NBC

  • Scholingskosten in 2022? Gebruik het nieuwe STAP-budget

Scholingskosten in 2022? Gebruik het nieuwe STAP-budget

Per 1 januari 2022 treedt de subsidieregeling STAP-budget in werking. Dan wordt ook de huidige fiscale aftrek van scholingsuitgaven afgeschaft. Kosten voor scholing komen dan niet meer in aftrek bij het doen van de aangifte inkomstenbelasting 2022. In plaats daarvan kun je dus een beroep doen op de nieuwe subsidieregeling.

Let op! De definitieve subsidieregeling STAP-budget wordt rond de zomer van 2021 verwacht.

Subsidieregeling
De STAP-budget regeling is een subsidieregeling van de Rijksoverheid en wordt uitgevoerd door het UWV. STAP staat voor Stimulans Arbeidsmarkt Positie. Met de subsidieregeling kunnen mensen aanspraak maken op een persoonlijk ontwikkelbudget. Dat budget is voor les-, cursus-, college- of examengeld en kosten van verplicht gestelde leer- of beschermingsmiddelen. Ook kosten voor een procedure waarbij eerder opgedane competenties worden erkend (EVC-procedure) komen in aanmerking. Jaarlijks is €218 miljoen beschikbaar waarmee minimaal 100.000 mensen aanspraak kunnen maken op een persoonlijk ontwikkelbudget. Werkenden en niet-werkenden kunnen maximaal €1.000 (inclusief BTW) budget aanvragen voor een scholingsactiviteit. Het budget kan een aanvulling zijn op andere tegemoetkomingen van bijvoorbeeld werkgever, gemeente of UWV.

Aanvraag indienen
Het beschikbare bedrag wordt verdeeld over zes tijdvakken per jaar. Per tijdvak kan een aanvraag worden ingediend met een online aanvraagformulier. Is het beschikbare bedrag voor een bepaald tijdvak uitgeput? Dan worden reeds ingediende aanvragen doorgeschoven naar het eerstvolgende tijdvak.

Tip! Wees op tijd met het aanvragen van het STAP-budget. De aanvragen worden behandeld op volgorde van ontvangst.

Scholingsactiviteiten
De scholingsactiviteiten die voor subsidiëring in aanmerking komen, worden opgenomen in een scholingsregister. Dat register wordt door Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) bijgehouden. Het gaat om:

  • een opleiding of training dat door een erkend instituut wordt verzorgd en opleidt tot een bepaalde kwalificatie;
  • een EVC-procedure, uitgevoerd door een EVC-aanbieder;
  • bedrijfsopleidingen, cursussen of trainingen.

Gaat het om een meerjarige scholingsactiviteit? Dan moet het budget per opleidingsjaar worden aangevraagd en toegekend.

Voorwaarden
De aanvrager van een STAP-budget:

  • is een (familielid van een) burger van de EU;
  • moet tussen de 18 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd zijn;
  • moet in de afgelopen twee jaar minimaal zes maanden volksverzekerd zijn (bijvoorbeeld AOW, ANW, WLZ);
  • ontvangt geen studiefinanciering of lerarenbeurs;
  • mag maximaal één keer per jaar STAP-budget aanvragen;
  • volgt een scholingsactiviteit van een erkende STAP-aanbieder;
  • start de scholingsactiviteit binnen zes maanden na sluiting van het aanvraagtijdvak waarin de aanvraag is ingediend.

Let op! Het is wel de bedoeling dat de scholing wordt afgerond. Anders kan de ontvangen subsidie worden teruggevorderd.

Tip! Maak in de aangifte inkomstenbelasting 2020 en 2021 nog gebruik van de dan nog geldende fiscale aftrek scholingskosten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-28T09:11:45+02:0028 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Scholingskosten in 2022? Gebruik het nieuwe STAP-budget

  • Meer duidelijkheid over berekenen BTW bij commissaris

Meer duidelijkheid over berekenen BTW bij commissaris

In welke gevallen moet een commissaris of andere toezichthouder BTW berekenen over de toezichthoudende taken die hij uitvoert? De staatssecretaris van Financiën heeft hierover via een besluit eindelijk meer duidelijkheid geboden.

Zelfstandig of niet?
Of BTW berekend moet worden hangt af van de vraag of er sprake is van zelfstandigheid van de commissaris of andere toezichthouder ten aanzien van de toezichthoudende werkzaamheden. Dit is vaak niet het geval, wat betekent dat dan geen BTW in rekening hoeft te worden gebracht.

