samenwerkenenverbinden

  • Subsidieregeling ‘NL leert door’ voortgezet

Subsidieregeling ‘NL leert door’ voortgezet

Via de subsidieregeling ‘NL leert door’ kan ook dit jaar subsidie worden aangevraagd voor het aanbieden van (online) scholing. Doel is een bijdrage te leveren aan het behoud van werk of het versterken van de arbeidsmarktpositie van werkenden en niet-werkenden.

De regeling is met name gericht op personen die werkloos zijn of dreigen te raken als gevolg van de Coronacrisis. Vanwege het succes van de regeling wordt deze dit jaar voortgezet.

Derde aanvraagtijdvak
De derde periode waarin de subsidie kan worden aangevraagd loopt van woensdag 1 september 2021 tot en met woensdag 8 september 2021. Hiervoor is €30 miljoen beschikbaar. De kortere openstelling van het derde aanvraagtijdvak heeft te maken met de invoering van een lotingssysteem voor dit tijdvak.

Loting
In de eerdere twee aanvraagtijdvakken verliep het aanvraagproces op basis van het principe ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’. Dit wordt nu dus vervangen door een systeem van loting via een notaris.

Volledigheid van belang
Aanvragen die op het moment van loting nog niet volledig zijn, belanden pas op het moment dat die zijn aangevuld door de aanvrager én wel volledig zijn, achteraan in de rij die op basis van de loting is vastgesteld. Het is dus belangrijk een volledige subsidieaanvraag in te dienen.

Hardheidsclausule
Nieuw is dat een opleider, opleiderscollectief of samenwerkingsverband in het derde aanvraagtijdvak een beroep kan doen op de hardheidsclausule als er sprake is van een uitzonderingssituatie die zal leiden tot onbillijkheid. Dit beroep zal moeten worden onderbouwd. De hardheidsclausule zal echter slechts beperkt worden toegepast.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-23T11:26:39+02:0023 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidieregeling ‘NL leert door’ voortgezet

  • Drankje bij toegangsticket, hoog of laag BTW-tarief?

Drankje bij toegangsticket, hoog of laag BTW-tarief?

Als je verschillende prestaties aanbiedt, kunnen die voor de BTW onder omstandigheden toch als één prestatie worden aangemerkt. Onder andere wanneer er sprake is van een ‘bijkomende prestatie’. Maar wanneer is hiervan sprake?

Toegang tot theater plus drankje
Eerder legde een ondernemer bovenstaande vraag voor aan de rechter. De ondernemer exploiteerde een schouwburg annex theater. Er werd één toegangsprijs gehanteerd, waarin naast het verlenen van toegang een vergoeding was begrepen voor gebruik van de garderobe, een drankje in de pauze en administratiekosten.

Alcoholisch drankje met 9% BTW?
Desgewenst kon het pauzedrankje ook een alcoholisch drankje zijn. De ondernemer was van mening dat ook dan slechts het lage BTW-tarief van 9% in plaats van het BTW-tarief van 21% van toepassing was, ervan uitgaande dat het drankje een bijkomende prestatie was.

Wanneer splitsing in verschillende BTW-tarieven niet nodig?
De rechter stelde dat splitsing van de prestatie in meerdere BTW-tarieven niet nodig is als een splitsing als kunstmatig moet worden aangemerkt. Daarvan was hier geen sprake. Splitsing is ook niet nodig als er sprake is van een bijkomende prestatie. Het tarief van een dergelijke prestatie volgt namelijk het tarief van de hoofdprestatie.

Drankje bijkomende prestatie?
De rechter was van mening dat in dit geval het drankje niet als bijkomende prestatie van de hoofdprestatie, het verlenen van toegang tot de schouwburg, kan worden gezien. Het drankje was volgens de rechter namelijk geen middel om optimaal gebruik te kunnen maken van de hoofdprestatie, het bijwonen van een voorstelling.

