Werkgever

  • Voor 1 jul 2026 CO2-rapportage vervoer werknemers 2025

Voor 1 jul 2026 CO2-rapportage vervoer werknemers 2025

Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM) 

Werkgevers met 100 of meer werknemers zijn vanaf 1 juli 2024 verplicht te rapporteren over het zakelijke verkeer én het woon-werkverkeer van hun werknemers. Deze verplichting staat bekend onder de naam ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’, WPM. 

Afschaffing voor bedrijven tot 250 werknemers 

Voor bedrijven tot 250 werknemers wordt de rapportageverplichting hoogstwaarschijnlijk afgeschaft. Nadat de Tweede Kamer daar op 15 april 2025 een motie over aannam, werd het voornemen tot afschaffing op 20 november 2025 aangekondigd. Daarna werd op 2 februari 2026 het besluit met de afschaffing ter internetconsultatie aangeboden.  

Nog niet voor rapportage 2025 

De afschaffing wordt voorgesteld met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026. Als het voorstel doorgaat betekent dit dat bedrijven tot 250 werknemers over het jaar 2026 geen rapportageverplichting meer hebben. 

Over het jaar 2025 moeten zij, als ze minimaal 100 werknemers hebben, echter nog wel rapporteren. Deze rapportage moet uiterlijk 30 juni 2026 ingeleverd zijn. 

Tip! Kijk voor meer informatie over de rapportageverplichting op RVO.nl

Door |2026-06-23T17:01:07+02:0011 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Voor 1 jul 2026 CO2-rapportage vervoer werknemers 2025
  • Subsidie werkgevers bij inzet statushouders

Subsidie werkgevers bij inzet statushouders

SOWIS

De SOWIS is bedoeld om de kosten te dekken van de extra begeleiding van statushouders die nodig is om de taal- en cultuurverschillen op de werkvloer te verkleinen. Een statushouder is een vluchteling met een asiel verblijfsvergunning voor bepaalde of onbepaalde tijd. 

Voorwaarden 

Voor de subsidie gelden een aantal voorwaarden. Zo moet je de statushouder een arbeidsovereenkomst aanbieden van minimaal 20 uur per week voor minimaal een jaar. Verder mag de statushouder op het moment van aanvraag van de SOWIS maximaal zes maanden bij je in dienst zijn. 

Tip! De aanvraagprocedure en aanvraagcriteria kun je hier vinden. Onderdeel van de aanvraagcriteria is dat je een activiteitenplan moet maken. Het Ministerie van SZW heeft een format en een handreiking ontwikkeld voor een te hanteren activiteitenplan. 

Hoogte subsidie 

Je kunt voor maximaal 8 statushouders SOWIS aanvragen. Per statushouder bedraagt de subsidie € 3.000. Als je voor het eerst SOWIS aanvraagt, ontvang je een eenmalige aanvullende subsidie van € 3.000. 

Let op! Alle activiteiten waarvoor je de SOWIS ontvangt, moet je binnen 2 jaar na de subsidieverlening afronden. 

Aanvraagperiode 

Je kunt de SOWIS aanvragen van 8 juni 2026 9.00 uur tot en met 30 september 2026 17.00 uur via deze website. In deze periode kun je één keer een aanvraag doen. Wil je in 2026 voor meer dan één statushouder subsidie aanvragen, combineer dat dan in één aanvraag. 

Let op! In totaal is er € 2.000.000 budget beschikbaar. Wacht niet te lang met aanvragen van de SOWIS. De aanvragen worden toegekend op volgende van binnenkomst.  

Door |2026-06-23T17:01:07+02:009 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Subsidie werkgevers bij inzet statushouders
  • SLIM-subsidie samenwerkingsverband vanaf 22 juni 2026

SLIM-subsidie samenwerkingsverband vanaf 22 juni 2026

SLIM-subsidie 

Via de SLIM-subsidie wordt leren en ontwikkelen op de werkvloer gestimuleerd. Zo kun je SLIM-subsidie krijgen voor de kosten van een adviseur die een scholings- en ontwikkelingsplan maakt voor je bedrijf of je personeel loopbaan- en ontwikkeladvies geeft. Maar ook projecten om je personeel te stimuleren om hun kennis, vaardigheden en beroepshouding verder te ontwikkelen vallen onder de SLIM-subsidie. 

