vennootschapsbelasting

  • Regel jouw vennootschapsbelasting, voorkom acht procent rente

Regel jouw vennootschapsbelasting, voorkom acht procent rente

Als je een BV hebt, kun je belastingrente voorkomen door op tijd aangifte vennootschapsbelasting (Vpb) over het jaar 2021 te doen óf door alvast een voorlopige aanslag Vpb te vragen. Hoe zit dat precies?

Wanneer betaal je belastingrente voor de Vpb?
Je betaalt 8% belastingrente als de fiscus je een aanslag oplegt op of na 1 juli volgend op het belastingjaar. Je betaalt rente over het bedrag dat je aan belasting moet betalen. Je betaalt echter geen belastingrente als je vóór 1 juni volgend op het belastingjaar aangifte doet en de fiscus de gegevens uit de aangifte ongewijzigd overneemt.

Voorlopige aanslag
Daarnaast betaal je ook geen belastingrente als je vóór 1 mei volgend op het belastingjaar een voorlopige aanslag aanvraagt en men deze voorlopige aanslag oplegt zoals je hebt gevraagd.

Let op! De belastingrente voor de Vpb bedroeg vanwege de Coronacrisis tijdelijk slechts 0,01%. Sinds 1 januari 2022 bedraagt de rente weer 8%.

Belastingrente voorkomen
Je kunt dus belastingrente voorkomen door vóór 1 juni een correcte aangifte Vpb in te vullen waar de fiscus niet vanaf hoeft te wijken. Lukt dit niet, vraag dan vóór 1 mei een voorlopige aanslag aan als je die nog niet hebt gehad. Heb je die wel gehad, pas deze dan aan als het bedrag te hoog of te laag is vastgesteld. Ook zo voorkom je 8% belastingrente.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-08T17:42:16+02:008 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Regel jouw vennootschapsbelasting, voorkom acht procent rente

  • Staatssecretaris negeert uitspraak rechter inzake eHerkenning

Staatssecretaris negeert uitspraak rechter inzake eHerkenning

De rechter heeft onlangs beslist dat er geen wettelijke basis bestaat ondernemers te verplichten via eHerkenning aangiftes in te dienen. In antwoord op Kamervragen geeft staatssecretaris Van Rij aan van mening te zijn dat er wél een wettelijke basis voor is. Hij meent dan ook dat hij ondernemers nog steeds kan dwingen via eHerkenning aangifte te doen.

E-Herkenning
E-Herkenning is een veilig gedigitaliseerd communicatiemiddel waarmee inmiddels met enige honderden overheidsinstanties gecommuniceerd kan worden. Het gebruik ervan is echter niet kosteloos en moet worden aangeschaft bij een commerciële partij.

Wettelijke basis?
Ondernemers zijn sinds 2021 verplicht via eHerkenning aangifte vennootschapsbelasting en loonheffingen in te dienen, tenzij men dit uitbesteed of commerciële software gebruikt. Een ondernemer weigerde dit omdat eHerkenning niet gratis is. De rechter ging hierin mee en stelde dat er geen wettelijke basis is om voor genoemde aangiftes eHerkenning verplicht te stellen. Dat de kosten van eHerkenning voorlopig vergoed kunnen worden, doet volgens de rechter niet ter zake.

Sancties
Uit de Kamervragen blijkt dat de staatssecretaris van mening is dat de fiscus ook sancties kan opleggen als ondernemers niet via eHerkenning aangifte doen. Of dit ook inderdaad zo is, zal nog moeten blijken. De rechter heeft immers geoordeeld dat dit niet mogelijk is, aangezien de wettelijke basis ontbreekt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-04-05T16:26:48+02:005 april 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Staatssecretaris negeert uitspraak rechter inzake eHerkenning

  • Ook uitstel van betaling mogelijk voorlopige aanslag 2022

Ook uitstel van betaling mogelijk voorlopige aanslag 2022

Als ondernemer krijg je een voorlopige aanslag voor de te betalen inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting over 2022. Ook voor die voorlopige aanslag kun je uitstel van betaling krijgen en wel over het gehele bedrag. Dit ondanks het feit dat het uitstel van betaling voor belastingschulden als steunmaatregel vanaf 1 april 2022 wordt beëindigd.

