arbeidsovereenkomst

  • Boete bij concurrentiebeding?

Boete bij concurrentiebeding?

In veel overeenkomsten is er een boetebeding opgenomen, waarin wordt geregeld welke boete er verschuldigd is als een andere bepaling, zoals een concurrentiebeding of een geheimhoudingsbeding, wordt overtreden. Wat als een ex-werknemer zo’n beding overtreedt? Wat zegt de rechtspraak hierover?

Een boetebeding is een beding op basis waarvan er bij het tekortschieten in de nakoming van een verplichting door de schuldenaar een boete verschuldigd is. Hierbij kan er sprake zijn van een boete die de ex-werknemer moet betalen, omdat de werkgever door de overtreding van het concurrentiebeding schade heeft geleden (schadevergoedingsbeding). Daarnaast is er ook nog het strafbeding, een boete voor voortdurende overtreding van een beding.

Tip! Het schadevergoedingsbeding wordt vaak gebruikt als het lastig is te bepalen hoe hoog de exacte schade is die wordt geleden door de overtreding.

Let op! Een rechter kan een boete altijd matigen als er sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor de eigenlijke boete tot zeer onredelijke gevolgen leidt.

Vereisten
Een boetebeding is alleen geldig indien het voldoet aan de wettelijke vereisten. In de eerste plaats moet het beding altijd schriftelijk worden overeengekomen. Daarnaast moet het beding duidelijk zijn: bij welke overtredingen is er een boete verschuldigd, wat is de hoogte van de boete en aan wie moet de boete worden voldaan?

Let op! Als je het recht wil behouden om naast de boete nakoming van het beding en/of schadevergoeding te vorderen, dan moet je dit ook nadrukkelijk schriftelijk overeenkomen.

Basisboete versus boete bij voortdurende overtreding
In de meeste boetebedingen wordt onderscheid gemaakt tussen een basisboete die verschuldigd is bij overtreding van een beding en een boete die verschuldigd is bij een voortdurende overtreding van een beding. Wanneer is de schuldenaar de basisboete verschuldigd en wanneer ook een boete per dag dat de overtreding voortduurt?

Aard van de overtreding
Uit de rechtspraak blijkt dat rechters de beoordeling van de vraag of er naast de basisboete ook sprake is van een situatie waarin de ex-werknemer een boete per dag verschuldigd is vanwege een voortdurende overtreding van een beding, meestal beoordelen aan de hand van de aard van de overtreding. Concreet wordt er dan gekeken of de overtreder elke dag opnieuw heeft kunnen kiezen of hij met de overtreding doorgaat of de overtreding van het beding staakt.

Voorbeeld
Een voorbeeld van zo’n situatie is een verwijzing naar activiteiten die in strijd zijn met een concurrentiebeding op een website. De overtreder heeft er immers dagelijks voor kunnen kiezen om die verwijzing te verwijderen van de website of de verwijzing te handhaven. In zo’n geval is de overtreder naast de basisboete ook een boete verschuldigd voor iedere dag dat de verwijzing op de website heeft gestaan.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-24T11:31:20+02:0024 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Boete bij concurrentiebeding?

  • Meer uren werken dan vastgelegd? Waar moet je op letten?

Meer uren werken dan vastgelegd? Waar moet je op letten?

Ligt het aantal uren dat een werknemer werkt structureel hoger dan overeengekomen? Dan kan een werknemer deze arbeidsomvang afdwingen bij de werkgever. Ook al zijn er andere uren overeengekomen.

De wetgever heeft in het Burgerlijk Wetboek een zogenaamd rechtsvermoeden van arbeidsomvang opgenomen. Als er sprake is van een structureel arbeidspatroon over een periode van drie maanden kan een werknemer daar, behoudens tegenbewijs, rechten aan ontlenen.

