NBCEelman

  • Hernieuwde STAP-subsidie aanvragen vanaf 28 februari

Hernieuwde STAP-subsidie aanvragen vanaf 28 februari

Na een pauze vanwege misbruik en oneigenlijk gebruik, kan de STAP-subsidie (STimulering Arbeidsmarkt Positie) vanaf 28 februari 2023 weer worden aangevraagd. De subsidie is op een aantal punten aangescherpt.

STAP-subsidie
De STAP-subsidie is in de plaats gekomen van de scholingsaftrek. De subsidie bedraagt maximaal €1.000 per persoon per jaar en kan worden aangevraagd bij het UWV. Met de subsidie kunnen mensen een opleiding, training of cursus volgen die in het scholingsregister staan.

Regeling aangescherpt
Vanwege misbruik en oneigenlijk gebruik van de subsidie zijn de voorwaarden op een aantal punten aangescherpt, met name voor de opleiders. Zo is onder andere het aantal toekenningen per opleiding van één opleider begrensd tot 300 per kalenderjaar, moeten opleiders vooraf verklaren te voldoen aan de gestelde eisen en mogen ze cursisten geen cadeaus of snoepreisjes meer aanbieden. Als sanctie kan een opleiding uit het scholingsregister worden verwijderd.

Aanvragen
De eerst volgende mogelijkheid om de STAP-subsidie aan te vragen is op 28 februari 2023 vanaf 10.00 uur. In 2023 zijn daarna nog aanvragen mogelijk vanaf 1 mei, 3 juli, 4 september en 1 november. Iedereen kan één keer per jaar de subsidie aanvragen. Dit moet via de site van het UWV.

Tip! De afgelopen keren dat de STAP-subsidie werd vrijgegeven, was het budget in zeer korte tijd vergeven. Zorg daarom dat je er op 28 februari a.s. op tijd bij bent.

Toekomstplannen STAP
Later dit jaar komt er extra budget voor mensen met maximaal een MBO 4-diploma. Tevens wordt er gekeken naar subsidies voor meerjarige scholing en komen er strakkere regels rond buitensporige prijsverhogingen voor scholingsactiviteiten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-16T11:58:56+01:0016 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Hernieuwde STAP-subsidie aanvragen vanaf 28 februari
  • Laag BTW-tarief voor parkeren bij meerdaags festival

Laag BTW-tarief voor parkeren bij meerdaags festival

Een organisator van een meerdaags muziekfestival bood de bezoekers de mogelijkheid op het festivalterrein te overnachten. Daarnaast kon er eventueel de auto geparkeerd worden. Op het parkeren in deze situatie is het lage BTW-tarief van 9% van toepassing, aldus Hof Den Haag.

Zelfstandige prestatie?
Voor het Hof is allereerst de vraag aan de orde of het bieden van parkeergelegenheid gezien moet worden als een zelfstandige prestatie. Als er sprake is van een bijkomende prestatie volgt deze namelijk het BTW-tarief van de hoofdprestatie.

Afzonderlijk belang?
Volgens het Hof is parkeren aan te merken als een afzonderlijke prestatie en volgt deze hier dus niet automatisch het BTW-tarief van 9%. Het Hof baseert dit onder meer op het feit dat de bezoekers van het festival een afzonderlijk belang bij het parkeren hebben. Ook maken niet alle bezoekers gebruik van de auto om het festival te bereiken. Verder wordt er voor het parkeren een aparte vergoeding in rekening gebracht.

Let op! In het verleden is al eerder beslist voor parkeren bij een pretpark dat het parkeren niet onder het lage BTW-tarief valt.

Te vergelijken met camping?
Vervolgens komt de vraag aan de orde of het gelegenheid geven tot overnachten op het festivalterrein op één lijn is te stellen met een camping. Voor parkeren door personen die voor korte tijd op een camping verblijven geldt voor het parkeren namelijk het lage BTW-tarief. Dit volgt uit een besluit van de staatssecretaris.

