Nieuws

Wet toekomst pensioenen definitief!

De Wet toekomst pensioenen is op 30 mei definitief geworden. De Eerste Kamer stemde in grote meerderheid voor.

Ingangsdatum

De wet gaat per 1 juli 2023 in, maar er geldt wel een overgangsregime voor bestaande pensioenregelingen tot 2028 (dat was in het wetsvoorstel eerst nog 2027).

Wat zijn de belangrijkste wijzigingen?

De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van het huidige pensioenstelsel zijn:
1. Alle pensioenregelingen worden premieovereenkomsten, met een flatratepremie (= eenzelfde premie voor iedere werknemer, ongeacht de leeftijd) van maximaal 30%. Uiterlijk derhalve per 2028, eerder mag.
2. Bestaande beschikbare premieregelingen met een stijgende staffel mogen in stand blijven voor alle werknemer die per 1 januari 2028 al in dienst zijn. Nieuwe werknemers krijgen vanaf die datum wel een flatratepremie.
3. Er moet adequaat gecompenseerd worden voor werknemers die er mogelijk op achteruitgaan. Dit is globaal de groep 45-68 jaar. Wat precies adequaat is, is niet vastgelegd en zal derhalve uitonderhandeld moeten worden per werkgever. De compensatie mag in extra pensioen (de flatrate wordt daartoe 33% tot 2037) of via extra salaris. In geval van extra pensioen geldt dat ook voor nieuwe werknemers gedurende de compensatieperiode.
4. Pensioenfondsen mogen kiezen tussen de solidaire premieovereenkomst of de flexibele premieovereenkomst (doorbeleggen). De eerste voorziet onder andere in beschermingsrendement voor gepensioneerden en mag een buffer kennen van 15% van het pensioenvermogen om mogelijke verlagingen van ingegane pensioenen op te vangen.
5. Opgebouwde (middel- of eindloon)pensioenen bij een verzekeraar mogen gewoon in stand blijven. Lopende middelloonregelingen mogen nog tot 2028 omgezet worden in een stijgende beschikbare premiestaffel (die dan weer voortgezet mag worden voor zittende werknemers).
6. Het partnerpensioen wordt gestandaardiseerd en mag maximaal 50% van het salaris bedragen en wordt per definitie op risico-basis verzekerd.
7. De mogelijkheid om 10% op de pensioeningangsdatum in één keer uit te laten keren (dit was al wet), gaat waarschijnlijk per 2024 in. Deze uitkering wordt dan belast in het jaar volgend op de AOW-ingang als de uitkering in het eerste jaar waarin AOW wordt ontvangen, wordt genoten. Op die manier hoeft daarover geen AOW-premie betaald te worden.
8. De lijfrente-aftrek gaat ook naar 30% (nu 13,3%) en de tijdelijke oudedagslijfrente blijft bestaan.
9. Het pensioen mag nog maar vanaf 10 jaar voor AOW-datum ingaan. Er hoeft dan geen verklaring meer te worden overgelegd dat uit het arbeidsproces wordt gestapt. Nu is de ingangsdatum nog helemaal vrij, maar er moet bij meer dan 5 jaar voor AOW-datum wel een verklaring overgelegd worden dat gestopt wordt met werken.
10. Tot slot mogen sociale partners verder praten over een regeling voor zware beroepen. Het huidige boetevrije Recht op Vervroegde Uittreding (vanaf 3 jaar voor AOW-datum) loopt per 2025 af.

Transitie

Uiteraard moet de hele pensioentransitie goed vastgelegd worden door middel van een transitieplan (waarin alle keuzes en gevolgen worden uitgelegd), een communicatieplan en een compensatieplan. Daarmee moeten zowel interne als externe toezichthouders instemmen. Het individuele bezwaarrecht van artikel 85 Pensioenwet is tijdelijk buiten werking gesteld. Nu kan een individuele werknemer bezwaar maken bij een collectieve waardeoverdracht. Om te bewerkstelligen dat iedereen overgaat naar het nieuwe systeem is besloten dat hiertegen geen bezwaar mogelijk is.

Let op! Als blijkt dat de transitie niet per 2028 lukt, kan de termijn verlengd worden met een jaar voor individuele pensioenfondsen. De Nederlandsche Bank als toezichthouder geef hiervoor dan toestemming. Mocht blijken dat het voor heel veel uitvoerders geldt, dan kan er uiteraard een generaal pardon komen vanuit de wetgever.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-06-02T20:06:04+02:002 juni 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Wet toekomst pensioenen definitief!

