FelienDeRidder

Over Felien de Ridder

Deze auteur heeft nog geen informatie verstrekt.
So far Felien de Ridder has created 1385 blog entries.

Geen betaalverzuimboetes bij regeling EU btw e-Commerce

Ondernemers die deelnemen aan de regeling EU btw e-Commerce, krijgen tot 1 juni 2024 geen betaalverzuimboetes opgelegd. Al opgelegde betaalverzuimboetes worden teruggedraaid en bezwaren tegen deze betaalverzuimboetes worden toegewezen. Dit heeft staatssecretaris Van Rij aan de Tweede Kamer laten weten.

Regeling EU btw e-Commerce

Overheid

De vrijwillige regeling EU btw e-Commerce is bedoeld om internationale afstandsverkopen binnen de EU makkelijker te laten verlopen. Dit was nodig, nadat op 1 juli 2021 de regels hieromtrent zijn gewijzigd. De btw moet sinds die tijd betaald worden in de lidstaat van de consument. Dit kan rechtstreeks aan de betreffende lidstaat, maar de verkopende ondernemer kan er ook voor kiezen de aangiften en bijbehorende betalingen via zijn eigen Belastingdienst te laten verlopen.

Problemen

Door uitvoeringsproblemen en de matige kwaliteit van de gegevens die de Belastingdiensten uit andere lidstaten aanleveren, worden er veelal ten onrechte betaalverzuimboetes opgelegd. De afhandeling hiervan plus de ertegen gerichte bezwaren, kosten onevenredig veel tijd. Deze problemen zullen naar verwachting op 1 juni 2024 zijn opgelost.

Alleen naheffing

Bij onvolledige betaling of bij toepassing van het verkeerde btw-tarief, is daarom besloten tot 1 juni 2024 geen betaalverzuimboetes op te leggen, maar alleen een naheffingsaanslag. Ook bij te late betalingen volgt geen boete. Ondernemers die geen bezwaar hebben gemaakt, ontvangen bericht dat de boete komt te vervallen. Al ingediende bezwaren worden toegekend.

Let op! Als de Belastingdienst met betrekking tot deze regeling weer betaalverzuimboetes op gaat leggen, wordt dit ruim van tevoren bekendgemaakt.

Let op! Als opzettelijk geen of te weinig btw is afgedragen, volgt er wel een vergrijpboete.

Door |2023-11-17T15:59:31+01:0017 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Geen betaalverzuimboetes bij regeling EU btw e-Commerce

Voldoe voor 1 december aan rapportageplicht energiebesparing

Gebruik je als ondernemer op een locatie jaarlijks minstens 50.000 kWh aan elektra en/of minstens 25.000 m3 gas, dan heeft u de wettelijke plicht energie te besparen. Over welke maatregelen u getroffen heeft, moet u uiterlijk 1 december 2023 rapporteren bij de RVO.

Energiebesparingsplicht

Windmolen

De energiebesparingsplicht betekent dat je als zogenaamde ‘grootverbruiker’ verplicht bent alle energiebesparende maatregelen te treffen waarvan de terugverdientijd vijf jaar of minder bedraagt. Ook maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder die geen energie besparen maar die wel de uitstoot van CO2 reduceren, ben je verplicht te treffen.

Je voldoet aan jouw plichten als je bovengenoemde maatregelen uitvoert met een terugverdientijd van vijf jaar of minder of als je alle maatregelen die voor jou van toepassing zijn uitvoert die zijn vermeld op de Erkende Maatregelenlijst voor energiebesparing (EML). Voert je een maatregel van de EML niet uit, dan moet je een alternatieve maatregel uitvoeren die minstens evenveel energie bespaart. Heb je een energiebesparingsplicht, dan moet je hierover iedere vier jaar rapporteren.

Let op! Momenteel ligt er een wetsvoorstel om de terugverdientijd van vijf jaar naar zeven jaar te brengen. Mocht dit doorgaan, dan zal dit waarschijnlijk vanaf de volgende rapportageronde in 2027 het geval zijn.

