tweedekamer

Kabinet overweegt verhoging hoge btw-tarief

Het kabinet overweegt het hoge btw-tarief van 21% te verhogen naar 21,4%. De verhoging is één van de opties om dekking te vinden voor het tekort van € 1,2 miljard dat ontstond toen besloten werd de btw op sport, cultuur en boeken niet te verhogen.

Hoge btw-tarief

Kassabon

Het hoge btw-tarief van 21% geldt voor de meeste goederen en diensten. Voor een beperkte groep is het lage btw-tarief van 9% van toepassing, zoals voor de meeste levensmiddelen.

Andere opties

Staatssecretaris Van Oostenbruggen zal op korte termijn de Tweede Kamer meerdere opties aanbieden om het gat op de begroting te dekken.

Naast de bovengenoemde verhoging is een andere optie die overwogen zou worden een uniformering van beide btw-tarieven. De tarieven van 9 en 21% en zouden dan vervangen worden door één tarief van 17 à 18%. Dit zou € 1,3 miljard opleveren.

Nog een mogelijkheid die wordt aangedragen is het verhogen van het lage btw-tarief van 9% naar 21% voor een beperkte groep goederen en diensten.

Weerstand

De verwachting is dat een verhoging van het hoge of het lage btw-tarief op flinke weerstand zal stuiten vanuit de diverse sectoren, maar ook vanuit de politiek.

Door |2025-01-30T15:25:55+01:0030 januari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Kabinet overweegt verhoging hoge btw-tarief

Tweede Kamer wil garanties na afschaffen salderingsregeling

In het Belastingplan 2025 is voorgesteld de salderingsregeling voor zonnepanelen per 2027 af te schaffen. De Tweede Kamer is hiermee akkoord gegaan, maar heeft via een aantal amendementen op bepaalde punten wel garanties geëist.

Salderingsregeling

Juridisch

Houders van zonnepanelen kunnen nu nog de opgewekte energie verrekenen met de afgenomen energie. Deze zogenaamde salderingsregeling betekent op zonnige dagen voor energiebedrijven vaak een overschot aan energie, die kan worden weggestreept tegen vaak duurdere energie op dagen met minder zon. Om dit tegen te gaan wordt de salderingsregeling per 2027 afgeschaft. Houders van zonnepanelen krijgen dan voor teruggeleverde energie een vergoeding, waarvan de hoogte nu nog onbekend is.

Tweede Kamer wil garanties

Via een aantal amendementen heeft de Tweede Kamer garanties geëist die ervoor moeten zorgen dat het afschaffen van de salderingsregeling zo eerlijk mogelijk verloopt. De volgende amendementen zijn aangenomen:

  • Er wordt voorgesteld om de Autoriteit Consument en Markt (ACM) toezicht te laten uitoefenen op de beschikbaarheid van een concurrerend aanbod op overeenkomsten inzake teruglevering en zo nodig een bindende gedragslijn op te leggen aan leveranciers.
  • Ook wordt geëist dat de ACM op kan treden als na afschaffing van de salderingsregeling toch nog terugleverkosten worden berekend.
  • Tevens wordt voorgesteld om na 2030 een redelijke vergoeding voor teruggeleverde energie te garanderen van minstens 50% van de prijs bij afname. Op die manier kan de terugverdientijd van zonnepanelen beperkt blijven.
  • Ook wordt geregeld dat terugleverkosten alleen in rekening worden gebracht bij de veroorzakers ervan.
  • Verder vindt de Tweede Kamer dat energiecontracten per 2027 kosteloos moeten kunnen worden opgezegd als een consument met de voorgestelde wijzigingen niet akkoord gaat.

Let op! Alle amendementen moeten nog door de Eerste Kamer worden goedgekeurd en zijn dus nog niet definitief.

Door |2024-12-05T14:38:59+01:005 december 2024|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Tweede Kamer wil garanties na afschaffen salderingsregeling

Voorjaarsnota 2024: extra uitgaven en dekkingen

Na een verzoek om de voorjaarsbesluitvorming van de informateurs heeft het demissionaire kabinet besloten de Voorjaarsnota 2024 op maandag 15 april 2024 – eerder dan gepland – aan te bieden aan de Tweede en Eerste Kamer.

