procedure

  • Alle bezwaarschriften box 3 toegewezen

Alle bezwaarschriften box 3 toegewezen

De Belastingdienst heeft alle bezwaarschriften toegewezen met betrekking tot de massaal bezwaarprocedure inzake box 3. Het betreft ruim 200.000 bezwaarschriften.

Arrest Hoge Raad
Eind december vorig jaar heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de heffing over vermogen in box 3 in strijd is met het Europese recht. Die heffing is namelijk gebaseerd op een fictief rendement. De Hoge Raad is van mening dat het werkelijke rendement hiervoor doorslaggevend moet zijn.

Massaal bezwaar
De heffing in box 3 is via zogenaamde massaal bezwaarprocedures aangevochten. Na het arrest van de Hoge Raad heeft de Belastingdienst beslist dat alle bezwaren via die procedures voor de jaren 2017 tot en met 2020 worden toegewezen.

Uitvoering laat op zich wachten
Degenen die door het arrest minder belasting hoeven te betalen, moeten nog wel even op hun geld wachten. Hierover wordt pas begin mei beslist. Dan wil het kabinet ook knopen doorhakken over de vraag hoeveel geld men terugkrijgt. De Hoge Raad heeft namelijk niet aangegeven hoe het werkelijk behaalde rendement moet worden berekend.

Reikwijdte
Verder is nog niet duidelijk wat de reikwijdte van het arrest is. Er gaan in Den Haag stemmen op om ook belastingplichtigen geld terug te geven die geen bezwaar hebben gemaakt. De politiek moet hierover nog beslissen.

Geen definitieve aanslagen
Omdat het arrest uitvoeringstechnisch enorm complex is, worden voorlopig geen definitieve aanslagen opgelegd als er inkomen in box 3 in het spel is. Dit is alleen anders als verjaring dreigt of als een belastingplichtige er belang bij heeft de aanslag wel op te leggen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-02-11T10:03:34+01:0010 februari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Alle bezwaarschriften box 3 toegewezen

  • Vaak ziek? Geen reden voor ontbinding arbeidsovereenkomst

Vaak ziek? Geen reden voor ontbinding arbeidsovereenkomst

Een medewerker meldde zich 23 keer in een jaar ziek. Voor de werkgever was de maat vol. Hij diende bij de kantonrechter een ontbindingsverzoek in gebaseerd op frequent verzuim. Maar de rechter wees het verzoek van de werkgever af.

Voorwaarden ontbinding bij frequent ziekteverzuim
De wet bepaalt dat aan de volgende voorwaarden moet zijn voldaan om een arbeidsovereenkomst te ontbinden:

  • er is sprake van regelmatig ziekteverzuim, en
  • dat regelmatige ziekteverzuim is géén gevolg van onvoldoende zorg van de werkgever, en
  • dat regelmatige ziekteverzuim zorgt voor onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering, en
  • herstel binnen 26 weken is niet aannemelijk, en
  • herplaatsing in een andere passende functie is niet mogelijk.

Cumulatieve voorwaarden
Het gaat hier om zogenaamde cumulatieve voorwaarden. Dat wil zeggen dat aan alle voorwaarden moet zijn voldaan wil er sprake zijn van een redelijke grond om de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter te laten ontbinden. Bijkomende voorwaarde is dat een deskundigenoordeel van het UWV moet kunnen worden overgelegd bij de rechter. Dit deskundigenoordeel wordt gratis door het UWV verstrekt.

