FelienDeRidder

Over Felien de Ridder

Deze auteur heeft nog geen informatie verstrekt.
So far Felien de Ridder has created 1525 blog entries.
  • Subsidie Coronabanen weer aan te vragen

Subsidie Coronabanen weer aan te vragen

Zorginstellingen kunnen uiterlijk 6 december 2022 subsidie aanvragen voor de zogenaamde Coronabanen. Dit zijn banen in de zorg met een ondersteunende functie. De subsidie heeft betrekking op gerealiseerde Coronabanen voor de periode van januari 2022 tot en met juni 2022.

Coronabanen
Door deze subsidie ontstonden er banen voor mensen die in sectoren werkten waar door Corona tijdelijk minder werk was. Zo werd tijdens de Coronacrisis de zorg ontlast. De banen waarop de subsidie betrekking had betroffen bijvoorbeeld gastvrouwen, zorg-assistenten, ADL–ondersteuners, welzijnsassistenten en ondersteuners veiligheid.

Extra maatregelen
De subsidieregeling werd begin 2022 opgeschort, nadat duidelijk werd dat er met de regeling werd gefraudeerd. Om verder misbruik te voorkomen zijn er extra maatregelen getroffen. Zo wordt er nu niet meer gewerkt met voorschotten en vindt uitbetaling pas plaats na controle en vaststelling van de subsidie.

Let op! Aanvragen van de subsidie kan tot 6 december 2022 17.00 uur via de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-29T14:57:18+01:0030 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidie Coronabanen weer aan te vragen

  • Ook transitievergoeding over overuren?

Ook transitievergoeding over overuren?

Bij ontslag van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer moet je als werkgever een transitievergoeding betalen. Soms bestaat er onduidelijkheid over de wijze van totstandkoming van de hoogte van de transitievergoeding, bijvoorbeeld als een werknemer veel overuren maakte.

Overuren
In een zaak ontsloeg een werkgever een langdurig arbeidsongeschikte vrachtwagenchauffeur en betaalde hem vervolgens een transitievergoeding uit. Hij richtte zich daarna tot het UWV om daar compensatie te krijgen. Het UWV compenseerde echter niet het hele bedrag aan uitbetaalde transitievergoeding. Het UWV ging namelijk uit van de contractueel overeengekomen arbeidsduur van 40 uur per week en hield in tegenstelling tot de werkgever geen rekening met de door de werknemer gemaakte overuren.

Hoe is het wettelijk geregeld?
Nadere regelgeving is te vinden in het Besluit vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding. Daarin staat dat bij de bepaling van de transitievergoeding het bruto uurloon vermenigvuldigd moet worden met het aantal overeengekomen arbeidsuren per maand. Bij een wisselende arbeidsduur moet daarentegen worden uitgegaan van een gemiddeld aantal gewerkte uren per maand, berekend over een periode van twaalf maanden. Tot het loon behoren de vakantiebijslag, de eindejaarsuitkering, de vaste looncomponenten (op basis van het gemiddelde van de laatste twaalf maanden voor het eindigen van de arbeidsovereenkomst) en de overeengekomen variabele looncomponenten op basis van het gemiddelde van de laatste drie jaar voor het eindigen van de arbeidsovereenkomst, maar zonder daarbij perioden van arbeidsongeschiktheid mee te tellen.

Welke periode telt?
In de Regeling looncomponenten en arbeidsduur staat te lezen dat overwerkvergoedingen en ploegentoeslag tot de vaste looncomponenten behoren. Daarover bestond geen discussie. Wel over de vraag op welke wijze het brutoloon met de overwerkvergoeding moest worden vermeerderd. Met andere woorden: van welke periode moet worden uitgegaan? Het UWV berekende de overwerkvergoeding over een periode van twaalf maanden voorafgaand aan het moment waarop de werknemer twee jaar arbeidsongeschikt was. De werknemer ontving gedurende deze periode op grond van de toepasselijke CAO een (lagere) vervangende overwerkvergoeding tijdens ziekte.