Maximaal € 500.000 

Een samenwerkingsverband moet uit minimaal twee mkb-ondernemingen bestaan. Samenwerkingsverbanden krijgen maximaal € 500.000 subsidie per aanvraag. Per samenwerkingspartner bedraagt het maximum € 200.000. Over het algemeen is de subsidie 60% van de subsidiabele kosten. Voor elke afgerond loopbaan- of ontwikkelingstraject geldt een vast subsidiebedrag van € 700. 

Let op!Het beschikbare budget voor samenwerkingsverbanden bedraagt € 6.000.000. Als er te veel aanvragen worden ingediend, wordt de subsidie toegedeeld via loting. 

Aanvraagtijdvak

Het aanvraagtijdvak voor de SLIM-subsidie voor samenwerkingsverbanden zou eigenlijk aanvangen op 8 juni 2026 9.00 uur. De start van het aanvraagtijdvak is echter verplaatst naar 22 juni 2026 9.00 uur. Het aanvraagtijdvak voor samenwerkingsverbanden sluit op 20 juli 2026 17.00 (oorspronkelijk was de sluitingsdatum 6 juli 2026 17.00 uur). 

Let op! Het eerste aanvraagtijdvak voor individuele mkb-ondernemingen sloot op 4 mei 2026. Individuele mkb-ondernemingen hebben nog een tweede aanvraagtijdvak van 10 augustus 2026 9.00 tot en met 7 september 2026 9.00 uur. Samenwerkingsverbanden hebben geen tweede aanvraagtijdvak in 2026. 

Aanvragen 

Voordat je de SLIM-subsidie kunt aanvragen, moet je je eerst registreren. Dit kan via website van Uitvoering van Beleid. Houd er rekening mee dat je de nodige formulieren moet meesturen, zoals een activiteitenplan en een begroting. 

Let op! Voor de aanvraag is eHerkenning niveau 3 nodig.

Door |2026-06-23T17:01:08+02:009 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor SLIM-subsidie samenwerkingsverband vanaf 22 juni 2026
  • Zorgplicht uitleners voor juiste inschrijving Basisregistratie Personen

Zorgplicht uitleners voor juiste inschrijving Basisregistratie Personen

Deze plicht geldt vanaf 2027 voor uitleners, zoals uitzendbureaus, detacheerders en payrollbedrijven. 

Onjuiste registratie Basisregistratie Personen 

In veel gevallen staan arbeidsmigranten onjuist geregistreerd in de BRP. Arbeidsmigranten die langer dan 4 maanden in Nederland willen blijven, zijn verplicht zich binnen 5 dagen na aankomst als ingezetene laten inschrijven in de gemeente waar ze gaan wonen. Deze verplichting is niet bij alle arbeidsmigranten bekend. Hierdoor is hun woonadres onduidelijk en lopen ze mogelijk rechten mis. 

Zorgplicht uitleners 

Daarom wil het kabinet toe naar een zorgplicht rondom de registratie van alle arbeidskrachten in de BRP. De zorgplicht valt uiteen in een bevorderings- en een vergewisplicht. Deze plichten zijn al opgenomen in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi), welke in 2027 in werking treedt. De verplichting is in de internetconsultatie nader uitgewerkt. 

Let op!De verplichting gaat gelden voor de meest kwetsbare groepen: de arbeidsmigranten die minder dan 150% van het wettelijk minimumloon verdienen. 

Bevorderings-en vergewisplicht 

Uitleners moeten arbeidskrachten straks in een voor hen begrijpelijke taal informeren over de verplichtingen op het gebied van registratie in de BRP. 

De uitlener moet daarnaast nagaan of de arbeidskracht ook uiteindelijk als ingezetene bij zijn woongemeente staat ingeschreven. Hierover komen nadere regels via het toelatingsstelsel voor uitleners (Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten). Dit gebeurt pas nadat het toelatingsstelsel volledig is ingericht en de capaciteit van inspectie-instellingen voldoende is. 

