personeel

  • Winst en omzet horeca keihard geraakt door de Coronacrisis

Winst en omzet horeca keihard geraakt door de Coronacrisis

Onzekerheid in de branche is enorm
De Coronacrisis en de lockdownmaatregelen hebben de horeca ontzettend hard geraakt. Dit zien we terug in een ongekende krimp van de omzet- en de winstontwikkeling over 2020. Bovendien zijn de verdienmodellen in coronatijd aangetast en dit kan een herstel bemoeilijken. Dit blijkt uit het nieuwe SRA-rapport ‘Branches in Zicht 2021, de harde cijfers van Nederlandse ondernemingen’.

Omzetkrimp breed gedragen
De omzet is in de horeca in 2020 per saldo met 21,5 procent gekrompen, tegenover een lichte groei voor het MKB als geheel (0,6 procent). De krimp in de horeca werd breed gedragen: het aandeel van bedrijven met een lagere omzet steeg hard naar bijna 76 procent; 16 procent zag de omzet zelfs met 50 procent of meer afnemen.

Ongekende daling winst en brutomarge
De winstontwikkeling daalde met bijna 31 procent en de brutomarge kwam ruim 22 procent lager uit. In beide gevallen bleef de branche duidelijk achter bij het MKB-gemiddelde. 68 procent van de horecaondernemers zag de winst afnemen en 41,2 procent zelfs met 50 procent of meer. Deze percentages liggen ver boven die van eerdere jaren.

Winst en omzet over de jaren
In de meerjarenvergelijking (zie de grafiek) valt op dat de omzet en de winst jaar sinds 2014 jaarlijks minder sterk stegen en sinds 2018 onder het MKB-gemiddelde doken. Het jaar 2019 was een trendbreuk, met nog maar een zeer bescheiden stijging van de omzet van 1,5% en een daling van de winst van bijna 11%. De extreme dalingen van de omzet en winst als gevolg van Corona in 2020 werden dus al eerder ingezet.

Grote verschillen binnen de branche
Binnen de horeca liepen de resultaten in 2020 sterk uiteen. De vakantieparken profiteerden van het feit dat we door de reisverboden vakantie in eigen land moesten vieren en kenden een uitstekend jaar. Hotels, cafés en restaurants belandden daarentegen diep in de rode cijfers. Horecaondernemers die voor de Coronacrisis al vooral op afhalen en bezorgen gericht waren, zoals snackbars en eetkramen, hebben de schade over het algemeen relatief beperkt gehouden of zelfs een winstgroei laten zien.

Personeelskosten sterk omlaag
Aan de kostenkant viel op dat de personeelskosten sterk zijn gedaald (-19,7 procent). Dit komt deels doordat flexwerkers niet meer zijn betaald, maar ook door de aftrek van de NOW-regeling. De loonkosten zijn met bijna 11 procent afgenomen.

Kredietwaardigheid verslechterd
Het percentage horecabedrijven dat aan de financiële verplichtingen kan voldoen (een PD-rating < 1 procent), is uitgekomen op 77. Dit betekent een lichte achteruitgang ten opzichte van het voorgaande jaar. De branche blijft duidelijk achter bij het MKB-gemiddelde, dat licht verbeterde naar 83,2 procent. Wel merken we op dat de verschillen binnen de branche ook hier aanzienlijk zijn. Per saldo is de categorie bedrijven die feitelijk op omvallen staan (PD-rating >3 procent) met ruim 4 procent gegroeid.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-06-02T09:54:07+02:002 juni 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Winst en omzet horeca keihard geraakt door de Coronacrisis

  • Personeel inhuren? Voorkom inlenersaansprakelijkheid

Personeel inhuren? Voorkom inlenersaansprakelijkheid

Als je personeel inhuurt van een derde, kun je aansprakelijk gesteld worden voor de premies en belastingen die deze derde moet afdragen. Daarom is het van belang maatregelen te nemen om deze zogenaamde inlenersaansprakelijkheid te voorkomen, zo bleek onlangs nog voor de rechtbank in Arnhem.

Wat is inlenen?
Je bent inlener als je een personeelslid van een ander inhuurt. Daarbij is van belang dat je de leiding hebt over de betreffende werknemer en ook toezicht houdt. Doe je dit niet, dan is er geen sprake van inlening maar van aanneming van werk en dus ook niet van inlenersaansprakelijkheid.

Waarvoor aansprakelijk?
Als inlener kun je in beginsel aansprakelijk gesteld worden als de uitlener de verschuldigde belastingen en premies niet afdraagt. Het betreft loonbelasting, premie volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen, premies Zorgverzekeringswet en de BTW die de uitlener moet afdragen voor het personeel dat de werkzaamheden voor de inlener verricht.

Risico beperken
Je kunt het risico van aansprakelijkheid beperken door de uitlener te vragen naar een verklaring betalingsgedrag, door zelf een goede administratie bij te houden en door de verschuldigde belastingen en premies te storten op een geblokkeerde rekening (G-rekening).

