Nieuws

  • Basisregistratie Kadaster niet heilig voor WOZ

Basisregistratie Kadaster niet heilig voor WOZ

Voor toepassing van de Wet Waardering Onroerende Zaken (wet WOZ) wordt voor het eigendom van een onroerende zaak in beginsel aangesloten bij de Basisregistratie Kadaster. Zijn in deze Basisregistratie Kadaster belangrijke correcties achterwege gebleven, dan kan mogelijk aan de toepassing voor de WOZ voorbij worden gegaan.

Basisregistratie Kadaster onjuist

In een zaak die speelde bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant hadden de erfgenamen van de bezitster van een woning na haar dood verzocht om een WOZ-beschikking. De inspecteur weigerde dit, omdat uit de Basisregistratie Kadaster niet bleek dat zij de eigenaar van de woning was. Ze had de woning van haar man geërfd, maar dit was niet in de Basisregistratie Kadaster verwerkt.

Nieuwe WOZ-beschikking

De rechtbank stelt de erfgenamen in het gelijk en is van mening dat de inspecteur ten behoeve van de erfgenamen een nieuwe WOZ-beschikking moet afgeven. Zij hebben hier belang bij in de het kader van de te betalen erfbelasting. Bovendien blijkt uit de feiten dat de erflaatster de volledige eigendom over de woning had, ondanks dat dit anders stond omschreven in de Basisregistratie Kadaster.

WOZ-waarde fors lager

Dat de erfgenamen om een nieuwe WOZ-waardering verzochten, valt zeker te begrijpen. De woning was in 2010 voor de WOZ namelijk gewaardeerd op €943.000, terwijl de woning negen jaar later bij verkoop slechts €600.000 opbracht. De nieuwe waardering kan dus leiden tot een fors lagere aanslag erfbelasting, als de lagere waarde blijkt uit een nieuwe WOZ-beschikking.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-31414 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder

Door |2023-03-03T14:27:25+01:003 maart 2023|Geen categorie, Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Basisregistratie Kadaster niet heilig voor WOZ
  • Tweede Kamer stemt in met afschaffen salderingsregeling zonne-energie

Tweede Kamer stemt in met afschaffen salderingsregeling zonne-energie

De Tweede Kamer heeft ingestemd met het op termijn afschaffen van de salderingsregeling op zonne-energie. Of de salderingsregeling ook daadwerkelijk wordt afgeschaft, hangt af van de Eerste Kamer die ook nog met het voorstel moet instemmen.

Salderingsregeling
Eigenaren van zonnepanelen kunnen nu hun opgewekte energie nog salderen met de afgenomen energie. Op deze manier is energie die men op het moment van opwekken niet zelf nodig heeft, toch rendabel. Het plan is om deze salderingsregeling vanaf 2025 in etappes af te bouwen.

Afbouw
De afbouw betekent dat iedereen tot en met 2024 nog alle opgewekte stroom kan salderen met afgenomen stroom. In 2025 en 2026 mag men nog maar 64% salderen. Daarna wordt de salderingsregeling jaarlijks met 9% afgebouwd tot en met 2030. Zodoende kan men in 2030 nog 28% salderen. Vanaf 2031 verdwijnt de mogelijkheid tot salderen volledig. Voor geleverde stroom wordt dan nog wel een vergoeding betaald.

