vrijstelling

  • Minder jubelton in 2023, afgeschaft in 2024

Minder jubelton in 2023, afgeschaft in 2024

De eenmalige belastingvrije schenking voor onder andere de aankoop van een woning, ook bekend als de ‘jubelton’, wordt afgeschaft. Dit voornemen van het kabinet was al in het coalitieakkoord bekendgemaakt en is op Prinsjesdag opgenomen in het Belastingplan 2023.

Een lager bedrag in 2023
De jubelton bedraagt nu nog €106.671, maar wordt in 2023 beperkt tot een bedrag van €28.947. Per 2024 verdwijnt de jubelton helemaal.

Jubelton
Ouders kunnen bijvoorbeeld aan hun kinderen via de jubelton in 2022 nog deze belastingvrije schenking doen. Deze vrijstelling geldt echter ook voor derden. Je kunt deze schenking dus aan een willekeurig persoon doen. Er zijn echter wel voorwaarden. De jubelton dient gebruikt te worden om:

• een eigen woning te kopen of te verbouwen;
• de hypotheek of restschulden van de eigen woning af te lossen;
• de rechten van erfpacht, opstal of beklemming van de eigen woning af te kopen.

Tip! Wil je nog optimaal profiteren van de fiscale vrijstelling voor een schenking voor de eigen woning, doe dit dan vóór 1 januari 2023.

Vrijstelling schenking ouders aan kinderen
De vrijstelling wordt in 2023 verminderd tot €28.947. Dit is het bedrag dat ouders hun kinderen tussen 18 en 40 jaar in 2023 eenmalig sowieso kunnen schenken, ongeacht het doel waarvoor de kinderen de schenking gebruiken. Deze vrijstelling ten behoeve van de eigen woning is in 2023 dus eigenlijk alleen voor schenkingen aan derden nog relevant. Pas in 2024 wordt de vrijstelling helemaal afgeschaft. De eenmalige vrijstelling voor kinderen tussen 18 en 40 jaar blijft dan wel gehandhaafd.

Spreiding schenking
De schenking kon in de regeling ook worden gespreid over een periode van drie jaar. Een in het eerste jaar onbenut deel van de vrijstelling kon dan in de twee opeenvolgende jaren alsnog worden benut. De schenkingen konden dan bijvoorbeeld worden gebruikt om een hypotheek over een periode van drie jaar af te lossen, zonder dat te veel boeterente aan de bank betaald hoefde te worden. Voorgesteld wordt dat als in 2022 voor het eerst wordt geschonken, het restant van de vrijstelling alleen nog in 2023 kan worden geschonken en niet meer in 2024. Wanneer in 2023 wordt geschonken, kan de schenking niet meer worden gespreid .

Tip! Bij een eerste schenking in 2021 kan nog wel het onbenutte deel van de schenking worden gebruikt voor schenkingen tot en met 2023.

Spreiding besteden schenking
Een voorwaarde voor de jubelton is dat de schenking voor de eigen woning wordt gebruikt. In de huidige regeling heeft de ontvanger van de schenking drie jaar om de schenking op de voorgeschreven wijze te besteden. Deze regeling blijft gehandhaafd voor schenkingen in 2022.
Als je dus in 2022 een schenking ontvangt, kun je deze nog tot uiterlijk 2024 besteden aan de eigen woning.

Let op! Deze plannen moeten nog wel door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd en zijn dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-10-10T12:15:22+02:0010 oktober 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Minder jubelton in 2023, afgeschaft in 2024
  • Kabinet wil vrijstelling BPM bestelauto afschaffen

Kabinet wil vrijstelling BPM bestelauto afschaffen

Het kabinet wil de vrijstelling van BPM voor bestelauto’s afschaffen. Dit plan is onderdeel van het eerdere coalitieakkoord en staat ook vermeld in de Voorjaarsnota.

BPM
De BPM is een extra belasting die wordt geheven bij de aankoop van een auto of motorfiets. Voor bestelauto’s die minstens 10% zakelijk worden gebruikt, bestaat voor ondernemers een vrijstelling.

