Belasting

  • Vrije ruimte WKR in 2022 weer beperkt

Vrije ruimte WKR in 2022 weer beperkt

De vrije ruimte in de werkkostenregeling wordt in 2022 weer beperkt. De vrije ruimte was in 2020 en 2021 verruimd vanwege de Coronacrisis. Dat de vrije ruimte in 2022 wordt beperkt, blijkt uit het Belastingplan 2022 dat met Prinsjesdag is gepresenteerd.

Werkkostenregeling
Via de werkkostenregeling kan een werkgever zijn personeel onbelast allerlei zaken vergoeden en verstrekken. Blijft de werkgever in een jaar binnen de zogenaamde vrije ruimte, dan betaalt ook de werkgever geen belasting. Overschrijdt hij de vrije ruimte, dan betaalt hij 80% belasting via de eindheffing.

Omvang vrije ruimte
De vrije ruimte bedraagt dit jaar 3% van de loonsom tot €400.000. Over het meerdere is de vrije ruimte 1,18%. Volgend jaar bedraagt de vrije ruimte over de eerste €400.000 nog 1,7%. Over het meerdere van de loonsom blijft de vrije ruimte 1,18%.

Doorschuiven niet mogelijk
Werkgevers kunnen de vrije ruimte gebruiken om extraatjes belastingvrij uit te keren, bijvoorbeeld een eindejaarsbonus. De vrije ruimte die dit jaar niet gebruikt wordt, kan niet worden doorgeschoven naar volgend jaar.

Anticiperen
Werkgevers doen er goed aan wel te anticiperen op het gebruik van de vrije ruimte tot nu toe. Is nog een deel van de vrije ruimte niet gebruikt, dan kan bijvoorbeeld nu iets extra worden gedaan in plaats van volgend jaar. Denk aan een duurder kerstpakket. Daarbij moet wel rekening worden gehouden met de gebruikelijkheidstoets.

Gebruikelijkheidstoets
De gebruikelijkheidstoets betekent dat een vergoeding of verstrekking niet meer dan 30% mag afwijken van wat in vergelijkbare omstandigheden gebruikelijk is. Over bedragen tot €2.400 per werknemer per jaar doet de fiscus niet moeilijk. Tot deze grens wordt er in beginsel van uitgegaan dat de vergoedingen en verstrekkingen aan het personeelslid gebruikelijk zijn geweest.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-11T09:18:49+02:0011 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Vrije ruimte WKR in 2022 weer beperkt

  • Aandelenopties vanaf 2022 flexibeler belast

Aandelenopties vanaf 2022 flexibeler belast

Vanaf volgend jaar kan een werknemer kiezen wanneer hij belasting wil betalen over verkregen aandelenopties. Door deze keuzevrijheid wordt het met name voor IT-bedrijven aantrekkelijker om personeel te belonen via aandelenopties. Dit voorstel is op Prinsjesdag bekendgemaakt.

Huidige regeling
Volgens de huidige regeling worden aandelenopties belast op het moment dat de opties worden omgezet in aandelen. Een nadeel hiervan is dat er soms al belasting betaald moet worden op een moment dat de aandelen nog niet verkocht mogen worden of dat er nog niet voldoende middelen zijn om de belasting te betalen.

Nieuwe regeling
In de nieuw voorgestelde regeling moet de belasting in beginsel betaald worden op het moment waarop de bij uitoefening van de optie verkregen aandelen verhandelbaar zijn. Op dat moment is er namelijk wel geld beschikbaar om de belasting te kunnen betalen.

Keuze
Een werknemer kan er onder de nieuwe regeling ook voor kiezen de optie volgens de huidige regeling te belasten. De werknemer kan hiervoor kiezen als hij bijvoorbeeld geen problemen heeft om de verschuldigde belasting te betalen.

Uitzondering
Er komt een uitzondering op de regeling als een werknemer de verkregen aandelen niet mag verkopen als gevolg van een contractuele beperking. In dat geval moet de belasting betaald worden uiterlijk vijf jaar na de beursgang van het bedrijf. Is het bedrijf reeds beursgenoteerd, dan vindt belastingheffing uiterlijk vijf jaar na uitoefening van de optie plaats.

Let op! Het voorstel moet nog door het parlement worden goedgekeurd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-10-07T09:16:49+02:007 oktober 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aandelenopties vanaf 2022 flexibeler belast

  • Sparen en beleggen iets minder zwaar belast

Sparen en beleggen iets minder zwaar belast

Sparen en beleggen wordt volgend jaar iets minder zwaar belast. Dit blijkt uit de stukken die op Prinsjesdag zijn gepresenteerd.

