MKB Nieuws

Afschaffing CO2-rapportage voor bedrijven tot 250 werknemers?

Wordt de verplichte rapportage over het zakelijke verkeer en het woon-werkverkeer van werknemers afgeschaft voor bedrijven tot 250 werknemers? In de Tweede Kamer is een motie aangenomen die daar misschien voor gaat zorgen.

Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM)

Auto

Werkgevers met 100 of meer werknemers zijn vanaf 1 juli 2024 verplicht om te rapporteren over het zakelijk verkeer én het woon-werkverkeer van hun werknemers. Deze verplichting maakt onderdeel uit van de Omgevingswet van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en staat bekend onder de naam ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’, afgekort WPM.

Wat moet er gerapporteerd?

Deze werkgevers moeten bijvoorbeeld het totaal aantal kilometers dat de werknemers afleggen voor zakelijk en woon-werkverkeer rapporteren, maar ook het jaartotaal aan kilometers, uitgesplitst naar soort vervoermiddel en brandstoftype. De gegevens over 2024 kunnen vanaf 15 januari 2025 doorgegeven worden en moeten uiterlijk 30 juni 2025 ingestuurd zijn. In 2026 is een rapportage over het hele jaar 2025 verplicht.

Tip! Kijk voor meer informatie over de rapportageverplichting op RVO.nl.

Motie Tweede Kamer

Op 15 april 2025 is in de Tweede Kamer een motie aangenomen over het verminderen van de regeldruk voor het midden- en kleinbedrijf. De Tweede Kamer spreekt in deze motie uit dat de voorkeursoptie van de Ministeriële Stuurgroep Ondernemingsklimaat, Regeldruk en Uitvoerbaarheid zou moeten zijn dat de WPM wordt afgeschaft voor bedrijven tot 250 werknemers.

Let op! De aangenomen motie betekent nog niet dat de WPM ook daadwerkelijk al wordt afgeschaft voor bedrijven tot 250 werknemers. Bedrijven met 100 of meer werknemers moeten daarom nu gewoon nog aan de rapportageverplichtingen voldoen.

Door |2025-04-25T09:41:47+02:0025 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Afschaffing CO2-rapportage voor bedrijven tot 250 werknemers?

Werknemer hanteerde geen correcte opzegtermijn: wie betaalt wat?

Een werknemer ging er in zijn ontslagbrief vanuit dat hij per direct het dienstverband met zijn werkgever kon beëindigen. Hij was er niet op bedacht dat hij op grond van de wet verplicht is een opzegtermijn in acht te nemen.

Per direct weg

Strategie

In een recente uitspraak ging het om een logistiek medewerker die op basis van een tijdelijk contract in dienst was getreden van 1 augustus 2023 tot en met 31 oktober 2023. Daarna werd het contract verlengd. Op 9 september 2024 liet de werknemer de werkgever weten dat hij per direct zijn ontslag indiende.

Negatief saldo resteert

De werknemer had daarna niet meer voor de werkgever gewerkt. Op de eindafrekening had de werkgever een bedrag ingehouden in verband met het feit dat de werknemer zich niet aan de opzegtermijn had gehouden en er dus sprake was van een onregelmatige opzegging. Er resteerde een negatief saldo. Reden waarom de werkgever naar de rechter stapte om de werknemer te laten veroordelen tot betaling van het negatieve saldo.

De werknemer ging hier niet in mee en stelde een tegenvordering in terzake van achterstallig loon, de cao-verhoging, vakantiedagen en reiskosten. Verder gaf de werknemer aan dat er sprake was van een beëindiging van de arbeidsovereenkomst in onderling overleg en geen opzegging. En voor zover er dan toch sprake zou zijn van een opzegging, dan zou de werkgever hebben aangegeven dat hij de werknemer niet aan diens opzegtermijn zou houden.

