Nieuws

  • Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

Vanwege de Coronacrisis bestonden in 2020 al ruimere mogelijkheden om werknemers onbelast een vergoeding of verstrekking te geven. Voor het jaar 2021 gelden dezelfde verruimingen. Maak hiervan in 2021 nog gebruik. Vanaf 2022 wordt namelijk weer teruggekeerd naar het oude niveau.

Verhoging vrije ruimte
De vrije ruimte is bedoeld voor onbelaste vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers. Zolang de totale vergoedingen en verstrekkingen deze vrije ruimte niet overstijgen, betaalt de werkgever geen loonheffing. Bij overschrijding bedraagt de loonheffing ten laste van de werkgever 80% over het gedeelte boven de vrije ruimte.

In 2021 bedraagt de vrije ruimte nog 3% van de eerste €400.000 van de loonsom van alle werknemers samen plus 1,18% van deze loonsom voor zover hoger dan €400.000. Is de totale loonsom van alle werknemers bijvoorbeeld €1.000.000, dan bedraagt de vrije ruimte in 2021 €19.080 (3% van €400.000 plus 1,18% van €600.000).

Let op! Vanaf 2022 gaat de vrije ruimte weer omlaag en bedraagt deze 1,7% van de eerste €400.000 loonsom en 1,18% van het meerdere. Bij een loonsom van €1.000.000 bedraagt de vrije ruimte in 2022 dan €13.880, dus €5.200 minder.

Gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen
Voor bepaalde vergoedingen en verstrekkingen heeft de werkgever de vrije ruimte niet nodig. Deze zogenaamde gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen kunnen gegeven worden buiten de vrije ruimte en verkleinen het potentieel van de vrije ruimte dus niet.

Tip! Er bestaan verschillende gerichte vrijstellingen en nihilwaarderingen. Denk bijvoorbeeld aan de gerichte vrijstelling voor reiskostenvergoeding van €0,19 per gereden zakelijke kilometer, voor studiekosten, arbovoorzieningen en de nihilwaarderingen voor consumpties en voorzieningen op de werkplek.

Voorwaarden gebruik vrije ruimte
Als een werkgever een vergoeding of verstrekking onbelast in de vrije ruimte wil onderbrengen, moet hij deze wel aanwijzen als eindheffingsloon in deze vrije ruimte. Dit kan bijvoorbeeld blijken uit de administratie.

Een andere voorwaarde is dat de vergoedingen of verstrekkingen niet meer dan 30% mogen afwijken van wat in vergelijkbare omstandigheden gebruikelijk is (de zogenaamde gebruikelijkheidstoets). Is de afwijking groter, dan mag de werkgever het meerdere niet aanwijzen in de vrije ruimte. Dat deel is dan als loon belast bij de werknemer.

Tip! De beoordeling of een vergoeding of verstrekking voldoet aan de gebruikelijkheidstoets is over het algemeen lastig. Gelukkig beschouwt de Belastingdienst alle vergoedingen, verstrekkingen of terbeschikkingstellingen van maximaal €2.400 per persoon per jaar als gebruikelijk.

Tot €2.400 per persoon per jaar hoef je je dus geen zorgen te maken over de zogenaamde gebruikelijkheidstoets.

Let op! Het bedrag van €2.400 geldt in alle redelijkheid. De Belastingdienst geeft aan dat je hiervan geen gebruik mag maken als het loon van de werknemer (hierdoor) lager is dan het wettelijke minimumloon.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-13T10:50:33+02:0013 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Gebruik in 2021 de ruimere vrije ruimte in de WKR

  • Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

Ondernemers in het MKB die energie willen besparen, kunnen vanaf 1 oktober van dit jaar subsidie krijgen voor de noodzakelijke advieskosten. De extra subsidie is verkrijgbaar tot en met 30 september 2022.