Disculpatiemogelijkheid
Als je kunt aantonen dat het niet afdragen van belastingen en premies door de uitlener niet jouw schuld is, kan de aansprakelijkheid beperkt worden of vervallen. De bewijslast hiervoor ligt bij jou. De inlener in bovenstaande zaak beriep zich op deze zogenaamde disculpatiemogelijkheid, maar tevergeefs. Uit de feiten bleek namelijk onder meer dat de inlener niet had geïnformeerd naar een G-rekening en evenmin om een verklaring inzake betalingsgedrag had gevraagd, terwijl hij zich wel van de risico’s bewust was. De aansprakelijkheid voor zo’n €150.000 bleef dan ook in stand.

Let op! Leen je in van een uitlener die is opgenomen in het register van de Stichting Normering Arbeid, dan bent je gevrijwaard voor het volledige bedrag van de aansprakelijkheid als je aan een aantal voorwaarden voldoet.

Tip! Je kunt het register raadplegen op www.normeringarbeid.nl.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-03T10:46:27+02:003 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Personeel inhuren? Voorkom inlenersaansprakelijkheid
  • Thuiswerken: wat is onbelast en wat niet?

Thuiswerken: wat is onbelast en wat niet?

Vanwege Corona werkt Nederland zoveel mogelijk thuis. Maar kun je als werkgever het personeel hiervoor ook een onbelaste vergoeding geven? En zo ja, onder welke voorwaarden?

Is thuis fiscaal gezien een werkplek?

Voor het antwoord op bovenstaande vraag is allereerst van belang of de werknemer thuis een ruimte heeft die fiscaal als ‘werkplek’ aangemerkt kan worden. Er moet dan sprake zijn van een eigen in- of opgang met eigen sanitair en je moet de werknemer voor het gebruik ervan huur betalen. Meestal is aan deze voorwaarden niet voldaan.

Mag: PC’s, mobieltjes en gereedschap
Je mag PC’s, mobieltjes, gereedschap en soortgelijke apparatuur onbelast vergoeden of verstrekken als je in alle redelijkheid vindt dat deze spullen nodig zijn voor het werk. Hieronder valt ook een internetabonnement.

Mag: Inrichting werkkamer
Als werkgever ben je volgens de Arbowet verantwoordelijk voor de werkplek van de werknemers, ook als zij thuiswerken. Dit betekent dat je daarom Arbovoorzieningen belastingvrij ter beschikking mag stellen of vergoeden. Hieronder vallen ook een bureau, stoel en lampen die de werknemer in zijn werkkamer nodig heeft. De werknemer mag hier geen eigen bijdrage voor betalen.

Mag niet: koffie / thee / toiletpapier
Het vergoeden of verstrekken van koffie, thee, toiletpapier en dergelijke vanwege het verplichte thuiswerken is belast. Je kunt deze vergoedingen en verstrekkingen wel onderbrengen in de werkkostenregeling.

Einde thuiswerken, wat dan?
Komt het personeel weer naar kantoor, dan moet de werknemer de spullen weer inleveren of er een vergoeding op basis van de dagwaarde voor betalen. Belastingvrije vergoedingen van bijvoorbeeld het internetabonnement moeten worden stopgezet. Zo niet, dan is het voordeel belast.

Werkkostenregeling
Vergoedingen en verstrekkingen die niet belastingvrij zijn, kun je desgewenst onder brengen in de werkkostenregeling. Bijvoorbeeld €10 per dag voor bijkomende kosten, zoals verwarming. Allereerst kun je natuurlijk kijken of je deze kosten kunt betalen onder de noemer van een belastingvrije vergoeding die je niet al geeft. Deze bestemming moet je van tevoren benoemen. Als dat niet meer mogelijk is, komt de vrije ruimte in beeld. De vrije ruimte van de werkkostenregeling is ook in 2021 verruimd en bedraagt 3% van de loonsom tot €400.000 en 1,18% over het meerdere. Zodoende word je als werkgever minder snel met de eindheffing van 80% geconfronteerd die je moet betalen voor zover je over de vrije ruimte heen schiet.

Vergoeding woon-werkverkeer
Kregen de werknemers al vóór 13 maart 2020 een onbelaste vergoeding voor het woon-werkverkeer, dan mag je die in ieder geval tot 1 april van dit jaar onbelast blijven doorbetalen. Op die manier kun je toch tegemoet komen in de extra kosten van thuis werken. Het kabinet beraadt zich op een nieuwe regeling voor thuiswerkers vanaf 1 april 2021.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-31T09:18:57+02:0031 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Thuiswerken: wat is onbelast en wat niet?
  • WBSO uiterlijk 31 maart melden

WBSO uiterlijk 31 maart melden

Heb je in 2020 WBSO aangevraagd, dan dien je uiterlijk 31 maart van dit jaar het aantal uren en eventueel de kosten te melden bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Ben je te laat, dan krijg je een boete.