Verschillende belangen
Volgens de rechter moet ook worden meegewogen dat het drankje voor iedere bezoeker een verschillend belang kent. Daarnaast wijst ook het feit dat een aparte vergoeding moet worden betaald en dat men vrij is de prestatie al dan niet af te nemen er op dat er geen sprake is van een bijkomende prestatie. Het drankje is voor de gemiddelde bezoeker juist een afzonderlijk belang, aldus de rechter en dus werd de inspecteur in het gelijk gesteld.

Vergelijking met obstacle run?
De ondernemer wees nog op de andersluidende uitspraak uit 2017 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake een zogenaamde obstacle run. In die zaak werd aan het eind van deze sportieve strijd aan de deelnemers eveneens een alcoholisch drankje verstrekt en een t-shirt. De rechter ging hier aan voorbij met de opmerking dat de feitelijke situatie hier anders was.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-06T13:39:29+02:006 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Drankje bij toegangsticket, hoog of laag BTW-tarief?

  • Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

Als je moet interen op je vermogen om de verschuldigde belasting te kunnen betalen, is dit een aanwijzing dat er sprake kan zijn van een zogenaamde buitensporige last. Dit blijkt uit een recent arrest van de Hoge Raad. De zaak werd voor verder onderzoek doorverwezen naar het hof.

Heffing Box 3
In genoemde zaak ging het om de belastingheffing in Box 3. Deze gaat uit van een verondersteld rendement en niet van het werkelijk behaalde rendement. Deze heffing staat met name vanwege de lage rentestand dan ook al jaren ter discussie en wordt door vele belastingplichtigen ook aangevochten via bezwaarprocedures.

Individuele en buitensporige last
Volgens huidig recht is het kort gezegd niet toegestaan belasting te heffen indien deze heffing leidt tot een ‘individuele en buitensporige last’. In genoemde zaak voor de Hoge Raad was de vraag aan de orde of hiervan sprake was.

Belastingheffing hoger dan rendement
In deze zaak bedroeg in het jaar 2017 het rendement in Box 3 op het daarin aanwezige vermogen van de belastingplichtige €1.244 terwijl €1.354 betaald moest worden aan belasting in Box 3. De Hoge Raad moest zich in deze zaak dan ook uitspreken over de vraag of dit betekende dat er sprake was van een individuele en buitensporige last.

Interen op vermogen?
Als de belastingheffing hoger is dan het behaalde rendement, moet volgens de Hoge Raad ook in aanmerking worden genomen of en in hoeverre iemand een zodanig laag inkomen heeft dat hij op zijn vermogen moet interen om de belasting te voldoen. De wetgever heeft immers geen belastingheffing beoogt waardoor men op zijn vermogen moet interen om de verschuldigde belasting te kunnen voldoen, aldus de Hoge Raad. Is dit wél het geval, dan kan er dus sprake zijn van een buitensporige last. De zaak werd verwezen naar een ander hof om dit uit te zoeken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-03T10:52:34+02:003 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

  • Vaststelling TVL eerste kwartaal 2021 van start

Vaststelling TVL eerste kwartaal 2021 van start

In de eerste week van augustus start de vaststelling van de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) voor het eerste kwartaal van 2021. Ondernemers krijgen van de RVO een e-mail om een vaststellingsverzoek in te dienen met de werkelijke omzetcijfers.

TVL eerste kwartaal 2021
De TVL is een tegemoetkoming in de vaste lasten voor ondernemers die vanwege Corona met een omzetverlies van minstens 30% te maken hebben. Van de vaste lasten wordt in het eerste kwartaal 2021, afhankelijk van het omzetverlies, 85% gecompenseerd. Bij bijvoorbeeld 50% omzetverlies, wordt dus 50% x 85% van de vaste lasten gecompenseerd.

Let op! De vaste lasten worden berekend op basis van branchecijfers en niet op basis van de werkelijke vaste lasten.

Voorschot
De TVL wordt in eerste instantie uitgekeerd op basis van een voorschot van 80% van het geschatte omzetverlies. Pas als het definitieve omzetverlies bekend is, kan de werkelijke hoogte van de TVL worden bepaald. Daarom moeten ondernemers het werkelijke omzetverlies vóór 1 oktober van dit jaar doorgeven.

