samenwerkenverbinden

  • Het MKB staat voor grote uitdagingen

Het MKB staat voor grote uitdagingen

Het MKB heeft in 2021 financieel over de breedte goed gepresteerd, mede dankzij de Coronasteun van de overheid. Niet alleen de omzet en de winst stegen, ook de vermogenspositie en de kredietwaardigheid staan op grote hoogte. Maar de onderlinge verschillen tussen MKB-ondernemingen zijn groot. Waar sommige ondernemers plussen behalen, zijn er ook bedrijven waar dit nog lang niet het geval is. Bovendien zijn de opgebouwde buffers keihard nodig in het licht van de grote uitdagingen waar het MKB nu voor staat.

Dit komt naar voren uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2022, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Omzetstijging ruim 10%, winststijging bijna 38%
In 2021 heeft het MKB ten opzichte van 2020 een omzetstijging van ruim 10% laten zien en een winststijging van bijna 38%. Dit zijn weliswaar gemiddelden en er zijn behoorlijke verschillen tussen en in de branches. Als we bijvoorbeeld de cijfers van de horeca vergelijken met het pre-Coronajaar 2019, zien we dat de sector nog lang niet op het oude niveau zit. Maar in het algemeen geven de cijfers een positief beeld. Gemiddeld genomen hebben de steunmaatregelen van de overheid goed gewerkt.

Zorgen over toegang tot financiering
Het MKB staat voor grote uitdagingen. Daarbij valt te denken aan de sterk gestegen energieprijzenoorlog – mede door de oorlog in Oekraïne –, de schaarste aan grondstoffen, de personeelstekorten en de koopkrachtdaling. En dat terwijl het MKB volgens Harry Marissen, bestuurslid SRA, en Jacco Vonhof, voorzitter van MKB-Nederland, steeds moeilijker aan financiering kan komen. “Dat vind ik een zorgwekkende ontwikkeling”, zegt Marissen. “Bedrijven moeten zich wapenen voor de toekomst en blijven innoveren en investeren, ook in de energietransitie.”
Wat moet het kabinet nu doen voor een gunstig ondernemersklimaat? Vonhof: “We mogen trots zijn op de prestaties van ondernemers. Voor veel sectoren is vorig jaar een goed jaar geweest. Het MKB in bijvoorbeeld de industrie heeft de buffers ook nodig om de crisis vanwege de oorlog in Oekraïne aan te kunnen. We maken ons zorgen over de ondernemers die met forse Coronaschulden overeind moeten blijven. Het kabinet moet voor deze groep aandacht houden. We staan als ondernemers voor forse innovatie en dus investeringsuitdagingen. Digitalisering en robotisering zullen, gegeven de krappe arbeidsmarkt, een impuls krijgen. Investeringen om te voldoen aan de duurzaamheidseisen vragen sowieso veel van het MKB. Het is heel mooi nieuws dat het eigen vermogen gemiddeld in het MKB op peil is gebleven in 2021. Dat de toegang tot financiering niet is verbeterd, is een flinke tegenvaller. Als we dit niet oplossen, gaan we onze ambities niet halen.”

Omzetontwikkeling over 2021
De omzet is het sterkst gestegen in de industrie (+20,8%), gevolgd door de specialistische zakelijke dienstverlening (+12%), de logistieke branche (+11,6%) en de horeca (+11,4%). De bouw (+4,8%) en de detailhandel (+5,3%) blijven achter bij het gemiddelde. De omzetstijging van de horeca in 2021 moet worden gezien in de context van een omzetdaling in 2020.
De omzetontwikkeling in het MKB heeft in 2021 gemiddeld een verbetering laten zien ten opzichte van het voorgaande jaar (10,1%, tegenover +0,6% in 2020). De groei werd vooral gedreven door het herstel van de economie, al hebben lockdowns ervoor gezorgd dat niet alle bedrijven hier (even sterk) van hebben kunnen profiteren. Per saldo heeft bijna 73% van de MKB-bedrijven de omzet zien stabiliseren of stijgen.

Ondernemers in Groningen, Friesland en Drenthe presteerden in 2021 opnieuw beter dan de rest van het land. In deze regio zag ruim 55% van de MKB-bedrijven de omzet relatief sterk toenemen. Uit de SRA-verdeling naar jaaromzet blijkt dat vooral microbedrijven (tot 1 miljoen euro) de omzet vorig jaar zagen stabiliseren of groeien (75%). Van de grote bedrijven (> 10 miljoen) wist bijna 69% de omzet gelijk te houden of te verhogen.

