arbeidsovereenkomst

  • Gebruik je nog verouderde Modelovereenkomsten?

Gebruik je nog verouderde Modelovereenkomsten?

Gebruik je momenteel een of meerdere Modelovereenkomsten die vijf jaar of ouder zijn? Let dan op want de Belastingdienst gaat verouderde Modelovereenkomsten van de site verwijderen. Wie toch een verouderde Modelovereenkomst wil blijven gebruiken, moet hiertoe een verzoek indienen.

Modelovereenkomst
Een Modelovereenkomst biedt zekerheid over de vraag of er tussen een aanbieder en afnemer van een dienst een arbeidsovereenkomst bestaat. In een Modelovereenkomst worden de betreffende dienst vastgelegd en de voorwaarden waaronder de dienst wordt verricht.

Let op! Een Modelovereenkomst biedt alleen zekerheid als partijen ook conform de Modelovereenkomst werken.

Verouderde Modelovereenkomsten
Op de site van de Belastingdienst staan vele tientallen Modelovereenkomsten. Deze hebben een geldigheidsduur van vijf jaar. De Modelovereenkomst is in 2015 ingevoerd. Veel Modelovereenkomsten zijn inmiddels verlopen of zullen binnenkort verlopen. Na deze datum biedt de Modelovereenkomst geen zekerheid meer.

Verlengen
Wil je een Modelovereenkomst toch blijven gebruiken, dan kun je verlenging aanvragen. De voorwaarden hiervoor staan op de site van de Belastingdienst. Je moet zelf verlenging aanvragen als je de Modelovereenkomst zelf hebt opgesteld. Ben je alleen gebruiker van een Modelovereenkomst, dan kun je de opsteller vragen om deze te laten verlengen. De opsteller van de Modelovereenkomst staat vermeld bij de overeenkomst.

Start op 1 oktober
De Belastingdienst start met het verwijderen van de Modelovereenkomsten vanaf 1 oktober 2022. Dit betreft de Modelovereenkomsten waarvan de goedkeuring nu al is verlopen. De andere overeenkomsten worden zes maanden na de geldigheidsdatum verwijderd.

Tip! De Belastingdienst bewaart de verwijderde overeenkomsten, zodat ook na verwijdering verlenging aangevraagd kan worden.

Handhaving schijnzelfstandigheid
De Modelovereenkomst is ook bedoeld om schijnzelfstandigheid te kunnen bestrijden. De Belastingdienst handhaaft hierop nu slechts summier. Uiterlijk in 2025 wil het kabinet onder meer dit handhavingsmoratorium opheffen. Na de zomer van 2022 worden nadere plannen bekendgemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-07-07T10:01:11+02:008 juli 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Gebruik je nog verouderde Modelovereenkomsten?

  • Studiekostenbeding: wat verandert er?

Studiekostenbeding: wat verandert er?

Vanaf augustus verandert de regelgeving rondom het overeenkomen van een studiekostenbeding. Dit is het gevolg van de implementatie van de EU-richtlijn Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden in de Nederlandse wetgeving. Wat verandert er voor jou als werkgever?

Tot nu toe
Uit de jurisprudentie komt naar voren dat het mogelijk is om een studiekostenbeding met de werknemer overeen te komen als voldaan is aan de volgende voorwaarden:

1. je moet als werkgever duidelijk aangeven over welke periode je baat hebt bij de opleiding en de terugbetalingsplicht moet tot die periode worden beperkt;
2. gedurende genoemde periode wordt de terugbetalingsverplichting evenredig verminderd op grond van de glijdende schaal;
3. je moet de werknemer duidelijk vooraf informeren over de inhoud en omvang van de terugbetalingsverplichting.

Beperking bij verplichte scholing
Vanaf augustus 2022 wordt de mogelijkheid om rechtsgeldig een studiekostenbeding overeen te komen aan banden gelegd.
Als je verplicht bent de scholing aan de werknemer aan te bieden, is de scholing voor de werknemer kosteloos én wordt deze als werktijd aangemerkt. Die verplichting kan er zijn op grond van de wet of de cao; denk aan opleidingen op het gebied van veiligheid en vakbekwaamheid. Tot de wettelijk verplichte scholing behoort ook de scholing die noodzakelijk is voor de uitoefening van de functie en de scholing die noodzakelijk is voor het voortzetten van de arbeidsovereenkomst. Denk aan een training of opleiding in het kader van een verbetertraject, als bijvoorbeeld jouw werknemer over te weinig ICT-vaardigheden beschikt om zijn werk goed uit te kunnen voeren. In deze situaties is een studiekostenbeding niet toegestaan.

Let op! Reeds lopende studiekostenbedingen die verplichte scholing betreffen, komen te vervallen.
Let op! De verplichting om scholing aan te bieden, kan voortvloeien uit nationale wetgeving, Europese regelgeving, collectieve arbeidsovereenkomsten of uit rechtspositieregelingen.