Rechtsvermoeden arbeidsomvang
Het rechtsvermoeden arbeidsomvang speelt vooral een rol bij de zogenaamde nul-urencontracten en min-maxcontracten, die een werkgever enige vrijheid geven voor wat betreft het aantal uren dat hij een werknemer laat werken. Deze vrijheid kan in de praktijk dus heel anders uitpakken. Als een werknemer gedurende drie maanden structureel meer werkt dan is overeengekomen, kan dit betekenen dat de werkgever gehouden is de werknemer ook daarna het bij die gemiddelde arbeidsduur behorende salaris te blijven uitbetalen.

De vlieger gaat niet altijd op…
Er moet wel sprake zijn van een structureel arbeidspatroon. Als een werknemer tijdelijk meer werkt vanwege bijzondere omstandigheden, zoals een piekmoment in de zomer of tijdelijk meerwerk vanwege de ziekte van een andere medewerker, is er geen sprake van een structureel arbeidspatroon. In dat geval is het mogelijk dat deze maanden niet worden meegenomen in de zogeheten referteperiode of dat er wordt uitgegaan van een langere referteperiode.

Tip! Zorg ervoor dat u uw werknemer in het geval van bijzondere omstandigheden schriftelijk laat weten dat u hem vanwege die bijzondere omstandigheden tijdelijk meer uren laat werken dan gebruikelijk.

De praktijk: de zieke horecamedewerkster
Een horecamedewerkster had een arbeidsomvang van vier uren per week. Ze werkte in de praktijk meer uren, maar was ook regelmatig langdurig ziek. In een procedure stelde ze dat haar werkgever ten onrechte uitging van een laag aantal uren (gemiddeld 4,2 uren per week) omdat zij tijdens deze periode vooral ziek was geweest. De rechter ging daarin mee en keek naar de periode voor haar ziekte en stelde vast dat zij gedurende die periode gemiddeld 11,9 uur per week werkte. Haar loon tijdens ziekte moest op basis van die arbeidsomvang worden uitbetaald.

De praktijk: arbeidsomvang bij ontslag
Een medewerkster van een andere onderneming kreeg het bericht dat de werkgever de onderneming ging sluiten vanwege de Coronacrisis. Aangezien de medewerker op basis van een oproepovereenkomst werkte, werd zij niet meer opgeroepen en kreeg geen salaris meer. De rechter keek naar haar gemiddelde maandsalaris en oordeelde dat zij van haar werkgever een aanbod had moeten krijgen voor haar vaste arbeidsomvang. De medewerkster had dan ook recht op salaris op basis van deze gemiddelde arbeidsomvang over de maanden dat ze geen salaris ontving en over de opzegtermijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-19T12:12:19+02:0019 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Meer uren werken dan vastgelegd? Waar moet je op letten?

  • Weigert een werknemer een passende functie?

Weigert een werknemer een passende functie?

Als een werknemer wiens functie is komen te vervallen, niet reageert op een aangeboden passende functie kan dit tot gevolg hebben dat hij geen recht heeft op een transitievergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen.

Een werknemer wiens functie is komen te vervallen, kan niet zomaar een aangeboden, passende functie weigeren. Als hij dit ten onrechte toch doet, kan hij zijn recht op betaling van een transitievergoeding verspelen. Hoe zit dat precies?

Drie keer een aanbod
De functie van een werkneemster verviel en haar arbeidsovereenkomst werd na toestemming van het UWV opgezegd. De werkgever vond dat hij geen transitievergoeding hoefde te betalen aan de werkneemster, omdat zij tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had geweigerd. Het ging twee keer om een functie in dagdienst. De werkneemster weigerde beide functies omdat ze liever in ploegendienst wilde werken, omdat haar vriend dat ook bij dezelfde werkgever deed en ze dan samen konden reizen. Iets dat in haar geval praktisch was vanwege een oogaandoening. Ze weigerde echter ook een aangeboden functie in ploegendienst, omdat ze dan, ondanks haar arbeidsongeschiktheid, direct aan de slag moest. Volgens haar en de bedrijfsarts was dat niet mogelijk.