Deadline vaststelling TVL vierde kwartaal 2020 opgeschort
De deadline voor de vaststelling van de TVL over het vierde kwartaal van 2020 is opgeschort en verschoven naar 1 september 2021. Oorspronkelijk moest de werkelijke omzet over het vierde kwartaal van 2020 vóór 1 juli van dit jaar worden doorgegeven, maar dit wordt nu dus vóór 1 september zodat ondernemers hiervoor twee maanden extra de tijd hebben.

Betalingsregeling
Als ondernemers het omzetverlies te hoog hebben ingeschat, moet mogelijk te veel ontvangen TVL worden terugbetaald. Wanneer dit moeilijkheden oplevert, kan hiervoor met de RVO een betalingsregeling worden afgesproken. Deze is renteloos.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-02T12:09:44+02:002 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vaststelling TVL eerste kwartaal 2021 van start

  • Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

De Belastingdienst is niet langer van mening dat het gebruikelijk loon van de DGA van een BV onder alle omstandigheden minstens gelijk moet zijn aan het minimumloon.

Hoogte gebruikelijk loon
Het gebruikelijk loon dient volgens de wet te worden vastgesteld op 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking of op het hoogste loon van de werknemers die in dienst zijn bij de BV, indien een van deze bedragen meer is dan €47.000. Is het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking lager dan €47.000, dan wordt het gebruikelijk loon vastgesteld op dit bedrag.

Minimumloon
Tot nu toe vond de Belastingdienst dat in bijzondere situaties een lager gebruikelijk loon kan worden vastgesteld dan volgens bovenstaande regeling. Bijvoorbeeld voor DGA’s van een startende BV of in bepaalde gevallen als een BV verliesgevend is. Wel moest dan ten minste het minimumloon als gebruikelijk loon worden uitgekeerd. Dit standpunt heeft de fiscus nu verlaten.

Opvatting rechter gevolgd
Met dit nieuwe standpunt volgt de Belastingdienst de opvatting van de rechter. In een recente uitspraak van de rechtbank in Arnhem besliste deze dat onder omstandigheden ook een lager gebruikelijk loon dan het minimumloon mogelijk is. In deze zaak was er sprake van een zeer geringe omzet en werd er verlies geleden als werd uitgegaan van het wettelijk in aanmerking te nemen gebruikelijk loon.

Overleg mogelijk
De Belastingdienst geeft in het Handboek Loonheffingen aan dat een lager gebruikelijk loon dan het minimumloon onder omstandigheden bijvoorbeeld mogelijk is wanneer een BV structureel verlies lijdt en bij startende BV’s. Aangegeven wordt dat bij twijfel contact kan worden opgenomen met de Belastingdienst.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-28T09:36:02+02:0028 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Lager gebruikelijk loon dan minimumloon mogelijk

  • Hoge Raad beperkt aftrek BTW op woning met zonnepanelen

Hoge Raad beperkt aftrek BTW op woning met zonnepanelen

Als je een woning voorziet van zonnepanelen, is de BTW op deze zonnepanelen in beginsel aftrekbaar. Of de BTW op de woning zelf door de plaatsing van de zonnepanelen ook aftrekbaar is, is nog maar de vraag. Dit volgt uit een recent arrest van de Hoge Raad.

BTW zonnepanelen
Dat de btw op de zonnepanelen zelf aftrekbaar kan zijn, volgt uit het feit dat de opgewekte energie wordt teruggekeerd aan de energiemaatschappij. De eigenaar van de zonnepanelen opereert hiermee als ondernemer.

BTW op woning ook aftrekbaar?
Er wordt al jaren gediscussieerd en geprocedeerd over de vraag of ook de BTW op de woning waarop de zonnepanelen zijn bevestigd, aftrekbaar is. De woning is immers noodzakelijk voor de bevestiging van de zonnepanelen en zou daarom ook tot het ondernemingsvermogen voor de BTW moeten kunnen worden gerekend, zo is de redenering.