Alle kosten
Alle kosten die de werknemer moet maken in verband met het volgen van de scholing, komen voor jouw rekening. Denk hierbij bijvoorbeeld aan reiskosten, boeken en ander studiemateriaal en examengelden. Bij voorkeur moet, indien mogelijk, de scholing onder werktijd worden aangeboden.

Gereglementeerd beroep
Er bestaat een lijst van zogeheten gereglementeerde beroepen, waarin uiteenlopende beroepen staan, zoals registerloods, deskundige asbestverwijderaar, duiker, beëdigde tolk, sportarts of fysiotherapeut. Als het beroep van de werknemer op de lijst staat, is een studiekostenbeding nog mogelijk, tenzij de opleiding alsnog in een cao verplicht wordt gesteld. In die laatste situatie is een studiekostenbeding niet langer geldig.

Wanneer nog meer niet?
Bij scholing gaat het dus niet om beroepsopleidingen of opleidingen die werknemers verplicht moeten volgen voor het verkrijgen, behouden of vernieuwen van een beroepskwalificatie, zolang de werkgever niet verplicht is deze aan te bieden aan de werknemer op grond van het Unierecht, het nationale recht of een cao.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-07-04T08:58:02+02:004 juli 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Studiekostenbeding: wat verandert er?

  • Teruggaaf AWf-premie over 2020 en 2021 bij meerdere arbeidsomvangen

Teruggaaf AWf-premie over 2020 en 2021 bij meerdere arbeidsomvangen

Een arbeidsovereenkomst met meerdere arbeidsomvangen wordt niet langer als oproepcontract gezien. Hierdoor kun je mogelijk AWf-premie terugvragen over 2020 en 2021. Dat kan als je door toepassing van het oude standpunt te veel premie betaalde.

Gewijzigd standpunt
Door een gewijzigd standpunt van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wordt een arbeidsovereenkomst waarin je met je werknemer meerdere arbeidsomvangen met een aantal uren per dag, week of maand hebt afgesproken, niet langer als een oproepcontract gezien. Dit heeft tot gevolg dat voor deze arbeidsovereenkomst de lage premie AWf kan gelden.

Teruggaaf AWf-premie
Het gewijzigde standpunt gaat in met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2020. Dat betekent dat je in 2020 of 2021 mogelijk te veel premie betaalde. Je kunt deze premie terugkrijgen.

Let op! De lage premie AWf geldt alleen als je ook aan de overige voorwaarden hiervoor voldoet. Dit betekent dat de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd moet zijn afgesloten en schriftelijk moet zijn vastgelegd.

Stappenplan
De te veel betaalde premie AWf kan worden teruggevraagd door een correctie van de aangiften loonheffingen. Op de website van de Belastingdienst is hiervoor een stappenplan gepubliceerd. De correctie moet per aangiftetijdvak gebeuren.

Uitbetaling of verrekening
De Belastingdienst betaalt de te veel betaalde premie aan je terug of verrekent dit met openstaande belastingschulden. Verrekening met een openstaande belastingschuld waarvoor je bijzonder uitstel van betaling vanwege de Coronacrisis kreeg, vindt echter niet plaats. Heb je zulke schulden, dan betaalt de Belastingdienst de teruggaaf premie dus aan je uit.

Let op! Het gewijzigde standpunt geldt voor 2020, 2021 en 2022. De Belastingdienst komt later met informatie over hoe je met deze arbeidsovereenkomsten vanaf 2023 moet omgaan en wat voor invloed dat heeft op de AWf-premie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-28T14:30:02+02:0028 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Teruggaaf AWf-premie over 2020 en 2021 bij meerdere arbeidsomvangen

  • Medio 2022 nieuwe rechten en opzegverboden arbeidsovereenkomst

Medio 2022 nieuwe rechten en opzegverboden arbeidsovereenkomst

Vanaf 1 augustus 2022 geldt een aantal nieuwe rechten en opzegverboden voor arbeidsovereenkomsten. De Nederlandse wetgeving moet uiterlijk op die datum voldoen aan een Europese richtlijn voor transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden.

Wetsvoorstel bij Tweede Kamer
Nederland moet op uiterlijk 1 augustus 2022 de EU-richtlijn in de eigen wetgeving hebben verwerkt. Het voorstel voor de Wet implementatie EU-richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden ligt nu bij de Tweede Kamer. De EU-richtlijn legt aan werkgevers aanvullende verplichtingen op en heeft gevolgen voor verschillende arbeidsvoorwaarden en bedingen. De bedoeling van deze richtlijn is het beter beschermen van werknemersrechten.

Uitbreiding rechten werknemers
De EU-richtlijn beschrijft een aantal extra rechten en opzegverboden. De opzegverboden hebben als doel dat je als werkgever de arbeidsovereenkomst niet kunt opzeggen als een werknemer zich beroept op de nieuwe rechten. Deze nieuwe rechten hebben te maken met onder meer het studiekostenbeding, het nevenwerkzaamhedenbeding, het recht op voorspelbare arbeid en een informatieplicht van de werkgever.

