NBC

  • Subsidie voor specifieke Coronabanen in zorg

Subsidie voor specifieke Coronabanen in zorg

Er is een nieuwe subsidie beschikbaar voor zogenaamde ‘Coronabanen’ in de zorg. Het kabinet hoopt door extra banen te creëren de druk op de reguliere zorg te verminderen.

Ondersteunende functie
De subsidie is bedoeld voor banen in de zorg met een ondersteunende functie, te weten: gastvrouw / gastheer, zorg-assistent / zorgbuddy, ADL–ondersteuner, welzijns-assistent, ondersteuner zorgmedewerker of ondersteuner veiligheid.

Reden subsidie
Door de subsidie snijdt het mes aan twee kanten. Enerzijds wordt de zorg ontlast, anderzijds ontstaan er banen voor mensen die momenteel in sectoren werken of werkten waar door Corona tijdelijk minder werk is.

Aanvragen
De subsidie kan door zorgorganisaties tot 31 maart 2021 17.00 uur digitaal worden aangevraagd bij de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen. De subsidie is aan te vragen voor de periode 1 januari tot 1 juli 2021.

Voorwaarden
De subsidie kent ook enkele voorwaarden. Zo moet het gaan om een arbeidscontract van minimaal twee en maximaal zes maanden voor een functie die onder normale omstandigheden niet beschikbaar is en moet er gemiddeld minimaal 20 uur per week gewerkt worden.

Omvang subsidie
Het maximale subsidiebedrag ligt op 120% van het wettelijk minimumloon (WML). Per 1 januari 2021 ligt het WML bij een volledige werkweek voor 21 jaar en ouder op €1.684,80 per maand, zodat de maximale subsidie €2.021,76 per maand bedraagt. Daarnaast is er een vergoeding van maximaal 20% van de loonkosten voor begeleiding van de tijdelijke werknemers. Dit wordt berekend op basis van 120% WML.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-24T09:22:10+01:0024 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Subsidie voor specifieke Coronabanen in zorg
  • Eerste vaststellingen TVL Q4 2020 naar ondernemers

Eerste vaststellingen TVL Q4 2020 naar ondernemers

De eerste verzoeken ter vaststelling van het omzetverlies over het vierde kwartaal (oktober t/m december) van 2020 zijn verstuurd naar ondernemers. Ondernemers ontvangen deze verzoeken per e-mail van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Reageren voor 1 juli
Ondernemers moeten voor 1 juli de definitieve omzetdaling over het vierde kwartaal doorgeven. Op basis hiervan ontvangen ze de definitieve TVL. Eerder is al 80% van het bedrag als voorschot uitbetaald.

Nabetaling of terugbetaling
De definitieve omzetdaling bepaalt of de ondernemer een nabetaling ontvangt of een deel van het voorschot moet terugbetalen.

Let op! Dit hoor je uiterlijk 16 weken na opgave van de definitieve omzetdaling.

Omvang tegemoetkoming
De TVL voor het vierde kwartaal van 2020 voorzag in een tegemoetkoming van 50% tot 70% van de kosten van vaste lasten, afhankelijk van de omzetdaling. Deze daling moest ten minste 30% zijn. Bovenop de tegemoetkoming ontvingen detaillisten in de non-food een extra VGD-vergoeding (voorraad gesloten detailhandel).

Meestal voor 25 maart bericht
Het overgrote deel van de aanvragers, naar schatting zo’n 90%, zal al voor 25 maart het verzoek ter vaststelling van de RVO per e-mail ontvangen hebben.

Vergoeding op basis van branchecijfers
Voor de omvang van de vaste lasten van het bedrijf gaat de RVO uit van het branchegemiddelde via uw SBI-code in het Handelsregister. De werkelijke vaste lasten van een bedrijf zijn niet bepalend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-23T13:14:22+01:0023 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Eerste vaststellingen TVL Q4 2020 naar ondernemers
  • Belastingheffing bij partner van ondernemer met TOZO

Belastingheffing bij partner van ondernemer met TOZO

Ondernemers die in 2020 een TOZO-uitkering ontvingen en een partner hebben, kunnen bij de aangifte over 2020 geconfronteerd worden met een belastingheffing bij die partner. Dit is het gevolg van het feit dat de TOZO voor 50% aan die partner wordt toegerekend. De ‘schade’ kan in de honderden euro’s lopen.