Situaties vergelijkbaar
Het Hof is van oordeel dat beide situaties vergelijkbaar zijn en dat het lage BTW-tarief dan ook voor parkeren op dit meerdaagse festival geldt. Het gevolg voor bovengenoemde zaak is dat de naheffingsaanslag kwam te vervallen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-13T10:55:20+01:0015 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Laag BTW-tarief voor parkeren bij meerdaags festival

  • Controleverklaring accountant bij financiële zorgen ook naar OR

Controleverklaring accountant bij financiële zorgen ook naar OR

Accountants die zich financiële zorgen maken over een onderneming en betwijfelen of de onderneming kan worden voortgezet, moeten hun verklaring vanaf 2023 ook aan de ondernemingsraad sturen. Deze verplichting vloeit voort uit een wijziging van de Wet op de ondernemingsraden.

Faillissement voorkomen
Door de verplichting moeten accountants hun verklaring in die gevallen ook ‘onverwijld’ naar de ondernemingsraad sturen. De bedoeling van de wetswijziging is om de ondernemingsraad tijdig te informeren, zodat een mogelijk faillissement eerder kan worden voorkomen.

Vertrouwelijk!
De nieuwe wet ontheft de accountant voor dit aspect van zijn geheimhoudingsplicht. De ondernemingsraad is echter wel verplicht om vertrouwelijk met de geleverde informatie om te gaan.

Verplichtingen bestuurder
De nieuwe wet staat naast de verplichtingen die een bestuurder van een onderneming nu al heeft om de ondernemingsraad te informeren inzake de financiële positie van het bedrijf. Omdat deze verplichting niet altijd goed wordt nageleefd heeft het parlement besloten de ondernemingsraad via de accountantsverklaring te informeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-13T10:39:57+01:0014 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Controleverklaring accountant bij financiële zorgen ook naar OR

  • Is schadevergoeding bij een bedrijfsongeval belast?

Is schadevergoeding bij een bedrijfsongeval belast?

Als je als ondernemer zelf een bedrijfsongeval krijgt, dekt de verzekering vaak de schade. Maar is een dergelijke uitkering ook belast en zo ja, waar hangt dit vanaf?

Sportieve ondernemer legt het bijltje erbij neer
In een rechtszaak handelde het om een ondernemer die op een aantal terreinen actief was. Ze verrichtte onder meer sportactiviteiten, fotografeerde en werkte in de horeca, totdat een vallende bijl haar voet ernstig blesseerde en ze de werkzaamheden niet meer kon uitvoeren.

Schadevergoeding
Met de verzekeraar van haar klant werd na de nodige onderhandelingen een schadevergoeding overeen gekomen van €480.000. Deze bestond deels uit een vergoeding voor verlies aan arbeidsvermogen, voor immateriële schade, voor gemaakte kosten en voor gederfde winst. De vraag rees of een deel ervan belast was en zo ja, hoeveel?

Bewijslast
De rechtbank was van mening dat de bewijslast bij de ondernemer lag. Die toonde aan dat uit de stukken bleek dat van de schadevergoeding ruim €388.000 was toegekend vanwege het verlies aan arbeidsvermogen. Duidelijk was ook dat €15.000 was toegekend voor immateriële schade, ofwel smartengeld. Het restant zag op overige kosten en gederfde winst, maar was niet duidelijk gespecificeerd.

Verlies aan arbeidsvermogen onbelast
De vergoeding vanwege blijvende arbeidsongeschiktheid was volgens de rechtbank onbelast, evenals het smartengeld. Voor zover werkelijk gemaakte kosten aantoonbaar waren, zoals voor fysiotherapie, waren ook die onbelast. Een vergoeding voor gederfde winst, in  totaal €41.000, was daarentegen wel belast.

Tip! Zorg in soortgelijke situaties voor een specificatie van een overeengekomen schadevergoeding. Dit voorkomt discussie met de fiscus.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-13T09:55:04+01:0014 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Is schadevergoeding bij een bedrijfsongeval belast?

  • Nieuwsbrief februari 2023

Nieuwsbrief februari 2023

Let op!
Wij willen voldoen aan de wens om actueel te zijn. Het overzicht in deze MKB-Nieuwsbrief is geschreven met de kennis tot en met maandag 13 februari 2023, 20:00 uur.