Eerdere uitspraken
Het besluit ligt in het verlengde van eerdere uitspraken van het Europese Hof en de Hoge Raad. In deze zaken hadden de toezichthouders geen individuele taken of verantwoordelijkheden, handelden ze ook niet op eigen naam, voor eigen rekening of verantwoordelijkheid en liepen ze geen economisch risico. Ze waren dan ook niet zelfstandig en hoefden geen btw te berekenen.

Specifieke organen
Het besluit noemt een aantal concrete organen waarbij in het algemeen geen sprake zal zijn van zelfstandigheid. Het betreft:

  • toezichthoudende organen met wettelijke grondslag in publiek- of privaatrecht (o.a. NV, BV, (bedrijfstak)pensioenfonds);
  • toezichthoudende organen zonder wettelijke grondslag in publiek- of privaatrecht vergelijkbaar met NV of BV (o.a. stichting en vereniging);
  • bezwaaradviescommissies en adviescolleges met wettelijke taak;
  • toetsingscommissies, geschillencommissies en vergelijkbare commissies.

Let op! In het algemeen zal in voorgaande situaties geen sprake zijn van zelfstandigheid, maar de beoordeling of wel of niet sprake is van zelfstandigheid blijft altijd een feitelijke beoordeling. Beoordeel daarom altijd, onder meer aan de hand van de statuten en de op de statuten gebaseerde reglementen, of wel of geen sprake is van zelfstandigheid van de commissaris of andere toezichthouder.

Terugwerkende kracht
Het besluit heeft terugwerkende kracht tot 13 juni 2019, de datum van de uitspraak van het Europese Hof. Voor werkzaamheden waarbij na deze datum BTW is berekend en deze is verrekend door de afnemer, hoeft dit niet met terugwerkende kracht gecorrigeerd te worden.

Tip! Een organisatie met (deels) BTW-vrijgestelde prestaties heeft in het verleden de BTW die een commissaris of andere toezichthouder berekende, niet (geheel) in aftrek kunnen brengen. Blijkt nu dat de commissaris of andere toezichthouder ten onrechte BTW berekende omdat de zelfstandigheid ontbreekt? Dan kan het voor de organisatie een financieel voordeel opleveren als de commissaris of andere toezichthouder met terugwerkende kracht de ten onrechte afgedragen BTW bij de Belastingdienst terugvraagt en doorstort naar de organisatie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-27T09:16:29+02:0027 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Meer duidelijkheid over berekenen BTW bij commissaris

  • Nieuwe meetmethode BPM niet strijdig met Europees recht

Nieuwe meetmethode BPM niet strijdig met Europees recht

De Nederlandse BPM op motoren en personenauto’s is gebaseerd op de CO2-uitstoot. De meetmethode hiervoor is in 2017 gewijzigd. Deze wijziging is niet in strijd geweest met het Europees recht, zo oordeelde eerder rechtbank Gelderland.

Zelfde auto, meer BPM
In deze zaak ging het om twee auto’s die identiek waren aan een andere auto maar waarvoor toch een hogere aanslag BPM volgde. Volgens de importeur is dit in strijd met Europees recht, maar de rechter ging hier niet in mee.

Overgangsfase
De wijziging van de meetmethode voor de CO2-uitstoot ging gepaard met een overgangsfase. Tijdens deze overgangsfase werd de CO2-uitstoot op basis van de nieuwe meetmethode (WLTP-methode) teruggerekend naar de uitstoot volgens de oude methode (NEDC-methode).

Hogere CO2-waarde
Uit de feiten bleek dat deze terugrekening in dit geval leidde tot een hogere CO2-waarde. Dit kon in bepaalde gevallen tot een hogere BPM leiden. Dit vanwege het feit dat voor de restvoorraad auto’s de BPM nog volgens de oude NEDC-methode mocht worden bepaald.