In de Voorjaarsnota zijn aanpassingen op de begroting voor 2024 opgenomen, evenals een vooruitblik op de begrotingen voor de komende jaren. Door de vervroegde publicatie volgen de doorrekening van de voorjaarsbesluitvorming van het CPB, de voorjaarsrapportage in het kader van het begrotingstoezicht van de Raad van State en de kabinetsreactie op een later moment, uiterlijk 30 april 2024.

Extra uitgaven

Binnenhof

De extra uitgaven opgenomen in de Voorjaarsnota bestaan onder meer uit 4,4 miljard euro extra voor militaire en humanitaire steun aan Oekraïne in de jaren 2024-2026, 0,4 miljard euro extra in 2024 en 0,9 miljard euro extra in 2025 voor de hersteloperatie Toeslagen, 0,5 miljard euro extra in 2025 voor bewoners in het aardbevingsgebied in Groningen, structureel 715 miljoen euro extra vanaf 2026 voor decentrale overheden en incidenteel 500 miljoen euro extra in 2028 voor versterking van de luchtverdediging en munitie van de krijgsmacht.

Daarnaast kent de begroting een aantal forse tegenvallers, onder meer 375 miljoen euro extra in 2024 en 700 miljoen euro extra in 2025 voor het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) voor nieuwe en bestaande locaties voor (crisis)noodopvang.

Tegenvallende inkomsten

Naast de extra uitgaven zijn er tegenvallende inkomsten, onder meer door het niet afschaffen van de salderingsregeling voor zonnepanelen en het afschaffen van de energiebelasting voor zware industrie. Daarnaast is een nieuwe afbouw van de vrijstelling motorrijtuigenbelasting (mrb) voor emissievrije personenauto’s afgesproken met een korting op de mrb voor deze auto’s vanaf 2026 van 40%, in 2029 van 35% en in 2030 van 30%.

Dekking

De extra uitgaven worden onder meer gedekt door meevallers op diverse begrotingen. De tegenvallende inkomsten worden gedekt door onder meer:

  • Het verlagen van de mkb-winstvrijstelling naar 12,03% vanaf 2025. De mkb-winstvrijstelling zou vanaf 2025 al verlaagd worden naar 12,7%. Dit wordt dus verder verlaagd naar 12,03%.
  • Het met een bedrag van € 557 lager vaststellen van het aangrijpingspunt van het hoogste tarief (49,5%) in de inkomstenbelasting in 2025(voorgenomen was een verhoging van € 1.000 tot € 1.100 ten opzichte van 2024; deze verhoging wordt dus € 557 lager).
  • Het niet verlengen van de aanschafsubsidie voor tweedehands elektrische personenauto’s (SEPP) vanaf 2025. Voor de periode 2025 tot en met 2029 waren hier middelen voor gereserveerd, maar de verlenging van de SEPP gaat dus niet door.
  • Het laten vervallen van een aparte bpm-tabel voor plug-in hybride aangedreven personenauto’s (PHEV) per 2025. De PHEV wordt vanaf 2025 ondergebracht in de reguliere bpm-tabel.
  • Het corrigeren voor inflatie van het vaste bedrag voor de eindheffing van het privégebruik van de bestelauto van de zaak die afwisselend door meerdere werknemers wordt gebruikt (€ 300). Dit bedrag is sinds de introductie in 2006 niet meer geactualiseerd en zal gecorrigeerd worden voor de inflatie.
  • Het verhogen van het tarief 3e, 4e en 5e schijf in de energiebelasting op aardgas per 2025 met 22,4% en een extra 2,7% per 2030.
  • Het afschaffen van vrijstelling voor duaal en non-energetisch verbruik kolen per 2027.

Let op! In augustus kijkt het kabinet of het nodig is de begroting (nog meer) bij te stellen. Daarbij kan ook de dekking heroverwogen worden.