Let op! Beide verplichtingen gaan alleen voor uitleners gelden, niet voor andere ondernemers. 

Informatievoorziening 

De overheid gaat vanaf de zomer 2026 arbeidsmigranten via mails wijzen op correcte registratie in de BRP. Arbeidsmigranten kunnen ook regionaal bij fysieke WorkinNL-informatiepunten terecht met vragen over de registratie. 

Door |2026-06-23T17:01:08+02:008 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Zorgplicht uitleners voor juiste inschrijving Basisregistratie Personen
  • Gebruik van AI op de werkvloer

Gebruik van AI op de werkvloer

AI op de werkvloer 

Werknemers maken graag en veel gebruik van de vele mogelijkheden die AI biedt. Vaak ontbreekt een beleid over hoe om te gaan met AI. Dat dit niet zonder risico is blijkt uit twee rechtbankuitspraken. 

Social media posts 

In een rechtszaak die voorkwam bij Rechtbank Overijssel verzorgde een marketing medewerkster de social media posts voor klanten van haar werkgever. Haar werkgever was echter niet tevreden over haar functioneren: ze kwam vaak te laat en liet de posts op social media door AI opstellen. Klanten waren niet tevreden over (het niveau van) haar werk. Dit had tot gevolg dat de werkgever omzetschade had geleden omdat klanten naar de concurrent overstapten of weigerden de facturen te betalen. 

De werkgever wilde de schade op de werkneemster verhalen. Dit is echter alleen mogelijk bij opzet dan wel bewuste roekeloosheid. Dat was hier niet aan de orde. Bovendien kon de werkgever niet hard maken dat er klanten waren vertrokken en dat hij omzetschade had geleden. Verder bleek nergens uit dat hij de werkneemster op haar gedrag had aangesproken of dat er instructies of vereisten waren gedeeld waaraan de social mediaposts moesten voldoen.  

De werkgever mocht de schade dus niet op de werkneemster verhalen. Hij had dit dan ook ten onrechte verrekend met haar loon. 

Vragen aan ChatGPT 

In een zaak bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant had een recruitment consultant een conflict over zijn re-integratie. Zijn werkgever had hem op staande voet ontslagen, omdat hij via zijn bedrijfslaptop aan ChatGPT had gevraagd hoe hij een hoge ontslagvergoeding kon vorderen van zijn werkgever. 

De werkgever had in de ontslagbrief de werknemer het verwijt gemaakt dat hij met de in ChatGPT ingevoerde informatie zijn geheimhoudingsplicht had geschonden. Nergens was echter uit gebleken dat de werknemer bedrijfsgeheimen van de werkgever had gedeeld. De werknemer had alleen informatie gedeeld over zijn arbeidsrelatie met de werkgever. Dit handelen van de werknemer was in beperkte mate verwijtbaar en niet voldoende voor een ontslag op staande voet. 

AI beleid 

Organisaties zijn sinds 2 februari 2025 op grond van de AI-Verordening al verplicht te zorgen voor voldoende ‘AI-geletterdheid’ onder werknemers, zodat ze verantwoord AI kunnen gebruiken. Dit betekent dat werkgevers een informatieplicht hebben naar hun werknemers over de sociale, ethische en praktische aspecten van AI gebruik. 

Het is dus van belang een specifiek AI beleid te hebben waarin staat wat wel en niet is toegestaan.

Tip! De Autoriteit Persoonsgegevens heeft hierover een praktische leidraad gepubliceerd ‘Aan de slag met AI-geletterdheid’. Ook de Rijksoverheid heeft een ‘Gids AI-Verordening’ gemaakt over AI gebruik. 

Door |2026-06-23T17:01:08+02:008 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Gebruik van AI op de werkvloer
  • Welk loon is belastingvrij bij een overlijden?

Welk loon is belastingvrij bij een overlijden?