Geen ongelijkheid
Volgens de rechtbank leidde dit tussen auto’s binnen en buiten Nederland niet tot verschillen en dus ook niet tot ongelijkheid. De consument kan namelijk ook elders in Europa een auto aanschaffen die uit de restantvoorraad afkomstig is en betaalt dan bij import dezelfde BPM. De naheffingsaanslag BPM bleef dan ook in stand.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-27T09:02:56+02:0027 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe meetmethode BPM niet strijdig met Europees recht

  • Sterke inkomensdaling door Corona? Gebruik de middelingsregeling

Sterke inkomensdaling door Corona? Gebruik de middelingsregeling

Door Corona hebben veel ondernemers een sterke inkomensdaling gehad. Is dat bij jou ook het geval? Dan is er de middelingsregeling. Dat is een regeling voor belastingplichtigen met een wisselend inkomen en kan daarom interessant zijn in deze tijden van wisselende inkomsten door Corona.

Middelingsregeling
De middelingsregeling is een regeling in de inkomstenbelasting waarbij belasting wordt betaald over een gemiddeld inkomen in plaats van het daadwerkelijke inkomen. Dat gemiddelde wordt berekend over een periode van drie aaneengesloten jaren. Omdat het gemiddelde inkomen bij sterk wisselende jaarlijkse inkomens lager ligt resulteert dat in een lager bedrag aan te betalen inkomstenbelasting.

Hoe werkt middeling?
Is het te betalen bedrag over het gemiddelde over een periode van drie aaneengesloten jaren lager dan het bedrag dat daadwerkelijk over die drie jaren is betaald? Dan bestaat recht op teruggave van het teveel betaalde bedrag. Daarbij geldt wel een drempelbedrag van €545 (2021).

Let op! Het recht op teruggave geldt dus alleen voor het bedrag dat uitkomt boven de drempel.

Zelf aanvragen
De Belastingdienst past de middelingsregeling niet zelf toe. Een belastingplichtige moet zelf met een formulier verzoeken om toepassing van de regeling. Een verzoek om middeling moet binnen 36 maanden worden ingediend na afloop van de bezwaartermijn van de definitieve aanslag inkomstenbelasting over het laatste belastingjaar.

Tip! De middelingsregeling heeft geen invloed op ontvangen toeslagen in de opgegeven jaren voor middeling.

Corona
Het jaar 2020 is het jaar dat veel ondernemers voor het eerst door Corona een sterke inkomensdaling hebben gehad. Het is aan te raden om eerst goed na te gaan welke periode van drie aaneengesloten jaren het meest optimaal is voor toepassing van de middelingsregeling.

Let op! De middelingsregeling mag vaker worden aangevraagd maar elk jaar mag maar één keer voor middeling worden gebruikt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-26T09:52:35+02:0026 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Sterke inkomensdaling door Corona? Gebruik de middelingsregeling

  • TVL Q2 verruimd: kiezen tussen twee kwartalen voor bepalen omzetverlies

TVL Q2 verruimd: kiezen tussen twee kwartalen voor bepalen omzetverlies

De referteperiode voor de TVL (Tegemoetkoming Vaste Lasten) voor het tweede kwartaal van dit jaar, van april t/m juni 2021 dus, kent een verruiming. Ondernemers mogen zelf kiezen of ze het omzetverlies vergelijken met het tweede kwartaal van 2019 of met het derde kwartaal van 2020.

Omzetverlies minstens 30%
De keuze kan een belangrijk verschil maken, omdat ondernemers alleen in aanmerking komen voor de TVL bij een omzetverlies van minstens 30%. Ondernemers bij wie het omzetverlies in het tweede kwartaal van 2019 te gering was, kunnen hiermee dus geholpen zijn.

Let op! De extra keuzemogelijkheid heeft wel een keerzijde. Door de extra uitvoeringswerkzaamheden kan de tegemoetkoming waarschijnlijk pas in de tweede helft van juni worden aangevraagd.

TVL
De TVL is een tegemoetkoming voor de vaste lasten van een onderneming die minstens 30% omzetverlies heeft als gevolg van de Coronacrisis. De tegemoetkoming bedraagt in het tweede kwartaal van 2021 100% van de vaste lasten. In het eerste kwartaal van 2021 was dit nog 85%.

Branchecijfers bepalend
De vaste lasten worden overigens bepaald aan de hand van branchecijfers. Daarom kan een onderneming meer of minder vergoeding krijgen dan op basis van de werkelijke vaste lasten.