Ook voor ondersteuning bij uitvoering
De ondernemer kan ook subsidie krijgen voor de ondersteuning bij het uitvoeren van een of meer maatregelen uit het advies. Bijvoorbeeld voor een accountant die de financiering moet regelen.

Besparingsplicht
Grotere bedrijven zijn wettelijk verplicht energiebesparende maatregelen te nemen en hierover aan de gemeente te rapporteren. De nieuwe subsidie is niet voor deze bedrijven bedoeld. Dit betekent dat alleen bedrijven die minder 50.000 kWh aan elektra en 25.000 m3 aan aardgas verbruiken van de nieuwe subsidie gebruik kunnen maken.

Omvang subsidie
Bedrijven kunnen 80% van de advieskosten vergoed krijgen met een maximum van €2.500 per bedrijfspand. Voor het energieadvies geldt een minimum subsidiebedrag van €400 en een maximum subsidiebedrag van €750. Het minimum subsidiebedrag van €400 voor het advies betekent dat een energieadvies van minder dan €500 (exclusief BTW) niet in aanmerking komt voor subsidie (80% x €500 = €400).

Let op! Alleen de kosten voor het energieadvies en ondersteuning die gemaakt zijn vanaf 2 augustus 2021 komen in aanmerking voor subsidie. Dit betekent dat het advies zelf op of na 2 augustus 2021 moet zijn opgesteld door de energieadviseur.

Bewijs van uitvoering
Je krijgt alleen subsidie als je bewijst dat je één of meerdere maatregelen uit het energieadvies gaat uitvoeren of hebt uitgevoerd. Dit bewijs kan een getekende offerte, opdracht of betaalbewijs zijn. Uit de getekende offerte of opdracht moet blijken dat de maatregel binnen twee jaar na het opstellen van het advies wordt uitgevoerd.

Kosten van maatregelen
De kosten van de maatregelen zelf, zoals die voor bijvoorbeeld een warmtepomp, komen niet voor de subsidie in aanmerking. Wel kun je hiervoor een beroep doen op andere subsidies, zoals bijvoorbeeld de energie-investeringsaftrek.

Aanvragen
Je vraagt de subsidie digitaal aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (rvo.nl). Hiervoor heb je eHerkenning nodig op minimaal niveau 2+ met machtiging RVO-diensten op niveau eH2+.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-10T10:25:55+02:0010 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe subsidie advisering energiebesparing MKB

  • Subsidiepot voor elektrische auto leeg

Subsidiepot voor elektrische auto leeg

Particulieren die een elektrische auto aanschaffen, kunnen hiervoor subsidie krijgen. Deze subsidie is voor dit jaar echter al op, zowel voor nieuwe als voor gebruikte elektrische personenauto’s. Dit meldt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (rvo.nl).

Subsidie
De subsidie is bedoeld om ook voor particulieren het rijden in een elektrische auto financieel aantrekkelijk te maken. Ondernemers en werknemers met een auto van de zaak profiteren namelijk via een lagere bijtelling.

Subsidiepotten leeg
De subsidiepotten voor zowel een gebruikte als een nieuwe elektrische auto zijn leeg. Voor een gebruikte auto kun je nog wel een verzoek indienen, maar dat wordt waarschijnlijk afgewezen. Alleen als bestaande aanvragen worden teruggetrokken, heb je in principe nog kans op subsidie.

Niet doorschuiven
Verzoeken voor subsidie worden niet doorgeschoven naar volgend jaar. Aanvragen is namelijk pas weer mogelijk vanaf 3 januari 2022.

Let op! Je kunt de subsidie voor 2022 aanvragen nadat je een koop- of leaseovereenkomst hebt gesloten. Deze moet zijn afgesloten in hetzelfde kalenderjaar waarin je de subsidie aanvraagt. De auto hoeft nog niet te zijn afgeleverd. Je logt voor de aanvraag in met DigiD.