Hoge Raad akkoord
In 2017 had het hof Arnhem de aftrek van BTW op een woning waarop zonnepanelen waren geplaatst, toegestaan. Deze woning behoorde tot het ondernemingsvermogen van de belastingplichtige. De BTW op het deel van het dak waarop de zonnepanelen waren geplaatst, kwam volgens het hof voor aftrek in aanmerking. De Hoge Raad ging hiermee akkoord.

Hoge Raad niet akkoord
Onlangs besliste de Hoge Raad in een vergelijkbare situatie dat de BTW op een deel van de woning door plaatsing van zonnepanelen niet aftrekbaar is. In deze zaak ging het om een DGA die een werkruimte in zijn woning aan zijn BV verhuurde. De DGA kon de woning dus ook niet tot het ondernemingsvermogen rekenen, wat een mogelijke verklaring voor de andersluidende visie van de Hoge Raad kan zijn.

Rechtstreeks en onmiddellijk verband
Volgens het arrest dient er een ‘rechtstreeks en onmiddellijk verband’ te bestaan tussen de aankoop van de woning en de te leveren zonne-energie. Volgens de Hoge Raad is onvoldoende aangetoond dat dit verband bestaat en dus staat de Hoge Raad de aftrek van de BTW op een deel van het dak niet toe.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-27T09:50:32+02:0027 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Hoge Raad beperkt aftrek BTW op woning met zonnepanelen

  • Voorkom een boete door te laat melden datalek

Voorkom een boete door te laat melden datalek

Bij een beveiligingsincident moet er voortvarend worden gehandeld. Vaak is er nader onderzoek nodig om te kunnen vaststellen of er sprake is van een datalek. Het binnen 72 uur doen van een pro forma melding bij een mogelijk datalek, kan een boete besparen.

Onlangs kreeg een groot bedrijf een boete van €475.000 opgelegd door de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) vanwege het te laat melden van een grootschalig datalek. Welke lessen kunnen hieruit getrokken worden?

Wanneer melding datalek?
Op grond van artikel 33 van de AVG moet een inbreuk op de persoonsgegevens, ook wel datalek genoemd, zonder onredelijke vertraging en indien mogelijk binnen 72 uur nadat de verwerkingsverantwoordelijke hiervan kennis heeft genomen, worden gemeld bij de AP. Dat is in ieder geval nodig als er een redelijke mate van zekerheid bestaat dat zich een veiligheidsincident heeft voorgedaan dat tot de compromittering van persoonsgegevens heeft geleid. Het maken van een melding is niet nodig als het niet waarschijnlijk is dat die inbreuk een risico inhoudt voor de rechten en vrijheden van natuurlijke personen.

Tijd voor onderzoek
In veel gevallen zal er onderzoek nodig zijn of er daadwerkelijk sprake is van een datalek. Dat onderzoek kan enige tijd in beslag nemen. Toch is het noodzakelijk om ieder incident onmiddellijk te onderzoeken om te bepalen of er sprake is van een inbreuk op persoonsgegevens. Als er van een inbreuk sprake is, moeten er ook direct maatregelen worden genomen om dit te corrigeren en moet het datalek worden gemeld. Op basis van de AVG zou een termijn van 72 uur hiervoor in principe voldoende moeten zijn.

Te laat…
Het grote bedrijf dat eerder een boete kreeg, vond dat de overschrijding van deze 72 uurs-termijn gerechtvaardigd was, omdat het bedrijf eerst onderzoek moest doen voordat het het incident kon melden. Daarnaast vond de onderneming dat zij vanuit efficiency-oogpunt incidenten had mogen bundelen, ook al werd hierdoor de 72 uurs-termijn overschreden.

De rechter oordeelde echter dat het bedrijf de nodige steken had laten vallen en, ook na de eerste melding, onvoldoende voortvarend had gehandeld. Daarbij was van belang dat de onderneming niet had gehandeld conform haar eigen protocollen, waarin was opgenomen dat ieder vermoeden van een incident direct moest worden doorgezet naar het Security Team.

Pro-formamelding
De eerste les die uit deze uitspraak kan worden getrokken is dat het verstandig is om bij een mogelijk datalek binnen 72 uur in ieder geval een pro-formamelding bij de AP te doen. Daarmee kun je een boete vanwege een te late melding voorkomen.