WBSO
Via de WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) kan een fiscale subsidie verkregen worden voor innoverende activiteiten. De subsidie moet vooraf bij de RVO worden aangevraagd. Na afloop van het jaar volgt de eindafrekening.

Tegemoetkoming werkgevers
Werkgevers kunnen een tegemoetkoming krijgen voor de personeelskosten. Daarnaast kunnen ze een tegemoetkoming in de overige kosten krijgen. Voor personeelskosten en overige kosten gelden forfaits. Werkgevers kunnen hiervan echter afwijken. In dat geval moeten ze de werkelijke kosten doorgeven aan de RVO.

Aftrek zelfstandigen
Zelfstandigen die zelf innovatieve werkzaamheden uitvoeren, komen ook in aanmerking voor de WBSO, in de vorm van een aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk. Hiervoor is vereist dat de zelfstandige minstens 500 uren in een jaar innovatief bezig is. Haalt de zelfstandige die 500 uren niet, dan moet hij dit uiterlijk 31 maart aan de RVO doorgeven.

Correctie
Wijkt het aantal aangevraagde WBSO-uren af van de realisatie, dan ontvang je een correctie. Die kan positief of negatief uitpakken, afhankelijk van de vraag of je meer of minder uren aan innovatie hebt besteed dan gepland.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-26T10:49:04+01:0026 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor WBSO uiterlijk 31 maart melden
  • Subsidie generieke werkgeversvoorziening per 1 juli verruimd

Subsidie generieke werkgeversvoorziening per 1 juli verruimd

De zogenaamde pilot generieke werkgeversvoorziening is een regeling waarbij werkgevers subsidie kunnen aanvragen voor werkplekaanpassingen voor werknemers met een structurele functionele beperking. Deze subsidieregeling bestaat sinds 1 maart 2020. De voorwaarden voor het aanvragen van de subsidie worden volgens een conceptbesluit met ingang van 1 juli 2021 verruimd.

Wat houdt de pilot generieke werkgeversvoorzieningen in?
Als werkgever kun je subsidie aanvragen voor het aanpassen van werkplekken als je de intentie hebt om een of meerdere mensen met een vergelijkbare functiebeperking in dienst te nemen en bij voorkeur drie jaar in dienst te houden. Voor het ontvangen van de subsidie gelden onder andere de volgende voorwaarden:

  • de voorziening moet noodzakelijk zijn;
  • de voorziening kost maximaal € 1.000.000;
  • je hebt in de drie jaar dat de proef duurt minimaal één werknemer in dienst voor wie de aanpassing noodzakelijk is.

Op welke punten verruiming?
In eerste instantie gold ook een aantal voorwaarden die met name de rol van het UWV betroffen, onder andere bij het bepalen van de doelgroep van deze subsidie. Hierin komt verandering:

  • per 1 juli 2021 hoef je bij het UWV pas aan te geven om welke werknemer het gaat, zodra je de werkplek aangepast hebt. Op dit moment moet je de naam van de betreffende werknemer veel eerder doorgeven, namelijk al bij de subsidieaanvraag. Dat hoeft straks niet meer. Je moet in de aanvraag nog wel aangeven wat je gaat aanpassen aan de werkplek, voor welke functiebeperkingen deze aanpassingen bedoeld zijn en hoeveel werknemers van de werkplekaanpassing gebruik kunnen maken;
  • nu is de subsidieaanvraag alleen nog voor blijvende werkplekaanpassingen, dus niet voor voorzieningen die de werknemers mee kunnen nemen zodra ze van baan wisselen. Ook dat gaat veranderen. De subsidie kun je per 1 juli 2021 ook aanvragen voor voorzieningen die werknemers mee kunnen nemen als ze het bedrijf verlaten;
  • verder kun je nu alleen subsidie aanvragen voor werknemers met een functiebeperking vanuit de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). Per 1 juli 2021 wordt deze voorwaarde verruimd en kun je ook subsidie aanvragen voor werknemers uit de doelgroepen banenafspraak en loonkostensubsidie of beschut werk.

Meewerken aan evaluatie is verplicht
De pilot duurt tot en met 31 december 2023. Het UWV zal door middel van onder meer bedrijfsbezoeken en interviews met werkgevers de pilot evalueren. Ook zal het UWV onderzoeken of met de pilot meer werknemers met een functiebeperking aan het werk komen én blijven. Wanneer je de subsidie aanvraagt, ben je verplicht om aan deze evaluatie mee te werken. Op basis van de evaluatie wordt besloten over de voortzetting van de generieke werkgeversvoorziening.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-18T09:35:10+01:0018 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Subsidie generieke werkgeversvoorziening per 1 juli verruimd
  • Welke BTW-aftrek geldt voor de fiets van de zaak?

Welke BTW-aftrek geldt voor de fiets van de zaak?

