ondernemer

  • Belasting over broodfonds

Belasting over broodfonds

Een broodfonds is een particulier initiatief van zelfstandig ondernemers om bij langdurige ziekte elkaar financieel te ondersteunen. Over de vraag of een deelnemer aan een broodfonds belasting verschuldigd is, is meer duidelijkheid verstrekt.

Broodfonds
Grofweg werkt een broodfonds als volgt. De deelnemende ondernemer legt maandelijks een bedrag in. Daarnaast betaalt de deelnemer eenmalig inschrijfkosten en een maandelijkse contributie.

Als een ondernemer ziek wordt, krijgt deze – over het algemeen na een wachttijd van een maand –gedurende maximaal twee jaar schenkingen van de andere aangesloten ondernemers. Het bedrag van de schenking is afhankelijk van de maandelijkse inleg van de ondernemer.

Inkomstenbelasting box 1: uitkeringen uit en betalingen aan broodfonds
Als een ondernemer schenkingen uit een broodfonds ontvangt vanwege zijn ziekte, zijn deze volgens de Belastingdienst niet belast in box 1. De bedragen die de ondernemer maandelijks inlegt, zijn daarentegen ook niet aftrekbaar in box 1.

Inkomstenbelasting box 3: aandeel in broodfonds
Het aandeel van de ondernemer in het broodfonds moet volgens de Belastingdienst voor box 3 gewaardeerd worden op het saldo van de ingelegde bedragen, verminderd met de contributie en de gedane uitkeringen.

Tip! Het recht op een ingegane uitkering, maar ook het recht op een niet-ingegane uitkering, heeft een waarde die eigenlijk in box 3 opgegeven zou moeten worden. Uit praktisch oogpunt geeft de Belastingdienst aan dat deze waarde op nihil kan worden gesteld. De waarde van een verplichting om uitkeringen te doen, wordt voor box 3 echter ook niet in aanmerking genomen.

Schenkbelasting
De Belastingdienst geeft aan dat bij deelname aan een broodfonds geen schenkbelasting verschuldigd is, omdat sprake is van een kansovereenkomst. De Belastingdienst merkt daarbij wel op dat bij afwijkende regels in een broodfonds de beoordeling mogelijk anders kan zijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-12T11:05:04+01:0013 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Belasting over broodfonds

  • Onbelaste vrijwilligersvergoeding naar €1.900 in 2023

Onbelaste vrijwilligersvergoeding naar €1.900 in 2023

De maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding gaat per 1 januari 2023 omhoog naar €1.900 per jaar. Deze bedraagt nu nog €1.800.

Jaarlijkse indexering
Je kunt vrijwilligers die binnen jouw organisatie vrijwilligerswerk doen een vergoeding geven die voor de fiscus onbelast is. Deze maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd. In 2022 werd echter hetzelfde maximale bedrag gehanteerd als in 2021.

Hogere vergoeding?
Per 1 januari 2023 gaat dit bedrag wel omhoog. Het nieuwe bedrag is maximaal €1.900 per jaar. Over vrijwilligersvergoedingen tot dat bedrag zijn geen belasting en premies verschuldigd. Betaal je de vrijwilliger een hogere vergoeding? Dan is deze alleen onbelast als je de vergoeding betaalt om de kosten te vergoeden die de vrijwilliger gemaakt heeft voor het uitvoeren van het vrijwilligerswerk.

Voorwaarden vrijwilligersvergoeding
Om gebruik te kunnen maken van de fiscale regels voor een onbelaste vrijwilligersvergoeding moet je aan een aantal voorwaarden voldoen:

• jouw organisatie:
– valt niet onder de vennootschapsbelasting of is daarvan vrijgesteld;
– is een sportvereniging of sportstichting;
– is een algemeen nut beogende instelling (ANBI);
• de vrijwilliger is niet bij jou in dienst;
• de vrijwilliger voert de werkzaamheden niet uit voor zijn beroep;
• de vergoeding die de vrijwilliger krijgt voor het werk is een vergoeding, die niet in verhouding staat tot de omvang en het tijdsbeslag van het werk.

Vragen?
Heb je vragen over de vrijwilligersvergoeding? Neem dan contact met ons op, wij kijken graag even met je mee.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-06T11:11:18+01:006 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Onbelaste vrijwilligersvergoeding naar €1.900 in 2023

  • Moet ik als ondernemer de CBS-enquêtes verplicht invullen?

Moet ik als ondernemer de CBS-enquêtes verplicht invullen?

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) stuurt bedrijven met regelmaat enquêtes toe. Ben je eigenlijk verplicht om dergelijke enquêtes in te vullen?

Waarom enquêtes?
Het CBS stuurt bedrijven enquêtes toe om cijfermatig inzicht te krijgen over talloze zaken die de overheid nodig heeft voor het bepalen van haar beleid. Denk daarbij aan inzicht in de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld aan de vraag of er mogelijke tekorten zijn of dreigen te ontstaan aan personeel in bepaalde sectoren.

Wettelijke verplichting
Een bedrijf is wettelijk verplicht de enquêtes van het CBS binnen de gestelde termijnen te beantwoorden.

Let op! Voor personen geldt de wettelijke verplichting niet. Een persoon kan wel verzocht worden om een enquête in te vullen, maar dit is dus niet verplicht.