Uitkomst procedure
De rechter ontkende niet dat er sprake was van veelvuldig verzuim door de werknemer. Hij keek daarbij naar het gemiddelde verzuim binnen het bedrijf dat 4,9% bedroeg. Hij wees het verzoek van de werkgever af omdat de werkgever er niet in was geslaagd aan te tonen dat sprake was van onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering. Er waren geen financiële jaarstukken door de werkgever ingebracht, waaruit zou kunnen volgen dat het verzuim onaanvaardbare gevolgen had voor de bedrijfsvoering. Mogelijk had dat nog iets geholpen. In de praktijk blijkt deze ontbindingsgrond een erg lastige te zijn juist vanwege de voorwaarde dat moet worden aangetoond dat het frequente verzuim tot onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering leidt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-11-05T10:45:47+01:005 november 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vaak ziek? Geen reden voor ontbinding arbeidsovereenkomst

  • Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

Als je moet interen op je vermogen om de verschuldigde belasting te kunnen betalen, is dit een aanwijzing dat er sprake kan zijn van een zogenaamde buitensporige last. Dit blijkt uit een recent arrest van de Hoge Raad. De zaak werd voor verder onderzoek doorverwezen naar het hof.

Heffing Box 3
In genoemde zaak ging het om de belastingheffing in Box 3. Deze gaat uit van een verondersteld rendement en niet van het werkelijk behaalde rendement. Deze heffing staat met name vanwege de lage rentestand dan ook al jaren ter discussie en wordt door vele belastingplichtigen ook aangevochten via bezwaarprocedures.

Individuele en buitensporige last
Volgens huidig recht is het kort gezegd niet toegestaan belasting te heffen indien deze heffing leidt tot een ‘individuele en buitensporige last’. In genoemde zaak voor de Hoge Raad was de vraag aan de orde of hiervan sprake was.

Belastingheffing hoger dan rendement
In deze zaak bedroeg in het jaar 2017 het rendement in Box 3 op het daarin aanwezige vermogen van de belastingplichtige €1.244 terwijl €1.354 betaald moest worden aan belasting in Box 3. De Hoge Raad moest zich in deze zaak dan ook uitspreken over de vraag of dit betekende dat er sprake was van een individuele en buitensporige last.

Interen op vermogen?
Als de belastingheffing hoger is dan het behaalde rendement, moet volgens de Hoge Raad ook in aanmerking worden genomen of en in hoeverre iemand een zodanig laag inkomen heeft dat hij op zijn vermogen moet interen om de belasting te voldoen. De wetgever heeft immers geen belastingheffing beoogt waardoor men op zijn vermogen moet interen om de verschuldigde belasting te kunnen voldoen, aldus de Hoge Raad. Is dit wél het geval, dan kan er dus sprake zijn van een buitensporige last. De zaak werd verwezen naar een ander hof om dit uit te zoeken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-03T10:52:34+02:003 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

  • Maak tijdig bezwaar tegen box 3 2020

Maak tijdig bezwaar tegen box 3 2020

Ook de bezwaren tegen de box 3-heffing in de inkomstenbelasting 2020 zijn weer aangewezen als massaal bezwaar. Eerder gebeurde dit al voor de jaren 2017-2019. Wil je aansluiten bij de massaalbezwaarprocedure, dan moet je tijdig bezwaar maken.

Achtergrond
In 2019 oordeelde de Hoge Raad dat de box 3-heffing in 2013 en 2014 op stelselniveau te hoog was. Reparatie hiervan liet de Hoge Raad echter aan de wetgever. De Belastingdienst vindt dat de wetgever op stelselniveau aan de opdracht van de Hoge Raad heeft voldaan omdat vanaf 2017 de box 3-heffing is aangepast. Daar is niet iedereen het mee eens, zodat voor de jaren 2017 en later weer nieuwe procedures zijn opgestart.

Massaalbezwaarprocedures
Bezwaren tegen box 3 zijn voor de jaren 2017-2019 al eerder en nu dus ook voor het jaar 2020 weer aangewezen als massaalbezwaarprocedure. Iedereen die tijdig bezwaar indient tegen box 3, kan aansluiten bij deze procedures. Voorwaarde is dat het bezwaar op tijd is. Verder kan dan alleen het standpunt worden ingenomen dat de heffing in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM.

