Nieuws

  • Top 10 wijzigingen 2022 voor de werkgever

Top 10 wijzigingen 2022 voor de werkgever

Per 1 januari zijn er weer tal van wijzigingen doorgevoerd voor de werkgever en de DGA, van de thuiswerkregeling tot Coronagerelateerde maatregelen. Welke tien wijzigingen springen in het oog?

1. Wijziging werkkostenregeling 2022
Per 1 januari 2022 is de vrije ruimte binnen de WKR weer verlaagd naar 1,7% over de eerste €400.000 van de loonsom. Over het meerdere van de loonsom is de vrije ruimte 1,18%. In 2021 was naar aanleiding van de Coronacrisis de vrije ruimte (eenmalig) verhoogd naar 3% over de eerste €400.000 van de loonsom.

2. Thuiswerkvergoeding
Het bedrag dat je sinds 1 januari 2022 aan thuiswerkers belastingvrij mag verstrekken, is €2 per dag. Het bedrag is vrijgesteld en komt ook niet ten laste van de vrije ruimte van de werkkostenregeling.

Vaste thuiswerkvergoeding
Je dient met de werknemer afspraken te maken over het aantal dagen waarop de werknemer thuis zal werken. Deze afspraken zijn de basis voor de vaststelling van de door jou onbelast te vergoeden reis- en thuiswerkkosten. Wanneer je met een werknemer bijvoorbeeld afspreekt dat per week twee dagen thuis wordt gewerkt en drie dagen op kantoor, dan kun je op basis van die verhouding een vaste vergoeding toekennen voor zowel het thuiswerken als de reiskosten voor woon-werkverkeer.

3. Gebruikelijk loon DGA 2022
Het gebruikelijk loon voor de DGA stijgt in 2022 naar ten minste €48.000. In 2021 was dit nog €47.000.
De regeling voor gebruikelijk loon geldt voor iedereen die een aanmerkelijk belang heeft in een vennootschap en ook werk verricht voor diezelfde onderneming. Zij moeten in de loonaangifte een salaris opnemen dat ‘gebruikelijk’ is voor de werkzaamheden.

4. Vaste reiskostenvergoeding vanaf 2022
Vanaf 2022 gaat de zogeheten 214-dagenregeling veranderen. De vaste reiskostenvergoeding moet dan naar rato van het aantal reisdagen worden berekend. Indien momenteel een reiskostenvergoeding wordt gegeven op basis van het daadwerkelijke aantal reisdagen, verandert er niets in de regeling.

Voorbeeld
Kees werkt fulltime, waarvan 3 dagen op kantoor en 2 dagen thuis. Kees mag een vaste onbelaste reiskostenvergoeding ontvangen voor 129 dagen (3/5 x 214 dagen), als hij ten minste 77 dagen (3/5 x 128 dagen) naar kantoor reist. De onbelaste reiskostenvergoeding wordt dus naar beneden bijgesteld. Hij mag over 85 (214-129) dagen geen onbelaste reiskostenvergoeding meer ontvangen.

Moet je maatregelen nemen?
Je moet het reis-/thuiswerkpatroon van de medewerkers goed in beeld brengen om te kunnen bepalen of de huidige reiskostenvergoeding nog past binnen de nieuwe regels. Voor dagen waarvoor de vergoeding niet meer onbelast betaald kan worden, kun je besluiten om de vergoeding niet meer toe te kennen. Of dat kan, zal mede afhangen van hetgeen bepaald is in een CAO of arbeidsovereenkomst.

5. Aanbod vaste uren 2022
Na een periode van twaalf maanden is de werkgever verplicht om een oproepkracht binnen een maand een aanbod te doen voor een (tijdelijke) arbeidsovereenkomst met vaste uren. Deze uren moeten zijn gebaseerd op minimaal het gemiddelde aantal verloonde uren over de afgelopen twaalf maanden. Alleen de uren die elkaar binnen zes maanden tijd opvolgen, tellen mee.