Oordeel rechter

De kantonrechter deelde die zienswijze niet. De brief van 9 september 2024 was duidelijk. Bovendien had de werkgever de stellingen van de werknemer gemotiveerd weersproken.  Om die reden was de kantonrechter van oordeel dat de werknemer de arbeidsovereenkomst onregelmatig heeft opgezegd.

Vergoeding betalen

Dit betekent dat de werknemer aan de werkgever een vergoeding moet betalen gelijk aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging had behoren voort te duren. In dit geval had de werknemer een opzegtermijn van een maand moeten hanteren, wat hij had nagelaten.

Tip! Ga na of de werknemer bij opzegging de correcte opzegtermijn in acht heeft genomen. Dit is uiteraard niet van belang als u akkoord gaat met een eerder vertrek.

Wat kreeg de werknemer wel?

Voor wat betreft de tegenvordering van de werknemer wees de kantonrechter de verzochte reiskosten, cao-verhoging en achterstallig loon toe, omdat de werknemer op grond van de afspraken tussen partijen (of in de cao) daarop aanspraak kan maken. Ook het verlofsaldo van acht nog openstaande vakantiedagen wordt door de rechter toegewezen, omdat de werkgever geen deugdelijke verlofregistratie had bijgehouden die het tegendeel bewees.

Tip! Houd een deugdelijke verlofregistratie bij zodat u zo nodig de stelling van de werknemer gemotiveerd kunt betwisten.

Door |2025-04-25T12:27:26+02:0025 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Werknemer hanteerde geen correcte opzegtermijn: wie betaalt wat?

Internetconsultatie vaststellen hoogte bpm gebruikte auto

Als een gebruikte auto voor het eerst in het kentekenregister wordt ingeschreven, moet bpm worden afgedragen. Voor de omvang van de af te dragen bpm is de waardevermindering van de auto bepalend. Het kabinet gaat de regels inzake de bepaling van deze waardevermindering wijzigen en geeft via een internetconsultatie belangstellenden de gelegenheid een inbreng te leveren.

Voorgenomen wijzigingen

Auto

De door het kabinet voorgenomen wijzigingen betreft ten eerste het transparanter maken van te hanteren handelskoerslijsten door deze te baseren op recente handelsgegevens. Hiernaast wordt voorgesteld om onder voorwaarden de inkoopprijs te hanteren voor het berekenen van de bpm. Dit is met name voor unieke voertuigen van belang. Tenslotte wordt voorgelegd om strengere regels te hanteren voor het opstellen van taxatierapporten. Dit om te voorkomen dat via het opgeven van een onrealistisch lage waarde bpm kan worden ontdoken.

Voor wie van belang?

De nieuwe regels inzake het bepalen van de verschuldigde bpm zijn om te beginnen van belang voor autohandelaren, hun branches en voor degenen die gebruikte auto’s importeren. Ook taxateurs van auto’s zullen op de nieuwe regels in moeten spelen. Daarnaast zijn ook de kopers van gebruikte auto’s belanghebbend bij de internetconsultatie, aangezien bij latere verkoop van het voertuig de bpm een belangrijke rol speelt.

Internetconsultatie

De internetconsultatie is tot 25 mei 2025 geopend. Er liggen tien vragen voor waarop een reactie kan worden gegeven. Desgewenst kunnen documenten worden toegevoegd.

Door |2025-04-25T12:23:25+02:0025 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Internetconsultatie vaststellen hoogte bpm gebruikte auto

Onderzaai maïs kan niet als rustgewas meetellen

Op zand- en lössgrond moet één keer in de vier jaar een rustgewas geteeld worden. De onderzaai van een vanggewas bij maïs wordt niet (langer) geaccepteerd als invulling van deze verplichting. Dit is onlangs bevestigd door RVO.

In principe moet het rustgewas als hoofdteelt geteeld worden. Er zijn tabellen waarin staat welke gewassen tot de rustgewassen behoren. Gewassen die (vroeg) gerooid moeten worden, tellen sowieso niet mee als rustgewas.

