inkomsten

Inkomsten hoofdzakelijk van één opdrachtgever: geen sprake van winst

Als ondernemers vrijwel hun gehele inkomen bij één opdrachtgever verdienen, is het onwaarschijnlijk dat er sprake is van winst uit onderneming. Dat er naast die opdrachtgever nog meerdere opdrachtgevers zijn, betekent nog niet dat er sprake is van een onderneming. Er bestaat dan ook geen recht op ondernemersfaciliteiten.

Vast maandbedrag
Bovenstaande conclusies volgen uit een uitspraak van de rechtbank Gelderland. Een belastingplichtige trad voor een bedrijf op als personage en bedacht hieromtrent entertainment. Hij ontving hiervoor een vast maandbedrag en wilde dit aanmerken als winst uit onderneming. Volgens de inspecteur was er sprake van een dienstbetrekking.

Wanneer onderneming?
Volgens de rechtbank dient, bij de beoordeling of sprake is van ondernemerschap, onder andere te worden gekeken naar de duurzaamheid en de omvang van de werkzaamheden, de grootte van de opbrengst, de winstverwachting, het lopen van ondernemersrisico, het streven naar continuïteit, de beschikbare tijd, de bekendheid die naar buiten aan de werkzaamheden wordt gegeven, het aantal opdrachtgevers en het spraakgebruik.

Let op! Dat er sprake is van winst uit onderneming, dient degene die dit claimt te bewijzen.

Inkomsten vrijwel geheel van één opdrachtgever
De rechtbank was het met de inspecteur eens dat er in de betreffende zaak geen sprake was van winst uit onderneming. Daarbij is van belang dat er weliswaar meerdere opdrachtgevers waren, maar dat het inkomen in de loop der jaren nagenoeg geheel, dan wel hoofdzakelijk, van één bedrijf afkomstig was. Over het geheel van de in geschil zijnde jaren bedroegen deze inkomsten zelfs meer dan 90%.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-06-22T15:12:04+02:0023 juni 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Inkomsten hoofdzakelijk van één opdrachtgever: geen sprake van winst

  • Ga slim om met afkoopsom bij einde leasecontract

Ga slim om met afkoopsom bij einde leasecontract

Als een werknemer met een leaseauto van de zaak ontslag neemt, kan het zo zijn dat het leasecontract vroegtijdig moet worden beëindigd. Moet er dan door de werknemer een afkoopsom worden betaald en is die aftrekbaar van de bijtelling?

Afkoopsom
Een vroegtijdige beëindiging van het leasecontract brengt kosten met zich mee, want de leasemaatschappij wil normaal gesproken gecompenseerd worden voor de te derven inkomsten. Dit gebeurt in de vorm van een afkoopsom. De hoogte van deze afkoopsom is onder meer afhankelijk van de resterende looptijd van het leasecontract en van de courantheid van de auto. Of de afkoopsom aftrekbaar is van de bijtelling, hangt af van een aantal voorwaarden.

Voorwaarden
De afkoopsom is aftrekbaar voor de werknemer als hij schriftelijk met de werkgever is overeengekomen dat de werknemer bij beëindiging van het leasecontract de afkoopsom voor zijn rekening neemt. Ook moet schriftelijk zijn overeengekomen dat hij de afkoopsom betaalt als vergoeding voor het privégebruik van de auto. De werknemer moet de afkoopsom bovendien aan de werkgever betalen en dus niet rechtstreeks aan de leasemaatschappij.

Let op! Door de afkoopsom kan de bijtelling niet negatief worden. Het is van belang hierop in te spelen.

Anticiperen met ontslagdatum
Als een werknemer aan het begin van het jaar van werkgever verandert, de leaseauto weer inlevert en een afkoopsom verschuldigd is, is deze vaak groter dan het bedrag van de bijtelling. Deze wordt immers aan het begin van het jaar slechts over een beperkte periode berekend. De werknemer doet er daarom goed aan in die gevallen het leasecontract al in het voorafgaande jaar te ontbinden.