Oordeel rechter
Het UWV had naar het oordeel van de rechter deze periode van arbeidsongeschiktheid buiten beschouwing moeten laten en had uit moeten gaan van de gemiddelde overwerkvergoeding in de eerste twaalf maanden voorafgaand aan de ziekmelding. De periode van ziekte mag namelijk niet van invloed zijn op de hoogte van de in aanmerking te nemen overwerkvergoeding.

Ook is het UWV ten onrechte uitgegaan van een vaste arbeidsduur. Het UWV had rekening moeten houden met het vele feitelijke en structurele overwerk. Het UWV moet daarom de transitievergoeding herberekenen op basis van de gemiddelde arbeidsduur van de werknemer in de twaalf maanden die voorafgaan aan het moment waarop de werknemer arbeidsongeschikt werd.

Tip! Als werkgever kun je mogelijk compensatie krijgen bij het UWV voor de transitievergoeding. Kijk hier voor de voorwaarden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-29T14:50:52+01:0029 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Ook transitievergoeding over overuren?

  • Aandachtspunten WW-premie 2023

Aandachtspunten WW-premie 2023

Voor wat betreft de hoogte van de WW-premie zijn er diverse aandachtspunten voor het komende jaar. Zo moet je als werkgever opletten als je te maken hebt met BBL-leerlingen met een uitzendbeding. Dit geldt ook bij tijdelijke urenuitbreiding en bij meerdere arbeidsomvangen.

BBL-leerlingen
Vanaf 1 januari 2023 mogen werkgevers niet langer de lage WW-premie toepassen voor BBL-leerlingen met een uitzendbeding. Een uitzendbeding is een ontbindende voorwaarde in een uitzendovereenkomst die bepaalt dat de terbeschikkingstelling van een werknemer aan een inlener op verzoek van de inlener ten einde komt.

Het uitgangspunt is, dat in de situatie wanneer geen sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, zoals bij een uitzendbeding, de hoge WW-premie geldt. Voor BBL-leerlingen was de regelgeving hierover niet duidelijk, omdat voor hen als uitgangspunt de lage WW-premie geldt. Daarom is het tot 2023 nog toegestaan om voor BBL-leerlingen met een uitzendbeding de lage WW-premie toe te passen.

Voor BBL-leerlingen die jonger zijn dan 21 jaar en die maximaal 48 verloonde uren per vierwekenaangifte of 52 verloonde uren per maandaangifte hebben, geldt overigens altijd de lage WW-premie. Dit geldt ongeacht of een uitzendbeding is opgenomen in de uitzendovereenkomst.

Tijdelijke urenuitbreiding
Aanvankelijk was bij een tijdelijke urenuitbreiding sprake van een hoge WW-premie voor wat betreft die tijdelijke uitbreiding, die gezien werd als een aparte arbeidsovereenkomst. Inmiddels heeft de Belastingdienst dit standpunt herzien en geldt een tijdelijke urenuitbreiding op de bestaande arbeidsovereenkomst niet meer als een aparte arbeidsovereenkomst. Deze situatie zou voortduren tot eind 2022. Inmiddels is bekendgemaakt dat er in 2023 geen wijzigingen komen in de regelgeving voor wat betreft de AWf-premie bij tijdelijke urenuitbreiding en bij wisselende arbeidsomvangen.

Indien er wel sprake is van een aparte arbeidsovereenkomst bij een tijdelijke urenuitbreiding geldt wel de hoge WW-premie. Dit is aan de orde in de volgende gevallen:

• de werkzaamheden of arbeidsvoorwaarden voor de urenuitbreiding verschillen wezenlijk van die van de bestaande arbeidsovereenkomst;
• de werkgever is met de werknemer voor de urenuitbreiding expliciet een aparte arbeidsovereenkomst overeengekomen.