Terughoudendheid troef
Het gerechtshof dat de zaak beoordeelde benadrukte dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op basis waarvan een werknemer geen recht meer heeft op een transitievergoeding vanwege ernstig verwijtbaar handelen. De toepassing van deze uitzonderingsgrond is volgens de rechter beperkt. Bij de beoordeling zijn altijd de persoonlijke omstandigheden van de werknemer, die van invloed zijn geweest op het handelen of nalaten van de werknemer, van belang.

Je had het toch moeten aanvaarden…
In dit geval oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had mogen weigeren. Het enkele feit dat ze niet in staat was haar werkzaamheden direct te hervatten, maakte dit niet anders. De werkgever had de aangeboden werkzaamheden aangepast aan de oogaandoening en de vervoersproblemen van werkneemster. Eventueel resterende problemen hadden kunnen worden opgelost als de medewerkster had meegewerkt. Met de aangeboden functie in ploegendienst was de werkgever ook tegemoet gekomen aan de door de medewerkster geuite bezwaren. Ten slotte bleek de eis van directe werkhervatting niet uit het aanbod van de werkgever.

Geen transitievergoeding
Gezien de omstandigheden oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet had kunnen worden herplaatst vanwege haar eigen weigerachtige houding. Ondanks het feit dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op het recht op transitievergoeding vond het hof het handelen en nalaten van de werkneemster dermate verwijtbaar dat ze geen recht had op een transitievergoeding. Het feit dat ze al 20 jaar in dienst was en altijd goed had gefunctioneerd, maakte dan niet anders.

Tip! Reageer altijd gemotiveerd op de bezwaren van een werknemer tegen een aangeboden, passende functie en houd hiermee bij het aanbieden van een andere passende functie, voor zoveel mogelijk, rekening.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-15T11:51:56+02:0015 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Weigert een werknemer een passende functie?

  • Per 1 juli wijzigt termijn aanvaarding arbeidsovereenkomst

Per 1 juli wijzigt termijn aanvaarding arbeidsovereenkomst

Een werkgever is verplicht om een oproepkracht in de dertiende maand dat deze voor hem werkzaam is een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst met vaste uren. Hoe zit het nu met de aanvaarding van dit aanbod door de werknemer? Vanaf 1 juli wijzigt de termijn voor het aanvaarden.

Als een werkgever in de dertiende maand verplicht is een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst, geldt dat deze uren minimaal gelijk moeten zijn aan het gemiddelde aantal verloonde uren over de af gelopen twaalf maanden. Alleen de uren die elkaar binnen zes maanden tijd opvolgen, tellen mee.

Aanvaarding aanbod
Zoals aangegeven moeten werkgevers dus na twaalf maanden een aanbod te doen voor een vaste arbeidsomvang. Hoe zit het nu met de aanvaarding van dit aanbod door de werknemer? In de wet is nu geregeld dat de werknemer minimaal een maand de tijd heeft om het aanbod te aanvaarden.
Vanaf 1 juli 2021 wordt de regeling op twee onderdelen gewijzigd:

  1. de werknemer heeft maximaal een maand de tijd om het aanbod te aanvaarden van zijn werkgever;
  2. de uiterlijke ingangsdatum waarop de vaste arbeidsomvang in dient te gaan is uiterlijk twee maanden nadat de arbeidsovereenkomst twaalf maanden heeft geduurd. Dat betekent dus uiterlijk op de eerste dag van de vijftiende maand.

Een werkgever dient een oproepkracht die sinds 1 juli 2020 een oproepovereenkomst heeft, uiterlijk 1 augustus 2021 een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst met een vast aantal uren per periode. De oproepkracht heeft vervolgens een maand de tijd, dus tot 1 september 2021, om dit aanbod te aanvaarden. Uiteraard kan hij dit ook eerder doen. Bij aanvaarding van het aanbod, dient de urenomvang dan uiterlijk 1 september 2021 in te gaan. Het is niet verplicht voor de oproepkracht om het aanbod te accepteren.