Het aanbod moet binnen een maand na afloop van de twaalf maanden worden gedaan. De werknemer heeft vanaf dat moment maximaal een maand de tijd om het aanbod al dan niet te accepteren. Bij acceptatie gaat de nieuwe arbeidsomvang in uiterlijk de eerste dag van de 15e maand.

Indien het aanbod voor een contract met vaste uren uitblijft, heeft de werknemer recht op het loon van het gemiddelde aantal gewerkte uren per week gedurende de afgelopen twaalf maanden, ongeacht of de werknemer wordt opgeroepen voor de werkzaamheden. Het betreft hier een reguliere loonvordering waarvoor een verjaringstermijn van vijf jaar geldt.

Tip! Het is dus van belang als werkgever om wel een aanbod te doen, omdat het risico bestaat dat de werknemer, veelal als hij uit dienst is gegaan, alsnog met terugwerkende kracht het loon kan vorderen op basis van het aanbod dat had moeten worden gedaan.

6. Verbod op rookruimtes
Tot en met 2021 mocht op het werk gerookt worden in een daarvoor bestemde rookruimte. Vanaf 1 januari 2022 geldt een verbod op rookruimtes in het bedrijfsleven. Ook bedrijfsvoertuigen zijn werkplekken.

Hierop wordt gehandhaafd door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Wordt ergens gerookt waar dit niet mag, dan krijgt de werkgever hiervoor een boete voor de overtreding van het rookverbod. De boetebedragen variëren per overtreding van €450 tot €4500.

Een werkgever kan een werknemer ook ondersteunen bij het stoppen met roken. Vanaf 1 januari 2020 geldt er geen eigen risico wanneer werknemers gebruikmaken van programma’s die hen helpen te stoppen met roken. Daarvoor gelden de volgende drie voorwaarden:

  1. Deelname aan een ‘stoppen met roken’-programma moet lopen via een huisarts, verloskundige of bedrijfsarts.
  2. De behandeling moet worden gecombineerd met een zogenoemd ‘gedragsprogramma’, waardoor de aanpak zowel steunt op medicatie als op gedragsverandering.
  3. Het vervallen van het eigen risico geldt alleen voor medicijnen en methoden waarvan algemeen erkend is dat ze effectief zijn.

7. Gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof
Vanaf augustus 2022 wordt een deel van het ouderschapverlof gedeeltelijk doorbetaald. Gedurende het eerste levensjaar van het kind kunnen de ouders negen weken doorbetaald ouderschapsverlof krijgen. Het gaat hier om een uitkering in het kader van de Wet arbeid en zorg (Wazo-uitkering), die via de werkgever wordt aangevraagd. Het ouderschapsverlof geldt ook als ouders vóór de invoering van de wet een kind hebben gekregen, mits dit kind jonger is dan 1 jaar. Ook moeten de ouders op dat moment werken (werknemer zijn) en nog niet het volledige recht (26 maal de arbeidsuur per week) op ouderschapsverlof hebben opgenomen.

De hoogte van het gedeeltelijk doorbetaalde ouderschapsverlof bedraagt 50%. Dit is betrekkelijk laag, waardoor de opname voor laagbetaalde werknemers minder aantrekkelijk blijft. Vanwege deze zorg voegde demissionair minister Koolmees van SZW een bepaling toe aan het wetsvoorstel. Hierin staat dat het uitkeringspercentage nog vóór het ingaan van de wet te verhogen is naar 70%, als het nieuwe kabinet dat wil en daar budget voor weet vrij te maken. Een meerderheid van de Eerste Kamer heeft deze motie aanvaard, waarin het kabinet wordt verzocht om het uitkeringspercentage inderdaad te verhogen van 50 naar 70%. Het is dus mogelijk dat dit nog gaat gebeuren.

8. NOW 5.0 en 6.0
Eind 2021 zijn de Coronamaatregelen weer verscherpt. Omdat dit opnieuw grote gevolgen heeft voor ondernemers, is de loonsubsidie NOW terug, in de vorm van NOW 5.0 en NOW 6.0.