1. Verbod studiekostenbeding voor noodzakelijke opleidingen
Er kan geen studiekostenbeding meer worden overeengekomen voor studiekosten die gemaakt worden voor de noodzakelijke uitoefening van de functie (en die door de wet of cao worden voorgeschreven). Die scholing moet kosteloos aan de werknemer worden aangeboden en moet indien mogelijk plaatsvinden onder werktijd.

2. Beperking verbod op nevenwerkzaamheden
Het nevenwerkzaamhedenbeding is op dit moment niet wettelijk geregeld. In het nieuwe wetsvoorstel wordt een verbod op nevenwerkzaamheden aan belangrijke beperkingen onderworpen. Een verbod op nevenwerkzaamheden zal niet meer rechtsgeldig kunnen worden bedongen. Uitzonderingen zijn beperkt en alleen op grond van objectieve redenen.

3. Verzoek voorspelbare arbeid
De werknemer mag een schriftelijk verzoek indienen om werk met meer voorspelbare en zekere arbeidsvoorwaarden als de werknemer op het moment van aanpassing van de arbeidsvoorwaarden minstens 26 weken in dienst is. Heb je tien werknemers of meer in dienst, dan moet je binnen een maand op dit verzoek reageren; heb je minder werknemers, dan binnen drie maanden. Als je niet op tijd schriftelijk en gemotiveerd reageert, mag de werknemer dit opeisen.

4. Uitbreiding van informatieplicht
Extra informatie zal moeten worden verstrekt aan werknemers over de eventuele uitzendconstructie, over de eventuele proeftijd, over het scholingsrecht en het verschaffen van aanvullende informatie over regels en procedures bij ontslag.

Let op! Het wetsvoorstel moet nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-15T14:23:33+02:0015 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Medio 2022 nieuwe rechten en opzegverboden arbeidsovereenkomst

  • UWV aansprakelijk voor slecht deskundigenoordeel

UWV aansprakelijk voor slecht deskundigenoordeel

Het UWV is verantwoordelijk voor het geven van deskundig advies over de voortgang van re-integratie. Dit betekent dat de uitkerende instantie onafhankelijk onderzoek moet doen, uitgevoerd door professionals. Gebeurt dit niet, dan kan een oordeel van het UWV worden weerlegd.

Mislukt re-integratietraject
Een werkgever was van mening dat een zieke werknemer onvoldoende meewerkte aan zijn re-integratie. Hij vond hierin steun bij de bedrijfsarts. Vervolgens zette hij het loon stop. Het UWV werd gevraagd een deskundigenoordeel te geven. De arbeidsdeskundige van het UWV was echter van oordeel dat de werknemer wel voldoende had gedaan aan zijn re-integratie. De werkgever hervatte de loonbetaling en kwam met de werknemer een beëindiging van de arbeidsovereenkomst overeen met daarin opgenomen de transitievergoeding. Bij elkaar ging het om bijna 2 ton, bestaande uit de doorbetaling van loon over de periode van 1 juni 2019 tot 1 januari 2020 vermeerderd met de transitievergoeding.

Onjuist deskundigenoordeel
De werkgever was het echter niet eens met het deskundigenoordeel van het UWV en ging naar de rechter. De rechter was van oordeel dat de arbeidsdeskundige of verzekeringsarts aan wie de uitvoering van het deskundigenoordeel is opgedragen, verplicht is zijn onderzoek onpartijdig en naar beste weten te volbrengen. Dit houdt ook in dat de deskundige zorgvuldig onderzoek dient te doen. Het belang van zorgvuldig onderzoek wordt verder onderstreept door het gewicht en de betekenis die aan een deskundigenoordeel toekomt in een geschil over re-integratie tussen werknemer en werkgever.

Buiten expertise
Deze arbeidsdeskundige had volgens de rechter onvoldoende onderzoek gedaan. Hij had ten onrechte geen verzekeringsarts ingeschakeld maar zelfstandig een oordeel gegeven over de medische vraag naar de belastbaarheid van de werknemer. Hiermee is de arbeidsdeskundige buiten zijn expertise getreden. Naar het oordeel van de rechtbank is een en ander ernstig onzorgvuldig en daarmee ook zodanig onzorgvuldig dat dit als onrechtmatig jegens de werkgever moest worden aangemerkt. Dit onrechtmatig handelen is het UWV ook toe te rekenen.

Volledige loonstop in plaats van gedeeltelijke
Daarbij komt nog dat de arbeidsdeskundige in afwijking van de geldende rechtspraak had aangegeven dat in plaats van een volledige loonstop, ook alleen het loon over de belastbare uren had kunnen worden stopgezet. Dit is in strijd met de geldende rechtspraak waarin is bepaald dat bij het gedeeltelijk niet meewerken aan de re-integratie een volledige loonstop dient plaats te vinden.