Tarieven
De te betalen BPM wordt voor een personenauto bepaald door de CO2-uitstoot. Voor een bestelauto, kampeerauto of een motor is de catalogusprijs minus de BTW bepalend. Voor een bestelauto met benzinemotor bedraagt de BPM dit jaar 37,7% van de catalogusprijs zonder BTW, minus €1.283. Voor bestelauto’s op diesel geldt 37,7% van de catalogusprijs zonder BTW plus €273.

Vrijstelling vervalt in stappen
De vrijstelling komt volgens de voorstellen in stappen te vervallen, te beginnen in 2024. In 2026 bestaat de vrijstelling dan niet meer. Afhankelijk van de catalogusprijs betekent dit dat bestelauto’s voor ondernemers vele duizenden euro’s meer gaan kosten.

Geen BPM voor elektrische bestelauto
Voor bestelauto’s zonder CO2-uitstoot bestaat een vrijstelling van BPM. Deze vrijstelling moet er volgens het kabinet toe leiden dat meer ondernemers zullen overstappen op een elektrische bestelauto.

MIA en subsidie
Voor een elektrische bestelauto heb je ook recht op 45% milieu-investeringsaftrek (MIA). Het bedrijfsmiddel komt echter voor ten hoogste het investeringsbedrag minus €11.000 in aanmerking voor de MIA. Voor een elektrische bestelauto van bijvoorbeeld €50.000 krijg je dus MIA over €39.000. Voor een waterstofbestelauto heb je ook recht op 45% MIA. Je krijgt dan MIA over een investeringsbedrag van maximaal €125.000.

Tip! Ook kun je, onder voorwaarden, tot €5.000 subsidie krijgen bij aanschaf van een dergelijke, nieuwe auto.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-07T09:35:06+02:007 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Kabinet wil vrijstelling BPM bestelauto afschaffen

  • Tarief overdrachtsbelasting beleggings- en bedrijfspand fors hoger

Tarief overdrachtsbelasting beleggings- en bedrijfspand fors hoger

Het tarief van de overdrachtsbelasting voor beleggings- en bedrijfspanden gaat volgend jaar fors omhoog. Dit stelt het kabinet voor in de onlangs bekend gemaakte Voorjaarsnota.

Overdrachtsbelasting
Overdrachtsbelasting wordt geheven bij de overdracht van panden, dus meestal bij verkoop ervan. Voor beleggings- en bedrijfspanden, maar ook voor een tweede woning, zoals een vakantiewoning, bedraagt de overdrachtsbelasting nu 8%. Eerder was al bekendgemaakt dat het tarief volgend jaar zou stijgen naar 9%. Dit is nu gewijzigd in 10,1%. De aanschaf van een beleggings- of bedrijfspand of tweede woning wordt daardoor fors duurder.

Let op! De overdrachtsbelasting komt voor rekening van de koper van een pand.

Overige tarieven ongewijzigd
De overdrachtsbelasting kent een tarief voor eigen woningen van 2% indien deze door de eigenaar zelf bewoond worden. Daarnaast bestaat er in deze gevallen een vrijstelling voor jongeren die minstens 18 jaar zijn maar nog geen 35 jaar zijn. Zij kunnen maar één keer van de vrijstelling van overdrachtsbelasting gebruik maken. Een en ander blijft ongewijzigd.

Beleggen in woningen aan banden
Met het voorstel het tarief van de overdrachtsbelasting te verhogen, wil het kabinet het beleggen in woningen verder aan banden leggen. Op deze manier hoopt het kabinet de forse stijging van de prijs van woningen af te kunnen remmen.

Goedkeuring parlement
De Voorjaarsnota waarin het voorstel staat, moet nog wel door het parlement worden goedgekeurd. De verhoging van het tarief is dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-31T11:19:28+02:0031 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Tarief overdrachtsbelasting beleggings- en bedrijfspand fors hoger

  • Buitenlandse werkgever? Wanneer is een auto vrijgesteld van BPM?

