wijzigingen

Voorjaarsnota 2025: wat zijn de belangrijke wijzigingen?

Vrijdag 18 april is de Voorjaarsnota 2025 gepresenteerd. In deze plannen staan zowel lastenverlichtingen als lastenverzwaringen. Wat zijn de belangrijke wijzigingen voor de ondernemer, de werkgever en voor huishoudens?

Let op! Onderstaande voorgenomen wijzigingen moeten nog in wetsvoorstellen worden gegoten en worden goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer.

Voorgenomen wijzigingen voor ondernemers en werkgevers

Hofvijver

  • Fiscale regeling medewerkers start-ups en scale-ups
    Er komt een nieuwe fiscale regeling om medewerkersparticipatie voor start-ups en scale-ups te stimuleren. De grondslag van het inkomen uit aandelenopties voor medewerkers van start-ups en scale-ups wordt beperkt tot 65%. Hierdoor wordt over minder inkomen belasting geheven. Ook gaan zij pas belasting betalen als zij hun aandelen verkopen in plaats van op het moment dat de aandelen verhandelbaar worden. Deze plannen worden uitgewerkt in een wetsvoorstel. Deze moet per 2027 in werking treden.
  • Verlaging en afschaffing stakingswinst
    De stakingsaftrek wordt per 2027 verminderd van € 3.630 naar € 908 en wordt per 2030 volledig afgeschaft.
  • Verlaging en afschaffing meewerkaftrek
    De meewerkaftrek wordt per 2027 met 75% verminderd en per 2030 helemaal afgeschaft.
  • Minder inflatiecorrectie inkomstenbelasting
    In de inkomstenbelasting wordt per 1 januari 2026 de inflatiecorrectie voor 46,2% in plaats van 51% toegepast (de tabelcorrectiefactor). Er wordt hierdoor minder gecorrigeerd voor inflatie in de belastingschijven en de heffingskortingen.
  • Verhoogd btw-tarief cultuur, sport en media van de baan
    De voorgenomen verhoging van de btw naar 21% op media, sport en cultuur per 2026 wordt niet doorgevoerd.
  • Verhoging budget MIA en verlaging VAMIL
    De budgetreserve voor de MIA wordt verhoogd met € 35 miljoen. De budgetreserve voor de VAMIL wordt met hetzelfde bedrag verlaagd.
  • Verlaging lage Aof-premie en verhoging hoge Aof-premie
    De hoge Aof-premie wordt met 0,03% verhoogd in 2026 en met 0,04%-punt verhoogd in 2027. De lage Aof-premie wordt daarentegen in 2026 verlaagd met 0,21%-punt en voor 2027 met 0,23%-punt.
  • Fietsregeling versoepeld
    De regeling voor fietsen van de zaak wordt versoepeld. Voor fietsen van de zaak die over het algemeen niet thuis worden gestald, vervalt de bijtelling.

Voorgenomen wijzigingen voor huishoudens en dga

  • Wijzigingen box 3
    In box 3 zal voor de jaren 2026 en 2027 worden uitgegaan van een hoger forfaitair rendement op overige bezittingen. De stijging bedraagt 1,78%-punt per 2026.
    Ook wordt voor 2026 en 2027 het heffingsvrije vermogen verlaagd van € 57.684 (2025) naar € 51.396.
  • Verlaging energiebelasting
    De vermindering van de energiebelasting wordt in 2026 tot en met 2028 verhoogd met € 200 miljoen. Hierdoor wordt de vermindering van energiebelasting in 2026 € 529,10.
  • Verlagen vermogensgrens zorgtoeslag en kindgebonden budget
    Huishoudens hebben bij een vermogen van een bepaalde omvang geen recht meer op enkele toeslagen. Besloten is om voor het recht op zorgtoeslag en het kindgebonden budget deze vermogensgrens te verlagen. Voor alleenstaanden komt de grens op € 113.000 te liggen, voor partners op € 150.000.
  • Constructie erfbelasting
    Door een arrest van de Hoge Raad is het mogelijk om, met aanpassing van de huwelijkse voorwaarden, erfbelasting voor een groot deel te voorkomen. Voorgesteld wordt dat er toch schenk- en erfbelasting kan worden geheven, voor zover er bij een ontbinding van de huwelijkse voorwaarden meer dan 50% van deze gemeenschap wordt verkregen.
  • Schenk- en erfbelasting biologische kinderen
    Biologische kinderen worden wat betreft de schenk- en erfbelasting gelijkgesteld met juridische kinderen. Op deze manier hebben ook biologische kinderen recht op kindvrijstelling en het lagere tarief.
  • Vereenvoudiging toeslagpartnerschap
    Per 2027 wordt het toeslagpartnerschap vereenvoudigd door het afschaffen van het criterium samengestelde gezinnen.

