Nieuws

  • Recht uitzendkracht op hogere transitievergoeding

Recht uitzendkracht op hogere transitievergoeding

Hoe moet bij uitzendkrachten het arbeidsverleden worden bepaald voor de berekening van de hoogte van de transitievergoeding? Die vraag stond onlangs centraal bij een zaak die diende voor de kantonrechter Zaanstad. De uitzendkrachten kregen door de rechtszaak een veel hogere transitievergoeding.

Het ging hier om zes uitzendkrachten die als buschauffeur werkten en na een half jaar hun baan kwijt raakten. Het uitzendbureau betaalde daarop een kleine transitievergoeding van een paar honderd euro. De uitzendkrachten waren het hier niet mee eens. Ze verrichtten datzelfde werk namelijk al veel langer, sommigen zelfs al sinds 2009, voor verschillende opeenvolgende uitzendbureaus én onderaannemers van Connexxion. Ze spanden dan ook een procedure aan.

Uitzendkrachten krijgen gelijk
De chauffeurs vonden de kantonrechter aan hun zijde, die bepaalde dat het totale arbeidsverleden moest worden meegeteld. Dat geldt in het kader van opvolgend werkgeverschap sowieso voor de diensttijd bij de vorige werkgevers vanaf 1 juli 2015. De definitie van opvolgend werkgeverschap is met ingang van 1 juli 2015 verruimd. Van opvolgend werkgeverschap is nu sprake bij op elkaar volgende arbeidsovereenkomsten tussen een werknemer en verschillende werkgevers die, ongeacht of inzicht bestaat in de hoedanigheid en geschiktheid van de werknemer, ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijs geacht moet worden elkaars opvolger te zijn.

Recht op hogere transitievergoeding
Voor het opvolgend werkgeverschap gold voor 1 juli 2015 een beperkter begrip. Voor de werkgeverswisselingen die hebben plaatsgevonden voor 1 juli 2015 geldt dat niet alleen sprake moet zijn van dezelfde werkzaamheden, maar ook dat tussen de nieuwe werkgever en de vorige werkgevers zodanige banden bestaan dat het door de vorige werkgever op grond van zijn ervaringen met de werknemer verkregen inzicht in diens hoedanigheden en geschiktheid in redelijkheid ook moet worden toegerekend aan de nieuwe werkgever. De buschauffeurs hebben vervolgens voldoende toegelicht en aangetoond dat zij vanaf 2009, 2010, 2011 en 2013 altijd op dezelfde manier en (nagenoeg) onafgebroken hebben gewerkt als buschauffeur voor Connexxion. Dit betekende dat ze recht hadden op een veel hogere transitievergoeding. De brutobedragen variëren tussen €8.398 en €11.111. In totaal gaat het om een nabetaling van €58.781.

In geval van faillissement
Interessant is dat het niet uitmaakt dat het uitzendbureau Workbus de chauffeurs in maart 2020 heeft overgenomen van het failliete vervoersbedrijf TCR (onderaannemer van Connexxion). De wet maakt voor opvolgend werkgeverschap geen uitzondering in geval van faillissement. De bedoeling van de wet is juist dat ook sprake is van opvolgend werkgeverschap na een faillissement van een vorige werkgever en een ‘doorstart’.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-26T10:07:54+02:0026 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Recht uitzendkracht op hogere transitievergoeding
  • Zonder inschrijving KvK geen TOZO

Zonder inschrijving KvK geen TOZO

Als je niet als ondernemer staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel heb je geen recht op de TOZO, aldus de rechtbank in Amsterdam. Er bestaat ook geen mogelijkheid om dan via een hardheidsclausule toch voor de TOZO in aanmerking te komen.

TOZO
De Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers (TOZO) is een tegemoetkoming voor ondernemers die financieel getroffen worden door de maatregelen inzake het Coronavirus. De TOZO bestaat uit de mogelijkheid tot een uitkering voor levensonderhoud en voor een lening voor bedrijfskapitaal.

