf 2022 gaat de vrije ruimte weer omlaag en bedraagt deze 1,7% van de eerste €400.000 loonsom en 1,18% van het meerdere. Bij een loonsom van €1.000.000 bedraagt de vrije ruimte in 2022 dan €13.880, dus €5.200 minder.

Gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen
Voor bepaalde vergoedingen en verstrekkingen heeft de werkgever de vrije ruimte niet nodig. Deze zogenaamde gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen kunnen gegeven worden buiten de vrije ruimte en verkleinen het potentieel van de vrije ruimte dus niet.

Tip! Er bestaan verschillende gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen. Denk bijvoorbeeld aan de gerichte vrijstelling voor reiskostenvergoeding van €0,19 per gereden zakelijke kilometer, voor studiekosten, arbovoorzieningen en de nihilwaarderingen voor consumpties en voorzieningen op de werkplek.

Voorwaarden gebruik vrije ruimte
Als een werkgever een vergoeding of verstrekking onbelast in de vrije ruimte wil onderbrengen, moet hij deze wel aanwijzen als eindheffingsloon in deze vrije ruimte. Dit kan bijvoorbeeld blijken uit de administratie.

Een andere voorwaarde is dat de vergoedingen of verstrekkingen niet meer dan 30% mogen afwijken van wat in vergelijkbare omstandigheden gebruikelijk is (de zogenaamde gebruikelijkheidstoets). Is de afwijking groter, dan mag de werkgever het meerdere niet aanwijzen in de vrije ruimte. Dat deel is dan als loon belast bij de werknemer.

Tip! De beoordeling of een vergoeding of verstrekking voldoet aan de gebruikelijkheidstoets is over het algemeen lastig. Gelukkig beschouwt de Belastingdienst alle vergoedingen, verstrekkingen of terbeschikkingstellingen van maximaal €2.400 per persoon per jaar als gebruikelijk.

Tot €2.400 per persoon per jaar hoef je je dus geen zorgen te maken over de zogenaamde gebruikelijkheidstoets.

Let op! Het bedrag van €2.400 geldt in alle redelijkheid. De Belastingdienst geeft aan dat je hiervan geen gebruik mag maken als het loon van de werknemer (hierdoor) lager is dan het wettelijke minimumloon.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-13T10:50:33+02:0013 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

  • Onbelaste vaste reiskostenvergoeding ook vanaf 1 oktober 2021

Onbelaste vaste reiskostenvergoeding ook vanaf 1 oktober 2021

Vanwege de Coronacrisis werken in 2021 werknemers veel of zelfs alleen maar vanuit huis. Tot 1 oktober 2021 bestond al een goedkeuring waardoor de werkgever een onbelaste vaste reiskostenvergoeding kan blijven doorbetalen, dus ook als de werknemer niet of nauwelijks naar het werk reist vanwege thuiswerk. Deze goedkeuring is verlengd tot en met 31 december 2021, zo maakte het kabinet maandag 30 augustus bekend.

Situatie tot 1 oktober 2021
Had een werknemer vóór 13 maart 2020 een onvoorwaardelijk recht op een vaste onbelaste reiskostenvergoeding? Dan mag de werkgever deze vergoeding onbelast doorbetalen tot 1 oktober 2021, ook als de werknemer (deels) thuiswerkt en dus minder reiskilometers maakt.

Situatie vanaf 1 oktober 2021
De verwachting was dat deze goedkeuring per 1 oktober 2021 definitief zou vervallen. Door een uitleg van de Belastingdienst over de toepassing van het zogenaamde 128-dagen criterium (minimaal 128 dagen reizen naar de vaste werkplek in het jaar) was in veel gevallen evenwel mogelijk de vaste reiskostenvergoeding te continueren tot en met 31 december 2021. Maar het kabinet heeft de goedkeuring echter toch definitief verlengd tot 1 januari 2022. Hiermee blijft het dus mogelijk de onbelaste reiskostenvergoeding voort te zetten tot en met 31 december 2021.

Let op! De voorwaarde dat de werknemer vóór 13 maart 2020 al een onvoorwaardelijk recht op een vaste onbelaste reiskostenvergoeding moet hebben, blijft bestaan.

Alternatieven
Bestond vóór 13 maart 2020 nog geen onvoorwaardelijk recht op een vaste onbelaste reiskostenvergoeding, dan zijn er alternatieven. Zo kan de werkgever een vaste onbelaste reiskostenvergoeding geven op basis van een inschatting van de daadwerkelijke reisdagen.