Let op! Er zijn nog meer wijzigingen in de Voorjaarsnota. Deze selectie is dus niet compleet. Voor alle wijzigingen verwijzen wij naar de Voorjaarsnota 2025.

Door |2025-04-23T08:33:39+02:0023 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Voorjaarsnota 2025: wat zijn de belangrijke wijzigingen?

SDE++ subsidie later aanvragen

Ondernemers kunnen de subsidie SDE++ dit jaar een maand later aanvragen dan voorgaande jaren. De startdatum voor een aanvraag is doorgeschoven naar 7 oktober 2025 bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Betere voorbereiding

Windmolen

Door iets meer tijd te nemen kan een aanvraag voor de subsidie beter worden voorbereid. Zo kan een aanvraag vooraf worden besproken met een adviseur van de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO). Zodoende kan de kwaliteit van de aanvraag verbeterd worden, met een grotere kans op succes.

SDE++

Met de subsidie Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++) worden grootschalige duurzame energieprojecten gesubsidieerd. Doel is dat hiermee hernieuwbare energie wordt opgewekt en/of de CO2-uitstoot wordt verminderd. In 2025 is voor de SDE++ € 8 miljard beschikbaar.

Aparte budgetten

Binnen de SDE++ zijn aparte budgetten beschikbaar voor technieken die nu nog minder rendabel zijn, maar wel stimulering verdienen omdat ze belangrijk zijn in het kader van de verduurzaming. Het betreft technieken die lagetemperatuurwarmte, hogetemperatuurwarmte en moleculen (groen gas en waterstof) produceren. Voor ieder project is maximaal € 750 miljoen subsidie beschikbaar.

Wijzigingen

De SDE++ is op een aantal punten gewijzigd. Zo zijn er nieuwe subsidiemogelijkheden op het gebied van de afvang van CO2 uit de lucht, voor het terugwinnen van waterstof uit restafval en zijn er nieuwe subsidiemogelijkheden inzake zonnepanelen. Anderzijds zijn er ook subsidiemogelijkheden geschrapt. Dit betreft onder andere daglichtkassen en installaties voor aardwarmte. Meer informatie vindt u bij RVO.nl.

Aanvragen

De subsidie kan worden aangevraagd bij de RVO. Dit kan vanaf 7 oktober 2025 9.00 uur tot en met 6 november 2025 17.00 uur.

Door |2025-03-31T20:19:02+02:0031 maart 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor SDE++ subsidie later aanvragen

Top 10 wijzigingen voor de werkgever 2025

Heb je personeel in dienst? Werk je met zzp’ers? Op 1 januari 2025 is er weer een flink aantal wijzigingen doorgevoerd voor je als werkgever en als dga. Wij wijzen jou op tien belangrijke punten.

1. Verhoging wettelijk minimum uurloon

Handtekening

Het wettelijk minimumloon wordt twee keer per jaar geïndexeerd, namelijk per 1 januari en per 1 juli. Het wettelijk bruto minimumuurloon voor werknemers van 21 jaar of ouder is per 1 januari 2025 verhoogd naar € 14,06.

2. Handhaving schijnzelfstandigheid vanaf 2025

Met ingang van 1 januari 2025 is het handhavingsmoratorium arbeidsrelaties volledig opgeheven. De Belastingdienst kan daarom bij een onjuiste kwalificatie van een arbeidsrelatie weer volledig handhaven en correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen opleggen.

Let op! De Belastingdienst kan daarbij alleen terug tot 1 januari 2025 , tenzij sprake is van kwaadwillendheid.