TOZO
Zelfstandigen die door Corona in financiële moeilijkheden zijn gekomen, kunnen sinds maart 2020 in aanmerking komen voor de TOZO (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers). Via de TOZO kan het inkomen van een zelfstandige worden aangevuld tot het bestaansminimum. Dit is maximaal €1.500. De TOZO kon in de eerste maanden ook worden verkregen als de partner van een zelfstandige zelf wel voldoende inkomen had.

Heb je een partner?
De toerekening van de TOZO geschiedt voor zelfstandigen met een partner voor 50% aan de partner, die hier ook zelf belasting over moet betalen. De gemeente houdt hier bij het uitbetalen wel rekening mee, maar niet met het feit dat de partner wellicht al een deel van de heffingskorting gebruikt vanwege eigen inkomsten.

Heffingskorting
Als de heffingskorting al helemaal of deels gebruikt is vanwege inkomsten van de partner zelf, wordt het deel van de TOZO dat aan de partner wordt toegerekend zwaarder belast. Dit wordt zichtbaar bij het doen van de belastingaangifte over 2020.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-23T13:03:34+01:0023 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Belastingheffing bij partner van ondernemer met TOZO
  • Geen belastingrente? Dien de BTW-suppletie vóór 1 april 2021 in

Geen belastingrente? Dien de BTW-suppletie vóór 1 april 2021 in

Heb je over 2020 alle BTW aangegeven en betaald bij de Belastingdienst? Als dat niet zo is, is het verstandig om snel in actie te komen.

Geen belastingrente
Als je nog niet aangegeven en betaalde BTW over 2020 vóór 1 april 2021 alsnog via een BTW-suppletie aangeeft, betaal je geen belastingrente. Geef je dit pas op of na 1 april 2021 aan, dan betaal je vanaf 1 januari 2021 een belastingrente van 4%. Deze rente loopt door tot 14 dagen na datum van de aanslag waarin de BTW is opgenomen.

Tip! Is de BTW-correctie niet meer dan €1.000? Dan hoef je geen aparte BTW-suppletie te doen, maar kun je de BTW corrigeren in de eerstvolgende BTW-aangifte, ook als dit een BTW-correctie voor het jaar 2020 betreft. Ook in dat geval betaal je geen belastingrente.

Verzuimboete
Is de BTW-correctie over 2020 groter dan €20.000? Dan kan de Belastingdienst een verzuimboete opleggen. Deze bedraagt minimaal 5% en maximaal €5.514. Is de BTW-correctie over 2020 kleiner dan €20.000? Dan kan de Belastingdienst alleen een verzuimboete opleggen als de correctie 10% of meer is van de totaal in 2020 eerder betaalde of ontvangen BTW.

Let op! Het opleggen van een verzuimboete is ook mogelijk als de BTW-suppletie vóór 1 april 2021 is ingediend. Je voorkomt met indiening vóór 1 april dus alleen de belastingrente en niet een eventuele verzuimboete.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-22T11:26:18+01:0022 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Geen belastingrente? Dien de BTW-suppletie vóór 1 april 2021 in
  • Extra opletten bij belastingaangifte 2020

Extra opletten bij belastingaangifte 2020

Vanaf 1 maart kunnen ondernemers en particulieren weer aangifte doen voor het jaar 2020. Vanwege Corona is het wel zaak om dit jaar extra op te letten. Wat zijn specifieke aandachtspunten?

Afwijkend inkomen
Voor veel belastingplichtigen, ondernemers en particulieren, zal vanwege Corona het inkomen van vorig jaar af kunnen wijken met dat van voorgaande jaren. Hiermee is door de Belastingdienst veelal nog geen rekening gehouden.

TOZO of TOFA?
De Belastingdienst heeft al wel rekening gehouden met een afwijkend inkomen als gevolg van een aanvraag van de TOZO (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers) en TOFA (Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeidskrachten). Heb je recht op een van deze steunmaatregelen? Dan hoeft alleen gecontroleerd te worden of de vooraf ingevulde gegevens kloppen.

Hypotheekrente
Speciale aandacht verdient de aftrek van hypotheekrente. Vanwege de introductie van een zogenaamde betaalpauze – je hebt dan uitstel van betaling van hypotheekrente gehad – kan de aftrek over 2020 lager zijn dan normaal. Dit geldt vaak ook als een hypotheek in 2020 opnieuw is afgesloten, omdat de rente dan meestal lager ligt dan in het verleden.