Belastingvrije uitkering bij overlijden 

Bij een overlijden van een werknemer mag een werkgever een eenmalige uitkering of verstrekking geven. Deze is onbelast voor zover deze niet meer bedraagt dan drie keer het maandloon van de werknemer. 

Tip! Een dergelijke belastingvrije uitkering mag ook aan de werknemer gegeven worden bij overlijden van zijn partner of zijn kind of pleegkind. 

Wat is het maandloon? 

Aan de Belastingdienst is gevraagd wat het maandloon voor deze regeling is in de volgende situatie. De werkgever kort het loon van een werknemer per 1 augustus tot 70% van zijn brutomaandloon omdat de werknemer meer dan 52 weken ziek is. Op 15 augustus zegt de werkgever aan alle werknemers een verhoging van het brutomaandloon per 1 oktober toe. De werknemer overlijdt op 20 augustus. 

1/12 van het bruto jaarloon 

De Belastingdienst geeft aan dat in beginsel voor de berekening van het maandloon moet worden uitgegaan van 1/12 deel van het vaste brutojaarloon van de werknemer. Dit omvat niet alleen het al genoten loon, maar ook het nog te genieten loon in een jaar. Om die reden moet ook rekening gehouden worden met de verlaging tot 70% van het brutomaandloon én de toegezegde maandloonverhoging per 1 oktober. 

Wat hoort nog meer tot het jaarloon? 

Bij de berekening van het maandloon mag de werkgever ook rekening houden met de maandelijks opgebouwde vakantiebijslag en ander vaste gegarandeerde (bijzondere) beloningen, zoals een dertiende maand. Ook de bijtelling van de auto van de zaak kan meegenomen worden. 

Let op!De werkgever mag geen rekening houden met tantièmes en toevallige bijzondere beloningen. 

Voorbeeld

Het loon van een werknemer bedraagt tot en met juli € 4.000. Per 1 augustus beperkt de werkgever dit loon tot 70% (€ 2.800) omdat de werknemer meer dan 52 weken ziek is. Op 15 augustus zegt de werkgever aan alle werknemers een loonsverhoging toe van 5%. De werknemer overlijdt op 20 augustus. 
Het jaarloon bedraagt in dit geval € 3.535 (1/12 deel van 7 x € 4.000 + 2 * € 2.800 + 3 * € 2.940). De werkgever kan dus een belastingvrije uitkering vanwege het overlijden van de werknemer doen van maximaal € 10.605 (3 x € 3.535). 

Let op!In dit versimpelde voorbeeld is geen rekening gehouden met 1/12 van de vakantiebijslag in het jaar, 1/12 van een eventuele gegarandeerde dertiende maand en een eventuele bijtelling voor een auto van de zaak. In werkelijkheid zou het belastingvrije bedrag dus nog hoger kunnen zijn.

 

Door |2026-06-23T17:01:09+02:004 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Welk loon is belastingvrij bij een overlijden?
  • Wetsvoorstel loontransparantie ingediend

Wetsvoorstel loontransparantie ingediend

Loonkloof mannen en vrouwen

Volgens het CBS verdienden vrouwen in het bedrijfsleven in 2024 gemiddeld 14,5% minder per uur dan mannen. Bij de overheid was dit gemiddeld 4,5% per uur minder. Dit verschil komt vaak doordat vrouwen minder vaak een leidinggevende positie hebben, vaker werkzaam zijn in sectoren waar de lonen wat lager liggen of door verschillen in opleidingsniveau. 

Let op!Ook bij hetzelfde werk verdienden vrouwen gemiddeld 6,1% minder in het bedrijfsleven en 1,7% minder bij de overheid dan mannen. 

Richtlijn 

Het wetsvoorstel ‘implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen’ moet ervoor zorgen dat werknemers meer inzicht krijgen in de loonverschillen tussen mannen en vrouwen. Met het wetsvoorstel wordt de Europese richtlijn Loontransparantie in de Nederlandse wet opgenomen. 