De regeling voor de fiets, die vanaf 2020 geldt, maakt een einde aan allerlei administratieve ballast door de invoering van een vast bijtellingspercentage van 7%. In deze bijdrage zoomen we in op de vraag welke BTW-aftrek er geldt voor een fiets van de zaak. Daarbij gaan wij uit van een ondernemer die op de eigen bedrijfsactiviteiten geen BTW-vrijstelling toepast.

Voor de BTW geldt een speciale regeling die de BTW-aftrek voor een aantal personeelsvoorzieningen beperkt: het Besluit Uitsluiting Aftrek Omzetbelasting (BUA). Ook de ter beschikking gestelde (de werkgever blijft eigenaar) fiets of e-bike valt daar onder als deze voor woon-werkverkeer ter beschikking is gesteld. De BTW is dan aftrekbaar voor zover de aanschafprijs van de fiets niet meer bedraagt dan €749 inclusief BTW. Dat betekent concreet dat er dan €130 aftrekbaar is.

Voorwaarden BTW-aftrek
Aan deze aftrek zijn in het BUA nog wel voorwaarden verbonden. Die houden in dat je als werkgever in dit kalenderjaar en de twee voorafgaande kalenderjaren aan de werknemer niet eerder een fiets hebt verstrekt of ter beschikking gesteld. Daarnaast mag je voor deze BTW-aftrek vanaf het verstrekken (werknemer wordt eigenaar van de fiets) of ter beschikking stellen van de fiets tot het einde van het kalenderjaar en in elk van de twee volgende kalenderjaren niet voor 50% of meer van het aantal dagen een reiskostenvergoeding verstrekken of op een andere manier voorzien in woon-werkverkeer.

Praktisch bezien betekent dit dus bijvoorbeeld géén BTW-aftrek als de medewerker naast de fiets ook een auto van de zaak heeft, maar bijvoorbeeld wel BTW-aftrek als de medewerker alle dagen per fiets reist en geen reiskostenvergoeding meer krijgt.

Operational lease
Kies je er als werkgever voor om de fiets niet te kopen maar te leasen via operational lease, dan gelden bovenstaande bedragen ook. Onder dezelfde voorwaarden als bij aanschaf kun je dan de BTW aftrekken op de maandelijkse leasetermijnen voor zover de totale leasetermijnen inclusief BTW niet hoger zijn dan €749 inclusief BTW. Dat levert dan een aftrek op van €130.

Eigen bijdrage
Vraag je van de medewerker een eigen bijdrage voor de verstrekte of ter beschikking gestelde fiets, al dan niet via een cafetariaregeling, dan is dat voor de BTW een belaste levering of dienst.

Voor de bovengenoemde BTW-aftrek van maximaal €130 beoordeel je vervolgens of de inkoopprijs minus de eigen bijdrage hoger of lager is dan €749 inclusief BTW. Als het saldo niet hoger is dan €749 inclusief BTW, komt de voor de inkoop van de fiets aan de ondernemer in rekening gebrachte BTW volledig voor aftrek in aanmerking.

Als de inkoopprijs van de aan de werknemer verstrekte fiets na aftrek van de eigen bijdrage van de werknemer hoger is dan €749 inclusief BTW, is de aftrek van btw uitgesloten voor het bedrag dat uitkomt boven €749.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-03-05T08:57:46+01:005 maart 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Welke BTW-aftrek geldt voor de fiets van de zaak?
  • Personeel thuis vanwege het weer? Mogelijk recht op WW

Personeel thuis vanwege het weer? Mogelijk recht op WW

Een werknemer die als gevolg van onwerkbaar weer, zoals vorst, ijzel en sneeuw niet kan werken, heeft mogelijk recht op een WW-uitkering. In dit verband wordt gesproken over een bijzondere WW-uitkering en deze duurt voor zolang deze omstandigheden spelen. In de CAO of arbeidsovereenkomst staat of en wanneer het bedrijf in aanmerking komt voor deze regeling.

Wachtdagen
De eerste dagen dat de werknemers niet kunnen werken, moet je als werkgever het loon nog zelf doorbetalen. Het gaat dan om de zogeheten wachtdagen. Het aantal wachtdagen is afhankelijk van het type weersomstandigheden. Is sprake van vorst, ijzel of sneeuwval, dan gelden er per winterseizoen twee wachtdagen per winterseizoen. Een winterseizoen loopt van 1 november tot en met 31 maart. Na afloop van deze wachtdagen kan het UWV een WW-uitkering verstrekken voor de in dienst zijnde werknemers. In een toepasselijke CAO kan bepaald zijn dat deze WW-uitkering wordt aangevuld tot 100%.