1. Rentevergoeding over te veel betaalde box 3-heffing

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft geoordeeld dat de Belastingdienst een passende rentevergoeding moet geven aan een belastingplichtige die te veel box 3-heffing betaalde over de jaren vanaf 2017.

Kerstarrest box 3
De Hoge Raad oordeelde op 24 december 2021 (hierna het Kerstarrest) dat de wijze van belastingheffing in box 3 in strijd is met het Eerste Protocol bij het EVRM. Om die reden werd in dat geval geoordeeld dat het box 3-inkomen moest worden verlaagd en moest worden uitgegaan van het werkelijke lagere inkomen.

Voor degenen die tijdig bezwaar maakten tegen de box 3-heffing en voor degenen van wie de aanslagen op 24 december 2021 nog niet onherroepelijk vaststonden, is op basis van de massaalbezwaarprocedure rechtsherstel verleend voor de jaren 2017 tot en met 2021. Dit proces is inmiddels in gang gezet.

Rentevergoeding
In de door het gerechtshof besliste zaak was de vraag of ook recht op rentevergoeding bestaat als de Belastingdienst naar aanleiding van het Kerstarrest de box 3-heffing vermindert. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft deze vraag positief beantwoord.

In deze zaak werd de grondslag box 3 verminderd tot nihil. De belastingplichtige stelde zich op het standpunt dat zij ook recht had op een rentevergoeding over de periode dat de Belastingdienst over de te veel betaalde box 3-heffing heeft beschikt. Hoewel volgens de Nederlandse wetgeving geen recht bestaat op een rentevergoeding, is dat volgens het gerechtshof wel het geval op basis van het Europese recht: indien sprake is van schending van het EVRM, wordt door het EHRM (Europese Hof voor de rechten van de mens) een rentevergoeding toegekend. Voor de berekening van die rentevergoeding moet dan worden aangesloten bij de Nederlandse wetgeving, aldus het gerechtshof. Daarom had de belastingplichtige wel recht op een rentevergoeding.

Berekening rente
Het gerechtshof sluit voor de berekening (en de hoogte van het rentepercentage) in dit geval aan bij de belastingrenteregeling. Volgens het gerechtshof volgt uit de rechtspraak van het Hof van Justitie dat rente moet worden vergoed vanaf de dag na betaling van de onverschuldigde box 3-heffing tot en met de dag voorafgaand aan terugbetaling.

Verzoek om rente
Krijg of kreeg je rechtsherstel box 3 voor de jaren vanaf 2017 en is de verschuldigde belasting daarom verminderd? Verzoek de Belastingdienst dan om een rentevergoeding. Wij kunnen je hierbij van dienst zijn. De verwachting dat de staatssecretaris beroep in cassatie instelt om het oordeel van de Hoge Raad te vernemen, wordt inmiddels door diverse bronnen bevestigd. Of je daadwerkelijk recht hebt op rentevergoeding, is op dit moment daarom nog afwachten.

Let op!
Het is nog niet duidelijk of voor aanslagen die al onherroepelijk vaststaan, in een verzoek om ambtshalve vermindering alsnog om rente verzocht kan worden. Ook is niet duidelijk of voor onherroepelijk vaststaande aanslagen over het jaar 2017 nog om rente verzocht kan worden. Voor die aanslagen is het inmiddels, vanwege het verstrijken van de vijfjaarstermijn, in ieder geval niet meer mogelijk om een verzoek om ambtshalve vermindering te doen.


2. Meldplicht buitenlandse zelfstandigen en detachering buitenlandse werknemers

Buitenlandse werkgevers die tijdelijk werknemers in Nederland laten werken, moeten dit melden. Dit geldt ook voor buitenlandse zelfstandigen die tijdelijk in Nederland werken. Nederlandse opdrachtgevers zijn verplicht om te controleren of er gemeld is en of de melding juist is.

EU, EER of Zwitserland
De meldingsplicht geldt voor buitenlandse werkgevers of zelfstandigen uit de EU, EER of Zwitserland. Als zij tijdelijk een dienst of opdracht uitvoeren in Nederland moeten zij dit melden via het Nederlandse online meldloket.