Subsidie verlaagd
De subsidie voor een nieuwe elektrische auto wordt volgend jaar verlaagd van €4.000 naar €3.700. De subsidie voor een gebruikte elektrische auto blijft ook volgend jaar €2.000.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-10T09:52:13+02:0010 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidiepot voor elektrische auto leeg

  • Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

Elke ondernemer heeft helaas weleens te maken met afnemers die niet of slecht betalen. De financiële gevolgen van de Coronacrisis zal dat in bepaalde branches ook niet beter gemaakt hebben. Heb je te maken met niet of slecht betalende afnemers, zorg dan dat je wel op tijd de afgedragen BTW terugvraagt. Doe je dit te laat, dan loop je namelijk het risico dat de Belastingdienst de BTW niet meer aan je terugbetaalt.

Binnen 1 jaar na afloop van de betalingstermijn
Betaalt een afnemer niet of te laat? Dan moet je één jaar na het verstrijken van de betalingstermijn de BTW terugvragen. Is dit moment bijvoorbeeld op 15 september, dan vraag je de BTW terug in de aangifte van het derde kwartaal (als je per kwartaal BTW-aangifte doet) of van september (als je per maand BTW-aangifte doet).

Let op! Vraag je de BTW in een latere BTW-aangifte pas terug, dan mag de Belastingdienst de BTW-teruggaaf weigeren. Loop dit risico niet en vraag de BTW op tijd terug.

Betalingstermijn
Wanneer het moment van BTW terugvragen is, is afhankelijk van de betalingstermijn die je met de afnemer contractueel hebt afgesproken. Stuurde je bijvoorbeeld met dagtekening 3 september 2020 een factuur en is de afgesproken betalingstermijn 15 dagen, dan verstreek de betalingstermijn op 18 september 2020. Heeft de afnemer op 30 september 2021 nog steeds niet betaald? Dan vraagt je de BTW terug in de BTW-aangifte derde kwartaal of september 2021.

Let op! Heb je geen betalingstermijn afgesproken, dan geldt de wettelijke betalingstermijn van 30 dagen na ontvangst van de factuur. In bovenstaand voorbeeld verloopt het jaar dan op 2 oktober 2021. Doe je per maand BTW-aangifte, dan vraagt je de BTW terug als de afnemer op 31 oktober 2021 nog steeds niet betaald heeft. Doe je per kwartaal aangifte, dan ligt deze termijn op 31 december 2021.

Eerder BTW-terugvragen als definitief oninbaar
Is de factuur al eerder dan één jaar na het verstrijken van de betalingstermijn definitief oninbaar, dan moet je ook eerder de BTW terugvragen. Je kunt dan dus niet wachten tot het jaar verstreken is.

Tip! Over het algemeen zullen facturen niet binnen één jaar al definitief oninbaar zijn. Toch is het goed om bij het indienen van de BTW-aangifte altijd de debiteuren te beoordelen. Zijn er debiteuren die definitief oninbaar zijn, vraag dan de BTW terug. Ook als het jaar nog niet verstreken is. Doet u dit later, dan kan de Belastingdienst ook in dit geval de btw-teruggaaf weigeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-09T10:02:49+02:009 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

  • Bedrijfsfusie met terugwerkende kracht? Registreer voor 1 oktober

Bedrijfsfusie met terugwerkende kracht? Registreer voor 1 oktober

Bij een bedrijfsfusie draagt de BV de onderneming of een zelfstandig onderdeel daarvan over aan een ander lichaam. Dit andere lichaam reikt als vergoeding daarvoor aandelen uit aan de BV. Deze bedrijfsfusie kan onder voorwaarden zonder belastingheffing plaatsvinden. Dit kan met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2021 als je daartoe vóór 1 oktober 2021 de intentie registreert bij de Belastingdienst.