Voorlopige aanslag
Ondernemers krijgen, normaal gesproken, aan het begin van het jaar een voorlopige aanslag inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting op basis van de te verwachten winst. Die winst wordt geschat op basis van cijfers uit het verleden. Die kunnen afwijken van de huidige winst, dus is het altijd goed de voorlopige aanslag te checken en zo nodig aan te passen.

Uitstel van betaling?
Vanwege Corona kunnen ondernemers voor tal van belastingen uitstel van betaling krijgen. Deze maatregel stopt per 1 april 2022. Dit betekent dat je vanaf dat moment de nieuwe betalingsverplichtingen wel moet betalen. Ook belastingaanslagen waarvan de uiterste betaaldatum op of na 1 april 2022 ligt, moet je betalen.

Let op! Je kunt voor een flink aantal belastingverplichtingen tot 1 april van dit jaar bijzonder uitstel van betaling aanvragen, ook als je dit nog niet eerder hebt gedaan.

Aflossen belastingschuld
Je moet de totale belastingschuld, dus inclusief voorlopige aanslag 2022, vanaf 1 oktober van dit jaar aflossen. Je krijgt hiervoor vijf jaar de tijd.

Regulier uitstel
Kun je ook na 1 april 2022 de belastingschulden niet betalen, dan kun je onder voorwaarden gewoon uitstel van betaling aanvragen. Hiervoor gelden wel strengere voorwaarden dan het bijzondere uitstel vanwege Corona.

Tip! Is het afbetalen van jouw schuld in 60 termijnen echt niet mogelijk, neem dan tijdig contact op met de Belastingdienst. In dat geval wordt gezocht naar een passende oplossing.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-03-30T16:46:16+02:0030 maart 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Ook uitstel van betaling mogelijk voorlopige aanslag 2022

  • Vrijstelling VPB eerder mogelijk bij startende vereniging

Vrijstelling VPB eerder mogelijk bij startende vereniging

Een startende stichting of vereniging zal eerder gebruik kunnen maken van de vrijstelling vennootschapsbelasting (VPB-vrijstelling) voor geringe winsten dan de Belastingdienst voor ogen had. Dit volgt uit een recent oordeel van de Hoge Raad.

VPB-vrijstelling geringe winsten
Voor stichtingen en verenigingen bestaat een VPB-vrijstelling voor geringe winsten. Deze vrijstelling is van toepassing als de winst in een jaar niet hoger is dan €15.000. Is de winst in een jaar wel hoger dan €15.000 dan is de vrijstelling alsnog van toepassing als de winst van het jaar plus de winsten van de vier voorafgaande jaren tezamen niet hoger zijn dan €75.000.

Let op! Stichtingen en verenigingen betalen alleen vennootschapsbelasting voor zover zij een onderneming drijven. Verricht de stichting of vereniging ook andere activiteiten, dan is hierover geen vennootschapsbelasting verschuldigd. De eventuele resultaten van deze andere activiteiten tellen ook niet mee voor de winstgrenzen van €15.000 en €75.000.

Winstgrens tijdens opstart ook €75.000
De Belastingdienst was van mening dat de winstgrens van €75.000 tijdens de opstartfase naar evenredigheid moest worden toegepast. Bestond een stichting bijvoorbeeld 3 jaar, dan bedroeg deze grens volgens de Belastingdienst 3/5 van €75.000 = €45.000. De Hoge Raad was het echter niet eens met deze uitleg. Volgens de Hoge Raad geldt de winstgrens van €75.000 gewoon ten volle, ook als een stichting of vereniging nog geen 5 jaar bestaat.