Let op! Aan het einde van het jaar moet dan wel een nacalculatie plaatsvinden.

Daarnaast kan een werkgever er uiteraard ook voor kiezen om een reiskostenvergoeding op declaratiebasis te verstrekken. Op basis van de daadwerkelijk gereden reiskilometers geeft de werkgever dan achteraf een vergoeding van €0,19 per kilometer.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-07T09:38:39+02:007 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Onbelaste vaste reiskostenvergoeding ook vanaf 1 oktober 2021

  • Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Stel nu dat een werknemer zelf zijn dienstverband opzegt, elders gaat werken en korte tijd later weer bij de werkgever terugkeert. Hoe moet dan de transitievergoeding worden berekend als dit laatste dienstverband ten einde komt? Moet worden uitgegaan van de gehele periode dat de werknemer in dienst was of moet alleen worden gekeken naar het moment dat de werknemer opnieuw in dienst is getreden?

Voor de berekening van de transitievergoeding worden één of meer voorafgaande arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen, die elkaar met tussenpozen van ten hoogste zes maanden hebben opgevolgd, samengeteld, zo is de algemene regel. Wat was in deze zaak het geval?

Spijtoptant
In een aan de kantonrechter Almere voorgelegde vraag had een werknemer van 1 oktober 2013 tot 1 juli 2019 als salesmanager bij zijn werkgever gewerkt. Per 1 juli 2019 heeft hij zijn dienstverband opgezegd om elders in dienst te treden. Uiteindelijk beviel dit toch niet en is hij op 14 oktober 2019 weer bij zijn voormalige werkgever in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als ordermanager.

Ontbonden
Uiteindelijk gaat dit niet goed en wordt de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter per 1 januari 2021 ontbonden. Bij de eindafrekening blijkt de werkgever de transitievergoeding berekend te hebben vanaf 14 oktober 2019 en niet vanaf 1 oktober 2013. De werknemer is het hier niet mee eens.

Initiatief einde arbeidsovereenkomst
Naar de mening van de werkgever is de transitievergoeding bedoeld voor situaties waarin de arbeidsovereenkomst is geëindigd op initiatief van de werkgever en daar was in deze situatie geen sprake van, gelet op de opzegging van de werknemer van de eerste arbeidsovereenkomst. De werkgever heeft tevens naar voren gebracht dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn als zij door het opnieuw in dienst nemen van de werknemer alsnog een transitievergoeding verschuldigd zou zijn, terwijl dat in eerste instantie niet het geval was.

Onaanvaardbaar
De rechter oordeelt dat alhoewel de wetsgeschiedenis hier geen duidelijkheid over geeft, het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om de werkgever te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding over het volledige dienstverband vanaf 1 oktober 2013, zonder daarbij rekening te houden met de opzegging van de werknemer per 1 juli 2019. Daarbij weegt ook mee dat de werknemer al een andere baan had aanvaard, voordat hij tot opzegging van zijn arbeidsovereenkomst bij de werkgever overging en hij dus welbewust deze keuze heeft gemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-06T11:00:35+02:006 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

  • Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Statistische gegevens kunnen worden gebruikt om aan te tonen dat het vaste forfaitaire percentage om het privégebruik auto vast te stellen, te hoog is. Dat heeft de Hoge Raad eerder geoordeeld. Een ondernemer die hiervan gebruik wilde maken, werd echter door de rechtbank teruggefloten.

Tip! Naast het gebruik van statistische gegevens kan ook het bijhouden van een rittenadministratie of gegevens op grond waarvan een redelijke schatting kan worden gemaakt over het privégebruik auto nuttig zijn om aan te tonen dat het forfait te hoog is.

Statistische gegevens
De ondernemer wilde de statistische gegevens gebruiken om het privégebruik auto van zijn salesmedewerkers te bepalen. De statistische gegevens die de ondernemer wilde gebruiken, betroffen rapporten. In die rapporten was het uitgangspunt dat al het woon-werkverkeer zakelijk was. De rechtbank oordeelde dat de ondernemer de gegevens niet mocht gebruiken omdat de salesmedewerkers behalve naar klanten af en toe ook naar de kantoorruimte en showroom van hun werkgever moesten. Die kilometers zijn voor de BTW niet zakelijk. Anders dan in de rapporten was in deze zaak dus niet al het woon-werkverkeer zakelijk.