Buitenlandse werkgever? Wanneer is een auto vrijgesteld van BPM?

Buitenlandse werkgevers die aan een in Nederland wonend personeelslid een auto ter beschikking stellen, kunnen onder voorwaarden vrijstelling van de BPM krijgen. Onlangs heeft de rechter duidelijkheid geschapen rond één van de hiervoor geldende voorwaarden.

BPM
De BPM, belasting van personenauto’s en motorrijwielen, is een belasting die bij aanschaf van een auto of motor in Nederland wordt geheven. De uitstoot van CO2 is bepalend voor de hoogte van de BPM. Voor auto’s zonder uitstoot betaal je geen BPM.

Vrijstelling
Er geldt in een aantal gevallen een vrijstelling voor de BPM. Eén daarvan, de werknemersvrijstelling, heeft betrekking op een auto die door een buitenlandse werkgever ter beschikking is gesteld en in Nederland alleen wordt gebruikt door een werknemer of zijn inwonende gezinsleden. De werkgever moet dan schriftelijk hebben verklaard dat de auto ter beschikking is gesteld en hoofdzakelijk is bestemd voor de uitvoering van werkzaamheden buiten Nederland.

Waar wordt de auto geregistreerd?
Voor de vrijstelling geldt ook de voorwaarde dat de werknemer als gevolg van de arbeidsverhouding tussen hem en zijn werkgever in beginsel geen invloed kan uitoefenen op de beslissing in welk land de auto wordt geregistreerd. De rechter moest zich onlangs uitspreken over de betekenis van deze eis.

Is 50% zeggenschap voldoende?
In de betreffende zaak was aan een DGA van een Belgische BV een auto ter beschikking gesteld. De DGA bezat 50% van de aandelen. De DGA vroeg de werknemersvrijstelling voor de BPM aan, maar de inspecteur wees deze af. Volgens de inspecteur kon de DGA wél invloed uitoefenen op de keuze waar de auto zou worden geregistreerd.

Beslissing tegenhouden is onvoldoende
De rechter was het hier niet mee eens en stelde de DGA in het gelijk. De DGA kon volgens de aandelenverhouding met 50% van de aandelen wel beslissingen tegenhouden, maar zelf geen beslissingen doordrukken. Hij kon formeel dan ook geen invloed uitoefenen op de plaats waar de auto zou worden geregistreerd en dus was de vrijstelling van toepassing.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-20T09:45:07+02:0020 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Buitenlandse werkgever? Wanneer is een auto vrijgesteld van BPM?

  • Huidige reiskostenvergoedingen onder de loep

Huidige reiskostenvergoedingen onder de loep

Het ministerie van Financiën gaat dit jaar, 2022, nog onderzoek doen naar de reiskostenvergoedingen van werknemers. Dit blijkt uit antwoord op Kamervragen over de invloed van de gestegen brandstofprijzen op het woon-werkverkeer.

Reiskostenvergoeding in CAO
Bekend is dat een reiskostenvergoeding voor het woon-werkverkeer in 51 van de 98 grootste CAO’s is opgenomen. De vergoeding ligt vaker op of boven,
dan onder de vrijgestelde vergoeding van €0,19 per kilometer. De vergoeding in de betreffende CAO’s varieert van 8 tot 40 eurocent per kilometer.

Onderzoek
In het aangekondigde onderzoek zal worden bekeken welk deel van de werkgevers een onbelaste reiskostenvergoeding geeft aan werknemers met vervoerskosten en tot welk bedrag. Ook wordt meegenomen hoe dit is verdeeld over verschillende kilometerklassen, inkomensklassen, soort werk en soort vervoermiddel. De uitkomsten van het onderzoek zullen nog in 2022 verschijnen.