Last onder dwangsom
Beantwoord je de enquête van het CBS niet, dan zal het CBS dit afdwingen via een zogenaamde last onder dwangsom. Je krijgt dan de kans om de enquête alsnog te beantwoorden. Als je dit niet binnen veertien dagen doet, moet je een dwangsom betalen.

Tip! Het CBS legt niet meteen een last onder dwangsom op, maar stuurt altijd eerst een herinnering met de vraag om de gegevens met spoed op te sturen.

Hoogte dwangsom
De hoogte van de dwangsom is afhankelijk van de omvang van jouw onderneming, de periode waarop de gevraagde gegevens betrekking hebben en jouw responsgedrag, ofwel de mate waarin je verzuimt de gevraagde gegevens aan te leveren. De hoogte van een dwangsom kan oplopen tot €16.000, maar in bijzondere gevallen zelfs tot €500.000.

Boete
Bij een tweede of volgende overtredingen kun je bestraft worden met een boete die kan oplopen tot maximaal €5.000.

Let op! Het dan alsnog beantwoorden van de enquête doet de boete niet vervallen.

Bezwaar
Bent je het niet eens met een opgelegde sanctie, dan kun je in bezwaar bij de Directeur-Generaal van het CBS. Wijst deze jouw bezwaar af, dan kun je naar de rechter stappen.

Let op! Het ontvangen en betalen van een last onder dwangsom of een boete ontslaat je niet van de verplichting om de enquête te beantwoorden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-29T15:40:18+01:001 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Moet ik als ondernemer de CBS-enquêtes verplicht invullen?

  • Financiële situatie werknemers ook voor werkgevers van belang

Financiële situatie werknemers ook voor werkgevers van belang

Veel werknemers hebben momenteel financiële problemen als gevolg van de stijgende energieprijzen en de inflatie. Dit heeft ook zijn effect op de werkvloer.

Impact op de werkgever
Als werknemers schulden hebben, kan dit ook werkgevers raken, zo blijkt uit onderzoek. Werknemers die kampen met financiële zorgen hebben een lagere productiviteit, een hoger ziekteverzuim, zijn minder betrokken en er bestaat een risico op fraude of diefstal.

Impact op de werknemer
Ook op werknemers zelf hebben schulden veel impact. Ze kampen met een slechtere mentale gezondheid als gevolg van stress en depressie, een slechtere fysieke gezondheid (hogere bloeddruk), spanningen in hun relaties en er is vaak sprake van een afname van sociale participatie.

Aandachtspunten voor werkgever
Uit bovenstaand onderzoek is gebleken dat een groot deel van de werkgevers (79%) bereid is werknemers te helpen en dat 58% dit ook ziet als zijn verantwoordelijkheid.
Wat kun je als werkgever doen in zo’n geval? Onderstaand volgt een opsomming van mogelijke initiatieven:

• ondersteuning bieden bij het begrijpen van moeilijke brieven (van bijvoorbeeld een deurwaarder);
• organiseren van een training over financiën;
• organiseren van een training aan leidinggevenden over signaalherkenning;
• financiële steun bieden, zoals een eigen sociaal fonds voor leningen en giften;
• het regelen van een interne budgetcoach;
• vaste contactmomenten inregelen om met medewerkers te praten;
• zorgen voor maatwerkoplossingen (bijvoorbeeld door werknemers meer uren te laten werken).

Doorverwijzen?
Dit zijn maar voorbeelden. Er is wellicht nog meer mogelijk. Zo kun je werknemers wijzen op de website van het Nibud. Daarop is veel informatie te vinden over hoe om te gaan met geld. Op de website bereken tegemoetkomingen kan de werknemer zien waar hij mogelijk nog recht op heeft. Andere interessante websites zijn www.geldfit.nl en www.datgeldtvoormij.nl en www.komuitjeschuld.nl. Ook is er nog een speciale voorzieningenwijzer ontwikkeld (www.devoorzieningenwijzer.nl).

Heeft jouw werknemer problematische schulden waar meer nodig is dan bijvoorbeeld alleen informatie of ondersteuning, dan kun je jouw werknemer ook begeleiden en/of doorverwijzen naar de schuldhulpverlening in de woonplaats van de werknemer.

Sinds een tijdje is het platform Sterk uit Armoede (www.sterkuitarmoede.nl) actief. Het gaat hier om een ‘emancipatiebeweging’ van, voor en door mensen in armoede, omdat deze groep zich niet altijd gezien en gehoord voelt. Ervaringsdeskundigen kunnen mensen daarbij beter ondersteunen.

Toeslag bij ziekte
Daarnaast hebben werknemers die in hun tweede ziektejaar zitten en een inkomen ontvangen onder het voor hen geldende sociale minimum nog recht op een toeslag in het kader van de Toeslagenwet. Deze regeling wordt uitgevoerd door het UWV. De toeslag biedt een aanvulling tot het sociale minimum.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-21T10:07:38+01:0021 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Financiële situatie werknemers ook voor werkgevers van belang

  • Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer>

Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer

>

De Tweede Kamer heeft ingestemd met de belastingplannen voor 2023. Op een aantal onderdelen uit deze plannen zijn wijzigingen aangebracht en een aantal zaken moet nog door het kabinet nader worden onderzocht. Wat staat jou als particulier te wachten en wat zijn de plannen voor box 3? De hoofdlijnen.