Voorwaarden WW-uitkering

  • Je dient dagelijks voor 10.00 uur een melding te doen van het onwerkbare weer bij het UWV. Het UWV controleert aan de hand van KNMI-gegevens of de gemelde onwerkbare weersomstandigheden zich daadwerkelijk voordoen.
  • Werknemers mogen tijdens onwerkbaar weer niet aan het werk zijn, ook niet ergens anders. En ze mogen ook niet op de werkplek aanwezig zijn. Het UWV controleert steekproefsgewijs of er inderdaad geen werkzaamheden worden verricht.
  • Verder geldt dat de werknemer per week minimaal 5 uur niet kan werken. In de situatie dat hij minder dan 10 uur per week werkt, moet hij per week minimaal de helft van zijn uren niet kunnen werken.
  • Je moet de WW-uitkering uiterlijk binnen 26 weken na de eerste dag waarop de werknemers door onwerkbaar weer niet hebben kunnen werken, bij het UWV aanvragen. Een te late aanvraag neemt het UWV niet meer in behandeling, waardoor er geen WW-uitkering meer wordt verstrekt.

Let op! Je kunt voor het aanvragen van een WW-uitkering voor de werknemers gebruikmaken van het formulier ‘Aanvraag WW-uitkering wegens onwerkbaar weer’ op de website van het UWV.

Hoogte dagloon
Bij het bepalen van het dagloon wordt niet gekeken naar het loon over een jaar uit alle dienstbetrekkingen samen, maar alleen naar het loon dat een werknemer op dat moment verdiende.

Dagen die niet meetellen
Tijdens periodes met onwerkbaar weer tellen de volgende dagen niet mee:

  • feestdagen;
  • bijzonder verlof;
  • rustdagen;
  • ATV-uren en roostervrije dagen;vakantiedagen, verlofdagen en verplichte snipperdagen;
  • al vastgestelde ‘extra verlofdagen’ voor oudere werknemers;
  • dagen waarop de werknemer in detentie is.

Meerdere werkgevers
Indien een werknemer via zijn werkgever een WW-uitkering wegens onwerkbaar weer ontvangt, terwijl hij in de periode dat hij deze uitkering krijgt bij een andere werkgever werkt, moet hij de uren die hij elders heeft gewerkt aan het UWV doorgeven. Daarvoor is een speciaal formulier ‘Opgave gewerkte uren tijdens WW wegens onwerkbaar weer’.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-02-12T09:12:30+01:0012 februari 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Personeel thuis vanwege het weer? Mogelijk recht op WW
  • Is de concernregeling WKR ook voor jou voordelig?

Is de concernregeling WKR ook voor jou voordelig?

Als je meerdere BV’s hebt, kun je ook dit jaar weer gebruikmaken van de concernregeling in de werkkostenregeling, de WKR. Maar is dat wel zo voordelig?

Werkkostenregeling
Via de WKR kun je allerlei zaken belastingvrij vergoeden of verstrekken aan het personeel. Denk aan het kerstpakket, waarover je het personeel natuurlijk geen belasting wilt laten betalen.

Vrije ruimte
De werkkostenregeling kent een vrije ruimte. Blijf je met de vergoedingen en verstrekkingen binnen deze vrije ruimte, dan betalen niet alleen de werknemers geen belasting, maar jij ook niet. Ga je over de vrije ruimte heen, dan betaal je als werkgever 80% belasting via de eindheffing.

Extra vrije ruimte vanwege Corona
Vanwege de Coronacrisis is ook dit jaar de vrije ruimte verhoogd. Deze bedraagt in 2021 over de eerste €400.000 van de loonsom 3%. Over het meerdere van de loonsom bedraagt deze 1,18%.

Concernregeling
Als je meerdere BV’s hebt, mag je de concernregeling gebruiken. Je mag dan de vrije ruimte van alle BV’s bij elkaar optellen. Alleen als het bedrag aan vergoedingen en verstrekkingen over de vrije ruimte van alle BV’s samen heen schiet, betaal je 80% eindheffing.

Voor- of nadelig?
Het voordeel van de vrije ruimte is dat je het onbenutte deel van de vrije ruimte van de ene BV mag gebruiken voor de andere BV, als die over de vrije ruimte heen schiet. Zo komt het niet zo snel meer voor dat je onbenutte vrije ruimte overhoudt. Een nadeel is dat de vrije ruimte van alle BV’s samen gebaseerd wordt op de totale loonsom.

Let op! Dit betekent dat je maar één keer profiteert van de 3% vrije ruimte over de eerste €400.000 van de loonsom.

Voorbeeld
Je hebt 3 BV’s met ieder een loonsom van €600.000. Iedere BV heeft dus een vrije ruimte van 3% x €400.000 + 1,18% x €200.000 = €12.000 + €2.360 = €14.360. Samen hebben ze dus 3 x €14.360 = €43.080 aan vrije ruimte. Kies je voor de concernregeling, dan bedraagt de vrije ruimte 3% x €400.000 + €1.400.000 x 1,18% = €12.000 + €16.520 = €28.520. Dus €14.560 minder.