Winstontwikkeling over 2021
De winst is in 2021 met bijna 38% toegenomen. Dit is erg sterk ten opzichte van het voorgaande jaar (+9%) en ook in vergelijking met de omzetgroei. De verschillen waren echter groot. Per saldo liet bijna 54% van de ondernemers een stabiele of hogere winst zien ten opzichte van een jaar eerder. Bij micro-ondernemingen, minder dan 10 fte, was dat 45%. Dat komt omdat zij minder gebruik konden maken van de NOW-steunmaatregel in vergelijking met grotere ondernemingen.
De winstontwikkeling was het sterkst in de horeca, op afstand gevolgd door de automotive. Daarbij moet voor de horeca wel worden vermeld dat 2020 een extreem slecht jaar was, waardoor de winstontwikkeling in 2021 sterk lijkt. Wel zijn de verschillen binnen deze branches groot en werd de winstontwikkeling sterk beïnvloed door de Coronasteunmaatregelen. De winstgroei in de bouw was met 7,3% relatief beperkt, een branche die naar verhouding weinig gebruik heeft gemaakt van de steunmaatregelen.
Op regioniveau was het beeld het positiefst in Groningen, Friesland en Drenthe. In deze provincies zag bijna 55% van de bedrijven de winst gelijk blijven of stijgen. Uit de verdeling naar jaaromzet blijkt dat vooral bedrijven met een omzet van 10 miljoen euro of meer de winst vorig jaar hebben zien stabiliseren of groeien (bijna 83%).

Grafiek Branches in Zicht 2022

Ontwikkeling eigen vermogen
Het eigen vermogen is in het MKB in totaal met bijna 17% toegenomen. Een jaar eerder was er een stijging van bijna 13%. De groei van het eigen vermogen in 2021 zal voor een groot deel verband houden met de stevige winstgroei die is toegevoegd aan het eigen vermogen. Daarnaast heeft de Coronasteun van de overheid voorzien in liquiditeit.

Kredietwaardigheid op recordhoogte
Uit berekeningen van SRA-BiZ komt naar voren dat gemiddeld 86,4% van het MKB vorig jaar een PD-rating van onder de 1% liet zien; dit is opnieuw een verbetering ten opzichte van het voorgaande jaar (83,5%). Vanaf 2015 is consistent een stijging van dit percentage zichtbaar. Bij het cijfer over 2021 merken we op dat de schulden als gevolg van de steun en uitgestelde belastingen nog geen rentelasten geven. Op het moment dat dit rentedragende leningen worden, met een wettelijke rente, zal dit snel doorwegen op de PD-rating. De industrie, bouw en de medische zorg hebben het hoogste percentage kredietwaardige bedrijven.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-08T09:53:23+02:008 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Het MKB staat voor grote uitdagingen

  • Tarief overdrachtsbelasting beleggings- en bedrijfspand fors hoger

Tarief overdrachtsbelasting beleggings- en bedrijfspand fors hoger

Het tarief van de overdrachtsbelasting voor beleggings- en bedrijfspanden gaat volgend jaar fors omhoog. Dit stelt het kabinet voor in de onlangs bekend gemaakte Voorjaarsnota.

Overdrachtsbelasting
Overdrachtsbelasting wordt geheven bij de overdracht van panden, dus meestal bij verkoop ervan. Voor beleggings- en bedrijfspanden, maar ook voor een tweede woning, zoals een vakantiewoning, bedraagt de overdrachtsbelasting nu 8%. Eerder was al bekendgemaakt dat het tarief volgend jaar zou stijgen naar 9%. Dit is nu gewijzigd in 10,1%. De aanschaf van een beleggings- of bedrijfspand of tweede woning wordt daardoor fors duurder.

Let op! De overdrachtsbelasting komt voor rekening van de koper van een pand.

Overige tarieven ongewijzigd
De overdrachtsbelasting kent een tarief voor eigen woningen van 2% indien deze door de eigenaar zelf bewoond worden. Daarnaast bestaat er in deze gevallen een vrijstelling voor jongeren die minstens 18 jaar zijn maar nog geen 35 jaar zijn. Zij kunnen maar één keer van de vrijstelling van overdrachtsbelasting gebruik maken. Een en ander blijft ongewijzigd.