Schadevergoeding aan werkgever
De rechtbank was van oordeel dat bij een zorgvuldig onderzoek de uitkomst van het deskundigenoordeel anders was geweest. Daarom is er een oorzakelijk verband tussen het onjuiste oordeel van de arbeidsdeskundige en de schade van de werkgever. Het uiteindelijke oordeel luidt dat de werkgever 60% en het UWV 40% van de schade moet dragen. Dat betekent dat 40% van de door de werkgever gevorderde schade, zijnde een bedrag van bijna € 75.000 toewijsbaar is.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-29T21:10:57+02:0029 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

UWV aansprakelijk voor slecht deskundigenoordeel

  • Lage AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding tóch mogelijk

Lage AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding tóch mogelijk

Met terugwerkende kracht – vanaf 1 januari 2020 – is het standpunt over de premie voor het Algemeen Werkloosheidsfonds (AWf) bij tijdelijke urenuitbreiding gewijzigd. Dat heeft het vorige kabinet nog bepaald. Heb je daardoor te veel AWf-premie betaald? Dan kun je de te veel betaalde premie terugkrijgen.

Wat is gewijzigd?
Het oorspronkelijke standpunt was dat een tijdelijke urenuitbreiding altijd een aparte arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is. Hierop was daarom altijd de hoge AWf-premie van toepassing. Nu is bepaald dat een tijdelijke urenuitbreiding ook een tijdelijke wijziging van een bestaande arbeidsovereenkomst kan zijn, waardoor de lage AWf-premie van toepassing is.

Gevolgen voor de AWf-premie
Voor 2020, 2021 en 2022 geldt voor de tijdelijke urenuitbreiding dezelfde AWf-premie als voor de oorspronkelijke uren. Betaal of betaalde je voor de bestaande arbeidsovereenkomst de lage premie AWf? Dan heb je misschien over eerdere aangiftetijdvakken in 2020 en 2021 te veel AWf-premie betaald voor de tijdelijke urenuitbreiding. Het gewijzigde standpunt heeft geen gevolgen voor jou als je voor de bestaande arbeidsovereenkomst de hoge AWf-premie betaalt of betaalde.

Tijdelijke urenuitbreiding soms wél een aparte arbeidsovereenkomst
In de volgende situaties is de tijdelijke urenuitbreiding nog wel een aparte arbeidsovereenkomst:

  • de werkzaamheden of arbeidsvoorwaarden voor de urenuitbreiding verschillen wezenlijk van die van de bestaande arbeidsovereenkomst;
  • je bent met de werknemer voor de urenuitbreiding expliciet een aparte arbeidsovereenkomst overeengekomen.

In deze situaties verandert er niets. Op deze aparte arbeidsovereenkomst is en blijft de hoge AWf-premie van toepassing.

Hoe krijg je de te veel betaalde premie AWf terug?
Om de te veel betaalde AWf-premie terug te krijgen, moet je de aangiften loonheffingen over 2020 en 2021 corrigeren. Op de website van de Belastingdienst is een stappenplan te vinden.

Voor elk aangiftetijdvak in 2020 dat je volgens het gewijzigde standpunt mag corrigeren, verzend je een losse correctie. De Belastingdienst betaalt het te veel betaalde bedrag terug of verrekent dat met openstaande schulden. Heb je bijzonder uitstel van betaling vanwege de Coronacrisis? Dan maakt de Belastingdienst de teruggaaf naar je over. Deze wordt dan niet verrekend.

Voor verstreken aangiftetijdvakken van 2021 verzend je de correcties uiterlijk bij de aangifte over het laatste aangiftetijdvak (december of 13e periode). De teruggaaf van de te veel betaalde AWf-premie kun je verrekenen met de afdracht over het laatste tijdvak. Heb je al aangifte over het laatste tijdvak gedaan? Dan kun je tot en met 31 januari 2022 de aangifte over december of 13e periode nogmaals verzenden, maar dan met de correcties over de afzonderlijke aangiftetijdvakken daarbij.

Let op! Het gewijzigde standpunt geldt voor 2020, 2021 en 2022. De Belastingdienst komt later met informatie over hoe je met tijdelijke urenuitbreidingen vanaf 2023 moet omgaan en wat voor invloed dat heeft op de AWf-premie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-31T12:10:33+01:0031 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lage AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding tóch mogelijk

  • Top 10 wijzigingen 2022 voor de werkgever

Top 10 wijzigingen 2022 voor de werkgever

Per 1 januari zijn er weer tal van wijzigingen doorgevoerd voor de werkgever en de DGA, van de thuiswerkregeling tot Coronagerelateerde maatregelen. Welke tien wijzigingen springen in het oog?

1. Wijziging werkkostenregeling 2022
Per 1 januari 2022 is de vrije ruimte binnen de WKR weer verlaagd naar 1,7% over de eerste €400.000 van de loonsom. Over het meerdere van de loonsom is de vrije ruimte 1,18%. In 2021 was naar aanleiding van de Coronacrisis de vrije ruimte (eenmalig) verhoogd naar 3% over de eerste €400.000 van de loonsom.