De Belastingdienst zal in 2025 in principe starten met een bedrijfsbezoek waarbij met de opdrachtgever een gesprek gevoerd wordt over de inhuur van zelfstandigen en extern personeel. Waar nodig wordt de opdrachtgever gewezen op aandacht voor de kwalificatie van de arbeidsrelaties en mogelijke risico’s op schijnzelfstandigheid. Op die manier wordt de opdrachtgever gewaarschuwd. De Belastingdienst kan overigens (alsnog) ook voor een boekenonderzoek kiezen, bijvoorbeeld als de inschatting is dat er grote risico’s zijn of als de opdrachtgever werkt of blijft werken met schijnzelfstandigen.

Tip! Over het kalenderjaar 2025 zullen aan werkgevers en werkenden nog geen verzuim- en vergrijpboetes opgelegd worden als zij kunnen bewijzen dat zij stappen zetten tegen schijnzelfstandigheid.

De Belastingdienst keurt vanaf 6 september 2024 geen nieuwe modelovereenkomsten meer goed. Alle lopende goedgekeurde modelovereenkomsten zijn wel automatisch tot eind 2029 verlengd. De Belastingdienst kan een modelovereenkomst echter intrekken als deze niet meer voldoet aan wet- en regelgeving en jurisprudentie of als blijkt dat niet volgens de voorwaarden van de modelovereenkomst gewerkt wordt of kan worden.

Tip! Wil je dat de Belastingdienst een arbeidsrelatie beoordeelt, gebruik dan het formulier Verzoek vooroverleg beoordeling arbeidsrelatie. In de Checklist vooroverleg beoordeling arbeidsrelatie vindt je welke informatie je minimaal moet vermelden in jouw verzoek.

3. Vrije ruimte en normbedragen WKR omhoog

Via de werkkostenregeling kun je als werkgever diverse zaken belastingvrij vergoeden of verstrekken aan jouw personeel. Blijven de vergoedingen binnen de zogenaamde ‘vrije ruimte’, dan hoeft ook de werkgever hierover geen belasting te betalen. De vrije ruimte wordt in 2025 iets verhoogd naar 2% (in 2024 nog 1,92%) van de loonsom, tot een bedrag van € 400.000. Voor zover de loonsom hoger is, blijft de vrije ruimte over het meerdere 1,18%, net als in 2024.

Voor de extra kosten die verbonden zijn aan thuiswerken, kun je – onder voorwaarden – een onbelaste vergoeding geven aan jouw werknemer. Deze onbelaste vergoeding bedraagt in 2025 € 2,40 per dag. Het normbedrag voor de waarde van maaltijden in bedrijfskantines (of soortgelijke ruimtes) of tijdens personeelsfeesten op de bedrijfslocatie bedraagt in 2025 € 3,95 per maaltijd. Het normbedrag van huisvesting op de werkplek stijgt in 2025 naar € 6,80 per dag.

4. Gebruikelijk loon en vrijwilligersvergoeding 2025 gelijk aan 2024

Het normbedrag voor het gebruikelijk loon is in 2025 gelijk aan het normbedrag in 2024 en bedraagt € 56.000 per jaar. Na een jarenlange stijging van het normbedrag (in 2023 bedroeg het bijvoorbeeld nog € 51.000 en in 2022 € 48.000) hoef je dus in 2025 geen rekening te houden met een hoger normbedrag. Desondanks kan het gebruikelijk loon in 2025 toch hoger zijn dan in 2024, een en ander afhankelijk van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking en het loon van de meestverdienende werknemer van jouw bv of daarmee verbonden bv’s.

Ook de maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding blijft in 2025 gelijk aan 2024, namelijk maximaal € 2.100 per jaar en € 210 per maand. De onbelaste vrijwilligersvergoeding moet binnen de maximale bedragen blijven en de vrijwilliger moet de werkzaamheden niet bij wijze van beroep verrichten voor aangewezen, niet-commerciële organisaties. De Belastingdienst gaat ervan uit dat de werkzaamheden niet bij wijze van beroep worden verricht als de maximum uurvergoeding in 2025 € 5,60 bedraagt. Voor vrijwilligers jonger dan 21 jaar bedraagt deze maximum uurvergoeding in 2025 € 3,30.