Conclusie
Het is dus zeker niet altijd voordelig de concernregeling te gebruiken. Gelukkig is gebruik ervan optioneel en hoef je voor dit jaar die keuze pas ná 2021 te maken. Bereken dan wat voor je BV’s het voordeligst is.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-02-03T08:56:39+01:003 februari 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Is de concernregeling WKR ook voor jou voordelig?
  • Top 10 wijzigingen 2021 voor de werkgever

Top 10 wijzigingen 2021 voor de werkgever

Per 1 januari zijn er weer tal van wijzigingen doorgevoerd voor de werkgever en de DGA, van de WKR tot Corona-gerelateerde regelingen. Welke tien wijzigingen springen in het oog?

Let op! Bepaalde regelingen, zoals de vaste reiskostenvergoeding en de NOW 3.0, worden mogelijk verlengd dan wel gewijzigd nu er een dezer dagen nieuwe steunmaatregelen bekend worden gemaakt.

1. Wijziging werkkostenregeling 2021
Per 1 januari 2021 gaat de vrije ruimte binnen de WKR naar 1,7% over de eerste €400.000 van de loonsom. Over het meerdere van de loonsom wordt de vrije ruimte 1,18%. In 2020 was naar aanleiding van de Coronacrisis de vrije ruimte (eenmalig) verhoogd naar 3% over de eerste €400.000 van de loonsom.

Concernregeling 2021
Heb je meerdere BV’s? Dan kun je gebruikmaken van de zogenaamde concernregeling. Deze concernregeling kan nadelig uitpakken. Voor het concern in zijn geheel wordt de vrije ruimte namelijk bepaald op 1,7% van de eerste €400.000 van de totale loonsom van het concern en op 1,18% over het meerdere. Je mag dus niet uitgaan van de vrije ruimte per onderdeel van het concern.

Tip! Ga eerst na of de concernregeling wel voordelig voor je is. Je hoeft dit uiterlijk pas in het tweede aangiftetijdvak te beslissen.

2. Gebruikelijk loon DGA 2021
Het gebruikelijk loon voor de DGA stijgt in 2021 naar €47.000. In 2020 was dit nog €46.000. De regeling voor gebruikelijk loon geldt voor iedereen die een aanmerkelijk belang heeft in een vennootschap en ook werk verricht voor diezelfde onderneming. Zij moeten in de loonaangifte een salaris opnemen dat ‘gebruikelijk’ is voor de werkzaamheden. Voor 2021 geldt dus als richtlijn een salaris van €47.000.

3. Vaste reiskostenvergoeding
Krijgen de werknemers een vaste reiskostenvergoeding en werken zij vanwege het Coronavirus (bijna) volledig thuis? Dan kun je in ieder geval tot 1 februari 2021 deze vergoeding nog onbelast doorbetalen. Ook al worden deze reiskosten als gevolg van het thuiswerken niet meer (volledig) gemaakt. Wel is de voorwaarde dat het vaste vergoedingen betreft die al voor 13 maart 2020 werden toegekend.

In januari 2021 komt het kabinet terug op hoe het na 1 februari 2021 om wil gaan met de onbelaste vaste reiskostenvergoedingen. De verwachting is ook dat er meer duidelijkheid komt over een eventuele thuiswerkvergoeding.

4. Nieuwe UWV-uitvoeringsregels bij ontslag
Bij ontslag om bedrijfseconomische redenen of wegens langdurige arbeidsongeschiktheid is het UWV de aangewezen instantie om een ontslagaanvraag in te dienen. Deze regels zijn vastgelegd in de Regeling UWV ontslagprocedure. Bij het aanvragen van dit ontslag is het van belang dat de ontslagprocedure goed wordt gevolgd. Daarbij moet je bijvoorbeeld denken aan de termijn voor het aanvullen van een incompleet verzoek, de termijnen voor hoor en wederhoor en wanneer uitstel kan worden verleend.

Per 1 september 2020 zijn de uitvoeringsregels ontslagprocedure van het UWV aangepast alsook de uitvoeringsregels ontslag om bedrijfseconomische redenen. Raadpleeg voordat je een ontslagaanvraag indient eerst de UWV-uitvoeringsregels, zodat je niet voor verrassingen komt te staan. Deze uitvoeringsregels kun je downloaden op de website van het UWV.

5. Compensatie transitievergoeding mogelijk bij einde bedrijf door pensioen of overlijden
Staak je het bedrijf door pensionering? Dan kun je vanaf 1 januari 2021 aanspraak maken op een compensatie van de transitievergoedingen voor de werknemers. Het gaat hier om bedrijven met minder dan 25 werknemers.

De overheid wil voorkomen dat werkgevers die door pensionering gedwongen zijn hun onderneming te staken, privévermogen moeten aanwenden om hun werknemers de transitievergoeding uit te kunnen betalen.

De compensatie transitievergoeding bij beëindiging van het bedrijf is geregeld in de Wet Arbeidsmarkt in Balans. Voor de berekening van het aantal werknemers is het niet van belang of de werknemer een tijdelijk of een vast contract heeft. Er geldt geen terugwerkende kracht bij deze regeling.