Let op!
De dienstontvanger of opdrachtgever moet controleren of de dienstverrichter of zelfstandige aan zijn meldplicht heeft voldaan en of de melding juist is.

Dienstverrichter
De dienstverrichter voor wie de meldplicht geldt, is een buitenlandse werkgever uit de EU, EER of Zwitserland die tijdelijk:

  • in Nederland met eigen werknemers een dienst of opdracht komt uitvoeren, of
  • vanuit een multinationale onderneming werknemers detacheert naar een vestiging van hetzelfde bedrijf of concern in Nederland, of
  • als buitenlandse uitzendondernemer uitzendkrachten ter beschikking stelt voor werkzaamheden in Nederland.

Zelfstandige
Voor zelfstandigen geldt de meldplicht alleen als zij werkzaam zijn in een aantal aangewezen sectoren in onder meer de bouw, schoonmaak, voedingsindustrie, metaal, zorg, glazenwasserij en land- en tuinbouw. Meer informatie hierover vindt je op de website postedworkers.nl op de pagina zelfstandigen.

Tip!
De transportsector kent enkele uitzonderingen op de meldingsregels.

Melden
De melding moet plaatsvinden vóór de start van de werkzaamheden in Nederland. De gegevens die nodig zijn voor de melding zijn opgenomen in de checklist buitenlandse werkgevers en de checklist buitenlandse zelfstandigen.

Tip!
Soms geldt een beperkte meldingsplicht en hoeft maar één keer per jaar een melding plaats te vinden (jaarmelding).

Tip!
Voor bepaalde incidentele werkzaamheden hoeft niet gemeld te worden. Voorbeelden zijn zakelijke besprekingen, dringend onderhoud en reparaties of het bijwonen van congressen. Deze uitzondering geldt niet voor zelfstandigen of bij detachering van een werknemer met een nationaliteit van een land buiten de EU, EER of Zwitserland.

Toezicht en boete
De Nederlandse arbeidsinspectie controleert of voldaan wordt aan de meld- en controleplicht. Als blijkt dat niet voldaan is aan de meldingsplicht, kan zowel de dienstverrichter/zelfstandige als de dienstontvanger/opdrachtgever een boete krijgen.

Tip!
Ben je meldings- of controleplichtige of twijfel je hierover? Neem dan contact op met een van onze adviseurs voor meer informatie.


3. Duidelijkheid over loonbelastingtabel voor vluchteling uit Oekraïne

Als je een vluchteling uit de Oekraïne in dienst wilt nemen, moet je ook weten welke loonbelastingtabel je moet toepassen. Hiervoor moet je weten wat de fiscale woonplaats is. Wat te doen als hierover onzekerheid bestaat? De Belastingdienst heeft hier nu duidelijkheid over gegeven.

Wat is de fiscale woonplaats?
Als iemand een verblijfplaats in Nederland heeft, betekent dit nog niet dat Nederland zijn fiscale woonplaats is. Daarvoor is bepalend of de werknemer een duurzame, persoonlijke band met Nederland heeft. Hij is alleen inwoner van Nederland als zijn sociale en economische leven zich hier afspeelt.

Feiten en omstandigheden
Waar een werknemer woont, bepaal je op basis van alle feiten en omstandigheden die bij jou bekend zijn. Denk bijvoorbeeld aan de woonplaats die hij jou aanlevert en de reiskostenvergoedingen die je hem betaalt. Woont het gezin van de werknemer bijvoorbeeld in het buitenland, gaan zijn kinderen daar naar school en houdt hij daar bankrekeningen aan, dan kan je aannemen dat hij geen inwoner van Nederland is.

Vluchteling uit Oekraïne
Voor een vluchteling uit de Oekraïne kan het zijn dat de fiscale woonplaats op basis van de feiten en omstandigheden Oekraïne blijkt te zijn. Dan pas je de tabel toe voor een inwoner van een derde land. Ook kan het zijn dat uit de feiten en omstandigheden blijkt dat Nederland de fiscale woonplaats is. Dan pas je de tabel toe voor een inwoner van Nederland.

