DGA

Extra lastenverzwaringen dga op komst

Als het aan de Tweede Kamer ligt, krijgt de dga de komende tijd te maken met forse extra lastenverzwaringen. Hiertoe is via amendementen een aantal ingrijpende wijzigingen aangebracht op de wetsvoorstellen van het Belastingplan 2024.

Let op! Het Belastingplan 2024 moet nog door de Eerste Kamer worden geaccordeerd.

Verhoging tweede tarief box 2

Bril

Onder andere uitgekeerd dividend wordt in box 2 belast, maar ook verkoopopbrengsten van de aandelen. Het huidige tarief in box 2 bedraagt 26,9%. Dit wordt vanaf 2024 vervangen door twee tarieven: een tarief van 24,5% over de eerste € 67.000 (voor partners het dubbele) van het inkomen en 31% over het meerdere van het inkomen in box 2. Dit laatste tarief wordt nu op voorstel van de Tweede Kamer verhoogd naar 33%

Let op! De nieuwe tarieven gaan ook gelden voor winsten die in het verleden in de bv zijn gehaald en pas in de toekomst worden uitgekeerd naar privé.

Let op! Meestal heeft de dga het betalen van belasting in box 2 zelf in de hand, namelijk door wel of geen dividend uit te keren. Ingeval van overlijden wordt echter een fictieve verkoop van de aandelen ineens in aanmerking genomen. Bij enige waarde zal daarbij al snel moeten worden afgerekend tegen 33%.

Grens excessief lenen verlaagd

Een andere voorgestelde wijziging betreft de grens inzake excessief lenen bij de eigen bv. Sinds dit jaar, 2023, mag een dga nog maar maximaal onbelast € 700.000 lenen bij zijn eigen bv. Leent hij meer, dan moet hij hierover belasting betalen in box 2. De Tweede Kamer heeft besloten voor het jaar 2024 de grens te verlagen naar € 500.000. Dit betekent dat dga’s, die nu uitgaan van € 700.000, volgend jaar onder deze € 500.000-grens moeten zien te komen om belasting in box 2 over het meerdere te voorkomen.

Dividend uitkeren of niet?

Er kunnen vele redenen zijn om wel of juist geen dividend in 2023 uit te keren, bijvoorbeeld ten aanzien van de beschikbaarheid van liquide middelen om verschuldigde belasting te voldoen. Als het puur fiscaal-financieel wordt beoordeeld, hangt het antwoord op de vraag of het uitkeren van dividend in 2023 raadzaam is of niet, met name af van het verwachte rendement op het vermogen en de periode waarmee belastingheffing kan worden uitgesteld. Grofweg kunnen daarom de volgende uitgangspunten worden gehanteerd:

  • Voor zover vanaf 2024 dividend kan worden uitgekeerd tegen 24,5%, is het altijd voordeliger om in 2023 geen dividend uit te keren.
  • Als de verwachting is dat toekomstige heffing tegen het hogere tarief van 33% onvermijdelijk is, is het uitkeren van dividend in 2023 voordeliger naarmate het verwachte rendement lager is en de uitstelperiode korter. Maar ook bij een hoog verwacht rendement en een relatief korte uitstelperiode (bijvoorbeeld een dga met een korte levensverwachting) is het uitkeren van dividend in 2023 doorgaans voordeliger.

Er zijn situaties waarin het onvermijdelijk is om in de toekomst af te rekenen tegen het hoge tarief. Dit speelt bijvoorbeeld bij bv’s waarin jaarlijks een nettorendement wordt gemaakt dat al meer is dan de grens van het lage box 2-tarief (€ 67.000 of het dubbele bij partners) en/of waarin de bv al zo veel opgepot vermogen heeft dat het vele jaren gaat duren alvorens dit via een jaarlijkse dividenduitkering tegen het lage tarief wordt uitgekeerd.

Partners opgelet!

Er is een lichtpuntje als u een fiscale partner heeft. Inkomsten in box 2 mag u namelijk onderling verdelen en worden dan bij de partner voor zijn of haar aandeel belast.

Dividend uitkeren

Dga’s die op bovengenoemde maatregelen willen en kunnen anticiperen, zullen wellicht overwegen om nog dit jaar fors dividend uit te keren. Er wordt dan aanzienlijk minder belasting betaald, zoals uit onderstaand voorbeeld blijkt.

Voorbeeld
Dividenduitkering € 1.000.000
Belasting 2023: 26,9% x € 1.000.000 = € 269.000
Belasting 2024: 24,5% x € 67.000 + 33% x € 933.000 = € 16.415 + € 307.890 = € 324.305
Verschil: € 324.305 -/- € 269.000 = € 55.305

Mogelijke spelbreker box 3

Het bovenstaande wordt wellicht minder interessant als het uitgekeerde dividend niet direct besteed wordt. Het is dan namelijk belast in box 3, waar vanaf 2024 een tarief gaat gelden van maar liefst 36%. Ook dit tarief is op initiatief van de Tweede Kamer extra verhoogd; het kabinet had een voorstel gedaan voor een verhoging naar 34%.