2. Thuiswerkvergoeding
Het bedrag dat je sinds 1 januari 2022 aan thuiswerkers belastingvrij mag verstrekken, is €2 per dag. Het bedrag is vrijgesteld en komt ook niet ten laste van de vrije ruimte van de werkkostenregeling.

Vaste thuiswerkvergoeding
Je dient met de werknemer afspraken te maken over het aantal dagen waarop de werknemer thuis zal werken. Deze afspraken zijn de basis voor de vaststelling van de door jou onbelast te vergoeden reis- en thuiswerkkosten. Wanneer je met een werknemer bijvoorbeeld afspreekt dat per week twee dagen thuis wordt gewerkt en drie dagen op kantoor, dan kun je op basis van die verhouding een vaste vergoeding toekennen voor zowel het thuiswerken als de reiskosten voor woon-werkverkeer.

3. Gebruikelijk loon DGA 2022
Het gebruikelijk loon voor de DGA stijgt in 2022 naar ten minste €48.000. In 2021 was dit nog €47.000.
De regeling voor gebruikelijk loon geldt voor iedereen die een aanmerkelijk belang heeft in een vennootschap en ook werk verricht voor diezelfde onderneming. Zij moeten in de loonaangifte een salaris opnemen dat ‘gebruikelijk’ is voor de werkzaamheden.

4. Vaste reiskostenvergoeding vanaf 2022
Vanaf 2022 gaat de zogeheten 214-dagenregeling veranderen. De vaste reiskostenvergoeding moet dan naar rato van het aantal reisdagen worden berekend. Indien momenteel een reiskostenvergoeding wordt gegeven op basis van het daadwerkelijke aantal reisdagen, verandert er niets in de regeling.

Voorbeeld
Kees werkt fulltime, waarvan 3 dagen op kantoor en 2 dagen thuis. Kees mag een vaste onbelaste reiskostenvergoeding ontvangen voor 129 dagen (3/5 x 214 dagen), als hij ten minste 77 dagen (3/5 x 128 dagen) naar kantoor reist. De onbelaste reiskostenvergoeding wordt dus naar beneden bijgesteld. Hij mag over 85 (214-129) dagen geen onbelaste reiskostenvergoeding meer ontvangen.

Moet je maatregelen nemen?
Je moet het reis-/thuiswerkpatroon van de medewerkers goed in beeld brengen om te kunnen bepalen of de huidige reiskostenvergoeding nog past binnen de nieuwe regels. Voor dagen waarvoor de vergoeding niet meer onbelast betaald kan worden, kun je besluiten om de vergoeding niet meer toe te kennen. Of dat kan, zal mede afhangen van hetgeen bepaald is in een CAO of arbeidsovereenkomst.

5. Aanbod vaste uren 2022
Na een periode van twaalf maanden is de werkgever verplicht om een oproepkracht binnen een maand een aanbod te doen voor een (tijdelijke) arbeidsovereenkomst met vaste uren. Deze uren moeten zijn gebaseerd op minimaal het gemiddelde aantal verloonde uren over de afgelopen twaalf maanden. Alleen de uren die elkaar binnen zes maanden tijd opvolgen, tellen mee.

Het aanbod moet binnen een maand na afloop van de twaalf maanden worden gedaan. De werknemer heeft vanaf dat moment maximaal een maand de tijd om het aanbod al dan niet te accepteren. Bij acceptatie gaat de nieuwe arbeidsomvang in uiterlijk de eerste dag van de 15e maand.

Indien het aanbod voor een contract met vaste uren uitblijft, heeft de werknemer recht op het loon van het gemiddelde aantal gewerkte uren per week gedurende de afgelopen twaalf maanden, ongeacht of de werknemer wordt opgeroepen voor de werkzaamheden. Het betreft hier een reguliere loonvordering waarvoor een verjaringstermijn van vijf jaar geldt.

Tip! Het is dus van belang als werkgever om wel een aanbod te doen, omdat het risico bestaat dat de werknemer, veelal als hij uit dienst is gegaan, alsnog met terugwerkende kracht het loon kan vorderen op basis van het aanbod dat had moeten worden gedaan.

6. Verbod op rookruimtes
Tot en met 2021 mocht op het werk gerookt worden in een daarvoor bestemde rookruimte. Vanaf 1 januari 2022 geldt een verbod op rookruimtes in het bedrijfsleven. Ook bedrijfsvoertuigen zijn werkplekken.

Hierop wordt gehandhaafd door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Wordt ergens gerookt waar dit niet mag, dan krijgt de werkgever hiervoor een boete voor de overtreding van het rookverbod. De boetebedragen variëren per overtreding van €450 tot €4500.