Subsidieregeling praktijkleren vanaf 2 juni weer van start

Wil je als werkgever een praktijk- of werkleerplaats aanbieden zodat mensen beter voorbereid zijn op de arbeidsmarkt? Kijk dan of je in aanmerking komt voor de Subsidieregeling praktijkleren.
De Subsidieregeling praktijkleren is een tegemoetkoming voor de kosten die je maakt voor de begeleiding van een leerling of student. Ook de loon- of begeleidingskosten van een promovendus of technologisch ontwerper in opleiding (toio) komen voor subsidie in aanmerking.

Doelgroep Subsidieregeling praktijkleren

De subsidieregeling is bedoeld voor:
• kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt voor wie toegang tot de arbeidsmarkt een probleem is;
• studenten die een opleiding volgen in sectoren waar een tekort ontstaat aan gekwalificeerd personeel;
• wetenschappelijk personeel, dat onmisbaar is voor de Nederlandse kenniseconomie.
Niet elke opleiding, onderwijsvorm of leerweg komt in aanmerking. De voorwaarden om voor subsidie in aanmerking te komen, verschillen per onderwijscategorie.

Aanvraag indienen bij de RVO

Je kunt jouw aanvraag indienen bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Op de website van de RVO staan alle voorwaarden per onderwijscategorie. Aanvragen is mogelijk vanaf vrijdag 2 juni a.s. om 9.00 uur. De subsidieregeling sluit op vrijdag 15 september 2023 om 17.00 uur.

Let op!Voor het indienen van de aanvraag is eHerkenning nodig (minimaal niveau 3 met machtiging RVO-diensten op niveau eH3).
Wanneer je voldoet aan de voorwaarden, kun je een subsidie ontvangen van maximaal € 2.700 per gerealiseerde praktijk- of werkleerplaats. De RVO neemt alle op tijd ingediende aanvragen in behandeling. Als er meer subsidie wordt aangevraagd dan beschikbaar is in een onderwijscategorie, dan wordt het budget evenredig over de ingediende aanvragen in die categorie verdeeld. Uiterlijk 30 december 2023 neemt de RVO een besluit over jouw aanvraag.

Administratie bijhouden

Tijdens de begeleidingsperiode moet je als werkgever een administratie bijhouden. U moet onder andere van elke leerling of student in het bezit zijn van de praktijkleerovereenkomst en de aanwezigheids- en begeleidingsadministratie. Deze moet je op verzoek kunnen verstrekken. De RVO voert steekproefsgewijs controles uit.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-06-02T20:02:05+02:002 juni 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidieregeling praktijkleren vanaf 2 juni weer van start

Bij zieke uitzendkrachten loon doorbetalen

Uitzendbureaus die gebonden zijn aan een uitzendcao moeten vanaf 1 juli 2023 het loon van een zieke uitzendkracht doorbetalen tot de einddatum van het contract. Tot 1 juli moet het uitzendbureau het loon van een zieke uitzendkracht ook doorbetalen, tenzij de inlener expliciet schriftelijk een beroep doet op het overeengekomen uitzendbeding.

Uitzendbeding

Tot een arrest van de Hoge Raad van 17 maart jl. was in de beide uitzendcao’s (de ABU cao en de NBBU cao) bepaald dat indien een uitzendbeding was overeengekomen in de uitzendovereenkomst deze overeenkomst ten einde kwam op het moment dat de uitzendkracht ziek werd. De uitzendkracht had dan recht op een Ziektewet-uitkering van het UWV. Er werd uitgegaan van de fictie dat de inlener bij ziekte een beroep had gedaan op het uitzendbeding ongeacht of dit feitelijk zo was ja of nee.

Actieve handeling inlener vereist

De Hoge Raad heeft op 17 maart 2023 echter bepaald dat deze fictie niet rechtsgeldig is, maar dat de inlener om de uitzendovereenkomst te beëindigen expliciet een beroep moet doen op het overeengekomen uitzendbeding. Heeft de inlener dat niet gedaan, dan komt de uitzendovereenkomst bij ziekte niet automatisch ten einde maar moet het uitzendbureau het loon van de uitzendkracht doorbetalen. Het UWV kan van het uitzendbureau verlangen dat deze een schriftelijke verklaring laat zien waaruit blijkt dat de inlener een beroep heeft gedaan op het uitzendbeding.