Geen aanbod
Laat de werkgever na een aanbod te doen, dan dient de werkgever het loon te betalen over de uren waarover hij het aanbod had moeten doen. Het is niet vereist dat de werknemer zich beschikbaar heeft gesteld voor de arbeid over die uren. Het gaat hier om een loonaanspraak van de werknemer waarvoor een verjaringstermijn van vijf jaar geldt. Tevens geldt de wettelijke verhoging en de wettelijke rente.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-21T10:10:29+02:0021 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Per 1 juli wijzigt termijn aanvaarding arbeidsovereenkomst

  • Kabinet maakt premieverlaging AWF bekend

Kabinet maakt premieverlaging AWF bekend

Het kabinet heeft de premieverlaging van het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWF) bekend gemaakt. De premieverlaging is de compensatie die geboden wordt vanwege het schrappen van de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK).

Schrappen BIK
Eerder maakte het kabinet bekend dat de BIK met terugwerkende kracht tot 1 januari van dit jaar geschrapt wordt. Dit vanwege het feit dat de Europese Commissie waarschijnlijk niet met de regeling akkoord zal gaan. De BIK was bedoeld om in de huidige Coronatijd de investeringen aan te jagen.

Zelfde doelgroep
Met de verlaging van de AWF-premie zorgt het kabinet ervoor dat het voordeel van de BIK bij dezelfde doelgroep terecht komt, namelijk bedrijven met personeel in dienst. De BIK kon namelijk alleen met de loonheffingen verrekend worden.

Verlaging hoge en lage AWF-premie
Zowel de hoge als de lage AWF-premie worden verlaagd. De lage premie is met name van toepassing op werknemers met een vast contract. De hoge AWF-premie daalt van 7,7% naar 5,34%. De lage AWF-premie daalt van 2,7% naar 0,34%. Op deze manier blijft het wettelijke verschil tussen de hoge en lage premie van 5%-punt gehandhaafd.

Ingangsdatum 1 augustus
Het is de bedoeling dat de verlaging per 1 augustus van dit jaar ingaat. De verlaging moet namelijk nog op uitvoerbaarheid worden getoetst en wordt waarschijnlijk per 24 juni definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-16T09:15:54+02:0016 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Kabinet maakt premieverlaging AWF bekend

  • Informeer werknemer tijdig over opname vakantiedagen

Informeer werknemer tijdig over opname vakantiedagen

Een werkgever moet de werknemer tijdig infomeren over de wettelijke vakantiedagen die nog niet zijn opgenomen. Doet hij dat niet, dan blijven de niet opgenomen vakantiedagen gewoon staan en vervallen ze niet per 1 juli 2021.

Iedere werknemer heeft recht op vier weken vakantie op jaarbasis. Het gaat hier om de wettelijke vakantie-aanspraak. Komt iemand in de loop van het jaar in dienst dan vindt de opbouw naar rato plaats. In een individuele arbeidsovereenkomst of in een CAO is vaak geregeld dat de werknemer recht heeft op meer vakantiedagen dan het wettelijke minimum, de zogenaamde bovenwettelijke dagen. Bij de toekenning van bovenwettelijke dagen kan worden afgeweken van de wettelijke regeling.

Vervaltermijn wettelijke vakantiedagen
Wettelijke vakantiedagen vervallen een half jaar na afloop van het kalenderjaar waarin ze zijn opgebouwd. Dit betekent concreet dat de wettelijke vakantiedagen over 2020 dus op 1 juli 2021 komen te vervallen. Afwijkende schriftelijke partijafspraken zijn mogelijk, mits in het voordeel van de werknemer. De vervaltermijn dient als stimulans voor werknemers om hun wettelijke vakantiedagen op te nemen.