Opmerkelijke belastingconstructies

In bijlage 10 bij de Voorjaarsnota deelt het kabinet de stand van zaken met betrekking tot een aantal opmerkelijke belastingconstructies. Zo is onder meer opgenomen dat de aanpak van de volgende constructies wordt uitgewerkt als wetsvoorstel in het Belastingplan 2025, de Fiscale verzamelwet 2025 of het Eindejaarsbesluit 2024:

  • Constructies in de kavelruilvrijstelling in de overdrachtsbelasting;
  • Kortdurende verhuurconstructies in de btw;
  • Belastingontwijking via de splitsingsvrijstelling in de overdrachtsbelasting;
  • Opknipgedrag bij vastgoed-bv’s om maximaal te profiteren van renteaftrek;
  • Belastingontwijking via niet-reguliere afwikkeling van pensioenaanspraken in de bv.

Het kabinet onderzoekt verder nog of aanvullende wetgeving nodig en wenselijk is om de constructies aan te pakken waarbij de heffing in box 3 wordt ontweken via agiostorting en het terugkopen van bezittingen. Over een constructie in de lucratiefbelangregeling waarover op 9 april een motie is aangenomen, wordt de Kamer vóór het zomerreces van 2024 nader geïnformeerd.

Door |2024-04-16T11:12:05+02:0016 april 2024|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Voorjaarsnota 2024: extra uitgaven en dekkingen

Mogelijke aanpassingen box 3-heffing vanaf 2024

Het kabinet gaat op 9 mei 2023 met de Tweede Kamer in overleg over een aantal aanpassingen vanaf 2024 in de box 3-heffing. Het overleg zal ook gaan over de budgettaire dekking die nodig is voor deze mogelijke aanpassingen.

Heffingskorting groen beleggen naar 1,1%

Om groen sparen en groen beleggen te stimuleren, geldt hiervoor een box 3-vrijstelling van (in 2023) € 65.072 per persoon. Fiscale partners hebben beiden recht op deze vrijstelling. Daarnaast geldt een heffingskorting van 0,7% van het vrijgestelde bedrag. Deze fiscale stimulans is een tegemoetkoming voor het lagere rendement op dit soort groene producten. De regeling kan voor groen sparen minder aantrekkelijk worden omdat, gezien de lage forfaitaire rendementen op banktegoeden, de vrijstelling minder van belang wordt. Om ook voor spaarders de prikkel om groen sparen te behouden, suggereert het kabinet de mogelijkheid om de heffingskorting vanaf 2024 tijdelijk te verhogen van 0,7% naar 1,1%.

Apart forfait voor vorderingen

Een andere mogelijke aanpassing is de introductie van een apart forfait voor vorderingen dat gelijk is aan het forfait voor schulden. Het kabinet onderzoekt nog of deze categorie vorderingen beperkt moet worden tot alleen geldleningen of zelfs tot alleen geldleningen tussen natuurlijke personen. Deze aanpassingen zou vanaf 2024 in kunnen gaan.

Tip!Als deze aanpassing wordt doorgevoerd, zal bijvoorbeeld een lening die een ouder aan een kind verstrekt bij de ouder in box 3 tegen hetzelfde forfait belast zijn als de schuld bij het kind. Op dit moment valt de vordering van de ouder in de categorie overige bezittingen tegen een forfaitair rendement van 6,17%. De schuld van het kind valt echter in box 3 tegen een veel lager forfaitair rendement (voor 2023 voorlopig vastgesteld op 2,57%).
Verdere uitsplitsing categorie overige bezittingen

Ook een nadere uitsplitsing van de categorie overige bezittingen behoort tot de mogelijke aanpassingen. Vanaf 2024 zouden dan de categorieën effecten, onroerende zaken, kapitaalverzekeringen, periodieke uitkeringen, belastbaar nettopensioen en belastbare nettolijfrente en overige bezittingen elk hun eigen forfaitair rendement krijgen.

Budgettaire dekking

Om deze aanpassingen te kunnen doorvoeren, is het wel noodzakelijk dat hiervoor budgettaire dekking wordt gevonden. Bij die dekking denkt het kabinet aan een verlaging van het heffingsvrije vermogen of een verder verhoging van het tarief in box 3.