Wijziging situatie per 1 juli 2023

Als gevolg van een wijziging van de beide uitzendcao’s geldt vanaf 1 juli aanstaande dat voor uitzendbureaus die zijn gebonden aan een uitzendcao inleners niet langer de mogelijkheid hebben een beroep te doen op het uitzendbeding bij ziekte. Dit betekent dat deze uitzendbureaus gehouden zijn om het loon van de zieke uitzendkrachten door te betalen tot de einddatum van het contract. Hiermee gaan de uitzendcao’s nog een stap verder dan uit het arrest van de Hoge Raad naar voren is gekomen.

Let op! De zieke uitzendkracht heeft, zolang de uitzendovereenkomst voortduurt, recht op 90% van zijn loon gedurende de eerste 52 weken en op 80% gedurende de 53ste t/m de 104e week.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-06-02T19:56:17+02:002 juni 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Bij zieke uitzendkrachten loon doorbetalen

Vraag BTW zonnepanelen 2022 uiterlijk 30 juni terug

Kocht je in 2022 zonnepanelen voor op jouw woning? En vroeg je de BTW die je hierbij betaalde nog niet terug? Kom dan snel in actie. Je hebt hier nog tot 30 juni 2023 de tijd voor.

BTW zonnepanelen
Als je in 2022 zonnepanelen kocht en op jouw woning liet installeren, dan berekende de leverancier/installateur je 21% BTW. Deze BTW kun je terugvragen. Hoeveel BTW is afhankelijk van het soort zonnepanelen (niet-geïntegreerd of geïntegreerd), het opwekvermogen en het BTW-bedrag dat je betaalde.

Let op! Kocht je vóór 2022 ook al zonnepanelen, dan bestaat de kans dat je de BTW over de zonnepanelen uit 2022 niet terug kunt vragen. Onze adviseurs kunnen je hierover meer vertellen.

Deadline 30 juni 2023
Heb je de BTW over 2022 nog niet teruggevraagd, vraag de Belastingdienst dan uiterlijk 30 juni 2023 om uitreiking van een BTW-aangifte. Met deze BTW-aangifte kun je vervolgens de BTW terugvragen.

Ambtshalve vermindering
Vraag je na 30 juni 2023 pas om de uitreiking van een BTW-aangifte, dan ben je eigenlijk te laat. Je kunt de Belastingdienst dan nog wel verzoeken om met een zogenaamde ambtshalve vermindering de BTW aan je te betalen. Over het algemeen zal de Belastingdienst hieraan meewerken. Als dat niet gebeurt, kun je daar echter niet tegen in bezwaar of beroep bij een rechter. Daarom is het verstandig om gewoon op tijd om uitreiking van een BTW-aangifte te vragen.

Tip! Kocht je in de jaren 2018 tot en met 2021 zonnepanelen en vroeg je daar de BTW nog niet van terug? Dan kun je voor die jaren in 2023 ook nog verzoeken om een ambtshalve vermindering. Voor jaren tot en met 2017 is dat in 2023 niet meer mogelijk.

0% BTW vanaf 2023
Voor de levering en installatie van zonnepanelen op en in de nabijheid van woningen geldt vanaf 2023 0% BTW. Koop je in 2023 zonnepanelen voor op jouw woning, dan hoef je dus geen BTW meer terug te vragen.

Let op! Deed je in 2022 een vooruitbetaling voor zonnepanelen die in 2023 aan je geleverd zijn en op jouw woning geïnstalleerd zijn? Dan is op die vooruitbetaling wel 21% BTW berekend. Deze BTW kun je terugvragen bij de Belastingdienst. Vraag daarvoor ook uiterlijk 30 juni 2023 aan de Belastingdienst om een BTW-aangifte uit te reiken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-30T15:39:13+02:002 juni 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vraag BTW zonnepanelen 2022 uiterlijk 30 juni terug

Aanvraag SLIM-subsidie voor samenwerking en grootbedrijf tot 27 juli

Van 1 juni 9.00 uur tot en met 27 juli 2023 17.00 uur is het voor samenwerkingsverbanden in het MKB én voor het grootbedrijf in de sectoren landbouw, horeca en recreatie weer mogelijk om SLIM-subsidie aan te vragen. SLIM is een subsidieregeling voor leren en ontwikkelen in het MKB.