Particulieren

• de eenmalige schenkingsvrijstelling met betrekking tot een woning, ook bekend als de ‘jubelton’, wordt in 2023 verlaagd en in 2024 helemaal afgeschaft. Wie in 2022 al schenkt onder de jubelton, kan dit in 2023 nog nader aanvullen. De ontvanger van deze schenking moet deze uiterlijk in 2024 in overeenstemming met het doel van de jubelton besteden;
• het laatste tijdvak waarin een sterk wisselend inkomen gemiddeld kan worden, is 2022 tot en met 2024;
• vanaf 2023 bedraagt de maximale periodieke giftenaftrek €250.000 per kalenderjaar. Voor periodieke giften aangegaan uiterlijk 4 oktober 2022, 16.00 uur, geldt overgangsrecht;
• de inkomensafhankelijke combinatiekorting vervalt per 2025. Voor kinderen die uiterlijk 31 december 2024 geboren zijn, blijft deze korting wel bestaan zolang aan de voorwaarden wordt voldaan;
• diegene (particulier of ondernemer) die onroerend goed koopt, is vanaf 2023 10,4% overdrachtsbelasting verschuldigd (in plaats van 8%). Dit geldt niet als het verlaagde tarief van 2% of de startersvrijstelling van toepassing is bij aankoop van een eigen woning;
• aan diegene (particulier of ondernemer) die zonnepanelen laat installeren op of in de onmiddellijke nabijheid van een woning, wordt 0% BTW berekend.

Tip! Bij de aanname van het belastingpakket door de Tweede Kamer is onder meer besloten om het belastingregime voor laadpalen met twee jaar te verlengen, het algemene tarief van de kansspelbelasting verder te verhogen met 0,2% tot 29,5% en de voorgestelde tariefverhoging van de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken per 1 januari 2023 te schrappen.

Let op! Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties aangenomen waarin het kabinet onder meer wordt verzocht om te onderzoeken of de inkomstenbelasting transparanter kan worden, bijvoorbeeld door de afbouw van heffingskortingen in de nominale belastingtarieven te verwerken. Ook is een motie aangenomen om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om de fiscale faciliteiten voor ANBI’s ook toe te passen voor verenigingen.

Box 3

• vanaf 2023 geldt een nieuwe wijze van berekening van de box 3-heffing, die lijkt op de wijze waarop momenteel rechtsherstel wordt geboden voor box 3. Uitgegaan wordt van de werkelijke verdeling van het vermogen in spaargeld, overige bezittingen en schulden met elk een eigen forfaitair rendement;
• in de nieuwe wet is een zogenaamde anti-peildatumarbitragebepaling opgenomen. Bij de aanname van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer is besloten dat deze bepaling in 2024 wordt geëvalueerd;
• het tarief in box 3 wordt in 2023 verhoogd naar 32%. In 2024 en 2025 stijgt het tarief verder naar 33%, respectievelijk 34%.

Let op! Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties met betrekking tot box 3 aangenomen. Hierin wordt het kabinet onder meer verzocht om te onderzoeken of de belastingheffing in de categorie ‘overige bezittingen’ meer realistisch of verfijnd vormgegeven kan worden. Verder wordt het kabinet verzocht om te onderzoeken hoe een miljonairsbelasting, bijvoorbeeld door een vermogensbelasting van 1% op het box 3-vermogen, vormgegeven kan worden.

Let op! Deze plannen moeten nog wel door de Eerste Kamer worden goedgekeurd (december 2022).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-17T19:06:48+01:0018 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer

>
  • Nieuwsbrief november 2022

Nieuwsbrief november 2022

Let op!
Wij willen voldoen aan de wens om actueel te zijn. Het overzicht in deze MKB-Nieuwsbrief is geschreven met de kennis tot en met maandag 14 november 2022, 20:00 uur.


1. Akkoord Tweede Kamer belastingplannen 2023: ondernemers en werkgevers

De Tweede Kamer heeft ingestemd met de belastingplannen 2023. Tegelijkertijd werd nog een aantal wijzigingen op deze plannen aangenomen en werd het kabinet verzocht een aantal zaken te onderzoeken. Wat staat je op hoofdlijnen als ondernemer en/of werkgever vanaf 2023 te wachten?