Belasting box 3
De belasting op sparen en beleggen vindt plaats via een heffing op het privévermogen dat zich in box 3 bevindt. In deze box wordt voor sparen en beleggen uitgegaan van een forfaitair rendement, los van de vraag of dit rendement ook daadwerkelijk wordt behaald.

Heffingsvrij vermogen
Belastingplichtigen hebben in box 3 ieder ook recht op een vrijstelling van een deel van het vermogen. Voor 2022 bedraagt dit €50.650 per persoon, zodat fiscale partners samen recht hebben op een vrijstelling van €101.300. Dit is €1.300 ofwel 1,3% meer vanwege de inflatiecorrectie.

Rendement lager
Vanwege het feit dat de rendementen de afgelopen tijd zijn gedaald, is ook het forfaitaire rendement lager vastgesteld. Box 3 kent drie schijven, waarvoor het forfaitaire rendement is bepaald op 1,82%, 4,37% en 5,53%. De eerste schijf is van toepassing op de eerste €50.000 van het belastbare vermogen, de tweede schijf op de volgende €900.000 en de derde schijf op het meerdere van het vermogen.

Wat scheelt dat nu?
Hoeveel minder belasting in box 3 je gaat betalen, hangt af van de omvang van je vermogen. Zo betalen fiscale partners met een vermogen van €500.000 nu €4.774 aan belasting in box 3 en volgend jaar €4.596, ofwel €178 minder. Bezitten ze een vermogen van €1.500.000, dan betalen ze nu €18.728 en in 2022 €18.132, ofwel €596 minder.

Let op! Alle plannen moeten nog door het parlement worden goedgekeurd.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-29T09:16:32+02:0029 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Sparen en beleggen iets minder zwaar belast

  • Premies ZW en WGA volgend jaar omhoog

Premies ZW en WGA volgend jaar omhoog

De gemiddelde werkgeverspremies voor de ziektewet (ZW) en voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WGA) gaan volgend jaar omhoog. Dit heeft het UWV bekendgemaakt.

Stijging gemiddeld 17,2% en 7,7%
De ZW-premie stijgt volgend jaar gemiddeld van 0,58% naar 0,68%. Dit komt neer op een gemiddelde premiestijging van 17,2%. De WGA-premie stijgt van 0,78% naar 0,84%, een gemiddelde stijging van 7,7%.

Verschil per sector
De ZW-premie en de WGA-premie verschillen per sector en naar bedrijfsgrootte. Daardoor kunnen individuele verschillen afwijken. Zo bedraagt bijvoorbeeld volgend jaar de ZW-premie voor de taxisector 1,62%, terwijl deze premie voor de verzekeringssector slechts 0,11% bedraagt. Eenzelfde beeld zien we bij de WGA-premie die voor de taxisector 2,26% is en voor de verzekeringssector 0,38%.

De hoogte van de premies voor de WGA en Ziektewet is verder mede afhankelijk van de grootte van de werkgever. Voor kleine werkgevers is een sectorale premie van toepassing.

Oorzaken
De WGA-premie stijgt met name door een toename van uitkeringsgerechtigden, onder meer door een verhoging van de pensioenleeftijd. De verhoging van de ZW-premie wordt met name veroorzaakt door een grotere stijging van de lasten dan verwacht.

Wijziging loonsomgrens
Een andere wijziging betreft de loonsomgrens tussen kleine en middelgrote werkgevers die met ingang van 1 januari 2022 wordt verlegd van 10 naar 25 maal het gemiddelde loon per werknemer. Door deze wijziging neemt het aantal kleine werkgevers toe en het aantal middelgrote werkgevers af.

Let op! De Belastingdienst stuurt voor aanvang van het nieuwe premiejaar een beschikking of mededeling aan elke werkgever met de voor de werkgever geldende premiepercentages WGA en Ziektewet.

Let op! Een werkgever kan ook voor de beide ZW- en WGA-verzekeringen eigenrisicodrager worden. Dat kan per 1 januari en 1 juli. Die aanvraag moet dan wel drie maanden van te voren bij de Belastingdienst zijn ingediend.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-27T09:14:03+02:0027 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Premies ZW en WGA volgend jaar omhoog

  • Aanvragen uitstel van belasting tot 1 oktober

Aanvragen uitstel van belasting tot 1 oktober

Ondernemers die door de Coronacrisis hun belastingen niet tijdig kunnen betalen, kunnen nog tot 1 oktober van dit jaar bijzonder uitstel aanvragen. Heb je al bijzonder uitstel aangevraagd en loopt dit vóór 1 oktober af, dan hoef je geen verlenging aan te vragen voor de belastingen waarvoor je al bijzonder uitstel hebt.