NOW 5.0
De NOW 5.0 heeft betrekking op de periode van 1 november 2021 tot en met 31 december 2021.

De tegemoetkoming kan aangevraagd worden van 13 december 2021 t/m 31 januari 2022. Anders dan bij de voorgaande NOW-regelingen zal het voorschot in één termijn uitbetaald worden. Het kabinet komt hiermee tegemoet aan het feit dat een deel van de periode waarover tegemoetkoming wordt verstrekt, al is verstreken. Je kunt de vaststelling van de tegemoetkoming aanvragen in de periode van 1 juni 2022 t/m 22 februari 2023 (data onder voorbehoud).

NOW 6.0
De NOW 6.0 heeft betrekking op de periode van 1 januari 2022 tot en met 31 maart 2022.

De tegemoetkoming kan vermoedelijk in de tweede helft van februari aangevraagd worden. Nadere voorwaarden worden deze maand bekendgemaakt. De NOW 6.0 is bijna hetzelfde als de NOW 5.0. De overeenkomsten zijn:

  • minimaal 20% omzetverlies
  • maximaal op te geven omzetverlies van 90% (ook als u het omzetverlies schat tussen 90 en 100%);
  • een vergoeding van 85% van het opgegeven omzetverlies;
  • vergoeding van maximaal twee keer het maximale dagloon.

Een overzicht van de verschillen van de diverse NOW-regelingen is te vinden op de site van het UWV.

9. Invoering STAP-budget
Per 1 maart 2022 wordt het STAP-budget, dat staat voor Stimulering ArbeidsParticipatie, ingevoerd als opvolger van de per 1 januari 2022 vervallen fiscale scholingsaftrek. Met het STAP-budget wordt iedereen tussen de 8 jaar en de AOW-gerechtigde leeftijd met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt in staat gesteld om scholing in te zetten voor de eigen ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid. De ontwikkeling van een publiek leer- en ontwikkelbudget biedt mogelijkheden om een toekomstbestendige regeling neer te zetten, waarmee kan worden ingespeeld op ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Het STAP-budget maakt deel uit van de LLO-maatregelen (Leven Lang Ontwikkelen) van de overheid. De uitvoering van de regeling komt in handen van het UWV, dat een digitale portal hiervoor ontwikkelt.

Iemand die aanspraak wil maken op het STAP-budget kan dit alleen doen als andere mogelijkheden om de gewenste scholing te financieren niet aanwezig zijn. Het UWV kijkt hiervoor naar de criteria die bestaande opleidingen hanteren om subsidie te krijgen op soorten onderwijs. Veel jongeren onder de 30 jaar zullen vaak nog gebruik kunnen maken van studiefinanciering en daarom geen aanspraak kunnen maken op het STAP-budget.

Het STAP-budget kan door het individu worden aangevraagd voor het financieren van een scholingsactiviteit die hij of zij wil volgen. Het budget bedraagt maximaal €1.000 per jaar. Er mag maar één aanvraag per jaar worden gedaan.

10. Betalingen aan derden per 2022 inclusief BSN
De wetgeving rond betalingen aan derden gaat vanaf 2022 veranderen. Naast gegevens die al moesten worden doorgegeven, moet voortaan ook het BSN-nummer van de ingehuurde derde aan de Belastingdienst worden doorgegeven.

Betaling aan derden
Bij betalingen aan derden gaat het om betalingen aan personen die:

  • niet bij de opdrachtgever in dienst zijn;
  • geen ondernemer zijn;
  • zelf geen factuur met BTW uitreiken.

Betalingen in 2022
De wijziging inzake betalingen aan derden gaat in per 2022, maar de in dat jaar uitgekeerde bedragen hoeven pas in de eerste maand van 2023 aan de Belastingdienst te worden doorgegeven. De uiterste inleverdatum is 31 januari 2023. Dit kan niet langer via het gegevensportaal van de Belastingdienst. Hoe dit digitaal moet worden aangeleverd, wordt nog bekendgemaakt.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-14T11:05:40+01:0014 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Top 10 wijzigingen 2022 voor de werkgever

  • Premies vrijwillige verzekeringen voor 2022 vastgesteld

Premies vrijwillige verzekeringen voor 2022 vastgesteld

Het UWV stelt jaarlijks de premies voor de vrijwillige verzekeringen vast. De premies voor 2022 zijn kortgeleden gepubliceerd op de website van het UWV.