Ondernemers

  • voor ondernemers in de inkomstenbelasting is 2022 het laatste jaar waarin gedoteerd kan worden aan de fiscale oudedagsreserve. Voor alle tot en met 31 december 2022 opgebouwde bedragen in de FOR blijft de huidige regeling wel bestaan. Verder gaat voor hen de zelfstandigenaftrek de komende jaren in stappen omlaag tot €900 in 2027;
  • vanaf 2024 komen er voor houders van een aanmerkelijk belang, waaronder DGA’s, twee tarieven in box 2: 24,5% over inkomsten uit box 2 tot €67.000 en 31% over het meerdere;
  • het tarief in de vennootschapsbelasting gaat in 2023 omhoog. Tot een winst van €200.000 bedraagt het tarief 19%, daarboven 25,8%;
  • het budget voor de milieu-investeringsaftrek (MIA) en energie-investeringsaftrek (EIA) wordt jaarlijks verhoogd met in totaal €150 miljoen. Ook kan op nieuw aangewezen bedrijfsmiddelen vanaf 2023 willekeurig worden afgeschreven. De details van deze regeling zijn nog niet bekend;
  • de vrijstelling BPM op bestelauto’s die meer dan 10% zakelijk gebruikt worden, verdwijnt vanaf 2025. Vanaf die datum wordt de BPM berekend op basis van CO2-uitstoot. De voorgenomen verhoging van de MRB voor bestelauto’s per 2025 is van de baan;
  • ondernemers die zonnepanelen leveren/installeren, moeten vanaf 2023 rekening houden met het 0% BTW-tarief voor de levering en installatie van zonnepanelen op en in de onmiddellijke nabijheid van woningen;
  • al aangekondigd, maar nog niet vastgelegd in een wetsvoorstel of wet, is dat straks de bedrijfsopvolgingsregeling in de schenk- en erfbelasting en inkomstenbelasting niet meer geldt voor verhuurd vastgoed. Vanaf wanneer (de verwachting is 2024) en nadere details zijn nog niet bekend;
  • ook aangekondigd, maar nog niet vastgelegd in een wetsvoorstel, is de introductie van een maatregel in de vennootschapsbelasting, waarschijnlijk vanaf 2024. Hierdoor mogen fiscale beleggingsinstellingen (FBI’s) niet meer direct in vastgoed beleggen.

Let op!
Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties aangenomen. Hierin wordt het kabinet onder meer verzocht om te onderzoeken of er fiscale belemmeringen zijn bij stopperregelingen voor agrariërs en om in de evaluatie van de BOR ook de aanpak van constructies als baby-BV’s te betrekken.

Werkgevers

  • de vrije ruimte in de werkkostenregeling (WKR) bedraagt in 2023 over de eerste €400.000 fiscale loonsom 3%, daarboven bedraagt de vrije ruimte 1,18%. Werkgevers kunnen verder een onbelaste reiskostenvergoeding geven van €0,21 per kilometer in 2023 en €0,22 per kilometer in 2024;
  • voor de werkende houder van een aanmerkelijk belang, waaronder DGA’s, verdwijnt de doelmatigheidsmarge in de gebruikelijkloonregeling. Vanaf 2023 moet rekening gehouden worden met 100% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking in plaats van 75%. De speciale regeling voor innovatieve start-ups verdwijnt vanaf 2023;
  • de 30%-regeling voor ingekomen werknemers wordt vanaf 2024 beperkt tot de balkenendenorm (in 2022: €216.000). Voor ingekomen werknemers voor wie de 30%-regeling in het laatste loontijdvak van 2022 is toegepast, geldt een overgangsregeling tot en met 2025;
  • verder wordt de AOF-premie voor kleine werkgevers lager;
  • oorspronkelijk was nog voorgesteld om het lage-inkomensvoordeel (LIV) tijdelijk te verruimen. Bij de stemming in de Tweede Kamer is dit voorstel met betrekking tot het jaar 2023 (waarvan uitbetaling in 2024 plaatsvindt) echter geschrapt. De verruiming voor het jaar 2022 (waarvan uitbetaling in 2023 plaatsvindt), lijkt wel doorgang te vinden.

Let op!
Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties aangenomen. Hierin wordt het kabinet onder meer verzocht om de afschaffing van de buitenlandse partiële belastingplicht binnen de 30%-regeling en de mogelijkheid om belastingvrij een OV-abonnement te verstrekken, te onderzoeken.

Let op!
Deze plannen moeten nog wel door de Eerste Kamer worden goedgekeurd (december 2022).


2. Belastingplannen 2023 particulieren en box 3: akkoord Tweede Kamer

De Tweede Kamer heeft ingestemd met de belastingplannen voor 2023. Op een aantal onderdelen uit deze plannen zijn wijzigingen aangebracht en een aantal zaken moet nog door het kabinet nader worden onderzocht. Wat staat je als particulier te wachten en wat zijn de plannen voor box 3? De hoofdlijnen.

Particulieren

  • de eenmalige schenkingsvrijstelling met betrekking tot een woning, ook bekend als de ‘jubelton’, wordt in 2023 verlaagd en in 2024 helemaal afgeschaft. Wie in 2022 al schenkt onder de jubelton, kan dit in 2023 nog nader aanvullen. De ontvanger van deze schenking moet deze uiterlijk in 2024 in overeenstemming met het doel van de jubelton besteden;
  • het laatste tijdvak waarin een sterk wisselend inkomen gemiddeld kan worden, is 2022 tot en met 2024;
  • vanaf 2023 bedraagt de maximale periodieke giftenaftrek €250.000 per kalenderjaar. Voor periodieke giften aangegaan uiterlijk 4 oktober 2022, 16.00 uur, geldt overgangsrecht;
  • de inkomensafhankelijke combinatiekorting vervalt per 2025. Voor kinderen die uiterlijk 31 december 2024 geboren zijn, blijft deze korting wel bestaan zolang aan de voorwaarden wordt voldaan;
  • diegene (particulier of ondernemer) die onroerend goed koopt, is vanaf 2023 10,4% overdrachtsbelasting verschuldigd (in plaats van 8%). Dit geldt niet als het verlaagde tarief van 2% of de startersvrijstelling van toepassing is bij aankoop van een eigen woning;
  • aan diegene (particulier of ondernemer) die zonnepanelen laat installeren op of in de onmiddellijke nabijheid van een woning, wordt 0% BTW berekend.