Tip! Vermeld in de pro-formamelding welke actie er al ondernomen is en dat het onderzoek nog loopt. Daarnaast is het van belang dat de eigen protocollen strikt worden nageleefd, zoals het opvolgen van de daarin genoemde escalatielijn. Als er van de eigen protocollen wordt afgeweken, kan dit ertoe leiden dat er niet adequaat is opgetreden en kan er een boete worden opgelegd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-26T10:47:04+02:0026 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Voorkom een boete door te laat melden datalek

  • Nieuwe regels registratie medisch-specialistische zorg

Nieuwe regels registratie medisch-specialistische zorg

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft eerder aangekondigd dat per 1 januari 2022 de regels die gelden bij de registratie van medisch-specialistische zorg (MSZ) worden aangepast. De uitvoerende zorgverlener (de beroepsbeoefenaar die de zorg feitelijk levert) moet vanaf dan de zorgactiviteit registreren op zijn eigen unieke AGB-code. De nieuwe regels gelden voor alle zorgverleners die zo’n code kunnen aanvragen.

De nieuwe regels hebben als doel dat er een halt wordt toegeroepen aan de steeds stijgende zorgkosten en personeelstekorten. Om die reden wil de NZa inzichtelijker maken op welke momenten in het zorgproces de zorg wordt overgedragen door de medisch specialist aan ondersteunende zorgverleners, zoals bijvoorbeeld de physician assistant (PA) of de verpleegkundig specialist (VS).

Dat inzicht ontbreekt nu nog, omdat zorgactiviteiten doorgaans niet worden geregistreerd op degene die de zorg feitelijk verleent. Daarnaast geven de nieuwe regels meer inzicht in hoe het zorgproces ook anders, en daarmee goedkoper en efficiënter, kan worden ingericht.

Impact
Juist omdat op dit moment in de praktijk zorgactiviteiten meestal worden geregistreerd op de AGB-code van de verantwoordelijke medisch-specialist hebben de nieuwe regels een behoorlijke impact op de zorgverleners. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat hierdoor op basis van de afspraken die u heeft gemaakt met zorgverzekeraars lagere vergoedingen worden verstrekt voor de verleende zorg.

Tip! Evalueer tijdig hoe de exacte afspraken met de zorgverzekeraars luiden om te kunnen bepalen wat exact de impact is op de praktijkvoering.

Een goede voorbereiding
Om ervoor te zorgen dat er voor 1 januari 2022 kan worden voldaan aan de nieuwe regels is het noodzakelijk dat er tijdig een unieke AGB-code wordt aangevraagd voor alle ondersteunende zorgverleners die zo’n code kunnen aanvragen. Dit geldt onder meer voor de physician assistant en de verpleegkundig specialist, maar bijvoorbeeld niet voor arts-assistenten. Voor zorgverleners die niet onder de medisch-specialistische zorg, zoals huisartsen, geldt de verplichting ook niet.

Let op! De verwachting is dat de doorlooptijd van de aanvraag de komende maanden en zeker richting het einde van het jaar gaat stijgen. Wacht dus niet te lang met de aanvraag van de AGB-codes

De ICT en de werkprocessen
Naast de aanvraag van de AGB-codes en de evaluatie van de afspraken met de zorgverzekeraars is het van belang dat tijdig wordt beoordeeld of het gebruikte ICT-systeem voorziet in de mogelijkheid om alle betrokken medewerkers hun zorgactiviteiten te laten registreren op hun eigen AGB-code.

Tip! Zorg er tevens voor dat je de werkprocessen aanpast, zodat iedere betrokken zorgverlener ook daadwerkelijk zijn of haar zorgactiviteiten op zijn of haar eigen AGB-code registreert.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-23T12:06:27+02:0023 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Nieuwe regels registratie medisch-specialistische zorg

  • Loket NOW gaat per 26 juli open

Loket NOW gaat per 26 juli open

Vanaf maandag 26 juli kunnen werkgevers opnieuw NOW aanvragen. Dit keer betreft het de NOW voor de periode juli t/m september 2021. Op de site van het UWV tref je dan het aanvraagformulier aan dat tot en met 30 september kan worden ingediend.