5. Bijtelling nieuwe auto zonder CO2-uitstoot en eindheffing wisselend gebruikte bestelauto omhoog

De bijtelling voor nieuwe auto’s zonder CO2-uitstoot (onder meer volledig elektrische auto’s) gaat in 2025 omhoog naar 17% tot een catalogusprijs van € 30.000 en bedraagt 22% daarboven. Het jaar 2025 is het laatste jaar waarin een korting geldt voor dergelijke nieuwe auto’s. De bijtelling voor nieuwe auto’s met een CO2-uitstoot van meer dan 0 gram per kilometer verandert in 2025 niet. Deze blijft, net als in eerdere jaren, gehandhaafd op 22%.

De bijtelling voor het privégebruik van een afwisselend door meerdere werknemers gebruikte bestelauto kan een werkgever afkopen door het toepassen van een eindheffing. Het bedrag van deze eindheffing bedraagt in 2025 geen € 300 per jaar meer, maar is verhoogd naar € 438 per jaar (€ 36,50 per maand).

Let op! De onbelaste reiskostenvergoeding voor zakelijke reiskosten met eigen vervoer, waaronder woon-werkverkeer, is in 2025 gelijk aan 2024 en bedraagt € 0,23/km.

6. Ruimere WBSO

Via de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) krijgen werkgevers een tegemoetkoming in de kosten van innovatieve werkzaamheden. De werkgever verrekent de toegekende tegemoetkoming met de af te dragen loonheffing. Verschillende percentages van de WBSO zijn met ingang van 1 januari 2025 verhoogd. Vanaf 2025 geldt voor kosten tot € 380.000 een percentage van 36% en voor het meerdere 16%. Voor starters geldt vanaf 2025 een percentage van 50% voor kosten tot € 380.000.

7. Wijzigingen Wet tegemoetkomingen loondomein

De Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) draagt bij om werkgevers te stimuleren mensen met een kwetsbare positie in dienst te nemen en te houden. In de Wtl is vanaf 2025 alleen nog het loonkostenvoordeel (LKV) opgenomen. Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is per 1 januari 2025 afgeschaft. Uitbetaling van het LIV 2024 vindt nog wel plaats in juli/augustus 2025.

Een andere wijziging is de afbouw van het LKV voor oudere werknemers. Voor dienstbetrekkingen die begonnen vóór 1 januari 2024 blijft het LKV voor oudere werknemers van € 3,05 per verloond uur met een maximum van € 6.000 per kalenderjaar gewoon in stand tot het einde van de looptijd van maximaal drie jaar. Voor dienstbetrekkingen die begonnen op of ná 1 januari 2024 is het LKV per 1 januari 2025 echter verlaagd naar € 1,35 per verloond uur met een maximum van € 2.600 per kalenderjaar.

Let op! Vanaf 1 januari 2026 bestaat voor deze dienstbetrekkingen geen recht meer op LKV. Wel vindt voor deze dienstbetrekkingen in 2026 nog uitbetaling van het LKV 2025 plaats.

Verder zijn vanaf 2025 de criteria van het LKV herplaatsen werknemer met arbeidshandicap verruimd. Voor een werknemer die in de wachttijd van de WIA zijn eigen arbeid geheel of gedeeltelijk hervat of geheel of gedeeltelijk in een andere functie bij u gaat werken, heeft u vanaf 2025 namelijk ook recht op dit LKV.

8. Minder snel herziening lage Awf-premie naar hoge Awf-premie vanaf 2025

De gedifferentieerde premie voor het Algemeen Werkeloosheidsfonds (Awf) bestaat uit een hoge en lage Awf-premie. Je mag als werkgever een lage Awf-premie toepassen als aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Voldoe je daar niet aan, dan betaal je een hoge Awf-premie. De lage premie bedraagt in 2025 2,74%, de hoge premie 7,74%.

In bepaalde situaties moet je een lage Awf-premie met terugwerkende kracht herzien naar een hoge Awf-premie. Dit is onder meer het geval als de verloonde uren van een werknemer waarvoor u de lage Awf-premie toepaste, in een jaar meer dan 30% hoger zijn dan de contracturen. Voor het jaar 2024 hoef je dan alleen alsnog de hoge Awf-premie toe te passen bij werknemers met een arbeidscontract van gemiddeld minder dan 35 uur per week. Controleer begin 2025 of je zo’n herziening voor het jaar 2024 moet toepassen. Voor het jaar 2025 hoef je minder snel zo’n herziening toe te passen. Je hoeft dat dan alleen nog te doen bij werknemers met een arbeidscontract van gemiddeld 30 uur of minder per week.

