prinsjesdag

  • Lastenverlichting voor kleinere BV vanaf 2022

Lastenverlichting voor kleinere BV vanaf 2022

Volgend jaar betalen BV’s over een winst tot €395.000 nog maar 15% vennootschapsbelasting. Nu is dit lage tarief nog maar van toepassing op de eerste €245.000 winst. Over het meerdere blijft het tarief 25%. Dit blijkt uit de stukken die gepresenteerd zijn op Prinsjesdag.

Fiscale eenheid
De verruiming van de eerste tariefschijf tot €395.000 zorgt ervoor dat in veel gevallen een fiscale eenheid minder aantrekkelijk wordt. Bij een fiscale eenheid kunnen de verbonden BV’s onderlinge winsten en verliezen met elkaar verrekenen. Tegenover dit voordeel staat een steeds groter wordend nadeel, namelijk dat maar één keer van de verruimde schijf van het lage tarief kan worden geprofiteerd.

Tip! Het verbreken van de fiscale eenheid kan het nadeel beperken. Als verbreking per 2022 gewenst is, moet het verzoek hiertoe vóór 1 januari 2022 zijn ontvangen door de Belastingdienst.

Verliesverrekening verruimd én beperkt
Naast bovengenoemd voordeel krijgen BV’s volgend jaar ook te maken met wijzigingen inzake de verliesverrekening. Vanaf 2022 wordt de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting beperkt tot 50% van de belastbare winst. Wel mogen verliezen voortaan onbeperkt voorwaarts verrekend worden.

Verliezen tot een bedrag van €1 miljoen aan belastbare winst zijn volledig verrekenbaar. Voor zover de belastbare winst hoger is dan €1 miljoen, worden die verliezen voor zover zij meer bedragen dan €1 miljoen, slechts tot een bedrag van 50% van de belastbare winst boven €1 miljoen verrekend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-12T09:23:31+02:0012 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lastenverlichting voor kleinere BV vanaf 2022

  • Volgend jaar lagere zelfstandigenaftrek

Volgend jaar lagere zelfstandigenaftrek

De zelfstandigenaftrek wordt volgend jaar verder verlaagd. Dit staat in de stukken die op Prinsjesdag zijn gepubliceerd. De verlaging was al eerder aangekondigd.

Zelfstandigenaftrek
De zelfstandigenaftrek is een vast bedrag dat zelfstandige ondernemers in de inkomstenbelasting ten laste van de winst mogen brengen. De zelfstandigenaftrek heeft als achtergrond dat ondernemers vanuit hun winst ook minder goede jaren moeten kunnen compenseren, moeten investeren en voor hun oude dag moeten zorgen.

Voorwaarden
De zelfstandigenaftrek kent een paar voorwaarden. Zo moeten ondernemers minstens 1225 uur in het jaar in hun bedrijf werkzaam zijn om voor de zelfstandigenaftrek in aanmerking te komen. Ook moeten ze minstens de helft van hun werkzame uren aan hun bedrijf besteden. Deze laatste eis geldt niet voor starters.

Lager bedrag
Het bedrag van de zelfstandigenaftrek daalt volgend jaar van €6.670 naar €6.310. Verder daalt volgend jaar het maximale tarief waartegen de zelfstandigenaftrek verrekend kan worden naar 40%. Momenteel is dat nog 43%. Alleen ondernemers met een belastbaar inkomen van meer dan €69.398 worden hierdoor getroffen.

Verdere afbouw
De komende tijd wordt de zelfstandigenaftrek in stappen verder afgebouwd naar uiteindelijk €3.240 in 2036. Het kabinet wil hiermee de fiscale voordelen van ZZP’ers ten opzichte van werknemers beperken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-06T10:14:53+02:006 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Volgend jaar lagere zelfstandigenaftrek

  • Sparen en beleggen iets minder zwaar belast

Sparen en beleggen iets minder zwaar belast

Sparen en beleggen wordt volgend jaar iets minder zwaar belast. Dit blijkt uit de stukken die op Prinsjesdag zijn gepresenteerd.

Belasting box 3
De belasting op sparen en beleggen vindt plaats via een heffing op het privévermogen dat zich in box 3 bevindt. In deze box wordt voor sparen en beleggen uitgegaan van een forfaitair rendement, los van de vraag of dit rendement ook daadwerkelijk wordt behaald.

Heffingsvrij vermogen
Belastingplichtigen hebben in box 3 ieder ook recht op een vrijstelling van een deel van het vermogen. Voor 2022 bedraagt dit €50.650 per persoon, zodat fiscale partners samen recht hebben op een vrijstelling van €101.300. Dit is €1.300 ofwel 1,3% meer vanwege de inflatiecorrectie.