Loontransparantie 

Transparantie begint straks al in de sollicitatiefase. Werkgevers moeten sollicitanten dan tijdig informeren over het salaris of de salarisbandbreedte die bij een functie hoort. Tijdig wil zeggen voordat onderhandelingen over het loon plaatsvinden. Werkgevers mogen daarnaast niet langer aan sollicitanten vragen wat hun huidige salaris is of vroegere salaris was. 

Functiewaarderingssysteem 

In de wet wordt ook opgenomen dat vrouwen en mannen voor gelijke of gelijkwaardige arbeid hetzelfde loon ontvangen. Werkgevers moeten straks een objectief systeem hebben voor het waarderen en indelen van de functies in hun organisatie. Op die manier kan een werknemer zien op basis van welke uitgangspunten hij in een bepaalde schaal is ingedeeld en welke treden hij nog kan doorlopen. Daarnaast moeten werkgevers duidelijk maken hoe hun beloningsbeleid in de praktijk wordt toegepast. Deze criteria moeten objectief, inzichtelijk en uitlegbaar zijn. 

Informatierecht werknemers 

Na invoering van de wet: 

  • mogen werknemers inzage vragen in de criteria voor loon en loonniveaus, en 
  • moeten werknemers op verzoek informatie krijgen over hun eigen loon en de gemiddelde lonen binnen hun functiegroep, uitgesplitst naar geslacht. 

Let op! Werkgevers moeten hun werknemers jaarlijks informeren over deze rechten en hoe zij hiervan gebruik kunnen maken. 

Werkgevers met minimaal vijftig werknemers moeten straks aan werknemers ook makkelijk toegang geven tot de criteria voor de loonontwikkeling. 

Rapportageplicht 

De wet zorgt ervoor dat bedrijven met minimaal 100 werknemers straks regelmatig rapporteren over het loonverschil in hun organisatie. Op de website van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) worden in de toekomst rapportages gepubliceerd van bedrijven die onder de rapportageplicht vallen. 

Let op!Deze rapportages laten alleen zien of er binnen organisaties loonverschillen, uitgedrukt in percentages, bestaan tussen groepen werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk doen. 

Werkgevers met minimaal 250 werknemers moeten deze rapportage straks jaarlijks doen, werkgevers met minimaal 100, maar minder dan 250 werknemers elke drie jaar. 

Ondersteuning werkgevers 

Er komt informatie beschikbaar voor werkgevers over hoe ze om moeten gaan met deze verplichtingen. Momenteel werkt het Ministerie van SZW samen met onder meer vakbonden en werkgeversorganisaties aan voorlichting en hulpmiddelen voor werkgevers.  

Inwerkingtreding 1 januari 2027

 
Als de Tweede en Eerste Kamer instemmen met het wetsvoorstel, is het de bedoeling dat de wet op 1 januari 2027 in werking treedt. Dat lijkt snel, maar eigenlijk had de richtlijn al op 7 juni 2026 in de wet moeten zijn opgenomen. 

Let op! Als de wet ingaat op 1 januari 2027, moeten bedrijven met meer dan 150 werknemers uiterlijk in juni 2028 rapporteren over de loonverschillen in 2027. Werkgevers vanaf 100 tot 150 werknemers hoeven pas voor het eerst te rapporteren in 2031 over de loonverschillen in 2030..

Door |2026-06-23T17:01:10+02:003 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Wetsvoorstel loontransparantie ingediend
  • Compensatie transitievergoeding vervalt volledig vanaf 2027

Compensatie transitievergoeding vervalt volledig vanaf 2027

Dit betekent dat niet alleen de compensatieregeling na langdurige arbeidsongeschiktheid wordt afgeschaft, maar ook de compensatieregeling bij bedrijfsbeëindiging in verband met het bereiken van de AOW-leeftijd of na overlijden.

Na uitstel volledige afschaffing voor alle werkgevers

Het wetsvoorstel dat de compensatie van de transitievergoeding bij langdurige arbeidsongeschiktheid zou beperken tot kleine werkgevers werd al eerder uitgesteld van 1 juli 2026 naar 1 januari 2027. Tot 1 januari 2027 heeft in ieder geval nog elke werkgever recht op die compensatie als aan de voorwaarden wordt voldaan.