Vanaf 1 oktober nieuwe verplichtingen weer betalen
Vanaf 1 oktober moet je nieuwe belastingverplichtingen weer gaan betalen. De opgebouwde schuld waarvoor je bijzonder uitstel hebt aangevraagd, moet je vanaf 1 oktober 2022 in maandelijkse termijnen gaan aflossen. Je krijgt hiervoor vijf jaar de tijd.

Betalingsproblemen vanaf 1 oktober
Ervaar je vanaf 1 oktober nog steeds problemen met het betalen van de nieuwe belastingschulden, dan kun je onder voorwaarden een beroep doen op de normale regels die gelden voor uitstel van betaling. Je kunt dan voor maximaal 12 maanden uitstel krijgen, onder voorwaarde dat je zekerheid kunt stellen, bijvoorbeeld via een bankgarantie.

Invorderingsrente
Je betaalt over de schuld invorderingsrente, maar deze bedraagt tot 1 januari 2022 slechts 0,01%. Daarna gaat de invorderingsrente in stapjes omhoog. Vanaf 1 januari 2022 betaal je 1% rente, vanaf 1 juli 2022 2%, vanaf 1 januari 2023 3% en vanaf 1 januari 2024 weer het normale tarief van 4%.

Tip! Je kunt dus invorderingsrente besparen door de belastingschuld eerder af te lossen als dit mogelijk is.
Let op! Lukt het echt niet om de belastingschuld in vijf jaar af te lossen, neem dan contact op met de Belastingdienst. In dat geval wordt er samen met andere schuldeisers gezocht naar een oplossing op maat.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-14T09:14:01+02:0014 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Aanvragen uitstel van belasting tot 1 oktober

  • Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

Elke ondernemer heeft helaas weleens te maken met afnemers die niet of slecht betalen. De financiële gevolgen van de Coronacrisis zal dat in bepaalde branches ook niet beter gemaakt hebben. Heb je te maken met niet of slecht betalende afnemers, zorg dan dat je wel op tijd de afgedragen BTW terugvraagt. Doe je dit te laat, dan loop je namelijk het risico dat de Belastingdienst de BTW niet meer aan je terugbetaalt.

Binnen 1 jaar na afloop van de betalingstermijn
Betaalt een afnemer niet of te laat? Dan moet je één jaar na het verstrijken van de betalingstermijn de BTW terugvragen. Is dit moment bijvoorbeeld op 15 september, dan vraag je de BTW terug in de aangifte van het derde kwartaal (als je per kwartaal BTW-aangifte doet) of van september (als je per maand BTW-aangifte doet).

Let op! Vraag je de BTW in een latere BTW-aangifte pas terug, dan mag de Belastingdienst de BTW-teruggaaf weigeren. Loop dit risico niet en vraag de BTW op tijd terug.

Betalingstermijn
Wanneer het moment van BTW terugvragen is, is afhankelijk van de betalingstermijn die je met de afnemer contractueel hebt afgesproken. Stuurde je bijvoorbeeld met dagtekening 3 september 2020 een factuur en is de afgesproken betalingstermijn 15 dagen, dan verstreek de betalingstermijn op 18 september 2020. Heeft de afnemer op 30 september 2021 nog steeds niet betaald? Dan vraagt je de BTW terug in de BTW-aangifte derde kwartaal of september 2021.

Let op! Heb je geen betalingstermijn afgesproken, dan geldt de wettelijke betalingstermijn van 30 dagen na ontvangst van de factuur. In bovenstaand voorbeeld verloopt het jaar dan op 2 oktober 2021. Doe je per maand BTW-aangifte, dan vraagt je de BTW terug als de afnemer op 31 oktober 2021 nog steeds niet betaald heeft. Doe je per kwartaal aangifte, dan ligt deze termijn op 31 december 2021.

Eerder BTW-terugvragen als definitief oninbaar
Is de factuur al eerder dan één jaar na het verstrijken van de betalingstermijn definitief oninbaar, dan moet je ook eerder de BTW terugvragen. Je kunt dan dus niet wachten tot het jaar verstreken is.