Voor wie?
Werknemers zijn verplicht verzekerd voor de werknemersverzekeringen. Ben je zelfstandige, ontwikkelingswerker, alfahulp of werk je momenteel niet? Dan heb je de mogelijkheid om je onder bepaalde voorwaarden bij het UWV vrijwillig te verzekeren voor de Ziektewet, Werkloosheidswet (WW), Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) of een combinatie hiervan.

Premiepercentages voor 2022

Premiepercentages Ziektewet  2021  2022
Landelijk 9,20 9,20
Alfahulpen 7,95 7,95
WW 1,90 1,90
WAO 7,03 7,05
WIA 7,81 7,89

Alfahulpen betalen een lagere premie van 7,95%, omdat ze de eerste 6 weken geen recht hebben op een ziektewetuitkering. Er wordt over een bedrag van maximaal €59.706 premie geheven.

De WIA-premie is vanaf 1 januari 2020 wettelijk gemaximeerd op de som van de basispremie WAO/WIA van 7,05% en het gemiddeld percentage WGA Werkhervattingskas (Whk) van 0,84% voor de verplicht verzekerden.

Premies in beginsel kostendekkend
Voor de premieberekening bepaalt het UWV de verwachte lasten en het verwacht verzekerd bedrag in 2022. Daarnaast wordt er gerekend met het indexeringspercentage van 1,41% per 1 januari 2022 en zijn voor de ramingen de realisaties tot en met september 2021 gebruikt. In beginsel worden deze premies kostendekkend vastgesteld. In de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) is echter opgenomen dat de premie voor de WW, WAO en WIA niet hoger mag zijn dan het door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) landelijk vastgestelde wettelijke premiepercentage. De Ziektewet kent geen landelijk vastgesteld wettelijk maximum percentage en wordt daarom op kostendekkend niveau vastgesteld.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-14T10:29:41+01:0014 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Premies vrijwillige verzekeringen voor 2022 vastgesteld

  • Nieuw maximumbedrag transitievergoeding 2022

Nieuw maximumbedrag transitievergoeding 2022

De maximale transitievergoeding wordt per 1 januari 2022 verhoogd van €84.000 naar €86.000. Heeft een werknemer over 12 maanden een hoger loon dan dit bedrag, dan telt het hogere loon.

Wanneer moet je een transitievergoeding betalen?
Is sprake van een beëindiging van het dienstverband op initiatief van jou als werkgever -en soms op initiatief van de werknemer-, dan ben je de betreffende werknemer een transitievergoeding verschuldigd. Denk aan het niet verlengen van een tijdelijke arbeidsovereenkomst, het opzeggen van de arbeidsovereenkomst na een verkregen ontslagvergunning van het UWV of aan een ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter. Als sprake is van een ontbindingsverzoek waarbij de werknemer het initiatief heeft genomen, dan geldt dat er alleen sprake is van een transitievergoeding als de kantonrechter tot het oordeel komt dat sprake is van ernstige verwijtbaarheid aan de kant van de werkgever, wat niet snel wordt aangenomen.

Jaarlijkse aanpassing maximumtransitievergoeding
Die transitievergoeding kent een maximale vergoeding die jaarlijks aangepast wordt aan de hand van de ontwikkeling van de marktcontractlonen. Deze wordt geraamd op 2,2%.

Momenteel is het maximale bedrag dat aan transitievergoeding betaald moet worden €84.000. Bij verhoging met 2,2% resulteert dit in een bedrag van €85.848. Dit bedrag wordt afgerond op het naaste veelvoud van €1.000.
Met de onderhavige regeling wordt daarom met ingang van 1 januari 2022 het bedrag van €84.000 verhoogd naar €86.000. Het moet gaan om een netto dienstverband. Is de werknemer er enige tijd tussenuit geweest dan tellen die maanden niet mee voor het recht op een transitievergoeding.