Meerdere arbeidsomvangen
Een arbeidsovereenkomst met daarin opgenomen meerdere arbeidsomvangen kwalificeert niet langer als een oproepovereenkomst. Denk aan een arbeidsovereenkomst waarin is opgenomen dat de werknemer gedurende de wintermaanden 20 uur per week werkt en in de zomermaanden 40 uur per week. Als deze arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is aangegaan, is toch sprake van een lage WW-premie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-29T09:41:56+01:0029 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aandachtspunten WW-premie 2023

  • Eigenwoningforfait en arbeidskorting 2023 bekend

Eigenwoningforfait en arbeidskorting 2023 bekend

Het eigenwoningforfait en de omvang van de arbeidskorting voor volgend jaar zijn onlangs bekendgemaakt. Het vaststellen van deze cijfers en percentages gebeurt aan de hand van wettelijk voorgeschreven regels.

Eigenwoningforfait daalt naar 0,35%
Het eigenwoningforfait daalt voor woningen met een WOZ-waarde tussen €75.000 en €1.130.000 van 0,45% naar 0,35%. Deze neerwaartse aanpassing is enerzijds het gevolg van de stijging van de huren en die van de prijs van koopwoningen, en anderzijds een in het Belastingplan 2019 al aangekondigde daling van het percentage met 0,05%.

Voordeel afhankelijk van stijging WOZ-waarde
Welk voordeel van de aanpassing per saldo oplevert, hangt af van de stijging van de WOZ-waarde. Pas bij een stijging van meer dan 28,6% slaat het voordeel om in een nadeel.

Arbeidskorting
Ook de cijfers en percentages inzake de arbeidskorting zijn bekendgemaakt. De arbeidskorting wordt geïndexeerd op basis van de tabelcorrectiefactor, de ontwikkeling van het wettelijk minimumloon en door beleidsmatige aanpassingen. Deze aanpassingen resulteren in een verhoging van de arbeidskorting. Het maximum van de arbeidskorting stijgt daardoor van €4.260 naar €5.052 in 2023.

Let op! Deze cijfers moeten nog door de Eerste Kamer worden goedgekeurd en zijn dus nog niet definitief.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-23T08:59:16+01:0024 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Eigenwoningforfait en arbeidskorting 2023 bekend

  • Welke rechter is bevoegd bij echtscheiding of ouderlijk gezag?

Welke rechter is bevoegd bij echtscheiding of ouderlijk gezag?

Welke rechter is bevoegd in geval van een scheidingsprocedure of een zaak over ouderlijk gezag? Hiervoor gelden per 1 augustus 2022 nieuwe Europese regels, geregeld in de zogenaamde verordening Brussel IIter. Deze verordening wordt ook door de Nederlandse rechter toegepast.

Daarnaast geeft deze verordening regels over erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen uit andere lidstaten.

Oude regeling
Voorheen gold de verordening Brussel IIbis. Deze verordening blijft nog relevant voor procedures die gestart zijn voor 1 augustus 2022. Ook blijft de oude verordening relevant voor erkenning van oude beslissingen.

Veranderingen
De veranderingen ten opzichte van de oude verordening zijn vooral tekstueel. Inhoudelijk is er weinig gewijzigd.

Voorkomen van scheidingstoerisme
Zo is het in scheidingszaken nog steeds niet mogelijk om een zogenaamde ‘forumkeuze’ te doen. Forumkeuze wil zeggen dat partijen zelf een rechter in een bepaalde lidstaat mogen kiezen, die normaalgesproken niet bevoegd zou zijn om van de zaak kennis te nemen. De achterliggende gedachte is het voorkomen van scheidingstoerisme. In sommige lidstaten speelt, anders dan in Nederland, de schuldvraag in scheidingszaken nog een rol. Indien een forumkeuze mogelijk zou zijn gemaakt, dan zouden partijen de schuldvraag kunnen omzeilen door in een andere lidstaat te gaan scheiden.

Welke rechter?
Welke rechter is dan wel bevoegd in scheidingszaken nu je zelf niet een willekeurige rechter mag ‘kiezen’? De opties zijn als volgt en dus niet veranderd door de nieuwe verordening:

De rechter op het grondgebied van:
• de gewone verblijfplaats van de echtgenoten;
• de laatste gewone verblijfplaats van de echtgenoten, als een van hen daar nog verblijft;
• de gewone verblijfplaats van de verweerder;
• bij een gezamenlijk verzoek: de gewone verblijfplaats van een van de echtgenoten;
• de gewone verblijfplaats van de verzoeker (op voorwaarde dat hij al 1 jaar of langer in de betreffende lidstaat woont);
• de gewone verblijfplaats van de verzoeker (op voorwaarde dat hij al 6 maanden of langer in de betreffende lidstaat woont en onderdaan is van deze lidstaat);
• de gerechten van de lidstaat waarvan beiden de nationaliteit bezitten.