Voorwaarden luisteren nauw
In een zaak die onlangs gevoerd werd voor de rechtbank in Amsterdam, bleek dat de voorwaarden voor de TOZO nauw luisteren. Een ondernemer werkte als match-agent voor de internationale voetbalbond FIFA. Hiervoor is een licentie van de FIFA-vereist, maar geen inschrijving bij de Kamer van Koophandel.

Inschrijving vereist voor TOZO
De inschrijving bij de Kamer van Koophandel is echter wel vereist voor het aanvragen van de TOZO. Alleen ondernemers die vóór 17 maart 2020 bij de Kamer van Koophandel stonden ingeschreven, komen voor de TOZO in aanmerking. Volgens de rechtbank kan van deze eis niet worden afgeweken.

Voorschot terugbetalen
De TOZO wordt door gemeentes in eerste instantie verstrekt als voorschot. Voor deze ondernemer betekende de beslissing van de rechtbank dat hij de verstrekte voorschotten moest terugbetalen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-23T10:14:52+02:0023 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Zonder inschrijving KvK geen TOZO
  • Minder belasting betalen bij zorg kind na echtscheiding?

Minder belasting betalen bij zorg kind na echtscheiding?

Ouders die na een echtscheiding de zorg voor een of meer kinderen jonger dan 12 jaar verdelen en daarnaast werken, kunnen beiden recht hebben op de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK).

Er wordt dan al snel gesproken over co-ouderschap. De zorg voor het kind of de kinderen moet dan min of meer gelijkelijk tussen beide ouders worden verdeeld. Als dat onvoldoende gebeurt, is er in fiscale zin geen sprake van co-ouderschap en mist een van beide ouders mogelijk de IACK.

IACK
De IACK bedraagt dit jaar in beginsel 11,45% van het arbeidsinkomen boven €5.153, met een maximum van €2.815. Je moet wel ten minste €5.153 verdienen of, wanneer je ondernemer bent, recht hebben op de zelfstandigenaftrek.

Voorwaarden IACK
Verder gelden voor de IACK in 2021 de volgende voorwaarden:

  • je hebt een kind dat geboren is ná 31 december 2008 en in 2021 minstens 6 maanden is ingeschreven op jouw woonadres. Ben je co-ouder, dan mag het kind ook zijn ingeschreven op het adres van je ex;
  • je hebt geen fiscale partner of je hebt minder dan 6 maanden een fiscale partner. Of je hebt langer dan 6 maanden een fiscale partner én je verdient minder dan je fiscale partner.

Wanneer ben je co-ouder?
Je bent in 2021 co-ouder als het kind in een herhalend ritme in totaal minimaal 156 dagen per kalenderjaar bij elke ouder is. Ook dagdelen tellen hier mee. Dit komt bijvoorbeeld neer op drie dagen per week.

Verdeling zorg
Over de verdeling van de zorg is nogal wat te doen geweest, met verschillende rechterlijke uitspraken. Zo gold tot voor kort nog dat het kind minstens drie dagen per week bij een ouder moest verblijven om aan de voorwaarden te voldoen. Die eis is nu versoepeld doordat het aantal dagen op jaarbasis wordt beoordeeld, mits er sprake is van een zekere regelmaat.

Niet alleen overdag
Eerder kwam een zaak voor de Hoge Raad waarin opnieuw de verdeling van de zorgplicht tussen ouders aan de orde kwam. De ouders in deze zaak hadden een kind van één jaar dat een aantal dagen per week van ’s ochtends 7.30 uur tot ’s avonds 19.30 uur bij de moeder verbleef. Deze merkte dit verblijf aan als één dag, maar de Hoge Raad ging hier niet in mee. De Hoge Raad besliste dat één dag moet worden opgevat als 24 uur. Omdat momenteel de eis gesteld wordt dat een kind minstens 156 dagen per jaar bij een ouder verblijft, is het arrest ook nu nog van belang.

Dagdeel
Op de site van de Belastingdienst wordt aangegeven dat ook dagdelen meetellen. Of de rechter deze uitleg onderschrijft, is nog onzeker.

Tip! Wil je op zeker spelen, spreek dan een schema af waarbij je je kind(eren) per jaar ten minste 156 hele dagen van 24 uur verzorgt, in een herhalend ritme.