Erfgenamen en/of medewerkgevers kunnen na het overlijden van de werkgever geconfronteerd worden met een onderneming die zij niet willen of kunnen voortzetten. Bedrijfsbeëindiging gevolgd door het ontslag van de werknemers zal dan de enige optie zijn. De erfgenamen van de overleden werkgever die na aanvaarding van zijn nalatenschap van rechtswege werkgever zijn geworden, zijn bij beëindiging van de dienstverbanden dan een transitievergoeding verschuldigd aan alle ontslagen werknemers. Daarvoor kan ook compensatie worden aangevraagd.

6. Baangerelateerde Investeringskorting (BIK)
Het kabinet stimuleert bedrijven om investeringen te doen met een nieuwe investeringskorting, de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK). Deze tijdelijke regeling zorgt ervoor dat bedrijven ook in deze roerige tijden blijven investeren in bijvoorbeeld nieuwe machines. De regeling geldt voor nieuwe investeringen die vanaf 1 januari 2021 tot uiterlijk 31 december 2022 worden gedaan. Bij grote investeringen in een jaar is de korting tot €5 miljoen 3,9%, daarboven 1,8%. Bedrijven kunnen de investeringskorting verrekenen met de af te dragen loonheffing.

Let op! Vanwege de verrekening met de loonheffing is de BIK alleen interessant voor bedrijven met personeel.

Het is niet toegestaan een investering – waarvoor de BIK wordt verkregen – aan een derde ter beschikking te stellen. Het maakt niet uit of deze derde een Nederlands of buitenlands bedrijf is.

Let op! Het is nog niet zeker of ook een fiscale eenheid in de vennootschapsbelasting de BIK kan aanvragen. Eerst moet er groen licht komen van de Europese Commissie of dit onderdeel van de BIK geoorloofde steun is.

7. Stijging vrijwilligersvergoeding in 2021
De maximale vrijwilligersvergoeding stijgt in 2021 naar €1.800 per jaar (2020: €1.700) en €180 per maand (2020: €170). Het kan zijn dat je vrijwilligers meer uitbetaald dan bovengenoemde vergoedingen. En dat het bedrag ook hoger is dan de door de vrijwilliger gemaakte kosten. De hele vergoeding is voor de vrijwilliger belast voor de inkomstenbelasting. Wijs de vrijwilliger er dan op dat hij/zij deze inkomsten moet opgeven in de aangifte inkomstenbelasting.

Dit geldt ook als een vrijwilliger bij meerdere organisaties een onbelaste vergoeding krijgt en opgeteld de totale vergoeding meer is dan het maximumbedrag van €1.800.

8. Webmodule ZZP
De webmodule waarmee opdrachtgevers kunnen zien of ze werk mogen laten uitvoeren door een zelfstandige (iemand buiten loondienst), is 11 januari begonnen. Deze pilot gaat zes maanden lopen.

De module geeft op basis van ingevulde informatie een van de volgende oordelen:

  1. opdrachtgeversverklaring: de opdracht kan buiten dienstbetrekking worden verricht;
  2. indicatie voor dienstbetrekking: er zijn sterke aanwijzingen dat er sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking;
  3. geen oordeel mogelijk: op grond van de gegeven antwoorden is niet duidelijk of sprake is van werken buiten dienstbetrekking of van werken in dienstbetrekking.

Deze uitkomsten hebben in de pilotfase overigens geen juridische status.

9. NOW 3.0
De NOW-regeling is bedoeld voor werkgevers die als gevolg van het Coronavirus kampen met een substantieel omzetverlies (ten minste 20% en per april 2021 ten minste 30%). Werkgevers kunnen bij het UWV een aanvraag indienen voor een tegemoetkoming in de loonkosten, en hiervoor een voorschot ontvangen. Daarmee kunnen zij werknemers met een vast en met een flexibel contract doorbetalen. Je kunt voor de aanvraag voor het tweede tijdvak terecht van 15 februari tot en met 14 maart 2021.

10. Tijdelijke versoepeling van de RVU-heffing
Als onderdeel van het pensioenakkoord is met ingang van 1 januari 2021 voor regelingen voor vervroegde uittreding (RVU-regelingen) de tijdelijke RVU-drempelvrijstelling ingevoerd. Dat betekent dat de RVU-heffing van 52% voor jou als werkgever tijdelijk en onder voorwaarden achterwege blijft, voor zover de betalingen in het kader van de RVU onder het bedrag van de drempelvrijstelling blijven.