Opslag detailhandel en reissector vervalt
De extra opslag voor bedrijven in de detailhandel en voor de reisbranche komt in de TVL voor het tweede kwartaal van 2021 te vervallen. De opslag voor de land- en tuinbouwsector van 21% blijft in het tweede kwartaal van 2021 wel bestaan.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-25T10:53:12+02:0025 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

TVL Q2 verruimd: kiezen tussen twee kwartalen voor bepalen omzetverlies

  • Wijziging bijtelling meerdere auto’s pas vanaf 2022

Wijziging bijtelling meerdere auto’s pas vanaf 2022

De Belastingdienst meldde eerder dat de bijtelling voor werknemers met meerdere auto’s van de zaak met ingang van dit jaar wordt gewijzigd. Inmiddels is bekendgemaakt dat vanwege ‘diverse praktijkvragen’ de wijziging met een jaar is opgeschort. Deze wordt nu per 2022 van kracht.

Meerdere auto’s ter beschikking
Werknemers die de beschikking hebben over meerdere auto’s, moeten in beginsel voor iedere auto de bekende bijtelling toepassen.

Hoogste cataloguswaarde
Er zijn echter uitzonderingen, bijvoorbeeld wanneer het gaat om een alleenstaande werknemer of wanneer men in het gezin van de werknemer maar over één rijbewijs beschikt. Staan meerdere auto’s ter beschikking en hoeft niet voor iedere auto de bijtelling te worden toegepast, dan moet men nu uitgaan van de auto of auto’s met de hoogste cataloguswaarde. Vanaf 2022 wordt dit dus anders.

Hoogste bijtelling
Vanaf 2022 dient men uit te gaan van de auto of auto’s met de hoogste bijtelling. Dat hoeft dus niet een auto te zijn met de hoogste cataloguswaarde. Bijvoorbeeld wanneer een auto elektrisch is en de andere niet.

Stel dat een werknemer de beschikking heeft over twee auto’s, een elektrische met een cataloguswaarde van €50.000 en een niet-elektrische met een cataloguswaarde van €40.000. Als de auto’s dit jaar voor het eerst op kenteken zijn gezet, bedraagt de bijtelling voor de elektrische auto €40.000 x 12% + €10.000 x 22% = €4.800 + €2.200 = €7.000. Voor de niet-elektrische auto bedraagt de bijtelling €40.000 x 22% = €8.800. Dit jaar moet men dus nog uitgaan van €7.000. De elektrische auto heeft immers de hoogste cataloguswaarde. Vanaf volgend jaar wordt de bijtelling €8.800, de hoogste bijtelling van de twee.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-21T09:31:53+02:0021 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wijziging bijtelling meerdere auto’s pas vanaf 2022

  • Ook vergoeding voor zelf betaalde kinderopvang

Ook vergoeding voor zelf betaalde kinderopvang

Ouders die geen kinderopvangtoeslag krijgen en de opvang van hun kinderen dus zelf betalen, kunnen een tegemoetkoming krijgen voor de kosten tijdens sluiting van de opvang vanwege Corona. De ouders kunnen de vergoeding vanaf 15 mei aanvragen.

Sluiting kinderopvang
Vanwege Corona is de kinderopvang gedurende het voorjaar van 2020 en in de periode december vorig jaar tot februari van dit jaar gesloten geweest. Tijdens deze periodes moesten de kosten van opvang wel worden doorbetaald. De tegemoetkoming is bedoeld om deze kosten te compenseren.

Doelgroep
De compensatie komt vooral terecht bij gezinnen waarvan niet allebei de ouders werken. Dan bestaat in de regel namelijk geen recht op de kinderopvangtoeslag. Het betreft zo’n 4.800 gezinnen.

Aanvragen
Ouders kunnen de compensatie aanvragen bij de sociale verzekeringsbank (SVB). Ze moeten hiervoor een aanvraagformulier indienen, een verklaring van de kinderopvangorganisatie bijvoegen alsmede de facturen. Aanvragen kunnen worden ingediend van 15 mei tot en met 15 juli 2021. Binnen acht weken wordt op de aanvraag beslist.

Hoogte vergoeding
De kosten worden vergoed tegen de maximum uurprijs zoals opgenomen in het Besluit kinderopvangtoeslag. Dit betekent dat degenen die minder hebben betaald dan het maximum, via de tegemoetkoming iets meer ontvangen dan er is betaald.