Wat nu als de woonplaats niet is vast te stellen?
Kan je de woonplaats niet vaststellen, verblijft de werknemer al ten minste zes maanden in Nederland en beschik je over zijn volledige verblijfsadres in Nederland, dan mag je er voor de loonheffingen van uitgaan dat het verblijfsadres de fiscale woonplaats is. Je past dan de loonbelastingtabel toe voor een inwoner van Nederland. In alle andere gevallen pas je het anoniementarief toe.

Let op!
Als je de tabel voor een inwoner van een derde land moet toepassen, heeft de werknemer geen recht op het belastingdeel van de loonheffingskorting. Om die reden is het voor de werknemer financieel aantrekkelijk als je gebruik kan maken van de aanname dat na zes maanden de fiscale woonplaats Nederland is. Je kan dan de tabel voor een inwoner van Nederland toepassen, zodat de werknemer ook recht heeft op het belastingdeel van de loonheffingskorting.


4. Aanvragen ISDE-subsidie gestart

Ook dit jaar kunnen woningeigenaren en zakelijke gebruikers de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) aanvragen. De aanvraagperiode is inmiddels gestart. Aanvragen moet digitaal via de Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland (RVO), voor bedrijven is eHerkenning verplicht.

ISDE-regeling
De Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing voor woningeigenaren (ISDE) is een subsidie voor eigenaren van een koopwoning die als hun hoofdverblijf dient. Via de ISDE kan subsidie verkregen worden voor onder meer isolatiemaatregelen, (hybride) warmtepompen, zonneboilers en aansluitingen op een warmtenet. Zakelijke gebruikers kunnen subsidie krijgen voor een (hybride) warmtepomp, zonneboiler, zonnepanelen en kleinschalige windturbines.

Let op!
Voorkom dat de ISDE-subsidie niet wordt toegekend en beoordeel daarom altijd of je wel aan alle voorwaarden voldoet. Zo kan een woningeigenaar de subsidie pas aanvragen als de energiebesparende maatregel is geïnstalleerd, terwijl de zakelijke gebruiker eerst de subsidie moet aanvragen en daarna pas de koopovereenkomst kan sluiten. Meer informatie over de ISDE-subsidie en de voorwaarden vindt je op de website van RVO.

Meer budget beschikbaar
Er is dit jaar, 2023, meer budget beschikbaar. Vorig jaar was dit €325 miljoen, dit jaar €350 miljoen. De ISDE-regeling loopt tot 2030.

Verruiming regeling
Er zijn dit jaar enkele wijzigingen in de subsidieregeling ten opzichte van vorig jaar. Zo kunnen woningeigenaren vanaf dit jaar ook voor één isolerende maatregel subsidie aanvragen. Vorig jaar moesten dit er minstens twee zijn. Ook is de termijn voor de aanvraag verlengd naar 24 maanden.

Let op!
De ISDE-subsidie voor kleinschalige turbines en zonnepanelen is alleen nog in 2023 beschikbaar.


5. Afrekening werkkostenregeling 2022 in maart 2023

In 2022 bedroeg de vrije ruimte in de werkkostenregeling, de WKR, 1,7% over de eerste €400.000 van de totale fiscale loonsom van jouw werknemers en 1,18% over het meerdere. Was het bedrag aan vergoedingen, verstrekkingen en/of terbeschikkingstellingen die je ten laste van de vrije ruimte bracht meer dan de vrije ruimte? Dan ben je over het meerdere 80% eindheffing (belasting) verschuldigd. Deze eindheffing moet je uiterlijk in jouw tweede aangifte loonheffingen 2023 aangeven en betalen. Doe je per maand aangifte, dan moet je dit dus bij jouw aangifte februari 2023 doen. Deze aangifte moet je uiterlijk 31 maart 2023 indienen en betalen.