Beleggen in woningen aan banden
Met het voorstel het tarief van de overdrachtsbelasting te verhogen, wil het kabinet het beleggen in woningen verder aan banden leggen. Op deze manier hoopt het kabinet de forse stijging van de prijs van woningen af te kunnen remmen.

Goedkeuring parlement
De Voorjaarsnota waarin het voorstel staat, moet nog wel door het parlement worden goedgekeurd. De verhoging van het tarief is dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-31T11:19:28+02:0031 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Tarief overdrachtsbelasting beleggings- en bedrijfspand fors hoger

  • Voorjaarsnota: forse beperking eerste tariefschijf VPB

Voorjaarsnota: forse beperking eerste tariefschijf VPB

De eerste belastingschijf van de vennootschapsbelasting (VPB) wordt vanaf 2023 fors ingekort. Nu nog betalen bedrijven over de eerste €395.000 winst een tarief van 15%. Vanaf 2023 wordt die grens verlaagd naar de eerste €200.000. Dit voorstel staat in de Voorjaarsnota.

Tarieven vennootschapsbelasting
Het tarief van de eerste schijf in de vennootschapsbelasting is vooral van belang voor het MKB. De eerste schijf was juist dit jaar verhoogd van €245.000 naar €395.000. Het voorstel betekent dat over de winst vanaf €200.000 voortaan 25,8% belasting moet worden betaald. Voor de winst tussen €200.000 en €395.000 betekent dat dus een verhoging van het tarief met maar liefst
10,8%-punt.

Let op! Het voorstel is nog niet definitief en moet nog door het parlement worden aangenomen. Dit betekent dat er ook nog wijzigingen kunnen plaatsvinden.

Tarief na uitdeling ook hoger
Ondernemingen in de vennootschapsbelasting betalen over de behaalde winst vennootschapsbelasting. Wordt deze winst vervolgens uitgedeeld aan de aandeelhouder, dan wordt deze nogmaals belast in box 2 als er sprake is van een aanmerkelijk belang. Dit tarief bedraagt tot 2024 26,9%. Daardoor wordt het samengestelde tarief over uitgedeelde winst ook hoger, voor zover het winstniveau tussen €200.000 en €395.000 ligt.

Niet voor inkomstenbelasting
Mkb-ondernemers in de inkomstenbelasting, zoals eenmanszaken en vennootschappen onder firma, worden niet door de belastingverhoging getroffen, maar krijgen met andere lastenverhogende maatregelen te maken. Met name BV’s zijn de dupe van deze maatregel.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-25T10:49:34+02:0025 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Voorjaarsnota: forse beperking eerste tariefschijf VPB

  • Wat als u het niet eens bent met het geboden rechtsherstel box 3?

Wat als u het niet eens bent met het geboden rechtsherstel box 3?

Als je tegen de box 3-heffing in jouw aanslagen inkomstenbelasting 2017, 2018, 2019 en/of 2020 tijdig bezwaar maakte, beoordeelt de Belastingdienst vóór 4 augustus of en zo ja welk rechtsherstel je krijgt. Wat kun je nog doen als je het niet eens bent met dat rechtsherstel?

Rechtsherstel box 3
Eind 2021 oordeelde de Hoge Raad dat de huidige belastingheffing over vermogen in box 3 in strijd is met het Eerste Protocol bij het EVRM als het werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. De Hoge Raad stelde dat het voordeel uit sparen en beleggen moest worden bepaald op het werkelijk behaalde rendement.
Eind april 2022 werd bekend dat iedereen die tijdig bezwaar maakte tegen de box 3-heffing in de aanslagen inkomstenbelasting vanaf 2017 automatisch vóór 4 augustus 2022 rechtsherstel krijgt.

Verweer tegen rechtsherstel
Na dit automatisch rechtsherstel bestaat in principe geen mogelijkheid meer om daartegen in beroep te gaan. De Hoge Raad heeft op 20 mei 2022 echter uitgelegd wat je nog wel kunt doen.
Als je je niet kunt vinden in de berekening van het rechtsherstel kun je een verzoek om ambtshalve vermindering indienen bij de Belastingdienst. Wijst de Belastingdienst dit af, dan kun je daartegen in bezwaar en eventueel in beroep bij de belastingrechter. Op deze manier kun je, via een omweg, alsnog het rechtsherstel voorleggen aan de rechter.