Let op! U betaalt dit tarief overigens over een verondersteld rendement, aangezien er nog steeds geen definitief voorstel ligt om kapitaalinkomsten te belasten tegen het werkelijke rendement.

Tips dividend en box 3

Wilt u voorkomen dat het netto dividend meetelt in box 3, dan kunt u nog aan de volgende maatregelen denken:

  • U kunt ervoor kiezen de dividenduitkering pas vlak voor de jaarwisseling te plannen, maar het nettodividend pas te betalen na de jaarwisseling. Voor box 3 wordt het vermogen gepeild op 1 januari. De vordering die u heeft op de bv valt echter niet in box 3, maar in de regeling van het ter beschikking stellen van vermogen (box 1). U moet over een paar dagen rente berekenen en aangeven in box 1, maar dat is allicht minder dan de heffing in box 3. Vanaf 2025 telt het vermogen uiteraard wel mee voor box 3, voor zover nog niet besteed.
  • U kunt ook besluiten het nettodividend direct weer in de bv terug te storten als agio. Daarmee verhoogt u de verkrijgingsprijs van uw box 2-aandelen en voorkomt u heffing in box 3 zolang u wilt. Uiteraard is het rendement dat de bv behaalt met dit extra vermogen wel belast met vennootschapsbelasting en toekomstige box 2-heffing. Het storten van agio kan plaatsvinden zonder inschakeling van een notaris. Wilt u de storting in de toekomst onbelast uit de bv halen, dan is daarvoor wél de gang naar de notaris noodzakelijk. Deze agiostorting kan met name interessant zijn voor bv-structuren waarbij een goede solvabiliteit noodzakelijk of wenselijk is. Met de agiostorting wordt het eigen vermogen immers weer versterkt.

Tip! Overleg tijdig met uw adviseur hoe u het beste kunt inspelen op alle wijzigingen. Wij adviseren u graag, dit blijft namelijk maatwerk.

Door |2023-11-10T15:02:28+01:0010 november 2023|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Extra lastenverzwaringen dga op komst
  • Meer duidelijkheid over belastbaarheid laadpaal

Meer duidelijkheid over belastbaarheid laadpaal

De Belastingdienst heeft meer duidelijkheid geboden over de eventuele belastbaarheid van een laadpaal ten behoeve van het opladen van een (semi)elektrische auto. Wat geldt er voor een elektrische auto van de zaak en wat geldt er voor een elektrische privéauto?

Auto van de zaak
Een laadpaal die is geïnstalleerd bij de woning van de werknemer is onbelast als het een auto van de zaak betreft. Het is daarbij niet van belang of de bijtelling van toepassing is. Is deze niet van toepassing omdat de werknemer niet meer dan 500 kilometer privé met de auto rijdt, dan is de laadpaal dus eveneens onbelast.

Elektra
De vergoeding voor elektra voor de auto van de zaak is eveneens onbelast als werkgever en werknemer hebben afgesproken dat de werknemer het daadwerkelijke verbruik tegen integrale kostprijs doorberekent aan de werkgever. De kosten van een meter om het feitelijk verbruik vast te stellen behoren ook tot de kostprijs en kunnen dan dus ook onbelast worden vergoed.

Vaste vergoeding?
Een vaste vergoeding voor elektra voor de auto van de zaak is in beginsel niet mogelijk. Dit is alleen anders als aannemelijk gemaakt kan worden dat de vergoeding gelijk is aan de integrale kostprijs die de werknemer betaalt aan zijn energiemaatschappij.

Privéauto
Een vergoeding voor een laadpaal of elektra ten behoeve van de privéauto van een werknemer is loon en dus belast als hierdoor de vergoeding per kilometer meer dan €0,21/km (2023) gaat bedragen. Deze kosten worden namelijk geacht in te zijn begrepen in de kilometervergoeding van maximaal €0,21.

Let op! Bovenstaande regels gelden ook voor de elektrische auto van de DGA.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-03T15:31:31+01:004 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Meer duidelijkheid over belastbaarheid laadpaal

  • Top 10-wijzigingen 2023 voor werkgever en DGA

Top 10-wijzigingen 2023 voor werkgever en DGA

Per 1 januari 2023 zijn er weer tal van wijzigingen doorgevoerd voor de werkgever en de DGA. Denk aan de extra verhoging van de WKR en de afschaffing van de doelmatigheidsmarge voor het gebruikelijk loon van de DGA. Welke tien wijzigingen springen in het oog?

1. Vrije ruimte WKR voor 2023 omhoog
Per 1 januari 2023 wordt de vrije ruimte binnen de WKR tijdelijk verhoogd naar 3% over de eerste €400.000 van de loonsom. Over het meerdere van jouw loonsom wordt de vrije ruimte 1,18%. Deze verhoging geldt voor één jaar. Vanaf 2024 gaat het percentage naar 1,92% over de eerste €400.000 van de loonsom.