6. Schenking gehad in 2022? Doe voor 1 maart aangifte schenkbelasting 2022

Kreeg je in 2022 een of meerdere schenkingen? Vergeet dan niet aangifte schenkbelasting 2022 te doen. Je moet dit doen als je in 2022 een of meer schenkingen van jouw ouder(s) kreeg met een totale waarde hoger dan €5.677. Je moet dit ook doen als je in 2022 een of meer schenkingen van dezelfde schenker (niet jouw ouders) kreeg met een totale waarde hoger dan €2.274. Ook bij toepassing van een eenmalig verhoogde vrijstelling (bijvoorbeeld voor de eigen woning) moet je aangifte schenkbelasting doen. De aangifte schenkbelasting 2022 moet voor 1 maart 2023 door de Belastingdienst ontvangen zijn. Lukt het niet om op tijd aangifte schenkbelasting 2022 te doen, dan kan je uitstel aanvragen. Je krijgt dan vijf maanden uitstel.

Door |2024-05-31T09:27:55+02:0013 februari 2023|Nieuwsbrief|Reacties uitgeschakeld voor Nieuwsbrief februari 2023
  • Rechter corrigeert gemeente inzake afvalstoffenheffing

Rechter corrigeert gemeente inzake afvalstoffenheffing

Voor het beheer van huishoudelijke afvalstoffen kan een gemeente een afvalstoffenheffing invoeren. Wordt voor die heffing uitgegaan van een meerpersoonshuishouden terwijl het grootste deel van het jaar sprake is van een eenpersoonshuishouden, dan kan de rechter de heffing corrigeren op basis van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Samenstelling huishouden
Dat de rechter deze mogelijkheid heeft, bleek uit een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland. De gemeente Haarlem hanteert voor de afvalstoffenheffing een verschillend tarief voor huishoudens bestaande uit maar één persoon en voor meerpersoonshuishoudens. De vaste peildatum hiervoor is 1 januari van het betreffende jaar.

Evenredigheidsbeginsel geschonden?
In de betreffende zaak woonde een vrouw op 1 januari 2021 samen met haar zoon in een woning. De zoon verhuisde kort na 1 januari. Toch ontving de vrouw een aanslag afvalstoffenheffing voor een meerpersoonshuishouden. Dit was overeenkomstig de gemeentelijke verordening, maar volgens de rechter is dit in strijd met het evenredigheidsbeginsel.

Peildatum
De rechter zette met name vraagtekens bij het hanteren van één peildatum, namelijk 1 januari. Dit is eenvoudig qua uitvoering, maar de gemeente kon niet aangeven waarom dit belang groter is dan het financiële belang van de betreffende bewoonster. Zij moest nu namelijk € 412,20 aan heffing betalen, in plaats van
€ 270 die een eenpersoonshuishouden betaalt.

Woning deel van het jaar gebruikt
De rechter overwoog daarbij dat de gemeente wel een tegemoetkoming biedt als de woning slechts een deel van het jaar gebruikt wordt. De rechtbank ging er dan ook niet mee akkoord dat er geen oplossing werd geboden voor situaties dat er op de peildatum sprake is van een meerpersoonshuishouden, maar de rest van het jaar niet. De aanslag werd daarop verminderd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-11T17:18:06+01:0013 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Rechter corrigeert gemeente inzake afvalstoffenheffing

  • Terugbetalen toeslagen voortaan zonder acceptgiro

Terugbetalen toeslagen voortaan zonder acceptgiro

Heb je een teveel aan toeslagen ontvangen van de Belastingdienst, dan moet je het te veel ontvangen bedrag terugbetalen. De Belastingdienst stopt echter stapsgewijs met het versturen van acceptgirokaarten, wat betekent dat je de betaling op een andere manier moet verrichten.

Let op! Per 1 juni 2023 vervalt de mogelijkheid om per acceptgiro te betalen geheel.

Brief met betaalinformatie
De acceptgiro wordt vervangen door een brief met betaalinformatie. Hierin staat alle informatie vermeld die je nodig hebt om je terugbetaling te verrichten. Dit kan bijvoorbeeld met behulp van internetbankieren.

Goed overnemen gegevens
Het is in jouw eigen belang dat je de toegestuurde gegevens goed overneemt. Vermeld je bijvoorbeeld een fout rekeningnummer, dan kan het zijn dat jouw betaling niet bij de Belastingdienst terecht komt met alle gevolgen van dien. Ook het betalingskenmerk is van groot belang om jouw betaling te kunnen traceren.