Verlaging accijns en BTW
Het ministerie heeft met betrekking tot de Kamervragen ook gewezen op de accijnsverlaging en de aangekondigde BTW-verlaging op brandstoffen per 1 juli 2022. Gewezen wordt verder op het feit dat in het coalitieakkoord al het voornemen is opgenomen de belastingvrije vergoeding voor reiskosten te verhogen. De Tweede Kamer heeft er via een motie al op aangedrongen deze verhoogde vrijstelling eerder in te voeren dan de geplande datum van 1 januari 2024.

Tip! Een hogere onbelaste vergoeding dan €0,19 per kilometer kan wel via de werkkostenregeling worden verstrekt.

Afspraak werkgever en werknemer
Het kabinet wijst er wel op dat de verhoging van de belastingvrije vergoeding slechts de mogelijkheid biedt aan werkgevers en werknemers om hierover afspraken te maken en dat het kabinet zelf hierover niets heeft te zeggen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-16T10:24:52+02:0016 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Huidige reiskostenvergoedingen onder de loep

  • Minder erf- en schenkbelasting voor samenwonende familieleden

Minder erf- en schenkbelasting voor samenwonende familieleden

Voor samenwonende familieleden kan door de zogenoemde samentelregeling een nadelig effect optreden in erf- en schenkbelasting. Door een goedkeuring van de staatssecretaris blijft deze samentelregeling met terugwerkende kracht soms buiten toepassing voor deze familieleden. Voor wie geldt dit precies en wat is het voordeel?

Partner in de erf- en schenkbelasting
Familieleden die vijf jaar op hetzelfde woonadres staan ingeschreven, kunnen voor de schenk- en erfbelasting elkaars partner zijn. Dit geldt voor alle familieleden, dus bijvoorbeeld broers en zussen en neven en nichten. Dit geldt niet voor zogenaamde bloedverwanten in de rechte lijnen, zoals ouders en kinderen en grootouders en kleinkinderen.

Voordelen
Als familieleden fiscaal elkaars partner zijn kan dat bepaalde voordelen hebben, zoals hogere vrijstellingen in de schenk- en erfbelasting.

Nadeel door samentelregeling
Nadeel is echter dat voor partners de zogenoemde samentelregeling in de erf- en schenkbelasting van toepassing is. Partners worden dan voor de berekening van deze belastingen als één persoon aangemerkt. Voor partners die tevens familielid van elkaar zijn, zoals twee broers, kan dit vervelend uitpakken.

Voorbeeld samentelregeling
Stel, een vader schenkt aan zijn beide zoons in 2022 een bedrag van €5.000. Dan valt dit bedrag voor beide zoons in principe onder de jaarlijkse vrijstelling van in 2022 €5.677. Zij betalen dan geen schenkbelasting. Zijn beide zoons meerderjarig en wonen zij samen – bijvoorbeeld nog thuis -, dan is de kans aanwezig dat zij elkaars partner zijn voor de schenkbelasting. In dat geval is slechts één keer de jaarlijkse vrijstelling van €5.677 van toepassing en moet over een bedrag van €4.323 10% schenkbelasting betaald worden.
Eenzelfde nadeel kan zich voordoen in de erfbelasting.

Goedkeuring staatssecretaris
Daarom heeft de staatssecretaris onlangs goedgekeurd dat partners die een schenking of erfenis krijgen van dezelfde schenker of uit dezelfde nalatenschap voor de samentelregeling onder voorwaarden niet als één persoon worden aangemerkt.

Voorwaarden goedkeuring
Een voorwaarde voor de goedkeuring is dat het partnerschap uitsluitend ontstaan is doordat zij minimaal vijf jaar op hetzelfde woonadres staan ingeschreven. Er mag dus niet op andere gronden, bijvoorbeeld door een notarieel samenlevingscontract, al een partnerschap zijn. Verder moeten de partners familieleden van elkaar zijn (bloedverwant of aanverwant) en moet er tussen de schenker/overleden persoon en de ontvangers van de schenking/erfenis eenzelfde graad van bloedverwantschap of aanverwantschap bestaan.