Rapportageplicht

Je moet over jouw maatregelen inzake energiebesparing uiterlijk 1 december 2023 rapporteren bij de RVO. Rapporteren doe je digitaal. Hiervoor heb je eHerkenning op niveau eH3 nodig.

Let op! De energiebesparingsplicht en dus ook de rapportageplicht geldt ook voor ETS-ondernemingen (Emission Trade System), de glastuinbouw en bedrijven die over een omgevingsvergunning milieu dienen te beschikken.

Rapportage onderzoeksplicht ook vóór 1 december indienen

Wordt er op een locatie van jouw bedrijf jaarlijks 10 miljoen kWh elektra of 170.000 m3 aardgas of meer verbruikt, dan geldt voor jouw bedrijf mogelijk ook een onderzoeksplicht inzake energiebesparing. Of jouw bedrijf over de onderzoeksplicht moet rapporteren, is verder afhankelijk van de vraag wie de milieuregels voor de milieubelastende activiteiten van jouw bedrijf bepaalt. Deze onderzoeksplicht betekent dat je iedere vier jaar onderzoekt en rapporteert welke energiebesparende maatregelen jouw bedrijf moet nemen. Je vindt meer informatie over de onderzoeksplicht bij RVO.nl.

Let op! Ook deze rapportage dien je uiterlijk 1 december 2023 bij de RVO aan te leveren.

Let op! Je moet zelf de rapportage indienen. Je kunt de rapportage alleen uitbesteden aan een intermediair, als je deze machtigt dit voor je te doen.

Meer informatie over alle maatregelen vindt u op RVO.nl en Deb.nl. Je kunt uiteraard ook contact met ons opnemen. Wij adviseren jou graag.

Door |2023-11-17T15:58:05+01:0017 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Voldoe voor 1 december aan rapportageplicht energiebesparing

Subsidieregeling praktijkleren in de derde leerweg weer aanvragen

Werkgevers kunnen vanaf 1 december 9.00 uur weer subsidie aanvragen voor de regeling praktijkleren in de derde leerweg. De subsidieregeling is alleen beschikbaar voor praktijkplaatsen voor werkzoekenden of voor studenten derde leerweg die binnenkort werkloos zullen worden.

Voorwaarden subsidie

Bouw

De subsidie vergoedt een deel van de kosten die een erkend leerbedrijf maakt voor de begeleiding van een werkzoekende, of een student die een mbo-opleiding in de derde leerweg volgt en die werkloos dreigt te worden. Er moet sprake zijn van kortlopende bij- en omscholing. Tevens moet u dus een erkend leerbedrijf zijn.

Omvang subsidie

Als erkend leerbedrijf kunt u de subsidie voor maximaal 40 weken krijgen. Realiseert u voor deze duur een praktijkplaats, dan bedraagt de subsidie maximaal € 2.700. Het beschikbare budget bedraagt € 4,5 miljoen per aanvraagronde. Zijn er meer aanvragen dan beschikbaar budget, dan wordt dit verdeeld over de aanvragers. De regeling loopt in ieder geval tot eind 2025.

Let op! Voor mbo-studenten in de beroepsopleidende leerweg (bol) en beroepsbegeleidende leerweg (bbl) kunt u deze subsidie niet aanvragen.

Aanvragen subsidie

Jouw aanvraag dient u digitaal in bij RVO.nl. Hiervoor heb je eHerkenning nodig op niveau eH3. Je moet de subsidie binnen een jaar na afloop van de praktijkplaats aanvragen. Duurt de opleiding langer dan 40 weken, dan moet je jouw aanvraag binnen een jaar na afloop van de eerste 40 weken indienen.

Nog geen erkend leerbedrijf?

Ben je nog geen erkend leerbedrijf? Wellicht kom je in aanmerking. Check de daarvoor gestelde voorwaarden hier. De erkenning wordt iedere vier jaar getoetst.

Door |2023-11-17T15:53:09+01:0017 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Subsidieregeling praktijkleren in de derde leerweg weer aanvragen

Verplichte rapportage zakelijk en woon-werkverkeer werknemers

Werkgevers met 100 of meer werknemers zijn straks verplicht om te rapporteren over het zakelijke verkeer en het woon-werkverkeer van hun werknemers. Deze verplichting maakt onderdeel uit van de Omgevingswet van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM)

Auto

De verplichting staat bekend onder de naam ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’, afgekort WPM. Alleen werkgevers met 100 of meer werknemers in dienst moeten aan deze rapportageverplichting voldoen. Deze werkgevers moeten straks naast alle zakelijke reizen, ook het woon-werkverkeer van hun werknemers gaan bijhouden.