2. Gebruikelijk loon DGA 2023
Het normbedrag in de gebruikelijkloonregeling voor de DGA stijgt in 2023 naar €51.000 (2022: €48.000). De regeling voor gebruikelijk loon geldt voor iedereen die een aanmerkelijk belang heeft in een vennootschap en ook werk verricht voor diezelfde onderneming. Hetzelfde geldt voor de partner die werk verricht in de vennootschap. Zij moeten in de loonaangifte een salaris opnemen dat ‘gebruikelijk’ is voor de werkzaamheden.

Afschaffen doelmatigheidsmarge
Vanaf 2023 is de doelmatigheidsmarge afgeschaft. Voor de bepaling van de hoogte van het gebruikelijk loon mag de DGA daarom niet langer uitgaan van 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking. Vanaf 2023 moet de DGA uitgaan van 100% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking.

3. Verhoging reiskosten- en thuiswerkvergoeding 2023
De vrijgestelde reiskostenvergoeding voor eigen vervoer is dit jaar verhoogd naar €0,21 per km. Vanaf 2024 bedraagt de vergoeding €0,22 per km.
Werknemers mogen een reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer ontvangen voor de dagen dat zij naar een vaste werkplek reizen. Deze vergoeding kan gegeven worden op basis van de werkelijk gemaakte kilometers, maar je kunt ook een vaste vergoeding toekennen.

Thuiswerkvergoeding
Met ingang van 2023 is de vrijgestelde thuiswerkvergoeding verhoogd naar €2,15 per dag. De reiskosten- en thuiswerkvergoeding zijn vrijgesteld en komen niet ten laste van de vrije ruimte van de werkkostenregeling.

4. Forse stijging wettelijk minimumloon
Het wettelijk minimumloon stijgt per 1 januari 2023 met maar liefst 10,15%. Daarmee komt het minimumloon voor werknemers van 21 jaar en ouder per maand uit op €1.934,20. Het minimumloon wordt jaarlijks op 1 januari en 1 juli aangepast aan de cao-lonen. Het minimumloon geldt bij een volledige werkweek. Hoeveel uur dit per week is, verschilt per branche. Dit kan 40 uur zijn, maar sommige branches hanteren een kortere werkweek van bijvoorbeeld 38 of 36 uur. De minimumjeugdlonen bedragen een vast percentage dat afgeleid is van het minimumloon voor werknemers van 21 jaar en ouder. De minimumjeugdlonen stijgen dus ook met 10,15%.

5. Bezwaar tegen een naheffingsaanslag loonheffingen
In een naheffingsaanslag loonheffingen stelt de Belastingdienst naast het te betalen bedrag van de belasting of premies veelal ook andere zaken vast, zoals belastingrente en boete. Vanaf 2023 hoef je niet meer afzonderlijk bezwaar te maken tegen al die elementen: een bezwaar tegen één element wordt opgevat als een bezwaar tegen alle elementen. Dit geldt ook als je eventueel beroep tegen de uitspraak op jouw bezwaar wilt instellen.

6. Rentestop bij naheffingsaanslag loonheffingen
Als je de Belastingdienst verzoekt om een naheffingsaanslag loonheffingen op te leggen of als je een correctiebericht verzendt dat tot een naheffingsaanslag leidt, brengt de Belastingdienst je in bepaalde situaties belastingrente in rekening. Vanaf 2023 berekent de Belastingdienst de belastingrente tot uiterlijk tien weken na ontvangst van jouw verzoek, ook als de behandeltermijn langer is.

7. Onbelaste vrijwilligersvergoeding naar €1.900 in 2023
Je kunt vrijwilligers die binnen jouw organisatie vrijwilligerswerk verrichten een vergoeding geven die voor de fiscus onbelast is. Deze maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd. De maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding is per 1 januari 2023 omhooggegaan naar €1.900 per jaar.

8. Herstellen van toegepast anoniementarief
Je moet het anoniementarief toepassen als een werknemer niet zijn (volledige of juiste) gegevens heeft opgegeven, zoals zijn naam, adres of BSN. Als je in de loop van het jaar alsnog de (volledige/juiste) gegevens ontvangt van jouw werknemer, pas je vanaf dat moment het reguliere tarief toe. Tot en met 2022 mag je een eerdere inhouding op basis van het anoniementarief niet herstellen. De werknemer kan deze inhouding later verrekenen via zijn aangifte inkomstenbelasting, wat voor hem dan kan leiden tot een teruggaaf.
Vanaf 2023 mag je een eerdere inhouding van loonbelasting/premie volksverzekeringen tegen het anoniementarief wel herstellen na ontvangst van de volledige/juiste gegevens. Dit kan alleen in hetzelfde jaar. Je moet dan correcties voor de eerdere aangiften van dat jaar verzenden.

9. Normbedragen 30%-regeling
Voor toepassing van de 30%-regeling geldt een aantal voorwaarden. Een van die voorwaarden is dat de werknemer een specifieke deskundigheid heeft die niet of nauwelijks op de Nederlandse arbeidsmarkt te vinden is. Een werknemer wordt geacht te voldoen aan deze specifieke deskundigheid als de beloning van de werknemer hoger is dan een vastgestelde salarisnorm. De salarisnorm wordt jaarlijks geïndexeerd. Voor 2023 is de salarisnorm vastgesteld op een belastbaar jaarsalaris van €41.954 (2022: €39.467). Deze salarisnorm van €41.954 is exclusief de eindheffingsbestanddelen en dus exclusief de 30%-vergoeding. In de meeste gevallen wordt niet meer specifiek gecontroleerd op schaarste, maar dit gebeurt wel als bijvoorbeeld alle werknemers met een bepaalde deskundigheid aan de salarisnorm voldoen.
Voor werknemers die voor wetenschappelijk onderzoek of onderwijs werken bij een onderzoekinstelling en voor werknemers die arts in opleiding tot specialist zijn, geldt geen salarisnorm. Voor werknemers die instromen en jonger zijn dan 30 jaar en hun masterdiploma hebben behaald, geldt voor 2023 een salarisnorm van €31.891 (2022: €30.001). Het masterdiploma moet vergelijkbaar zijn met een masterdiploma in het Nederlandse wetenschappelijk onderwijs.

10. Subsidieregeling praktijkleren
De subsidie praktijkleren is een tegemoetkoming voor de kosten die werkgevers maken voor de begeleiding van een leerling, deelnemer of student. De subsidieregeling liep tot en met studiejaar 2021/2022. Het Ministerie van OCW heeft echter besloten de regeling met één jaar te verlengen. Ook voor het studiejaar 2022/2023 kun je dus een subsidie praktijkleren aanvragen. je kunt in 2023 een aanvraag indienen vanaf 2 juni 2023 tot vrijdag 15 september 2023 17.00 uur.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-01-16T11:58:24+01:0017 januari 2023|Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Top 10-wijzigingen 2023 voor werkgever en DGA

  • DGA: pas op pensioen bij forse lening bij jouw BV

DGA: pas op pensioen bij forse lening bij jouw BV

Als je als DGA bij jouw BV een forse lening afsluit, kan dat verregaande fiscale gevolgen hebben. Die gevolgen kunnen ook betrekking hebben op jouw pensioen.

Onzakelijke lening
In een zaak die speelde bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden had een DGA bij zijn BV ruim €2,3 miljoen aan schulden staan. De inspecteur was van mening dat de lening onzakelijk was. Onder meer omdat er aandelen verpand zouden worden als zekerheid, maar dit was niet gebeurd. Ook was het kredietplafond van €2 miljoen ruim overschreden. Bovendien was het nog maar zeer de vraag of de DGA de lening ooit af zou kunnen lossen, gelet op zijn financiële reserves.

Pensioen afgekocht?
De inspecteur ging er daarom vanuit dat het pensioen van de DGA met een waarde van ruim €1,4 miljoen in feite was afgekocht. De rechter was het hiermee echter niet eens, want de opgebouwde schuld zou altijd nog verrekend kunnen worden met het pensioen. Dit betekende dan wel dat het pensioen voorwerp van zekerheid was geworden. Dit leidde tot belastingheffing over de waarde van het pensioen, zodat de navordering in stand bleef.

Excessief lenen
De uitspraak maakt duidelijk dat DGA’s moeten oppassen met het afsluiten van al te grote leningen bij de eigen BV, zeker als men over onvoldoende financiële reserves beschikt.

Let op! De Eerste Kamer is akkoord gegaan met het wetsvoorstel excessief lenen bij de eigen vennootschap. Een DGA kan dan in beginsel nog maximaal €700.000 bij zijn BV lenen, of betaalt over het meerdere belasting.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-01-09T09:14:02+01:0010 januari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

DGA: pas op pensioen bij forse lening bij jouw BV

  • Normbedrag gebruikelijk loon DGA naar €51.000

Normbedrag gebruikelijk loon DGA naar €51.000

Het normbedrag van het gebruikelijk loon voor de DGA bedraagt vanaf 2023 €51.000. Daarnaast verdwijnt de doelmatigheidsmarge in de gebruikelijkloonregeling. Deze twee aanpassingen betekenen dat het voor de DGA verstandig is om te beoordelen of zijn loon mogelijk moet worden aangepast.

Berekening gebruikelijk loon 2023
Een aandeelhouder met een aanmerkelijk belang die ook werkzaamheden verricht voor de BV (waaronder de DGA) moet een gebruikelijk loon ontvangen. Het gebruikelijk loon bedraagt in 2023 het hoogste bedrag van de volgende bedragen:

• het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking, of;
• het loon van de meest verdienende werknemer van de BV, of;
• €51.000.

Tip! Onder bepaalde voorwaarden kan het gebruikelijk loon lager zijn. De bewijslast hiervan ligt wel bij jouw BV.