Voorbeelden
Twee Italianen die al ruim 2 jaar in Nederland wonen en willen scheiden, kunnen dus kiezen tussen de Nederlandse rechter of de Italiaanse rechter.
Een Amerikaan die nog geen jaar in Nederland woont, kan hier niet scheiden, tenzij zijn echtgenote ook in Nederland verblijft. Dan verblijft de verweerder immers in Nederland en is de gewone verblijfplaats van beide echtgenoten Nederland.

Wat is er geregeld betreft ouderlijk gezag?
In zaken over thema’s zoals ouderlijk gezag speelt de gewone verblijfplaats van het kind een belangrijke rol bij het bepalen van de bevoegde rechter. Dit blijkt in de praktijk niet altijd even helder en makkelijk. Hoe bijvoorbeeld om te gaan met een kind dat tegen zijn/haar wil in een bepaald land wordt gehouden? Of een moeder die in het buitenland gaat bevallen en niet meer terugkeert naar het land waaruit zij vertrok?

Over deze thema’s heeft het Europees Hof van Justitie zich in 2017 en 2018 uitgelaten. Het Europees Hof heeft in het kader van deze uitspraken duidelijk gemaakt dat fysieke aanwezigheid van een kind in het betreffende land een vereiste is om een hoofdverblijfplaats aan te kunnen nemen. Dit biedt in ieder geval rechtszekerheid.

Kern is: waar ligt het centrum van de belangen van het betreffende kind? Dit wordt bepaald aan de hand van het verblijf in het betreffende land – denk hierbij aan duur, regelmatigheid en redenen van het verblijf – , de nationaliteit van het kind en de sociale/familiale banden van het kind.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-23T08:43:05+01:0023 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Welke rechter is bevoegd bij echtscheiding of ouderlijk gezag?

  • Subsidie Waardevermeerdering verlengd tot 1 juni 2023

Subsidie Waardevermeerdering verlengd tot 1 juni 2023

Inwoners die te maken hebben met de afhandeling van aardbevingsschade als gevolg van gaswinning uit het Groningenveld of de gasopslag Norg, kunnen tot 1 juni 2023 de subsidie Waardevermeerdering aanvragen. Dit is een subsidie van maximaal €4.000 voor energiebesparende maatregelen of verduurzamingsmaatregelen.

Voorwaarden
De subsidie heeft als belangrijkste voorwaarde dat er minstens €1.000 erkende schade is geleden. Dit kan blijken uit bijvoorbeeld een erkend schaderapport of een rechterlijke uitspraak. Panden moeten ook een woonbestemming hebben om voor de subsidie in aanmerking te komen.

Omvang subsidie
De subsidie bedraagt 100% van de kosten met een maximum van €4.000. Subsidiabele kosten zijn bijvoorbeeld de kosten van zonnepanelen, muurisolatie of een warmtepomp.

SNN voert uit
De uitvoering van de subsidie ligt in handen van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN). Aanvragen dienen digitaal te worden ingediend via de site van het SNN.

Soms ook subsidie ná 1 juni 2023
Vanaf 1 juni 2023 gaat de Waardevermeerderingsregeling in aangepaste vorm door. Voor aanvragen ná 1 juni 2023 gelden nieuwe voorwaarden. De regeling is vanaf dan alleen nog bedoeld voor inwoners die meer dan een jaar moeten wachten op een schadebesluit van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG).