Lopende rechtsprocedures
Op 4 februari verklaarde de staatssecretaris van Financiën alle als massaal bezwaar aangewezen bezwaarschriften over de box 3-heffing gegrond. De Hoge Raad oordeelde op 20 mei 2022 ook dat rechtbanken en gerechtshoven zich in procedures vanaf 4 februari 2022 ook mogen uitspreken over de gevolgen voor box 3 van de uitspraak van de Hoge Raad van 24 december 2021. Hierdoor kunnen rechtbanken en gerechtshoven vanaf 4 februari 2022 bij de behandeling van een individueel beroep ook het rechtsherstel naar aanleiding van de uitspraak van 24 december 2021 meenemen. Heb je dus al een zaak lopen bij een rechtbank of een gerechtshof over box 3, dan is gesplitste behandeling niet langer nodig.

Let op! Lag jouw zaak voor 4 februari 2022 al bij de Hoge Raad? Dan is deze gezamenlijke behandeling helaas niet mogelijk en moet je alsnog twee procedures doorlopen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-24T16:18:00+02:0024 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wat als u het niet eens bent met het geboden rechtsherstel box 3?

  • Voorjaarsnota: wat zijn de fiscale gevolgen?

Voorjaarsnota: wat zijn de fiscale gevolgen?

Ondernemers gaan bij hogere winsten meer vennootschapsbelasting betalen en in box 2 worden twee tarieven geïntroduceerd, in plaats van één tarief nu. Deze en andere nieuwe belastingmaatregelen komen uit de plannen van de Voorjaarsnota van 20 mei 2022.

Voorjaarsnota
Vrijdag 20 mei 2022 zond de minister van Financiën de Voorjaarsnota naar de Tweede Kamer. De Voorjaarsnota bevat een bijwerking van de begroting voor 2022 en de plannen voor 2023 en verder. Hieruit kunnen verschillende nieuwe belastingmaatregelen ontleend worden.

Nieuwe belastingmaatregelen vanaf 2023
De belangrijkste aangekondigde nieuwe belastingmaatregelen vanaf 2023 zijn:

• De tariefschijf vennootschapsbelasting gaat weer naar €200.000 (is nu €395.000). Vanaf 2023 is dus voor winsten boven de €200.000 al 25,8% vennootschapsbelasting verschuldigd.
• Het is vanaf 2023 niet langer mogelijk om een bedrag te reserveren voor de Fiscale Oudedagsreserve (FOR).
• De verhoging van het heffingsvrij vermogen in box 3 van €50.650 naar circa €80.000 gaat niet door.
• De aangekondigde verhoging van de ouderenkorting vanaf 2023 gaat niet door.
• De doelmatigheidsmarge in het gebruikelijk loon wordt verlaagd van 25% naar 15% met als gevolg dat mogelijk een verhoging van het DGA-loon nodig is.
• Het algemene tarief in de overdrachtsbelasting voor beleggers gaat van 8% omhoog naar 10,1% (was eerder 9% aangekondigd).

Tarieven box 2 en 30%-regeling vanaf 2024
Vanaf 2024 zijn twee tarieven in box 2 aangekondigd: 26% voor de eerste €67.000 inkomsten per persoon, 29,5% daarboven. Op dit moment geldt één tarief van 26,9%.
Daarnaast wordt de 30%-regeling vanaf 2024 beperkt tot de zogenaamde Balkenende norm.

Algemene heffingskorting vanaf 2025
De daling van de algemene heffingskorting is vanaf 2025 niet alleen maar afhankelijk van het inkomen in box 1, maar ook van het inkomen in box 2 en 3.

Meevallers reiskostenvergoeding en zonnepanelen
Naast deze lastenverzwarende maatregelen zijn ook wat meevallers te melden. Zo vindt de eerder aangekondigde verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding al plaats vanaf 2023. Daarnaast start de afbouw van de salderingsregeling voor de teruglevering van energie van zonnepanelen niet in 2023 maar in 2025 en is vanaf 2023 geen BTW meer verschuldigd over de levering en installatie van zonnepanelen op en in de onmiddellijke nabijheid van woningen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-23T14:12:20+02:0023 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Voorjaarsnota: wat zijn de fiscale gevolgen?

  • Buitenlandse werkgever? Wanneer is een auto vrijgesteld van BPM?

Buitenlandse werkgever? Wanneer is een auto vrijgesteld van BPM?