Onbemest vanggewas
In één situatie is het rustgewas niet de hoofdteelt. Er kan namelijk gekozen worden voor een korte (groente)teelt of vroeg geoogst gewas, gevolgd door een onbemest vanggewas dat vóór 1 september wordt ingezaaid. De hoofdteelt mag elk gewas zijn. Het vanggewas mag pas na de oogst van de hoofdteelt ingezaaid worden.

Wijziging wetgeving per 1 januari 2024
Dit staat reeds vanaf 1 januari 2024 in de Omgevingsregeling, die per die datum is ingevoerd. Daarvoor stonden de bepalingen over de rustgewassen in de Uitvoeringsregeling gebruik meststoffen, maar zonder de bepaling dat het vanggewas na de hoofdteelt ingezaaid moest worden. Ondanks dat deze overgang beleidsneutraal zou zijn, heeft RVO nu pas officieel bevestigd dat deze voorwaarde is aangepast.

Er zijn echter gevallen bekend waarbij de onderzaai van een vanggewas in 2024 door RVO wel als rustgewas is erkend, terwijl dit volgens de regels niet was toegestaan. In 2025 zal echter rekening moeten worden gehouden met de nieuwe uitleg.

Door |2025-05-07T11:07:29+02:0023 april 2025|Agrarisch nieuws, MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Onderzaai maïs kan niet als rustgewas meetellen

Aanpassing vestigingssteun jonge landbouwers bij pachtbedrijven

Bij de afhandeling van de ontvangen aanvragen in de eerste openstellingsperiode voor subsidie voor de vestiging voor jonge landbouwers in 2024, is gebleken dat bedrijfsovernames gebaseerd op een pachtconstructie onvoldoende werden gedekt door de bestaande subsidievoorwaarden.

Naar aanleiding van ervaringen en door de RVO ontvangen opmerkingen in verband met de overname van een landbouwbedrijf door een jonge landbouwer veelvuldig betrokken pachtvormen, te weten erfpacht en reguliere pacht, bleek het nodig om enkele bepalingen gekoppeld aan het juridische eigendom aan te passen, zodat ook bedoelde pachtvormen geen beletsel zouden vormen bij de toekenning van subsidies voor de vestiging van jonge landbouwers.

Met deze wijziging van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 wordt bovengemeld punt aangepast in de subsidiemodule vestiging van jonge landbouwers. Deze aanpassing wordt doorgevoerd alvorens de subsidiemodule wordt opengesteld per 28 april 2025.

Pacht
Beleidsmatig is vastgesteld dat slechts bepaalde pachtvormen in het kader van bedrijfsovernames ook subsidiabel zouden moeten zijn binnen de subsidiemodule voor de vestiging van jonge landbouwers. Hoewel de jonge landbouwer op grond van een pachtconstructie niet het volledige bedrijf met bijbehorende grond en registergoederen ‘in eigendom’ verkrijgt, is dit een veel voorkomende constructie bij de start van een bedrijf of bij bedrijfsovernames. Vaak ook omdat degene die het bedrijf overdraagt zelf niet altijd het bedrijf volledig in eigendom heeft.

De vestigingssteun is nu ook mogelijk wanneer de jonge landbouwer het bedrijf geheel of gedeeltelijk overneemt onder het recht van reguliere pacht of erfpacht, maar niet bij geliberaliseerde pacht.

Bij een reguliere pachtconstructie (pachtoverneming) wordt in de subsidieaanvraag gekeken naar de vereisten van het Burgerlijk Wetboek (artikel 363 van titel 5 van Boek 7). Bij dergelijke constructies wordt gesproken over indeplaatsstelling binnen (langdurige) reguliere pachtconstructies. De overname kan betrekking hebben op bijvoorbeeld percelen landbouwgrond en bedrijfsgebouwen zoals de hoeve, aangezien deze contracten vaak langdurig zijn en automatisch worden verlengd.
 