Inmiddels heeft de regering echter besloten verder te gaan dan alleen uitstel. In een nota van wijzigingen staat namelijk dat de compensatieregeling voor alle werkgevers wordt afgeschaft per 1 januari 2027. Dus ook voor de kleine werkgevers.

Afschaffing meerdere compensatieregelingen

Verder is in de nota van wijziging opgenomen dat naast het verdwijnen van de compensatie bij langdurige arbeidsongeschiktheid ook de compensatie bij bedrijfsbeëindiging in verband met het bereiken van de AOW-leeftijd of na overlijden, verdwijnt.

Let op! Het recht op transitievergoeding na langdurige arbeidsongeschiktheid, dus na het verstrijken van het opzegverbod, blijft bestaan. De regering is bang dat er anders sprake is van verboden onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte.

Bezuiniging

De regering rekent op een structurele bezuiniging van € 831 miljoen, waarvan € 462 miljoen in 2027. In het coalitieakkoord was nog uitgegaan van structureel € 262 miljoen. In het coalitieakkoord werd overigens alleen gesproken over afschaffing van de compensatieregeling bij langdurige arbeidsongeschiktheid.

Let op! Er wordt nu gevreesd dat veel werkgevers niet over zullen gaan tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst maar de arbeidsovereenkomst slapend zullen laten.

Overgangsrecht

Er komt nog wel overgangsrecht. Zo kunnen werkgevers nog aanspraak maken op compensatie van de transitievergoeding als:

  • de eerste dag na het einde van het opzegverbod tijdens ziekte (de twee jaar, een eventuele verlenging door een loonsanctie niet meegerekend) vóór 1 januari 2027 is, of
  • een kleine werkgever voor 1 januari 2027 bij het UWV voor het eerst toestemming heeft gevraagd om ontslag wegens staking van de onderneming bij overlijden of het bereiken van de AOW-leeftijd. Compensatie wordt daarna nog uitbetaald tot negen maanden na de UWV-toestemming.
Door |2026-06-23T17:01:10+02:002 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Compensatie transitievergoeding vervalt volledig vanaf 2027
  • Aanvragen SLIM-scholingssubsidie weer mogelijk

Aanvragen SLIM-scholingssubsidie weer mogelijk

SLIM-scholingssubsidie

De SLIM-scholingssubsidie is bedoeld om huidige en nieuwe werknemers op te leiden voor een functie in een maatschappelijk cruciale sector. Het gaat daarbij om de sectoren in onder meer het groen, ICT, kinderopvang, onderwijs, schoonmaak, techniek, bouw en energie, transport en logistiek, zorg en welzijn en visserij.

Aanvraagperiode

Werkgever die praktijkgerichte opleidingen aan huidige of nieuwe werknemers aanbieden, kunnen tot en met 31 december 2026 de subsidie aanvragen. Ook geregistreerde gastouderbureaus kunnen in dezelfde periode voor huidige of nieuwe gastouders subsidie aanvragen.

Tip!  Nieuw in 2026 is dat ook bemanningsleden in een vissersmaatschap (maatschapsvissers) de subsidie kunnen aanvragen. Ook zij kunnen dat tot en met 31 december 2026.

Collectieven die bestaan uit ten minste een O&O-fonds en/of een of meer werkgeversverenigingen en een of meer werknemersverenigingen, kunnen de subsidie van 1 september tot en met 16 oktober 2026 aanvragen.

Let op! Aanvragen kan via het subsidieportaal Uitvoering Van Beleid.

Voorwaarden en ontwikkelpaden

Er geldt een aantal voorwaarden. Zo mogen bijvoorbeeld aan de leerlingen geen kosten in rekening worden gebracht. Op deze website vind je de aanvraagprocedure en aanvraagcriteria terug in een stappenplan.

In 2026 is verduidelijkt dat scholing die al is ingekocht of aangevraagd voordat deze voor het eerst subsidiabel werd, niet voor subsidie in aanmerking komt. De factuurdatum is daarbij leidend.