Buitenlandse werkgevers die aan een in Nederland wonend personeelslid een auto ter beschikking stellen, kunnen onder voorwaarden vrijstelling van de BPM krijgen. Onlangs heeft de rechter duidelijkheid geschapen rond één van de hiervoor geldende voorwaarden.

BPM
De BPM, belasting van personenauto’s en motorrijwielen, is een belasting die bij aanschaf van een auto of motor in Nederland wordt geheven. De uitstoot van CO2 is bepalend voor de hoogte van de BPM. Voor auto’s zonder uitstoot betaal je geen BPM.

Vrijstelling
Er geldt in een aantal gevallen een vrijstelling voor de BPM. Eén daarvan, de werknemersvrijstelling, heeft betrekking op een auto die door een buitenlandse werkgever ter beschikking is gesteld en in Nederland alleen wordt gebruikt door een werknemer of zijn inwonende gezinsleden. De werkgever moet dan schriftelijk hebben verklaard dat de auto ter beschikking is gesteld en hoofdzakelijk is bestemd voor de uitvoering van werkzaamheden buiten Nederland.

Waar wordt de auto geregistreerd?
Voor de vrijstelling geldt ook de voorwaarde dat de werknemer als gevolg van de arbeidsverhouding tussen hem en zijn werkgever in beginsel geen invloed kan uitoefenen op de beslissing in welk land de auto wordt geregistreerd. De rechter moest zich onlangs uitspreken over de betekenis van deze eis.

Is 50% zeggenschap voldoende?
In de betreffende zaak was aan een DGA van een Belgische BV een auto ter beschikking gesteld. De DGA bezat 50% van de aandelen. De DGA vroeg de werknemersvrijstelling voor de BPM aan, maar de inspecteur wees deze af. Volgens de inspecteur kon de DGA wél invloed uitoefenen op de keuze waar de auto zou worden geregistreerd.

Beslissing tegenhouden is onvoldoende
De rechter was het hier niet mee eens en stelde de DGA in het gelijk. De DGA kon volgens de aandelenverhouding met 50% van de aandelen wel beslissingen tegenhouden, maar zelf geen beslissingen doordrukken. Hij kon formeel dan ook geen invloed uitoefenen op de plaats waar de auto zou worden geregistreerd en dus was de vrijstelling van toepassing.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-05-20T09:45:07+02:0020 mei 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Buitenlandse werkgever? Wanneer is een auto vrijgesteld van BPM?

  • Gebruikelijk loon DGA dit jaar weer hoger

Gebruikelijk loon DGA dit jaar weer hoger

Ook dit jaar wordt het zogenaamde gebruikelijk loon van een DGA verhoogd. Het loon dat een DGA jaarlijks verplicht uit de BV ten minste op moet nemen, stijgt van €47.000 naar €48.000.

Werkelijk gebruikelijk loon
Een gebruikelijk loon van €48.000 is echter lang niet altijd voldoende. Het gebruikelijk loon dient namelijk te worden vastgesteld op 75% van het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij de BV, indien een van deze bedragen meer is dan €48.000.

Let op! Alleen als het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager dan € 48.000 is, wordt het gebruikelijk loon vastgesteld op dit bedrag. U moet dit dan wel aantonen.

Ook lager gebruikelijk loon onder bijzondere omstandigheden
Een lager gebruikelijk loon is onder bepaalde bijzondere omstandigheden ook mogelijk. Het gaat dan om BV’s die voor toepassing van de S&O-afdrachtvermindering in 2022 als starter worden aangemerkt, overige startende BV’s die het gebruikelijk loon niet kunnen betalen en om verlieslijdende BV’s. Hiervoor gelden wel aanvullende voorwaarden.

Corona
Voor de jaren 2020 en 2021 was bepaald dat ook BV’s die getroffen werden door de Coronacrisis het gebruikelijk loon lager konden vaststellen. Het is nog onduidelijk of deze maatregel ook voor 2022 zal gelden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-24T13:40:03+01:0024 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Gebruikelijk loon DGA dit jaar weer hoger

  • Aanvraagperiode definitieve NOW-berekening verlengd

Aanvraagperiode definitieve NOW-berekening verlengd

Werkgevers krijgen meer tijd om de definitieve aanvraag voor de NOW, de tegemoetkoming in de loonkosten, in te dienen. Voor het indienen van de aanvraag voor de definitieve vaststelling NOW 1.0 is de termijn verlengd naar 31 oktober 2021. Dit heeft minister Koolmees bekendgemaakt.