Fusie
Als een bedrijf wordt overgenomen of bijvoorbeeld twee bedrijven samengaan, is sprake van een fusie. Een van de manieren waarop zo’n fusie plaats kan vinden is door middel van een bedrijfsfusie. Bij een bedrijfsfusie draag je geen aandelen over, maar draagt de BV de onderneming of een zelfstandig onderdeel daarvan over. Als vergoeding daarvoor ontvangt de BV aandelen van de overnemer.

Tip! Een bedrijfsfusie is ook een instrument om een holdingstructuur te creëren.

Bedrijfsfusie fiscaal met of zonder afrekening
Bij een bedrijfsfusie is over het verschil tussen de waarde van de verkregen aandelen en de fiscale boekwaarde van de overgedragen onderneming vennootschapsbelasting verschuldigd. Onder voorwaarden is het echter mogelijk om dit fiscaal zonder afrekening te doen. Fiscaal geruisloos betekent grofweg dat de onderneming wordt voortgezet tegen dezelfde fiscale boekwaarden en dat er geen vennootschapsbelasting verschuldigd is.

Let op! Een fusie, maar ook het creëren van een holdingstructuur, is ook op andere wijze mogelijk, zoals door middel van een aandelenfusie. Of de bedrijfsfusie de meest aangewezen weg is voor jouw situatie, zal altijd eerst beoordeeld moeten worden aan de hand van de feitelijke situatie.

Terugwerkende kracht fiscaal geruisloze bedrijfsfusie
Is een fiscaal geruisloze bedrijfsfusie mogelijk, dan kan dit met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2021. Voor deze terugwerkende kracht moet je wel vóór 1 oktober 2021 de intentie registreren bij de Belastingdienst.

Tip! Registreer bij twijfel in ieder geval de intentie bij de Belastingdienst. Op die manier kun je fiscaal, onder voorwaarden, nog terug naar 1 januari 2021 als je besluit tot een fiscaal geruisloze bedrijfsfusie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-09T09:39:06+02:009 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bedrijfsfusie met terugwerkende kracht? Registreer voor 1 oktober

  • Onbelaste vaste reiskostenvergoeding ook vanaf 1 oktober 2021

Onbelaste vaste reiskostenvergoeding ook vanaf 1 oktober 2021

Vanwege de Coronacrisis werken in 2021 werknemers veel of zelfs alleen maar vanuit huis. Tot 1 oktober 2021 bestond al een goedkeuring waardoor de werkgever een onbelaste vaste reiskostenvergoeding kan blijven doorbetalen, dus ook als de werknemer niet of nauwelijks naar het werk reist vanwege thuiswerk. Deze goedkeuring is verlengd tot en met 31 december 2021, zo maakte het kabinet maandag 30 augustus bekend.

Situatie tot 1 oktober 2021
Had een werknemer vóór 13 maart 2020 een onvoorwaardelijk recht op een vaste onbelaste reiskostenvergoeding? Dan mag de werkgever deze vergoeding onbelast doorbetalen tot 1 oktober 2021, ook als de werknemer (deels) thuiswerkt en dus minder reiskilometers maakt.

Situatie vanaf 1 oktober 2021
De verwachting was dat deze goedkeuring per 1 oktober 2021 definitief zou vervallen. Door een uitleg van de Belastingdienst over de toepassing van het zogenaamde 128-dagen criterium (minimaal 128 dagen reizen naar de vaste werkplek in het jaar) was in veel gevallen evenwel mogelijk de vaste reiskostenvergoeding te continueren tot en met 31 december 2021. Maar het kabinet heeft de goedkeuring echter toch definitief verlengd tot 1 januari 2022. Hiermee blijft het dus mogelijk de onbelaste reiskostenvergoeding voort te zetten tot en met 31 december 2021.

Let op! De voorwaarde dat de werknemer vóór 13 maart 2020 al een onvoorwaardelijk recht op een vaste onbelaste reiskostenvergoeding moet hebben, blijft bestaan.