Tip!
Bij de aanname van het belastingpakket door de Tweede Kamer is onder meer besloten om het belastingregime voor laadpalen met twee jaar te verlengen, het algemene tarief van de kansspelbelasting verder te verhogen met 0,2% tot 29,5% en de voorgestelde tariefverhoging van de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken per 1 januari 2023 te schrappen.

Let op!
Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties aangenomen waarin het kabinet onder meer wordt verzocht om te onderzoeken of de inkomstenbelasting transparanter kan worden, bijvoorbeeld door de afbouw van heffingskortingen in de nominale belastingtarieven te verwerken. Ook is een motie aangenomen om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn om de fiscale faciliteiten voor ANBI’s ook toe te passen voor verenigingen.

Box 3

  • vanaf 2023 geldt een nieuwe wijze van berekening van de box 3-heffing, die lijkt op de wijze waarop momenteel rechtsherstel wordt geboden voor box 3. Uitgegaan wordt van de werkelijke verdeling van het vermogen in spaargeld, overige bezittingen en schulden met elk een eigen forfaitair rendement;
  • in de nieuwe wet is een zogenaamde anti-peildatumarbitragebepaling opgenomen. Bij de aanname van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer is besloten dat deze bepaling in 2024 wordt geëvalueerd;
  • het tarief in box 3 wordt in 2023 verhoogd naar 32%. In 2024 en 2025 stijgt het tarief verder naar 33%, respectievelijk 34%.

Let op!
Tijdens de stemming over de belastingplannen in de Tweede Kamer zijn verschillende moties met betrekking tot box 3 aangenomen. Hierin wordt het kabinet onder meer verzocht om te onderzoeken of de belastingheffing in de categorie ‘overige bezittingen’ meer realistisch of verfijnd vormgegeven kan worden. Verder wordt het kabinet verzocht om te onderzoeken hoe een miljonairsbelasting, bijvoorbeeld door een vermogensbelasting van 1% op het box 3-vermogen, vormgegeven kan worden.

Let op!
Deze plannen moeten nog wel door de Eerste Kamer worden goedgekeurd (december 2022).


3. Massaalbezwaarplusprocedure voor niet-bezwaarmakers box 3

Belastingplichtigen die voor de jaren 2017 tot en met 2020 geen bezwaar hadden gemaakt tegen box 3, hoeven geen actie meer te ondernemen. Het kabinet heeft besloten de vraag of zij recht hebben op rechtsherstel opnieuw voor te leggen aan de Hoge Raad en de uitspraak in die zaak voor iedere belastingplichtige toe te passen.

Heffing box 3 in strijd met het EVRM
De Hoge Raad heeft eind vorig jaar geoordeeld dat de wijze van belastingheffing in box 3 in strijd is met het Eerste Protocol bij het EVRM als het werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. De Hoge Raad stelde dat het voordeel uit sparen en beleggen in deze zaak moest worden bepaald op het werkelijk behaalde rendement. Het oordeel van de Hoge Raad betekent dat de Belastingdienst rechtsherstel moet bieden. Naar aanleiding van deze uitspraak wordt voor de heffing in box 3 thans dan ook uitgegaan van de werkelijke samenstelling van het vermogen en een hierop gebaseerd forfaitair rendement.

Rechtsherstel
Voor degenen die op tijd bezwaar hadden gemaakt, heeft het kabinet inmiddels rechtsherstel geboden. Voor degenen die niet (op tijd) in bezwaar kwamen, heeft het kabinet aangegeven geen rechtsherstel te bieden. Dit leidde tot tal van individuele verzoeken om ambtshalve alsnog rechtsherstel te krijgen. Daarnaast werden nog veel van dit soort verzoeken verwacht. Om enorme problemen in de uitvoering te voorkomen, heeft het kabinet nu toegezegd proefprocedures te starten waarbij de uitkomst voor iedere belastingplichtige gaat gelden. Het is dus niet nodig om zelf nog in actie te komen.

Eerdere uitspraak Hoge Raad
De verzoeken om ambtshalve vermindering komen in feite allemaal neer op verzoeken om ambtshalve rechtsherstel. Eerder oordeelde de Hoge Raad echter al dat dergelijke verzoeken niet gehonoreerd hoeven te worden.

Diverse belangen- en koepelorganisaties zijn echter van mening dat hier nieuwe argumenten tegen zijn in te brengen die nog niet aan de Hoge Raad zijn voorgelegd. Om een verdere stroom aan verzoeken om ambtshalve vermindering te voorkomen, is daarom besloten een aantal van deze zaken in zogenaamde proefprocedures voor te leggen aan de Hoge Raad.

Nieuwe massaalbezwaarplusprocedure
Een massaalbezwaarprocedure met betrekking tot verzoeken om ambtshalve vermindering bestaat op dit moment nog niet. Daarom is in het belastingpakket voor 2023 een wetswijziging opgenomen waarmee een nieuwe procedure wordt ingericht: de massaalbezwaarplusprocedure. Nadat deze wetswijziging per 1 januari 2023 in werking is getreden, zal het kabinet begin 2023 de procedure rondom de vraag of de niet-bezwaarmakers toch recht hebben op rechtsherstel, aanwijzen als massaalbezwaarplusprocedure. Het kabinet spreekt de komende tijd al verder met de belangenorganisaties over de zaken die worden voorgelegd aan de Hoge Raad.