Voorbeeld: een werknemer beschikt over een leaseauto met een cataloguswaarde van €40.000 en een bijtelling van 22%. Verandert de werknemer in maart van werkgever, dan bedraagt de bijtelling voor dat jaar €40.000 x 22% x 2/12 = €1.467. Bedraagt de afkoopsom bijvoorbeeld €5.000, dan kan hiervan €5.000 -/- €1.467 = €3.533 niet verrekend worden.

Tip! Adviseer de werknemer in soortgelijke situaties het leasecontract al op het einde van het voorafgaande jaar te beëindigen. Hij kan dan de hele afkoopsom verrekenen. In de maanden januari en februari dient hij dan zelf voor vervangend vervoer te zorgen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-08-01T10:52:04+02:001 augustus 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Ga slim om met afkoopsom bij einde leasecontract

  • Kabinet presenteert herstelplan heffing box 3

Kabinet presenteert herstelplan heffing box 3

In een brief aan het parlement heeft het kabinet aangegeven hoe het om wil gaan met de belastingheffing over inkomen in box 3 in de periode 2017 tot en met 2022. Het kabinet geeft verder ook aan hoe het de komende jaren vermogensinkomsten in box 3 wil belasten.

Arrest Hoge Raad
De voornemens van het kabinet vloeien voort uit een arrest van de Hoge Raad van eind 2021. In dit arrest besliste de Hoge Raad dat de huidige belastingheffing over vermogen in box 3 in strijd is met de wet.

Overleg Tweede Kamer
Het kabinet wil, alvorens beslissingen te nemen, eerst in overleg met de Tweede Kamer. Op het arrest van de Hoge Raad kan namelijk op verschillende manieren worden ingespeeld. De kosten zijn onder meer afhankelijk van de vraag of alleen rechtsherstel plaatsvindt voor degenen die in het verleden bezwaar hebben gemaakt tegen hun aanslagen over vermogen in box 3, of dat rechtsherstel ook breder wordt toegepast. Rechtsherstel kost de schatkist vervolgens, afhankelijk van de gekozen variant en de gekozen doelgroep, tussen de €2,4 en €11,7 miljard.

Werkelijke verdeling vermogen
In de twee varianten voor rechtsherstel die in de brief beschreven worden, wordt uitgegaan van de werkelijke verdeling van het vermogen tussen spaargeld en beleggingen. In de huidige wetgeving is dit anders, omdat daarin wordt uitgegaan van een fictieve verdeling op basis van de omvang van het vermogen.

Varianten
De twee varianten bestaan uit een spaarvariant en een forfaitaire variant. In de eerste variant wordt het spaargeld belast op basis van de actuele spaarrente, de schulden op basis van de hypotheekrente en de beleggingen op basis van het nu ook al geldende meerjarige gemiddelde rendement voor beleggingen. Bij de forfaitaire variant worden de huidige forfaits aangepast aan de gemiddelde rendementen voor de vermogenscategorieën in een jaar.

Let op! Op 20 april 2022 ging de staatssecretaris in discussie met de Tweede Kamer. Daarna zal het kabinet bij de voorjaarsnota (uiterlijk 1 juni 2022) een beslissing nemen over de wijze waarop rechtsherstel geboden gaat worden. De Belastingdienst kan dan rond 1 juli 2022 starten met het rechtsherstel. Het streven is dan om uiterlijk 4 augustus de belastingaanslagen van iedereen die tijdig bezwaar maakte beoordeeld en eventueel verminderd te hebben.

Spoedwetgeving voor 2023 en 2024
Het kabinet wil de uiteindelijk gekozen variant voor de periode 2017 tot en met 2022 ook gebruiken voor de belastingheffing in box 3 voor de periode 2023 en 2024. Dit zal via spoedwetgeving worden ingevoerd.

Werkelijk rendement belast vanaf 2025
Het kabinet streeft ernaar vanaf 2025 het werkelijke rendement van vermogen te belasten in box 3. Hierbij worden niet alleen de reguliere inkomsten belast, maar ook vermogenstoenames, zoals koerswinsten en waardestijgingen van onroerend goed.