Let op! Voor de grens van 100 of meer werknemers moeten de werknemers van alle vestigingen (van een onderneming of rechtspersoon) bij elkaar worden opgeteld. Hierbij tellen alleen werknemers mee die een arbeidsovereenkomst hebben en minimaal 20 uren betaald werk per maand verrichten. Ingehuurde gedetacheerden en uitzendkrachten tellen niet mee.

Ingangsdatum 1 januari 2024?

Vooralsnog gaat de verplichting vanaf 1 januari 2024 gelden. Diverse media melden echter dat de ingangsdatum waarschijnlijk verschoven wordt naar 1 juli 2024. De overheid heeft hier echter nog geen officiële mededeling over gedaan. Zodra er meer bekend is, zullen wij u uiteraard direct informeren.

Zorg dat jouw administratie op orde is

Heb je meer dan 100 werknemers in dienst? Dan ben je vanaf de ingangsdatum – of dat nu 1 januari of 1 juli 2024 wordt -, verplicht om diverse gegevens bij te houden en te rapporteren. Zorg daarom dat je jouw administratie hier klaar voor is!

Welke gegevens?

In een handreiking van RVO staat welke gegevens je moet bijhouden. Dit zijn bijvoorbeeld het totaal aantal kilometers dat jouw werknemers heeft afgelegd voor zakelijk verkeer en woon-werkverkeer, maar ook het jaartotaal aan kilometers, verdeeld in soort vervoermiddel en brandstoftype.

Let op! De gegevens over 2024 moet u uiterlijk 30 juni 2025 insturen. Bij een ingangsdatum op 1 januari 2024 zijn dat de gegevens over heel 2024, bij een ingangsdatum op 1 juli 2024 zijn dat de gegevens over de tweede helft van 2024.

Door |2023-11-17T15:48:03+01:0017 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Verplichte rapportage zakelijk en woon-werkverkeer werknemers

Doorbetalen reiskosten tijdens corona ook zonder onvoorwaardelijk recht?

Tijdens de coronacrisis konden werkgevers onder voorwaarden de reiskosten van hun personeel voor woon-werkverkeer doorbetalen, ook als er geheel of gedeeltelijk thuis werd gewerkt. Was dit alleen mogelijk als er een onvoorwaardelijk recht op de reiskostenvergoeding bestond?

Reiskosten tijdens corona

Navigatie

Vanwege de coronapandemie werkten veel werknemers geheel of gedeeltelijk thuis. Met name om de administratieve gevolgen te beperken werd goedgekeurd dat vaste onbelaste reiskostenvergoedingen voor het woon-werkverkeer doorbetaald konden worden alsof het reispatroon niet was veranderd. Een belangrijke voorwaarde was dat het vaste vergoedingen moest betreffen die al vóór 13 maart 2020 door de werkgever waren toegekend.

Onvoorwaardelijk recht?

Rechtbank Gelderland moest zich buigen over de vraag of deze verruiming betekende dat er vóór 13 maart 2020 een onvoorwaardelijk recht op de vergoeding moest bestaan. Volgens de rechtbank is dit niet uit de besluiten inzake de reiskostenvergoedingen af te leiden.

Keuze

De rechtbank is van mening dat slechts bepaald is dat bij een keuze van de werknemer voor een reiskostenvergoeding, zoals in een cafetariasysteem, deze keuze vóór 13 maart 2020 gemaakt moest zijn. Omdat deze voorwaarde met terugwerkende kracht is ingevoerd, is deze bepaling volgens de rechtbank echter niet rechtsgeldig.