Door |2025-05-07T11:07:30+02:0023 april 2025|Agrarisch nieuws, MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Aanpassing vestigingssteun jonge landbouwers bij pachtbedrijven

Loket Noodfonds energie nu geopend

Huishoudens met een laag inkomen en een relatief hoge energierekening kunnen bij het Noodfonds Energie ook dit jaar weer een tegemoetkoming in de kosten aanvragen. Het online loket is op 22 april geopend.

Voor wie?

Geld

De eisen om voor de tegemoetkoming in aanmerking te komen zijn ongewijzigd ten opzichte van 2024. Ook dit jaar kunnen huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum een tegemoetkoming krijgen, als zij minstens 8% van hun inkomen kwijt zijn aan energiekosten. Bij een inkomen tot 200% van het sociaal minimum dient minstens 10% van het inkomen naar energiekosten te gaan.

Nieuw! Blokaansluiting

Nieuw dit jaar is dat de tegemoetkoming via het Noodfonds energie ook beschikbaar is voor huishoudens met een blokaansluiting.

Aanvraag indienen

Een aanvraag voor het Noodfonds energie kan online worden ingediend. Hier kan ook eerst worden berekend of je voor de tegemoetkoming in aanmerking komt. Ook als er vorig jaar al een tegemoetkoming is verkregen, moet voor 2025 een nieuwe aanvraag worden ingediend met actuele gegevens.

Aanvraag met DigiD

Je kunt hier een aanvraag indienen. Bij de aanvraag is een DigiD nodig van alle volwassenen die deel uitmaken van het huishouden waarvoor de tegemoetkoming wordt aangevraagd. Heeft nog niet iedereen een DigiD, regel dit dan zo snel mogelijk.

Goedgekeurd?

Als jouw aanvraag wordt goedgekeurd, ontvang je de tegemoetkoming via jouw energieleverancier. Deze verlaagt dan jouw energierekening.

Let op! De uitbetaling bij blokverwarming loopt niet via de energieleverancier, maar wordt rechtstreeks op jouw bankrekening gestort.

Door |2025-04-23T08:38:58+02:0023 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Loket Noodfonds energie nu geopend

Naheffingsaanslag btw inzien en direct betalen

Het ‘Overzicht betalen en ontvangen’ van de Belastingdienst is uitgebreid met enkele functies. In dit overzicht kunt u zien welke bedragen je nog aan de Belastingdienst moet betalen en welke je nog ontvangt. Ook naheffingsaanslagen omzetbelasting zijn vanaf nu in te zien en kunnen direct worden betaald.

Wat staat in overzicht?

Belastingdienst

In het Overzicht betalen en ontvangen staan te betalen en te ontvangen bedragen inkomstenbelasting, bijdragen Zorgverzekeringswet en motorrijtuigenbelasting. Voor wat betreft jouw toeslagen ziet je hier alleen de terug te betalen bedragen.

In aanvulling op het voorgaande zijn nu dus ook naheffingsaanslagen omzetbelasting in het overzicht terug te vinden.

Wanneer naheffing?

Je krijgt een naheffing omzetbelasting als u niet of te laat aangifte heeft gedaan of als u de omzetbelasting niet, niet helemaal of te laat heeft betaald. Je ontvangt de naheffing voorlopig ook nog per post.

Direct betalen tot € 50.000

Je kunt naheffingsaanslagen tot € 50.000 direct via het overzicht betalen met iDEAL. Grotere bedragen kun je niet via iDEAL betalen, maar je kunt de betaalgegevens wel kopiëren naar bijvoorbeeld jouw bankapp.

Ook inlogmogelijkheden uitgebreid

Ook het aantal mogelijkheden om op het Overzicht betalen en ontvangen in te loggen is uitgebreid. Naast inloggen via DigiD, kun je nu ook inloggen via European login, eHerkenning, DigiD Machtigen of een nabestaandenmachtiging.