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-23T08:24:02+01:0023 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidie Waardevermeerdering verlengd tot 1 juni 2023

  • Aantal gewerkte uren niet meer bepalend voor toeslag kinderopvang

Aantal gewerkte uren niet meer bepalend voor toeslag kinderopvang

Het aantal uren dat een ouder werkt, is vanaf 2023 niet meer bepalend voor de kinderopvangtoeslag. Nu is het recht op kinderopvangtoeslag nog gekoppeld aan het aantal uren van de partner die het minst werkt (140 procent). Het besluit waarin dit geregeld is, wordt per 1 januari 2023 gewijzigd.

Kalendermaanden bepalend
In plaats van het aantal uren, is voortaan het aantal kalendermaanden bepalend. Het aantal uren kinderopvang dat op jaarbasis in aanmerking komt voor kinderopvangtoeslag neemt evenredig toe met het aantal kalendermaanden waarin arbeid is verricht. De koppeling tussen arbeid en kinderopvangtoeslag blijft dus wel behouden, maar zonder directe koppeling aan het aantal gewerkte uren.

Tegemoetkoming met name voor ondernemers
De tegemoetkoming is met name bedoeld voor ondernemers. Zij werken vaak onregelmatig, waardoor het moeilijk is in te schatten hoeveel uren ze in een maand werken. Door de tegemoetkoming wil het kabinet forse terugbetalingen van de toeslag voorkomen.

Uitgangspunt minst werkende ouder
Voor de bepaling van het recht op kinderopvang, wordt uitgegaan van het aantal gewerkte maanden van de minst werkende ouder. Per kalendermaand waarin arbeid is verricht, kan er aanspraak worden gemaakt op ten hoogste 230 uren kinderopvangtoeslag. In een jaar kan vanaf 2023 zodoende maximaal aanspraak worden gemaakt op 12 x 230 = 2.760 uren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-21T10:57:37+01:0022 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aantal gewerkte uren niet meer bepalend voor toeslag kinderopvang

  • Termijn vaststellingsverzoek TVL Q4 2021 verlengd

Termijn vaststellingsverzoek TVL Q4 2021 verlengd

De termijn om een vaststellingsverzoek in te dienen voor de TVL over het vierde kwartaal van 2021 is verlengd. Oorspronkelijk moest het verzoek uiterlijk op 1 november van dit jaar worden ingeleverd, maar je hebt nu tot 30 november 2022 23.59 uur de tijd.

TVL
Via de TVL (Tegemoetkoming Vaste Lasten) kon je tijdens de Coronacrisis een tegemoetkoming krijgen voor jouw vaste lasten. De TVL werd als voorschot van 80% uitgekeerd op basis van jouw geschatte omzetverlies. Zodra jouw definitieve omzetverlies bekend is, dien je een vaststellingsverzoek in te dienen met de vermelding van jouw werkelijke omzetverlies.

Verrekening
Op basis van jouw werkelijke omzetverlies wordt jouw definitieve TVL toegekend. Dit kan resulteren in een nabetaling aan TVL als jouw omzetverlies lager is dan in eerste instantie ingeschat. Dit kan ook tot een gehele of gedeeltelijke terugbetaling leiden van het voorschot van de TVL als je jouw omzetverlies te royaal hebt ingeschat.

Let op! Je dient jouw omzet digitaal door te geven via RVO.nl.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-21T10:47:44+01:0022 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Termijn vaststellingsverzoek TVL Q4 2021 verlengd

  • Praktijkondersteuner huisarts niet langer zelfstandige

Praktijkondersteuner huisarts niet langer zelfstandige

Praktijkondersteuners van huisartsen worden door de Belastingdienst in beginsel niet langer aangemerkt als zelfstandige ondernemers. De Modelovereenkomst waarin dit is geregeld, wordt niet verlengd. Bestaande overeenkomsten kunnen nog wel blijven bestaan.

Praktijkondersteuner Huisarts (POH)
De POH ondersteunt de huisarts. De taken zien met name op ondersteuning en begeleiding van patiënten met chronische aandoeningen.

Dienstbetrekking?
De POH wordt in beginsel niet langer als zelfstandige aangemerkt, omdat er in de meeste gevallen sprake zal zijn van een dienstbetrekking. In de oorspronkelijke Modelovereenkomst werd ervan uitgegaan dat de POH beschikt over een BIG-registratie, zelf eindverantwoordelijk is en geen instructies of aanwijzingen op hoeft te volgen. In de praktijk blijkt dit echter meestal niet zo te zijn. De Modelovereenkomst wordt daarom niet verlengd. Dit meldt de landelijke Vereniging van Huisartsen.