Let op!
Het kabinet heeft toegezegd dat de uitspraak die de Hoge Raad doet op de voorgelegde zaken, straks voor iedere belastingplichtige geldt.


4. Versoepeling TEK: geen verbruiksdrempel én energiekosten verlaagd naar 7% van omzet

De voorwaarden voor de regeling Tegemoetkoming Energiekosten (TEK) worden versoepeld. De energiekosten van een bedrijf moeten ten minste 7% van de omzet uitmaken in plaats van de eerder vastgestelde 12,5%. Ook is er een streep gezet door de verbruiksdrempel. Hierdoor komen meer MKB-bedrijven in aanmerking voor de TEK.

Aanpassing vanwege energiebelasting
De aanpassing van het percentage energie-intensiviteit heeft te maken met de energiebelasting. Het kabinet acht het bij nader inzien niet terecht om de energiebelasting een variabel in plaats van een vast onderdeel te laten zijn van de berekening waarmee de energie-intensiviteit in de TEK wordt bepaald.

Geen verbruiksdrempel meer
Een andere voorwaarde voor de TEK was dat een ondernemer jaarlijks meer dan 5.000 m³ gas of 50.000 kWh elektriciteit moest verbruiken om in aanmerking te komen voor de TEK. Ook deze voorwaarde is geschrapt.

Voorwaarden TEK
De TEK is alleen bedoeld voor energie-intensieve MKB-bedrijven. Om voor de TEK in aanmerking te komen, moet een bedrijf dan ook voldoen aan een aantal eisen. Een MKB-bedrijf:

  • heeft minder dan 250 medewerkers, minder dan €50 miljoen omzet en/of een balanstotaal van minder dan €43 miljoen;
  • staat ingeschreven in het Handelsregister van de KvK, én
  • is energie-intensief, waarbij minimaal 7% van de omzet bestaat uit energiekosten.

Omvang tegemoetkoming
Energie-intensieve MKB’ers krijgen een compensatie van 50% van de energiekostenstijging boven een vastgestelde drempelprijs tot een maximum van €160.000. De drempelprijs is vastgesteld op €1,19 per kuub gas en €0,35 per kilowattuur elektriciteit.

Let op!
Het maximum van €160.000 geldt per onderneming en niet per energiecontract of vestiging. Heeft jouw onderneming dus meerdere vestigingen, dan kan je niet maximaal €160.000 per vestiging ontvangen.

Uitvoering door de RVO
De uitvoering van de TEK komt in handen van de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO). Op de site van de RVO is ook een ‘houd me op de hoogte-pagina’ opengesteld, waarbij MKB’ers na aanmelding informatie krijgen over de inrichting en openstelling van de TEK.

Let op!
De TEK zou mogelijk pas in het 2e kwartaal 2023 opengesteld worden. Na gesprekken in de Tweede Kamer lijkt het erop dat de TEK echter hoogstwaarschijnlijk per 1 januari 2023 wordt opengesteld. De regeling gaat dan met terugwerkende kracht gelden voor de periode november 2022 tot en met december 2023. Voor ondernemers die nu al problemen ervaren, zal het verlenen van uitstel van betaling van belasting een mogelijke oplossing kunnen bieden. Ook zijn banken bereid gevonden in die gevallen eerder krediet te verlenen.


5. Aanzeggen tijdelijk arbeidscontract moet verplicht schriftelijk

Voor contracten voor bepaalde tijd met een looptijd van zes maanden of langer geldt een aanzegplicht. Je moet als werkgever uiterlijk een maand voordat een dergelijke arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt, de werknemer schriftelijk informeren over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst. Bij een voortzetting informeer je ook over de voorwaarden waaronder de arbeidsovereenkomst wordt voortgezet. In bepaalde gevallen geldt de aanzegplicht niet. Bijvoorbeeld bij een arbeidsovereenkomst voor de duur van een project of met een uitzendbeding of bij een tweede of derde overeenkomst die korter dan zes maanden duurt. Zeg je (schriftelijk) niet aan wanneer dit wel moet, dan moet je de werknemer een aanzegvergoeding betalen ter grootte van een kaal bruto maandsalaris. Dit kan ook een pro rato deel zijn als de aanzegging te laat plaatsvindt.


6. Lage WW-premie herzien bij kort dienstverband

Betaal je de lage WW-premie voor een werknemer met een vast contract, dan moet je dit herzien als het dienstverband uiterlijk twee maanden na aanvang van het dienstverband alweer eindigt. Je betaalt dan alsnog met terugwerkende kracht de hoge WW-premie. Het maakt daarbij niet uit of nog sprake is van een proeftijd of wie het initiatief tot beëindiging neemt. Ook bij overlijden van de werknemer binnen twee maanden na aanvang van het dienstverband moet alsnog met terugwerkende kracht de hoge WW-premie betaald worden. Is sprake van overgang van een onderneming of een contractovername waarbij het contract ongewijzigd blijft? Dan vangt de tweemaandentermijn aan op de oorspronkelijk startdatum van het dienstverband bij de oude werkgever.