Akkoord met uitruil tegen kostenvergoeding

In de onderhavige zaak hadden de betreffende werknemers bovendien al in het voorafgaande jaar aangegeven akkoord te gaan met een uitruil van loon tegen een reiskostenvergoeding. Dat de werknemers hiervan af konden zien, deed er volgens de rechtbank niet aan af dat de werkgever hieraan vastzat, als de werknemers hiervoor zouden kiezen. Voor de werkgever was er in dat geval toch al sprake van een onvoorwaardelijk recht van de werknemer. De inspecteur werd dan ook in het ongelijk gesteld en de naheffing van ruim € 250.000 met boete kwam dan ook te vervallen.

Door |2023-11-10T15:16:52+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Doorbetalen reiskosten tijdens corona ook zonder onvoorwaardelijk recht?

Voorgenomen wijzigingen bedrijfsopvolgingsregeling aangepast

Eerder was al bekend dat de bedrijfsopvolgingsregeling en de doorschuifregeling bij schenken en overlijden gaan wijzigen. Een aantal van de door het kabinet voorgestelde wijzigingen is door de Tweede Kamer echter weer aangepast. Wat betekent dit?

Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) en doorschuifregeling (DSR)

Handen schudden

De BOR en de DSR zijn belangrijke fiscale faciliteiten bij het schenken of erven van een bedrijf. Op Prinsjesdag 2023 heeft het kabinet een wetsvoorstel ingediend waarin de BOR en DSR op een aantal punten met ingang van 2024 en 2025 worden gewijzigd. De Tweede Kamer heeft bij de stemming over het wetsvoorstel amendementen aangenomen die dit wetsvoorstel op een aantal punten aanpast.

Verhoging vrijstellingspercentage BOR

Op Prinsjesdag 2023 is voorgesteld om het bedrag dat per 2025 voor de BOR voor 100% is vrijgesteld, te verhogen van € 1.205.871 in 2023 naar € 1.500.000 in 2025. Voor het meerdere was een verlaging gepland van 83% tot en met 2024 naar 70% vanaf 2025. De Tweede Kamer heeft dit laatste percentage van 70 verhoogd naar 75%.

Vervallen verplichte registratie bij grondkamer

In het wetsvoorstel is tevens opgenomen dat aan derden verhuurde onroerende zaken vanaf 2024 niet meer in aanmerking voor de BOR en DSR. Alleen landbouwgrond dat in het kader van voor teelten noodzakelijke vruchtwisseling verpacht wordt, wordt hiervan uitgezonderd. Hierbij zou een stringente voorwaarde gaan gelden dat de pachtovereenkomst geregistreerd moet zijn bij de grondkamer. De Tweede Kamer heeft deze voorwaarde laten vervallen.

Let op! Om voor de uitzondering in aanmerking te komen moet wel sprake zijn van een schriftelijke pachtovereenkomst en van een voor de teelt noodzakelijke vruchtwisseling.

DSR en BOR voor oude familiebedrijven

Bij oude familiebedrijven die van generatie op generatie overgaan, kan het voorkomen dat de aandelen in het familiebedrijf per persoon dusdanig klein zijn geworden dat toepassing van de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten en de DSR niet mogelijk is. De Tweede Kamer vindt dit ongewenst en wil dat deze oude familiebedrijven toegang hebben tot de BOR en DSR. In een door de Tweede Kamer aangenomen amendement wordt daarom geregeld dat de voorwaarde die in bepaalde situaties geldt van een minimaal belang van 0,5% niet geldt als de verkrijger een bloed-of aanverwant is in de neergaande lijn (een kind, kleinkind, achterkleinkind et cetera).

Let op! Het staat nog niet vast dat de aanpassingen van de Tweede Kamer ook worden ingevoerd. Zo moet de Eerste Kamer nog stemmen over het wetsvoorstel. Daarnaast zouden, na de installatie van de nieuwe Tweede Kamer en een nieuw kabinet, de plannen ook weer kunnen worden aangepast.

Door |2023-11-10T15:13:12+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Voorgenomen wijzigingen bedrijfsopvolgingsregeling aangepast

Hogere kinderbijslag, verdere beperking inflatiecorrectie

Het kabinet trekt op verzoek van de Tweede Kamer volgend jaar € 250 miljoen extra uit voor een verhoging van de kinderbijslag. Om dit te financieren, wordt de inflatiecorrectie verder beperkt. Hierdoor gaat onder meer iemand die in het toptarief in box 1 valt, meer inkomstenbelasting betalen.