Onbekend
Voor ouders die wel kinderopvangtoeslag krijgen bestaat al een tegemoetkoming in de kosten. Deze wordt automatisch verstrekt, op basis van de gegevens die bij de Belastingdienst bekend zijn. Ouders die geen kinderopvangtoeslag krijgen zijn echter niet bekend bij de Belastingdienst en moeten de tegemoetkoming dus zelf aanvragen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-20T09:11:58+02:0020 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Ook vergoeding voor zelf betaalde kinderopvang
  • Wettelijk minimumloon per 1 juli 2021 verhoogd

Wettelijk minimumloon per 1 juli 2021 verhoogd

Het wettelijk minimumloon wordt halfjaarlijks aangepast. Per 1 juli 2021 wordt het verhoogd naar €1701,00 bruto per maand, €392,55 per week en €78,51 per dag. Het minimumloon per uur hangt af van het aantal uren dat de fulltime werkweek binnen de organisatie bedraagt.

Vaste percentages voor jongere werknemers
Alle werknemers die het minimumloon betaald krijgen, gaan er 0,96 % op vooruit. De bedragen gelden voor werknemers die fulltime werken.

Leeftijd  Per maand  Per week  Per dag
21 jaar en ouder 100% € 1701,00 € 392,55 € 78,51
20 jaar 80% € 1360,80 € 314,05 € 62,81
19 jaar 60% € 1020,60 € 235,55 € 47,11
18 jaar 50% € 850,50 € 196,30 € 39,26
17 jaar 39,5% € 671,90 € 155,05 € 31,01
16 jaar 34,5% € 586,85 € 135,45 € 27,09
15 jaar 30% € 510,30 € 117,75 € 23,55

Het brutominimumloon per uur bij een normale arbeidsduur voor een fulltime dienstverband:

Leeftijd  36 uur per week  38 uur per week  40 uur per week
21 jaar en ouder € 10,91 € 10,34 € 9,82
20 jaar € 8,73 € 8,27 € 7,86
19 jaar € 6,55 € 6,20 € 5,89
18 jaar € 5,46 € 5,17 € 4,91
17 jaar € 4,31 € 4,09 € 3,88
16 jaar € 3,77 € 3,57 € 3,39
15 jaar € 3,28 € 3,10 € 2,95

Voor parttimers loon naar rato
Werkt een werknemer minder dan fulltime, dan geldt ook een lager minimumloon. Dat is afhankelijk van wat de organisatie als fulltime werkweek hanteert.

Voor BBL gelden andere percentages
Voor werknemers van 18 tot en met 20 jaar die werken op basis van een arbeidsovereenkomst in verband met een beroepsbegeleidende leerweg (BBL), gelden andere percentages.

Leeftijd  Per maand  Per week  Per dag
20 jaar 61,50% € 1046,10 € 241,40 € 48,28
19 jaar 52,50% € 893,05 € 206,10 € 41,22
18 jaar 45,50% € 773,95 € 178,60 € 35,72

Het brutominimumloon per uur bij een normale arbeidsduur voor een fulltime dienstverband:

Leeftijd  36 uur per week  38 uur per week  40 uur per week
20 jaar € 6,71 € 6,36 € 6,04
19 jaar € 5,73 € 5,43 € 5,16
18 jaar € 4,97 € 4,70 € 4,47

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

 

Door |2021-05-19T09:54:37+02:0019 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wettelijk minimumloon per 1 juli 2021 verhoogd

  • Maak tijdig bezwaar tegen box 3 2020

Maak tijdig bezwaar tegen box 3 2020

Ook de bezwaren tegen de box 3-heffing in de inkomstenbelasting 2020 zijn weer aangewezen als massaal bezwaar. Eerder gebeurde dit al voor de jaren 2017-2019. Wil je aansluiten bij de massaalbezwaarprocedure, dan moet je tijdig bezwaar maken.

Achtergrond
In 2019 oordeelde de Hoge Raad dat de box 3-heffing in 2013 en 2014 op stelselniveau te hoog was. Reparatie hiervan liet de Hoge Raad echter aan de wetgever. De Belastingdienst vindt dat de wetgever op stelselniveau aan de opdracht van de Hoge Raad heeft voldaan omdat vanaf 2017 de box 3-heffing is aangepast. Daar is niet iedereen het mee eens, zodat voor de jaren 2017 en later weer nieuwe procedures zijn opgestart.