Moties en amendementen
Er zijn bij de behandeling van de salderingsregeling tal van moties en amendementen ingediend en aangenomen. De Tweede Kamer wil bezitters van zonnepanelen toch deels tegemoetkomen met betrekking tot het nadeel van het schrappen van de salderingsregeling. Zo wil de Kamer de hoogte van de terugleververgoeding tot 2027 in de wet vastleggen net als de verplichting te salderen per tariefperiode.
Deze aangenomen moties moeten ertoe leiden dat er duidelijkheid komt in de wijze waarop de salderingsregeling moet worden toegepast en dat energiemaatschappijen hierin geen onderscheid meer kunnen maken. Nu kunnen energiemaatschappijen onder meer nog zelf bepalen welke terugleververgoeding ze hanteren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T16:44:27+01:001 maart 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Tweede Kamer stemt in met afschaffen salderingsregeling zonne-energie
  • Zo voorkom je 10,5% belastingrente

Zo voorkom je 10,5% belastingrente

De belastingrente voor de vennootschapsbelasting stijgt per 1 maart 2023 van 8 naar 10,5%. Zorg er dus voor dat je die belastingrente voorkomt!

Wanneer betaal je belastingrente voor de vennootschapsbelasting (Vpb)?
Vanaf 1 maart van dit jaar betaal je maar liefst 10,5% belastingrente als de fiscus je een aanslag oplegt op of na 1 juli volgend op het belastingjaar waarop de aanslag betrekking heeft. Voor het jaar 2022 is dit dus 1 juli 2023. Je betaalt deze rente over het bedrag dat je aan belasting moet betalen.

Hoe te voorkomen?
Je betaalt geen belastingrente als je vóór 1 juni volgend op het betreffende belastingjaar aangifte doet en de fiscus de gegevens uit jouw aangifte ongewijzigd overneemt. Je kunt ook belastingrente voorkomen door vóór 1 mei volgend op het betreffende belastingjaar alvast een voorlopige aanslag Vpb aan te vragen.

Let op! Schat de te betalen vennootschapsbelasting niet te laag in. Zo voorkom je een naheffing én belastingrente over het nog te betalen bedrag.

Voorlopige aanslag te laag?
Heb je al een voorlopige aanslag gehad en is deze naar verwachting te laag, pas het bedrag dan zo snel mogelijk aan. Dit kan met een speciaal formulier dat je vindt in Mijn Belastingdienst Zakelijk. Wij adviseren je alvorens je aanslag aan te passen contact met ons op te nemen om door te spreken of aanpassing van de aanslag werkelijk nodig is en wat een realistisch bedrag is.

Let op! Bij een gebroken boekjaar gelden andere deadlines. Dien de aangifte vennootschapsbelasting dan binnen zes maanden na afloop van het boekjaar in of vraag binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar om een voorlopige aanslag.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T16:33:15+01:0028 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Zo voorkom je 10,5% belastingrente
  • Akkoord over Wet bescherming klokkenluiders

Akkoord over Wet bescherming klokkenluiders

De Eerste Kamer heeft op 23 januari 2023 ingestemd met het wetsvoorstel Wet bescherming klokkenluiders. Deze wet implementeert de Europese Klokkenluidersrichtlijn en vervangt de Wet Huis voor Klokkenluiders. De wet is op 18 februari jl. in werking getreden.

Europese richtlijn
Richtlijnen moeten in beginsel altijd worden omgezet in nationale wetgeving. Nederland is daarmee met betrekking tot deze richtlijn voor klokkenluiders te laat geweest. Dit heeft tot gevolg dat overheidswerkgevers al vanaf 17 december 2021 met terugwerkende kracht zijn gebonden aan de nieuwe bepalingen door de verticale doorwerking van de EU-richtlijn. Voor kleine werkgevers (50-249 werknemers) gelden vanaf 17 december 2023 de nieuwe bepalingen. De nieuwe wet gaat ook gelden voor grote werkgevers (meer dan 250 werknemers).

Wat moet je doen?
Het is van belang te zorgen voor een interne meldregeling of de bestaande regeling aan te passen aan de nieuwe wetgeving.
Als werkgever moet je vastleggen op welke manier een melding kan worden gedaan. Op een interne melding moet binnen zeven dagen een ontvangstbevestiging volgen, met registratie daarvan in een daarvoor ingericht register. Binnen drie maanden na de ontvangstbevestiging moet je als werkgever informatie geven over de beoordeling van de melding en de eventuele opvolging daarvan. Klokkenluiders mogen volledig anoniem melding maken van een (vermoedelijke) misstand.