Let op! De voorstellen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen en zijn dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-22T19:44:58+02:0022 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Kabinet presenteert herstelplan heffing box 3

  • Heb je al je cryptocurrency opgegeven?

Heb je al je cryptocurrency opgegeven?

Belastingplichtigen doen er verstandig aan om cryptovaluta die ze nog niet eerder in hun aangiftes hadden opgenomen, alsnog aan te geven. Je kunt hiervoor gebruikmaken van de inkeerregeling. Doet je dit niet, dan loop je het risico op een boete.

Fiscus krijgt inzage
Er is een nieuwe EU-richtlijn inzake gegevensuitwisseling, waarmee de fiscus straks mag meekijken in de boekhouding van cryptobedrijven.

Box 3
In box 3 worden inkomsten uit sparen en beleggen belast. Ook beleggingen in cryptovaluta moeten hier worden opgegeven.

Alsnog aangeven
Belastingplichtigen die (een deel van hun) vermogen niet hebben opgegeven, kunnen gebruikmaken van de inkeerregeling. Je geeft dan zelf aan dat je een bepaald vermogen zoals cryptovaluta – al dan niet opzettelijk – hebt verzwegen. Je moet de verschuldigde belasting uiteraard alsnog betalen, plus rente.

Boete
Geef je inkomen of vermogen aan dat je meer dan twee jaar geleden al had moeten aangeven, dan krijgt u altijd een boete. Dat geldt ook als het gaat om inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) of uit sparen en beleggen (box 3). De boete is wel lager, omdat je alsnog vrijwillig aangifte hebt gedaan.

Let op! Heb je vermogen in de vorm van cryptovaluta de afgelopen jaren niet opgegeven in de aangifte? Doe dit dan nu alsnog. Je voorkomt hiermee een hoge boete.

Hoe corrigeren?
Je kunt op de aangifte terugkomen zolang deze nog niet definitief vaststaat. Is dit wel het geval, dan kun je het formulier ‘Melding vrijwillige verbetering’ gebruiken. Je vindt dit op de site van de Belastingdienst.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-02T14:13:41+01:002 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Heb je al je cryptocurrency opgegeven?

  • Neveninkomsten mogelijk pas in later jaar ter discussie

Neveninkomsten mogelijk pas in later jaar ter discussie

Als je verlies uit neveninkomsten hebt en de inspecteur accepteert deze, is hij daar niet voor latere jaren aan gebonden. Dit blijkt uit een uitspraak van het gerechtshof in Den Haag.

Gratis bemiddeling
In de betreffende zaak dreef een belastingplichtige een organisatieadviesbureau dat was gericht op mediation in het kader van buurtbemiddeling. Uit deze neveninkomsten resulteerden sinds zeven jaren slechts verliezen. Dit was ook te verwachten, want de activiteiten werden verricht op vrijwillige basis.

Geen bron van inkomen
Er werd volgens de rechter dan ook geen voordeel met de activiteiten beoogd en een voordeel was ook niet te verwachten. Daardoor was er ook geen sprake van een bron van inkomen en dus was aftrek van het verlies niet aan de orde.

Verleden biedt geen garantie
Dat de inspecteur de verliezen uit de voorgaande zes jaren wel had geaccepteerd bood geen garantie voor de toekomst. Uit de stukken blijkt dat de inspecteur kennelijk niet eerder navraag naar de activiteiten had gedaan, zodat er ook geen sprake was van een bewuste standpuntbepaling. Dat is wel nodig om hier een beroep op te kunnen doen. De correctie bleef dan ook in stand.

Tip! Wil je voor de toekomst duidelijkheid, verzoek de inspecteur dan om schriftelijk zijn standpunt kenbaar te maken als het om een fiscaal discussiepunt gaat. Dit kun je ook opnemen in de aangifte.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-18T09:58:50+01:0018 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Neveninkomsten mogelijk pas in later jaar ter discussie

  • Zonder controle eerdere jaren geen ‘nieuw feit’

Zonder controle eerdere jaren geen ‘nieuw feit’

Als de fiscus een navorderingsaanslag op wil leggen, is daar in de regel een ‘nieuw feit’ voor nodig. Dit is een feit dat de inspecteur bij het opleggen van de aanslag niet bekend was en redelijkerwijs ook niet bekend kon zijn. Hiervan is onder omstandigheden geen sprake als de inspecteur verzuimd heeft aanslagen uit eerdere jaren te beoordelen, aldus een uitspraak van de rechtbank Breda.