Een werkgever kan een werknemer ook ondersteunen bij het stoppen met roken. Vanaf 1 januari 2020 geldt er geen eigen risico wanneer werknemers gebruikmaken van programma’s die hen helpen te stoppen met roken. Daarvoor gelden de volgende drie voorwaarden:

  1. Deelname aan een ‘stoppen met roken’-programma moet lopen via een huisarts, verloskundige of bedrijfsarts.
  2. De behandeling moet worden gecombineerd met een zogenoemd ‘gedragsprogramma’, waardoor de aanpak zowel steunt op medicatie als op gedragsverandering.
  3. Het vervallen van het eigen risico geldt alleen voor medicijnen en methoden waarvan algemeen erkend is dat ze effectief zijn.

7. Gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof
Vanaf augustus 2022 wordt een deel van het ouderschapverlof gedeeltelijk doorbetaald. Gedurende het eerste levensjaar van het kind kunnen de ouders negen weken doorbetaald ouderschapsverlof krijgen. Het gaat hier om een uitkering in het kader van de Wet arbeid en zorg (Wazo-uitkering), die via de werkgever wordt aangevraagd. Het ouderschapsverlof geldt ook als ouders vóór de invoering van de wet een kind hebben gekregen, mits dit kind jonger is dan 1 jaar. Ook moeten de ouders op dat moment werken (werknemer zijn) en nog niet het volledige recht (26 maal de arbeidsuur per week) op ouderschapsverlof hebben opgenomen.

De hoogte van het gedeeltelijk doorbetaalde ouderschapsverlof bedraagt 50%. Dit is betrekkelijk laag, waardoor de opname voor laagbetaalde werknemers minder aantrekkelijk blijft. Vanwege deze zorg voegde demissionair minister Koolmees van SZW een bepaling toe aan het wetsvoorstel. Hierin staat dat het uitkeringspercentage nog vóór het ingaan van de wet te verhogen is naar 70%, als het nieuwe kabinet dat wil en daar budget voor weet vrij te maken. Een meerderheid van de Eerste Kamer heeft deze motie aanvaard, waarin het kabinet wordt verzocht om het uitkeringspercentage inderdaad te verhogen van 50 naar 70%. Het is dus mogelijk dat dit nog gaat gebeuren.

8. NOW 5.0 en 6.0
Eind 2021 zijn de Coronamaatregelen weer verscherpt. Omdat dit opnieuw grote gevolgen heeft voor ondernemers, is de loonsubsidie NOW terug, in de vorm van NOW 5.0 en NOW 6.0.

NOW 5.0
De NOW 5.0 heeft betrekking op de periode van 1 november 2021 tot en met 31 december 2021.

De tegemoetkoming kan aangevraagd worden van 13 december 2021 t/m 31 januari 2022. Anders dan bij de voorgaande NOW-regelingen zal het voorschot in één termijn uitbetaald worden. Het kabinet komt hiermee tegemoet aan het feit dat een deel van de periode waarover tegemoetkoming wordt verstrekt, al is verstreken. Je kunt de vaststelling van de tegemoetkoming aanvragen in de periode van 1 juni 2022 t/m 22 februari 2023 (data onder voorbehoud).

NOW 6.0
De NOW 6.0 heeft betrekking op de periode van 1 januari 2022 tot en met 31 maart 2022.

De tegemoetkoming kan vermoedelijk in de tweede helft van februari aangevraagd worden. Nadere voorwaarden worden deze maand bekendgemaakt. De NOW 6.0 is bijna hetzelfde als de NOW 5.0. De overeenkomsten zijn:

  • minimaal 20% omzetverlies
  • maximaal op te geven omzetverlies van 90% (ook als u het omzetverlies schat tussen 90 en 100%);
  • een vergoeding van 85% van het opgegeven omzetverlies;
  • vergoeding van maximaal twee keer het maximale dagloon.

Een overzicht van de verschillen van de diverse NOW-regelingen is te vinden op de site van het UWV.

9. Invoering STAP-budget
Per 1 maart 2022 wordt het STAP-budget, dat staat voor Stimulering ArbeidsParticipatie, ingevoerd als opvolger van de per 1 januari 2022 vervallen fiscale scholingsaftrek. Met het STAP-budget wordt iedereen tussen de 8 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt in staat gesteld om scholing in te zetten voor de eigen ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid. De ontwikkeling van een publiek leer- en ontwikkelbudget biedt mogelijkheden om een toekomstbestendige regeling neer te zetten, waarmee kan worden ingespeeld op ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Het STAP-budget maakt deel uit van de LLO-maatregelen (Leven Lang Ontwikkelen) van de overheid. De uitvoering van de regeling komt in handen van het UWV, dat een digitale portal hiervoor ontwikkelt.

Iemand die aanspraak wil maken op het STAP-budget kan dit alleen doen als andere mogelijkheden om de gewenste scholing te financieren niet aanwezig zijn. Het UWV kijkt hiervoor naar de criteria die bestaande opleidingen hanteren om subsidie te krijgen op soorten onderwijs. Veel jongeren onder de 30 jaar zullen vaak nog gebruik kunnen maken van studiefinanciering en daarom geen aanspraak kunnen maken op het STAP-budget.