Doel SLIM-subsidie
De SLIM-subsidie is bedoeld voor initiatieven gericht op het stimuleren van leren en ontwikkelen.
De activiteit waarvoor subsidie wordt ontvangen, mag een looptijd van maximaal 24 maanden hebben. Deze periode van 24 maanden start de dag na toekenning van de subsidie.

Subsidiabele activiteiten
De volgende activiteiten komen in aanmerking voor subsidie:

• het doorlichten van de onderneming uitmondend in een opleidings- of ontwikkelplan;
• het verkrijgen van loopbaan- of ontwikkeladviezen ten behoeve van werkenden in de onderneming;
• het ondersteunen en begeleiden bij het ontwikkelen of invoeren van een methode in de onderneming die werkenden in de onderneming stimuleert hun kennis, vaardigheden en
beroepshouding verder te ontwikkelen tijdens het werk;
• het gedurende enige tijd bieden van praktijkleerplaatsen ten behoeve van een beroepsopleiding of een deel daarvan in de derde leerweg bij een erkend leerbedrijf.

Let op! De meeste activiteiten moeten nog aan voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor de SLIM-subsidie.

SLIM-subsidie voor samenwerkingsverbanden in het MKB
Het maximale budget voor subsidies voor samenwerkingsverbanden (van tenminste twee ondernemingen) in het MKB bedraagt voor het jaar 2023 €17,5 miljoen.
Om voor subsidie in aanmerking te komen, moeten de subsidiabele kosten minimaal €210.000 bedragen.

Let op! De maximale subsidie die kan worden toegekend per samenwerkingsverband is €500.000, per samenwerkingspartner mag deze echter maximaal €200.000 bedragen. Uitzondering hierop vormen landbouwbedrijven (maximaal €20.000), visserijbedrijven (maximaal €30.000) en goederenvervoer over de weg (maximaal €100.000). De subsidie bedraagt 60% van de subsidiabele kosten.

SLIM-subsidie voor grootbedrijf in landbouw, horeca en recreatie
Het maximale budget voor subsidies voor het grootbedrijf in landbouw, horeca en recreatie bedraagt voor het jaar 2023 €1,2 miljoen. Om voor subsidie in aanmerking te komen, moeten de subsidiabele kosten minimaal €5.000 bedragen.

Let op! Er kan maximaal €200.000 subsidie worden aangevraagd, met uitzondering van landbouwbedrijven. Deze kunnen maximaal €20.000 subsidie aanvragen. De subsidie bedraagt 60% van de subsidiabele kosten.

Praktijkleerplaatsen
De minimale subsidiabele kosten geldt niet voor praktijkleerplaatsen ten behoeve van een beroepsopleiding in de derde leerweg. De subsidie voor een praktijkleerplaats is maximaal €2.700. Voor een afgerond loopbaan- of ontwikkeltraject bedraagt de subsidie €700.

Registreren en aanvragen
Om in aanmerking te komen voor de SLIM-subsidie geldt een aantal voorwaarden. Deze verschillen per type aanvrager. Voordat je een aanvraag indient, moet je je registreren als aanvrager. Hiervoor ga je naar het Subsidieportaal van Uitvoering van Beleid. Van belang is dat je je registreert voor het juiste type aanvrager.
De beoordeling van de subsidieaanvraag vindt plaats op basis van volledigheid, inhoud en beschikbaar budget. Wanneer meer subsidie wordt aangevraagd dan het budget toelaat, dan vindt toewijzing plaats door middel van loting. Hierbij is het niet relevant op welk moment in de maanden juni en juli de aanvraag is ingediend. Dit geldt voor beide subsidies.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-30T15:29:11+02:002 juni 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvraag SLIM-subsidie voor samenwerking en grootbedrijf tot 27 juli

Pgb-dienstverleners niet uitsluiten van WW

De hoogste bestuursrechter, de Centrale Raad van Beroep, heeft bepaald dat persoonlijke dienstverleners die minder dan vier dagen per week werken in dienst van iemand met een persoonsgebonden budget (pgb), niet mogen worden uitgesloten van WW.