Let op! Overigens blijft gelden dat als de werknemer over twaalf maanden een loon heeft dat hoger is dan dat maximumbedrag, het hogere loon als maximum geldt.

Voorbeeld
Stel een werknemer is 55 jaar oud en 33 jaar in dienst met als laatste functie financieel directeur. Hij verdient €12.000 bruto inclusief vakantiebijslag per maand. Stel dat hij in 2022 wordt ontslagen. Hoe hoog is dan zijn transitievergoeding?

De berekening gaat als volgt: 33 x (1/3 x €12.000) = €132.000
Dit is hoger dan de maximale transitievergoeding van €86.000 die voor 2022 geldt en ook hoger dan zijn jaarsalaris dat €120.000 bruto bedraagt. Om die reden heeft hij recht op €120.000 bruto aan transitievergoeding dat gelijkstaat aan zijn maximale jaarsalaris.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-13T10:54:54+01:0013 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuw maximumbedrag transitievergoeding 2022

  • Deadline inschrijving UBO-register 27 maart 2022

Deadline inschrijving UBO-register 27 maart 2022

Vanaf 27 september 2020 zijn ondernemingen verplicht om hun eigenaren of de personen die zeggenschap hebben in het zogeheten UBO-register in te schrijven. Dit is het gevolg van Europese regels. Organisaties kunnen hun UBO tot uiterlijk 27 maart 2022 inschrijven via de Kamer van Koophandel.

UBO
UBO staat voor ‘ultimate beneficial owner’, ofwel de uiteindelijke belanghebbende. Dit is de persoon die de uiteindelijke eigenaar is of de uiteindelijke zeggenschap heeft over een onderneming, stichting of vereniging.

Doel UBO-register
Het UBO-register maakt de UBO’s inzichtelijk en voorkomt zo het gebruik van het financiële stelsel voor fraude, terrorismefinanciering of het witwassen van geld.

UBO van een BV, stichting of vereniging
Bij bijvoorbeeld een BV gaat het om personen met meer dan 25% van de aandelen, met meer dan 25% van de stemrechten en om personen die de feitelijke zeggenschap over de onderneming hebben. Bij een stichting gaat het onder meer om degenen die voor meer dan 25% begunstigde van het vermogen zijn en om personen die meer dan 25% stemrecht hebben.

Sancties
Organisaties die hun UBO’s niet tijdig gemeld hebben, riskeren een sanctie. Dit kan een boete, maar ook een gevangenisstraf zijn.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-12T10:26:33+01:0012 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Deadline inschrijving UBO-register 27 maart 2022

  • Geen MIA meer voor elektrische personenauto

Geen MIA meer voor elektrische personenauto

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) publiceerde eerder de nieuwe Milieulijst voor 2022. Elektrische personenauto’s staat hier niet meer op en komen dus niet meer in aanmerking voor deze extra subsidie.

Milieulijst
Jaarlijks publiceert de RVO een nieuwe Milieulijst. Ondernemers die investeren in milieuvriendelijke goederen en diensten die op de milieulijst staan, komen in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek (MIA) en/of de Vamil (Willekeurige afschrijving milieu-investeringen).

MIA
De MIA bedraagt een percentage van de aanschafprijs van een goed of dienst. Dit percentage kan extra op de winst in aftrek worden gebracht. Via de Vamil kan een ondernemer willekeurig op milieuvriendelijke goederen en diensten afschrijven. Op die manier kan een rente- en liquiditeitsvoordeel worden behaald.

Let op! De percentages van de MIA zijn dit jaar verhoogd. Vorig jaar bedroegen ze nog 13,5%, 27% en 36%, dit jaar bedragen ze 27%, 36% en 45%.

Milieulijst gewijzigd
De Milieulijst voor 2022 is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar en bevat dus deels andere milieuvriendelijke goederen en diensten waarvoor MIA en Vamil kan worden verkregen. Je kunt de Milieulijst downloaden vanaf de site van de RVO voor de laatste stand van zaken.