Let op!Het box 3-tarief bedroeg in 2022 nog 31%, maar bedraagt in 2023 al 32%. In 2024 wordt dit tarief verder verhoogd naar 33% en vanaf 2025 bedraagt het 34%. Als de budgettaire dekking gevonden wordt in een verdere verhoging, bestaat dus de kans dat het box 3-tarief uiteindelijk uitkomt op 35% (of zelfs nog hoger?).

Overleg Tweede Kamer

Op 9 mei 2023 wil het kabinet in overleg met de Tweede Kamer over de mogelijke aanpassingen vanaf 2024. Op dat moment zal ook gesproken worden over de budgettaire dekking.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-04T21:12:49+02:004 mei 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Mogelijke aanpassingen box 3-heffing vanaf 2024

  • Tweede Kamer stemt in met afschaffen salderingsregeling zonne-energie

Tweede Kamer stemt in met afschaffen salderingsregeling zonne-energie

De Tweede Kamer heeft ingestemd met het op termijn afschaffen van de salderingsregeling op zonne-energie. Of de salderingsregeling ook daadwerkelijk wordt afgeschaft, hangt af van de Eerste Kamer die ook nog met het voorstel moet instemmen.

Salderingsregeling
Eigenaren van zonnepanelen kunnen nu hun opgewekte energie nog salderen met de afgenomen energie. Op deze manier is energie die men op het moment van opwekken niet zelf nodig heeft, toch rendabel. Het plan is om deze salderingsregeling vanaf 2025 in etappes af te bouwen.

Afbouw
De afbouw betekent dat iedereen tot en met 2024 nog alle opgewekte stroom kan salderen met afgenomen stroom. In 2025 en 2026 mag men nog maar 64% salderen. Daarna wordt de salderingsregeling jaarlijks met 9% afgebouwd tot en met 2030. Zodoende kan men in 2030 nog 28% salderen. Vanaf 2031 verdwijnt de mogelijkheid tot salderen volledig. Voor geleverde stroom wordt dan nog wel een vergoeding betaald.

Moties en amendementen
Er zijn bij de behandeling van de salderingsregeling tal van moties en amendementen ingediend en aangenomen. De Tweede Kamer wil bezitters van zonnepanelen toch deels tegemoetkomen met betrekking tot het nadeel van het schrappen van de salderingsregeling. Zo wil de Kamer de hoogte van de terugleververgoeding tot 2027 in de wet vastleggen net als de verplichting te salderen per tariefperiode.
Deze aangenomen moties moeten ertoe leiden dat er duidelijkheid komt in de wijze waarop de salderingsregeling moet worden toegepast en dat energiemaatschappijen hierin geen onderscheid meer kunnen maken. Nu kunnen energiemaatschappijen onder meer nog zelf bepalen welke terugleververgoeding ze hanteren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-27T16:44:27+01:001 maart 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Tweede Kamer stemt in met afschaffen salderingsregeling zonne-energie
  • Nieuwe normbedragen maaltijden, thuiswerken en reiskosten 2023 bekend

Nieuwe normbedragen maaltijden, thuiswerken en reiskosten 2023 bekend

De Belastingdienst heeft de normbedragen bekendgemaakt die in 2023 gelden voor maaltijden, thuiswerken en reiskosten. Deze zijn alle hoger dan in 2022.

Maaltijden
Voor de waarde van maaltijden in bedrijfskantines of soortgelijke ruimtes of tijdens personeelsfeesten op de bedrijfslocatie, geldt een normbedrag. Dit normbedrag stijgt van €3,35 in 2022 naar €3,55 per maaltijd in 2023. Het normbedrag, verminderd met een eventuele bijdrage van jouw werknemer, is loon voor jouw werknemer. Je kunt er echter ook voor kiezen om dit loon aan te wijzen als eindheffingsloon in de vrije ruimte.

Tip! Bepaalde maaltijden zijn gericht vrijgesteld. Dit is bijvoorbeeld het geval bij maaltijden tijdens dienstreizen, bij overwerk of werken op koopavonden. Wil je deze maaltijden vergoeden, dan kun je onder voorwaarden de werkelijke kosten vergoeden of aansluiten bij het normbedrag voor maaltijden.