Dekking verhoging kinderbijslag

Belastingdienst

Om dekking van de extra uitgaven van € 250 miljoen te bereiken, wordt zoals gezegd de inflatiecorrectie verder beperkt. Deze verdere beperking van de inflatiecorrectie komt bovenop de al ingevoerde beperking voor de tweede tariefschijf in box 1. Dit betekent dat het toptarief van 49,5% voor 2024 al geldt vanaf een inkomen van € 75.549 in plaats van € 75.624.

Doorwerking heffingskortingen

De beperking van de inflatiecorrectie werkt ook door in de heffingskortingen. Zo gaat de algemene heffingskorting in 2024 geen € 3.374 bedragen, maar € 3.366. Ook vrijwel alle andere bedragen in de inkomstenbelasting worden door de beperking niet volledig gecompenseerd voor de inflatie.

Doorwerking toeslagen

Daarnaast valt door de beperking de vermogenstoets voor de toeslagen lager uit. Dit betekent dat personen met vermogen volgend jaar minder snel voor toeslagen in aanmerking zullen komen.

Let op! De wijziging is voorgesteld op initiatief van de Tweede Kamer. Echter ook de Eerste Kamer moet nog met de voorgestelde wijzigingen instemmen.

Door |2023-11-10T15:11:53+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Hogere kinderbijslag, verdere beperking inflatiecorrectie

Aanpassen bestelauto riskante zaak

Als je als ondernemer een bestelauto koopt, betaalt u onder voorwaarden minder bpm en minder wegenbelasting. Daarbij is wel van belang dat je de bestelauto na aankoop niet aanpast, anders loop je het risico dat deze voordelen verloren gaan.

Bijrijdersbank verplaatst

Bestelauto

In een zaak die was voorgelegd aan de Hoge Raad had een stoffeerder een bestelauto gekocht en na aankoop de dubbele stoel naast de bestuurder verplaatst naar de laadruimte. Bij een controle stelde de inspecteur vast dat er daardoor niet langer sprake was van een bestelauto. Dit leverde een naheffing wegenbelasting plus boete op.

Personenvervoer ondergeschikt

De stoffeerder stapte hierop naar de rechter en stelde dat hij de dubbele stoel juist verplaatst had om zodoende langere rollen tapijt te kunnen vervoeren. Het personenvervoer bleef dus ondergeschikt aan het vervoer van goederen en daarom zou het verplaatsen van de dubbele stoel geen invloed moeten hebben op de te betalen wegenbelasting.

Vlakke laadvloer

De Hoge Raad ging niet in deze redenering mee. Wettelijk zijn immers bepalingen vastgelegd voor bestelauto’s, waaronder de aanwezigheid van een vlakke laadvloer. Door de dubbele stoel was hiervan geen sprake meer. Volgens de Hoge Raad dulden deze bepalingen geen uitzonderingen en dus bleef de naheffing in stand.

Door |2023-11-10T15:10:49+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Aanpassen bestelauto riskante zaak

Werken vanuit jouw woning, privépand of zakelijk?

Als jij als ondernemer werkt vanuit uw eigen privéwoning, is het onder voorwaarden mogelijk deze woning tot het ondernemingsvermogen te rekenen. Om van die voorwaarden af te kunnen wijken, moet aantoonbaar zijn dat er sprake is van een bijzondere omstandigheid.

Keuzevermogen

Woning

Een bedrijfsmiddel dat je zowel privé als zakelijk gebruikt, bijvoorbeeld een computer, behoort tot het zogenaamde keuzevermogen. Gebruik je het bedrijfsmiddel minder dan 10% zakelijk, dan moet u het tot uw privévermogen rekenen. Gebruik je het juist voor meer dan 90% zakelijk, dan moet je het tot jouw ondernemingsvermogen rekenen. In alle overige situaties mag je in principe kiezen.

Woning als ondernemingsvermogen?