Voorbeeld
Een stichting maakt in jaar 1 €12.000 winst, in jaar 2 €14.000 winst en in jaar 3 €30.000 winst. Volgens de Belastingdienst kon de stichting over jaar 3 de VPB-vrijstelling niet meer toepassen omdat de totaalwinst over jaar 1 tot en met 3 hoger is dan €45.000. Volgens de Hoge Raad kan deze stichting echter ook in jaar 3 nog gebruikmaken van de VPB-vrijstelling omdat de totaalwinst over jaar 1 tot en met 3 niet hoger is dan €75.000.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-02-02T11:02:34+01:002 februari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vrijstelling VPB eerder mogelijk bij startende vereniging

  • Uitstel van belastingbetaling: de laatste stand van zaken

Uitstel van belastingbetaling: de laatste stand van zaken

Met het uitbreken van de Coronacrisis is de mogelijkheid geboden om uitstel van betaling voor diverse belastingen te vragen. Hoe lang je uitstel kreeg, wanneer je moest gaan terugbetalen en de voorwaarden wijzigden keer op keer. Zie je door de bomen het bos nog? In dit artikel de laatste stand van zaken.

Uitstel tot en met 31 januari 2022
Op dit moment is het mogelijk om uitstel van betaling te krijgen tot en met 31 januari 2022 voor alle belastingen waarvoor dit al eerder mogelijk was. Het gaat dan om onder meer loonheffingen, omzetbelasting, inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting.

Had je voor een van deze belastingen al uitstel van betaling tot 1 oktober 2021? Dan heb je automatisch voor al deze belastingen uitstel tot en met 31 januari 2022. Je hoeft daar dus geen actie voor te ondernemen.

Tip! In tegenstelling tot het uitstel van betaling tijdens voorgaande perioden is het dus ook niet nodig om verlengd uitstel van betaling te vragen.

Alsnog uitstel van betaling aanvragen
Had je niet eerder al uitstel van betaling, maar heb je dit alsnog nodig in verband met de Coronacrisis? Dan kun je uitstel van betaling krijgen tot en met 31 januari 2022. Dat geldt ook als je al eerder uitstel van betaling kreeg maar alle schulden reeds afloste.

Let op! In tegenstelling tot ondernemers die nog uitstel van betaling hadden tot 1 oktober 2021, krijg je niet automatisch uitstel van betaling. Je moet hiervoor dus wel een verzoek indienen bij de Belastingdienst. Dit kan nog tot en met 31 januari 2022.

Voor welke tijdvakken geldt het uitstel?
Heb je, al dan niet automatisch, uitstel van betaling dan geldt dit voor alle belastingen waarvan de uiterste betaaldatum voor 1 februari 2022 verstrijkt. Dit betekent dat ook de deze maand in te dienen aangifte loonheffingen december 2021 en de omzetbelasting van het vierde kwartaal 2021/december 2021 in het uitstel meelopen.

Let op! Voor de aanslagen inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting is niet de dagtekening van de aanslag leidend, maar de uiterste betaaltermijn. Deze ligt voor reguliere aanslagen zes weken na de dagtekening van de aanslag. Een definitieve aanslag inkomstenbelasting met dagtekening 3 januari 2022 loopt daarom niet mee in het uitstel van betaling, maar eenzelfde aanslag met dagtekening 3 december 2021 dus wel.

Tip! De mogelijkheid van uitstel van betaling wordt misschien verlengd tot na 31 januari 2022. Misschien kun je daarom straks ook uitstel van betaling krijgen voor belastingen waarvan de uiterste betaaldatum verstrijkt ná 31 januari 2022. Het kabinet zegde in december 2021 toe om in januari 2022 te beslissen of zo’n verdere verlenging van het uitstel vanwege de Coronacrisis nodig is. We houden je hierover op de hoogte.