Massaalbezwaarprocedures
Bezwaren tegen box 3 zijn voor de jaren 2017-2019 al eerder en nu dus ook voor het jaar 2020 weer aangewezen als massaalbezwaarprocedure. Iedereen die tijdig bezwaar indient tegen box 3, kan aansluiten bij deze procedures. Voorwaarde is dat het bezwaar op tijd is. Verder kan dan alleen het standpunt worden ingenomen dat de heffing in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM.

Kansen
De vraag is uiteraard wat de kansen zijn in deze procedures. De kans dat de Hoge Raad voor de jaren 2017, 2018, 2019 en 2020 wel overgaat tot vermindering van de box 3-heffing, waar dat voor de jaren 2013 en 2014 niet gebeurd is, wordt niet zo groot geacht. Daar staat echter tegenover dat het deelnemen aan de massaalbezwaarprocedure relatief eenvoudig is. Je hoeft daarvoor alleen tijdig bezwaar in te dienen en niet zelf de beroepsprocedure te doorlopen.

Let op! Wil je dat wij bezwaar maken tegen de box 3-heffing 2020? Dat kan dat pas na ontvangst van de definitieve aanslag inkomstenbelasting 2020. Neem daarna zo spoedig mogelijk contact met ons op. Een bezwaar is namelijk alleen tijdig als dit binnen zes weken na dagtekening van de definitieve aanslag inkomstenbelasting is ingediend.

Individuele en buitensporige last
Je kunt ook het standpunt innemen dat voor jou sprake is van een individuele en buitensporige last. Uit het oordeel van de Hoge Raad in 2019 kan namelijk afgeleid worden dat als in een individueel geval de box 3-heffing voor een belastingplichtige een individuele en buitensporige last vormt, de box 3-heffing wel verminderd zou kunnen worden.

Let op! Houd er rekening mee dat je hierover individueel moet procederen. Je kunt dan niet mee in de massaalbezwaarprocedures.

Van een individuele en buitensporige last zal niet heel snel sprake zijn. Grofweg zou de totale aanslag (inclusief de box 3-heffing) hoger moeten zijn dan het totale inkomen, wil mogelijk sprake zijn van een individuele en buitensporige last.

Tip! Maakte je in de jaren 2017, 2018 of 2019 al bezwaar tegen box 3? Dan geldt dat niet automatisch voor 2020. Je moet dus voor dit jaar opnieuw bezwaar maken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-18T10:20:23+02:0018 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Maak tijdig bezwaar tegen box 3 2020

  • Geef vóór 1 juni omzetverlies voor TVL door

Geef vóór 1 juni omzetverlies voor TVL door

Heb je vorig jaar voor de periode juni-september TVL aangevraagd en gekregen, dan moet je vóór 1 juni 2021 jouw definitieve omzetverlies doorgeven aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Aan de hand hiervan bepaalt de RVO de definitieve tegemoetkoming.

Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL)
De TVL vergoedde destijds 50% van de vaste lasten, vanaf een omzetverlies van 30%. De vergoeding liep op, naarmate ook het omzetverlies toenam. Voor de bepaling van de vaste lasten werden branchecijfers gebruikt.

Voorschot
Ondernemers ontvingen destijds een voorschot van 80% op basis van het geschatte omzetverlies. Het werkelijke omzetverlies bepaalt de definitieve tegemoetkoming. Ondernemers ontvangen een e-mail om dit omzetverlies vóór 1 juni te melden.

Na- of terugbetaling
Op basis van de definitieve tegemoetkoming volgt een nabetaling van het restantbedrag. Wanneer te veel omzetverlies is geschat, kan het ook voorkomen dat een deel van de TVL moet worden terugbetaald.

Let op! Wanneer terugbetalen van te veel ontvangen TVL moeilijkheden oplevert, kun je om een betalingsregeling verzoeken. Deze bedraagt standaard 6 of 12 maanden. Je kunt ook om een andere regeling verzoeken. De RVO neemt dan contact met je op.

BTW-aangifte
Voor de definitieve berekening van de TVL verzoekt de RVO je bij voorkeur gebruik te maken van de BTW-aangiftes in die periode.

Controle
De RVO kan achteraf controle uitoefenen op de betaalde bedragen. Daarbij kunnen zij je vragen om bewijsmateriaal inzake het omzetverlies aan te leveren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-05-17T10:40:36+02:0017 mei 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Geef vóór 1 juni omzetverlies voor TVL door