Casus

Het ging om een pgb-dienstverlener bij wie het UWV weigerde om in haar arbeidsverleden de jaren 2015 tot en met 2018 op te nemen. Ze had in die periode als huishoudelijk hulp in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning gewerkt. Vervolgens verleende ze van januari 2019 tot september 2019 zorg in het kader van de Wet langdurige zorg. Toen zij werkloos werd, vroeg ze een WW-uitkering aan, die het UWV afwees.

Verzekeringsplicht

Iemand die werkzaam is op basis van een privaatrechtelijke dan wel publiekrechtelijke dienstbetrekking is normaliter verzekerd voor de werknemersverzekeringen. Er geldt echter een uitzonderingsbepaling voor een persoonlijk dienstverlener die minder dan vier dagen per week in dienstbetrekking van een particulier werkt, zoals bij deze pgb-dienstverlener het geval was. Deze uitzonderingsbepaling is onderdeel van de Regeling dienstverlening aan huis die beoogt de arbeidsmarkt voor persoonlijke dienstverlening te stimuleren en illegale arbeid te voorkomen.

Indirecte discriminatie

De uitzonderingsbepaling mag echter naar het oordeel van de CRvB niet worden toegepast op de dienstverlener die vanuit een pgb wordt betaald. Dit omdat uit statistische data is gebleken dat er verhoudingsgewijs veel meer vrouwen dan mannen door de uitzonderingsbepaling worden getroffen. Op grond van Europese jurisprudentie is dit alleen toelaatbaar als de uitzonderingsbepaling objectief gerechtvaardigd is vanuit niet-discriminerende overwegingen. Deze objectieve rechtvaardiging ontbreekt bij dienstverleners die vanuit een pgb worden betaald.
Gebleken is namelijk dat de werkgelegenheid op de markt voor persoonlijke dienstverlening niet is bevorderd en dat illegale arbeid niet is voorkomen. Voor het indirecte onderscheid naar geslacht bestaat dus geen objectieve rechtvaardiging.

Dit betekent dat er voor de betreffende pgb-dienstverlener toch recht op WW bestaat en dat het UWV de gewerkte jaren als pgb-zorgverlener alsnog moet opnemen in haar arbeidsverleden.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-26T20:57:41+02:0026 mei 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Pgb-dienstverleners niet uitsluiten van WW

Handhaving btw-vrijstelling zorg, jeugdhulp, maatschappelijk werk en schuldhulp

Door een arrest van de Hoge Raad zouden instellingen die winst beogen met leveringen en diensten van sociale en culturele aard 21% btw moeten afdragen. Het kabinet vindt dat onwenselijk. Daarom is in een beleidsbesluit voorlopig geregeld dat zij een btw-vrijstelling mogen blijven toepassen.

Instellingen van sociale en culturele aard

Voor instellingen die leveringen en diensten van sociale en culturele aard aanbieden is in de wet een btw-vrijstelling opgenomen. Voorwaarde is onder meer dat zij geen winst beogen. Voor bepaalde instellingen die wel winst beogen, was in lagere regelgeving voor bepaalde diensten van sociale en culturele aard ook een btw-vrijstelling opgenomen. Het gaat hierbij om de leveringen en diensten verricht door:
1. instellingen van wijkverpleging voor zover de diensten niet onder een andere btw-vrijstelling vallen;
2. dagverblijven voor gehandicapten, die beschikken over een indicatiebesluit;
3. aanbieders van preventie gericht op jeugd (als bedoeld in artikel 1.1. van de Jeugdwet), mede voor het ter beschikking stellen van personeel;
4. samenwerkingsverbanden op het gebied van multidisciplinaire eerstelijns- en geboortezorg bekostigd door de Zorgverzekeringswet;
5. instellingen voor algemeen maatschappelijk en bedrijfsmaatschappelijk werk;
6. jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, mede voor het verstrekken van spijzen en dranken en het ter beschikking stellen van personeel;
7. instellingen die werkzaam zijn op het gebied van schuldhulpverlening, met uitzondering van bewindvoering in het kader van de wettelijke schuldregeling, voor zover de diensten niet onder een andere btw-vrijstelling vallen.

Arrest Hoge Raad

De Hoge Raad besliste op 14 april 2023, kort omschreven, dat de lagere regelgeving in strijd was met de wet. Dit heeft tot gevolg dat alle hiervoor genoemde instellingen die winst beogen ten onrechte de btw-vrijstelling toepassen. Zij zouden 21% btw moeten berekenen en afdragen.