Let op! De lage Awf-premie moet ook worden herzien naar de hoge Awf-premie als een nieuwe werknemer binnen twee maanden na indiensttreding ontslag neemt of wordt ontslagen. Deze herziening is niet afhankelijk van het aantal contracturen en geldt dus bij alle contracten.

9. Wijzigingen 30%-regeling

De 30%-regeling is een fiscale regeling waarbij, onder strikte voorwaarden, maximaal 30% van het salaris belastingvrij mag worden uitbetaald aan personeel dat uit het buitenland is aangetrokken. Deze regeling zou versoberd worden, maar een groot deel van die versobering is met ingang van 2025 weer teruggedraaid. Dit betekent dat als voldaan is aan de strikte voorwaarden in 2025 en 2026 nog gewoon het percentage van maximaal 30% mag worden toegepast. Vanaf 2027 wordt dit percentage verlaagd naar 27%, tenzij je voor de werknemer vóór 2024 de 30%-regeling al toepaste. In dat geval mag je gedurende de hele periode van 60 maanden het percentage van 30% toepassen.

De 30%-regeling mag in 2025 worden toegepast over een salaris tot maximaal € 246.000 (in 2024 was dit nog € 233.000). Dit maximum geldt overigens in 2025 niet als je voor de werknemer vóór 2023 de 30%-regeling al toepaste.

In 2025 bedraagt de in de 30%-regeling toegepaste salarisnorm € 46.660. Voor werknemers die instromen en jonger zijn dan 30 jaar en hun masterdiploma hebben behaald, bedraagt de salarisnorm in 2025 € 35.468. Beide bedragen worden met ingang van 2027 verhoogd naar € 50.436, respectievelijk € 38.338. Dit zijn de bedragen op basis van de bedragen die golden in 2024 en deze worden per 2027 nog geïndexeerd. Dit verhoogde salaris geldt vanaf 2027 overigens niet voor degenen die de 30%-regeling al vóór 2024 toepasten.

Let op! Werknemers die van de 30%-regeling gebruikmaken, hoefden tot en met 2024 geen belasting in box 2 en box 3 te betalen over buitenlands kapitaalinkomen. Dit wordt ook wel de partiële buitenlandse belastingplicht genoemd. Deze faciliteit is per 2025 vervallen. Dit geldt niet voor situaties waarin de 30%-regeling al vóór 2024 werd toegepast. In deze situaties blijft de faciliteit tot en met 2026 van kracht. Voor werknemers waarvoor de buitenlandse partiële belastingplicht per 2025 vervalt, kun je vanaf 2025 geen gebruik meer maken van de mogelijkheid om de loonbelasting/premie volksverzekeringen die je moet inhouden af te stemmen op de inkomstenbelasting en eventuele premie volksverzekeringen die jouw werknemer moet betalen.

10. Verplichte rapportage zakelijk en woon-werkverkeer werknemers uiterlijk 30 juni 2025

Werkgevers met 100 of meer werknemers zijn vanaf 1 juli 2024 verplicht om te rapporteren over het zakelijk verkeer én het woon-werkverkeer van hun werknemers. Deze verplichting maakt onderdeel uit van de Omgevingswet van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en staat bekend onder de naam ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’, afgekort WPM.

Deze werkgevers moeten bijvoorbeeld het totaalaantal kilometers dat de werknemers afleggen voor zakelijk en woon-werkverkeer rapporteren, maar ook het jaartotaal aan kilometers, verdeeld naar soort vervoermiddel en brandstoftype. De gegevens over 2024 kunnen vanaf 15 januari 2025 doorgegeven worden en moeten uiterlijk 30 juni 2025 ingestuurd zijn. In 2026 is een rapportage over het hele jaar 2025 verplicht.

Door |2025-01-17T08:56:50+01:0017 januari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Top 10 wijzigingen voor de werkgever 2025

Voor wie geldt rechtsherstel box 3 met werkelijk rendement

De staatssecretaris heeft de doelgroepen bekendgemaakt die straks een beroep kunnen doen op de recente box 3-arresten van de Hoge Raad. Val je onder een van deze doelgroepen?