Kansen
De vraag is uiteraard wat de kansen zijn in deze procedures. De kans dat de Hoge Raad voor de jaren 2017, 2018, 2019 en 2020 wel overgaat tot vermindering van de box 3-heffing, waar dat voor de jaren 2013 en 2014 niet gebeurd is, wordt niet zo groot geacht. Daar staat echter tegenover dat het deelnemen aan de massaalbezwaarprocedure relatief eenvoudig is. Je hoeft daarvoor alleen tijdig bezwaar in te dienen en niet zelf de beroepsprocedure te doorlopen.

Let op! Wil je dat wij bezwaar maken tegen de box 3-heffing 2020? Dat kan dat pas na ontvangst van de definitieve aanslag inkomstenbelasting 2020. Neem daarna zo spoedig mogelijk contact met ons op. Een bezwaar is namelijk alleen tijdig als dit binnen zes weken na dagtekening van de definitieve aanslag inkomstenbelasting is ingediend.

Individuele en buitensporige last
Je kunt ook het standpunt innemen dat voor jou sprake is van een individuele en buitensporige last. Uit het oordeel van de Hoge Raad in 2019 kan namelijk afgeleid worden dat als in een individueel geval de box 3-heffing voor een belastingplichtige een individuele en buitensporige last vormt, de box 3-heffing wel verminderd zou kunnen worden.

Let op! Houd er rekening mee dat je hierover individueel moet procederen. Je kunt dan niet mee in de massaalbezwaarprocedures.

Van een individuele en buitensporige last zal niet heel snel sprake zijn. Grofweg zou de totale aanslag (inclusief de box 3-heffing) hoger moeten zijn dan het totale inkomen, wil mogelijk sprake zijn van een individuele en buitensporige last.

Tip! Maakte je in de jaren 2017, 2018 of 2019 al bezwaar tegen box 3? Dan geldt dat niet automatisch voor 2020. Je moet dus voor dit jaar opnieuw bezwaar maken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-18T10:20:23+02:0018 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Maak tijdig bezwaar tegen box 3 2020

  • Per 2022: gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof

Per 2022: gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof

Het ouderschapsverlof is nu in de meeste gevallen nog onbetaald. Maar dat gaat wijzigen. De bedoeling is dat werknemers per 2 augustus 2022 recht krijgen op negen weken gedeeltelijk doorbetaald ouderschapsverlof.
Waarom wijzigen deze regels? Het kabinet is verplicht om als gevolg van de implementatie van een nieuwe Europese richtlijn in wetgeving te regelen dat er recht bestaat op betaald ouderschapsverlof. Het wetsvoorstel betaald ouderschapsverlof dat dit moet gaan regelen, ligt al een tijdje bij de Tweede Kamer.

Ouderschapsverlof
Het ouderschapsverlof is nu nog onbetaald en bedraagt 26 x de overeengekomen arbeidsduur per week. Het kabinet wil regelen dat werknemers per 2 augustus 2022 recht krijgen op 9 weken gedeeltelijk doorbetaald ouderschapsverlof. In die periode bestaat er recht op een uitkering van het UWV ter hoogte van 50% van het (maximum) dagloon. Dit betaalde verlof moet wel in het eerste levensjaar van het kind worden opgenomen.

Het resterende ouderschapsverlof kan nog steeds worden opgenomen tot de achtste verjaardag van het kind, maar blijft onbetaald. Bij adoptie is de uitkering voor ouderschapsverlof alleen beschikbaar in het eerste jaar na de dag van de feitelijke opneming ter adoptie.

Nieuwe plannen
Met de invoering van gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof beschikken ouders na de geboorte gezamenlijk over ten minste 40 weken (gedeeltelijk) betaald verlof inclusief 16 weken zwangerschaps- en bevallingsverlof en 6 weken geboorteverlof. Het ouderschapsverlof en de gewenste wijze van inroostering moet nog steeds ten minste twee maanden voor de beoogde ingangsdatum zijn aangevraagd door de werknemer. Door het ouderschapsverlof gedeeltelijk betaald te maken wil het kabinet de betrokkenheid van mannen bij de opvoeding stimuleren en de arbeidsmarktpositie van vrouwen verbeteren.