Terugwerkende kracht goedkeuring
De goedkeuring geldt vanaf 23 april 2022 maar heeft een terugwerkende kracht van vijf jaar. Ontving je de afgelopen vijf jaar een schenking of erfenis waarover je meer belasting betaalde door de samentelregeling? Dan kun je de Belastingdienst verzoeken om een teruggaaf.

Let op! Als het al bijna vijf jaar geleden is dat je de schenking of erfenis kreeg, moet je snel in actie komen. Jouw verzoek moet namelijk binnen vijf jaar na het moment van de schenking of erfenis bij de Belastingdienst binnen zijn.

Betaalde je in de afgelopen vijf jaar (meer) erf- of schenkbelasting omdat een samenwonend familielid eenzelfde schenking of erfenis ontving? Overleg dan met onze adviseurs of je mogelijk een beroep kunt doen op de goedkeuring van de staatssecretaris.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-09T08:48:47+02:009 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Minder erf- en schenkbelasting voor samenwonende familieleden

  • Ruimere winstvrijstelling verenigingen en stichtingen

Ruimere winstvrijstelling verenigingen en stichtingen

Verenigingen en stichtingen met een relatief geringe winst kunnen vrijgesteld worden van het betalen van vennootschapsbelasting. Onder meer deze vrijstelling is in een recent arrest van de Hoge Raad verruimd voor verenigingen en stichtingen die minder dan vijf jaar bestaan.

Hoe is de winstvrijstelling geregeld?
De winst van een stichting of vereniging kan in een jaar worden vrijgesteld als deze minder dan €15.000 bedraagt. Bedraagt de winst in een jaar meer dan €15.000, dan is de vrijstelling toch van toepassing als de winst van dat jaar zelf, samen met de winsten van de vier voorafgaande jaren, niet meer bedraagt dan €75.000.

Twee zaken uit bovengenoemd arrest zijn onlangs in een Besluit verwerkt. Wat verandert er?

Minder dan vijf jaar bestaan?
In genoemd arrest van de Hoge Raad is besloten dat de winstgrens van €75.000 niet tijdsevenredig hoeft te worden toegepast voor verenigingen en stichtingen die minder dan vijf jaar bestaan. Bij een bestaan van bijvoorbeeld drie jaar hoort nog steeds een winstgrens van €75.000 en niet van 3/5 x €75.000 = €45.000.

Winstgrens maar één keer per jaar beoordelen
Het Besluit geeft ook aan dat de winstgrenzen maar één keer per jaar worden beoordeeld. Als een stichting of vereniging belastingplichtig is en vervolgens vanaf enig jaar wordt vrijgesteld, betekent dit dat er stakingswinst kan ontstaan. Deze moet worden opgenomen in de winst van het jaar dat aan het vrijgestelde jaar voorafgaat. Dit is echter niet meer van invloed op de hoogte van de winstgrenzen, aldus het Besluit.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-22T19:31:47+02:0022 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Ruimere winstvrijstelling verenigingen en stichtingen

  • Schenkingsvrijstelling eigen woning in 2023 al omlaag

Schenkingsvrijstelling eigen woning in 2023 al omlaag

In het coalitieakkoord was de afschaffing van de schenkingsvrijstelling eigen woning al opgenomen. Volledige afschaffing gebeurt pas per 2024, maar de vrijstelling wordt per 1 januari 2023 wel al verlaagd naar €27.231.

Jubelton volledig afgeschaft per 1 januari 2024
De schenkingsvrijstelling voor de eigen woning is ook wel bekend onder de naam ‘jubelton’.
Deze jubelton wordt per 1 januari 2024 volledig afgeschaft. Eerdere volledige afschaffing is volgens de minister van Financiën niet mogelijk vanwege de tijd die nodig is voor aanpassing van de automatiseringssystemen.

Jubelton omlaag per 1 januari 2023
Vooruitlopend op de volledige afschaffing wordt de jubelton vanaf 1 januari 2023 wel al verlaagd naar €27.231. De jubelton is dan gelijk aan het bedrag van de eenmalig verhoogde vrijstelling voor schenkingen tussen ouders en kinderen.