Recente box 3-arresten Hoge Raad

Geld

In de recente arresten oordeelde de Hoge Raad dat je in box 3 het  – door de Hoge Raad gedefinieerde – werkelijke rendement in aanmerking mag nemen als dit lager is dan het wettelijke forfaitaire rendement. De Hoge Raad gaf daarbij aanwijzingen over hoe het werkelijke rendement berekend moet worden. De staatssecretaris gaf in juli en september 2024 een nadere invulling hieraan.

Tegenbewijsregeling

De staatssecretaris geeft aan dat hij de wijze waarop het werkelijke rendement volgens de methodiek van de Hoge Raad moet worden berekend nu heeft ingevuld. De invulling wordt in een wetsvoorstel opgenomen dat naar verwachting in het eerste kwartaal 2025 aan de Tweede Kamer wordt aangeboden. Met dit wetsvoorstel ontstaat er een wettelijke tegenbewijsregeling als het werkelijke rendement in box 3 – berekend volgens de methodiek van de Hoge Raad – lager is dan het forfaitaire rendement. Beoogd is om de wet per 1 juni 2025 in te laten gaan.

Kom je in aanmerking voor de tegenbewijsregeling?

De staatssecretaris heeft ook bekendgemaakt wie er in aanmerking kan komen voor de tegenbewijsregeling.

  1. Voor de belastingjaren vanaf 2021 komt elke belastingplichtige in aanmerking voor de tegenbewijsregeling.
  2. Voor het belastingjaar 2020 kom je alleen in aanmerking als jouw definitieve aanslag op 21 december 2021 nog niet onherroepelijk vaststond (of op dat moment nog opgelegd moest worden) én je in de periode tot eind 2025 een verzoek om ambtshalve vermindering doet (of dat al heeft gedaan).
  3. Voor het belastingjaar 2019 geldt hetzelfde als voor 2020, met het verschil dat het verzoek om ambtshalve vermindering nog maar tot uiterlijk eind 2024 mogelijk is.
  4. Voor de belastingjaren 2018 en 2017 kom je alleen in aanmerking voor de tegenbewijsregeling als jouw definitieve aanslag meeliep in de massaalbezwaarprocedure of ontvangen is ná het kerstarrest. Daarnaast moet je ook voor het belastingjaar 2018 uiterlijk 31 december 2023 én voor het belastingjaar 2017 uiterlijk 31 december 2022 een verzoek om ambtshalve vermindering hebben ingediend.

Let op! Het feit dat je in aanmerking komt voor de tegenbewijsregeling betekent niet dat straks per definitie jouw box 3-aanslag verminderd wordt. Hiervoor moet jouw werkelijke rendement lager zijn dan het forfaitaire rendement. Houd er rekening daarbij mee dat wat je wellicht verstaat onder werkelijk rendement anders is dan de invulling die de Hoge Raad daaraan gaf in de recente box 3-arresten.

Actie?

Je kunt nu nog geen gebruikmaken van de tegenbewijsregeling. Deze moet eerst nog in een wetsvoorstel worden opgenomen en daarna door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen. De beoogde inwerkingtreding is 1 juni 2025 en waarschijnlijk kun je pas vanaf dat moment in actie komen.

Let op! In sommige gevallen moet je toch al eerder in actie komen. Overleg daarom altijd met onze adviseurs als jouw een definitieve aanslag ontvangt. Mogelijk is het verstandig om jouw rechten veilig te stellen en tijdig bezwaar te maken tegen de aanslag. Ook kan het nog nodig zijn om uiterlijk 2024 een verzoek om ambtshalve vermindering in te dienen tegen jouw onherroepelijk vaststaande aanslag 2019. Overleg ook daarover met onze adviseurs.

Door |2024-09-25T09:35:02+02:0025 september 2024|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Voor wie geldt rechtsherstel box 3 met werkelijk rendement
  • Overzicht steunmaatregelen energie

Overzicht steunmaatregelen energie

De Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO) verstrekt op een aparte pagina op RVO.nl een overzicht van alle steunmaatregelen die de overheid getroffen heeft vanwege de gestegen energieprijzen.

Via deze site kunnen ondernemers onder meer aangeven dat ze blijvend geïnformeerd willen worden over eventuele ontwikkelingen inzake de TEK (Tegemoetkoming Energiekosten energie-intensief MKB).