Procedure aanvraag betaald ouderschapsverlof
De uitkering dient via de werkgever te worden aangevraagd. Het UWV zal hiervoor een speciaal digitaal formulier ter beschikking stellen. Een aanvraag kan eenmalig worden ingediend in de periode tussen de eerste betaalde verlofdag en de drie maanden nadat het kind de leeftijd van één jaar heeft bereikt.

Deze aanvraag kan betrekking hebben op de gehele verlofperiode (achteraf na negen weken), maar ook op de eerste opgenomen week of een aantal opgenomen weken. Het UWV stelt bij de afhandeling van de initiële aanvraag recht en hoogte van de uitkering vast en betaalt deze uit binnen zes weken na het afgeven van de beschikking. Voor de eenmalige vaststelling van het recht, de hoogte en de duur van de uitkering is bepalend de eerste dag waarop ouderschapsverlof is genoten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-15T10:08:07+02:0015 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Per 2022: gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof
  • Nieuwe UWV-uitvoeringsregels ontslagprocedure en ontslag

Nieuwe UWV-uitvoeringsregels ontslagprocedure en ontslag

Wat zijn de regels voor het aanvragen van ontslag om bedrijfseconomische redenen of wegens langdurige arbeidsongeschiktheid? Waar moet je conform de UWV-richtlijnen op letten?

Bij ontslag om bedrijfseconomische redenen of wegens langdurige arbeidsongeschiktheid is het UWV de aangewezen instantie om een ontslagaanvraag in te dienen. Bij het aanvragen van dit ontslag is het van belang dat de ontslagprocedure goed wordt gevolgd. Daarbij moet je bijvoorbeeld denken aan de termijn voor het aanvullen van een incompleet verzoek, de termijnen voor hoor en wederhoor en wanneer uitstel kan worden verleend. Deze regels zijn vastgelegd in de Regeling UWV ontslagprocedure.

UWV-uitvoeringsregels ontslagprocedure
Aanvullend op deze regeling heeft het UWV interne werkinstructies gemaakt – de UWV-uitvoeringsregels ontslagprocedure – over hoe het UWV deze ministeriële procedurele regels in de praktijk toepast. Deze uitvoeringsregels ontslagprocedure gelden vanaf 1 september 2020. Ze bieden duidelijkheid over onderwerpen als de klachtregeling van het UWV, een voorlopige en herhaalde aanvraag, het voeren van verweer en de mondelinge behandeling.

Voorlopige ontslagaanvraag
Het UWV geeft in de uitvoeringsregels aan hoe te handelen als de werkgever met de werknemer nog wil onderhandelen over een beëindigingsovereenkomst. De werkgever kan dan een zogeheten voorlopige aanvraag indienen met een verzoek om uitstel voor het voeren van deze onderhandelingen.

Tip! Dien bij een bedrijfseconomisch ontslag altijd eerst een ontslagaanvraag in. Pas als deze is ontvangen door het UWV, kan de werknemer worden verzocht mee te werken aan een beëindigingsovereenkomst. Op die manier kan een werknemer door een eventuele ziekmelding de ontslagprocedure niet frustreren, omdat het opzegverbod dan niet van toepassing is.

Uitvoeringsregels ontslag om bedrijfseconomische redenen
UWV heeft tegelijkertijd een nieuwe versie van de Uitvoeringsregels ontslag om bedrijfseconomische redenen gepubliceerd, die de versie van oktober 2019 vervangt en geldt vanaf september 2020. In de nieuwe versie zijn aanpassingen van de wetgeving verwerkt, zoals de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren en het vervallen van de overbruggingsregeling transitievergoeding.

Tip! Raadpleeg voordat je een ontslagaanvraag indient eerst de UWV-uitvoeringsregels ontslagprocedure, zodat je niet voor verrassingen komt te staan. Deze kun je downloaden op de website van het UWV.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2020-10-21T09:40:27+02:0021 oktober 2020|Lonen, Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe UWV-uitvoeringsregels ontslagprocedure en ontslag