Bovenwettelijke vakantiedagen
Deze korte vervaltermijn geldt niet voor bovenwettelijke vakantiedagen. Ook geldt de korte vervaltermijn niet als de werknemer redelijkerwijs niet in staat is geweest zijn vakantiedagen op te nemen bijvoorbeeld in verband met drukte in de organisatie. Dan wordt weer teruggevallen op de reguliere verjaringstermijn van vijf jaar. Dit laatste mag niet te snel worden aangenomen. Ook zieke werknemers kunnen bijvoorbeeld gewoon vakantie opnemen. Dit geldt zeker als er re-integratieverplichtingen zijn opgelegd aan de werknemer. Tijdens vakantie is de zieke werknemer immers vrijgesteld van zijn re-integratieverplichting.

Verjaringstermijn bovenwettelijke vakantiedagen
Voor de bovenwettelijke vakantiedagen geldt een verjaringstermijn van vijf jaar die begint te lopen na afloop van het jaar waarin ze zijn opgebouwd. Bovenwettelijke vakantiedagen over 2021 komen dus op 31 december 2026 te verjaren. Verjaringstermijnen kunnen in tegenstelling tot vervaltermijnen worden opgeschort. De werknemer kan een brief aan de werkgever schrijven waarin hij kenbaar maakt aanspraak te willen blijven maken op de bovenwettelijke vakantiedagen die komen te verjaren. Dan begint er weer een nieuwe verjaringstermijn te lopen.

Informatieplicht werkgever
Het Europese Hof van Justitie heeft in 2018 in het Max-Planck arrest bepaald dat alleen wanneer de werkgever kan bewijzen dat hij de werknemer erop heeft gewezen dat hij de vakantiedagen tijdig moet opnemen en wat de consequenties zijn als de werknemer dat niet doet, de vakantiedagen komen te vervallen. De werkgever heeft dus een vergaande inspanningsverplichting. Het is dus zaak voor een werkgever om een werknemer er vóór 1 juli 2021 op te wijzen dat zijn nog openstaande wettelijke vakantiedagen over 2020 komen te vervallen.

ATV-dagen vallen niet onder vakantieregeling
ATV-dagen vallen niet onder de regelgeving ten aanzien van vakantiedagen. Daarom is het wel mogelijk om ATV-dagen na een bepaalde tijd te laten vervallen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-06T11:03:52+02:006 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Informeer werknemer tijdig over opname vakantiedagen
  • Recht uitzendkracht op hogere transitievergoeding

Recht uitzendkracht op hogere transitievergoeding

Hoe moet bij uitzendkrachten het arbeidsverleden worden bepaald voor de berekening van de hoogte van de transitievergoeding? Die vraag stond onlangs centraal bij een zaak die diende voor de kantonrechter Zaanstad. De uitzendkrachten kregen door de rechtszaak een veel hogere transitievergoeding.

Het ging hier om zes uitzendkrachten die als buschauffeur werkten en na een half jaar hun baan kwijt raakten. Het uitzendbureau betaalde daarop een kleine transitievergoeding van een paar honderd euro. De uitzendkrachten waren het hier niet mee eens. Ze verrichtten datzelfde werk namelijk al veel langer, sommigen zelfs al sinds 2009, voor verschillende opeenvolgende uitzendbureaus én onderaannemers van Connexxion. Ze spanden dan ook een procedure aan.

Uitzendkrachten krijgen gelijk
De chauffeurs vonden de kantonrechter aan hun zijde, die bepaalde dat het totale arbeidsverleden moest worden meegeteld. Dat geldt in het kader van opvolgend werkgeverschap sowieso voor de diensttijd bij de vorige werkgevers vanaf 1 juli 2015. De definitie van opvolgend werkgeverschap is met ingang van 1 juli 2015 verruimd. Van opvolgend werkgeverschap is nu sprake bij op elkaar volgende arbeidsovereenkomsten tussen een werknemer en verschillende werkgevers die, ongeacht of inzicht bestaat in de hoedanigheid en geschiktheid van de werknemer, ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijs geacht moet worden elkaars opvolger te zijn.