De voorwaarden voor de RVU-drempelvrijstelling zijn als volgt:

  • de uitkering ingevolge de RVU-regeling wordt toegekend in (maximaal) 36 maanden direct voorafgaand aan het bereiken van de AOW-leeftijd van de werknemer;
  • het bedrag van de drempelvrijstelling wordt per maand berekend;
  • de RVU-drempelvrijstelling geldt voor de periode van maximaal 36 maanden direct voorafgaand aan de AOW-leeftijd. Gaat de uitkering minder dan 36 maanden vóór de AOW-leeftijd in, dan geldt de vrijstelling alleen nog voor de resterende maanden;
  • de werknemer heeft uiterlijk 31 december 2025 de leeftijd bereikt die (maximaal) 36 maanden vóór de AOW-leeftijd ligt;
  • de RVU-drempelvrijstelling bedraagt maximaal een bedrag dat, na vermindering van loonbelasting en premies volksverzekeringen, gelijk is aan het nettobedrag van de AOW-uitkering voor alleenstaande personen zoals dat geldt op 1 januari van het jaar waarin de uitkering plaatsvindt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-01-15T11:14:46+01:0015 januari 2021|Lonen, Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Top 10 wijzigingen 2021 voor de werkgever
  • Let op bij de laatste BTW-aangifte van 2020!

Let op bij de laatste BTW-aangifte van 2020!

Nog even en je moet de laatste BTW-aangifte van 2020 indienen. Daarbij is het opletten geblazen, want deze aangifte bevat een aantal specifieke punten. En deze kunnen je in een gunstig geval fiscale voordelen opleveren.

Personeelsuitgaven
De BTW op personeelsuitgaven, zoals een kerstpakket, is alleen aftrekbaar als je in 2020 aan personeelsvoorzieningen voor een werknemer niet meer dan €227 exclusief BTW hebt uitgegeven. Zijn de uitgaven voor een werknemer hoger geweest, dan is de BTW over alle personeelsvoorzieningen van deze werknemer niet aftrekbaar. Als je dit nog niet op een rij hebt over het afgelopen jaar, moet je dus nog even in de administratie moeten duiken.

Relatiegeschenken
Voor de BTW op relatiegeschenken geldt iets vergelijkbaars. Deze BTW is voor jou aftrekbaar als je relatie, wanneer hij het geschenk zelf gekocht zou hebben, de BTW voor 30% of meer had kunnen aftrekken. Is dit niet het geval, dan is de BTW toch aftrekbaar als de relatiegeschenken aan een bepaalde relatie in 2020 niet meer dan €227 exclusief BTW gekost hebben. Je zult dus ook de relatiegeschenken moeten bijhouden.

Let op! Geef je als ondernemer onverkoopbare voedingsmiddelen weg aan bijvoorbeeld de voedselbank, dan is de BTW hierop wel aftrekbaar, ook als het bedrag meer dan €227 is.

Medische hulpmiddelen vanwege Corona?
Heb je vanwege de Coronacrisis medische hulpmiddelen aan zorginstellingen, -inrichtingen en huisartsen gratis weggegeven, dan is de BTW hierop gewoon aftrekbaar als je de BTW normaal gesproken ook kunt aftrekken. Je moet wel op de factuur vermelden dat je gebruikmaakt van deze goedkeuring. De goedkeuring heeft betrekking op de periode van 16 maart 2020 t/m 31 december 2020.

Auto van de zaak
Bij een auto van de zaak kun je alle BTW in aftrek brengen, maar moet je aan het eind van het jaar en dus in deze BTW-aangifte een correctie voor privégebruik toepassen. Die is de eerste vijf jaar 2,7% van de cataloguswaarde, de jaren erna is dit 1,5%.

Privéauto
Gebruik je je privéauto ook zakelijk, dan kun je alle ritten bijhouden en alleen de BTW op gebruik en onderhoud aftrekken die toerekenbaar is aan het zakelijk gebruik. Woon-werkverkeer wordt hierbij als privé aangemerkt. Zonder kilometeradministratie moet je uitgaan van een correctie van 1,5% van de cataloguswaarde.

Privégebruik
Voor (investerings)goederen die je ook privé gebruikt, zoals een PC, kun je in beginsel alle BTW in aftrek brengen en dit aan het eind van het jaar corrigeren voor het privégebruik. Is het privégebruik bijvoorbeeld de helft, dan mag je ook maar 50% van de BTW verrekenen. Voor investeringsgoederen moet je dit vijf jaar lang volgen en corrigeren, voor onroerend goed zelfs tien jaar. Hierna heeft een wijziging van het privégebruik geen BTW-gevolgen meer.

Vrijgesteld gebruik
Een soortgelijke regeling geldt als je niet alleen belaste prestaties verricht, maar ook vrijgestelde prestaties zoals het afsluiten van verzekeringen. Je mag dan een evenredig deel van de BTW niet verrekenen. Je moet voor investeringsgoederen weer vijf jaar volgen welk deel van de omzet belast is en corrigeren indien dit afwijkt van de aanname bij aankoop van het investeringsgoed. Voor onroerend goed moet je dit weer tien jaar volgen/corrigeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-01-13T10:15:52+01:0013 januari 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Let op bij de laatste BTW-aangifte van 2020!