Let op! Bij deze wijzigingen dient de personeelsvertegenwoordiging/ondernemingsraad betrokken te worden die een instemmingsrecht heeft. Is er geen sprake van een medezeggenschapsorgaan, dan moet de meerderheid van het personeel instemmen.

Klokkenluiden extern
Het is niet langer verplicht eerst intern een melding te doen, alhoewel dit wel wenselijk is en ook zal worden gestimuleerd. Klokkenluiders kunnen echter ook direct melden bij bevoegde autoriteiten, zoals het Huis voor Klokkenluiders, de Autoriteit Persoonsgegevens of de Autoriteit Financiële Markten. Deze instanties moeten ook bescherming bieden aan de klokkenluider bij een melding van een vermoedelijke misstand.

Uitbreiding definitie misstand en kring beschermden
De definitie ‘misstand’ wordt uitgebreid naar:

• schending/gevaar schending Unierecht;
• handeling/nalatigheid waarbij het maatschappelijk belang in het geding is.

Er vindt een uitbreiding plaats van het begrip ‘werkenden’ die beschermd worden naar ‘iedereen die in een werk gerelateerde context in aanraking komt met bepaalde informatie’. Naast (ex) werknemers zijn dat ook zzp’ers, aandeelhouders, vrijwilligers etc.

Bescherming van de klokkenluider
De werknemer die een melding doet van een vermoeden van een misstand, krijgt bescherming in zijn rechtspositie tegen élke vorm van benadeling (en pogingen en bedreigingen daartoe). In de nieuwe wet ligt de bewijslast bij eventuele benadeling bij de werkgever in plaats van bij de melder. De werkgever moet dus aantonen dat de benadeling niets met de melding te maken heeft.
Tevens geldt dat de werkgever geen zwijgverbod mag opleggen aan de melder om over een misstand uitlatingen te doen. Het is nog steeds mogelijk een geheimhoudingsbeding in de arbeidsovereenkomst op te nemen, maar een verbod om een vermoeden van misstand te melden of te openbaren is nietig.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T16:14:42+01:0028 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Akkoord over Wet bescherming klokkenluiders
  • Wetsvoorstel invoering wettelijk minimumuurloon aangenomen

Wetsvoorstel invoering wettelijk minimumuurloon aangenomen

De Eerste Kamer is akkoord gegaan met het wetsvoorstel tot invoering van een wettelijk minimumuurloon. Dit betekent dat er naar verwachting vanaf 1 januari 2024 gerekend moet worden met een minimumuurloon op basis van 36 uren per week, in plaats van een minimumloon per maand.

Normale arbeidsduur
Nederland kent als een van de weinige EU-lidstaten wel een minimumloon per maand, maar niet per uur. Dit betekent dat de hoogte van het (niet wettelijk vastgelegde) minimumloon per uur afhankelijk is van het normale aantal uren dat in een sector als voltijd geldt, de zogenoemde normale arbeidsduur (hierna NAD). Dit betekent dat het minimumloon dat een werknemer per uur verdient niet bij iedereen gelijk is, maar afhankelijk is van de sector waar hij in werkt.
Bij de invoering van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml) in 1969 zorgde dit destijds niet voor discussie, omdat de 40-urige werkweek toen voor het grootste deel van de werkenden nog de standaard was. Dit uitgangspunt is echter gewijzigd in de loop der tijd. Er zijn bijvoorbeeld meer werknemers die verschillende uren werken en meerdere banen combineren. Het is nu zo dat de ene werknemer 40 uur per week moet werken om het minimumloon te verdienen terwijl een andere werknemer hetzelfde loon in 36 uur per week kan verdienen.