Rendement lager
Vanwege het feit dat de rendementen de afgelopen tijd zijn gedaald, is ook het forfaitaire rendement lager vastgesteld. Box 3 kent drie schijven, waarvoor het forfaitaire rendement is bepaald op 1,82%, 4,37% en 5,53%. De eerste schijf is van toepassing op de eerste €50.000 van het belastbare vermogen, de tweede schijf op de volgende €900.000 en de derde schijf op het meerdere van het vermogen.

Wat scheelt dat nu?
Hoeveel minder belasting in box 3 je gaat betalen, hangt af van de omvang van je vermogen. Zo betalen fiscale partners met een vermogen van €500.000 nu €4.774 aan belasting in box 3 en volgend jaar €4.596, ofwel €178 minder. Bezitten ze een vermogen van €1.500.000, dan betalen ze nu €18.728 en in 2022 €18.132, ofwel €596 minder.

Let op! Alle plannen moeten nog door het parlement worden goedgekeurd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-29T09:16:32+02:0029 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Sparen en beleggen iets minder zwaar belast

  • Top 10 Prinsjesdag 2021

Top 10 Prinsjesdag 2021

Welke belangrijke fiscale voorstellen voor ondernemers kwamen op Prinsjesdag uit het koffertje van de demissionair minister van Financiën? Wij zetten de tien belangrijkste op een rij.

1. Onbelaste thuiswerkvergoeding van €2
Per 1 januari 2022 kun je de werknemers een onbelaste thuiswerkkostenvergoeding geven van maximaal €2 per dag. Dit bedrag is gebaseerd op een berekening van het Nibud van de gemiddelde extra kosten voor bijvoorbeeld koffie en verwarming per thuis gewerkte dag. Voor het inrichten van een thuiswerkplek kon je onder bepaalde voorwaarden al een onbelaste vergoeding geven. Ook blijft een onbelaste reiskostenvergoeding van maximaal €0,19 per kilometer voor woon-werkverkeer bestaan voor de dagen dat de werknemer naar kantoor gaat.

Let op! Je mag de werknemers op de dag dat zij thuiswerken geen reiskostenvergoeding van €0,19 verstrekken. Dit betekent dat je bij een vergoeding voor thuiswerken en reiskosten altijd per dag de kostenvergoeding moet vaststellen. Je kunt er ook voor kiezen om aan te sluiten bij een door de wetgever goedgekeurde praktische regeling.

2. Aandelenopties voor werknemer wordt aantrekkelijker
Het wordt aantrekkelijker om werknemers in aandelenopties uit te betalen. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld start-ups en scale-ups gemakkelijker talent aantrekken en wordt een stimulans gegeven aan de ontwikkeling van nieuwe bedrijven in Nederland.

Momenteel wordt belasting betaald over aandelenopties op het moment dat het verkregen optierecht wordt omgezet in aandelen. Het nadeel van dit heffingsmoment is dat werknemers (en de werkgever) direct belasting betalen, terwijl ze de aandelen niet altijd al mogen verkopen of voldoende geld hebben om de belasting te betalen.

Een werknemer kan vanaf 1 januari 2022 zelf kiezen wanneer belasting wordt geheven:

  • op het moment waarop de aandelen verhandelbaar zijn en er daardoor wel geld beschikbaar is, of:
  • op het moment dat de opties worden omgezet in aandelen (huidige regeling).

3. Verlaging gebruikelijk loon innovatieve start-ups verlengd met een jaar
Voor 2022 is het nog steeds mogelijk om een verlaging van het gebruikelijk loon toe te passen voor DGA’s van innovatieve start-ups. Dit zorgt ervoor dat de liquiditeitspositie van deze DGA’s wordt verbeterd. Deze regeling zou oorspronkelijk per 1 januari 2022 vervallen, maar deze einddatum wordt met één jaar verschoven.

4. De Milieu-investeringsaftrek (MIA) wordt verhoogd
Al jaren stimuleert de overheid bedrijven om te investeren in innovatieve, milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen met de Milieu-investeringsaftrek (MIA). Met de MIA mogen ondernemingen een percentage van de investeringskosten aftrekken van de fiscale winst. Zij hoeven dan minder inkomsten- of vennootschapsbelasting te betalen.

Per 1 januari 2022 worden de percentages verhoogd, zodat je een hogere aftrek kunt krijgen. Milieuvriendelijke investeringen worden daarmee aantrekkelijker. De MIA kent nu drie percentages: 13,5%, 27% en 36%. Vanaf 1 januari 2022 worden deze steunpercentages verhoogd naar 27%, 36% en 45%.

Tip! Overweeg milieuvriendelijke investeringen uit te stellen tot 2022!

Op de Milieulijst staat aangegeven welk percentage geldt voor een milieuvriendelijk bedrijfsmiddel. RVO vernieuwt de Milieulijst aan het einde van ieder jaar. In combinatie met de Vervroegde afschrijving milieu-investeringen (Vamil) kan het netto belastingvoordeel oplopen tot ruim 14% van het investeringsbedrag.