Vaste lasten
In de aangifte moeten ondernemers ook rekening houden met het feit dat de tegemoetkomingen voor vaste lasten vanwege Corona in de vorm van TOGS en TVL onbelast zijn. De kosten zijn daarentegen wel integraal aftrekbaar van de winst.

Zelfstandigenaftrek
In de aangifte wordt ook gewezen op het feit dat het zogenaamde urencriterium voor ondernemers vanwege Corona versoepeld is. Dit betekent dat ondernemers die vanwege Corona minder uren in het bedrijf hebben gewerkt, toch aan het urencriterium kunnen voldoen. Daardoor hoeft het recht op enkele faciliteiten voor ondernemers, zoals de zelfstandigenaftrek, niet verloren te gaan.

Individuele omstandigheden
Wie aangifte doet moet zelf rekening houden met een eventuele wijziging in 2020 van zijn individuele omstandigheden, zoals werkloosheid, een huwelijk of echtscheiding. Ook hierdoor kan de aangifte van 2020 fors afwijken van die van voorgaande jaren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-22T11:14:24+01:0022 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Extra opletten bij belastingaangifte 2020
  • Eigenrisicodrager WGA of ZW? Let op deadline van 31 maart

Eigenrisicodrager WGA of ZW? Let op deadline van 31 maart

Wil je per 1 juli 2021 eigenrisicodrager worden voor de WGA of ZW? Of ben je al eigenrisicodrager en wil je opzeggen? Dan moet je dat uiterlijk 31 maart aanvragen bij de Belastingdienst.

Wat is eigenrisicodragerschap?
Werkgevers vallen voor de kosten van arbeidsongeschiktheid van werknemers doorgaans onder de publieke verzekering van het UWV. Hier gaat het om de Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) en de Ziektewet (ZW). Je draagt daarvoor WGA- en ZW-premies af.

Je betaalt deze premies werknemersverzekeringen echter niet als je eigenrisicodrager bent. In dat geval betaal je alleen de basispremie. Is het risico dat de (ex-)werknemer een beroep moet doen op een WGA- of ZW-uitkering laag? Dan kan het dus gunstig zijn om eigenrisicodrager te worden. Maar wordt de (ex-)werknemer ziek, dan moet je de uitkering en (re-integratie)kosten zelf betalen. Je blijft hiervoor maximaal tien jaar verantwoordelijk. Voor dit risico kun je je wel verzekeren bij verschillende verzekeraars. Na tien jaar neemt het UWV de betaling van de uitkering over. Ook wordt het UWV verantwoordelijk voor de re-integratie.

Let op! Eigenrisicodragerschap voor de WW is verplicht voor werkgevers in de sector Overheid en Onderwijs. Voor werkgevers in andere sectoren is dat niet mogelijk.

Twee maal per jaar wijzigingen doorgeven
Twee keer per jaar kun je ervoor kiezen om eigenrisicodrager te worden. Dat kan op 1 januari en op 1 juli. Het eigenrisicodragerschap opzeggen kan ook. De aanvraag moet 13 weken van tevoren bij de Belastingdienst ingediend worden. Wil je per 1 juli 2021 de wijziging in laten gaan, dan moet je dat dus vóór 1 april doorgeven.

Let op! Bij de aanvraag voor het eigenrisicodragerschap moet een garantieverklaring meegestuurd worden van de bank of verzekeraar. Hiervoor is een modelgarantieverklaring beschikbaar op de site van de Belastingdienst en op de site van het UWV.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-19T10:03:08+01:0019 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Eigenrisicodrager WGA of ZW? Let op deadline van 31 maart
  • Subsidie generieke werkgeversvoorziening per 1 juli verruimd

Subsidie generieke werkgeversvoorziening per 1 juli verruimd

De zogenaamde pilot generieke werkgeversvoorziening is een regeling waarbij werkgevers subsidie kunnen aanvragen voor werkplekaanpassingen voor werknemers met een structurele functionele beperking. Deze subsidieregeling bestaat sinds 1 maart 2020. De voorwaarden voor het aanvragen van de subsidie worden volgens een conceptbesluit met ingang van 1 juli 2021 verruimd.

Wat houdt de pilot generieke werkgeversvoorzieningen in?
Als werkgever kun je subsidie aanvragen voor het aanpassen van werkplekken als je de intentie hebt om een of meerdere mensen met een vergelijkbare functiebeperking in dienst te nemen en bij voorkeur drie jaar in dienst te houden. Voor het ontvangen van de subsidie gelden onder andere de volgende voorwaarden:

  • de voorziening moet noodzakelijk zijn;
  • de voorziening kost maximaal € 1.000.000;
  • je hebt in de drie jaar dat de proef duurt minimaal één werknemer in dienst voor wie de aanpassing noodzakelijk is.