Terugbetalen uitgestelde belastingen
Vanaf 1 oktober 2022 moet je alle uitgestelde belastingen terugbetalen. Je krijgt van de Belastingdienst dan een betalingsregeling aangeboden van zestig maanden. Je betaalt dan elke maand 1/60 van de totale schuld.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-19T09:56:05+01:0019 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Uitstel van belastingbetaling: de laatste stand van zaken

  • Hoger Vpb-tarief in 2022

Hoger Vpb-tarief in 2022

De Tweede Kamer steunt het plan om het toptarief in de vennootschapsbelasting vanaf 2022 te verhogen. Dit bleek eerder bij de stemming over het belastingplan voor 2022. Het tarief stijgt in 2022 van 25% naar 25,8%.

Lager tarief over langere schijf
Het kabinet had al eerder voorgesteld het lage tarief van 15% in de vennootschapsbelasting vanaf 2022 toe te passen op een groter deel van de winst. Nu is dit lage tarief nog van toepassing op de eerste €245.000 winst, vanaf volgend jaar op de eerste €395.000 van de winst.

Omslagpunt
Bovenstaande wijzigingen betekenen dat kleinere BV’s vanaf 2022 minder belasting gaan betalen en grotere BV’s meer. Het omslagpunt ligt bij een winst van €2.270.000. Alleen BV’s die meer winst behalen, betalen volgend jaar meer belasting.

Fiscale eenheid minder interessant
De langere eerste tariefschijf waarover slechts 15% belasting betaald hoeft te worden, betekent ook dat een fiscale eenheid in beginsel minder snel interessant is. BV’s binnen een fiscale eenheid kunnen immers samen nog maar één keer van de langere tariefschijf profiteren, terwijl BV’s zonder fiscale eenheid ieder op zich van de langere tariefschijf gebruik kunnen maken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-24T12:08:34+01:0024 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Hoger Vpb-tarief in 2022

  • Is de fiscale eenheid vennootschapsbelasting nog aantrekkelijk?

Is de fiscale eenheid vennootschapsbelasting nog aantrekkelijk?

In de vennootschapsbelasting bestaan al jaren twee tarieven. In 2021 is het verschil tussen het lage en hoge tarief weer groter geworden. En voor 2022 is voorzien dat het verschil nog groter wordt. Reden om afscheid te nemen van de fiscale eenheid?

Tarieven vennootschapsbelasting
In 2021 bedraagt het tarief 15% voor het winstdeel tot €245.000 en 25% voor het winstdeel daarboven. Vanaf 2022 bedraagt het tarief 15% voor het winstdeel tot €395.000 en 25% voor het winstdeel daarboven. Als meerdere BV’s onderdeel zijn van een fiscale eenheid vennootschapsbelasting, kan niet elke BV apart gebruikmaken van deze zogenaamde tariefopstap. De fiscale eenheid zal bij hogere winsten daarom veelal leiden tot hogere belastingen.

Voorbeeld: drie BV’s met elk €250.000 winst maken onderdeel uit van een fiscale eenheid. De vennootschapsbelasting bedraagt in 2021 €163.000 en in 2022 €148.000. Vormden de drie BV’s geen fiscale eenheid, dan zou de vennootschapsbelasting totaal in 2021 €114.000 en in 2022 €110.250 bedragen.

Let op! Het tarief vanaf 2022 staat wettelijk vast. Maar de Tweede Kamer heeft nu echter voorgesteld het tarief in de vennootschapsbelasting te willen verhogen naar 25,8% ter financiering van andere zaken. Het kabinet heeft aangegeven hierin mee te gaan. Deze verhoging moet nog wel door het parlement worden goedgekeurd.

Voordelen fiscale eenheid
Neem bij de overweging om de fiscale eenheid te verbreken altijd ook de voordelen van de fiscale eenheid ten opzichte van aparte BV’s mee.

Zo kunnen na verbreking van de fiscale eenheid verliezen van de ene BV niet meer verrekend worden met winsten van de andere BV. Ook het voordeel dat geen winstverantwoording hoeft plaats te vinden op onderlinge diensten en leveringen, vervalt na verbreking van de fiscale eenheid. En denk ook aan het verdwijnen van de mogelijkheid om zonder fiscale afrekening bezittingen en schulden te verplaatsen tussen BV’s.