Tip! Heb je twee of meer jonge kinderen met je ex-partner? Door bij ieder (minstens) één kind in te schrijven, voldoe je beiden automatisch aan de voorwaarden zolang het betreffende kind jonger is dan 12 jaar. Je hoeft dan niet te voldoen aan de ingewikkelde regels van co-ouderschap.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-22T11:51:34+02:0022 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Minder belasting betalen bij zorg kind na echtscheiding?
  • Verblijfkosten eigen rijders verhoogd

Verblijfkosten eigen rijders verhoogd

Ondernemers in de transportsector die zelf meerdaagse internationale ritten maken, kunnen een vast bedrag aan verblijfkosten aftrekken. Het bedrag is voor 2021 met één euro verhoogd ten opzichte van vorig jaar en bedraagt €39,50 per dag.

De regeling geldt alleen voor ondernemers bij wie de winst in de inkomstenbelasting belast wordt.

Voorwaarden
De vaste aftrek geldt onder de volgende voorwaarden:

  • de rit moet langer duren dan 24 uur;
  • de verste bestemming mag niet in Nederland liggen. Er is geen maximum afstand;
  • de regeling geldt voor alle meerdaagse ritten in dat jaar;
  • het aantal gereden dagen moet aangetoond kunnen worden, bijvoorbeeld met tachograafschijven;
  • de vertrek- en terugkomdag tellen elk mee voor een halve dag.

Let op! Je mag ieder jaar opnieuw beslissen of je de regeling gebruikt. Als je gebruikmaakt van de regeling, hoef je de kosten niet aan te tonen.

Ritten korter dan 24 uur
De regeling geldt ook voor internationale ritten die starten op meer dan 50 kilometer van het woonadres van de ondernemer, ook als deze korter duren dan 24 uur. Hierbij gelden de volgende twee voorwaarden:

  • deze ritten vinden plaats op aaneengesloten dagen, eventueel met ritten waarbij men meer dagen aaneengesloten in het buitenland verblijft;
  • het traject van elke rit bevindt zich in zijn geheel buiten een afstand van 50 km van het woonadres van de ondernemer.

Tip! Je hoeft de regeling niet toe te passen als de kosten hoger zijn. In dat geval moet je ze wel kunnen aantonen. Bewaar dan met name de facturen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-20T11:02:28+02:0020 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Verblijfkosten eigen rijders verhoogd
  • Wanneer ben je als medicus zelfstandig ondernemer?

Wanneer ben je als medicus zelfstandig ondernemer?

Als medicus functioneer je vaak volledig zelfstandig. Toch is dit alleen onvoldoende om ook als zelfstandig ondernemer aangemerkt te kunnen worden. Daarvoor is meer nodig, aldus de rechtbank in Groningen.

Ondernemersfaciliteiten
Ook medici presenteren zich fiscaal vaak graag als zelfstandig ondernemer vanwege de hiervoor geldende fiscale faciliteiten. Met name de MKB-winstvrijstelling en de zelfstandigenaftrek leveren een behoorlijke vermindering van de belastingdruk op.

Ondernemer ja of nee?
Voor medici die niet in loondienst zijn, is het vaak de vraag of de verrichte werkzaamheden al dan niet kwalificeren als winst uit onderneming. Het antwoord op deze vraag is afhankelijk van een scala aan factoren. Met name is van belang of er voldoende ondernemersrisico gelopen wordt en hoeveel opdrachtgevers er zijn.

Nevenwerkzaamheden onvoldoende
In bovengenoemde zaak was een kaakchirurge in dienstbetrekking bij een ziekenhuis. Daarnaast verrichtte zij voor eigen rekening invalwerkzaamheden bij een aantal andere ziekenhuizen. Hiervoor presenteerde zij zich fiscaal als ondernemer, maar de fiscus en ook de rechter gingen hier niet in mee. De werkzaamheden en winst, variërend van €8.415 tot €16.924, waren hiervoor onvoldoende.

Resultaat uit werkzaamheid
Zo bleek dat de kaakchirurge slechts aan nieuwe opdrachten kwam door in het medische circuit aan te geven dat ze in de markt was voor praktijkwaarnemingen. De rechter achtte dit onvoldoende en besliste dat de neveninkomsten belast dienden te worden als ‘resultaat uit werkzaamheid’. In dat geval zijn de ondernemersfaciliteiten niet van toepassing.