Voortdurende verliezen niet opgemerkt
In de betreffende zaak ging het om een belastingplichtige die naast zijn baan in loondienst een webshop en borduurstudio exploiteerde. Hiermee behaalde hij gedurende veertien jaren alleen maar verliezen. Doordat er positieve inkomsten uit dienstbetrekking tegenover stonden, was het inkomen per saldo toch steeds positief en had de inspecteur de verliezen niet opgemerkt.

Navorderen mogelijk?
De inspecteur merkte de verliezen bij het opleggen van de aanslag over 2016 wel op en liet ze niet in aftrek toe. Ook vorderde hij na over het jaar 2015. Voor de rechter speelde de vraag of dit wel mogelijk was.

Nieuw feit?
Concreet ging het om de vraag of de inspecteur over een ‘nieuw feit’ beschikte. Duidelijk was dat hij de verliezen in eerdere jaren niet had opgemerkt omdat het inkomen per saldo nog positief was geweest. De rechter was van mening dat een nieuw feit ontbrak. De inspecteur had bij het beoordelen van de aangiftes ook aandacht moeten besteden aan eerdere jaren. Nu dit niet was gebeurd, kon dit achteraf niet via een navordering ongedaan gemaakt worden.

Let op! Volgens de uitspraak is ook van belang dat de verliezen wel zouden zijn opgemerkt als de aangiftes uit eerdere jaren wel normaal beoordeeld zouden zijn. In dat geval zou er ook aanleiding zijn geweest nader onderzoek te doen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-15T09:52:23+01:0015 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Zonder controle eerdere jaren geen ‘nieuw feit’

  • Correctie heffing box 3 door interen op vermogen

Correctie heffing box 3 door interen op vermogen

Als je moet interen op het vermogen om de verschuldigde belasting in box 3 te voldoen en je hebt alleen inkomsten uit rente, dan moet de verschuldigde box 3-belasting worden gecorrigeerd. Dit volgt uit een uitspraak van rechtbank Zeeland-West-Brabant.

Box 3 ter discussie
De belastingheffing in box 3 staat al jaren ter discussie. De heffing is namelijk gebaseerd op een fictief rendement, dat hoger wordt verondersteld naarmate het vermogen toeneemt. Dus los van de vraag wat het werkelijke rendement is dat met het vermogen wordt behaald.

Buitensporige last
In bovengenoemde zaak concludeerde de rechtbank dat de heffing in deze specifieke situatie een individuele en buitensporige last oplevert. Uit eerdere rechtszaken is af te leiden dat dit een reden kan zijn de belastingheffing met succes aan te vechten.

Alleen inkomsten uit rente
In de betreffende zaak had een echtpaar alleen inkomsten uit rente. De te betalen belasting bedroeg meer dan het inkomen dat uit rente werd verkregen. Het echtpaar had ook geen andere inkomsten. De rechtbank verminderde daarop het fictieve rendement met ruim €125.000, zodat dit beter aansloot bij het inkomen dat uit rente werd verkregen.

Heffingskorting
De rechtbank hield daarbij ook rekening met het feit dat er van een individuele en buitensporige last sprake kan zijn als de belastingheffing de rente-inkomsten niet overschrijdt. Indien dit namelijk wordt veroorzaakt door de algemene heffingskorting is van belang dat deze juist in het leven is geroepen om over een bepaald minimuminkomen geen belasting te heffen.