Fiscale gevolgen verbreken fiscale eenheid
Wegen de voordelen van de fiscale eenheid niet meer op tegen de nadelen, vergeet dan niet ook de fiscale gevolgen die optreden bij verbreken van de fiscale eenheid in ogenschouw te nemen. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is bijvoorbeeld de sanctie die op kan treden als vermogensbestanddelen de afgelopen drie of zes kalenderjaren tussen BV’s zijn overgedragen.

Tip! Hoewel het tariefvoordeel eenvoudig te berekenen lijkt, kan het verbreken van de fiscale eenheid mogelijk onvoorziene nadelen met zich meebrengen die niet tegen het tariefvoordeel opwegen. In dit bericht zijn niet alle nadelen en voordelen van de fiscale eenheid benoemd. Bovendien zal de beoordeling voor elke individuele situatie weer anders zijn. Laat je daarom goed over de eigen situatie adviseren.

Toekomst fiscale eenheid
De afgelopen jaren zijn de wettelijke bepalingen voor de fiscale eenheid diverse keren gewijzigd. Daarnaast bestaat onduidelijkheid over het voortbestaan van de fiscale eenheid. Zo is nagedacht over een nieuwe groepsregeling in de vennootschapsbelasting. Of die er komt en hoe deze regeling er precies uit gaat zien, is nog niet bekend. De beslissing hierover is overgelaten aan een volgend kabinet.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-03T09:42:09+01:003 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Is de fiscale eenheid vennootschapsbelasting nog aantrekkelijk?

  • Verliezen verrekenen: wat verandert er per 1 januari 2022?

Verliezen verrekenen: wat verandert er per 1 januari 2022?

Heb of verwacht je verrekenbare verliezen in de vennootschapsbelasting? Bekijk dan tijdig de gevolgen van de gewijzigde verliesverrekeningsregels. De regels worden verruimd, maar ook beperkt vanaf 1 januari 2022.

Op hoofdlijnen
Vanaf 1 januari 2022 zijn verliezen in tijd onbeperkt voorwaarts verrekenbaar. Tegelijkertijd zijn vanaf die datum verliezen in omvang beperkt verrekenbaar: volledige verliesverrekening is straks slechts mogelijk tot een bedrag van €1 miljoen.

Waarom?
Het doel van de wijzigingen is om te voorkomen dat bedrijven met winstgevende activiteiten jaren achtereen geen vennootschapsbelasting (Vpb) betalen. De wijzigingen moeten leiden tot een meer geleidelijke verliesverrekening en daarmee stabielere belastinginkomsten.

Verruiming verliesverrekeningsregels Vpb
Nu geldt voor de achterwaartse verliesverrekening nog een termijn van één jaar en voor voorwaartse verliesverrekening een termijn van zes jaar. Dat verliezen vanaf 1 januari 2022 in de tijd onbeperkt voorwaarts verrekenbaar zullen zijn, is een verruiming van de huidige regels.

Beperking verliesverrekeningsregels Vpb
Onder de huidige regels zijn verliezen in omvang onbeperkt verrekenbaar. Daardoor is het bij voldoende verliezen mogelijk om winsten jarenlang tot nihil te verminderen en daardoor geen vennootschapsbelasting te betalen. Deze praktijken wil het kabinet voorkomen. Daarom zijn verrekenbare verliezen vanaf 2022 in een jaar tot een bedrag van €1 miljoen volledig verrekenbaar met de winst. Boven €1 miljoen is het verlies slechts verrekenbaar met 50% van de resterende belastbare winst van dat jaar. Op die manier is, ondanks de aanwezigheid van compensabele verliezen, toch vennootschapsbelasting verschuldigd. Deze beperking is vanaf 2022 ook van toepassing op de in termijn ongewijzigde achterwaartse verliesverrekening van één jaar. Een verlies dat door de voorgestelde beperking in een jaar niet volledig voorwaarts of achterwaarts verrekenbaar is, wordt wel doorgeschoven. Het kan dan in volgende jaren met inachtneming van dezelfde beperking worden verrekend.