5. Bevordering aanschaf emissievrije auto
De overheid wil de aanschaf van emissievrije auto’s (EV) blijven bevorderen, ook al kost het de overheid meer geld dan zij had verwacht. Daarom stelt het kabinet het volgende voor:

  • het bijtellingspercentage voor privégebruik van een zakelijke auto wordt afgebouwd zoals afgesproken in het Klimaatakkoord. In 2022 is de korting 6% en daarmee komt de bijtelling op 16% (normaal tarief is 22%);
  • de catalogusprijs waarover de korting op het bijtellingspercentage voor emissievrije auto’s geldt, wordt verlaagd. In 2022 wordt dit €35.000 en vanaf 2023 €30.000;
  • het budget voor de subsidieregeling voor emissievrije bestelauto’s en particuliere personenauto’s wordt verhoogd.

6. Beperkingen in de Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK)
In de belastingplannen zijn twee voorstellen opgenomen met betrekking tot de Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK):

  • het kabinet stelt voor vanaf 1 januari 2022 de maximale IACK met €318 per jaar te verlagen (IACK bedraagt in 2022 maximaal €2.534 en in 2021 maximaal €2.815);
  • buitenlands belastingplichtigen met een partner komen in aanmerking voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK), terwijl dat niet altijd de bedoeling is. Het gaat bijvoorbeeld om mensen die in Nederland werken, maar in het buitenland wonen met een niet-werkende echtgenoot en een kind onder de 12 jaar. Het kabinet wil de IACK-toekenning bij buitenlandse belastingplichtigen per 1 januari 2022 wijzigen door de uitzondering op het begrip fiscaal partner niet te laten gelden voor de IACK.

7. Geen verrassingen in de tarieven inkomsten- en vennootschapsbelasting
De tarieven in de inkomstenbelasting blijven gelijk aan het voorstel zoals dit is gedaan in het belastingplan van vorig jaar. In 2022 betekent dit het volgende:

Tarief inkomstenbelasting/premie volksverzekering 2022 
Belastbaar inkomen
meer dan (€)
maar niet meer
dan (€)
Tarief 2022 (%)
1e schijf 69.398 37,07
2e schijf 69.398 49,50

 

Ook het tarief in de vennootschapsbelasting voor 2022 blijft zoals dit eerder bekend is gemaakt:

Vennootschapsbelasting 2021 2022
Winst tot € 245.000/€ 395.000 15,0% 15,0%
Winst boven € 245.000/€ 395.000 25,0% 25,0%

8. Wijziging verrekening voorheffing met vennootschapsbelasting
Het Hof van Justitie EU heeft in een rechterlijke uitspraak aangegeven dat binnenlandse en buitenlandse ondernemingen gelijk moeten worden behandeld. Ook in Nederland worden binnenlandse ondernemingen anders behandeld dan buitenlandse ondernemingen op het gebied van de teruggave van voorheffingen in de vennootschapsbelasting zoals dividendbelasting. Om de Nederlandse wetgeving in overeenstemming te krijgen met het EU-recht, stelt het kabinet het volgende voor:

  • bedrijven kunnen vooraf betaalde dividendbelasting en kansspelbelasting (voorheffingen) alleen nog verrekenen met te betalen vennootschapsbelasting. Er vindt dus geen teruggaaf meer plaats;
  • het bedrijf kan de voorheffingen in een later jaar verrekenen met te betalen vennootschapsbelasting. Dit hoeft niet meteen in het eerstvolgende jaar;
  • de niet-verrekende voorheffingen kunnen onbeperkt worden doorgeschoven naar latere jaren.

9. Drie aanpassingen in de eigenwoningregeling
De eigenwoningregeling wordt op drie onderdelen aangepast per 1 januari 2022. De regeling wordt rechtvaardiger door onbedoelde beperkingen op hypotheekrenteaftrek weg te nemen.

Daarom worden op het gebied van de eigenwoningreserve, de aflossingsstand en de bestaande eigenwoningschuld (dit is een lening voor de eigen woning afgesloten voor 1 januari 2013) aanpassingen gedaan om de ervaren beperkingen weg te nemen.

10. Overdrachtsbelasting bij onvoorziene omstandigheden
Sinds 1 januari 2021 betalen starters onder de 35 jaar eenmalig geen overdrachtsbelasting bij aankoop van hun woning. Kopers vanaf 35 jaar die de woning zelf gaan bewonen, betalen 2%. Kopers die de woning niet zelf gaan bewonen, betalen 8%. Het kabinet regelt dat kopers bij onvoorziene omstandigheden na de koop, maar vóór de overdracht, niet automatisch het algemene tarief (8%) betalen. Daarvoor gelden wel bepaalde voorwaarden.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-27T10:28:03+02:0027 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Top 10 Prinsjesdag 2021