Recht op hogere transitievergoeding
Voor het opvolgend werkgeverschap gold voor 1 juli 2015 een beperkter begrip. Voor de werkgeverswisselingen die hebben plaatsgevonden voor 1 juli 2015 geldt dat niet alleen sprake moet zijn van dezelfde werkzaamheden, maar ook dat tussen de nieuwe werkgever en de vorige werkgevers zodanige banden bestaan dat het door de vorige werkgever op grond van zijn ervaringen met de werknemer verkregen inzicht in diens hoedanigheden en geschiktheid in redelijkheid ook moet worden toegerekend aan de nieuwe werkgever. De buschauffeurs hebben vervolgens voldoende toegelicht en aangetoond dat zij vanaf 2009, 2010, 2011 en 2013 altijd op dezelfde manier en (nagenoeg) onafgebroken hebben gewerkt als buschauffeur voor Connexxion. Dit betekende dat ze recht hadden op een veel hogere transitievergoeding. De brutobedragen variëren tussen €8.398 en €11.111. In totaal gaat het om een nabetaling van €58.781.

In geval van faillissement
Interessant is dat het niet uitmaakt dat het uitzendbureau Workbus de chauffeurs in maart 2020 heeft overgenomen van het failliete vervoersbedrijf TCR (onderaannemer van Connexxion). De wet maakt voor opvolgend werkgeverschap geen uitzondering in geval van faillissement. De bedoeling van de wet is juist dat ook sprake is van opvolgend werkgeverschap na een faillissement van een vorige werkgever en een ‘doorstart’.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-26T10:07:54+02:0026 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Recht uitzendkracht op hogere transitievergoeding
  • Compensatieregeling transitievergoeding gedeeltelijk uitgesteld

Compensatieregeling transitievergoeding gedeeltelijk uitgesteld

Het kabinet stelt de compensatieregeling voor transitievergoedingen bij bedrijfsbeëindiging door ziekte of gebreken van de werkgever uit. Transitievergoedingen bij pensionering of overlijden van de werkgever kunnen vanaf 1 januari 2021 wel aangevraagd worden.

Oorspronkelijk ook compensatie bij ziekte of gebreken
Volgens het regeerakkoord kunnen werkgevers in twee situaties compensatie aanvragen voor betaalde transitievergoedingen. Sinds 1 april 2020 is het mogelijk om compensatie aan te vragen voor transitievergoedingen die zijn betaald bij ontslag vanwege langdurig arbeidsongeschiktheid van werknemers.

Per 1 januari 2021 zouden kleine werkgevers (met minder dan 25 werknemers) ook compensatie aan kunnen vragen voor betaalde transitievergoedingen als de onderneming is beëindigd vanwege ziekte of gebreken en bij pensionering of overlijden van de werkgever.

Uitgesteld
De compensatieregeling bij bedrijfsbeëindiging vanwege ziekte of gebreken van de werkgever is nu echter uitgesteld. Bij dit onderdeel moet namelijk worden getoetst of de werkgever binnen 6 maanden zijn werkzaamheden kan voortzetten. Het UWV en beroepsverenigingen van bedrijfs- en verzekeringsartsen hebben nog geen overeenstemming bereikt over hoe dat getoetst kan worden. Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft dit eerder bekendgemaakt in een brief aan de Tweede Kamer.