Toekomstig inkomen niet van belang
Het echtpaar had ook nog aandelen in een stamrecht-BV die te zijner tijd uitkeringen op zouden leveren. Hiermee mocht volgens de rechtbank echter nu nog geen rekening worden gehouden. Ondanks deze toekomstige uitkeringen en een bezit van ruim €1,2 miljoen aan spaartegoeden en een hypotheekvrije eigen woning, werden de aanslagen vanwege de geconstateerde buitengewone last dus toch verlaagd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-03T16:40:55+01:003 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Correctie heffing box 3 door interen op vermogen

  • Vanaf 2022 hogere BPM

Vanaf 2022 hogere BPM

De belasting die bij aankoop van een nieuwe personenauto betaald moet worden (BPM), gaat de komende vier jaar stijgen. Dit is op Prinsjesdag in het Belastingplan 2022 bekendgemaakt.

Minder CO2-uitstoot
Nieuwe auto’s worden steeds milieuvriendelijker. Als gevolg daarvan neemt ook de CO2-uitstoot af. Omdat de BPM gekoppeld is aan de CO2-uitstoot, neemt zonder nadere maatregelen ook de opbrengst van de BPM af.

CO2-grens verlaagd, tarieven verhoogd
Om het verlies aan inkomsten via de BPM te voorkomen, worden de CO2-schijfgrenzen voor personenauto’s voor de jaren 2022 tot en met 2025 daarom elk jaar met 2,3% verlaagd. Daarnaast worden de schijftarieven met 2,35% verhoogd. Op deze manier sluit de belastinggrondslag beter aan bij de verwachte CO2-vermindering van nieuwe personenauto’s. Dit geldt ook voor diesels.

Onderzoek TNO
Genoemde maatregel is genomen op basis van onderzoek door TNO. Deze heeft de te verwachten reductie aan CO2-uitstoot onderzocht, waarbij rekening is gehouden met het feit dat nieuwe auto’s steeds zwaarder worden.

Let op! De plannen moeten nog door het parlement worden goedgekeurd.

Elektrische auto ontzien
Elektrische auto’s, alsmede auto’s op waterstof en zonnecellen, hebben geen last van de verhoging van de tarieven. Deze auto’s zijn namelijk tot en met 2024 vrijgesteld van BPM.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-20T10:30:46+02:0020 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vanaf 2022 hogere BPM

  • Coronasteun beëindigd, wel enkele uitzonderingen

Coronasteun beëindigd, wel enkele uitzonderingen

De financiële tegemoetkomingen voor bedrijven die getroffen worden door de Coronacrisis, worden definitief per 1 oktober aanstaande beëindigd. Wel zullen er enkele uitzonderingen blijven. Zo blijven de kredietregelingen tot einde van het jaar in stand, net zoals de onbelaste reiskostenvergoeding.

NOW, TVL, TOZO en TONK
De inkomensondersteuning via NOW, TVL, TOZO en TONK wordt beëindigd. Wel kunnen zelfstandige ondernemers een beroep blijven doen op de bijstand via de BBZ, die tot 1 januari 2022 net als de TOZO geen vermogenstoets zal kennen.

Uitzondering nachtclubs en disco’s
Omdat nachtclubs en disco’s ook na 1 oktober waarschijnlijk nog gesloten moeten blijven, wordt er gewerkt aan een specifieke steunmaatregel voor deze sector. Ook voor de evenementensector wordt gewerkt aan een aanvullende tegemoetkoming.

Kredietregelingen
De kredietregelingen vanwege Corona, zoals de KKC en de BMKB-C, blijven tot het einde van dit jaar van kracht. Ook het Garantiefonds Evenementen, ter dekking van de kosten van afgelaste evenementen, blijft tot 1 januari 2022 bestaan. Daarnaast blijft de leningsfaciliteit voor garantiefondsen in de reisbranche nog het gehele jaar gelden.

Fiscale regelingen
Daarnaast wordt de onbelaste reiskostenvergoeding voortgezet tot 1 januari 2022, evenals de maatregel inzake de hypotheekpauze.

Sociaal pakket
Er wordt ook extra geld vrijgemaakt voor een sociaal pakket, bestaande uit intensieve begeleiding, loopbaanadvies en scholing via praktijkleren in het MBO. Dit is bedoeld voor mensen met een uitkering, voor mensen voor wie ontslag dreigt vanwege faillissement van de organisatie of voor zelfstandige ondernemers met een TOZO-uitkering op zoek naar werk.