Door |2024-05-31T09:27:55+02:0014 november 2022|Nieuwsbrief|Reacties uitgeschakeld voor Nieuwsbrief november 2022
  • Bestelauto voor ondernemer vanaf 2025 fors duurder

Bestelauto voor ondernemer vanaf 2025 fors duurder

Bestelauto’s worden voor ondernemers vanaf 2025 fors duurder, zowel bij aankoop als in gebruik. Dit wordt veroorzaakt door een hogere BPM bij aanschaf en een hogere motorrijtuigenbelasting. Deze voorstellen staan in het Belastingplan 2023.

Meer BPM
De BPM is een belasting op nieuwe personen- en bestelauto’s en op motoren. Voor ondernemers geldt echter een vrijstelling van BPM op bestelauto’s, voor zover een bestelauto meer dan 10% zakelijk wordt gebruikt. In het Belastingplan wordt voorgesteld deze vrijstelling per 2025 af te schaffen.

Geen BPM voor elektrische bestelauto
Voor elektrische bestelauto’s verandert er per 2025 niets. Voor de aanschaf hiervoor hoeft ook vanaf 2025 geen BPM te worden betaald. Vanaf 2025 wordt de BPM namelijk ook voor bestelauto’s berekend op basis van de uitstoot van CO2.

Hoeveel BPM?
De berekening van het tarief van de BPM voor bestelauto’s gaat vanaf 2025 ook veranderen. De BPM wordt vastgesteld op €66,91 (prijspeil 2022) per gram CO2-uitstoot. Vervuilende bestelwagens betalen daardoor straks meer BPM. Nu is deze BPM nog afhankelijk van de cataloguswaarde en van de gebruikte brandstof.

Ook meer MRB
In het Belastingplan 2023 wordt ook voorgesteld om bestelauto’s per 2025 meer motorijtuigenbelasting (MRB), ofwel wegenbelasting te laten betalen. Voor bestelauto’s geldt voor ondernemers nu een verlaagd tarief. Ook daarvoor is vereist dat de bestelauto meer dan 10% zakelijk wordt gebruikt. Dit verlaagde tarief wordt in 2025 verhoogd met 15%. Een jaar later, 2026, volgt een verhoging met nogmaals 6,96%.

Let op! Deze plannen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd en zijn dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-05T10:21:49+01:008 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bestelauto voor ondernemer vanaf 2025 fors duurder

  • BLOG: BTW ondernemerschap bij verhuur recreatiewoningen

BLOG: BTW ondernemerschap bij verhuur recreatiewoningen

Een veel gehoord en gelezen misverstand is de gedachte dat, als je een recreatiewoning aan derden verhuurt, je kunt kiezen voor BTW-ondernemerschap. Als het gaat om BTW-ondernemerschap is er geen keuze. Zodra je commerciële activiteiten verricht ben je al heel snel BTW-ondernemer.

Wanneer ben je BTW-ondernemer?
Je bent BTW-ondernemer als je een recreatiewoning duurzaam exploiteert. Maar wat is duurzame exploitatie? Dat is niet vastgelegd in de wet of beleid en moet worden bepaald aan de hand van jouw jaarlijkse huuropbrengst, duur van de verhuur en het aantal verschillende huurders in een jaar.

Een veelgehoord argument is “maar ik verhuur niet meer dan 140 dagen per jaar”. In een handreiking heeft de Belastingdienst in het verleden aangegeven dat, als je voor meer dan 140 dagen per jaar verhuurt, er dan zeker sprake is van duurzame exploitatie. Wat vergeten wordt dat destijds over die 140 dagen is geschreven om zekerheid te geven, dat je ook de BTW van de aanschaf van de recreatiewoning in aftrek kan brengen. Als je namelijk geen BTW-ondernemer bent kun je ook de BTW op de aanschaf en kosten niet in aftrek brengen. De 140 dagen diende dus als zekerheid voor BTW-aftrek. Maar ook onder die 140 dagen ben je al snel
BTW-ondernemer. Dit geldt zeker voor recreatiewoningen op vakantieparken, waarbij de verhuur wordt uitbesteed. In verreweg de meeste gevallen ben je
BTW-ondernemer als je jouw recreatiewoning aan derden verhuurt. Dit geldt ook als bij de aankoop van de recreatiewoning geen BTW in rekening is gebracht.

Een ander argument dat je nog wel eens hoort, “maar ik ben niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel”. Het wel of niet zijn van BTW-ondernemer hangt niet af van een inschrijving in het Handelsregister. Ook zonder een inschrijving in het Handelsregister kun je BTW-ondernemer zijn.

Maar wat zijn dan de gevolgen als je je niet aanmeldt bij de Belastingdienst als BTW-ondernemer voor de verhuur van jouw recreatiewoning. In dat geval kan de Belastingdienst je tot vijf jaar terug naheffingen BTW opleggen over de verhuuropbrengsten die je hebt ontvangen. Afhankelijk van de feiten en omstandigheden kan de Belastingdienst je ook nog een vergrijpboete opleggen van 25 tot 50% van de nageheven BTW. In uitzonderingsgevallen (zoals fraude) kan de boete zelfs oplopen tot 100%.