Tip! Kijk voor de andere wijzigingen met ingang van 2026 hier

Ontwikkelpaden

De opleiding moet onderdeel uitmaken van een functie of specialisatie uit een van de Ontwikkelpaden. Deze zijn gepubliceerd op Rijksoverheid.nl.

Let op! De hoogte van de subsidie is terug te vinden in de Ontwikkelpaden. De hoogte is afhankelijk van het NLQF-niveau. Bij niveau 1, 2 of 3 en bij keuzedelen met een certificaat in het mbo bedraagt de subsidie 90% van de kosten voor scholing, bij niveau 4 40%.

Meer informatie

Meer informatie vind je terug op de website Uitvoering Van Beleid van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Hier tref je ook vragen en antwoorden aan.

Door |2026-06-23T17:01:10+02:002 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Aanvragen SLIM-scholingssubsidie weer mogelijk
  • Wetsvoorstel personeelsbehoud bij crisis

Wetsvoorstel personeelsbehoud bij crisis

Doel wet

Het doel van de wet is werkgevers meer mogelijkheden te geven om personeel te behouden in toekomstige crisissituaties zoals een pandemie, uitval van vitale infrastructuur, oorlogssituaties of uitzonderlijke weersomstandigheden.

Instrumenten 

De instrumenten waarover werkgevers na invoering van de wet de beschikking krijgen zijn:

  • de mogelijkheid tot herplaatsing van werknemers, en
  • de mogelijkheid tot een lagere loondoorbetaling over tijd die door de crisis niet gewerkt kan worden.

Let op! Beide instrumenten vereisen een aanvraag bij het UWV.

Algemene voorwaarden

De werkgever moet aantonen dat de onderneming daadwerkelijk door een crisis is geraakt.  De bedrijven moeten gedurende minimaal twee maanden tenminste 20% minder werk hebben. Ze kunnen dan gedurende maximaal zes maanden gebruikmaken van de instrumenten.

Let op! De OR, de personeelsvertegenwoordiging of de personeelsvergadering moeten advies kunnen uitbrengen over het gebruik van de instrumenten.

Herplaatsing in ander werk

Als werkgevers voldoen aan de voorwaarden, mogen werkgevers hun werknemers tijdelijk herplaatsen in ander werk. Wel zijn ze dan verplicht het loon te blijven doorbetalen. 

Minder loon

Een andere optie is als werknemers niet herplaatst kunnen worden. Werkgevers kunnen dan hun werknemers 10% minder loon betalen over de uren die door de crisis niet gewerkt kunnen worden.

In deze situatie kan de werkgever vervolgens loonsubsidie aanvragen bij het UWV. Het UWV kent dan een subsidie toe van 65% van de loonkosten over de niet-gewerkte uren verhoogd met een opslag voor werkgeverslasten. De loonkosten die dan nog overblijven (25%) zijn voor rekening van de werkgever. Voor werknemers met een lager loon geldt een alternatieve berekening op basis van 75% van het wettelijk minimumloon. Op die manier dragen zowel de overheid, de werkgever, als ook de werknemer bij om crisissituaties het hoofd te bieden.

Let op!Er wordt gebruikgemaakt van gegevens uit de polisadministratie van UWV, wat grote nabetalingen of terugvorderingen moet voorkomen.

Snel duidelijkheid

De minister van Werk en Participatie krijgt de mogelijkheid om bij een grote crisis criteria vast te stellen waardoor snel duidelijk wordt welke bedrijven geraakt zijn. Denk hierbij aan het vaststellen van postcodes na een overstroming of aan het aanwijzen van sectoren die geraakt worden door een opgelegde sanctie van een buitenlandse overheid. Dit bespaart het UWV werk omdat niet elke aanvraag getoetst hoeft te worden.

Invoering

Het wetsvoorstel moet nog door de Tweede en de Eerste Kamer worden aanvaard. Als beide Kamers instemmen, kan het wetsvoorstel op 1 januari 2029 in werking treden.

Door |2026-06-23T17:01:11+02:001 juni 2026|Reacties uitgeschakeld voor Wetsvoorstel personeelsbehoud bij crisis