Let op! Er is geen overgangsrecht. De wijzigingen zijn daarom van toepassing op verliezen die stammen uit boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2013. Deze verliezen gaan dus niet meer verloren, maar de verrekening per jaar wordt wel in omvang beperkt. Verliezen uit boekjaren die zijn aangevangen voor die datum zijn – conform de huidige regels – tot 31 december 2021 verrekenbaar. Daarna verdampen ze en kun je ze dus niet meer verrekenen.

Tip! Zijn er dus mogelijkheden om in 2021 bestaande verliezen te verrekenen? Maak daar dan gebruik van!
Tip! Per 1 januari 2019 is de houdsterverliesregeling afgeschaft. Er geldt een overgangsregeling. De wijzigingen gaan ook gelden voor houdster- en financieringsverliezen die onder deze regeling vallen. Ook deze verliezen zijn dus tot een bedrag van €1 miljoen volledig en daarboven slechts tot een bedrag van 50% van de belastbare houdster- of financieringswinst verrekenbaar. Daarbij blijft de regel gelden dat deze slechts verrekenbaar zijn met houdster- of financieringswinsten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-31T14:53:15+01:0031 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Verliezen verrekenen: wat verandert er per 1 januari 2022?

  • Lastenverlichting voor kleinere BV vanaf 2022

Lastenverlichting voor kleinere BV vanaf 2022

Volgend jaar betalen BV’s over een winst tot €395.000 nog maar 15% vennootschapsbelasting. Nu is dit lage tarief nog maar van toepassing op de eerste €245.000 winst. Over het meerdere blijft het tarief 25%. Dit blijkt uit de stukken die gepresenteerd zijn op Prinsjesdag.

Fiscale eenheid
De verruiming van de eerste tariefschijf tot €395.000 zorgt ervoor dat in veel gevallen een fiscale eenheid minder aantrekkelijk wordt. Bij een fiscale eenheid kunnen de verbonden BV’s onderlinge winsten en verliezen met elkaar verrekenen. Tegenover dit voordeel staat een steeds groter wordend nadeel, namelijk dat maar één keer van de verruimde schijf van het lage tarief kan worden geprofiteerd.

Tip! Het verbreken van de fiscale eenheid kan het nadeel beperken. Als verbreking per 2022 gewenst is, moet het verzoek hiertoe vóór 1 januari 2022 zijn ontvangen door de Belastingdienst.

Verliesverrekening verruimd én beperkt
Naast bovengenoemd voordeel krijgen BV’s volgend jaar ook te maken met wijzigingen inzake de verliesverrekening. Vanaf 2022 wordt de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting beperkt tot 50% van de belastbare winst. Wel mogen verliezen voortaan onbeperkt voorwaarts verrekend worden.

Verliezen tot een bedrag van €1 miljoen aan belastbare winst zijn volledig verrekenbaar. Voor zover de belastbare winst hoger is dan €1 miljoen, worden die verliezen voor zover zij meer bedragen dan €1 miljoen, slechts tot een bedrag van 50% van de belastbare winst boven €1 miljoen verrekend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-12T09:23:31+02:0012 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lastenverlichting voor kleinere BV vanaf 2022

  • Top 10 Prinsjesdag 2021

Top 10 Prinsjesdag 2021

Welke belangrijke fiscale voorstellen voor ondernemers kwamen op Prinsjesdag uit het koffertje van de demissionair minister van Financiën? Wij zetten de tien belangrijkste op een rij.

1. Onbelaste thuiswerkvergoeding van €2
Per 1 januari 2022 kun je de werknemers een onbelaste thuiswerkkostenvergoeding geven van maximaal €2 per dag. Dit bedrag is gebaseerd op een berekening van het Nibud van de gemiddelde extra kosten voor bijvoorbeeld koffie en verwarming per thuis gewerkte dag. Voor het inrichten van een thuiswerkplek kon je onder bepaalde voorwaarden al een onbelaste vergoeding geven. Ook blijft een onbelaste reiskostenvergoeding van maximaal €0,19 per kilometer voor woon-werkverkeer bestaan voor de dagen dat de werknemer naar kantoor gaat.