Onlangs kwam een zaak voor het gerechtshof in Arnhem, waarbij de vraag centraal stond wanneer een woning als ondernemingsvermogen kan worden aangemerkt. In deze zaak wilde een tandarts de privéwoning als ondernemingsvermogen aanmerken. De tandarts gebruikte echter slechts een klein deel van de privéwoning zakelijk, namelijk 7,75%. Hierdoor valt de woning in principe onder het privévermogen.

De tandarts voerde aan dat de privéwoning toch als ondernemingsvermogen mocht worden aangemerkt, omdat er sprake was van bijzondere omstandigheden. De tandarts kon vanuit de privéwoning twee andere praktijkpanden binnen een half uur bereiken, hetgeen een vereiste volgens de beroepsregels is. Bovendien gebruikte de tandarts de garage voor het stallen van de zakenauto.

Zakelijke garage niet onderbouwd

Het Hof was met de inspecteur van mening dat de woning verplicht als privévermogen moest worden aangemerkt. Het gebruik van de garage was namelijk op geen enkele manier onderbouwd en dus was het zakelijke gebruik ervan niet aannemelijk. Dit betekende dat aantoonbaar slechts 7,75% van de woning zakelijk werd gebruikt.

Reistijd geen bijzondere omstandigheid

Dat door de aanschaf van de woning de reistijd naar beide praktijkpanden beperkt bleef tot een half uur, was volgens het Hof geen bijzondere omstandigheid die betekende dat de woning als ondernemingsvermogen kon worden aangemerkt. De woning die voorheen door de tandarts bewoond werd, lag namelijk nog dichterbij beide praktijkpanden, zodat het verhuizen naar de nieuwe woning kennelijk door persoonlijke motieven was ingegeven.

Door |2023-11-10T15:08:47+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Werken vanuit jouw woning, privépand of zakelijk?

Meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk?

Er is een wetsvoorstel Vereenvoudiging banenafspraak en quotumregeling ingediend bij de Tweede Kamer. Deze wet moet werkgevers over de streep trekken waar het gaat om het aannemen van mensen met een arbeidsbeperking.

Banenafspraak

Parkeerplaats invalide

De banenafspraak is in 2013 gemaakt door kabinet en vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers. Zij spraken af te zorgen voor 125.000 extra banen bij gewone werkgevers voor mensen met een arbeidsbeperking. Dat aantal willen ze in 2026 bereiken. Eind 2022 stond de teller op ruim 81.000 banen.

Structurele LKV

Neemt een werkgever iemand aan uit de doelgroep van de banenafspraak, dan bestaat er recht op een loonkostenvoordeel (LKV). Dit voordeel bedraagt momenteel € 1,01 per gewerkt uur en maximaal € 2.000 per werknemer op jaarbasis. Dit LKV is momenteel gemaximeerd op drie jaar. De bedoeling is om dit structureel te maken. Ook hoeven werkgevers en werknemers geen speciale verklaring meer aan te vragen bij UWV om in aanmerking te komen voor het LKV, wat een administratieve lastenverlichting oplevert. De beoogde ingangsdatum is 2025.

Dezelfde banenafspraak voor overheid en bedrijfsleven

Momenteel hebben de overheid en het bedrijfsleven aparte quota die ze moeten halen om uiteindelijk de 125.000 extra banen te realiseren. De bedoeling is nu te komen tot één banenafspraak, zodat het niet meer uitmaakt bij welke werkgever iemand werkt. De overheid loopt momenteel achter bij het realiseren van genoeg banen. Daarom moeten overheidswerkgevers eerst meer banen creëren, voordat dit onderscheid tussen de markt en de overheid verdwijnt.

Quotumregeling

De banenafspraak kent als stok achter de deur een quotumregeling voor als werkgevers het afgesproken aantal banen niet realiseren. Slagen ze hier niet in, dan volgt een heffing. Deze quotumregeling is echter herhaalde malen uitgesteld en nog steeds niet ingevoerd. In de nieuwe wet blijft de quotumregeling bestaan.

Tip! Werkgevers die goed scoren binnen de quotumregeling krijgen een bonus in de vorm van een hogere LKV-vergoeding.

Let op! Het betreft een wetsvoorstel en moet nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd.

Door |2023-11-10T15:04:44+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk?