belastingdienst

Belastingdienst ontwikkelt mee aan Europese ID-wallet

De Nederlandse Belastingdienst helpt mee aan de ontwikkeling van de Europese ID-wallet. Met de ID-wallet kunnen persoonlijke gegevens binnen de EU veilig en eenvoudig gedeeld worden. De ID-wallet zal zowel voor bedrijven als voor particulieren beschikbaar zijn.

Digitaal zakendoen

Typen

Met de ID-wallet wordt het straks een stuk eenvoudiger om digitaal zaken te doen binnen de EU. Denk aan een Griekse belastingadviseur die een Nederlands bedrijf vertegenwoordigt met betrekking tot fiscale aangelegenheden in Cyprus. De ID-wallet zal hiervoor in de toekomst onmisbaar worden.

Belangrijke gegevens

De ID-wallet slaat de identiteit en belangrijke gegevens van de gebruiker op in een soort digitale portemonnee. Die gegevens kunnen dan onder meer gebruikt worden voor het doen van belastingaangifte. Ook het digitaal oprichten van een bedrijf moet tot de mogelijkheden gaan behoren.

Formele verklaring

Zo zal een in de ID-wallet opgenomen woonplaatsverklaring bijvoorbeeld ook erkend worden als een formele verklaring van een buitenlandse belastingdienst. Door deze gegevens te gebruiken kan beter worden samengewerkt, waardoor bijvoorbeeld dubbele belastingheffing eenvoudiger kan worden voorkomen.

Gebruikstest

Het uitgeven en gebruik van btw-nummers wordt een van de onderdelen van de uit te voeren gebruikstest waarin de Nederlandse Belastingdienst in 2026 participeert. Ook landoverschrijdende vertegenwoordiging door organisaties, het aanvragen en uitgeven van woonplaatsverklaringen en het digitaal indienen van belastingaangiftes gaan deel uitmaken van de gebruikstest die volgend jaar zal worden uitgevoerd. Door deel te nemen aan de test kan de Belastingdienst zich optimaal op de invoering voorbereiden.

Meer weten?

Wilt u meer weten over de ID-wallet? Kijk dan op deze site.

Door |2025-06-27T09:21:42+02:0027 juni 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Belastingdienst ontwikkelt mee aan Europese ID-wallet

In principe geen dga-taks voor inwoner van België

Nederland mag in principe geen belasting heffen als een inwoner van België een te grote schuld heeft aan zijn in Nederland gevestigde BV.

Dga-taks

Geld

De Wet excessief lenen bij eigen vennootschap (ook wel de dga -taks) regelt grofweg dat de dga die te veel heeft geleend bij de eigen bv, hierover belasting betaalt. Er geldt een drempel van € 500.000. Een dga met schulden aan zijn bv(‘s) die op 31 december 2025 hoger zijn dan € 500.000, betaalt over het meerdere belasting in box 2.

Let op! Als de dga in 2023 of 2024 al belasting betaalde over een te hoge schuld bij eigen bv, dan wordt de drempel van € 500.000 verhoogd met de schuld waarover in 2023 of 2024 al belasting betaald is. De dga betaalt dus geen belasting over een schuld waar hij in een eerder jaar al belasting over betaalde.

Inwoner van België

Maar wat nu als de dga in België woont en een schuld groter dan € 500.000 heeft bij zijn in Nederland gevestigde bv? Op grond van de Nederlandse wet moet hij dan belasting betalen in box 2 over het deel van de schuld boven de € 500.000. Maar mag Nederland deze belasting ook heffen op grond van het Belastingverdrag tussen Nederland en België?

In principe geen heffing

De Belastingdienst geeft aan dat het antwoord op deze vraag in principe nee is. Nederland mag dus in principe geen belasting heffen als een inwoner van België een schuld van meer dan € 500.000 heeft bij zijn in Nederland gevestigde bv.

Maar wel bij conserverende aanslag

Dit is alleen anders als de dag na 15.15 uur op 15 september 2015 verhuisde naar België en daarbij een conserverende aanslag IB is opgelegd vanwege de aandelen in de in Nederland gevestigde bv. In zo’n geval kan een schuld groter dan € 500.000 wel leiden tot invordering van de conserverende aanslag IB, aldus de Belastingdienst.

Door |2025-06-26T15:52:38+02:0026 juni 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor In principe geen dga-taks voor inwoner van België

Samenwerking Belastingdienst en NSR voor hulp bij schulden

De Belastingdienst en de Nederlandse Schuldhulproute (NSR) gaan intensiever samenwerken bij de aanpak van schulden van burgers en ondernemers. De samenwerking vindt plaats via het platform Geldfit. Uit een pilot blijkt dat de inzet van Geldfit bij de aanpak van schuldproblemen positief uitpakt.

Schuldproblematiek

Sparen

Schuldproblematiek is een groot probleem in Nederland. Uit cijfers blijkt dat zo’n 730.000 huishoudens met problematische schulden worstelen. De oorzaak ligt nogal eens bij een bijzondere gebeurtenis, zoals ontslag of echtscheiding.

NSR

De NSR is een samenwerking tussen gemeenten, bedrijven en andere organisaties. Het verlenen van hulp door Geldfit gebeurt zowel telefonisch als online. Geldfit is dan ook het startpunt als burgers of ondernemers met problematische schulden te maken hebben.

Het vinden van hulp bij schuldproblemen is veelal erg moeilijk, omdat door de vele diensten en betrokken instanties het inzicht in de problemen erg onoverzichtelijk is. Geldfit is een onderdeel van NSR en heeft wel het benodigde overzicht en kan mensen met schulden dan ook doorverwijzen naar passende lokale hulp.

Overheid grootste schuldeiser

De overheid is voor burgers en bedrijven in moeilijkheden vaak de grootste schuldeiser. De Belastingdienst, een van die schuldeisers, werkt hiervoor al samen met andere rijksdiensten, gemeentes en externe schuldhulpverleners. Door de nieuwe samenwerking met NSR wordt de financiële hulpverlening verder uitgebreid.

Door |2025-06-11T15:53:11+02:0011 juni 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Samenwerking Belastingdienst en NSR voor hulp bij schulden

Valt een hoortoestel onder specifieke zorgkosten?

Zorgkosten zijn onder voorwaarden aftrekbaar van het inkomen. Een hoortoestel wordt aangemerkt als hulpmiddel en kan onder voorwaarden voor aftrek als specifieke zorgkosten in aanmerking komen. Welk deel van de kosten van een hoortoestel is aftrekbaar, rekening houdend met de eigen bijdrage en het eigen risico?

Aftrek zorgkosten

Overheid

De aftrek van zorg- of ziektekosten betekent dat uw belastbaar inkomen lager wordt, waardoor u minder belasting betaalt. Lang niet alle zorgkosten zijn aftrekbaar. Ook geldt er ten aanzien van de kosten die u wilt aftrekken een drempel waarbij geldt: hoe hoger uw inkomen, hoe hoger de drempel. Daarbij is bepalend of u het hele jaar een fiscale partner heeft. Is dit het geval, dan telt u namelijk beide inkomens bij elkaar op. Heeft u niet het hele jaar een fiscale partner, dan doet u dit alleen als u ervoor kiest elkaars fiscale partner te zijn. De drempel betekent dat u een deel van de kosten niet kunt aftrekken, u mag namelijk alleen het bedrag aftrekken dat boven de voor u geldende drempel uitkomt.

Voorbeeld

De Belastingdienst legt de aftrek van de kosten van een hoortoestel als specifieke zorgkosten uit aan de hand van een voorbeeld.

Verzekeraar
Stel een hoortoestel kost € 4.000. Van deze kosten komt via de zorgverzekeraar in beginsel € 1.600 voor vergoeding in aanmerking. Er geldt echter een eigen bijdrage van € 400. Daarnaast wordt ervan uitgegaan dat de belastingplichtige een eigen risico kent van € 300.
Op basis van deze informatie zou de belastingplichtige via zijn verzekeraar € 1.600 – € 400 – € 300 = € 900 aan vergoeding ontvangen.

Fiscale aftrek
Belastingplichtige moet zelf € 4.000 – € 900 = € 3.100 bijdragen. Dit bedrag is niet in zijn geheel aftrekbaar. De eigen bijdrage en het eigen risico komen namelijk niet voor aftrek in aanmerking, zodat per saldo € 4.000 – € 900 – € 400 – € 300 = € 2.400 als uitgave voor aftrek specifieke zorgkosten in aanmerking komt. 

Aanvullende verzekering

De Belastingdienst gaat ook nog in op de gevolgen van de door sommige verzekeraars aangeboden mogelijkheid om eventueel een aanvullende verzekering af te sluiten teneinde het eigen risico te beperken. Dit heeft geen gevolgen voor omvang van de fiscale aftrek. Belastingplichtige hoeft dan minder bij te dragen aan de kosten van het hoortoestel, maar de hogere ontvangen vergoeding van de verzekeraar komt gewoon in mindering op het bedrag dat in aanmerking komt als specifieke zorgkosten.

Duurder dan noodzakelijk?

De Belastingdienst gaat uit van de kosten van een hoortoestel dat voldoende is om het gehoor van betrokkene te verbeteren. Wordt een duurder toestel aangeschaft en worden de extra kosten niet vergoed, dan kunnen de extra kosten ook niet als zorgkosten worden afgetrokken.

Door |2025-05-23T15:19:50+02:0023 mei 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Valt een hoortoestel onder specifieke zorgkosten?

Naheffingsaanslag btw inzien en direct betalen

Het ‘Overzicht betalen en ontvangen’ van de Belastingdienst is uitgebreid met enkele functies. In dit overzicht kunt u zien welke bedragen je nog aan de Belastingdienst moet betalen en welke je nog ontvangt. Ook naheffingsaanslagen omzetbelasting zijn vanaf nu in te zien en kunnen direct worden betaald.

Wat staat in overzicht?

Belastingdienst

In het Overzicht betalen en ontvangen staan te betalen en te ontvangen bedragen inkomstenbelasting, bijdragen Zorgverzekeringswet en motorrijtuigenbelasting. Voor wat betreft jouw toeslagen ziet je hier alleen de terug te betalen bedragen.

In aanvulling op het voorgaande zijn nu dus ook naheffingsaanslagen omzetbelasting in het overzicht terug te vinden.

Wanneer naheffing?

Je krijgt een naheffing omzetbelasting als u niet of te laat aangifte heeft gedaan of als u de omzetbelasting niet, niet helemaal of te laat heeft betaald. Je ontvangt de naheffing voorlopig ook nog per post.

Direct betalen tot € 50.000

Je kunt naheffingsaanslagen tot € 50.000 direct via het overzicht betalen met iDEAL. Grotere bedragen kun je niet via iDEAL betalen, maar je kunt de betaalgegevens wel kopiëren naar bijvoorbeeld jouw bankapp.

Ook inlogmogelijkheden uitgebreid

Ook het aantal mogelijkheden om op het Overzicht betalen en ontvangen in te loggen is uitgebreid. Naast inloggen via DigiD, kun je nu ook inloggen via European login, eHerkenning, DigiD Machtigen of een nabestaandenmachtiging.

Nabestaandenmachtiging

Met een nabestaandenmachtiging kun je inloggen namens een overleden belastingplichtige. In het overzicht kun je dan zien welke bedragen de overleden persoon nog moest betalen. Met de machtiging kun je onder andere na afloop van het jaar ook de aangifte inkomstenbelasting namens de overledene indienen en namens hem of haar bezwaar aantekenen als je het niet met de aanslag eens bent

Door |2025-04-23T08:36:47+02:0023 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Naheffingsaanslag btw inzien en direct betalen

Contant geld moet toegankelijk blijven

Minister Heinen van Financiën heeft de plannen bekendgemaakt om contant geld beschikbaar, bereikbaar en betaalbaar te houden. Het wetsvoorstel Chartaal betalingsverkeer is naar de Tweede Kamer gestuurd.

Toegankelijk

Euro

Uitgangspunt van het wetsvoorstel is dat contant geld toegankelijk moet blijven. Sommige mensen hebben namelijk moeite met het digitale betalingsverkeer, zoals ouderen. Sommigen willen liever sowieso contant betalen, bijvoorbeeld om grip te houden op het budget. Ook bij een storing van pinautomaten is de beschikbaarheid van contant geld van belang.

Voldoende geldautomaten

Om een en ander te realiseren bevat het wetsvoorstel onder meer voor grote banken de plicht om voldoende geldautomaten beschikbaar te stellen. Dit betekent dat de afstand tot een geldautomaat maximaal vijf kilometer mag bedragen. Hierover bestaan al vrijwillige afspraken, maar die blijken onvoldoende.

Gratis geld opnemen voor particulieren

De wet regelt ook dat geld opnemen voor particulieren gratis moet blijven. Voor ondernemers gaan maximum tarieven gelden voor het opnemen van geld. Ook moeten volgens het wetsvoorstel klanten van banken met minstens 500.000 klanten bankbiljetten kosteloos kunnen storten bij geldautomaten. De geldautomaten van Geldmaat worden hiervoor beschikbaar gesteld.

Toezicht

De Nederlandse Bank gaat volgens deze wet toezicht houden op de naleving ervan.

Let op! De Tweede en Eerste Kamer moeten nog over dit wetsvoorstel stemmen.

Door |2025-04-11T13:09:15+02:0011 april 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Contant geld moet toegankelijk blijven

Geen tijdelijke vrijstelling mrb en bpm voor Oekraïens motorrijtuig meer

Oekraïense vluchtelingen die een eigen motorrijtuig mee hebben genomen naar Nederland, hoefden geen Nederlandse motorrijtuigenbelasting (mrb) en belasting van personenauto’s en motorrijtuigen (bpm) te betalen. Deze (tijdelijke) regeling is op 4 maart 2025 beëindigd.

Regeling tijdelijke vrijstelling mrb en bpm

Auto

De regeling Tijdelijke vrijstelling mrb en bpm regelde een vrijstelling van Nederlandse mrb en bpm voor vluchtelingen die met een motorrijtuig uit de Oekraïne naar Nederland waren gekomen. De regeling is een paar keer verlengd, maar is definitief beëindigd op 4 maart 2025.

Let op! De Oekraïense vluchteling moest zich wel aanmelden voor de vrijstelling bij de Belastingdienst.

Al toegekende Bpm-vrijstelling blijft in stand

Vroeg een Oekraïense vluchteling een vrijstelling voor de bpm aan en werd deze ook toegekend, dan hoeft hij ook vanaf 5 maart 2025 geen bpm te betalen.

Let op! De vrijstelling blijft alleen in stand als de vluchteling het motorrijtuig niet binnen één jaar na het verkrijgen van de vrijstelling verkoopt, verhuurt of uitleent. Het is wel toegestaan om het motorrijtuig uit te lenen aan inwonende gezinsleden met een rijbewijs.

Mrb vanaf 5 maart 2025

Door het beëindigen van de regeling moeten Oekraïense vluchtelingen vanaf 5 maart 2025 wel mrb gaan betalen. Hiervoor moet het motorrijtuig uiterlijk op 4 maart 2025 voorzien zijn van Nederlandse kentekenplaten.

Nederlandse kentekenplaten

Is het motorrijtuig nog niet voorzien van Nederlandse kentekenplaten, zet die aanvraag dan zo spoedig mogelijk in gang. Op de website van de Belastingdienst leest u hoe u dat doet.

Let op! Vergeet ook niet minimaal een WA-verzekering af te sluiten. Mogelijk moet het motorrijtuig ook nog APK gekeurd worden.

Door |2025-03-07T08:35:28+01:007 maart 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Geen tijdelijke vrijstelling mrb en bpm voor Oekraïens motorrijtuig meer

Extra betaalde alimentatie niet aftrekbaar

Als partners uit elkaar gaan, is vaak sprake van een alimentatieverplichting. Deze alimentatie is bij de betaler meestal aftrekbaar en bij de ontvanger ervan belast. Wordt echter meer betaald dan overeengekomen, dan is de aftrek van het meerdere onzeker.

Retour Roemenië

Schaken

In een uitspraak van het gerechtshof Den Haag blijkt welke aspecten hierbij bepalend zijn. In deze zaak handelde het om een echtpaar dat gescheiden was. Op basis van het echtscheidingsconvenant zou de vrouw na de scheiding terugkeren naar Roemenië en er werd daarom een alimentatie afgesproken van € 300 per maand. De vrouw keerde na drie jaar echter weer terug naar Nederland, waarop partijen afspraken dat de alimentatie verhoogd zou worden naar ruim € 2.500 per maand.

Wanneer aftrek?

Voor het Hof ging het om de vraag of het meerdere aan alimentatie voor de man aftrekbaar was. Dit is het geval als er rechtstreeks uit het familierecht een wettelijke verplichting tot het betalen van alimentatie volgt. Deze wettelijke verplichting kan blijken uit een gerechtelijke uitspraak, of uit een tussen partijen gemaakte overeenkomst. Aftrek is ook mogelijk bij in rechte vorderbare periodieke betalingen als die berusten op een dringende morele verplichting tot voorziening in het levensonderhoud.

Geen verplichting

Het Hof kwam op basis van de stukken tot de conclusie dat de aanvullende alimentatie niet rust op een rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiende wettelijke verplichting. Ook bleek dat de extra betalingen niet juridisch afdwingbaar waren. Een naderhand opgestelde aanvulling op de echtscheidingsovereenkomst brengt hierin geen verandering, aldus het Hof. De conclusie is dan ook dat het meerdere aan betaalde alimentatie niet aftrekbaar is.

Door |2025-03-05T11:35:36+01:005 maart 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Extra betaalde alimentatie niet aftrekbaar

Teruggaaf of naheffing gedifferentieerde premie Whk

Heb je een ander gedifferentieerd premiepercentage Whk toegepast in jouw aangifte loonheffingen dan door de Belastingdienst is vastgesteld? Dan kun je de Belastingdienst verzoeken om een teruggaaf of een naheffing. Dat kan nu ook voor 2025.

Te veel of te weinig premie Whk

Kantoor

Er zijn twee situaties waarin het kan voorkomen dat een werkgever te veel of te weinig premie Whk betaalt.

Dat kan gebeuren als een werkgever te laat, dat wil zeggen na 1 januari, een gedifferentieerd premiepercentage Whk van de Belastingdienst ontvangt. In zo’n geval kan het van de Belastingdienst ontvangen percentage afwijken van het in de aangifte loonheffingen gebruikte percentage. Dat kan ook gebeuren bij starters als zij pas, nadat zij de eerste aangifte loonheffingen hebben gedaan, een gedifferentieerd premiepercentage Whk ontvangen.

Maar ook als een werkgever op tijd een gedifferentieerd premiepercentage Whk ontvangt, kan een werkgever te veel premie Whk betalen. Dat kan gebeuren als de werkgever bezwaar maakt tegen de beschikking waarin het premiepercentage is opgenomen en de Belastingdienst dit percentage daarna moet bijstellen.

Geen correctie, maar formulier

In de hiervoor beschreven situaties hoeft de werkgever geen correctie te versturen voor de gedifferentieerde premie Whk, maar kan hij via een formulier verzoeken om een teruggaaf of naheffing van de premie.

Let op! Je kunt dit doen voor de jaren 2020 tot en met 2024 én 2025 via het volgende formulier.

Door |2025-03-05T11:26:51+01:0027 februari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Teruggaaf of naheffing gedifferentieerde premie Whk

Nieuw overzicht bijtelling privégebruik auto van de zaak

De Belastingdienst heeft een nieuw overzicht gepubliceerd van de verschillende bijtellingspercentages die gelden voor het privégebruik van een auto van de zaak. Hoe wordt dit berekend en wat zijn de nieuwe percentages voor 2025?

De percentages worden in principe berekend over de cataloguswaarde. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in auto’s mét en auto’s zonder CO2-uitstoot, auto’s met een datum van eerste toelating van vóór 2017 en op of na 1 januari 2017 en tussen auto’s waarbij de datum van eerste toelating afwijkt van de datum van eerste tenaamstelling.

Auto’s met CO2-uitstoot

Auto

Voor auto’s met CO2-uitstoot is het van belang of de datum van eerste toelating op of na 1 januari 2017 is. Is dit op of na 1 januari 2017, dan bedraagt de bijtelling 22% van de cataloguswaarde. In alle andere gevallen bedraagt de bijtelling 25%, tenzij de auto ouder is dan 15 jaar. Dan is de bijtelling 35% van de waarde in het economisch verkeer en dus niet van de cataloguswaarde.