Beperking tot 80% omzet
De NOW voor de periode juli t/m september kent een belangrijke beperking ten opzichte van de vorige periode doordat een maximaal omzetverlies kan worden opgevoerd van 80%. Bij een hoger omzetverlies wordt dus minder NOW uitgekeerd.

Vergoeding maximaal 68%
De vergoeding via de NOW bedraagt 85% van de loonkosten, afhankelijk van het omzetverlies. Bij een omzetverlies van bijvoorbeeld 50% krijg je 85% x 50% = 42,5% van de loonkosten vergoed. Vanwege de ingevoerde beperking bedraagt de tegemoetkoming voor deze periode dus maximaal 85% x 80% = 68% van de loonkosten.

Uitvoering vertraagd
Door de beperking is ook de uitvoering vertraagd en kan de tegemoetkoming pas vanaf 26 juli worden aangevraagd in plaats van 5 juli, zoals oorspronkelijk de planning was.

Referentiemaand februari 2021
Voor de hoogte van de loonsom wordt uitgegaan van februari 2021. Voor de vorige periode was dit nog juni 2020. De loonsom mag met maximaal 10% dalen ten opzichte van de loonsom in februari 2021 zonder dat dit gevolgen heeft voor de definitieve tegemoetkoming.

Nauwkeurig schatten
Het is in het belang van de werkgever zelf dat hij het omzetverlies voor de periode juli t/m september zo goed mogelijk schat en desnoods de aanvraag iets later indient. Een teveel aan ontvangen NOW moet namelijk bij de definitieve vaststelling weer worden terugbetaald.

Einde in zicht?
Volgens eerdere berichten is dit in beginsel de laatste periode waarvoor NOW kan worden aangevraagd. Het kabinet heeft namelijk het voornemen om de steunmaatregelen vanwege Corona vanaf oktober dit jaar te beëindigen. Er is echter een voorbehoud gemaakt voor onverwachte ontwikkelingen, zodat bepaalde steunmaatregelen dan toch kunnen worden verlengd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-23T11:24:12+02:0023 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Loket NOW gaat per 26 juli open

  • Subsidieregeling evenementen uitgebreid

Subsidieregeling evenementen uitgebreid

De subsidieregeling voor de evenementenbranche is tijdelijk uitgebreid. Dit betekent onder meer dat een vergoeding van 100% van de kosten kan worden verkregen als een evenement vanwege Corona moet worden afgelast.

Subsidie
Omdat het vanwege Corona twijfelachtig is of evenementen mogen doorgaan en onder welke voorwaarden, is er een subsidie beschikbaar voor evenementen die verplicht moeten worden afgelast. Dit betreft tot 14 augustus onder andere evenementen waarbij de bezoeker niet beschikt over een vaste zitplaats.

Verhoging subsidie tot 100%
De subsidie kent een maximum van 80% van de kosten, met een aanvulling tot 100% als lening. De terugbetaling van deze aanvulling vervalt voor evenementen in de periode van 10 juli tot en met 3 september 2021.

Verlenging aanvraagperiode
Ook de aanvraagperiode voor de subsidie wordt verlengd. Organisatoren kunnen een aanvraag indienen tot drie weken na inwerkingtreding van de uitbreiding van de garantieregeling, óf indien dat later is, tot drie weken voor de geplande evenementdatum.

Eerder georganiseerd
Voor de verruimde subsidie geldt dat eenzelfde evenement minstens één keer eerder moet zijn georganiseerd. Oorspronkelijk moest dit minimaal twee keer zijn.

Welke kosten zijn gedekt?
De gedekte kosten zijn bijvoorbeeld die van onderaannemers en leveranciers. Zoals voor de opbouw van tribunes, security en technische voorzieningen. Aanbetalingen voor artiesten van buiten de EU worden daarnaast toegevoegd aan de subsidiabele kosten en vallen daarmee onder de oorspronkelijke regeling die loopt van 1 juli t/m 31 december.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-22T10:00:58+02:0022 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Subsidieregeling evenementen uitgebreid