Niet controleerbaar
Omdat de ondernemer verder geen of onvoldoende gegevens over het privégebruik ter beschikking had, kon de rechtbank uiteindelijk niet controleren of het forfait te hoog was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-03T10:02:23+02:003 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

  • Boete bij concurrentiebeding?

Boete bij concurrentiebeding?

In veel overeenkomsten is er een boetebeding opgenomen, waarin wordt geregeld welke boete er verschuldigd is als een andere bepaling, zoals een concurrentiebeding of een geheimhoudingsbeding, wordt overtreden. Wat als een ex-werknemer zo’n beding overtreedt? Wat zegt de rechtspraak hierover?

Een boetebeding is een beding op basis waarvan er bij het tekortschieten in de nakoming van een verplichting door de schuldenaar een boete verschuldigd is. Hierbij kan er sprake zijn van een boete die de ex-werknemer moet betalen, omdat de werkgever door de overtreding van het concurrentiebeding schade heeft geleden (schadevergoedingsbeding). Daarnaast is er ook nog het strafbeding, een boete voor voortdurende overtreding van een beding.

Tip! Het schadevergoedingsbeding wordt vaak gebruikt als het lastig is te bepalen hoe hoog de exacte schade is die wordt geleden door de overtreding.

Let op! Een rechter kan een boete altijd matigen als er sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor de eigenlijke boete tot zeer onredelijke gevolgen leidt.

Vereisten
Een boetebeding is alleen geldig indien het voldoet aan de wettelijke vereisten. In de eerste plaats moet het beding altijd schriftelijk worden overeengekomen. Daarnaast moet het beding duidelijk zijn: bij welke overtredingen is er een boete verschuldigd, wat is de hoogte van de boete en aan wie moet de boete worden voldaan?

Let op! Als je het recht wil behouden om naast de boete nakoming van het beding en/of schadevergoeding te vorderen, dan moet je dit ook nadrukkelijk schriftelijk overeenkomen.

Basisboete versus boete bij voortdurende overtreding
In de meeste boetebedingen wordt onderscheid gemaakt tussen een basisboete die verschuldigd is bij overtreding van een beding en een boete die verschuldigd is bij een voortdurende overtreding van een beding. Wanneer is de schuldenaar de basisboete verschuldigd en wanneer ook een boete per dag dat de overtreding voortduurt?

Aard van de overtreding
Uit de rechtspraak blijkt dat rechters de beoordeling van de vraag of er naast de basisboete ook sprake is van een situatie waarin de ex-werknemer een boete per dag verschuldigd is vanwege een voortdurende overtreding van een beding, meestal beoordelen aan de hand van de aard van de overtreding. Concreet wordt er dan gekeken of de overtreder elke dag opnieuw heeft kunnen kiezen of hij met de overtreding doorgaat of de overtreding van het beding staakt.

Voorbeeld
Een voorbeeld van zo’n situatie is een verwijzing naar activiteiten die in strijd zijn met een concurrentiebeding op een website. De overtreder heeft er immers dagelijks voor kunnen kiezen om die verwijzing te verwijderen van de website of de verwijzing te handhaven. In zo’n geval is de overtreder naast de basisboete ook een boete verschuldigd voor iedere dag dat de verwijzing op de website heeft gestaan.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-24T11:31:20+02:0024 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Boete bij concurrentiebeding?

  • Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

De Belastingdienst is niet langer van mening dat het gebruikelijk loon van de DGA van een BV onder alle omstandigheden minstens gelijk moet zijn aan het minimumloon.

Hoogte gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon dient volgens de wet te worden vastgesteld op 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij de BV, indien een van deze bedragen meer is dan €47.000. Is het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager dan €47.000, dan wordt het gebruikelijk loon vastgesteld op dit bedrag.

Minimumloon
Tot nu toe vond de Belastingdienst dat in bijzondere situaties een lager gebruikelijk loon kan worden vastgesteld dan volgens bovenstaande regeling. Bijvoorbeeld voor DGA’s van een startende BV of in bepaalde gevallen als een BV verliesgevend is. Wel moest dan ten minste het minimumloon als gebruikelijk loon worden uitgekeerd. Dit standpunt heeft de fiscus nu verlaten.

Opvatting rechter gevolgd
Met dit nieuwe standpunt volgt de Belastingdienst de opvatting van de rechter. In een recente uitspraak van de rechtbank in Arnhem besliste deze dat onder omstandigheden ook een lager gebruikelijk loon dan het minimumloon mogelijk is. In deze zaak was er sprake van een zeer geringe omzet en werd er verlies geleden als werd uitgegaan van het wettelijk in aanmerking te nemen gebruikelijk loon.