Totaalplaatje
De uitspraak maakt duidelijk dat de rechter bij twijfel kijkt naar het totaalplaatje. Ondernemersrisico, waaronder het debiteurenrisico, de omvang van de inkomsten, het aantal opdrachtgevers, het totaal aan investeringen en het beperkte streven naar continuïteit leidden in deze zaak tot de conclusie dat er van een onderneming geen sprake was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-19T09:17:22+02:0019 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Wanneer ben je als medicus zelfstandig ondernemer?
  • Urencriterium laatste kwartaal 2020 niet versoepeld

Urencriterium laatste kwartaal 2020 niet versoepeld

De versoepeling van het urencriterium vanwege Corona gaat niet alsnog gelden voor het laatste kwartaal van 2020. Dit antwoordt staatssecretaris Vijlbrief op Kamervragen.

Urencriterium
Ondernemers in de inkomstenbelasting hebben recht op een aantal fiscale faciliteiten als ze aan het urencriterium voldoen. Dit betekent dat ze minstens 1.225 uur per jaar in hun bedrijf werkzaam moeten zijn en minstens de helft van hun werkzame tijd aan hun bedrijf besteden.

Versoepeling urencriterium
Vanwege Corona is het urencriterium zowel vorig jaar als dit jaar versoepeld. Bepaald is dat ondernemers ervan uit mogen gaan dat ze in de periode maart t/m september 2020 24 uren per week in hun bedrijf hebben gewerkt, ook als dit vanwege Corona in werkelijkheid niet het geval was. Ook voor de eerste helft van dit jaar geldt deze versoepeling.

Niet verder versoepelen
In antwoord op Kamervragen heeft staatssecretaris Vijlbrief aangegeven de voorwaarde niet verder te willen versoepelen. Onder meer vanwege de lockdownmaatregelen voor sommige branches, werkten ook in het laatste kwartaal van 2020 veel ondernemers niet of minder in hun bedrijf. Vijlbrief wil de versoepeling echter niet uitbreiden, om te voorkomen dat dan ook ondernemers die normaal gesproken niet voor de faciliteiten in aanmerking komen, er dan toch gebruik van kunnen maken.

Andersoortige werkzaamheden
De staatssecretaris wijst erop dat ondernemers ook andere werkzaamheden in hun bedrijf kunnen uitoefenen om daarmee aan het urencriterium te voldoen. Hij noemt onder meer onderhoud plegen, het onderhouden van de website en het bijhouden van de administratie.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-16T10:41:45+02:0016 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Urencriterium laatste kwartaal 2020 niet versoepeld
  • Per 2022: gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof

Per 2022: gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof

Het ouderschapsverlof is nu in de meeste gevallen nog onbetaald. Maar dat gaat wijzigen. De bedoeling is dat werknemers per 2 augustus 2022 recht krijgen op negen weken gedeeltelijk doorbetaald ouderschapsverlof.
Waarom wijzigen deze regels? Het kabinet is verplicht om als gevolg van de implementatie van een nieuwe Europese richtlijn in wetgeving te regelen dat er recht bestaat op betaald ouderschapsverlof. Het wetsvoorstel betaald ouderschapsverlof dat dit moet gaan regelen, ligt al een tijdje bij de Tweede Kamer.

Ouderschapsverlof
Het ouderschapsverlof is nu nog onbetaald en bedraagt 26 x de overeengekomen arbeidsduur per week. Het kabinet wil regelen dat werknemers per 2 augustus 2022 recht krijgen op 9 weken gedeeltelijk doorbetaald ouderschapsverlof. In die periode bestaat er recht op een uitkering van het UWV ter hoogte van 50% van het (maximum) dagloon. Dit betaalde verlof moet wel in het eerste levensjaar van het kind worden opgenomen.

Het resterende ouderschapsverlof kan nog steeds worden opgenomen tot de achtste verjaardag van het kind, maar blijft onbetaald. Bij adoptie is de uitkering voor ouderschapsverlof alleen beschikbaar in het eerste jaar na de dag van de feitelijke opneming ter adoptie.