Tip! Over het algemeen zullen facturen niet binnen één jaar al definitief oninbaar zijn. Toch is het goed om bij het indienen van de BTW-aangifte altijd de debiteuren te beoordelen. Zijn er debiteuren die definitief oninbaar zijn, vraag dan de BTW terug. Ook als het jaar nog niet verstreken is. Doet u dit later, dan kan de Belastingdienst ook in dit geval de btw-teruggaaf weigeren.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-09-09T10:02:49+02:009 september 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Slecht betalende afnemer? Vraag de BTW op tijd terug

  • Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

Als je moet interen op je vermogen om de verschuldigde belasting te kunnen betalen, is dit een aanwijzing dat er sprake kan zijn van een zogenaamde buitensporige last. Dit blijkt uit een recent arrest van de Hoge Raad. De zaak werd voor verder onderzoek doorverwezen naar het hof.

Heffing Box 3
In genoemde zaak ging het om de belastingheffing in Box 3. Deze gaat uit van een verondersteld rendement en niet van het werkelijk behaalde rendement. Deze heffing staat met name vanwege de lage rentestand dan ook al jaren ter discussie en wordt door vele belastingplichtigen ook aangevochten via bezwaarprocedures.

Individuele en buitensporige last
Volgens huidig recht is het kort gezegd niet toegestaan belasting te heffen indien deze heffing leidt tot een ‘individuele en buitensporige last’. In genoemde zaak voor de Hoge Raad was de vraag aan de orde of hiervan sprake was.

Belastingheffing hoger dan rendement
In deze zaak bedroeg in het jaar 2017 het rendement in Box 3 op het daarin aanwezige vermogen van de belastingplichtige €1.244 terwijl €1.354 betaald moest worden aan belasting in Box 3. De Hoge Raad moest zich in deze zaak dan ook uitspreken over de vraag of dit betekende dat er sprake was van een individuele en buitensporige last.

Interen op vermogen?
Als de belastingheffing hoger is dan het behaalde rendement, moet volgens de Hoge Raad ook in aanmerking worden genomen of en in hoeverre iemand een zodanig laag inkomen heeft dat hij op zijn vermogen moet interen om de belasting te voldoen. De wetgever heeft immers geen belastingheffing beoogt waardoor men op zijn vermogen moet interen om de verschuldigde belasting te kunnen voldoen, aldus de Hoge Raad. Is dit wél het geval, dan kan er dus sprake zijn van een buitensporige last. De zaak werd verwezen naar een ander hof om dit uit te zoeken.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-08-03T10:52:34+02:003 augustus 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Belastingheffing Box 3 buitensporige last?

  • Hoge Raad beperkt aftrek BTW op woning met zonnepanelen

Hoge Raad beperkt aftrek BTW op woning met zonnepanelen

Als je een woning voorziet van zonnepanelen, is de BTW op deze zonnepanelen in beginsel aftrekbaar. Of de BTW op de woning zelf door de plaatsing van de zonnepanelen ook aftrekbaar is, is nog maar de vraag. Dit volgt uit een recent arrest van de Hoge Raad.

BTW zonnepanelen
Dat de btw op de zonnepanelen zelf aftrekbaar kan zijn, volgt uit het feit dat de opgewekte energie wordt teruggekeerd aan de energiemaatschappij. De eigenaar van de zonnepanelen opereert hiermee als ondernemer.

BTW op woning ook aftrekbaar?
Er wordt al jaren gediscussieerd en geprocedeerd over de vraag of ook de BTW op de woning waarop de zonnepanelen zijn bevestigd, aftrekbaar is. De woning is immers noodzakelijk voor de bevestiging van de zonnepanelen en zou daarom ook tot het ondernemingsvermogen voor de BTW moeten kunnen worden gerekend, zo is de redenering.

Hoge Raad akkoord
In 2017 had het hof Arnhem de aftrek van BTW op een woning waarop zonnepanelen waren geplaatst, toegestaan. Deze woning behoorde tot het ondernemingsvermogen van de belastingplichtige. De BTW op het deel van het dak waarop de zonnepanelen waren geplaatst, kwam volgens het hof voor aftrek in aanmerking. De Hoge Raad ging hiermee akkoord.

Hoge Raad niet akkoord
Onlangs besliste de Hoge Raad in een vergelijkbare situatie dat de BTW op een deel van de woning door plaatsing van zonnepanelen niet aftrekbaar is. In deze zaak ging het om een DGA die een werkruimte in zijn woning aan zijn BV verhuurde. De DGA kon de woning dus ook niet tot het ondernemingsvermogen rekenen, wat een mogelijke verklaring voor de andersluidende visie van de Hoge Raad kan zijn.

Rechtstreeks en onmiddellijk verband
Volgens het arrest dient er een ‘rechtstreeks en onmiddellijk verband’ te bestaan tussen de aankoop van de woning en de te leveren zonne-energie. Volgens de Hoge Raad is onvoldoende aangetoond dat dit verband bestaat en dus staat de Hoge Raad de aftrek van de BTW op een deel van het dak niet toe.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-27T09:50:32+02:0027 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Hoge Raad beperkt aftrek BTW op woning met zonnepanelen

  • Online borrelen, hoe zit het fiscaal?