Voorwaarden voor compensatie
Om in aanmerking te komen voor compensatie geldt een aantal voorwaarden. Zo moet het gaan om een kleine onderneming met minder dan 25 werknemers. Verder moet het UWV voor minstens één werknemer toestemming verlenen de arbeidsovereenkomst op te zeggen om bedrijfseconomische redenen, en dan specifiek om het vervallen van arbeidsplaatsen vanwege beëindiging van de werkzaamheden. De overige contracten kunnen ook op andere manieren zijn beëindigd, bijvoorbeeld van rechtswege of met wederzijds goedvinden. De definitieve regeling voor het aanvragen van compensatie bij bedrijfsbeëindiging is nog niet bekend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2020-10-28T09:26:23+01:0028 oktober 2020|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Compensatieregeling transitievergoeding gedeeltelijk uitgesteld
  • Opzegtermijn valt ook onder transitievergoeding

Opzegtermijn valt ook onder transitievergoeding

Wil je afscheid nemen van een werknemer? Dan is het is van belang goed te kijken naar de van toepassing zijnde opzegtermijn in het arbeidscontract voor het berekenen van de transitievergoeding.

Hanteer je geen of een kortere opzegtermijn dan is afgesproken in het arbeidscontract – ook wel onregelmatig opzeggen genoemd –, dan dien je toch de afgesproken opzegtermijn aan te houden bij de vaststelling van de transitievergoeding. Onregelmatig opzeggen om betaling van een hogere transitievergoeding te vermijden, is niet toelaatbaar, aldus de Hoge Raad.

Opzegtermijn van zes maanden
Het ging om een werkgever die bij de opzegging van de arbeidsovereenkomst met zijn werknemer een te korte opzegtermijn had gehanteerd. De werkgever had de arbeidsovereenkomst op 12 oktober 2017 opgezegd per 1 december 2017. Daarbij had de werkgever niet de contractueel overeengekomen opzegtermijn van zes maanden in acht genomen. Als de werkgever de juiste opzegtermijn in acht zou hebben genomen, zou de werknemer tien jaar in dienst zijn geweest en zou hij als oudere werknemer dus recht hebben gehad op de hogere transitievergoeding. Het gerechtshof stelde de werknemer in het gelijk, waarop de werkgever in cassatie ging. De werknemer kreeg van de Hoge Raad alsnog recht op een hogere transitievergoeding.

Schadevergoeding?
De werknemer kan daarnaast ook altijd nog aanspraak maken op de zogenaamde gefixeerde schadevergoeding, bestaande uit het loon over de niet in acht genomen opzegtermijn als compensatie voor de overige nadelige gevolgen van het hanteren van een onjuiste opzegtermijn.

Let op! Alhoewel dit arrest valt onder het recht dat tot 1 januari 2020 gold, overweegt de Hoge Raad uitdrukkelijk dat dezelfde uitleg van de wet ook geldt na die datum, onder de Wet arbeidsmarkt in balans.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2020-10-26T09:50:17+01:0026 oktober 2020|Lonen, Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Opzegtermijn valt ook onder transitievergoeding
  • NOW 3.0 de voorwaarden

NOW 3.0 de voorwaarden

In het derde steunpakket wordt de Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW) in aangepaste vorm verlengd van 1 oktober 2020 tot eind juni 2021.

De voorwaarden voor de NOW 3.0 zien er als volgt uit:

Periode
• De NOW voorziet in een tegemoetkoming in de loonkosten van 1 oktober 2020 tot eind juni 2021;
• De regeling wordt in 3 tijdvakken van elk 3 maanden opgedeeld. Voor elk tijdvak kun je de keuze maken of je een aanvraag wilt doen;
• Als je een tegemoetkoming NOW voor de tweede aanvraagperiode hebt ontvangen, dan moeten de 3 maanden van de derde aanvraagperiode aansluiten op de 4 maanden van de tweede aanvraagperiode.