Alternatieven
Bestond vóór 13 maart 2020 nog geen onvoorwaardelijk recht op een vaste onbelaste reiskostenvergoeding, dan zijn er alternatieven. Zo kan de werkgever een vaste onbelaste reiskostenvergoeding geven op basis van een inschatting van de daadwerkelijke reisdagen.

Let op! Aan het einde van het jaar moet dan wel een nacalculatie plaatsvinden.

Daarnaast kan een werkgever er uiteraard ook voor kiezen om een reiskostenvergoeding op declaratiebasis te verstrekken. Op basis van de daadwerkelijk gereden reiskilometers geeft de werkgever dan achteraf een vergoeding van €0,19 per kilometer.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-07T09:38:39+02:007 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Onbelaste vaste reiskostenvergoeding ook vanaf 1 oktober 2021

  • Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

Stel nu dat een werknemer zelf zijn dienstverband opzegt, elders gaat werken en korte tijd later weer bij de werkgever terugkeert. Hoe moet dan de transitievergoeding worden berekend als dit laatste dienstverband ten einde komt? Moet worden uitgegaan van de gehele periode dat de werknemer in dienst was of moet alleen worden gekeken naar het moment dat de werknemer opnieuw in dienst is getreden?

Voor de berekening van de transitievergoeding worden één of meer voorafgaande arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen, die elkaar met tussenpozen van ten hoogste zes maanden hebben opgevolgd, samengeteld, zo is de algemene regel. Wat was in deze zaak het geval?

Spijtoptant
In een aan de kantonrechter Almere voorgelegde vraag had een werknemer van 1 oktober 2013 tot 1 juli 2019 als salesmanager bij zijn werkgever gewerkt. Per 1 juli 2019 heeft hij zijn dienstverband opgezegd om elders in dienst te treden. Uiteindelijk beviel dit toch niet en is hij op 14 oktober 2019 weer bij zijn voormalige werkgever in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als ordermanager.

Ontbonden
Uiteindelijk gaat dit niet goed en wordt de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter per 1 januari 2021 ontbonden. Bij de eindafrekening blijkt de werkgever de transitievergoeding berekend te hebben vanaf 14 oktober 2019 en niet vanaf 1 oktober 2013. De werknemer is het hier niet mee eens.

Initiatief einde arbeidsovereenkomst
Naar de mening van de werkgever is de transitievergoeding bedoeld voor situaties waarin de arbeidsovereenkomst is geëindigd op initiatief van de werkgever en daar was in deze situatie geen sprake van, gelet op de opzegging van de werknemer van de eerste arbeidsovereenkomst. De werkgever heeft tevens naar voren gebracht dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn als zij door het opnieuw in dienst nemen van de werknemer alsnog een transitievergoeding verschuldigd zou zijn, terwijl dat in eerste instantie niet het geval was.

Onaanvaardbaar
De rechter oordeelt dat alhoewel de wetsgeschiedenis hier geen duidelijkheid over geeft, het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is om de werkgever te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding over het volledige dienstverband vanaf 1 oktober 2013, zonder daarbij rekening te houden met de opzegging van de werknemer per 1 juli 2019. Daarbij weegt ook mee dat de werknemer al een andere baan had aanvaard, voordat hij tot opzegging van zijn arbeidsovereenkomst bij de werkgever overging en hij dus welbewust deze keuze heeft gemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-06T11:00:35+02:006 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Arbeidsverleden bij bepaling transitievergoeding

  • Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

Statistische gegevens kunnen worden gebruikt om aan te tonen dat het vaste forfaitaire percentage om het privégebruik auto vast te stellen, te hoog is. Dat heeft de Hoge Raad eerder geoordeeld. Een ondernemer die hiervan gebruik wilde maken, werd echter door de rechtbank teruggefloten.

Tip! Naast het gebruik van statistische gegevens kan ook het bijhouden van een rittenadministratie of gegevens op grond waarvan een redelijke schatting kan worden gemaakt over het privégebruik auto nuttig zijn om aan te tonen dat het forfait te hoog is.