Op welke punten verruiming?
In eerste instantie gold ook een aantal voorwaarden die met name de rol van het UWV betroffen, onder andere bij het bepalen van de doelgroep van deze subsidie. Hierin komt verandering:

  • per 1 juli 2021 hoef je bij het UWV pas aan te geven om welke werknemer het gaat, zodra je de werkplek aangepast hebt. Op dit moment moet je de naam van de betreffende werknemer veel eerder doorgeven, namelijk al bij de subsidieaanvraag. Dat hoeft straks niet meer. Je moet in de aanvraag nog wel aangeven wat je gaat aanpassen aan de werkplek, voor welke functiebeperkingen deze aanpassingen bedoeld zijn en hoeveel werknemers van de werkplekaanpassing gebruik kunnen maken;
  • nu is de subsidieaanvraag alleen nog voor blijvende werkplekaanpassingen, dus niet voor voorzieningen die de werknemers mee kunnen nemen zodra ze van baan wisselen. Ook dat gaat veranderen. De subsidie kun je per 1 juli 2021 ook aanvragen voor voorzieningen die werknemers mee kunnen nemen als ze het bedrijf verlaten;
  • verder kun je nu alleen subsidie aanvragen voor werknemers met een functiebeperking vanuit de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). Per 1 juli 2021 wordt deze voorwaarde verruimd en kun je ook subsidie aanvragen voor werknemers uit de doelgroepen banenafspraak en loonkostensubsidie of beschut werk.

Meewerken aan evaluatie is verplicht
De pilot duurt tot en met 31 december 2023. Het UWV zal door middel van onder meer bedrijfsbezoeken en interviews met werkgevers de pilot evalueren. Ook zal het UWV onderzoeken of met de pilot meer werknemers met een functiebeperking aan het werk komen én blijven. Wanneer je de subsidie aanvraagt, ben je verplicht om aan deze evaluatie mee te werken. Op basis van de evaluatie wordt besloten over de voortzetting van de generieke werkgeversvoorziening.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-18T09:35:10+01:0018 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Subsidie generieke werkgeversvoorziening per 1 juli verruimd
  • NL leert door: sectoraal maatwerk mogelijk

NL leert door: sectoraal maatwerk mogelijk

Het kabinet wil werknemers ondersteunen in hun kansen op nieuw werk. In 2020 zijn de regelingen ‘NL leert door’ met inzet van ontwikkeladvies en ‘NL leert door’ met inzet van scholing in werking getreden. Binnenkort wordt de derde regeling van kracht: ‘NL leert door’ met inzet van sectoraal maatwerk.

Sectoraal maatwerk
Wat houdt sectoraal maatwerk precies in? Samenwerkingsverbanden van werkgevers-, werknemersorganisaties en andere betrokken partijen binnen een bepaalde sector kunnen een subsidieverzoek indienen om binnen de sector activiteiten te ontplooien gericht op het behoud dan wel het vinden van ander werk. De volgende vier activiteiten kunnen worden aangeboden:

  • ontwikkeladvies;
  • scholing;
  • EVC, of
  • begeleiding naar ander werk.

Het is niet nodig dat de partijen genoemde activiteiten allemaal zelf aanbieden. Er kan ook gebruik worden gemaakt van externe aanbieders. Het subsidiebedrag bedraagt minimaal €300.000 per aanvraag en de binnen een subsidieaanvraag aangevraagde trajecten hebben een gemiddelde waarde van ten hoogste €2.000 per deelnemer. In totaal is €71,5 miljoen beschikbaar voor deze regeling.

Aangeboden activiteiten
Het is de bedoeling om maatwerk aan te bieden aan personen. Zo kunnen in een traject alle vier genoemde activiteiten worden ingezet, maar dit zal zeker niet altijd nodig zijn en afhankelijk zijn van de individuele behoefte. Ook kan de inzet beperkt blijven tot bijvoorbeeld alleen een ontwikkeladvies. Per traject zal bekeken worden wat nodig is.

Aanvragen subsidie
De subsidie kan worden aangevraagd vanaf 15 maart 2021, 9.00 uur tot en met 26 april 2021, 17.00 uur. De uitvoering is in handen van Uitvoering van Beleid (www.uitvoeringvanbeleidszw.nl), onderdeel van het ministerie van SZW. De beslissing over een subsidieaanvraag wordt zo snel mogelijk, maar uiterlijk binnen 13 weken, genomen.