Omzetverlies
• Bedrijven met minimaal 20% omzetverlies in de periode van oktober tot en met december 2020, kunnen aanspraak maken op de NOW 3.0. Vanaf januari 2021 moet de onderneming minimaal 30% minder omzet draaien om de NOW te mogen ontvangen;
• Het omzetverlies wordt berekend door de verwachte omzet over de periode van drie maanden te vergelijken met 1/4e van de jaaromzet over het jaar 2019;
• Ben je tussen 1 januari 2019 en 2 februari 2020 gestart met een bedrijf of heb je een (onderdeel van een) bedrijf afgestoten? Dan ga je uit van de omzet in de periode vanaf de datum van de start of wijziging tot en met 29 februari 2020. De uitkomst reken je om naar 3 maanden. Het gaat hierbij om de omzet over de volledige kalendermaanden, gerekend vanaf de eerste volledige kalendermaand;
• Ben je onderdeel van een concern, dan moeten de periode en het percentage omzetverlies overeenkomen met die van andere onderdelen van het concern.

Tegemoetkoming loonkosten
• De referentiemaand waarop het voorschot van de tegemoetkoming in de loonkosten wordt gebaseerd is voor alle drie de tijdvakken de maand juni 2020. De eindafrekening gebeurt op basis van de daadwerkelijke loonsom in het tijdvak van drie maanden;
• Binnen de NOW 1.0 en 2.0 werd tot 90% van de loonsom vergoed. Met ingang van de NOW 3.0 gaat de vergoeding omlaag naar 80%, vanaf januari 2021 naar 70% en vanaf april 2021 naar 60%. Daartegenover staat dat je de loonsom ook geleidelijk mag laten dalen (met per tijdvak 10%, 15% en 20%) zonder dat je subsidie moet inleveren;
• De loonsom van juni wordt verhoogd met 40% om kosten zoals werkgeverspremies, pensioen en opbouw vakantiegeld te compenseren;
• Het maximaal te vergoeden loon per werknemer zal in het derde tijdvak (april, mei, juni 2021) worden verlaagd naar maximaal 1x het dagloon. Binnen de NOW 1.0 en 2.0 was dat 2x het dagloon;
• 80% van de tegemoetkoming wordt in 3 keer binnen een periode van ongeveer 3 maanden uitbetaald als voorschot;
• Achteraf wordt met het werkelijke omzetverlies over de werkelijke loonsom de definitieve tegemoetkoming berekend.

Plichten
• Gebruik de tegemoetkoming in ieder geval om de loonkosten te betalen. Wat overblijft kun je gebruiken voor andere noodzakelijke kosten die je maakt;
• Houd de loonsom zo veel mogelijk gelijk. Een dalende loonsom leidt tot een lagere tegemoetkoming. Houd de werknemers, ongeacht de contractvorm, dan ook zo veel mogelijk in dienst en betaal het loon van de werknemers door;
• Stimuleer je werknemers om zich bij te scholen of om te scholen, zodat zij zich kunnen aanpassen aan de nieuwe economische situatie. Hiervoor moet je bij de NOW-aanvraag een verklaring afleggen*. Via het crisisprogramma Nederland Leert Door kunnen mensen kosteloos online scholing volgen en ontwikkelingsadviezen krijgen;
• Ontvang je een voorschot van € 100.000,- of meer, of een definitieve tegemoetkoming van € 125.000,- of meer, keer dan geen winstuitkering en bonussen uit aan aandeelhouders, bestuur en directie, en koop geen eigen aandelen;
• Als je bij het UWV een aanvraag doet voor bedrijfseconomisch ontslag, dan heb je een inspanningsplicht om de werknemers te begeleiden naar ander werk. Hiervoor dien je je telefonisch melden bij UWV. Bedrijven die werknemers ontslaan maar zich niet inspannen om die werknemers naar nieuw werk te begeleiden, worden 5% gekort op de NOW-uitkering;
• Informeer de ondernemingsraad, personeelsvertegenwoordiging of de werknemers over de tegemoetkoming.

Aanvraag
Vanaf 16 november 2020 kan de NOW 3.0 (met terugwerkende kracht) worden aangevraagd voor de periode oktober t/m december 2020.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2020-10-23T10:47:28+02:0023 oktober 2020|Lonen, Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor NOW 3.0 de voorwaarden