Nabestaandenmachtiging

Met een nabestaandenmachtiging kun je inloggen namens een overleden belastingplichtige. In het overzicht kun je dan zien welke bedragen de overleden persoon nog moest betalen. Met de machtiging kun je onder andere na afloop van het jaar ook de aangifte inkomstenbelasting namens de overledene indienen en namens hem of haar bezwaar aantekenen als je het niet met de aanslag eens bent

Door |2025-04-23T08:36:47+02:0023 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Naheffingsaanslag btw inzien en direct betalen

Voorjaarsnota 2025: wat zijn de belangrijke wijzigingen?

Vrijdag 18 april is de Voorjaarsnota 2025 gepresenteerd. In deze plannen staan zowel lastenverlichtingen als lastenverzwaringen. Wat zijn de belangrijke wijzigingen voor de ondernemer, de werkgever en voor huishoudens?

Let op! Onderstaande voorgenomen wijzigingen moeten nog in wetsvoorstellen worden gegoten en worden goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer.

Voorgenomen wijzigingen voor ondernemers en werkgevers

Hofvijver

  • Fiscale regeling medewerkers start-ups en scale-ups
    Er komt een nieuwe fiscale regeling om medewerkersparticipatie voor start-ups en scale-ups te stimuleren. De grondslag van het inkomen uit aandelenopties voor medewerkers van start-ups en scale-ups wordt beperkt tot 65%. Hierdoor wordt over minder inkomen belasting geheven. Ook gaan zij pas belasting betalen als zij hun aandelen verkopen in plaats van op het moment dat de aandelen verhandelbaar worden. Deze plannen worden uitgewerkt in een wetsvoorstel. Deze moet per 2027 in werking treden.
  • Verlaging en afschaffing stakingswinst
    De stakingsaftrek wordt per 2027 verminderd van € 3.630 naar € 908 en wordt per 2030 volledig afgeschaft.
  • Verlaging en afschaffing meewerkaftrek
    De meewerkaftrek wordt per 2027 met 75% verminderd en per 2030 helemaal afgeschaft.
  • Minder inflatiecorrectie inkomstenbelasting
    In de inkomstenbelasting wordt per 1 januari 2026 de inflatiecorrectie voor 46,2% in plaats van 51% toegepast (de tabelcorrectiefactor). Er wordt hierdoor minder gecorrigeerd voor inflatie in de belastingschijven en de heffingskortingen.
  • Verhoogd btw-tarief cultuur, sport en media van de baan
    De voorgenomen verhoging van de btw naar 21% op media, sport en cultuur per 2026 wordt niet doorgevoerd.
  • Verhoging budget MIA en verlaging VAMIL
    De budgetreserve voor de MIA wordt verhoogd met € 35 miljoen. De budgetreserve voor de VAMIL wordt met hetzelfde bedrag verlaagd.
  • Verlaging lage Aof-premie en verhoging hoge Aof-premie
    De hoge Aof-premie wordt met 0,03% verhoogd in 2026 en met 0,04%-punt verhoogd in 2027. De lage Aof-premie wordt daarentegen in 2026 verlaagd met 0,21%-punt en voor 2027 met 0,23%-punt.
  • Fietsregeling versoepeld
    De regeling voor fietsen van de zaak wordt versoepeld. Voor fietsen van de zaak die over het algemeen niet thuis worden gestald, vervalt de bijtelling.