Thuiswerken
Vanaf dit jaar (2022) kun je voor de extra kosten die verbonden zijn aan thuiswerken, onder voorwaarden, een onbelaste vergoeding geven aan jouw werknemer. Deze thuiswerkvergoeding bedraagt in 2022 €2, maar stijgt in 2023 naar €2,15 per dag.

Reiskostenvergoeding
Voor de zakelijke reiskilometers (waaronder woon-werkkilometers) die jouw werknemer maakt met een eigen vervoermiddel kun je in 2022 een onbelaste vergoeding geven van €0,19 per kilometer. Al eerder was bekend dat deze onbelaste vergoeding in 2023 stijgt naar €0,21 per kilometer.

Let op! De verhoging van de reiskostenvergoeding is onderdeel van het Belastingplan 2023. Dit plan is al wel door de Tweede Kamer aangenomen, maar de Eerste Kamer moet hier medio december 2022 nog over stemmen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-19T09:18:03+01:0019 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe normbedragen maaltijden, thuiswerken en reiskosten 2023 bekend

  • Onderzoeksrapport rekeningrijden naar Tweede Kamer

Onderzoeksrapport rekeningrijden naar Tweede Kamer

Het kabinet wil per 2030 de huidige motorrijtuigenbelasting (MRB) vervangen door een vorm van rekeningrijden dan wel kilometerheffing, ofwel Betalen naar Gebruik (BnG). Onlangs is een hiertoe opgesteld onderzoeksrapport naar de Tweede Kamer gestuurd. Wat zijn de uitkomsten?

Varianten
Het rapport heeft verschillende varianten van BnG onderzocht. Er is gewerkt met drie hoofdvarianten. In de eerste is een gelijk tarief voor alle voertuigen gehanteerd, in de tweede wordt voor het tarief onderscheid gemaakt naar gewicht en gebruikte brandstof, terwijl in de derde variant het tarief afhankelijk is van de CO2-uitstoot. Ook is een aantal subvarianten onderzocht, waarbij bijvoorbeeld over de eerste 3.000 km een nihiltarief wordt gehanteerd.

Bestelauto’s
Alle varianten zijn qua uitwerking gelijk voor personen- en bestelauto’s. Wel is er gewerkt met aparte tarieven voor beide soorten. Zo is er in de varianten die budgetneutraal uitwerken geen verschuiving gerealiseerd in opbrengsten tussen personen- en bestelauto’s.

Effecten
In het rapport zijn ook de te verwachten effecten vermeld. Zo zullen er naar verwachting minder kilometers worden gereden en zal daardoor ook de uitstoot door auto’s afnemen. Het totale aantal auto’s zal naar verwachting toenemen, zo wordt in het rapport aangegeven.

Overleg met belangenorganisaties
Het kabinet gaat met belangenorganisaties in overleg over de voornemens. Bij dit overleg zal ook het aan de Kamer gestuurde rapport worden gebruikt. In het voorjaar van 2023 staat verdere behandeling met de Tweede Kamer op de planning.

Alles nalezen?
Het volledige rapport is hier na te lezen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-08T19:20:47+01:008 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Onderzoeksrapport rekeningrijden naar Tweede Kamer

  • Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer>

Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer

>

De Tweede Kamer heeft ingestemd met de belastingplannen voor 2023. Op een aantal onderdelen uit deze plannen zijn wijzigingen aangebracht en een aantal zaken moet nog door het kabinet nader worden onderzocht. Wat staat jou als particulier te wachten en wat zijn de plannen voor box 3? De hoofdlijnen.