Tegemoetkoming NOW
De NOW-regeling is een tegemoetkoming in de loonkosten voor bedrijven met een omzetdaling van minstens 20% als gevolg van de Coronacrisis. De tegemoetkoming bedroeg eerst maximaal 90% van de loonkosten en bedraagt vanaf 1 januari 2021 maximaal 85% van de loonkosten. Per 1 april 2021 gelden strengere voorwaarden en wordt ook minder loonkostensubsidie verleend.

Definitieve tegemoetkoming
Werkgevers die een tegemoetkoming hebben aangevraagd, krijgen na hun aanvraag eerst een voorschot. Pas als het werkelijke omzetverlies bekend is, kan het UWV de definitieve tegemoetkoming berekenen. Hiervoor moeten werkgevers per aanvraagperiode een aparte ‘aanvraag tot definitieve vaststelling’ doen.

Alle aanvraagperiodes verlengd
Onder meer vanwege de complexiteit van de aanvragen en drukte bij accountantskantoren is besloten de aanvraagperiode voor de definitieve tegemoetkoming van de NOW 1.0 te verlengen tot 31 oktober 2021. Ook de aanvraagperiodes voor definitieve vaststelling van de overige tegemoetkomingen via de NOW zijn verlengd.
Let op! Daarnaast wordt de aanvraagperiode voor de NOW-2 vervroegd van 15 april 2021 naar 15 maart 2021.

Overzicht NOW (d.d. 23-02-2021)

    1. UWV aanvraag periode 1: NOW 1.0 01-03-2020 t/m 30-05-2020.
      Periode definitieve aanvraag UWV:07-10-2020 t/m 31-10-2021.
    2. UWV aanvraag periode 2: NOW 2.0 01-06-2020 t/m 30-09-2020.
      Periode definitieve aanvraag UWV: 15-03-2021 t/m 05-01-2022.
    3. UWV aanvraag periode 3: NOW 3.1 01-10-2020 t/m 31-12-2020.
      Periode definitieve aanvraag UWV: 04-10-2021 t/m 26-06-2022.
    4. UWV aanvraag periode 4: NOW 3.2 01-01-2021 t/m 31-03-2021.
      Periode definitieve aanvraag UWV: 31-01-2022 t/m 23-10-2022.
    5. UWV aanvraag periode 5: NOW 3.3 01-04-2021 t/m 30-06-2021.
      Periode definitieve aanvraag UWV: 31-01-2022 t/m 23-10-2022.

Ruime betalingsregelingen
Bij de definitieve vaststelling van de tegemoetkoming kan het voorkomen dat een deel van het reeds uitgekeerde voorschot wordt teruggevorderd. Vanwege de voortdurende beperkende maatregelen inzake de lockdown, kan dit met financiële moeilijkheden gepaard gaan.

Let op! Het UWV biedt daarom de mogelijkheid tot ruimte betalingsregelingen, waarbij de persoonlijke situatie van werkgevers betrokken wordt. Uitstel van betaling behoort tot één van de mogelijkheden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-02T10:34:25+01:002 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Aanvraagperiode definitieve NOW-berekening verlengd
  • Verduidelijking extra steunmaatregelen door lockdown

Verduidelijking extra steunmaatregelen door lockdown

Het kabinet heeft duidelijkheid gegeven omtrent een aantal extra financiële maatregelen die als gevolg van de strenge lockdown zijn opgesteld. We zetten de belangrijkste op een rij.

Reiskostenvergoeding verlengd
Werknemers die thuiswerken vanwege Corona, kunnen in ieder geval tot 1 februari 2021 een vaste onbelaste reiskostenvergoeding blijven ontvangen. Dit ondanks het feit dat de werknemer vanwege het thuiswerk geen reiskosten maakt. Deze regeling zou eigenlijk per 1 januari 2021 stoppen.

Let op! Voorwaarde is ook nu dat de reiskostenvergoeding al vóór 13 maart 2020 was toegekend. Het kabinet bekijkt in januari hoe het na 1 februari 2021 met onbelaste reiskostenvergoedingen omgaat.

Omvang voorraadvergoeding
Winkeliers die door de lockdown verplicht gesloten zijn en hierdoor met een onverkoopbare voorraad zitten opgescheept, krijgen hiervoor compensatie. Voorwaarde is dat er een minimaal omzetverlies van 30% moet zijn. De minimale compensatie bedraagt 2,8% van het omzetverlies. De tegemoetkoming bedraagt maximaal €20.160.