Handhaving
Bijkomend punt is dat het ontbreken van een minimumuurloon voor problemen zorgt in de handhaving, waardoor werknemers minder goed beschermd zijn tegen uitbuiting en onderbetaling.

Minimumuurloon
De systematiek van de NAD past niet meer bij de huidige arbeidsmarkt, waar variatie in arbeidsduur en (intersectorale) mobiliteit gedurende de loopbaan gebruikelijker is geworden. Om die reden is het reëel om een minimumuurloon in te voeren, waarbij de keuze is gemaakt dit uurloon te baseren op een werkweek van 36 uur.

Let op! Bij invoering van het minimumuurloon kunnen werkgevers waar werknemers het minimumloon verdienen op basis van 38 of 40 uren per week te maken krijgen met een lastenverzwaring, omdat er simpelweg meer betaald moet worden. Het is nog niet bekend of de overheid een verhoging gaat treffen om dit te compenseren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T15:56:33+01:0027 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Wetsvoorstel invoering wettelijk minimumuurloon aangenomen
  • Fiscus stuurt brief aan niet-bezwaarmakers box 3

Fiscus stuurt brief aan niet-bezwaarmakers box 3

De fiscus stuurt een brief aan degenen die eerder geen bezwaar hadden gemaakt over de heffing in box 3 over de jaren 2017 tot en met 2020 in de massaalbezwaarprocedure en dit later alsnog gedaan hebben. In de brief staat onder meer het verdere verloop van de procedure.

Heffing box 3
Eind 2021 heeft de Hoge Raad in het zogenaamde Kerstarrest beslist dat de belastingheffing over vermogen destijds in strijd was met het recht. De uitspraak had tot gevolg dat de bezwaren werden toegewezen aan degenen die mee hadden gedaan aan de massaalbezwaarprocedure hierover.

Massaal bezwaar plus
Naar aanleiding van het Kerstarrest dienden veel belastingplichtigen die niet aan de massaalbezwaarprocedure hadden meegedaan, alsnog bezwaar in. Ze deden dit via een verzoek om ambtshalve herziening. Momenteel wordt aan de rechter voorgelegd of ook deze belastingplichtigen rechtsherstel kunnen eisen.

Let op! Inmiddels is toegezegd dat de uitkomst van die rechtszaak ook zal gelden voor degenen die ook later niet alsnog in bezwaar zijn gegaan.

Actie niet nodig
Alle niet-bezwaarmakers die later alsnog bezwaar hebben gemaakt, ontvangen de komende periode bovengenoemde informatiebrief van de fiscus. Hierin staat ook dat men voor de jaren waarvoor geen bezwaar of verzoek is ingediend, men dit niet alsnog hoeft te doen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-23T15:31:51+01:0024 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Fiscus stuurt brief aan niet-bezwaarmakers box 3
  • Belastingdienst biedt oplossing voor knelpunt overdrachtsbelasting

Belastingdienst biedt oplossing voor knelpunt overdrachtsbelasting

De Belastingdienst biedt een oplossing voor een knelpunt in de overdrachtsbelasting. Dit knelpunt kan zich voordoen als kopers van een woning het economische eigendom ervan verkrijgen vóór het juridische eigendom.

Verkrijgen economische eigendom
De overdrachtsbelasting pakt soms nadelig uit voor mensen die al de beschikking krijgen over de woning, vóórdat de overdracht ervan bij de notaris plaatsvindt. Dit gebeurt soms, om bijvoorbeeld al te kunnen starten met de verbouwing van de woning. Het op deze wijze verkrijgen van een woning is het verkrijgen van het economische eigendom en is belast met overdrachtsbelasting tegen het hoge tarief van 10,4%.

Beleidsbesluit
Binnenkort wordt via een beleidsbesluit de mogelijkheid geboden om in dergelijke situaties toch van het lage tarief van 2% te kunnen profiteren én van de vrijstelling voor starters op de woningmarkt.