Statistische gegevens
De ondernemer wilde de statistische gegevens gebruiken om het privégebruik auto van zijn salesmedewerkers te bepalen. De statistische gegevens die de ondernemer wilde gebruiken, betroffen rapporten. In die rapporten was het uitgangspunt dat al het woon-werkverkeer zakelijk was. De rechtbank oordeelde dat de ondernemer de gegevens niet mocht gebruiken omdat de salesmedewerkers behalve naar klanten af en toe ook naar de kantoorruimte en showroom van hun werkgever moesten. Die kilometers zijn voor de BTW niet zakelijk. Anders dan in de rapporten was in deze zaak dus niet al het woon-werkverkeer zakelijk.

Niet controleerbaar
Omdat de ondernemer verder geen of onvoldoende gegevens over het privégebruik ter beschikking had, kon de rechtbank uiteindelijk niet controleren of het forfait te hoog was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-03T10:02:23+02:003 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lagere BTW-correctie privégebruik auto mogelijk?

  • Het kiezen van een incassobureau, waar let je op?

Het kiezen van een incassobureau, waar let je op?

Openstaande facturen zijn voor veel ondernemers een grote bron van ergernis. Als de klant blijft weigeren om de factuur te voldoen, kan het inschakelen van een incassobureau uitkomst bieden. Waar moet je op letten?

Incassobureaus werken vaak op basis van no cure no pay. Dit kan in de praktijk wel anders uitpakken, zodat het verstandig is om vooraf te controleren of de incasso daadwerkelijk op basis van no cure no pay is. Zeker als er op basis van een uurtarief wordt gewerkt, is het verstandig om vooraf een schriftelijke (maximale) prijsopgave te vragen.

Het komt voor dat er achteraf, bijvoorbeeld op basis van de algemene voorwaarden, verborgen kosten in rekening worden gebracht. Hiermee rekening houden door vooraf een schriftelijke prijsopgave te vragen en door te vragen naar de maximaal in rekening te brengen kosten, kan teleurstelling achteraf voorkomen.

Tip! Vraag bij de opgave van de (maximale) prijs het liefst naar praktijkvoorbeelden. Wat zijn de kosten als de klant de factuur betwist of als hij maar een deel van de vordering of niet de volledige incassokosten betaalt? Maak ook altijd afspraken over de situatie waarin je de opdracht uiteindelijk intrekt. Vaak wordt er in dat geval een boete in rekening gebracht die kan variëren van enkele tientallen euro’s tot een percentage van de hoofdsom.

Incasso op basis van no cure no pay
In de incassowereld is het werken op basis van no cure no pay meestal het uitgangspunt. Dit betekent dat je alleen iets hoeft te betalen als de vordering wordt voldaan. In dat geval betaal je meestal een percentage van de hoofdsom aan het incassobureau. Deze kosten vallen echter niet altijd weg tegen de incassokosten die uiteindelijk door het incassobureau in rekening worden gebracht, terwijl het ook mogelijk is dat de debiteur wel de hoofdsom maar niet de incassokosten voldoet.

Incasso op basis van uurtarief
Vooral bij betwisting van de vordering worden de incassowerkzaamheden vaak op basis van een uurtarief verricht. Deze uurtarieven kunnen in de praktijk behoorlijk uiteenlopen en soms zelfs meer dan €200 per uur bedragen. De kosten lopen zeker op als er moet worden geprocedeerd. In dat geval moet er bijvoorbeeld een dagvaarding en eventuele andere processtukken worden opgesteld. Daarbovenop komen de kosten van een eventuele mondelinge behandeling, de deurwaarderskosten en de griffierechten. Bij vorderingen boven de €25.000 is de inschakeling van een advocaat noodzakelijk en lopen de kosten nog verder op. Vraag daarom altijd vooraf een schriftelijke opgave van deze bijkomende kosten.