Let op! Je mag de werknemers op de dag dat zij thuiswerken geen reiskostenvergoeding van €0,19 verstrekken. Dit betekent dat je bij een vergoeding voor thuiswerken en reiskosten altijd per dag de kostenvergoeding moet vaststellen. Je kunt er ook voor kiezen om aan te sluiten bij een door de wetgever goedgekeurde praktische regeling.

2. Aandelenopties voor werknemer wordt aantrekkelijker
Het wordt aantrekkelijker om werknemers in aandelenopties uit te betalen. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld start-ups en scale-ups gemakkelijker talent aantrekken en wordt een stimulans gegeven aan de ontwikkeling van nieuwe bedrijven in Nederland.

Momenteel wordt belasting betaald over aandelenopties op het moment dat het verkregen optierecht wordt omgezet in aandelen. Het nadeel van dit heffingsmoment is dat werknemers (en de werkgever) direct belasting betalen, terwijl ze de aandelen niet altijd al mogen verkopen of voldoende geld hebben om de belasting te betalen.

Een werknemer kan vanaf 1 januari 2022 zelf kiezen wanneer belasting wordt geheven:

  • op het moment waarop de aandelen verhandelbaar zijn en er daardoor wel geld beschikbaar is, of:
  • op het moment dat de opties worden omgezet in aandelen (huidige regeling).

3. Verlaging gebruikelijk loon innovatieve start-ups verlengd met een jaar
Voor 2022 is het nog steeds mogelijk om een verlaging van het gebruikelijk loon toe te passen voor DGA’s van innovatieve start-ups. Dit zorgt ervoor dat de liquiditeitspositie van deze DGA’s wordt verbeterd. Deze regeling zou oorspronkelijk per 1 januari 2022 vervallen, maar deze einddatum wordt met één jaar verschoven.

4. De Milieu-investeringsaftrek (MIA) wordt verhoogd
Al jaren stimuleert de overheid bedrijven om te investeren in innovatieve, milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen met de Milieu-investeringsaftrek (MIA). Met de MIA mogen ondernemingen een percentage van de investeringskosten aftrekken van de fiscale winst. Zij hoeven dan minder inkomsten- of vennootschapsbelasting te betalen.

Per 1 januari 2022 worden de percentages verhoogd, zodat je een hogere aftrek kunt krijgen. Milieuvriendelijke investeringen worden daarmee aantrekkelijker. De MIA kent nu drie percentages: 13,5%, 27% en 36%. Vanaf 1 januari 2022 worden deze steunpercentages verhoogd naar 27%, 36% en 45%.

Tip! Overweeg milieuvriendelijke investeringen uit te stellen tot 2022!

Op de Milieulijst staat aangegeven welk percentage geldt voor een milieuvriendelijk bedrijfsmiddel. RVO vernieuwt de Milieulijst aan het einde van ieder jaar. In combinatie met de Vervroegde afschrijving milieu-investeringen (Vamil) kan het netto belastingvoordeel oplopen tot ruim 14% van het investeringsbedrag.

5. Bevordering aanschaf emissievrije auto
De overheid wil de aanschaf van emissievrije auto’s (EV) blijven bevorderen, ook al kost het de overheid meer geld dan zij had verwacht. Daarom stelt het kabinet het volgende voor:

  • het bijtellingspercentage voor privégebruik van een zakelijke auto wordt afgebouwd zoals afgesproken in het Klimaatakkoord. In 2022 is de korting 6% en daarmee komt de bijtelling op 16% (normaal tarief is 22%);
  • de catalogusprijs waarover de korting op het bijtellingspercentage voor emissievrije auto’s geldt, wordt verlaagd. In 2022 wordt dit €35.000 en vanaf 2023 €30.000;
  • het budget voor de subsidieregeling voor emissievrije bestelauto’s en particuliere personenauto’s wordt verhoogd.