Nieuwe plannen
Met de invoering van gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof beschikken ouders na de geboorte gezamenlijk over ten minste 40 weken (gedeeltelijk) betaald verlof inclusief 16 weken zwangerschaps- en bevallingsverlof en 6 weken geboorteverlof. Het ouderschapsverlof en de gewenste wijze van inroostering moet nog steeds ten minste twee maanden voor de beoogde ingangsdatum zijn aangevraagd door de werknemer. Door het ouderschapsverlof gedeeltelijk betaald te maken wil het kabinet de betrokkenheid van mannen bij de opvoeding stimuleren en de arbeidsmarktpositie van vrouwen verbeteren.

Procedure aanvraag betaald ouderschapsverlof
De uitkering dient via de werkgever te worden aangevraagd. Het UWV zal hiervoor een speciaal digitaal formulier ter beschikking stellen. Een aanvraag kan eenmalig worden ingediend in de periode tussen de eerste betaalde verlofdag en de drie maanden nadat het kind de leeftijd van één jaar heeft bereikt.

Deze aanvraag kan betrekking hebben op de gehele verlofperiode (achteraf na negen weken), maar ook op de eerste opgenomen week of een aantal opgenomen weken. Het UWV stelt bij de afhandeling van de initiële aanvraag recht en hoogte van de uitkering vast en betaalt deze uit binnen zes weken na het afgeven van de beschikking. Voor de eenmalige vaststelling van het recht, de hoogte en de duur van de uitkering is bepalend de eerste dag waarop ouderschapsverlof is genoten.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-15T10:08:07+02:0015 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Per 2022: gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof
  • Kredietverlening vouchers reisbranche van start

Kredietverlening vouchers reisbranche van start

Het kabinet is gestart met de kredietverlening voor vouchers in de reisbranche. Voorstellen daartoe zijn goedgekeurd door de Europese Commissie. De kredietverlening geldt voor vouchers voor pakketreizen en gekoppelde reisarrangementen die tussen 12 maart 2020 en 31 december 2020 zijn afgegeven.

Vouchers reisbranche
Vanwege Corona zijn veel vakanties geannuleerd. De consument kreeg hiervoor in de plaats vaak een voucher die bij een volgende te boeken vakantie kon worden ingewisseld. Omdat het Coronavirus nog niet onder controle is gaat dit echter nog wel enige tijd duren, terwijl de reissom uiterlijk een jaar na boeking door de reisorganisatie moet worden terugbetaald.

Leningen via SGR
Reisorganisaties kunnen bij een tekort aan liquide middelen een lening afsluiten bij de Stichting Garantiefonds Reizen (SGR). De overheid heeft de SGR hiertoe een krediet van €400 miljoen verstrekt.

Voorwaarden
De leningen worden alleen verstrekt voor vouchers voor pakketreizen en gekoppelde reisarrangementen die tussen 12 maart 2020 en 31 december 2020 zijn afgegeven. Van een verstrekte voucher kan maximaal 80% via een lening worden gedekt.

Rente
De overheid rekent aan de SGR een rente van 2%. De SGR zal vervolgens aan de reisorganisaties een rente doorberekenen tussen de 2% en 7%. Het meerdere is onder meer bestemd om de kosten te dekken. De rente zal in de loop der tijd oplopen om reisorganisaties te prikkelen de lening zo snel mogelijk weer af te lossen.

Alleen gezonde bedrijven
De kredietfaciliteit is alleen bestemd voor reisorganisaties die in de kern gezond zijn. Dit wordt bij de kredietaanvraag gecheckt. Ook moeten de betalingsbewijzen en vouchers overlegd worden, zodat duidelijk is dat de verstrekte lening hiervoor gebruikt is.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-14T08:59:55+02:0014 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Kredietverlening vouchers reisbranche van start
  • Voorkom belastingrente met snelle aangifte of aanvraag voorlopige aanslag

Voorkom belastingrente met snelle aangifte of aanvraag voorlopige aanslag

Als je verwacht dat je over het jaar 2020 inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting moet betalen of moet bijbetalen, ben je misschien ook belastingrente verschuldigd. Je kunt dit voorkomen door op tijd de aangifte in te dienen of een voorlopige aanslag aan te vragen.