Toch btw-vrijstelling

Het kabinet vindt dit onwenselijk en heeft daarom in een beleidsbesluit opgenomen dat deze instellingen vooralsnog toch de btw-vrijstelling mogen toepassen, ondanks dat zij winst beogen. Dit geldt ook voor het verleden.
Let op!De btw-vrijstelling geldt alleen als voldaan wordt aan de voorwaarden zoals die voorheen ook in de lagere regelgeving waren opgenomen. Het beleidsbesluit betekent dus geen uitbreiding van de btw-vrijstelling.

Aanpassing in de wet

Het kabinet gaat onderzoeken of de wet moet worden aangepast. Het beleidsbesluit blijft in ieder geval van kracht tot een permanente oplossing gevonden is.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-26T20:51:00+02:0026 mei 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Handhaving btw-vrijstelling zorg, jeugdhulp, maatschappelijk werk en schuldhulp

Automatische incasso motorrijtuigenbelasting vrachtwagens

Vanaf 1 juni 2023 kan de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagen via automatische incasso aan de Belastingdienst worden betaald.

Paarse krokodil
Eind 2006 trad een wet in werking met daarin een aantal maatregelen om de administratieve lasten te verminderen, ook wel bekend onder het Wijzigingsplan ‘Paarse krokodil’. Eén van die maatregelen betrof de mogelijkheid om de motorrijtuigenbelasting (hierna: mrb) voor vrachtwagens automatisch te laten incasseren door de Belastingdienst.

Vanaf 1 juni 2023
Oorspronkelijk zou deze maatregel per 1 januari 2008 in werking treden. Voor deze maatregel was echter een nieuw automatiseringssysteem bij de Belastingdienst nodig. Om die reden kon de maatregel nog niet in werking treden. Vanaf 1 juni 2023 wordt het nu echter wel mogelijk om de mrb voor vrachtwagens per automatische maandincasso te laten incasseren.

Let op!De betaling van de mrb voor vrachtwagens gebeurt nu per kwartaal of per jaar.

Tip!Voor alle andere motorrijtuigen is het al langer mogelijk om per automatische maandincasso te betalen.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-26T20:46:14+02:0026 mei 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Automatische incasso motorrijtuigenbelasting vrachtwagens

Deadline 2 juni 2023 voor definitieve NOW 5 en 6

De deadline voor definitieve aanvraag NOW 5 en NOW 6 is volgende week vrijdag 2 juni 2023. Haal je de deadline niet omdat je wacht op een derdenverklaring of een accountantsverklaring? Vraag dan uiterlijk 2 juni uitstel aan.

NOW

Werkgevers die tijdens de coronacrisis geconfronteerd werden met forse omzetverliezen, konden via de NOW een tegemoetkoming krijgen voor de loonkosten. De tegemoetkoming werd toegekend als voorschot op basis van een geschat omzetverlies. Nu de omzetverliezen bekend zijn, moet de definitieve NOW worden aangevraagd. De definitieve aanvraag dien je online in bij het UWV. Dit kan met en zonder eHerkenning. Je hebt hiervoor nog maar iets meer dan een week de tijd. De deadline is namelijk vrijdag 2 juni 2023.
De exacte periodes waar je nu de definitieve berekening voor moet aanvragen zijn de NOW 5 (november en december 2021 ofwel de zevende periode) en de NOW 6 ( januari, februari en maart 2022 of wel de achtste periode).

Derdenverklaring of accountantsverklaring

Je hebt een derdenverklaring nodig als jouw voorschot of definitieve tegemoetkoming tussen € 40.000 en € 125.000 ligt. Je hebt een accountantsverklaring nodig als jouw voorschot of definitieve tegemoetkoming € 125.000 of meer bedraagt.

Berekening definitieve NOW

Na de definitieve aanvraag berekent het UWV uw definitieve tegemoetkoming NOW op basis van uw werkelijke omzetverlies en jouw definitieve loonsom je ontvangt daarna van het UWV een definitieve beslissing.

Let op! Als je het omzetverlies te royaal heeft ingeschat, kan het zijn dat je te veel NOW heeft gehad en dat je deze geheel of deels moet terugbetalen. Heb je het omzetverlies te krap ingeschat, dan krijg je juist meer NOW dan verwacht. Omdat het voorschot 80% bedroeg, krijg je bij een juiste inschatting de nog resterende 20% uitbetaald.