Maar als ik nu “geringe” verhuuropbrengsten heb, moet ik me dan ook aanmelden als BTW-ondernemer? Stel je verhuurt voor 80 dagen per jaar en hebt een verhuuropbrengst van €10.000. Je hebt totaal 20 verschillende huurders gehad. Je bent dan BTW-ondernemer en je moet je aanmelden als BTW-ondernemer bij de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft echter wel een regeling voor ondernemers met een geringe omzet. Als jouw omzet per jaar niet hoger is dan €20.000 (exclusief BTW), dan kun je je aanmelden voor de zogenaamde kleine ondernemersregeling. Je kunt dan een ontheffing krijgen van de BTW-plicht en de daarbij behorende administratieve verplichtingen. Als je daarvoor in aanmerking komt dan krijg je een beschikking dat je buiten de BTW valt (je mag dan ook geen BTW meer in rekening brengen en ook geen BTW meer aftrekken), zolang jouw jaarlijkse omzet onder die €20.000 blijft. Dit kan alleen als je je daarvoor expliciet vooraf aanmeldt. Het geldt niet met terugwerkende kracht en al helemaal niet als je niet geregistreerd bent bij de Belastingdienst met een BTW-nummer.

Let op: ook deze omzetgrens is geen indicatie voor BTW-ondernemerschap. Ook onder deze omzetgrens zul je in veel gevallen BTW-ondernemer zijn.

Verhuur je een recreatiewoning en ben je niet aangemeld als BTW-ondernemer? Dan is het goed om daarover na te denken en wat de gevolgen kunnen zijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2024-05-31T11:04:11+02:002 november 2022|Blog van NBC Eelman & Partners|Reacties uitgeschakeld voor BLOG: BTW ondernemerschap bij verhuur recreatiewoningen
  • Verdere versoepeling aflossen belastingschuld Corona

Verdere versoepeling aflossen belastingschuld Corona

Vanaf 1 oktober 2022 moeten bedrijven starten met het aflossen van hun opgebouwde belastingschuld in verband met Corona. Besloten was dat, onder voorwaarden, een betaalpauze van drie maanden kan worden ingelast. Deze betaalpauze is onlangs verlengd naar zes maanden.

Aflossen
Het aflossen van de belastingschuld moet in beginsel plaatsvinden vanaf 1 oktober 2022 in zestig maandelijks gelijke termijnen. Dat betekent dat de schuld in vijf jaar moet zijn afgelost.

Tip! Voor sommige bedrijven staat de Belastingdienst, onder voorwaarden, een termijn van zeven jaar toe.

Versoepelingen
Op verzoek is het, onder voorwaarden, ook mogelijk om de schuld per kwartaal af te lossen. Daarnaast kan de ondernemer eenmalig schriftelijk verzoeken om een betaalpauze. Deze betaalpauze bedroeg in eerste instantie maximaal drie maanden, maar is onlangs verlengd naar maximaal zes maanden.

Voorwaarden betaalpauze zes maanden
Voorwaarden voor de betaalpauze van maximaal zes maanden is dat uit het schriftelijke verzoek blijkt waaruit de aflossingsproblemen bestaan. Daarnaast moeten vanaf 1 april 2022 alle reguliere belastingschulden op tijd zijn voldaan.

Let op! De termijn waarbinnen moet zijn afgelost, wordt door de betaalpauze niet verlengd. Dit betekent dat na de betaalpauze de maand- of kwartaalbedragen verhoogd worden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-10-13T09:45:56+02:0013 oktober 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Verdere versoepeling aflossen belastingschuld Corona

  • TEK:  financiële steun voor energie-intensief MKB

TEK: financiële steun voor energie-intensief MKB

Het kabinet gaat energie-intensieve MKB-bedrijven financieel ondersteunen. Daartoe wordt de Tegemoetkoming Energiekosten-regeling (TEK) in het leven geroepen. Dit heeft minister Adriaansens bekendgemaakt. Voor consumenten en kleinere MKB-bedrijven die geen grootverbruiker zijn van energie wordt een andere regeling getroffen.

Energieverbruik en omzet uitgangspunt
De TEK is gebaseerd op het energieverbruik en de omzet van een ondernemer. De ondernemer die voor de TEK in aanmerking komt, krijgt een deel van de kostenstijging dit jaar en in 2023 gecompenseerd. De steun bestaat uit een nader te bepalen percentage van de stijging van de prijs van gas en elektra en hangt af van het energieverbruik tot een vast te stellen maximum per onderneming.

Inhoud TEK nog onduidelijk
De exacte inhoud van de regeling is nog onduidelijk. De voorwaarden van de TEK, het budget, de percentages en de maximale steun per onderneming worden op korte termijn bekendgemaakt. Naar verwachting zal dit nog tot begin 2023 duren.

Noodsteun vanaf november
Omdat de TEK op korte termijn geen oplossing biedt, zal voor energie-intensieve MKB-bedrijven die nu al problemen ervaren noodsteun beschikbaar komen. Ook deze maatregel moet nog worden uitgewerkt, maar zal naar verwachting al vanaf november van dit jaar beschikbaar zijn.

Let op! Deze voorstellen moeten dus nog nader worden uitgewerkt en vervolgens nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-10-07T09:15:01+02:007 oktober 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor TEK: financiële steun voor energie-intensief MKB