Particulieren

• de eenmalige schenkingsvrijstelling met betrekking tot een woning, ook bekend als de ‘jubelton’, wordt in 2023 verlaagd en in 2024 helemaal afgeschaft. Wie in 2022 al schenkt onder de jubelton, kan dit in 2023 nog nader aanvullen. De ontvanger van deze schenking moet deze uiterlijk in 2024 in overeenstemming met het doel van de jubelton besteden;
• het laatste tijdvak waarin een sterk wisselend inkomen gemiddeld kan worden, is 2022 tot en met 2024;
• vanaf 2023 bedraagt de maximale periodieke giftenaftrek €250.000 per kalenderjaar. Voor periodieke giften aangegaan uiterlijk 4 oktober 2022, 16.00 uur, geldt overgangsrecht;
• de inkomensafhankelijke combinatiekorting vervalt per 2025. Voor kinderen die uiterlijk 31 december 2024 geboren zijn, blijft deze korting wel bestaan zolang aan de voorwaarden wordt voldaan;
• diegene (particulier of ondernemer) die onroerend goed koopt, is vanaf 2023 10,4% overdrachtsbelasting verschuldigd (in plaats van 8%). Dit geldt niet als het verlaagde tarief van 2% of de startersvrijstelling van toepassing is bij aankoop van een eigen woning;
• aan diegene (particulier of ondernemer) die zonnepanelen laat installeren op of in de onmiddellijke nabijheid van een woning, wordt 0% BTW berekend.

Tip! Bij de aanname van het belastingpakket door de Tweede Kamer is onder meer besloten om het belastingregime voor laadpalen met twee jaar te verlengen, het algemene tarief van de kansspelbelasting verder te verhogen met 0,2% tot 29,5% en de voorgestelde tariefverhoging van de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken per 1 januari 2023 te schrappen.

Let op! Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties aangenomen waarin het kabinet onder meer wordt verzocht om te onderzoeken of de inkomstenbelasting transparanter kan worden, bijvoorbeeld door de afbouw van heffingskortingen in de nominale belastingtarieven te verwerken. Ook is een motie aangenomen om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om de fiscale faciliteiten voor ANBI’s ook toe te passen voor verenigingen.

Box 3

• vanaf 2023 geldt een nieuwe wijze van berekening van de box 3-heffing, die lijkt op de wijze waarop momenteel rechtsherstel wordt geboden voor box 3. Uitgegaan wordt van de werkelijke verdeling van het vermogen in spaargeld, overige bezittingen en schulden met elk een eigen forfaitair rendement;
• in de nieuwe wet is een zogenaamde anti-peildatumarbitragebepaling opgenomen. Bij de aanname van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer is besloten dat deze bepaling in 2024 wordt geëvalueerd;
• het tarief in box 3 wordt in 2023 verhoogd naar 32%. In 2024 en 2025 stijgt het tarief verder naar 33%, respectievelijk 34%.

Let op! Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties met betrekking tot box 3 aangenomen. Hierin wordt het kabinet onder meer verzocht om te onderzoeken of de belastingheffing in de categorie ‘overige bezittingen’ meer realistisch of verfijnd vormgegeven kan worden. Verder wordt het kabinet verzocht om te onderzoeken hoe een miljonairsbelasting, bijvoorbeeld door een vermogensbelasting van 1% op het box 3-vermogen, vormgegeven kan worden.

Let op! Deze plannen moeten nog wel door de Eerste Kamer worden goedgekeurd (december 2022).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-17T19:06:48+01:0018 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer

>
  • Wie komen er in aanmerking voor de TEK?

Wie komen er in aanmerking voor de TEK?

Minister Adriaansens heeft de Tweede Kamer geïnformeerd omtrent het verwachte gebruik van de regeling Tegemoetkoming Energiekosten (TEK). De geleverde informatie is gebaseerd op een steekproef van het CBS en geeft onder meer aan hoeveel procent van de MKB-bedrijven binnen een bepaalde sector waarschijnlijk aan de energie-intensiteitsdrempel van 12,5% voldoet.

De voorwaarden
De TEK is uitdrukkelijk bedoeld voor energie-intensieve MKB-bedrijven. Om voor de TEK in aanmerking te komen, moet een bedrijf dan ook voldoen aan een aantal eisen.
Een MKB-bedrijf:

• heeft maximaal 250 medewerkers, maximaal €50 miljoen omzet en/of balans totaal van maximaal €43 miljoen;
• staat ingeschreven in het Handelsregister van de KvK;
• verbruikt jaarlijks meer dan 5.000m³ gas of 50.000 kWh elektriciteit, én
• is energie-intensief, waarbij minimaal 12,5% van de omzet bestaat uit energiekosten.