Verdwijnen doelmatigheidsmarge
In het Belastingplan 2023 is het verdwijnen van de doelmatigheidsmarge opgenomen. Waar je in 2022 nog rekening mag houden met 75% van het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking, wordt dit vanaf 2023 100% van dat loon. Deze wijziging, tezamen met de verhoging van het normbedrag van €48.000 in 2022 naar €51.000 in 2023, kan betekenen dat jouw loon omhoog moet om nog gebruikelijk te zijn.

Let op! De Tweede Kamer gaat al akkoord met de verdwijning van de doelmatigheidsmarge. De Eerste Kamer stemt hierover medio december 2022.

Voorbeeld verhoging gebruikelijk loon
Stel: in 2022 en 2023 bedraagt het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking €62.000 en het loon van de meest verdienende werknemer €47.000. Het gebruikelijk loon in 2022 bedraagt dan €48.000 (het hoogste bedrag van 75% van €62.000 = €46.500, €47.000 en €48.000). Het gebruikelijk loon in 2023 bedraagt echter €62.000 (het hoogste bedrag van €62.000, €47.000 en €51.000). Jouw gebruikelijk loon stijgt dan dus met €14.000!

Let op! De hoogte van het loon uit de vergelijkbaarste dienstbetrekking zal mogelijk tot meer discussie kunnen leiden met de Belastingdienst. Waar tot 2022 nog een discussiemarge bestond van 25%, is deze vanaf 2023 namelijk volledig verdwenen.

Onderdelen gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon omvat behalve het reguliere loon in geld, ook loon in natura en de bijtelling van de auto vanwege privégebruik. Ook de vergoedingen en verstrekkingen die onder de werkkostenregeling als eindheffingsloon zijn aangewezen kunnen meetellen, mits zij individualiseerbaar zijn.

Tip! Het reguliere loon van de DGA uit het eerdere voorbeeld kan in 2023 lager zijn dan €62.000. Stel dat de DGA bijvoorbeeld een bijtelling heeft voor een terbeschikkinggestelde auto van €12.000 en vergoedingen onder de werkkostenregeling die als eindheffingsloon zijn aangewezen in de vrije ruimte ter grootte van €2.400, dan hoeft het reguliere loon maar €47.600 te bedragen in plaats van €62.000.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-12-16T08:32:57+01:0016 december 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Normbedrag gebruikelijk loon DGA naar €51.000

  • Oppassen met vergoeden studiekosten kind DGA

Oppassen met vergoeden studiekosten kind DGA

Als je als werkgever de studiekosten van een kind van een van jouw werknemers rechtstreeks aan het kind vergoedt of verstrekt, zal het kind zelf de belasting moeten betalen. Dit is vaak voordeliger dan wanneer je de studiekosten als loon aan de ouder van het kind, jouw werknemer, uitkeert. De Belastingdienst maakte onlangs een voorbehoud bekend voor zover het studiekosten van een kind van de DGA betreft.

Voorbehoud
Het voorbehoud houdt in dat het bovenstaande niet van toepassing is als de personal holding van een DGA overwegend op grond van de aandeelhoudersrelatie een studietoelage uitkeert aan de kinderen van de DGA. Dan kan de vergoeding niet worden aangemerkt als loon uit een bestaande dienstbetrekking van een ander omdat de vergoeding vanuit de rol van aandeelhouder wordt uitgekeerd. De Belastingdienst wil hier mee aangeven dat er dan sprake kan zijn van een uitdeling aan de aandeelhouder, die ook bij deze aandeelhouder belast wordt in box 2.

Overleg mogelijk
Bij twijfel kan overlegd worden om een standpunt te bepalen. Naar verwachting zal dan beoordeeld worden in hoeverre een vergoeding van studiekosten ‘overwegend op grond van de aandeelhoudersrelatie’ is of zal worden toegekend. Het is namelijk de vraag wanneer een studietoelage overwegend op grond van de aandeelhoudersrelatie wordt uitgekeerd. In de praktijk zien we veelal dat de Belastingdienst dit oordeel velt als voor de kinderen van de DGA andere regels gelden dan in zakelijke verhoudingen.

Let op! Overleg bij twijfel vooraf met de Belastingdienst. Op die manier kun je naheffingen en boetes voorkomen. Kom je niet tot een akkoord, dan kun je de zaak altijd nog voorleggen aan de rechter.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-29T15:18:45+01:0030 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Oppassen met vergoeden studiekosten kind DGA

  • Vanaf 2024 twee tarieven in box 2

Vanaf 2024 twee tarieven in box 2

Houders van een aanmerkelijk belang, waaronder DGA’s, krijgen vanaf 2024 te maken met twee tarieven in box 2. In box 2 worden de inkomsten uit een aanmerkelijk belang belast. Daarbij gaat het met name om dividenduitkeringen en om de winst behaald bij verkoop van een aanmerkelijk belang. Dit voorstel staat in het Belastingplan 2023.