Werktijdverkorting
Vanaf 1 oktober wordt werktijdverkorting opnieuw mogelijk. De herintroductie van werktijdverkorting is niet bestemd voor Coronagerelateerde omstandigheden en heeft alleen betrekking op kortdurende, buitengewone omstandigheden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-31T10:50:15+02:0031 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Coronasteun beëindigd, wel enkele uitzonderingen

  • Minder belasting betalen bij zorg kind na echtscheiding?

Minder belasting betalen bij zorg kind na echtscheiding?

Ouders die na een echtscheiding de zorg voor een of meer kinderen jonger dan 12 jaar verdelen en daarnaast werken, kunnen beiden recht hebben op de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK).

Er wordt dan al snel gesproken over co-ouderschap. De zorg voor het kind of de kinderen moet dan min of meer gelijkelijk tussen beide ouders worden verdeeld. Als dat onvoldoende gebeurt, is er in fiscale zin geen sprake van co-ouderschap en mist een van beide ouders mogelijk de IACK.

IACK
De IACK bedraagt dit jaar in beginsel 11,45% van het arbeidsinkomen boven €5.153, met een maximum van €2.815. Je moet wel ten minste €5.153 verdienen of, wanneer je ondernemer bent, recht hebben op de zelfstandigenaftrek.

Voorwaarden IACK
Verder gelden voor de IACK in 2021 de volgende voorwaarden:

  • je hebt een kind dat geboren is ná 31 december 2008 en in 2021 minstens 6 maanden is ingeschreven op jouw woonadres. Ben je co-ouder, dan mag het kind ook zijn ingeschreven op het adres van je ex;
  • je hebt geen fiscale partner of je hebt minder dan 6 maanden een fiscale partner. Of je hebt langer dan 6 maanden een fiscale partner én je verdient minder dan je fiscale partner.

Wanneer ben je co-ouder?
Je bent in 2021 co-ouder als het kind in een herhalend ritme in totaal minimaal 156 dagen per kalenderjaar bij elke ouder is. Ook dagdelen tellen hier mee. Dit komt bijvoorbeeld neer op drie dagen per week.

Verdeling zorg
Over de verdeling van de zorg is nogal wat te doen geweest, met verschillende rechterlijke uitspraken. Zo gold tot voor kort nog dat het kind minstens drie dagen per week bij een ouder moest verblijven om aan de voorwaarden te voldoen. Die eis is nu versoepeld doordat het aantal dagen op jaarbasis wordt beoordeeld, mits er sprake is van een zekere regelmaat.

Niet alleen overdag
Eerder kwam een zaak voor de Hoge Raad waarin opnieuw de verdeling van de zorgplicht tussen ouders aan de orde kwam. De ouders in deze zaak hadden een kind van één jaar dat een aantal dagen per week van ’s ochtends 7.30 uur tot ’s avonds 19.30 uur bij de moeder verbleef. Deze merkte dit verblijf aan als één dag, maar de Hoge Raad ging hier niet in mee. De Hoge Raad besliste dat één dag moet worden opgevat als 24 uur. Omdat momenteel de eis gesteld wordt dat een kind minstens 156 dagen per jaar bij een ouder verblijft, is het arrest ook nu nog van belang.

Dagdeel
Op de site van de Belastingdienst wordt aangegeven dat ook dagdelen meetellen. Of de rechter deze uitleg onderschrijft, is nog onzeker.

Tip! Wil je op zeker spelen, spreek dan een schema af waarbij je je kind(eren) per jaar ten minste 156 hele dagen van 24 uur verzorgt, in een herhalend ritme.

Tip! Heb je twee of meer jonge kinderen met je ex-partner? Door bij ieder (minstens) één kind in te schrijven, voldoe je beiden automatisch aan de voorwaarden zolang het betreffende kind jonger is dan 12 jaar. Je hoeft dan niet te voldoen aan de ingewikkelde regels van co-ouderschap.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-22T11:51:34+02:0022 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Minder belasting betalen bij zorg kind na echtscheiding?