6. Beperkingen in de Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK)
In de belastingplannen zijn twee voorstellen opgenomen met betrekking tot de Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK):

  • het kabinet stelt voor vanaf 1 januari 2022 de maximale IACK met €318 per jaar te verlagen (IACK bedraagt in 2022 maximaal €2.534 en in 2021 maximaal €2.815);
  • buitenlands belastingplichtigen met een partner komen in aanmerking voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK), terwijl dat niet altijd de bedoeling is. Het gaat bijvoorbeeld om mensen die in Nederland werken, maar in het buitenland wonen met een niet-werkende echtgenoot en een kind onder de 12 jaar. Het kabinet wil de IACK-toekenning bij buitenlandse belastingplichtigen per 1 januari 2022 wijzigen door de uitzondering op het begrip fiscaal partner niet te laten gelden voor de IACK.

7. Geen verrassingen in de tarieven inkomsten- en vennootschapsbelasting
De tarieven in de inkomstenbelasting blijven gelijk aan het voorstel zoals dit is gedaan in het belastingplan van vorig jaar. In 2022 betekent dit het volgende:

Tarief inkomstenbelasting/premie volksverzekering 2022 
Belastbaar inkomen
meer dan (€)
maar niet meer
dan (€)
Tarief 2022 (%)
1e schijf 69.398 37,07
2e schijf 69.398 49,50

 

Ook het tarief in de vennootschapsbelasting voor 2022 blijft zoals dit eerder bekend is gemaakt:

Vennootschapsbelasting 2021 2022
Winst tot € 245.000/€ 395.000 15,0% 15,0%
Winst boven € 245.000/€ 395.000 25,0% 25,0%

8. Wijziging verrekening voorheffing met vennootschapsbelasting
Het Hof van Justitie EU heeft in een rechterlijke uitspraak aangegeven dat binnenlandse en buitenlandse ondernemingen gelijk moeten worden behandeld. Ook in Nederland worden binnenlandse ondernemingen anders behandeld dan buitenlandse ondernemingen op het gebied van de teruggave van voorheffingen in de vennootschapsbelasting zoals dividendbelasting. Om de Nederlandse wetgeving in overeenstemming te krijgen met het EU-recht, stelt het kabinet het volgende voor:

  • bedrijven kunnen vooraf betaalde dividendbelasting en kansspelbelasting (voorheffingen) alleen nog verrekenen met te betalen vennootschapsbelasting. Er vindt dus geen teruggaaf meer plaats;
  • het bedrijf kan de voorheffingen in een later jaar verrekenen met te betalen vennootschapsbelasting. Dit hoeft niet meteen in het eerstvolgende jaar;
  • de niet-verrekende voorheffingen kunnen onbeperkt worden doorgeschoven naar latere jaren.

9. Drie aanpassingen in de eigenwoningregeling
De eigenwoningregeling wordt op drie onderdelen aangepast per 1 januari 2022. De regeling wordt rechtvaardiger door onbedoelde beperkingen op hypotheekrenteaftrek weg te nemen.

Daarom worden op het gebied van de eigenwoningreserve, de aflossingsstand en de bestaande eigenwoningschuld (dit is een lening voor de eigen woning afgesloten voor 1 januari 2013) aanpassingen gedaan om de ervaren beperkingen weg te nemen.

10. Overdrachtsbelasting bij onvoorziene omstandigheden
Sinds 1 januari 2021 betalen starters onder de 35 jaar eenmalig geen overdrachtsbelasting bij aankoop van hun woning. Kopers vanaf 35 jaar die de woning zelf gaan bewonen, betalen 2%. Kopers die de woning niet zelf gaan bewonen, betalen 8%. Het kabinet regelt dat kopers bij onvoorziene omstandigheden na de koop, maar vóór de overdracht, niet automatisch het algemene tarief (8%) betalen. Daarvoor gelden wel bepaalde voorwaarden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-27T10:28:03+02:0027 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Top 10 Prinsjesdag 2021