Twee tarieven
De voorgestelde tarieven vanaf 2024 bedragen 24,5% voor inkomsten tot €67.000 en 31% over het meerdere. Nu kent box 2 nog één tarief van 26,9%. Het voorstel betekent dat over een dividend tot €67.000 vanaf 2024 bijna 9% minder belasting hoeft te worden betaald. Wordt meer dividend uitgekeerd, dan betaalt men ruim 15% méér belasting in box 2 over het meerdere.

Voordeel partners
Belastingplichtigen met een partner kunnen inkomsten uit een aanmerkelijk belang in de aangifte verdelen. Ze kunnen zo een voordeel behalen door een dividenduitkering van meer dan €67.000 deels aan de partner toe te rekenen. Op deze manier kunnen zij straks maximaal 2 x €67.000, ofwel €134.000 aan dividend opnemen tegen het lage tarief van 24,5%.

Oppotten tegengaan
Het wetsvoorstel is onder meer bedoeld om het eindeloos oppotten van winstreserves in de BV tegen te gaan. DGA’s hebben er straks immers voordeel bij om jaarlijks dividend uit te keren voor zover het tarief hierover 24,5% bedraagt. Het wetsvoorstel is ook bedoeld ter financiering van de herziene belastingheffing over vermogensinkomsten in box 3.

Aanpassing aan inflatie
De nieuwe tariefschijven zullen jaarlijks aangepast worden aan de inflatie. Dit betekent dat het lage tarief van 24,5% jaarlijks toegepast wordt over een bedrag van de eerste schijf (€ 67.000), plus of min de inflatiecorrectie.

Let op! De voorstellen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen en zijn dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-10-17T11:37:16+02:0019 oktober 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vanaf 2024 twee tarieven in box 2

  • Top 10 Prinsjesdag 2022

Top 10 Prinsjesdag 2022

Welke belangrijke fiscale voorstellen voor ondernemers kwamen op Prinsjesdag 2022 uit het koffertje van minister Kaag van Financiën? Wij zetten de tien belangrijkste voor je op een rij.

1. Verhoging minimumloon met ruim 10%

Het minimumloon wordt in één keer met ruim 10% verhoogd per 1 januari 2023. Omdat ook de AOW en de bijstand hieraan gekoppeld zijn, zullen deze evenredig meestijgen.

2. Verhoging vrije ruimte werkkostenregeling

Door middel van de werkkostenregeling kun je als werkgever jouw personeel onbelast allerlei zaken vergoeden en verstrekken. De vrije ruimte in de werkkostenregeling wordt verruimd van 1,7% tot een loonsom van €400.000 in 2022 naar 1,92% tot een loonsom van €400.000 in 2023. Voor de loonsom boven de €400.000 bedraagt de vrije ruimte 1,18%. Overschrijdt je de vrije ruimte, dan betaal je 80% belasting via de eindheffing in de loonadministratie.

3. Hoger gebruikelijk loon

Als DGA ben je verplicht om jezelf een gebruikelijk loon toe te kennen en op te nemen in de salarisadministratie van jouw BV. Het gebruikelijk loon moet volgens de wet in 2022 minimaal worden vastgesteld op 75% van het loon uit de vergelijkbare dienstbetrekking. Of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij jouw BV indien een van deze bedragen hoger is dan €48.000.

Omdat dit loon lastig is vast te stellen, geldt een doelmatigheidsmarge van 25%. Die doelmatigheidsmarge wordt nu per 2023 afgeschaft. Mogelijk moet je jezelf daarom als DGA vanaf 2023 een hoger loon toekennen.

4. Tarieven vennootschapsbelasting omhoog

De tarieven in de vennootschapsbelasting gaan omhoog en de schijflengtes omlaag. Vanaf 1 januari 2023 bedraagt het tarief tot een belastbare winst van €200.000 19% en daarboven 25,8%. Hierdoor worden resultaten eerder in de hoogste schijf van 25,8% belast. De reden voor de verhoging is meer belasting ophalen bij winstgevende bedrijven om de lasten voor burgers te verlagen en de koopkracht te verhogen.

Vennootschapsbelasting  2022  2023 
Winst tot €395.000 in 2022/€ 200.000 in 2023    15,0%  19,0%  
Winst boven €395.000 in 2022/€ 200.000 in 2023   25,8%   25,8%  


5. Tarieven inkomstenbelasting omlaag en heffingskortingen omhoog

Het tarief in de 1e schijf wordt iets verlaagd: van 37,07% (2022) naar 36,93% (2023). Ook wordt de eerste tariefschijf verlengd naar €73.071 (€69.398 in 2022). De heffingskortingen worden verhoogd.

Tarief inkomstenbelasting/premies volksverzekeringen 2023  
   Belastbaar inkomen meer dan (€)   maar niet meer dan (€)   Tarief 2023 (%)  
1e schijf     73.031  36,93 
2e schijf   73.031    49,5 

Ook gaat de arbeidskorting per 1 januari 2023 omhoog in het kader van koopkrachtverbetering.