Wijzigingen
Voor bestaande situaties treedt er geen wijziging op. Er moet dan wel volgens de Modelovereenkomst worden gewerkt. Voor nieuwe situaties wordt geadviseerd te werken via detachering of de POH in dienst te nemen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-21T10:26:24+01:0021 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Praktijkondersteuner huisarts niet langer zelfstandige

  • Financiële situatie werknemers ook voor werkgevers van belang

Financiële situatie werknemers ook voor werkgevers van belang

Veel werknemers hebben momenteel financiële problemen als gevolg van de stijgende energieprijzen en de inflatie. Dit heeft ook zijn effect op de werkvloer.

Impact op de werkgever
Als werknemers schulden hebben, kan dit ook werkgevers raken, zo blijkt uit onderzoek. Werknemers die kampen met financiële zorgen hebben een lagere productiviteit, een hoger ziekteverzuim, zijn minder betrokken en er bestaat een risico op fraude of diefstal.

Impact op de werknemer
Ook op werknemers zelf hebben schulden veel impact. Ze kampen met een slechtere mentale gezondheid als gevolg van stress en depressie, een slechtere fysieke gezondheid (hogere bloeddruk), spanningen in hun relaties en er is vaak sprake van een afname van sociale participatie.

Aandachtspunten voor werkgever
Uit bovenstaand onderzoek is gebleken dat een groot deel van de werkgevers (79%) bereid is werknemers te helpen en dat 58% dit ook ziet als zijn verantwoordelijkheid.
Wat kun je als werkgever doen in zo’n geval? Onderstaand volgt een opsomming van mogelijke initiatieven:

• ondersteuning bieden bij het begrijpen van moeilijke brieven (van bijvoorbeeld een deurwaarder);
• organiseren van een training over financiën;
• organiseren van een training aan leidinggevenden over signaalherkenning;
• financiële steun bieden, zoals een eigen sociaal fonds voor leningen en giften;
• het regelen van een interne budgetcoach;
• vaste contactmomenten inregelen om met medewerkers te praten;
• zorgen voor maatwerkoplossingen (bijvoorbeeld door werknemers meer uren te laten werken).

Doorverwijzen?
Dit zijn maar voorbeelden. Er is wellicht nog meer mogelijk. Zo kun je werknemers wijzen op de website van het Nibud. Daarop is veel informatie te vinden over hoe om te gaan met geld. Op de website bereken tegemoetkomingen kan de werknemer zien waar hij mogelijk nog recht op heeft. Andere interessante websites zijn www.geldfit.nl en www.datgeldtvoormij.nl en www.komuitjeschuld.nl. Ook is er nog een speciale voorzieningenwijzer ontwikkeld (www.devoorzieningenwijzer.nl).

Heeft jouw werknemer problematische schulden waar meer nodig is dan bijvoorbeeld alleen informatie of ondersteuning, dan kun je jouw werknemer ook begeleiden en/of doorverwijzen naar de schuldhulpverlening in de woonplaats van de werknemer.

Sinds een tijdje is het platform Sterk uit Armoede (www.sterkuitarmoede.nl) actief. Het gaat hier om een ‘emancipatiebeweging’ van, voor en door mensen in armoede, omdat deze groep zich niet altijd gezien en gehoord voelt. Ervaringsdeskundigen kunnen mensen daarbij beter ondersteunen.

Toeslag bij ziekte
Daarnaast hebben werknemers die in hun tweede ziektejaar zitten en een inkomen ontvangen onder het voor hen geldende sociale minimum nog recht op een toeslag in het kader van de Toeslagenwet. Deze regeling wordt uitgevoerd door het UWV. De toeslag biedt een aanvulling tot het sociale minimum.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-11-21T10:07:38+01:0021 november 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Financiële situatie werknemers ook voor werkgevers van belang