Wat bij twijfel?
Twijfel je of de brief wel van de Belastingdienst afkomstig is, dan kun je het rekeningnummer checken. Op de site van de Belastingdienst staan alle rekeningnummers vermeld. Bij vragen kun je altijd even contact met ons opnemen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-11T17:02:47+01:0013 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Terugbetalen toeslagen voortaan zonder acceptgiro

  • Na vier weken hersteld? Niet altijd nieuwe loonbetaling

Na vier weken hersteld? Niet altijd nieuwe loonbetaling

Als een werknemer na een periode van ziekte is hersteld en binnen een periode van vier weken wederom uitvalt waarbij de reden van de uitval niet van belang is, gaat de telling van de 104-weken periode, waarin loon is verschuldigd door de werkgever gewoon, door.

Is de werknemer echter vier weken of langer hersteld voordat hij weer uitvalt, dan begint er weer een nieuwe periode van 104 weken loonbetaling, dan wel een nieuwe periode waarin recht op een Ziektewetuitkering ontstaat.

Hernieuwde  loonbetaling
Het mag voor zich spreken dat dit voor jou als werkgever een kostbare zaak is omdat je opdraait voor de loondoorbetaling bij ziekte. Zeker in situaties waarin de werknemer na bijvoorbeeld een jaar ziek te zijn geweest terugvalt in inkomen, komt het wel eens voor dat een werknemer zich beter meldt, dat vier weken of langer volhoudt, maar dan toch weer uitvalt. Feitelijk is er veelal geen sprake geweest van een echte herstelmelding.

Uitspraak Centrale Raad van Beroep
De Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft hier onlangs paal en perk aan gesteld. Volgens de CRvB kan een herstelmelding en het meer dan vier weken verrichten van het eigen werk, zonder medisch oordeel van een bedrijfs- of verzekeringsarts over dat herstel, niet leiden tot de conclusie dat de zieke werknemer medisch hersteld kan worden geacht. Dit betekent concreet dat er in dat geval geen nieuwe periode van 104 weken loonbetaling dan wel een nieuwe Ziektewetuitkering ontstaat.

Tip! Als je als werkgever met een dergelijke situatie wordt geconfronteerd, is het raadzaam het medisch herstel zo snel mogelijk, maar uiterlijk  binnen vier weken te laten beoordelen door een bedrijfs- of verzekeringsarts. De bedrijfs- dan wel verzekeringsarts kan dan bepalen of sprake is van een reële herstelmelding.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-10T08:35:58+01:0010 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Na vier weken hersteld? Niet altijd nieuwe loonbetaling

  • Uitstel opgaaf UBD ook telefonisch mogelijk

Uitstel opgaaf UBD ook telefonisch mogelijk

Eerder was al bekend dat het mogelijk is om uitstel te vragen voor de opgaaf Uitbetaalde Bedragen aan Derden (UBD). De Belastingdienst meldt nu dat dit ook telefonisch kan.

Renseigneringsverplichting/opgaaf UBD
Het verplicht doorgeven aan de Belastingdienst van betaalde bedragen aan derden wordt ook wel de renseigneringsverplichting genoemd. Voor de jaren vanaf 2022 zijn inhoudingsplichtigen en bepaalde collectieve beheersorganisaties verplicht uit eigen beweging de betalingen aan natuurlijke personen door te geven (de opgaaf Uitbetaalde Bedragen aan Derden, ook wel opgaaf UBD genoemd).

Uitzonderingen
Voor bepaalde betalingen geldt een uitzondering, die hoef je niet door te geven. Dit geldt bijvoorbeeld voor betalingen aan natuurlijke personen voor werkzaamheden en diensten waarvoor een factuur is uitgereikt met BTW.

Let op! De Belastingdienst is van mening dat deze uitzondering niet geldt voor betalingen aan natuurlijke personen voor werkzaamheden en diensten waarvoor een BTW-vrijstelling geldt. Ook voor de ondernemer die de kleineondernemersregeling (KOR) toepast, geldt de uitzondering niet.