Online borrelen, hoe zit het fiscaal?

Er wordt, nu Corona opnieuw oplaait, weer veel thuis gewerkt. Misschien wil je iets extra’s voor de werknemers doen en een online borrel organiseren? Hoe zit dat precies?

Online borrel
Bij een online borrel stuurt de werkgever zijn werknemers enkele drankjes en hapjes om er al dan niet gezamenlijk van te genieten. Een dergelijk pakket is in beginsel niet vrijgesteld en dus belast als loon. Je kunt het wel onderbrengen in de werkkostenregeling.

Vrije ruimte
Breng je het onder in de werkkostenregeling, dan blijft het borrelpakket onbelast voor de werknemer. Blijf je dit jaar met de vergoedingen en verstrekkingen binnen de vrije ruimte van de werkkostenregeling, dan hoef je ook geen belasting te betalen. Schiet je over de vrije ruimte heen, dan betaal je als werkgever 80% eindheffing over het meerdere.

Wanneer onbelast?
Het borrelpakket is alleen onbelast als de werkruimte thuis voldoet aan de fiscale eisen. Er moet dan sprake zijn van een werkruimte thuis die zelfstandig is en dus over een eigen ingang en sanitair beschikt. Ook moet je de werkruimte van de werknemer huren en moet de werknemer in die ruimte werken. Is aan al deze voorwaarden voldaan, dan is het borrelpakket onbelast.

Verzendkosten
Ook de verzendkosten van het borrelpakket tellen mee voor de belastingheffing. Een borrelpakket van €40 plus €10 verzendkosten betekent dus een totale waarde van €50, die je desgewenst kunt onderbrengen in de werkkostenregeling.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-21T09:43:40+02:0021 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor

Online borrelen, hoe zit het fiscaal?

  • Bespaar overdrachtsbelasting bij aankoop aandelen

Bespaar overdrachtsbelasting bij aankoop aandelen

Een gerechtshof heeft eerder geoordeeld dat er geen overdrachtsbelasting is verschuldigd over de aankoop van aandelen in een opslagbedrijf. Het gerechtshof vond dat niet was voldaan aan alle voorwaarden om overdrachtsbelasting te heffen. Dat biedt mogelijkheden voor bezwaar.

Gebruik in eigen bedrijfsproces
De aankoop van aandelen in een rechtspersoon met onroerende zaken kan worden belast in de overdrachtsbelasting. Het gerechtshof oordeelde dat het gebruik van de onroerende zaken plaatsvindt in het eigen bedrijfsproces en het bedrijf is gericht op een ander doel dan alleen de exploitatie van de onroerende zaken. Het ging namelijk om een opslagbedrijf dat daarbij aanvullende dienstverlening biedt. Over de aankoop van de aandelen in het opslagbedrijf was daarom geen overdrachtsbelasting verschuldigd. Tegen de uitspraak van het gerechtshof ging de staatssecretaris in cassatie bij de Hoge Raad.

Laat tijdig beoordelen of aan voorwaarden is voldaan
De Hoge Raad oordeelde in cassatie dat het gerechtshof de zaak niet duidelijk heeft gemotiveerd. Het was niet duidelijk genoeg waarom sprake is van de uitzondering. De zaak is verwezen naar een ander gerechtshof dat de zaak opnieuw moet beoordelen.

Mogelijk komt dat andere gerechtshof tot hetzelfde oordeel. Laat daarom tijdig beoordelen of in jouw geval sprake is van een ander doel dan alleen de exploitatie van de onroerende zaken om zo eventueel overdrachtsbelasting te voorkomen.

Tip! Heeft de aandelenoverdracht al plaatsgevonden en is de overdrachtsbelasting al betaald? Maak dan in afwachting van de uitspraak van het andere gerechtshof alvast bezwaar tegen die betaling. De termijn daarvoor is zes weken nadat de overdrachtsbelasting op aangifte is voldaan.

Contact
Zijn er vragen over bovenstaand bericht, neem dan vooral contact met ons op via telefoonnummer 0222-314141 voor onze vestiging op Texel of 0223-612255 voor onze vestiging in Den Helder.

Door |2021-07-20T10:55:10+02:0020 juli 2021|Nieuws, Nieuws zonder blog|Reacties uitgeschakeld voor Bespaar overdrachtsbelasting bij aankoop aandelen