Elektrische personenauto verdwenen van Milieulijst
De elektrische personenauto is het meest opvallende bedrijfsmiddel dat van de Milieulijst is verdwenen. In 2021 kon hiervoor nog 13,5% MIA worden verkregen tot een cataloguswaarde van €40.000. Elektrische snor-, brom- en motorfietsen zien we ook niet meer terug op de Milieulijst. Elektrische bestelauto’s wel, evenals speedpedelecs.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-11T14:03:51+01:0011 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Geen MIA meer voor elektrische personenauto

  • Uurloongrenzen lage-inkomensvoordeel 2022

Uurloongrenzen lage-inkomensvoordeel 2022

Als werkgever kun je het lage-inkomensvoordeel (LIV) krijgen voor werknemers die gemiddeld minimaal 100% en maximaal 125% van het wettelijk minimumloon verdienen. Onlangs zijn de uurloongrenzen voor 2022 bekendgemaakt door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Uurloongrenzen per 1 januari 2022
Het LIV is net als het lage-inkomensvoordeel voor jongeren (jeugd-LIV) en de loonkostenvoordelen (LKV’s) een tegemoetkoming die werkgevers kunnen ontvangen per verloond uur.

Om in aanmerking te komen voor het LIV moet je ervoor zorgen dat het uurloon van de werknemer gemiddeld over het hele kalenderjaar minimaal 100% en maximaal 125% van het wettelijk minimumloon is.

Gemiddeld bruto per uur €10,73 (100%), €13,43 (125%).

De tegemoetkoming bedraagt €0,49 per verloond uur en kent een bovengrens van €960 per werknemer per jaar.
Verloonde uren zijn de uren waarover loon wordt betaald. Dit zijn:

  • de contracturen, dat wil zeggen de uren die de werkgever met de werknemer is overeengekomen. Daaronder vallen ook niet-gewerkte, maar wel volledig uitbetaalde uren. Bijvoorbeeld verlof of ziekte;
  • de uitbetaalde extra uren die een werknemer werkt, zoals uitbetaalde overuren. Daaronder vallen ook niet-opgenomen, maar wel volledig uitbetaalde verlofuren.

Verloonde uren zijn niet:

  • niet-gewerkte onbetaalde uren, bijvoorbeeld onbetaald verlof;
  • wel gewerkte, maar onbetaalde uren, bijvoorbeeld adv-uren (arbeidsduurverkorting), of onbetaalde overwerkuren.

Uurloongrenzen jeugd-LIV pas halverwege 2022 bekend
De uurloongrenzen voor het jeugd-LIV worden afgeleid van het minimumloon over het hele kalenderjaar 2022. Deze worden daarom pas vastgesteld zodra het wettelijk minimumloon per 1 juli 2022 bekend is.

Voorwaarden LIV
De werknemer moet voor het LIV aan een aantal voorwaarden voldoen:

  • de werknemer heeft in het kalenderjaar minimaal 1.248 verloonde uren binnen een organisatie;
  • het gemiddelde uurloon per kalenderjaar van de werknemer is minimaal 100% en maximaal 125% van het wettelijk minimumloon bij een werkweek van 40 uur;
  • de werknemer is verzekerd voor een of meerdere werknemersverzekeringen;
  • de werknemer heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt.

Geen actie nodig voor aanvragen LIV
Voor het aanvragen van het LIV hoef je geen actie te ondernemen. Het UWV beoordeelt aan de hand van de loonaangiften of je aan de voorwaarden voldoet. Vervolgens stuurt het UWV de informatie naar de Belastingdienst. Deze neemt de uiteindelijke beslissing. Je krijgt vóór 15 maart een voorlopige berekening en je kunt tot en met 1 mei correcties over het voorgaande jaar sturen. De definitieve berekening van het LIV ontvang je altijd vóór 1 augustus.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-11T11:00:39+01:0011 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Uurloongrenzen lage-inkomensvoordeel 2022

  • Extra aandacht voor laatste BTW-aangifte 2021

Extra aandacht voor laatste BTW-aangifte 2021

Eind januari 2022 zullen de meeste ondernemers hun laatste BTW-aangifte over 2021 indienen. Die laatste aangifte verdient altijd wat extra aandacht vanwege enkele jaarlijkse correcties.