Indienen subsidieaanvraag
Samenwerkingsverbanden van sectoren, werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties, brancheorganisaties, O&O-fondsen en andere betrokkenen, kunnen een subsidieaanvraag indienen. Als uitgangspunt geldt dat zowel een werkgevers- als een werknemersorganisatie onderdeel moeten uitmaken van het samenwerkingsverband, zodat het helder is dat het gaat om een in de sector breed gedragen aanvraag. Behoort een gezamenlijk ondertekende aanvraag niet tot de mogelijkheden, dan moet de aanvraag voor een advies worden voorgelegd aan de Stichting van de Arbeid.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-17T09:29:36+01:0017 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor NL leert door: sectoraal maatwerk mogelijk
  • Hoe bepaal je de WOZ-waarde van een bedrijfspand?

Hoe bepaal je de WOZ-waarde van een bedrijfspand?

Omdat de WOZ-waarde van een bedrijfspand als grondslag geldt voor fiscale afschrijving en de heffing van diverse belastingen, kan het lonen om bezwaar te maken. Dat geldt voor zowel eigenaren als huurders van bedrijfspanden.

Let op! De bezwaartermijn is zes weken na dagtekening van de beschikking.

Fiscale afschrijving
In de inkomstenbelasting is de fiscale afschrijving voor ondernemers beperkt tot 50% van de WOZ-waarde, oftewel: bodemwaarde. Verhuur je het gebouw? Dan geldt dat de bodemwaarde gelijk is aan de WOZ-waarde, omdat het gebouw als belegging wordt gezien. Een tweede beperking is dat de jaarlijkse afschrijving niet groter mag zijn dan het verschil tussen de boek- en bodemwaarde. Een lagere WOZ-waarde en daarmee een lagere bodemwaarde, is dan voordeliger.

In de vennootschapsbelasting geldt voor de boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2019 dat de bodemwaarde gelijk is aan de WOZ-waarde. Heb je op het gebouw vóór 1 januari 2019 nog geen drie volledige jaren afgeschreven? Dan geldt een overgangsregeling.

Let op! De WOZ-waarde 2021 is de waarde op 1 januari van het voorgaande jaar. Dat is 1 januari 2020. Houd dat in het achterhoofd bij het maken van bezwaar: draag de waarde verlagende kenmerken en feiten van het bedrijfspand op die datum aan.

Werktuigenvrijstelling?
Bedrijfspanden zoals winkels, kantoren, magazijnen en werkplaatsen worden gewaardeerd op de waarde in het economisch verkeer. Sommige delen van het bedrijfspand kunnen uitgezonderd zijn van de waardering. Dat geldt bijvoorbeeld voor werktuigen die verbonden zijn aan het gebouw en een productiefunctie vervullen in een industrieel proces (werktuigenvrijstelling). Denk aan bijvoorbeeld pompen, meters en compressoren. Het voordeel van de werktuigenvrijstelling is tweeledig: je verlaagt de WOZ-waarde van het bedrijfspand en je kunt separaat op het werktuig zelf afschrijven.

Woon-werkpand
Gemeenten met een onroerendezaakbelasting (OZB) kennen vaak een lager woningtarief. Heb je een woon-werkpand dat je hoofdzakelijk, dat wil zeggen voor meer dan 70%, gebruikt voor woondoeleinden? Dan is sprake van een woning.
Is dit niet het geval? Dan krijg je als eigenaar mogelijk twee aanslagen: als eigenaar en als gebruiker van het pand. In sommige gevallen is de woondelenvrijstelling dan van toepassing: de waarde van gedeelten van het pand die in hoofdzaak (meer dan 70%) tot woning dienen of dienstbaar zijn aan woondoeleinden, worden dan op de WOZ-waarde in mindering gebracht.

Let op! Ook voor digitaal verzonden beschikkingen geldt een bezwaartermijn van zes weken na dagtekening van de beschikking. Heb je aangegeven dat je berichten van de gemeente digitaal wilt ontvangen, houd dan de berichtenbox van Mijn Overheid in de gaten.