Wijzigingen 2023
De site bevat ook een link naar alle wijzigingen die sinds 2023 van kracht zijn. Dit betreft onder meer de introductie van het energieplafond en de aanscherping van de CO2-heffing voor de industrie.

Fiscale regelingen
Onderdeel van de site is ook een aantal fiscale regelingen, zoals de energie-investeringsaftrek (EIA). Via de EIA kun je in 2023 45,5% van een energiebesparende investering extra in aftrek brengen op de winst. De investering moet dan wel op de Energielijst staan. Ook deze kun je vinden op de site.

Financieringsregelingen
Je treft eveneens financieringsregelingen gericht op energiebesparing aan op de site. Over onder meer de nieuwe regeling BMKB Groen is informatie te vinden. Deze regeling is een verruiming van de bestaande BMKB-regeling en alleen beschikbaar voor bedrijven met maximaal 250 personeelsleden.

Energie besparen
Een ander onderdeel van de site is specifiek gericht op de mogelijkheden om energie te besparen. Hier worden tips gegeven over het besparen van energie, mét en zonder extra investeringen. Dit onderdeel gaat ook in op de wettelijke verplichtingen inzake energiebesparing én op de informatieplicht hieromtrent.

Let op! Zodra er meer bekend is over de concrete invulling van de nieuwe energieregelingen, zullen wij je informeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-05T09:38:11+01:006 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Overzicht steunmaatregelen energie

  • Per 1 juli wijzigt termijn aanvaarding arbeidsovereenkomst

Per 1 juli wijzigt termijn aanvaarding arbeidsovereenkomst

Een werkgever is verplicht om een oproepkracht in de dertiende maand dat deze voor hem werkzaam is een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst met vaste uren. Hoe zit het nu met de aanvaarding van dit aanbod door de werknemer? Vanaf 1 juli wijzigt de termijn voor het aanvaarden.

Als een werkgever in de dertiende maand verplicht is een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst, geldt dat deze uren minimaal gelijk moeten zijn aan het gemiddelde aantal verloonde uren over de af gelopen twaalf maanden. Alleen de uren die elkaar binnen zes maanden tijd opvolgen, tellen mee.

Aanvaarding aanbod
Zoals aangegeven moeten werkgevers dus na twaalf maanden een aanbod te doen voor een vaste arbeidsomvang. Hoe zit het nu met de aanvaarding van dit aanbod door de werknemer? In de wet is nu geregeld dat de werknemer minimaal een maand de tijd heeft om het aanbod te aanvaarden.
Vanaf 1 juli 2021 wordt de regeling op twee onderdelen gewijzigd:

  1. de werknemer heeft maximaal een maand de tijd om het aanbod te aanvaarden van zijn werkgever;
  2. de uiterlijke ingangsdatum waarop de vaste arbeidsomvang in dient te gaan is uiterlijk twee maanden nadat de arbeidsovereenkomst twaalf maanden heeft geduurd. Dat betekent dus uiterlijk op de eerste dag van de vijftiende maand.

Een werkgever dient een oproepkracht die sinds 1 juli 2020 een oproepovereenkomst heeft, uiterlijk 1 augustus 2021 een aanbod te doen voor een arbeidsovereenkomst met een vast aantal uren per periode. De oproepkracht heeft vervolgens een maand de tijd, dus tot 1 september 2021, om dit aanbod te aanvaarden. Uiteraard kan hij dit ook eerder doen. Bij aanvaarding van het aanbod, dient de urenomvang dan uiterlijk 1 september 2021 in te gaan. Het is niet verplicht voor de oproepkracht om het aanbod te accepteren.

Geen aanbod
Laat de werkgever na een aanbod te doen, dan dient de werkgever het loon te betalen over de uren waarover hij het aanbod had moeten doen. Het is niet vereist dat de werknemer zich beschikbaar heeft gesteld voor de arbeid over die uren. Het gaat hier om een loonaanspraak van de werknemer waarvoor een verjaringstermijn van vijf jaar geldt. Tevens geldt de wettelijke verhoging en de wettelijke rente.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-21T10:10:29+02:0021 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Per 1 juli wijzigt termijn aanvaarding arbeidsovereenkomst