Voorgenomen wijzigingen voor huishoudens en dga

  • Wijzigingen box 3
    In box 3 zal voor de jaren 2026 en 2027 worden uitgegaan van een hoger forfaitair rendement op overige bezittingen. De stijging bedraagt 1,78%-punt per 2026.
    Ook wordt voor 2026 en 2027 het heffingsvrije vermogen verlaagd van € 57.684 (2025) naar € 51.396.
  • Verlaging energiebelasting
    De vermindering van de energiebelasting wordt in 2026 tot en met 2028 verhoogd met € 200 miljoen. Hierdoor wordt de vermindering van energiebelasting in 2026 € 529,10.
  • Verlagen vermogensgrens zorgtoeslag en kindgebonden budget
    Huishoudens hebben bij een vermogen van een bepaalde omvang geen recht meer op enkele toeslagen. Besloten is om voor het recht op zorgtoeslag en het kindgebonden budget deze vermogensgrens te verlagen. Voor alleenstaanden komt de grens op € 113.000 te liggen, voor partners op € 150.000.
  • Constructie erfbelasting
    Door een arrest van de Hoge Raad is het mogelijk om, met aanpassing van de huwelijkse voorwaarden, erfbelasting voor een groot deel te voorkomen. Voorgesteld wordt dat er toch schenk- en erfbelasting kan worden geheven, voor zover er bij een ontbinding van de huwelijkse voorwaarden meer dan 50% van deze gemeenschap wordt verkregen.
  • Schenk- en erfbelasting biologische kinderen
    Biologische kinderen worden wat betreft de schenk- en erfbelasting gelijkgesteld met juridische kinderen. Op deze manier hebben ook biologische kinderen recht op kindvrijstelling en het lagere tarief.
  • Vereenvoudiging toeslagpartnerschap
    Per 2027 wordt het toeslagpartnerschap vereenvoudigd door het afschaffen van het criterium samengestelde gezinnen.

Let op! Er zijn nog meer wijzigingen in de Voorjaarsnota. Deze selectie is dus niet compleet. Voor alle wijzigingen verwijzen wij naar de Voorjaarsnota 2025.

Door |2025-04-23T08:33:39+02:0023 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Voorjaarsnota 2025: wat zijn de belangrijke wijzigingen?

Toegang tot online leeromgeving 9% of 21% btw?

Voor het langs elektronische weg leveren van digitale educatieve informatie geldt het 9% btw-tarief. Aan de Belastingdienst werd de vraag gesteld of daarmee elke toegang tot een online leeromgeving mogelijk is tegen 9% btw.

De Belastingdienst beantwoordde die vraag ontkennend en schetst drie situaties van een online leeromgeving, waarbij in twee situaties 21% btw berekend moet worden en slechts in één situatie het 9% btw-tarief geldt.

Online modules gericht op een beroep

Typen

X biedt in een online leeromgeving modules aan gericht op een beroep. De modules bestaan onder meer uit video’s, interactief oefenmateriaal en toetsen en vormen bij elkaar een volledige opleiding tot een beroep. De modules van X zijn ook opgenomen in lesprogramma’s van een aantal hogescholen en ROC’s.

De Belastingdienst is van mening dat het 9% btw-tarief hier niet toegepast kan worden. Dit tarief kan alleen worden toegepast als sprake is van digitale educatieve informatie die kennelijk uitsluitend of nagenoeg uitsluitend bestemd zijn voor informatieoverdracht in het onderwijs. De uitgever moet aannemelijk maken dat het product (nagenoeg) uitsluitend ontwikkeld is met het oog op opname in lespakketten van onderwijsinstellingen. De Belastingdienst is van mening dat dit niet aannemelijk is, omdat sprake is van een (nagenoeg) compleet op zichzelf staande interactieve cursus of opleiding, inclusief afsluitende toetsen. Naar het oordeel van de Belastingdienst is daarom het 21% btw-tarief van toepassing.

Online modules gericht op persoonlijke ontwikkeling

Y biedt in een online leeromgeving modules aan die met name zien op persoonlijke ontwikkeling van werknemers van bedrijven en instellingen. Voor ongeveer 1/3e worden de modules afgenomen door onderwijsinstellingen. De overige 2/3e wordt afgenomen door bedrijven en (overheids)instellingen.

Hoewel de Belastingdienst oordeelt de modules van Y kwalificeren als digitale informatie, kan ook Y het 9% btw-tarief niet toepassen. Y biedt de modules namelijk niet specifiek aan onderwijsinstellingen aan. Dat Y zelf een onderwijsinstelling is, redt Y niet. Het gaat namelijk om de vraag of de modules (nagenoeg) uitsluitend ontwikkeld zijn met het oog op opname in lespakketten van andere onderwijsinstellingen. Naar het oordeel van de Belastingdienst is daarom het 9% btw-tarief van toepassing.

Online modules gericht op basis- en middelbare scholieren

Z biedt in een online leeromgeving modules aan die gericht zijn op basis- en middelbare scholieren. De modules worden nagenoeg uitsluitend afgenomen door basis- en middelbare scholen, die de modules opnemen in het lesprogramma.

Z kan, naar het oordeel van de Belastingdienst, wel het 9% btw-tarief toepassen. De modules van Z kwalificeren als digitale informatie die (nagenoeg) uitsluitend ontwikkeld zijn met het oog op opname in lespakketten van onderwijsinstellingen.

Let op! Biedt u modules aan in een online leeromgeving, dan kan alleen onder strikte voorwaarden dus het 9% btw-tarief van toepassing zijn.

Door |2025-04-18T11:43:28+02:0018 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Toegang tot online leeromgeving 9% of 21% btw?

Privégebruik van een motor van de zaak

Om bijvoorbeeld files te vermijden maken werknemers voor het woon-werkverkeer soms gebruik van een motor. Wat komt er dan voor rekening van u als werkgever en wat voor uw werknemer?

Geen vergelijk met auto

Euro

De Belastingdienst stelt het volgende bij een motor van de zaak vast. Voor het ter beschikking stellen van een auto of bestelauto bestaat de bekende bijtelling voor het privégebruik dat van de auto gemaakt kan worden. Voor een motor geldt een dergelijke bijtelling niet.

Zakelijke kilometers

Alle kilometers die niet als zakelijk kunnen worden verantwoord, kunnen worden aangemerkt als privé. Wel zakelijk zijn bijvoorbeeld kilometers voor woon- werkverkeer, bezoek aan relaties en het halen en brengen van spullen voor de zaak.

Tip! Zorg dat de zakelijke kilometers goed worden bijgehouden om te voorkomen dat de werknemer een te hoog bedrag aan voordeel belast krijgt.

Eigen bijdrage

Rekent u een eigen bijdrage? Dan mag u deze bijdrage in mindering brengen op het bedrag dat als voordeel in aanmerking moet worden genomen. Let op, het eindsaldo kan niet negatief worden.

Privégebruik

Voor het berekenen van het voordeel van privégebruik van een terbeschikkinggestelde motor moet u uitgaan van het werkelijke voordeel. Dit is het aantal privékilometers dat met de motor gemaakt wordt, vermenigvuldigd met de kilometerkostprijs van de motor. Dit bedrag moet u als loon doorberekenen aan de werknemer. U kunt dit loon ook aanwijzen als eindheffingsloon, mits er aan de gebruikelijkheidstoets is voldaan.

Werkkostenregeling

Het privévoordeel van een ter beschikking gestelde motor mag u ook onderbrengen in de werkkostenregeling (WKR), mits voldaan wordt aan de daarvoor geldende voorwaarden.

Tip! Bij een waarde van € 2.400 per jaar aan loon in de vrije ruimte voor een werknemer mag u hier, binnen redelijkheid, van uitgaan.

Soms ander vervoermiddel?

Als met een ter beschikking gesteld voertuig wordt gereisd, dus ook met een motor, mag u hiervoor geen kilometervergoeding meer betalen. Dit mag wel als met een ander privévoertuig wordt gereisd. Als op een regenachtige dag de werknemer dus besluit met de eigen auto naar het werk te reizen, mag u hiervoor een vergoeding betalen van € 0,23 per kilometer. Dit moet wel aannemelijk gemaakt kunnen worden.

Door |2025-04-17T14:38:35+02:0017 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Privégebruik van een motor van de zaak