Let op! Het is aan te raden om bij het maken van bezwaar tegen de WOZ-beschikking en/of de OZB-aanslag goed na te gaan of de diverse regelingen goed zijn toegepast door de heffingsambtenaar.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-16T09:15:16+01:0016 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Hoe bepaal je de WOZ-waarde van een bedrijfspand?
  • TVL in tweede kwartaal naar 100%, TONK verruimd

TVL in tweede kwartaal naar 100%, TONK verruimd

De Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) wordt opnieuw verhoogd. Voor het tweede kwartaal van dit jaar, dus voor de maanden april tot en met juni, gaat een vergoeding gelden van 100% van de vaste lasten. Ook komt er meer geld vrij voor inkomensondersteuning via de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK). Dit heeft het kabinet vrijdag 12 maart bekendgemaakt.

TVL
De TVL is een tegemoetkoming in de vaste lasten voor ondernemers die vanwege de Coronacrisis een omzetdaling ondervinden van minstens 30%. Sinds 1 januari is de tegemoetkoming verhoogd naar 85%, vanaf 1 april dus naar 100%.

Vergoeding op basis van branchecijfers
Voor de omvang van de vaste lasten van een bedrijf wordt uitgegaan van het branchegemiddelde via de SBI-code in het Handelsregister. De werkelijke vaste lasten van een bedrijf zijn niet bepalend. Het aandeel van de vaste lasten in de omzet voor de branche staat dus vast en hangt samen met de SBI-code.

Afwijken van SBI-code mogelijk
Verder maakte staatssecretaris Keijzer (EZK) onlangs bekend dat ondernemers bij wie de werkelijke hoofdactiviteit van het bedrijf afwijkt van de SBI-code in het Handelsregister van de KvK toch in aanmerking kunnen komen voor de TVL of voor meer TVL dan op basis van hun SBI-code. Zij doet dit naar aanleiding van een rechterlijke uitspraak.

Hardheidsclausule
In de TVL worden daarom hardheidsclausules opgenomen. Deze maken het mogelijk dat kan worden afgeweken van de SBI-code als de ondernemer aannemelijk maakt dat de werkelijke hoofdactiviteit van het bedrijf anders is. Deze afwijkmogelijkheid krijgt terugwerkende kracht tot 1 januari 2021.

Aanvragen TVL
De TVL voor het eerste kwartaal van 2021 kun je via rvo.nl aanvragen tot 30 april 17.00 uur. De TVL voor het tweede kwartaal van 2021 kun je naar verwachting vanaf half mei aanvragen.

Opslag land- en tuinbouw
De TVL voor het tweede kwartaal kent alleen nog een opslag van 21% voor land- en tuinbouwbedrijven. De opslagen voor de non-food detailhandel en reissector komen in de TVL voor het tweede kwartaal te vervallen.

Meer Coronasteun via TONK
Naast de verruiming van de TVL, trekt het kabinet fors meer geld uit voor inkomensondersteuning via de TONK. Oorspronkelijk was voor de regeling €130 miljoen uitgetrokken, maar dit wordt verhoogd naar €260 miljoen. De TONK is bedoeld voor degenen die door een inkomensverlies vanwege Corona hun vaste lasten niet meer kunnen betalen en richt zich met name op woonlasten.

Aanvragen en uitvoeren via gemeente
De TONK kan met terugwerkende kracht tot 1 januari van dit jaar worden aangevraagd bij de gemeente. Vanaf wanneer de aanvraag mogelijk is, verschilt per gemeente. Ook de doelgroep die voor de TONK in aanmerking komt en de hoogte van de tegemoetkoming zijn een keuze van de gemeente en kan dus per gemeente verschillen. Het kabinet heeft gemeenten wel opgeroepen ruimhartig te zijn in het toekennen van de TONK.

Wanneer kom je voor TONK in aanmerking?
Voor de TONK kom je in aanmerking als je 18 jaar of ouder bent, aanzienlijk inkomen verliest door de Coronacrisis, de woonkosten niet meer uit het inkomen of het vermogen kunt betalen en overige financiële tegemoetkomingen tekortschieten. Daarnaast gelden nog andere voorwaarden die per gemeente kunnen verschillen.

Let op! De gemeente bepaalt hoeveel vermogen je mag hebben om nog voor de TONK in aanmerking te komen. Dit kan dus per gemeente verschillen.

Wat zijn woonkosten?
Woonkosten ziet op huur of hypotheek, maar ook op de kosten van elektriciteit, gas en water, servicekosten en gemeentelijke belastingen. De gemeente bepaalt welke kosten door de TONK gedekt kunnen worden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-15T10:39:22+01:0015 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor TVL in tweede kwartaal naar 100%, TONK verruimd