De tegemoetkoming is onbelast voor de winstbelasting, komt bovenop de TVL en wordt vanaf half januari 2021 uitbetaald.

Uitstel aflossen TOZO-leningen
Ondernemers die in het kader van de TOZO een lening hebben afgesloten voor bedrijfskapitaal, hoeven die pas vanaf 1 juli 2021 af te lossen. Dit is zes maanden later dan oorspronkelijk gepland. In die zes maanden wordt ook geen rente opgebouwd. Daarnaast wordt de aflossingstermijn met een half jaar verlengd naar 3,5 jaar.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2020-12-21T11:36:12+01:0021 december 2020|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Verduidelijking extra steunmaatregelen door lockdown
  • Kan een werkgever een mondkapje verplicht stellen?

Kan een werkgever een mondkapje verplicht stellen?

Kan een werkgever, om te voldoen aan zijn zorgplicht, het dragen van een niet-medisch mondkapje verplicht stellen? En wie betaalt dat dan? En wat als een werknemer geen mondkapje wil dragen?

De werkgever heeft een wettelijke zorgplicht. Dat houdt in dat hij moet zorgen voor een veilige werkomgeving voor de medewerkers. Ook is hij op grond van de Arbeidsomstandighedenwet verplicht een arbeidsomstandighedenbeleid te voeren en daarin aandacht te besteden aan de risico’s op de werkvloer. Het basisdocument hiervoor is de Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E). Ook daarin moet aandacht worden geschonken aan de maatregelen in verband met Corona.

Voldoen aan de zorgplicht
Om te voldoen aan de zorgplicht kan de werkgever het dragen van een niet-medisch mondkapje verplicht stellen. De werkgever heeft immers ook een instructierecht. Dit instructierecht houdt in dat de werkgever aanwijzingen kan geven over de wijze waarop en de omstandigheden waaronder de arbeid moet worden verricht. Wel geldt dat het moet gaan om redelijke voorschriften. Indien het bijvoorbeeld niet mogelijk is op de werkvloer genoeg afstand te houden, zoals in een supermarkt met smalle gangpaden, dan kan het redelijk zijn een mondkapje verplicht te stellen.

Wie betaalt het mondkapje?
Indien de werkgever het dragen van een niet-medisch mondkapje verplicht stelt, moet de werkgever mondkapjes beschikbaar stellen of de mogelijkheid bieden om de kosten te declareren. Ook moet de werkgever duidelijke instructies geven over het gebruik ervan.

Als een werknemer geen mondkapje wil dragen
Geeft de werknemer geen gehoor aan het verzoek van de werkgever om mondkapjes te dragen op de werkvloer, dan kan zijn werkgever hem naar huis sturen om daar te gaan werken. Betreft het een werknemer die vanwege de aard van zijn werkzaamheden niet kan thuiswerken, dan kan het gedrag van de werknemer aanleiding vormen voor de werkgever om een disciplinaire maatregel op te leggen, zoals een waarschuwing of het stoppen van de loonbetaling. Dit is uiteraard een uiterste middel. Het blijft altijd van belang om met elkaar in gesprek te gaan.

Medische belemmeringen voor het dragen
Er zijn werknemers die om gezondheidsredenen geen (of niet langdurig) een mondkapje kunnen dragen. In dit verband kan worden gedacht aan mensen met luchtwegklachten, zoals astma of COPD. Ook kunnen werknemers in paniek raken als gevolg van het dragen van een mondkapje. Door mondkapjes op het werk te verplichten, zijn deze werknemers feitelijk niet meer geschikt voor het eigen werk. Het invoeren van een mondkapjesplicht betreft daarom maatwerk.

Instemmingsrecht OR/PVT
Aangezien het verplicht stellen van mondkapjes op de werkvloer betrekking heeft op de arbeidsomstandigheden, geldt er een instemmingsrecht voor de Ondernemingsraad (or) of de Personeelsvertegenwoordiging (pvt). Zonder instemming van de OR of PVT zal het lastig zijn een mondkapjesverplichting in te voeren.

Tip! Check of de branche een (erkende) RI&E of een Coronaprotocol heeft. Daar kunnen handvatten in staan die van toepassing zijn op jouw bedrijfssituatie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2020-12-18T09:51:46+01:0018 december 2020|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Kan een werkgever een mondkapje verplicht stellen?