6. Twee tarieven aanmerkelijk belang

Heb je meer dan 5% van de aandelen, winstbewijzen of stemrecht in een vennootschap? Dan ben je aanmerkelijkbelanghouder. De inkomsten die je uit dit belang krijgt, zoals dividend, zijn belast in box 2 van de inkomstenbelasting. Het tarief bedraagt momenteel 26,9%.

Het kabinet is van plan om twee schijven te introduceren in box 2 met ingang van 2024, namelijk 24,5% tot €67.000 en 31% voor het bedrag daarboven.
In 2023 blijft het tarief voor box 2 gelijk aan het tarief in 2022, namelijk 26,9%.

7. Tarief box 3 stapsgewijs verhoogd

Het tarief in box 3 wordt stapsgewijs verhoogd. In 2023 bedraagt het tarief 32% (nu 31%). In 2024 en 2025 gaat het tarief van box 3 met 1% omhoog, naar respectievelijk 33% en 34%.

Om de kleine spaarder te ontzien, wordt het heffingsvrije vermogen met ingang van 2023 verhoogd van €50.650 naar €57.000.

Ten slotte wordt, als gevolg van het Kerstarrest van de Hoge Raad en het daardoor noodzakelijke rechtsherstel, de heffingsgrondslag in box 3 aangepast. De Belastingdienst gaat hierbij uit van de werkelijke verdeling van jouw vermogens over drie vermogensgroepen:

  • banktegoeden;
  • overige bezittingen (onder meer beleggingen en onroerend goed);
  • schulden.

8. Verhoging overdrachtsbelasting voor bedrijven en beleggers

De overdrachtsbelasting voor vastgoed dat niet als eigen woning aangemerkt kan worden (kort gezegd vastgoed van beleggers), stijgt van 8% naar 10,4%. Per saldo gaan bedrijven en beleggers en kopers of verhuurders van een vakantiewoning hierdoor meer overdrachtsbelasting betalen.

9. Verhoging leegwaarderatio

De leegwaarderatio is een van de huurprijs afhankelijke factor voor het berekenen van de waarde van een geheel of gedeeltelijk verhuurde woning waarbij voor de huurder huurbescherming geldt. Deze wordt met ingang van 1 januari 2023 verhoogd. Hierdoor stijgt de waarde van een verhuurde woning in box 3, zodat de verhuurder meer belasting in box 3 moet betalen. Deze aanpassing werkt ook door in de schenk- en erfbelasting.

Daarnaast vindt nog een tweetal wijzigingen plaats:

  • tijdelijke huurcontracten worden met ingang van 1 januari 2023 uitgesloten van toepassing van de leegwaarderatio;
  • indien sprake is van verhuur aan gelieerde partijen (zoals een zoon of dochter) vervalt de mogelijkheid om de leegwaarderatio toe te passen.

Let op! De leegwaarderatio is niet van toepassing bij vakantiewoningen en
niet-woningen.

10. Afbouw en afschaffing jubelton voor de eigen woning

De schenkingsvrijstelling ten behoeve van de eigen woning, ook wel de jubelton genoemd, wordt per 1 januari 2024 volledig afgeschaft. De jubelton bedraagt nu (2022) €106.671, welke geldt voor ontvangers tussen de 18 tot 40 jaar oud. In aanloop naar de afschaffing in 2024 gaat de vrijstelling per 2023 omlaag naar €28.947.

Steunpakket energie voor ondernemers?

Voor huishoudens kondigt het kabinet naast dit koopkrachtpakket een prijsplafond aan voor elektriciteit en/of gas tot een bepaald gebruik. Daarnaast kondigt minister Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat aan dat er rond november een steunpakket komt voor ondernemers. Het is nog onduidelijk hoe deze plannen eruit komen te zien.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

 

Door |2022-09-26T08:25:24+02:0026 september 2022|Geen categorie, Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Top 10 Prinsjesdag 2022

  • Geen premies werknemersverzekering voor DGA holding

Geen premies werknemersverzekering voor DGA holding

Is een werkmaatschappij premies werknemersverzekeringen verschuldigd voor de DGA’s van de holdings die werkzaamheden verrichten in de werkmaatschappij? De Hoge Raad gaf hier aanwijzingen over.

Managementovereenkomst
Bij een structuur met holdings en een werkmaatschappij is de DGA van de holding vaak in dienstbetrekking bij de holding. Tussen de holdings en de werkmaatschappij worden dan managementovereenkomsten gesloten. De DGA van de holding wordt vervolgens door de holding ingezet voor het verrichten van de werkzaamheden in de werkmaatschappij.

Werknemersverzekeringen
De holding zal voor de DGA veelal geen premies verschuldigd zijn voor de werknemersverzekeringen omdat de DGA het merendeel van de aandelen bezit. Voor de werkmaatschappij kan dit, bij meerdere aandeelhouders, anders zijn.

De Belastingdienst meent dan vaak dat sprake is van een dienstbetrekking tussen de DGA en de werkmaatschappij. Dit heeft tot gevolg dat de werkmaatschappij premies werknemersverzekeringen verschuldigd is voor de DGA van de holding.