Tip! Controleer daarnaast ook altijd de algemene voorwaarden van het incassobureau. Als hierin bepalingen zijn opgenomen die afwijken van de afspraken met het incassobureau, bevestig dan altijd schriftelijk dat er wordt afgeweken van de algemene voorwaarden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-02T16:47:46+02:002 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Het kiezen van een incassobureau, waar let je op?
  • Concurrentiebeding bij overname? Vergeet het niet!

Concurrentiebeding bij overname? Vergeet het niet!

Bij een bedrijfsovername zal de koper willen vermijden dat de verkoper onmiddellijk gaat concurreren met de verkochte onderneming. Denk bij het sluiten van een koopovereenkomst daarom altijd aan het overeenkomen van een concurrentiebeding en een bijbehorend boetebeding. Zo voorkom je dat de verkoper de belangrijkste concurrent wordt. Vaak wordt er bij een overname vooral aandacht besteed aan zaken zoals de koopprijs en de activa die worden overgenomen, zoals de inventaris, handelsnaam en voorraden.

De verkoper als concurrent
In de praktijk wordt echter vaak vergeten een concurrentiebeding en een daarbij behorend boetebeding overeen te komen. Dat is echter wel verstandig. De verkoper is immers op de hoogte van alle ins en outs van de nieuwe onderneming en kan dus eenvoudig de belangrijkste concurrent worden.

Gerechtvaardigd belang bij concurrentiebeding
De koper heeft ook een gerechtvaardigd belang bij het overeenkomen van een concurrentiebeding, omdat er in de koopprijs doorgaans ook een bedrag aan goodwill is verdisconteerd. Daarmee is het goed te verdedigen dat de verkoper gedurende een bepaalde periode niet met dezelfde producten of diensten de markt opgaat.

De vereisten
Een concurrentiebeding is alleen geldig als er wordt voldaan aan de vereisten die de wet aan zo’n beding stelt. In de eerste plaats moet het beding schriftelijk worden overeengekomen. Tevens moet worden overeengekomen welke activiteiten de verkoper niet mag verrichten, waarbij deze activiteiten niet verder kunnen strekken dan de activiteiten van de verkochte onderneming op het moment van de overname. Daarnaast moet worden opgenomen voor welke periode het beding geldt. Daarbij geldt als uitgangspunt een periode van maximaal twee jaar als er goodwill wordt overgedragen en een maximale duur van drie jaar als er daarnaast ook know how wordt overgedragen.

Let op! Als er een langere duur wordt overeengekomen, loop je het risico dat het concurrentiebeding nietig is. Ten slotte moet het geografisch gebied worden opgenomen waarvoor het beding geldt. Ook hierbij is het uitgangspunt dat het gebied niet verder mag strekken dan het gebied waar de verkochte onderneming actief was ten tijde van de overname.

Boetebeding
Als stok achter de deur is het altijd van belang ook een boetebeding, dat in werking treedt wanneer het concurrentiebeding is overtreden, op te nemen. Dit boetebeding kan ook worden gebruikt als een schadevergoedingsbeding, bijvoorbeeld als de eventueel te lijden schade lastig vast te stellen is. Ook een boetebeding moet aan enkele vereisten voldoen. Zo moet het boetebeding altijd schriftelijk worden overeengekomen en moet de omschrijving voldoende duidelijk zijn. Spreek daarom af wanneer de boete is verschuldigd, hoe hoog de boete is en aan wie de boete moet worden voldaan. De hoogte van de boete kan vrij worden bepaald, maar een rechter kan een overeengekomen boete wel matigen als de boete niet in verhouding staat tot de geleden schade.

Tip! Neem ook altijd op dat de koper naast de boete ook het recht heeft om nakoming van het concurrentiebeding en/of volledige schadevergoeding te vorderen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-01T09:31:12+02:001 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Concurrentiebeding bij overname? Vergeet het niet!