Aangifte IB of voorlopige aanslag vóór 1 mei 2021
Dien je vóór 1 mei 2021 de aangifte inkomstenbelasting (IB) 2020 in of verzoek je vóór die datum om een juiste voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2020? Dan mag de Belastingdienst geen rente berekenen over het in de aangifte of voorlopige aanslag berekende bedrag.

In 2020 was de belastingrente tijdelijk verlaagd naar 0,01%. Inmiddels is de belastingrente echter al weer een tijdje vastgesteld op 4%. Voorkom deze rente en dien op tijd de aangifte in of vraag op tijd om een voorlopige aanslag.

4% belastingrente
Doe je dit niet vóór 1 mei en ligt de dagtekening van de aanslag ná 30 juni 2021? Dan brengt de Belastingdienst vanaf 1 juli 2021 4% belastingrente in rekening.

Aangifte VPB vóór 1 juni 2021 of voorlopige aanslag vóór 1 mei 2021
Ook voor de vennootschapsbelasting (VPB) gelden termijnen waarbinnen de Belastingdienst geen belastingrente mag berekenen. Je moet dan vóór 1 juni 2021 de aangifte vennootschapsbelasting 2020 indienen of vóór 1 mei 2021 om een juiste voorlopige aanslag vennootschapsbelasting 2020 vragen.

2022 weer 8%!
Waar de belastingrente voor de vennootschapsbelasting normaal minimaal 8% bedraagt, is deze tot en met 31 december 2021 tijdelijk verlaagd naar 4%. Maar let op! Vanaf 1 januari 2022 gaat de belastingrente voor de vennootschapsbelasting weer naar minimaal 8%.

Dient je de aangifte niet vóór 1 juni 2021 in én vraag je niet om een voorlopige aanslag vóór 1 mei 2021? En ligt de dagtekening van de (voorlopige) aanslag ná 30 juni 2021? Dan brengt de Belastingdienst vanaf 1 juli 2021 4% belastingrente in rekening én vanaf 1 januari 2022 weer minimaal 8%.

Tip! Zorg dat je nauwkeurig de verschuldigde belasting inschat. Is de schatting te laag, dan berekent de Belastingdienst namelijk over het meerdere alsnog belastingrente vanaf 1 juli 2021. Is de schatting te hoog, dan vergoedt de Belastingdienst echter geen belastingrente over de in eerste instantie te veel betaalde belasting.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-13T08:48:00+02:0013 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Voorkom belastingrente met snelle aangifte of aanvraag voorlopige aanslag
  • Belastingvrij fit blijven met personal coach?

Belastingvrij fit blijven met personal coach?

Corona en de opdracht om zoveel mogelijk thuis te werken, zijn voor sommigen niet bevorderlijk voor de conditie. Om die op peil te houden kan een personal coach worden ingeschakeld. Zijn die kosten voor zo’n coach belastingvrij te vergoeden?

Belastingvrij vergoeden?
Of de kosten belastingvrij vergoed kunnen worden voor werknemers en DGA’s, hangt ervan af of een personal coach als arbovoorziening kan worden aangemerkt. De Belastingdienst geeft aan dat dit niet snel het geval zal zijn.

Uitzonderingen
Alleen als sprake is van fitness wegens bijzondere risico’s die samenhangen met de aard van het werk, of het in stand houden van een bijzonder fitheidsniveau dat voor het werk vereist is, zou de vrijstelling van toepassing kunnen zijn. Bij twijfel is het verstandig om dit vooraf met de inspecteur kort te sluiten.

Werkkostenregeling
Is geen sprake van genoemde uitzonderlijke situatie en wil men voor werknemers de personal coach toch belastingvrij vergoeden, dan kan dit wel via de werkkostenregeling. In dat geval betaalt de werkgever alleen belasting als hij in een jaar de zogenaamd ‘vrije ruimte’ overschrijdt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-04-12T09:02:10+02:0012 april 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Belastingvrij fit blijven met personal coach?