Uitstel voor het doen van de opgaaf UBD
De opgaaf UBD had je uiterlijk 31 januari 2023 moeten doen. Eerder was als bekend dat het mogelijk was om schriftelijk uitstel te vragen bij het belastingkantoor waaronder je valt. Heb je de opgaaf UBD nog niet kunnen doen en heb je nog geen uitstel gevraagd? Vraag dan zo spoedig mogelijk om uitstel. De Belastingdienst meldt nu dat je ook telefonisch contact op kunt nemen met de Belasting Telefoon (0800-0543) met een verzoek om uitstel. Zij helpen je dan verder met jouw uitstelverzoek.
Heb je nog vragen over de renseigneringsverplichting/opgaaf UBD, neem dan contact met ons op. Wij helpen je graag verder.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-10T08:00:43+01:0010 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Uitstel opgaaf UBD ook telefonisch mogelijk

  • Aftrek vrije ruimte in de inkomstenbelasting

Aftrek vrije ruimte in de inkomstenbelasting

Een inwoner van Nederland die werkt voor een werkgever die in Nederland niet inhoudingsplichtig is voor de loonbelasting, kan in zijn aangifte inkomstenbelasting een bedrag ter grootte van de vrije ruimte in aftrek brengen.

Vrije ruimte werkkostenregeling in de loonbelasting
Een werkgever kan een werknemer, onder voorwaarden, onbelaste vergoedingen geven door deze aan te wijzen als eindheffingsloon in de vrije ruimte van de werkkostenregeling. Deze vrije ruimte bedraagt in 2023 3% over de eerste €400.000 van de totale loonsom van de werkgever en 1,18% over het bedrag daarboven.

Aftrek vrije ruimte in inkomstenbelasting
Om inwoners van Nederland met een Nederlandse werkgever hetzelfde te behandelen als inwoners van Nederland met een buitenlandse werkgever die niet inhoudingsplichtig is voor de loonbelasting, is in de inkomstenbelasting een vergelijkbare wettelijke bepaling opgenomen. De Hoge Raad oordeelde in 2022 dat door deze wettelijke bepaling werknemers met een niet-inhoudingsplichtige werkgever de vrije ruimte in aftrek kunnen brengen op hun inkomen in de inkomstenbelasting.

Tip! Deze werknemers kunnen dus in 2023 in principe zonder nadere voorwaarden 3% van hun aan Nederland toe te rekenen brutoloon (tot een maximum van €400.000, voor het deel van het brutoloon daarboven 1,18%) aftrekken in de inkomstenbelasting.

Let op! Dit geldt alleen als de buitenlandse werkgever niet-inhoudingsplichtig voor de loonbelasting is in Nederland. Of dat wel of niet het geval is, volgt uit de wet op de loonbelasting. Onze adviseurs kunnen je hier meer over vertellen.

Aftrek gerichte vrijstellingen?
In de loonbelasting gelden voor bepaalde vergoedingen ook gerichte vrijstellingen. Als iets gericht vrijgesteld is, kan dit onder voorwaarden onbelast vergoed worden aan een werknemer. Zo is bijvoorbeeld in 2023 de vergoeding van zakelijke reiskosten met een vervoermiddel van de werknemer onbelast tot een bedrag van €0,21 per kilometer.
Een gerechtshof oordeelde in 2022 dat de inwoner van Nederland met een buitenlandse werkgever die niet inhoudingsplichtig is voor de loonbelasting, ook de zakelijke kosten waarvoor een gerichte vrijstelling geldt in aftrek mag brengen in de aangifte inkomstenbelasting.

Tip! Deze zaak ligt nog voor bij de Hoge Raad. Als de Hoge Raad het oordeel van het gerechtshof bevestigt, betekent dit dat deze werknemers ook bijvoorbeeld hun zakelijke kilometers tegen €0,21 per kilometer in aftrek kunnen brengen in hun aangifte inkomstenbelasting.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-02-07T12:41:54+01:008 februari 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aftrek vrije ruimte in de inkomstenbelasting