Let op! Verlaging naar €27.231 betekent feitelijk dat de jubelton voor ouders aan hun kind per 1 januari 2023 al verdwijnt. Het is namelijk niet mogelijk gebruik te maken van zowel de eenmalige verhoogde vrijstelling als de jubelton.

Bedrag in 2022
In 2022 bedraagt de jubelton nog €106.671. Dit bedrag kan geschonken worden voor een eigen woning, zonder dat schenkbelasting betaald hoeft te worden.

Voorwaarden jubelton
Een jubelton is mogelijk als de ontvanger – of zijn of haar partner – tussen de 18 en 40 jaar oud is en de jubelton gebruikt om:

  • een eigen woning te kopen of te verbouwen;
  • de hypotheek of restschuld van zijn/haar eigen woning af te lossen;
  • de rechten van erfpacht, opstal of beklemming van zijn/haar eigen woning af te kopen.

Tip! Lukt het niet om een in 2022 geschonken jubelton meteen aan een van deze doelen te besteden? Dan is het, onder de huidige wettelijke bepalingen, mogelijk om de besteding nog plaats te laten vinden in 2023 of 2024. Het is nog niet bekend hoe de nieuwe wettelijke bepalingen vormgegeven gaan worden. Houd daarom rekening met de mogelijkheid dat deze spreidingsmogelijkheid al eerder vervalt en besteding na 2022 of 2023 niet meer kan plaatsvinden.

Let op! De afschaffing van de jubelton per 1 januari 2024 en de verlaging per 1 januari 2023 worden opgenomen in het Belastingplan 2023, dat op Prinsjesdag 2022 gepresenteerd wordt. Vervolgens moet zowel de Tweede Kamer als de Eerste Kamer nog met dit wetsvoorstel instemmen. Gezien de steun hiervoor is de kans zeer groot dat dit gaat gebeuren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-17T16:53:59+01:0017 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Schenkingsvrijstelling eigen woning in 2023 al omlaag

  • Tarief overdrachtsbelasting vanaf 2023 naar 9 procent

Tarief overdrachtsbelasting vanaf 2023 naar 9 procent

Met ingang van 1 januari 2021 werd het overdrachtsbelastingtarief al verhoogd van 6 naar 8%. De regering heeft aangekondigd dit tarief met ingang van 1 januari 2023 nog verder te verhogen naar 9%.

Verhoging
Bij het aanschaffen van een onroerende zaak is overdrachtsbelasting verschuldigd. Vanaf 1979 tot en met 2020 bedroeg het tarief van deze overdrachtsbelasting 6%, maar met ingang van 1 januari 2021 is dit verhoogd naar 8%. Vanaf 2023 wordt dit tarief dus nog verder verhoogd naar 9%.

Tarief 8% of 9%?
Heffing van overdrachtsbelasting vindt plaats op het moment dat de notariële akte van levering wordt opgemaakt. Dit betekent dat als je een aankoop van een onroerende zaak in 2022 doet, maar de notariële levering in 2023 plaatsvindt, je dus 9% overdrachtsbelasting betaalt.

Tip! Lukt het niet om in 2022 notarieel te leveren, dan kan een Groninger-akte in 2022 uitkomst bieden. In zo’n akte wordt afgesproken dat de eigendom van een onroerende zaak al wel wordt geleverd, maar de koopprijs nog niet wordt betaald. Bij niet betalen komt de eigendom automatisch weer toe aan de verkoper. Overweeg bij een Groninger-akte wel of de extra kosten van zo’n akte opwegen tegen het tariefvoordeel van 1% dat daarmee behaald kan worden.

Tarief 2% of een vrijstelling
Als een natuurlijke persoon een woning verkrijgt die hij of zij als hoofdverblijf gaat gebruiken, geldt onder voorwaarden een lager overdrachtsbelastingtarief van 2%. Dit tarief blijft ook vanaf 2023 2%.