Het STAP-budget kan door het individu worden aangevraagd voor het financieren van een scholingsactiviteit die hij of zij wil volgen. Het budget bedraagt maximaal €1.000 per jaar. Er mag maar één aanvraag per jaar worden gedaan.

10. Betalingen aan derden per 2022 inclusief BSN
De wetgeving rond betalingen aan derden gaat vanaf 2022 veranderen. Naast gegevens die al moesten worden doorgegeven, moet voortaan ook het BSN-nummer van de ingehuurde derde aan de Belastingdienst worden doorgegeven.

Betaling aan derden
Bij betalingen aan derden gaat het om betalingen aan personen die:

  • niet bij de opdrachtgever in dienst zijn;
  • geen ondernemer zijn;
  • zelf geen factuur met BTW uitreiken.

Betalingen in 2022
De wijziging inzake betalingen aan derden gaat in per 2022, maar de in dat jaar uitgekeerde bedragen hoeven pas in de eerste maand van 2023 aan de Belastingdienst te worden doorgegeven. De uiterste inleverdatum is 31 januari 2023. Dit kan niet langer via het gegevensportaal van de Belastingdienst. Hoe dit digitaal moet worden aangeleverd, wordt nog bekendgemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-14T11:05:40+01:0014 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Top 10 wijzigingen 2022 voor de werkgever

  • Wat als een werknemer een passende functie weigert?

Wat als een werknemer een passende functie weigert?

Als een werknemer wiens functie is komen te vervallen, niet reageert op een aangeboden passende functie kan dit tot gevolg hebben dat hij geen recht heeft op een transitievergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen.

Een werknemer wiens functie is komen te vervallen, kan niet zomaar een aangeboden, passende functie weigeren. Als hij dit ten onrechte toch doet, kan hij zijn recht op betaling van een transitievergoeding verspelen. Hoe zit dat precies?

Drie keer een aanbod
De functie van een werkneemster verviel en haar arbeidsovereenkomst werd na toestemming van het UWV opgezegd. De werkgever vond dat hij geen transitievergoeding hoefde te betalen aan de werkneemster, omdat zij tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had geweigerd. Het ging twee keer om een functie in dagdienst. De werkneemster weigerde beide functies omdat ze liever in ploegendienst wilde werken, omdat haar vriend dat ook bij dezelfde werkgever deed en ze dan samen konden reizen. Iets dat in haar geval praktisch was vanwege een oogaandoening. Ze weigerde echter ook een aangeboden functie in ploegendienst, omdat ze dan, ondanks haar arbeidsongeschiktheid, direct aan de slag moest. Volgens haar en de bedrijfsarts was dat niet mogelijk.

Terughoudendheid troef
Het gerechtshof dat de zaak beoordeelde benadrukte dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op basis waarvan een werknemer geen recht meer heeft op een transitievergoeding vanwege ernstig verwijtbaar handelen. De toepassing van deze uitzonderingsgrond is volgens de rechter beperkt. Bij de beoordeling zijn altijd de persoonlijke omstandigheden van de werknemer, die van invloed zijn geweest op het handelen of nalaten van de werknemer, van belang.

Toch aanvaarden
In dit geval oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet tot drie keer toe een aangeboden, passende functie had mogen weigeren. Het enkele feit dat ze niet in staat was haar werkzaamheden direct te hervatten, maakte dit niet anders. De werkgever had de aangeboden werkzaamheden aangepast aan de oogaandoening en de vervoersproblemen van werkneemster. Eventueel resterende problemen hadden kunnen worden opgelost als de medewerkster had meegewerkt. Met de aangeboden functie in ploegendienst was de werkgever ook tegemoet gekomen aan de door de medewerkster geuite bezwaren. Ten slotte bleek de eis van directe werkhervatting niet uit het aanbod van de werkgever.

Geen transitievergoeding
Gezien de omstandigheden oordeelde het gerechtshof dat de werkneemster niet had kunnen worden herplaatst vanwege haar eigen weigerachtige houding. Ondanks het feit dat er terughoudend moet worden omgegaan met de uitzonderingsgrond op het recht op transitievergoeding vond het hof het handelen en nalaten van de werkneemster dermate verwijtbaar dat ze geen recht had op een transitievergoeding. Het feit dat ze al 20 jaar in dienst was en altijd goed had gefunctioneerd, maakte dan niet anders.

Tip! Reageer altijd gemotiveerd op de bezwaren van een werknemer tegen een aangeboden, passende functie en houd hiermee bij het aanbieden van een andere passende functie, voor zoveel mogelijk, rekening.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-23T09:40:20+01:0023 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wat als een werknemer een passende functie weigert?

  • Vaak ziek? Geen reden voor ontbinding arbeidsovereenkomst

Vaak ziek? Geen reden voor ontbinding arbeidsovereenkomst

Een medewerker meldde zich 23 keer in een jaar ziek. Voor de werkgever was de maat vol. Hij diende bij de kantonrechter een ontbindingsverzoek in gebaseerd op frequent verzuim. Maar de rechter wees het verzoek van de werkgever af.