Tip! Voor de loonheffing kan in dit soort situaties vaak de doorbetaaldloonregeling worden toegepast, waardoor niet in de werkmaatschappij, maar alleen in de holding loonheffing verschuldigd is.

Dienstbetrekking?
De Hoge Raad gaf aanwijzingen over de beoordeling of een managementovereenkomst tussen een holding en een werkmaatschappij kan worden aangemerkt als een dienstbetrekking tussen de DGA van de holding en de werkmaatschappij.

Hiervoor moet volgens de Hoge Raad gekeken worden naar de inhoud van de gemaakte afspraken, maar ook naar de wijze waarop uitvoering is gegeven aan deze gemaakte afspraken. Volgt daaruit dat sprake is van het persoonlijk verrichten van arbeid door de DGA, loon aan de DGA en een gezagsverhouding van de werkmaatschappij ten opzichte van de DGA? Dan is sprake van een dienstbetrekking en zijn dus premies werknemersverzekeringen verschuldigd.

Contract tussen holding en werkmaatschappij
Als de werkmaatschappij en de holding een managementovereenkomst hebben afgesloten en hier ook feitelijk naar wordt gehandeld, zal het voor de Belastingdienst lastig zijn om een dienstbetrekking te bewijzen tussen de DGA van de holding en de werkmaatschappij. De afspraken zijn immers niet tussen de DGA en de werkmaatschappij gemaakt maar tussen de holding en de werkmaatschappij. De DGA is dan zelf geen contractpartij en heeft geen verplichtingen aan de werkmaatschappij. Het is aan de Belastingdienst om te bewijzen dat wel sprake is van een dergelijke band.

Aanwijzingen Hoge Raad
Het feit dat de DGA’s onmisbaar zijn, is volgens de Hoge Raad in ieder geval onvoldoende om persoonlijk arbeid tussen de DGA en de werkmaatschappij aan te nemen. Ook is een managementvergoeding door de werkmaatschappij betaald aan de holding iets anders dan loon aan een werknemer. Tot slot geeft de Hoge Raad aan dat de DGA’s van de holding onder het wettelijke stelsel in ieder geval niet onder gezag staan van de algemene vergadering van aandeelhouders van de werkmaatschappij. De DGA heeft immers geen juridische band met de werkmaatschappij.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-14T09:50:27+02:0014 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Geen premies werknemersverzekering voor DGA holding

  • Hoger loon voor DGA vanaf 2023?

Hoger loon voor DGA vanaf 2023?

Een DGA is verplicht een gebruikelijk loon uit de BV op te nemen. Hierbij geldt nu een zogeheten doelmatigheidsmarge van 25%, maar het plan is om deze marge vanaf 2023 te verlagen naar 15%. Wat betekent dit voor het gebruikelijk loon?

Berekening gebruikelijk loon 2022

Het gebruikelijk loon bedraagt in 2022 volgens de wet het hoogste bedrag van de volgende bedragen:
• 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking; of
• het loon van de meest verdienende werknemer van de BV; of
• €48.000.

Tip! Onder bepaalde voorwaarden kan het gebruikelijk loon lager zijn. De bewijslast hiervan ligt wel bij jou.

Doelmatigheidsmarge naar 15%
Als de doelmatigheidsmarge volgend jaar daalt van 25% naar 15%, betekent dit dat de eerste hiervoor genoemde vergelijkingscomponent dan 85% wordt in plaats van 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking.

Hoger gebruikelijk loon
Vormt in 2022 de eerste vergelijkingscomponent het hoogste bedrag van de drie vergelijkingscomponenten of wordt deze vergelijkingscomponent het hoogste bedrag door de verhoging naar 85%? Dan zal het loon van de DGA in 2023 waarschijnlijk stijgen.

Voorbeeld
Stel het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking bedraagt zowel in 2022 als in 2023 €100.000. Het loon van de meestverdienende werknemer is in die beide jaren €80.000. Het gebruikelijk loon bedraagt in 2022 dan €80.000 (€80.000 is hoger dan 75% van €100.000 en hoger dan €48.000). Vanaf 2023 bedraagt het gebruikelijk loon dan echter €85.000 (85% van €100.000).

Gebruikelijk loon blijft hetzelfde
De verlaging van de doelmatigheidsmarge zal niet in alle gevallen leiden tot een hoger gebruikelijk loon. Bedraagt bijvoorbeeld in het voorbeeld het loon van de meestverdienende werknemer
€90.000? Dan zal zowel in 2022 als vanaf 2023 het gebruikelijk loon €90.000 bedragen.

Let op! Het betreft nog slechts een plan dat eerst nog in een wetsvoorstel moet worden opgenomen. Daarna moeten de Tweede en Eerste Kamer nog akkoord gaan. Wij volgen uiteraard voor u het nieuws en zullen je informeren als er meer bekend is.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-06-01T11:50:25+02:001 juni 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Hoger loon voor DGA vanaf 2023?