Overleg mogelijk
De Belastingdienst geeft in het Handboek Loonheffingen aan dat een lager gebruikelijk loon dan het minimumloon onder omstandigheden bijvoorbeeld mogelijk is wanneer een BV structureel verlies lijdt en bij startende BV’s. Aangegeven wordt dat bij twijfel contact kan worden opgenomen met de Belastingdienst.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-28T09:36:02+02:0028 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

  • Online borrelen, hoe zit het fiscaal?

Online borrelen, hoe zit het fiscaal?

Er wordt, nu Corona opnieuw oplaait, weer veel thuis gewerkt. Misschien wil je iets extra’s voor de werknemers doen en een online borrel organiseren? Hoe zit dat precies?

Online borrel
Bij een online borrel stuurt de werkgever zijn werknemers enkele drankjes en hapjes om er al dan niet gezamenlijk van te genieten. Een dergelijk pakket is in beginsel niet vrijgesteld en dus belast als loon. Je kunt het wel onderbrengen in de werkkostenregeling.

Vrije ruimte
Breng je het onder in de werkkostenregeling, dan blijft het borrelpakket onbelast voor de werknemer. Blijf je dit jaar met de vergoedingen en verstrekkingen binnen de vrije ruimte van de werkkostenregeling, dan hoef je ook geen belasting te betalen. Schiet je over de vrije ruimte heen, dan betaal je als werkgever 80% eindheffing over het meerdere.

Wanneer onbelast?
Het borrelpakket is alleen onbelast als de werkruimte thuis voldoet aan de fiscale eisen. Er moet dan sprake zijn van een werkruimte thuis die zelfstandig is en dus over een eigen ingang en sanitair beschikt. Ook moet je de werkruimte van de werknemer huren en moet de werknemer in die ruimte werken. Is aan al deze voorwaarden voldaan, dan is het borrelpakket onbelast.

Verzendkosten
Ook de verzendkosten van het borrelpakket tellen mee voor de belastingheffing. Een borrelpakket van €40 plus €10 verzendkosten betekent dus een totale waarde van €50, die je desgewenst kunt onderbrengen in de werkkostenregeling.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-21T09:43:40+02:0021 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Online borrelen, hoe zit het fiscaal?

  • Meer uren werken dan vastgelegd? Waar moet je op letten?

Meer uren werken dan vastgelegd? Waar moet je op letten?

Ligt het aantal uren dat een werknemer werkt structureel hoger dan overeengekomen? Dan kan een werknemer deze arbeidsomvang afdwingen bij de werkgever. Ook al zijn er andere uren overeengekomen.

De wetgever heeft in het Burgerlijk Wetboek een zogenaamd rechtsvermoeden van arbeidsomvang opgenomen. Als er sprake is van een structureel arbeidspatroon over een periode van drie maanden kan een werknemer daar, behoudens tegenbewijs, rechten aan ontlenen.

Rechtsvermoeden arbeidsomvang
Het rechtsvermoeden arbeidsomvang speelt vooral een rol bij de zogenaamde nul-urencontracten en min-maxcontracten, die een werkgever enige vrijheid geven voor wat betreft het aantal uren dat hij een werknemer laat werken. Deze vrijheid kan in de praktijk dus heel anders uitpakken. Als een werknemer gedurende drie maanden structureel meer werkt dan is overeengekomen, kan dit betekenen dat de werkgever gehouden is de werknemer ook daarna het bij die gemiddelde arbeidsduur behorende salaris te blijven uitbetalen.

De vlieger gaat niet altijd op…
Er moet wel sprake zijn van een structureel arbeidspatroon. Als een werknemer tijdelijk meer werkt vanwege bijzondere omstandigheden, zoals een piekmoment in de zomer of tijdelijk meerwerk vanwege de ziekte van een andere medewerker, is er geen sprake van een structureel arbeidspatroon. In dat geval is het mogelijk dat deze maanden niet worden meegenomen in de zogeheten referteperiode of dat er wordt uitgegaan van een langere referteperiode.

Tip! Zorg ervoor dat u uw werknemer in het geval van bijzondere omstandigheden schriftelijk laat weten dat u hem vanwege die bijzondere omstandigheden tijdelijk meer uren laat werken dan gebruikelijk.