Tip! Voor starters (vanaf 18 jaar tot 35 jaar) kan in zo’n geval zelfs een vrijstelling overdrachtsbelasting gelden. Ook hiervoor gelden voorwaarden. Laat je hierover goed informeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-17T16:33:30+01:0017 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Tarief overdrachtsbelasting vanaf 2023 naar 9 procent

  • Wijziging in gerichte vrijstelling voor arbovoorzieningen

Wijziging in gerichte vrijstelling voor arbovoorzieningen

Vanaf 2022 zijn niet alle arbovoorzieningen meer gericht vrijgesteld. Alleen arbovoorzieningen die verplicht zijn volgens de Arbeidsomstandighedenwet kunnen nog onder deze vrijstelling vallen.

Gerichte vrijstelling tot 2022
Als ergens een gerichte vrijstelling voor is, kan een werkgever dit onbelast aan zijn werknemers vergoeden, verstrekken of ter beschikking stellen. Vóór 2022 gold een gerichte vrijstelling voor alle arbovoorzieningen die voortvloeiden uit het arbobeleid van de werkgever.

Vanaf 2022: verplichte arbovoorzieningen
Vanaf 2022 geldt de gerichte vrijstelling alleen nog voor arbovoorzieningen die verplicht zijn volgens de Arbeidsomstandighedenwet. Denk hierbij bijvoorbeeld aan veiligheidsschoenen, een veiligheidsbril, maar ook bijvoorbeeld een ergonomisch verantwoorde bureaustoel en een beeldschermbril.

Let op! De gerichte vrijstelling voor verplichte arbovoorzieningen geldt niet als sprake is van een eigen bijdrage van werknemers. Ook bij uitruil binnen cafetariaregelingen is de gerichte vrijstelling niet mogelijk.

Is sprake van een luxere arbovoorziening dan noodzakelijk zoals een leren bureaustoel in plaats van een stoffen bureaustoel? Dan is de meerprijs niet gericht vrijgesteld. Deze meerprijs kan wel ten laste van de vrije ruimte komen. Daarnaast is een eigen bijdrage van de werknemer voor de meerprijs ook mogelijk.

Mogelijkheden voor andere arbovoorzieningen
Een cursus stoppen met roken, een stoelmassage, sportieve activiteiten en gezondheidschecks zijn vanaf 2022 in principe niet meer gericht vrijgesteld, ook niet als deze voorzieningen zijn opgenomen in het arbobeleid van de werkgever. Deze voorzieningen zijn namelijk over het algemeen niet verplicht volgens de Arbeidsomstandighedenwet.

Let op! Een cursus stoppen met roken en een stoelmassage kunnen, als deze op de werkplek worden gehouden, alsnog onbelast op grond van de zogenoemde nihilwaardering. Voor de cursus stoppen met roken geldt overigens dat deze sinds 2020 volledig vanuit het basispakket van de zorgverzekering wordt vergoed zonder dat deze kosten ten laste van het eigen risico gaan. Het is dus de vraag hoe vaak een werkgever een dergelijke cursus nog vergoedt.

Bepaalde arbovoorzieningen die over het algemeen niet verplicht zijn volgens de Arbeidsomstandighedenwet, kunnen dat in specifieke gevallen toch zijn. In dergelijke gevallen zal de gerichte vrijstelling op deze arbovoorzieningen toch van toepassing zijn.

Vrije ruimte
Een werkgever kan de niet langer gericht vrijgestelde voorzieningen altijd nog, voor zover deze gebruikelijk zijn, ten laste van zijn vrije ruimte brengen. Zolang de werkgever nog voldoende vrije ruimte heeft, zal de voorziening dan ook onbelast zijn. Bij overschrijding van de vrije ruimte bedraagt de eindheffing 80% over deze overschrijding.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-02-17T20:51:27+01:0017 februari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wijziging in gerichte vrijstelling voor arbovoorzieningen