Let op! Totdat het besluit van kracht is, kunnen belastingplichtigen een verzoek indienen bij het ministerie van Financiën om het lage tarief of de startersvrijstelling toe te mogen passen op basis van de hardheidsclausule.

Hardheidsclausule
Het verzoek zal door het ministerie worden beoordeeld op basis van feiten en omstandigheden, waarbij van belang is dat aan alle voorwaarden van het lage tarief en/of de vrijstelling wordt voldaan. De hardheidsclausule kan ook worden gebruikt voor gevallen die al hebben plaatsgevonden.

Indienen verzoek
Je kunt het verzoek om toepassing van de hardheidsclausule indienen bij: Ministerie van Financiën, Belastingdienst/Corporate Dienst Vaktechniek/team Brieven en Beleidsbesluiten, Postbus 20201, 2500 EE Den Haag.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-23T15:17:23+01:0024 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Belastingdienst biedt oplossing voor knelpunt overdrachtsbelasting
  • Minder administratie rond fiets van de zaak

Minder administratie rond fiets van de zaak

De administratieve lasten rond de fiets van de zaak worden verminderd. Met name als een fiets van de zaak ter beschikking wordt gesteld én er een vergoeding wordt gegeven voor de ritten waarop de fiets niet gebruikt wordt, is de administratieve last momenteel namelijk omvangrijk.

Fiets van de zaak
Sinds 2020 geldt er een fiscale faciliteit wanneer aan werknemers een fiets van de zaak ter beschikking wordt gesteld. De faciliteit betekent dat er voor het privégebruik van de fiets slechts een bijtelling op het inkomen geldt van 7% van de consumentenadviesprijs van de fiets. Hierover moet de werknemer belasting betalen vanwege dat privégebruik.

Hoe reist de werknemer?
Voor een vaste onbelaste kilometervergoeding moet een werkgever aannemelijk maken hoeveel dagen een werknemer in de regel naar zijn werk reist. In de praktijk betekent dit dat werkgevers nauwkeurig bij dienen te houden hoe iemand naar het werk is gekomen. Waar een werknemer gebruikmaakt van verschillende vervoersmiddelen, dus bijvoorbeeld deels met de fiets en deels met de auto, ontstaat de last om dit goed uit te werken. En helemaal als het ene vervoermiddel ter beschikking is gesteld en het andere vervoermiddel privé-eigendom is.

Vereenvoudiging
Om de bewijslast bij een vaste vergoeding voor een privévervoermiddel te vereenvoudigen, kunnen werkgever en werknemer per ommegaande individuele afspraken maken over bijvoorbeeld hoeveel dagen per week met de eigen auto wordt gereisd en hoeveel dagen per week met de fiets van de zaak. Op basis van de afspraken kan een (vaste) onbelaste reiskostenvergoeding worden verschaft. Dit schrijft staatssecretaris Van Rij aan de Tweede Kamer.

Let op! De afspraken moeten zijn afgestemd op de persoonlijke omstandigheden van de werknemer en moeten reëel zijn. Een incidentele afwijking hoeft echter niet te leiden tot een aanpassing van de vergoeding.

Ingangsdatum?
De staatssecretaris heeft geen ingangsdatum genoemd, zodat aannemelijk is dat deze per direct ingaat.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-23T14:42:55+01:0023 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Minder administratie rond fiets van de zaak
  • Reserves VvE waarderen op rendement spaartegoed

Reserves VvE waarderen op rendement spaartegoed

Het aandeel in de reserves van een Vereniging van Eigenaren (VvE) moet voor box 3 gewaardeerd worden tegen het rendement op spaar- en banktegoeden. Daarnaast moet voor de leegwaarderatio worden uitgegaan van de kale huur.