Voorwaarden ontbinding bij frequent ziekteverzuim
De wet bepaalt dat aan de volgende voorwaarden moet zijn voldaan om een arbeidsovereenkomst te ontbinden:

  • er is sprake van regelmatig ziekteverzuim, en
  • dat regelmatige ziekteverzuim is géén gevolg van onvoldoende zorg van de werkgever, en
  • dat regelmatige ziekteverzuim zorgt voor onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering, en
  • herstel binnen 26 weken is niet aannemelijk, en
  • herplaatsing in een andere passende functie is niet mogelijk.

Cumulatieve voorwaarden
Het gaat hier om zogenaamde cumulatieve voorwaarden. Dat wil zeggen dat aan alle voorwaarden moet zijn voldaan wil er sprake zijn van een redelijke grond om de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter te laten ontbinden. Bijkomende voorwaarde is dat een deskundigenoordeel van het UWV moet kunnen worden overgelegd bij de rechter. Dit deskundigenoordeel wordt gratis door het UWV verstrekt.

Uitkomst procedure
De rechter ontkende niet dat er sprake was van veelvuldig verzuim door de werknemer. Hij keek daarbij naar het gemiddelde verzuim binnen het bedrijf dat 4,9% bedroeg. Hij wees het verzoek van de werkgever af omdat de werkgever er niet in was geslaagd aan te tonen dat sprake was van onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering. Er waren geen financiële jaarstukken door de werkgever ingebracht, waaruit zou kunnen volgen dat het verzuim onaanvaardbare gevolgen had voor de bedrijfsvoering. Mogelijk had dat nog iets geholpen. In de praktijk blijkt deze ontbindingsgrond een erg lastige te zijn juist vanwege de voorwaarde dat moet worden aangetoond dat het frequente verzuim tot onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering leidt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-05T10:45:47+01:005 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vaak ziek? Geen reden voor ontbinding arbeidsovereenkomst

  • Tijdens vakantie ook recht op doorbetaling overuren

Tijdens vakantie ook recht op doorbetaling overuren

Moeten overuren en ook de onregelmatigheidstoeslag tijdens de vakantie worden doorbetaald? Ja, zo zegt het gerechtshof Den Haag. Het gerechtshof gaat uit van een ruim loonbegrip.

In een zaak die eerder bij het gerechtshof Den Haag speelde stond de vraag centraal of tijdens de vakantie van chauffeurs ook het loon over de overuren betaald moest worden. Een chauffeur maakte gedurende meerdere jaren op maandelijkse basis veel overuren. Deze overuren vormden een aanzienlijk deel van haar salaris. Ze was daarom van oordeel dat deze overuren (inclusief de onregelmatigheidstoeslag) ook tijdens de opname van vakantie moesten worden doorbetaald. De werkgever kon zich hier niet in vinden en bracht hiertegen in dat ze niet verplicht was over te werken maar hierin een keuze had.

Ruim loonbegrip
Het gerechtshof Den Haag gaat uit van een ruim loonbegrip. Dit vanuit de gedachte dat een werknemer de gelegenheid moet hebben van zijn werkinspanningen te herstellen gelet op de zogeheten recuperatiefunctie die inherent is aan de opname van vakantiedagen. Tevens moet hij er niet van worden weerhouden vakantie op te nemen omdat hij als gevolg daarvan een lager salaris ontvangt. De werkgever verwees in deze situatie uitdrukkelijk naar het ontbreken van een verplichting tot overwerk in de arbeidsovereenkomst. Het gerechtshof gaat hier niet in mee. Verplichtingen kunnen immers ook volgen uit een mondelinge overeenkomst of een overeenkomst die stilzwijgend tot stand komt. De werkneemster in kwestie had jarenlang fors overgewerkt. De werkgever had deze situatie laten ontstaan en laten voortbestaan en had door deze handelwijze dus ingestemd met het maken van overuren.

Noodzaak tot overwerken
Daarbij zorgde ook de wijze van inroosteren voor een noodzaak tot overwerken. Dit omdat de werkneemster immers niet halverwege het verrichten van de werkzaamheden kon stoppen omdat zij al aan haar gebruikelijke arbeidsuren per dag zat. Het gerechtshof acht niet van belang dat andere werknemers andere afspraken hebben gemaakt met de werkgever. Het gaat immers om de afspraken tussen de werknemer in kwestie en de werkgever.

Dat ze de vrijheid had om met de werkgever af te spreken dat zij geen of minder overuren (meer) wilde maken, doet niet af aan het feit dat zij op basis van de bestaande (stilzwijgende) afspraken deze overuren wel maakte. Kortom, tijdens vakantie had ze ook recht op doorbetaling van overuren op basis van het gemiddelde van de gemaakte overuren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-26T09:17:19+02:0026 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Tijdens vakantie ook recht op doorbetaling overuren