De praktijk: de zieke horecamedewerkster
Een horecamedewerkster had een arbeidsomvang van vier uren per week. Ze werkte in de praktijk meer uren, maar was ook regelmatig langdurig ziek. In een procedure stelde ze dat haar werkgever ten onrechte uitging van een laag aantal uren (gemiddeld 4,2 uren per week) omdat zij tijdens deze periode vooral ziek was geweest. De rechter ging daarin mee en keek naar de periode voor haar ziekte en stelde vast dat zij gedurende die periode gemiddeld 11,9 uur per week werkte. Haar loon tijdens ziekte moest op basis van die arbeidsomvang worden uitbetaald.

De praktijk: arbeidsomvang bij ontslag
Een medewerkster van een andere onderneming kreeg het bericht dat de werkgever de onderneming ging sluiten vanwege de Coronacrisis. Aangezien de medewerker op basis van een oproepovereenkomst werkte, werd zij niet meer opgeroepen en kreeg geen salaris meer. De rechter keek naar haar gemiddelde maandsalaris en oordeelde dat zij van haar werkgever een aanbod had moeten krijgen voor haar vaste arbeidsomvang. De medewerkster had dan ook recht op salaris op basis van deze gemiddelde arbeidsomvang over de maanden dat ze geen salaris ontving en over de opzegtermijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-19T12:12:19+02:0019 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Meer uren werken dan vastgelegd? Waar moet je op letten?

  • Weigert een werknemer een passende functie?

Weigert een werknemer een passende functie?

Als een werknemer wiens functie is komen te vervallen, niet reageert op een aangeboden passende functie kan dit tot gevolg hebben dat hij geen recht heeft op een transitievergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen.

Een werknemer wiens functie is komen te vervallen, kan niet zomaar een aangeboden, passende functie weigeren. Als hij dit ten onrechte toch doet, kan hij zijn recht op betaling van een transitievergoeding verspelen. Hoe zit dat precies?

Drie keer een aanbod
De functie van een werkneemster verviel en haar arbeidsovereenkomst werd na toestemming van het UWV opgezegd. De werkgever vond dat hij geen transitievergoeding hoefde te betalen aan de werkneemster, omdat zij tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had geweigerd. Het ging twee keer om een functie in dagdienst. De werkneemster weigerde beide functies omdat ze liever in ploegendienst wilde werken, omdat haar vriend dat ook bij dezelfde werkgever deed en ze dan samen konden reizen. Iets dat in haar geval praktisch was vanwege een oogaandoening. Ze weigerde echter ook een aangeboden functie in ploegendienst, omdat ze dan, ondanks haar arbeidsongeschiktheid, direct aan de slag moest. Volgens haar en de bedrijfsarts was dat niet mogelijk.

Terughoudendheid troef
Het gerechtshof dat de zaak beoordeelde benadrukte dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op basis waarvan een werknemer geen recht meer heeft op een transitievergoeding vanwege ernstig verwijtbaar handelen. De toepassing van deze uitzonderingsgrond is volgens de rechter beperkt. Bij de beoordeling zijn altijd de persoonlijke omstandigheden van de werknemer, die van invloed zijn geweest op het handelen of nalaten van de werknemer, van belang.

Je had het toch moeten aanvaarden…
In dit geval oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had mogen weigeren. Het enkele feit dat ze niet in staat was haar werkzaamheden direct te hervatten, maakte dit niet anders. De werkgever had de aangeboden werkzaamheden aangepast aan de oogaandoening en de vervoersproblemen van werkneemster. Eventueel resterende problemen hadden kunnen worden opgelost als de medewerkster had meegewerkt. Met de aangeboden functie in ploegendienst was de werkgever ook tegemoet gekomen aan de door de medewerkster geuite bezwaren. Ten slotte bleek de eis van directe werkhervatting niet uit het aanbod van de werkgever.

Geen transitievergoeding
Gezien de omstandigheden oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet had kunnen worden herplaatst vanwege haar eigen weigerachtige houding. Ondanks het feit dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op het recht op transitievergoeding vond het hof het handelen en nalaten van de werkneemster dermate verwijtbaar dat ze geen recht had op een transitievergoeding. Het feit dat ze al 20 jaar in dienst was en altijd goed had gefunctioneerd, maakte dan niet anders.

Tip! Reageer altijd gemotiveerd op de bezwaren van een werknemer tegen een aangeboden, passende functie en houd hiermee bij het aanbieden van een andere passende functie, voor zoveel mogelijk, rekening.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-15T11:51:56+02:0015 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Weigert een werknemer een passende functie?