Rechtsherstel
Dit is de uitkomst van een zaak die speelde bij het Hof Arnhem-Leeuwarden in het kader van het rechtsherstel voor box 3. In het kader van dit rechtsherstel moet worden aangesloten bij de werkelijke verdeling van vermogen in spaar- en banktegoeden, beleggingen en schulden. Voor het bieden van rechtsherstel is voor iedere categorie een forfaitair rendement bepaald.

Aandeel VvE
Bezitters van een appartement zijn automatisch lid van een VvE van het betreffende appartementencomplex. Een VvE int van iedere bezitter van een appartement een bedrag om gezamenlijke uitgaven te bekostigen, zoals onderhoud van de lift. Iedere lid van de VvE moet zijn aandeel in de reserves van de VvE opgeven als bezitting in box 3. Voor de bepaling van het rechtsherstel moet deze bezitting volgens het Hof dus worden aangemerkt als spaar- en banktegoed.

Let op! Dit betekent dat dus uitgegaan kan worden van het geringe forfaitaire rendement op spaar- en banktegoeden.

Leegwaarderatio
De waardering van een verhuurde woning in box 3 geschiedt op basis van de WOZ-waarde, gecorrigeerd voor de verhuurde staat. De omvang van de correctie is afhankelijk van de huuropbrengst. Hoe hoger deze is, hoe geringer de correctie. Volgens het Hof moet voor deze berekening worden uitgegaan van de kale huur.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-21T11:34:07+01:0022 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Reserves VvE waarderen op rendement spaartegoed
  • Voorschot TEK-subsidie verlaagd naar 50%

Voorschot TEK-subsidie verlaagd naar 50%

De Tegemoetkoming Energiekosten energie-intensief MKB (TEK) is aangepast. De aanpassing houdt in dat het percentage aan voorschot verlaagd is van 60 naar 50%. Ook zijn de prijzen bekend waarmee ondernemers kunnen berekenen of hun energiekosten voldoende zijn om voor de subsidie in aanmerking te komen.

Tegemoetkoming Energiekosten energie-intensief MKB
De TEK is een subsidie voor MKB-bedrijven die veel energie verbruiken en daardoor extra getroffen worden door de stijging van de energieprijzen. Bedrijven die voldoen aan de voorwaarden kunnen een voorschot krijgen dat dus 50% van de voorlopige tegemoetkoming bedraagt. Oorspronkelijk was dit 60%, maar vanwege de dalende energieprijzen probeert men zo te voorkomen dat bedrijven te veel voorschot ontvangen.

Let op! Maakt jouw bedrijf onderdeel uit van een groep ondernemingen? Ook dan kun je, onder voorwaarden, mogelijk in aanmerking komen voor de TEK.

Tip! Ook stichtingen, culturele instellingen en semipublieke instellingen die voldoen aan de voorwaarden van de TEK-regeling, kunnen een aanvraag indienen.

Voldoe je aan de voorwaarden?
Je komt alleen in aanmerking voor de TEK als jouw energiekosten meer dan 7% van jouw omzet bedragen. Dit wordt berekend aan de hand van modelprijzen voor gas en elektra voor 2022. Deze modelprijzen zijn inmiddels bekendgemaakt en bedragen voor gas €2,41 per kuub en voor elektra €0,59 per kWh. Nu deze prijzen bekend zijn, kun je berekenen of je voor de TEK in aanmerking komt. Op de site van de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland zijn hiertoe enkele rekenvoorbeelden opgenomen.

Verdere voorwaarden TEK
De TEK kent ook enkele andere voorwaarden. Tevens moet je voldoen aan de MKB-toets; daarvoor geldt dat je minder dan 250 werknemers in dienst hebt en een omzet van maximaal €50 miljoen en/of een balanstotaal van maximaal €43 miljoen hebt. Je vindt alle voorwaarden op RVO.nl.

Let op! Je kunt de TEK nog niet aanvragen. Wij zullen je informeren zodra dit mogelijk is.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-21T11:22:54+01:0021 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Voorschot TEK-subsidie verlaagd naar 50%