Bakkers ‘aan kop’
Op basis van de gebruikte informatie blijkt bijvoorbeeld dat ruim 90% van de bakkers voldoet aan de voorwaarden en ook boven de energie-intensiteitsdrempel van 12,5% uitkomt. Zij zullen dus aanspraak kunnen maken op de TEK. Bij bijvoorbeeld specialistische voedingswinkels, zoals de slager en groenteboer, is dit 28%.

Let op! De TEK kan over de periode 1 november 2022 tot en met december 2023 worden aangevraagd, maar wordt – waarschijnlijk pas – in Q2 van 2023 met terugwerkende kracht uitgekeerd. Dit betekent dat een MKB-ondernemer tot die tijd de energiekosten zelf moet voldoen. Je kunt de TEK aanvragen bij RVO.nl.

Voldoe je niet aan de voorwaarden?
Bedrijven die niet in aanmerking komen voor de TEK omdat ze niet aan de voorwaarden voldoen, profiteren mogelijk nog wel van het prijsplafond voor gas en elektra. Voor gas betreft dit minstens 100.000 bedrijven en voor elektra zelfs minstens 250.000. Het betreft dan onder andere ZZP’ers, kleine kantoren en kleine winkels.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-06T09:17:11+01:009 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wie komen er in aanmerking voor de TEK?

  • Wetsvoorstel ‘Wet werken waar je wilt’ aangenomen

Wetsvoorstel ‘Wet werken waar je wilt’ aangenomen

De Tweede Kamer is akkoord gegaan met de ‘Wet werken waar je wilt’. Dit is een wijziging op de Wet Flexibel werken (Wfw). Voor jou als werkgever veranderen de wettelijke regels als je een verzoek van een werknemer voor een andere arbeidsplaats krijgt.

Werknemersverzoek beoordelen naar ‘redelijkheid en billijkheid’
De Wfw biedt werknemers de mogelijkheid om een verzoek in te dienen voor andere werktijden, arbeidsduur en arbeidsplaats. Bij verzoeken om aanpassing van de arbeidsduur of werktijden heb je voor weigering een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang nodig. Dat geldt niet voor een aanpassing van de arbeidsplaats. Je hoeft zo’n verzoek van de werknemer alleen te overwegen en hierover een gesprek te voeren.
In het wetsvoorstel dat is aangenomen staat nu dat je het werknemersverzoek om aanpassing van de arbeidsplaats ‘naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid’ moet beoordelen. Dit is een minder zware toets dan die in het kader van een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang. Je moet als werkgever beoordelen of jouw belangen naar redelijkheid en billijkheid opwegen tegen de belangen van de werknemer, daarbij alle omstandigheden van het geval betrekkend. De passage ‘daarbij alle omstandigheden van het geval betrekkend’ noodzaakt je goed door te vragen bij de werknemer naar diens belangen. Je kunt niet zonder meer afgaan op het gestelde in het verzoek.

Meer vrijheid voor creëren balans tussen werk en privé
Doel van de wet is werknemers meer vrijheid te geven in hoe zij de balans tussen het werken op werklocatie en het werken thuis willen inrichten. Het wetsvoorstel gaat zowel over het recht op thuiswerken, als ook over het recht op werken op de werklocatie. Dit is in lijn met een eerder dit jaar uitgebracht advies van de SER aan het kabinet over hybride werken, waarin zij stelt dat de werknemer meer zeggenschap zou moeten hebben over wel of niet thuiswerken. Het wetsvoorstel ziet daarmee niet zonder meer toe op het veel bredere begrip ‘plaatsonafhankelijk werken’ zoals dat nu in de Wfw is opgenomen.

Niet voor hele kleine werkgevers
Wanneer je minder dan tien werknemers hebt, is het wetsvoorstel voor jou niet van toepassing. Het zou namelijk grote gevolgen voor jouw bedrijfsvoering kunnen hebben. Dit geldt ook al voor verzoeken om aanpassing van arbeidsduur en werktijden.

Let op! Het wetsvoorstel moet nog goedgekeurd worden door de Eerste Kamer. De ingangsdatum is nog niet bekend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-07-20T11:39:57+02:0020 juli 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wetsvoorstel ‘Wet werken waar je wilt’ aangenomen