Auto van de zaak
Een belangrijke correctie betreft de auto van de zaak. Je mag de BTW gedurende het jaar namelijk gewoon in aftrek brengen, maar je moet dit wel op het eind van het jaar corrigeren. In de regel bedraagt de correctie 2,7% van de cataloguswaarde. Echter voor auto’s die nog in gebruik zijn na afloop van het vierde jaar volgend op het jaar waarin men de auto is gaan gebruiken, geldt een correctie van 1,5%.

Let op! Je mag ook corrigeren op basis van het werkelijke privégebruik op voorwaarde dat je dit kunt bewijzen.

Personeelsvoorzieningen
De BTW op personeelsvoorzieningen mag je alleen aftrekken als de uitgaven aan personeelsvoorzieningen voor de betreffende werknemer in 2021 niet meer dan €227 exclusief BTW hebben bedragen. Ga je voor een werknemer over dit bedrag heen, dan vervalt de gehele aftrek.

Relatiegeschenken
Heb je jouw klanten tijdens de kerst iets moois cadeau gedaan? Voor de BTW op relatiegeschenken geldt namelijk een uitzondering. Die BTW is aftrekbaar, tenzij de BTW bij aanschaf door de relatie zelf slechts voor 30% of minder aftrekbaar zou zijn geweest. De BTW is ook aftrekbaar als het bedrag aan relatiegeschenken in 2021 per relatie niet meer is dan €227 exclusief BTW is geweest.

Privé- en vrijgesteld gebruik
Gebruik je goederen of diensten deels privé, dan mag een overeenkomstig deel van de BTW niet worden afgetrokken. Blijkt aan het eind van het jaar dat het privégebruik afwijkt van de inschatting, dan dient dit in beginsel gecorrigeerd te worden. Dit kan dus leiden tot meer, maar ook tot minder aftrek.

Een soortgelijke regeling is van toepassing voor goederen en diensten die je deels vrijgesteld en deels voor belaste prestaties gebruikt. Een onjuiste inschatting van het belaste en vrijgestelde gebruik corrigeer je aan het einde van het jaar. Let hier wel op: er gelden uitzonderingen voor investeringsgoederen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-10T12:43:56+01:0010 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Extra aandacht voor laatste BTW-aangifte 2021

  • Fiscale behandeling grensarbeider verlengd t/m 31 maart 2022

Fiscale behandeling grensarbeider verlengd t/m 31 maart 2022

De fiscale behandeling van grensarbeiders die als gevolg van het Coronavirus momenteel geheel of deels thuis werken, is verlengd tot en met 31 maart 2022. Dit geldt zowel voor grensarbeiders uit België als uit Duitsland.

Thuiswerken niet anders belasten
Nederland heeft met België en Duitsland voor grensarbeiders in loondienst al eerder afgesproken dat de dagen waarop thuis wordt gewerkt, mogen worden behandeld alsof er is gewerkt in het land waar de werknemer onder normale omstandigheden zou hebben gewerkt.

De thuis gewerkte dagen moeten daar dan wel worden belast. Op die manier verandert er niets in de belastingheffing over deze inkomsten.