Uitstel definitieve aanvraag

Wacht je nog op een derdenverklaring of een accountantsverklaring, dan kunt je uitstel aanvragen. Dit uitstel kunt je tot en met 2 juni 2023 aanvragen via een speciaal formulier bij het UWV. Je hebt dan tot en met 3 november 2023 de tijd om uw definitieve berekening aan te vragen.

Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-26T20:33:05+02:0026 mei 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Deadline 2 juni 2023 voor definitieve NOW 5 en 6

Afwijzing aanvraag betaalrekening en dan?

Je vraagt een betaalrekening aan bij een bank, maar de bank weigert deze voor jou te openen. Welke mogelijkheden heb je dan nog?

Witwassen en terrorismefinanciering
Als je een betaalrekening wilt openen, dan kan een bank jouw aanvraag afwijzen. Banken zijn namelijk wettelijk verplicht om witwassen en terrorismefinanciering te voorkomen. Zij kunnen jouw aanvraag afwijzen als ze het risico op misbruik van de rekening te groot vinden en niet de juiste maatregelen kunnen nemen om dit te voorkomen.

Bij ondernemers spelen daarnaast ook commerciële belangen. De bank kan om commerciële redenen besluiten om jouw aanvraag af te wijzen. Bijvoorbeeld omdat je niet past binnen het profiel en de doelstellingen van de bank.

Consument
Na een afwijzing heb je als consument nog een aantal mogelijkheden:

  1. Je probeert bij een andere bank een betaalrekening te openen.
  2. Als dat niet lukt, kun je bij ABN AMRO, ING, Rabobank of SNS een basisbetaalrekening voor jouw persoonlijke bankzaken aanvragen. Hiervoor geldt een aantal voorwaarden. Als je niet aan die voorwaarden voldoet, kan de bank deze aanvraag ook weigeren.
  3. Als je ook geen basisbetaalrekening kunt openen, kun je als laatste nog een aanvraag indienen voor een betaalrekening onder het Convenant Basisbankrekening. Bij zo’n rekening kan de bank je wel verplichten om de aanvraag samen met een erkende hulpverleningsorganisatie te doen en de rekening door zo’n organisatie te laten beheren.

Let op! Ook een basisbetaalrekening kent een aantal beperkingen ten opzichte van een gewone betaalrekening. Je kunt hierop namelijk niet roodstaan, je kunt geen creditcard gebruiken en u kunt geen spaarrekening openen.

Tip! In beginsel moet elke consument een betaalrekening kunnen openen. Als je vindt dat je ten onrechte wordt afgewezen, kun je een klacht indienen bij de bank. Ben je niet tevreden over de klachtafhandeling, dan kun je meestal een klacht indienen bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). Wil je weten of dat mogelijk is, doe dan de sneltest. Je kunt ook naar de rechter.

Zakelijke betaalrekening

Na een afwijzing heb je als ondernemer minder mogelijkheden. Je kunt bij een andere bank nog proberen een betaalrekening te openen. Lukt dat niet, dan kun je nog een klacht indienen bij de bank als je vindt dat je ten onrechte wordt afgewezen. Je kunt ook naar de rechter hiervoor.

Overleg Ministerie

In beginsel moet elke ondernemer een betaalrekening kunnen openen. Het Ministerie van Financiën erkent dat dit voor sommige sectoren moeilijk is. Zij ontvangen signalen dat onder andere autohandelaren, verenigingen en stichtingen, en sekswerkers vaak geen betaalrekening kunnen openen.

Het Ministerie van Financiën roept jou daarom op om je bij jouw brancheorganisatie te melden als je moeilijkheden hebt om een betaalrekening te openen. Het ministerie is in gesprek met de Nederlandsche Bank, de Nederlandse Vereniging voor Banken en verschillende brancheorganisaties over deze problematiek en over de wijze waarop dit opgelost kan worden. Voor een aantal sectoren is dit al in kaart gebracht.

Minister Kaag heeft de Nederlandse Vereniging van Banken gevraagd om in overleg met de banken een voorstel te doen voor een basisbetaalrekening voor zakelijke klanten.


Contact

Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2023-05-26T20:23:05+02:0026 mei 2023|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Afwijzing aanvraag betaalrekening en dan?