Auto’s zonder CO2-uitstoot

Voor auto’s zonder CO2-uitstoot is allereerst van belang of de datum van eerste toelating op of na 1 januari 2017 ligt. Is dit op of na 1 januari 2017, dan is de datum van eerste toelating bepalend voor de korting op de standaardbijtelling. Afhankelijk van het jaar van eerste toelating varieert de korting van 5 tot 14%. De bijtelling varieert dus van 8 tot 17%. Daarnaast is de datum van eerste toelating bepalend voor het deel van de cataloguswaarde waarvoor de korting geldt (cap). Dit varieert van € 30.000 tot € 45.000. Voor auto’s op waterstof of zonnecellen geldt de korting over de hele cataloguswaarde.

Indien een auto gebruik kan maken van een korting op de standaardbijtelling, dan geldt die korting gedurende de maand van eerste toelating + 60 volle maanden. Na afloop van die periode wordt de eventuele korting opnieuw vastgesteld op basis van de dan geldende regelgeving. Vervolgens verandert de bijtelling ook als de wet wijzigt.

Andere datum eerste tenaamstelling

Bij auto’s zonder CO2-uitstoot met een datum van eerste toelating van vóór 2017, is de datum van de eerste tenaamstelling bepalend voor de korting. Die kan namelijk anders zijn dan de datum van eerste toelating.

Let op! De datum van eerste toelating is de datum waarop de auto voor het eerst in gebruik is genomen in Nederland of daarbuiten. Bij nieuwe auto’s is dit het moment waarop voor het eerst een kenteken is afgegeven. Bij import van een gebruikte auto kan dit dus anders zijn.

Minimumbijtellingspercentages

Overigens zijn de forfaitaire bijtellingspercentages altijd minimumpercentages. Bij excessief privégebruik heeft de Belastingdienst altijd de mogelijkheid een hogere bijtelling te rekenen. De bewijslast ligt daarvoor evenwel bij de Belastingdienst.

Algemeen bijtellingspercentage privégebruik auto

 Percentage
 datum 1e toelating op of na 1 januari 2017  22%
 datum 1e toelating vóór 1 januari 2017  25%
 auto’s ouder dan 15 jaar  35%

Auto’s zonder CO2-uitstoot, met datum 1e toelating op of na 1 januari 2017

 Korting in 2025 op het algemeen bijtellingspercentage tot het bedrag van de cap  Cap  Korting
 datum 1e toelating 2025  € 30.000  5%
 datum 1e toelating 2024 en 2023  € 30.000  6%
 datum 1e toelating 2022  € 35.000  6%
 datum 1e toelating 2021  € 40.000  10%
 datum 1e toelating 2020, na afloop van de 60-maandentermijn  € 30.000  5%
 datum 1e toelating 2020, binnen de 60-maandentermijn  € 45.000  14%
 datum 1e toelating 2019, 2018 en 2017  € 30.000  5%
 Voor waterstof- en zonnecelauto’s geldt de cap niet: de korting wordt berekend over de hele grondslag.

Auto’s zonder CO2-uitstoot, met datum 1e toelating vóór 1 januari 2017

 Korting in 2025 op het algemeen bijtellingspercentage tot het bedrag van de cap,
afhankelijk van de datum 1e tenaamstelling
Cap  Korting
 datum 1e tenaamstelling 2025  € 30.000  5%
 datum 1e tenaamstelling 2024 en 2023  € 30.000  6%
 datum 1e tenaamstelling 2022  € 35.000  6%
 datum 1e tenaamstelling 2021  € 40.000  10%
 datum 1e tenaamstelling 2020, na afloop van de 60-maandentermijn  € 30.000  5%
 datum 1e tenaamstelling 2020, binnen de 60-maandentermijn  € 45.000  14%
 datum 1e tenaamstelling vóór 2020  € 30.000  5%
 Voor waterstof- en zonnecelauto’s geldt de cap niet: de korting wordt berekend over de hele grondslag.
Door |2025-02-20T16:15:09+01:0020 februari 2025|MKB Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor Nieuw overzicht bijtelling privégebruik auto van de zaak