Afspraken mogelijk verlengd
De afspraken tussen Nederland en België gelden in elk geval tot en met 31 maart 2022. Ze worden voor België stilzwijgend voor drie maanden verlengd, tenzij een van beide landen deze afspraken van tevoren opzegt. Voor de afspraken met Duitsland is dit nog niet vastgelegd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-10T11:27:33+01:0010 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Fiscale behandeling grensarbeider verlengd t/m 31 maart 2022

  • Aanvragen subsidie elektrische auto kan nog

Aanvragen subsidie elektrische auto kan nog

Particulieren die een nieuwe of gebruikte elektrische auto kopen, kunnen hiervoor nog subsidie aanvragen. Hoewel er veel vraag naar de subsidie is, is de subsidiepot nog niet leeg, zo meldt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Meer subsidie beschikbaar
Dat de subsidie voor nieuwe elektrische auto’s nog beschikbaar is, komt omdat er dit jaar veel meer subsidie beschikbaar is. Een andere oorzaak is dat de subsidie dit jaar minder bedraagt dan vorig jaar, €3.350 in plaats van €4.000.

Voorwaarden
Wie subsidie wil aanvragen, moet er snel bij zijn en voldoen aan de fiscale voorwaarden. Zo moet de auto een minimale actieradius hebben van 120 kilometer. Verder moet de catalogusprijs liggen tussen €12.000 en €45.000.

Niet voor ondernemers
De subsidie is in beginsel niet bedoeld voor ondernemers. Die kunnen de subsidie wel aanvragen, maar mogen de auto dan niet tot het bedrijfsvermogen rekenen.

Aanvragen via RVO
Geïnteresseerden kunnen de subsidie aanvragen via de RVO. Aanvragen kan digitaal via de site van de RVO, www.rvo.nl.

Ook occasions
De subsidie is ook beschikbaar voor occasions maar bedraagt dan, net als vorig jaar, slechts €2.000. Voor deze categorie auto’s is minder subsidie beschikbaar, maar naar verwachting is dit deel van de subsidiepot minder snel uitgeput. Particulieren moeten dan ook vooral haast maken met aanvragen van de subsidie als het een nieuwe auto betreft.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-06T10:42:35+01:006 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvragen subsidie elektrische auto kan nog

  • Inhoudingsvrijstelling dividendbelasting landgoedvennootschap

Inhoudingsvrijstelling dividendbelasting landgoedvennootschap

Per 1 januari 2022 is een nieuwe fiscale maatregel van kracht voor vennootschappen met landgoederen. Onder een aantal voorwaarden gaat voor de dividendbelasting een inhoudingsvrijstelling gelden. Welke voorwaarden zijn dit?

Fiscale faciliteiten voor landgoed
Onder de Natuurschoonwet 1928 kan een Nederlands of buitenlands landgoed vallen. Je hebt dan recht op fiscale faciliteiten met als doel het in stand houden van landgoederen en het bevorderen van natuurschoon in particulier bezit. De fiscale faciliteiten gelden voor diverse belastingen.

Nog geen faciliteit in de dividendbelasting
Heb je een vennootschap? Dan geldt tot nu toe voor je dat er in de dividendbelasting momenteel geen faciliteit geldt. Dit betekent dat de NSW-vennootschap dividendbelasting moet inhouden op dividenduitkeringen aan de aandeelhouders. In de praktijk blijkt dat in de meeste gevallen recht bestaat op teruggaaf of verrekening van de ingehouden dividendbelasting. Daarom is nu in het wetsvoorstel Fiscale verzamelwet 2022 een inhoudingsvrijstelling voorgesteld voor NSW-vennootschappen in de dividendbelasting.

Voorwaarden vrijstelling
Deze nieuwe inhoudingsvrijstelling voor de dividendbelasting geldt voor vennootschappen waarvan:

  • de bezittingen uitsluitend of hoofdzakelijk bestaan uit landgoederen in de zin van de NSW 1928;
  • de werkzaamheden ten minste hoofdzakelijk bestaan uit de instandhouding van die landgoederen; en
  • de overige werkzaamheden niet kunnen worden aangemerkt als het drijven van een onderneming.

Goedkeuring
Vooruitlopend op het wetsvoorstel is in het Besluit Inhoudingsvrijstelling NSW-vennootschappen al goedgekeurd dat inhouding van dividendbelasting achterwege kan blijven bij winstuitkeringen door NSW-vennootschappen.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2022-01-05T11:38:06+01:005 januari 2022|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Inhoudingsvrijstelling dividendbelasting landgoedvennootschap